ff n studiebreak

Annemieke blikt terug op dat dagenlange surfen van vroeger. Tegenwoordig ben je binnen een half uur klaar.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

Femke (5 vwo) [meer]

Datum ingestuurd:

30 mei 2002

Taal:

Woorden:

700

Bekeken:

4562 keer (5 deze maand)

Waardering:

3.9/5 (32 stemmen)

Deel op:

  • Door danny op 22-02-2005
    Ik vind het het beste ooit!
COELACANTH

Wetenschappelijke naam : Latimeria chalumnae
Lengte : tot 1,8 meter
Gewicht : tot 80 kilo
Voedsel: kleinere vissen en inktvis
Voortplanting: broedt bevruchte eieren uit in het lichaam
Leeftijd : minstens 11 jaaar (vrouwtje)

De vondst van het eerste exemplaar van de coelacanth, op 24 december 1938 was wereldnieuws. Van deze groep zogenoemde kwastvinnigen waren alleen fossielen bekend. Men dacht dat de groep 65 miljoen jaar geleden, was uitgestorven. Daarom werd deze vis beschouwd als een levend fossiel. De nieuwe soort, die beschreven werd door dr. J.L. Smith uit Grahamstown, Zuid-Afrika, kreeg de naam Latimeria chalumnae . Deze naam is een samenstelling van de naam van de vrouw die hem vond en die hem herkende als iets heel bijzonders, Miss Marjorie Courteney-Latimer, en de plek waar hij gevangen was, de Zuid-Afrikaanse Chalumna-rivier. Het tweede exemplaar van de soort werd pas 14 jaar later gevonden. Over de spannende zoektocht naar dit dier schreef professor Smith het boek "Old fourlegs". Door de vondst van dit tweede exemplaar werd duidelijk dat het leefgebied van soort de Comoren is, een eilandengroep van vulkanische oorsprong ten noord-westen van Madagaskar.

De coelacanth is Het meest bekende voorbeeld van een levend fossiel bij dieren. Deze vis behoort tot de groep van de kwastvinnigen (Crossopterygii), die ongeveer 300 miljoen jaar geleden ontstond. De coelacanth heeft als merkwaardige eigenschap dat zijn vinnen vrij sterk gespierd zijn. Het gevolg is dat de vis zich door de modder kan voortbewegen op een manier die gelijkt op het kruipen van een landdier. Wellicht zijn de amfibieën ontstaan uit een op een coelacanth gelijkende vis, waarbij de kruipvinnen geleidelijk geëvolueerd zijn tot de ledematen van de amfibieën, die nog veel beter ontwikkeld zijn voor voortbeweging op het land. Op grond van de fossiele vondsten concludeerde men dat de kwastvinnigen ongeveer gelijktijdig uitstierven met de dinosauriërs Tot grote verbazing en opwinding van vele wetenschappers, werd in 1938 voor de kust van Zuid-Afrika een grote vis gevangen, die leek op de uitgestorven kwastvinnigen. Het bleek een coelacanth te zijn.

Tot voor kort dacht men dat de Comoren de enige plek ter wereld was waar de coelacanth voor kwam. Maar in de zomer van 1999 werd bekend dat er tienduizend kilometer verderop, op een vismarkt in Manado op Sulawesi, Indonesië, ook exemplaren waren gezien. Deze vissen waren gevangen bij Manado Tua, een vulkanisch eiland voor de kust van Sulawesi. Eigenlijk dacht men dat het om enkele exemplaren van de Comorenpopulatie ging, die met een zeestroom bij Sulawesi terecht waren gekomen. Later bleek het om een aparte populatie te gaan. Op grond van DNA-onderzoek van het enige beschikbare exemplaar heeft een groep Franse onderzoekers inmiddels vastgesteld dat het om een andere soort gaat.

De coelacanth leeft op een diepte van honderd tot vierhonderd meter. Een paar jaar geleden werden meerdere exemplaren gefilmd in hun natuurlijke omgeving. Hierbij bleek dat ze vaak met hun kop naar beneden in het water hangen en zich voortbewegen met roeiende bewegingen van de achterste rugvin en de aarsvin. Overdag schuilen ze in groepen in grotten, 's nachts gaan ze op jacht. Ze vonden de coelacanth alleen 's nachts en gewoonlijk op een diepte tussen de 170 en 200 meter. Hij heeft zich waarschijnlijk teruggetrokken op diepten waar de concurrentie niet kan overleven wegens een tekort aan voedsel. De coelacanth is een viseter die alleen wordt gevangen door vissers die met een lange lijn werken. Bij de plaatselijke vissers was de vis bekend als Gombessa. Het aantal coelacanthen dat sinds 1938 gevangen is minder dan 200. Geen enkele coelacanth heeft gevangenschap langer dan 20 uur overleefd. En at ook totaal niet Dus werden de bijzondere schubben door de vissers maar als een soort schuurpapier gebruikt.

De coelacanth heeft zijn naam te danken aan zijn holle vinstralen. Dit zijn de stekels die samen met een vlies ertussen een vissevin vormen. Althans, aan de hand van fossielen werd geconstateerd dat die vinstralen hol zijn en was de naam coelacanth (= holstekel) geboren.

Er is in zee een coelacanth gevonden
de missing link tussen twee vissen in.
De vinder weende van verwondering.
Onder zijn ogen lag voor het eerst verbonden
de eeuwen onderbroken schakeling.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.