Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

I don't give a fuck!

I don't give a fuck!
Momenten na deze foto werd gemaakt schreeuwde een bootje vol pittige voetbalmoeders kerstliedjes naar me

“Ik geef gewoon geen fucks.” Zo begon het standaardgesprek dat ik vorig jaar dagelijks had met mijn oudste broer, toen wij op de zweterige zomeravonden onze uit-elkaar-vallende hond uitlieten langs het water. “Er zijn allemaal mensen die willen dat je een fuck om ze geeft, alleen heb je maar een bepaald aantal fucks. Uiteindelijk moet je stoppen met fucks geven. Want anders heb je zelf geen fucks meer over.”

Toen het later dat jaar uitging met zijn highschool sweetheart versterkte dit zijn retoriek alleen maar verder en met zijn fuckbijbel “The subtle art of not giving a fuck” in de hand verkondigde hij het evangelie van de Fucklozen met nog meer pit dan ooit tevoren. Op het moment had ik geen idee waar mijn broer over aan het lullen was, maar dat veranderde zo’n halfjaartje geleden. Ik begon te merken dat dingen me eigenlijk steeds minder begonnen uit te maken. Dingen die me eerst zorgen baarden, zijn nu alleen nog maar meer reden om mezelf een klein beetje uit te lachen en door te gaan met m’n dag. Want, dames en heren, een halfjaar geleden verloor ik mijn fucks.

Het concept

Het concept “een fuck geven” om iets is redelijk simpel. Als iets het waard is om moeite voor te doen, is dat in jouw ogen een fuck waard. Het zit in de natuur van de mens om zich zorgen te maken over relevante dingen. De fuckloze holbewoner was anders allang opgesmikkeld door prehistorische wezens. Misschien waren het dan wel de dolfijnen die bovenaan de voedselketen stonden. Een fuck geven is dus best belangrijk, maar dat maakt te veel fucks geven ook weer niet goed. Als de overbefuckte holbewoner uit angst en paniek nooit uit zijn grot durfde te trekken, waren ze ook verhongerd.

Het fuckloze gebied

Momenteel begeef ik me grotendeels op het fuckloze gebied van het spectrum. Hierbij komen eerlijk gezegd aardig wat voordelen kijken. Toen ik 13, dik en onzeker was, ontweek ik bijvoorbeeld altijd mijn eigen reflectie. Ik had zelfs de voorcamera op mijn telefoon afgeplakt, zodat ik niet werd geconfronteerd met een onderkinshot elke keer dat ik Snapchat opende. Nu? Nu kijk ik die ongeinteresseerde blik in de spiegel zonder moeite aan, lach ik om de wallen die ik draag als trotse accessoire en zet ik de dag voort, zonder me goed of slecht te voelen over wat ik zie.

Een tegenslag die me vroeger maanden was bijgebleven, lijkt nu niks meer. Grote evenementen waar ik een jaar geleden nachten van had wakker gelegen, doen me nu nog maar weinig. Een paar jaar geleden was oogcontact met een vreemde voor mij gelijk aan de doodstraf, nu loop ik gerust in hartje juli het centrum van de stad door met een kerstmuts, hoog opgetrokken candy cane sokken en een rendierentrui, meezingend met de foutste kersthits – en bovendien maak ik mezelf dan ook nog eens wijs dat het cool is.

Fuckarmoede

Toch heeft elke kracht zo zijn nadelen. Bij een fuckloos bestaan komt bijvoorbeeld ook het onderschatten van prestaties kijken. Misschien win je eens een mooie trofee of een andere soort wedstrijd, maar voor een individu die lijdt aan fuckarmoede kan het soms lastig zijn de werkelijke waarde van zoiets in te zien. Dat is zonde, want die mijlpalen die je neerzet zijn niet niks! Te weinig fucks geven ondermijnt dus je eigen harde werk, wat er alleen maar voor zorgt dat je er later op terugkijkt en beseft dat je er dankbaarder voor had moeten zijn.

De wijze les

En dan toch blijft de vraag: als te weinig fucks geven slecht is en te veel fucks geven ook weer niet goed is... Waar moeten we dan naar streven? Wat is het perfecte fuckbalans? Waar op het fuckspectrum moeten we onszelf plaatsen? Volgens mijn wijze broer moet je “een aantal fucks” geven en die dan alleen verspreiden over de belangrijkste dingen in je leven. We moeten proberen de nietige zaken te onderscheiden van de nuttige zaken en de fucks toedelen waar ze nodig zijn. Dit lijkt mij goed advies. Het heeft immers geen zin om je druk te maken over alle kleine details, maar als dingen je te weinig boeien wordt het allemaal nogal saai.

Is het verliezen van je fucks misschien iets wat hoort bij het ouder worden? Wellicht durven uitgezakte oude mannen zich daarom altijd zonder shirt te vertonen in de zomer: ze geven gewoon geen ene fuck om wat je ervan denkt. We kunnen potentieel nog eens iets leren van deze fuckloze ouderen. Als er iets nieuws op je pad komt, vraag jezelf simpelweg het volgende af: is dit een fuck waard?

Huiswerk

Stel je bent leraar en een leerling heeft zijn huiswerk niet gemaakt, wat doe je?
  • Snitchen bij ouders
  • Strafwerk schrijven, moest ik vroeger zelf ook
  • Weddenschap afsluiten om de leerling gemotiveerd te krijgen
  • Je negeert het. Eigen verantwoordelijkheid toch?