Geschreven door: | anoniem (4 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 20 maart 2010 |
Taal: |  |
Woorden: | 600 |
Bekeken: | 197 keer (1 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Hoofdstuk 1 Behoeften = bestaat uit alles wat de mens nodig heeft.
Primaire behoeften = de basisbehoeften wat mensen nodig hebben om te kunnen leven
Secundaire behoeften = behoeften die het leven wat aangenamer maken
Goederen = middelen waarmee in behoeften kan worden voorzien
Productiefactoren of productiemiddelen zijn middelen die nodig zijn voor de productie
- arbeid: meestal moet hiervoor worden betaald.
- Kapitaal: geldkapitaal bv. geld lenen van een bank
Kapitaalgoederen bv. gebouwen of machines
- natuur: alles wat de natuur ons biedt.
- Ondernemersactiviteit: ondernemer moet de eerdergenoemde productiefactoren met elkaar combineren
Produceren: het combineren van productiefactoren met het doel waarde toe te voegen
Toegevoegde waarde = omzet – onderlinge leveringen of
Toegevoegde waarde = de som van de beloningen van de productiefactoren
Nationaal product: de som van de in een land gedurende een jaar toegevoegde waarden
Nationaal inkomen: de som van de in een land gedurende aan de productiefactoren uitgekeerde beloningen.
Nationaal product nationaal inkomen
Bruto binnenlands product = bbp kenmerken bbp
- gaat om de toegevoegde waarde binnen een land
- bruto heeft betrekking op vervangingsinvesteringen
welvaart: de mate waarin in de behoeften is voorzien
schaarste: de spanning tussen de behoeften aan de ene kant en middelen om die behoeften te voorzien aan de andere kant. Er is eigenlijk nooit genoeg.
Bij productie ontstaan er meer middelen om de schaarste terug te dringen maar de welvaart hoeft dan niet toe te nemen omdat
- de behoeften toenemen
- de productie kan positieve en negatieve neveneffecten hebben
externe effecten: als het streven naar welvaart door de een onbedoeld invloed uitoefent op de welvaart van een ander
welvaart in enge zin: je kijkt alleen naar de productie
welvaart in ruime zin: je kijkt ook naar de behoeften en de externe effecten
We kijken nog eens naar de 4 productiefactoren;
Arbeid: Je hebt betaald en onbetaald (vrijwilligers) werk. Onbetaald werk wordt niet berekend bij het nationaal product.
Beroepsgeschikte bevolking: iedereen tussen de 15 en 64 jaar
Beroepsbevolking: iedereen tussen de 15 en 64 jaar die beschikbaar zijn om betaald werk te doen
Participatiegraad = ( beroepsbevolking / beroepsgeschikte bevolking ) x 100%
Kapitaal: - geldkapitaal of vermogen
- kapitaalgoederen
Kapitaalgoederen: goederen die niet bestemd zijn voor consumptief verbruik maar om andere goederen te produceren
- vast kapitaal: goederen die meer dan een productieproces meegaan. (bv. machines, gebouwen)
- vlottend kapitaal: kapitaalgoederen die slechts een productieproces meegaan (bv. grondstoffen)
investeren: aanschaffen van kapitaalgoederen
kapitaalintensiteit: de hoeveelheid kapitaalgoederen per eenheid arbeid
breedte investering: een investering waarbij de kapitaalintensiteit niet veranderd
diepte investering: een investering waarbij de kapitaalintensiteit toeneemt
afschrijvingen: de in geld uitgedrukte waardedalingen van kapitaalgoederen
natuur:
we denken dan aan
- de ligging van een land of regio
- natuurlijke hulpbronnen: bv. aardgasvoorraden
- het klimaat
- milieufactoren
negatieve externe effecten kunnen grote schade toebrengen aan de productiefactor natuur
duurzame ontwikkeling: manier van produceren waarbij de natuurlijke omgeving zo min mogelijk wordt aangetast en de onaangename kanten van onze manier van produceren niet naar de toekomst verschuift.
Ondernemersactiviteit: de ondernemer combineert de eerdergenoemde productiefactoren met elkaar.
De kwaliteit van de factor arbeid kan worden verbeterd door scholing en het opdoen van ervaring.
De kwaliteit van de factor kapitaal kan worden verbeterd door de technische ontwikkeling.
De kwaliteit van de factor natuur kan worden verbeterd door duurzame aanwending van grond- en hulpstoffen en het beperken van negatieve externe effecten.
De kwaliteit van de ondernemersactiviteit kan verbeteren door efficiëntere organisatie van het productieproces.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.