Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

Red ons, Maria Montanelli

Herman Koch

1989

124

2 uit 5

6.9 / 10
4e klas vwo
  • Petra Minnen
  • Nederlands
  • 1509 woorden
  • 64855 keer
    306 deze maand
  • 13 januari 2002
Verwachtingen en eerste reactie

We waren in de les aan het werk in het boek Metropool. Daarin las ik een fragment van het boek ‘Red ons, Maria Montanelli’. Het sprak me meteen aan. Het ging over een jongen op een Montanelli school, waar hij absoluut niet tevreden was. Ik vond de schrijfstijl en het onderwerp erg leuk.
Ik werd nieuwsgierig naar de rest van het boek, dus ik besloot hem te lezen. De rest van het boek bleek net zo leuk als het fragment dat ik gelezen had.

Samenvatting en analyse

1. Samenvatting

Een naamloze ik-persoon woont in veel te nette buurt. Hij gaat, net als de meeste kinderen daar, naar het Montanelli lyceum om de hoek. Hij heeft een uitgesproken hekel aan de manier van doen op die school. Het gaat hem allemaal veel te zoetsappig. De haat is wederzijds, op zijn verslagen staat altijd wel wat over zijn slechte houding. Toch gaat hij over, wat vooral te danken is aan de dood van zijn moeder, de leraren hebben het met hem te doen.
Op een dag komt er een zwakbegaafde leerling op school, Jan Wildschut. De verteller heeft meteen een hekel aan de jongen. Volgens hem doet hij zich veel dommer voor dan hij eigenlijk is. Daardoor krijgt hij nooit straf van de leraren, die er alles aan doen om het Jan naar zijn zin te maken.

De hele school gaat op werkweek, de verteller en Jan dus ook. Ze gaan fietsen. Als ze op een dag over een brug fietsen, gaan de verteller en zijn vrienden op de railing staan. Jan komt erlangs, en doet het ook. Maar Jan is motorisch niet helemaal goed, en hij stort naar beneden, het ijskoude water in. Daar verdrinkt hij.
De verteller en zijn vrienden worden van school afgestuurd.

2. Titelverklaring

De titel, ‘Red ons, Maria Montanelli’ is sarcastisch bedoeld. De verteller heeft een hekel aan de ‘o zo geweldige’ methode van lesgeven op de Montanelli-school. Maar hij schijnt de enige te zijn, vooral alle volwassenen lijken het geweldig te vinden.
Met Maria Montanelli wordt natuurlijk Maria Montessori bedoeld, maar het is een beetje moeilijk om het daar dan letterlijk over te hebben, want dan zou de schrijver allemaal boze brieven thuiskrijgen.

3. Personages

Ik-persoon
Het belangrijkste personage uit dit boek is de naamloze verteller, hij is tevens het ik-personage. Hij is ongeveer 16 jaar. Hij heeft overal een hekel aan, wat hem een erg overtuigende puber maakt. Eigenlijk is hij van binnen nogal verlegen, maar dat wilde hij niet meer, dus hij besloot zijn persoonlijkheid te veranderen.
Hij is nogal negatief over veel dingen, en erg achterdochtig.

‘Van je leeftijdsgenoten kun je alleen maar gezeik verwachten. Zolang het niet je beste vrienden zijn, maken ze er al snel een verkeerd gebruik van als je even je zwakke kanten laat zien.’

Hij heeft nog geen idee wat hij wil gaan doen in de toekomst, hij kan zich er heel kwaad om maken, als mensen daarover doorgaan.

‘Voordat ze je een rijksdaalder of een toffee geven moet je eerst vertellen wat je later wilt worden: ‘Wat wil je later worden?’ Dat is volgens mij precies waar het om draait, dat je dat pas weet wanneer dat ‘later’ eenmaal is aangebroken.’

Maar zijn belangrijkste kenmerk is zijn sarcasme. Op alles wat er gebeurt, heeft hij wel iets scherps en grappigs op te merken.
Bijvoorbeeld in dit citaat, over een vrouw die mensen in de Filippijnen gemeen vond, omdat ze hondenvlees verkochten. De verteller vroeg zich af wat er zou gebeuren als ze die opmerkingen daar maakte.

‘Waarschijnlijk lag ze dan al binnen een dag met haar vegetarische stelten aan elkaar gebonden en met een prop katoen in haar betweterige konijnebek zelf op zo’n markt, het valt in ieder geval te hopen dat ze op die manier nog iets heeft kunnen bijdragen aan alle ellende in de wereld.’

Jan Wildschut
De belangrijkste bijpersoon is Jan Wildschut, meestal ‘de zwakbegaafde jongen’ genoemd. Jan is, ondanks of misschien wel dankzij zijn zwakke geest, een ontzettend ettertje.

‘Jan Wildschut wist ondanks zijn verwarde kop maar al te goed wat hij deed. Hij trok altijd zo’n vermoeid gezicht wanneer ze hem iets vroegen, dan vroegen ze het maar snel aan iemand anders. En hij had precies door hoe dat in zijn werk ging.’

Maar je komt eigenlijk niks over zijn persoonlijkheid te weten, alleen hoe de hoofdpersoon hem ziet.

Erik en Gerard
De twee beste vrienden van de verteller. Erik is de dappere van de twee, Gerard is wat banger uitgevallen. Er is over beide weinig te zeggen.

De vader
Vader is geen aardige man eigenlijk is hij gewoon een eikel. Terwijl zijn vrouw ziek is, gaat hij vreemd met een rijke vrouw, in het boek ‘de weduwe’ genoemd. Nadat de moeder is overleden, vertrekt hij om bij de weduwe te gaan wonen, en laat hierbij zijn zoon alleen achter.

De leraren
Alle leraren zijn eigenlijk één personage te noemen. Ze zijn allemaal hetzelfde slappe lerarentype. Niks persoonlijks hoor. Alleen over de geschiedenisleraar is nog iets positiefs te bekennen in het boek. Hij is de enige leraar met persoonlijkheid, de enige ook die Jan Wildschut ooit straf heeft gegeven.
Over leraren wordt in het boek gezegd:

‘Dat ze leraar hebben kunnen worden, wil nog niet zeggen dat ze ergens verstand van hebben. ‘Iemand met ook maar een beetje persoonlijkheid wordt geen leraar,’ zei de vader van Erik een keer, ‘Persoonlijkheid en leraar, dat gaat nooit samen.’’

4. Thema en motieven

Ik denk dat het thema van dit boek ergernis of haat is. De hoofdpersoon ergert zich overal aan. Vooral aan zijn school, maar ook aan zijn buurt, aan zijn ouders, aan de leraren op zijn school, aan de zwakzinnige jongen.

Hij mag maar een paar mensen, namelijk zijn vrienden, zijn geschiedenisleraar en de psychiater.
Een motief is problemen. Overal komen problemen terug. Hij heeft problemen met school, de geschiedenisleraar heeft moeite met zijn leven, zijn moeder heeft ook een flink probleem, want ze is stervende.

5. Tijd en ruimte

In het boek gaat ongeveer een jaar voorbij. Het begint halverwege het schooljaar, wanneer de zwakzinnige jongen op school komt.
Het verhaal is niet chronologisch. Het is eigenlijk een flashback, verteld door een jongen of een man, over zijn middelbare schooltijd. Je weet aan het begin van het boek meteen dat de zwakzinnige jongen nu dood is, en in de rest van het boek wordt verteld hoe dat gekomen is.
Het speelt ongeveer in de jaren zestig, als je nagaat dat de schrijver vertelt over zijn jeugd. Maar zeker weet je het nooit, want misschien gaat het wel niet over zijn eigen jeugd. Er is geen tijdsaanduiding.

Volgens een bron die ik gebruikt heb, van de website www.internetcollege.nl, heb ik begrepen dat de wijk die beschreven is ook in werkelijkheid bestaat, namelijk in Amsterdam Zuid. Ook de beschrijving van een winkelstraat blijkt te slaan op de Beethovenstraat.

6. Perspectief en verteller

Het boek is geschreven in een ik-perspectief. Je kijkt als het ware mee over de schouder van de verteller. Dat maakt het lezen leuk, je voelt je erg betrokken, je hebt het gevoel dat je het zelf meemaakt, in plaats van de verteller.

7. Taal en stijl

Het boek is erg beeldend geschreven. De schrijver weet dingen zo te beschrijven, dat je ze echt voor je ziet.

‘Zijn plaats werd ingenomen door Schutte, de gymnastiekleraar. Dat was zo’n type dat altijd in trainingspak liep, ook wanneer daar geen directe aanleiding voor was. Hij stond doorlopend van die boksbewegingen te maken en zogenaamd soepel op en neer te springen, het was moeilijk om daar lang naar te blijven kijken.’

In het boek komen nauwelijks dialogen voor, je leest vooral de gedachten van de verteller.
Het taalgebruik is erg modern, maar dat is logisch als je bedenkt dat het over een puber gaat. De zinnen zijn af en toe wel erg lang, ik heb een paar keer gezien dat zo’n zin een halve pagina besloeg.
Verder zit het verhaal erg warrig in elkaar. Er wordt over iets verteld, wat de verteller ergens aan doet denken, en dan komt hij weer op een ander onderwerp. En dan komt er een zinnetje als: ‘Maar waar ik het over had, was…’. Je moet je hoofd er wel bijhouden.

Verwerkingsopdracht

De auteur

Herman Koch, ofwel Menno Voorhof is geboren in Arnhem in 1953. Hij is vooral bekend van zijn tv-programma Jiskefet. Verder kan ik niet veel over hem vinden op internet.

Bibliografie

1985 De voorbijganger (verhalen)
1989 Red ons, Maria Montanelli (roman)
1991 Hansaplast voor een opstandige. De beste verhalen van Menno Voorhof
1996 Eindelijk oorlog (roman)
1998 Geen agenda (verhalen)
1999 Het evangelie volgens Jodocus (columns)

Eindoordeel en evaluatie

Ik vond het boek echt heel goed. Dat kwam vooral omdat het zo ‘echt’ is.
Er worden alledaagse gebeurtenissen beschreven, maar door de manier waarop het wordt verteld, moet je er toch steeds weer om lachen. Ook vond ik het leuk dat je je alles wat beschreven wordt, goed voor kunt stellen, je ziet het bijna gebeuren.
Ik kon me ook erg goed herkennen in de hoofdpersoon. Ik had echt het gevoel dat ik over mezelf las.
Het enige wat wel ingewikkeld was, was de opbouw. Ik moest echt heel goed opletten om het verhaal te blijven volgen.

Kortom, ik vond het een geweldig boek dat ik iedereen aan kan raken. Hoewel, misschien niet aan leraren van een Montessori-school.

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

1577

reacties

ik heb het boek ook net gelezen en ik ben het wel met je eens. Ik vond het ook een leuk boekom te lezen en kon me erg in de hoofdpersoon inleven. Ik vind ook dat je er een erg goed boekverslag over hebt gemaakt. Ik moet dat zelf ook doen en heb erg veel hulp aan die van jou. Leuk dat jij het ook een goed boek vond want mijn zus vond dat niet dus ik kon er niet echt met haar over praten. xx saskia
door saskia (reageren) op 2 mei 2003 om 14:17
het is een zij en niet een hij hoor in dit verhaal voor de rest een nette samenvatting
door yari (reageren) op 14 april 2011 om 18:55
Het boek gaat gewoon over een hij!
door Jerry (reageren) op 23 mei 2011 om 19:31
het is een goede samenvatting maar wel kort. en yari het is een HIJ, volgens mij ben jij die jan wildschut.
door melvin (reageren) op 5 december 2011 om 17:02
thx man goeie samenvatting heb er een nl pw over !
door je moeder (reageren) op 14 februari 2012 om 14:54
Eey super bedankt man
door Shoarmaboy3000 (reageren) op 14 januari 2015 om 18:06
Het is een vertellend ik-perspectief. Groetjes!
door Max (reageren) op 8 oktober 2016 om 10:25
Echt chill dat alles er in staat! Heb er veel aan gehad
door Linde (reageren) op 14 februari 2017 om 9:02
nice samenvatting
door kebab13 (reageren) op 20 februari 2017 om 12:54

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer
Hou ervan

Hoge waardering

Ska 5e klas vwo7.0
Petra Minnen 4e klas vwo6.9
Anoniem4e klas vmbo6.8
Joost Bollaart 6.5
Anoniem 5.9
Meer verslagen ›