CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

ff n studiebreak

Online een chick scoren, je liefde laten zien op Whatsapp en digitale kusjes sturen. Zonder een blauwtje te lopen. Aanrader?

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

waterman (2e klas) [meer]

Datum ingestuurd:

6 september 2009

Taal:

Woorden:

800

Bekeken:

635 keer (0 deze maand)

Waardering:

2.6/5 (5 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 
Samenvatting bio H7

Basisstof 1
Het grootste deel van ons voedsel komt uit de akkerbouw veeteelt en de tuinbouw. Het milieu levert zuurstof en water. Zuurstof ontstaat bij de fotosynthese bij planmeten. Planten geven zuurstof aan de lucht, wij hebben die zuurstof nodig voor verbranding.
We bestaan voor 60 % uit water. Milieu levert ook energie, hiermee verwarmen we onze huizen en koken eten, hiervoor gebruiken we vooral aardolie(benzine) en aardgas.
Ook grondstoffen voor het maken van producten, ijzer -> ijzererts, aardolie -> plastic/ kunststoffen.
Milieu belangrijk voor recreatie, vakantie, skiën, vissen.

De mens kan: - stoffen toevoegen - teveel heet vervuiling
- onttrekken - teveel heet uitputting
- veranderen - teveel heet aantasting
De voornaamste milieuproblemen zijn de bevolkingstoenamen en de wijze van leven van de huidige mens. Dit had geen gevolgen hoeven hebben maar we hebben nu veel machines, die gebruiken veel elektriciteit en bij opwekken hiervan veel brandstoffen verbruikt en afvalstoffen vrij.
Door de opkomst van chemische industrie veel kunstproducten als: nylon, plastic, verf. Bij het maken veel brandstoffen vrij en afvalstoffen, deze stoffen zijn vroeger ook wel in de lucht/water/bodem gestort. Landbouw veel machines en om meer te produceren bio-industrie.

Door verandering van leven putten we voorraden energie en grondstoffen uit, door vrijkomen van (giftige) afvalstoffen milieu heel erg vervuild. Door behoefte van landbouw grote stukken land aangetast, voor veel dieren en planten natuurlijke leefomgeving verdwenen waardoor deze uitsterft. (walrus, ijsbeer, zeeotter, wisent, Spaanse lynx).In NL wolf en otter.

Basisstof 2
Zo’n 10 000 jaar gelden mensen boeren en vestigden ze zich op vaste plaatsen en gingen stukken natuur in cultuur brengen: grond geschikt maken om gewassen te verbouwen. Door oogsten raakte grond uitgeput en minder voedingsstoffen voor de planten, als de grond uitgeput was verhuisde men, zodat de grond zich kon herstellen(zwerfbouw).
Eerst landbouw met hakstok later met de ploeg getrokken door ossen. Op akkers greppels(water) en mest gebruiken (primitieve landbouw).
In middeleeuwen steeds meer vraag landbouw en dus meet natuur in cultuur gebracht.
Steeds meer ontbossing, grond verkeert gebruikt, slecht voedsel. Graslanden overbeweid zodat de oorspronkelijke plantengroei werd vernietigd.
Ontbossing, uitputting en overbeweid leiden tot erosie, de vruchtbare laag weggespoeld-> kaal, hierdoor ontstaan woestijn, Sahara groeit met 10 km2 per dag.
De ontbossing vernietigd tropisch regenwoud, op die weiden landbouw om te kunnen voldoen aan de hoeveelheid vraag naar hamburgers. Ontbossing ook overstromingen.
Uitvinding kunstmest grootste verandering landbouw, meer vraag naar voedsel door toename wereldbevolking.
Vanaf begin koos men de planten met beste eigenschappen om mee te kweken(selectie). Perzen( tarwe, haver, rogge, gerst, groenten/fruit: sla, kool appel peer kers)
Voedselvergroting door kruisingen: wilde kool -> selectie kooltjes = spruitjes
-> selectie bloemen = bloemkool/broccoli
-> selectie blad = rode kool
Hierbij probeert men goede eigenschappen pa/ma in kind.
Veredeling: het verbeteren van eigenschappen van gewassen of landbouwhuisdieren door selectie en kruisingen.
Mengvoer: veevoer dat is samengesteld uit verschillende grondstoffen, het wordt zo samengesteld dat het precies die grondstoffen bevat die dieren nodig hebben. Hierdoor nam voedselproductie van veeteelt ook toe.

Basisstof 3

Landbouw in NL vroeger gemengd (groente/fruit en veeteelt) nu gespecialiseerd (akkerbouw óf veeteelt óf tuinbouw).
Akkerbouw: grote bedrijven, veel grond. Door ruiverkaveling grote akkers, één soort gewas op groot stuk grond: monocultuur.
Voordelen: - land brengt veel op
Nadelen: * vergroten insectenplagen (veel eten)
* Ziektes breiden sneller uit
* Bestrijding ziektes/insecten chemische bestrijdingsmiddelen nodig, deze doden ook veel nuttige organismen in de grond: regenwormen, een deel in sloten dus in grondwater dus in ons drinkwater
* Bodem snel uitgeput: boer geen vee -> kunstmest dit is ook slecht.

Intensieve veeteelt(bio-industrie) worden veel dieren per bedrijf, weinig grond, het veervoer wordt gekocht. Slecht leven voor dieren: hokken té schoon, mestvarkens op metalen roosters. Kistkalveren: nauwelijks bewegen, verboden 10 jaar voor verandering
Legbatterij: kooi 40x50 4 á 5 kippen eiergoot.
Mestoverschot: als een veehouderij meer mest produceert dan hij zelf nodig heeft.
Uit de mest komen 2 giftige stoffen vrij: zorgt voor verzuring, zorgt voor toename broeikaseffect.
Mestinjectie: vloeibare slatmest(gier) in de grond gespoten om vrijkomen gassen te beperken.
Tuinbouw in open grond: tuinbouwgewassen buiten verbouwt. Tegenwoordig in kassen: glastuinbouw. Door regeling water/licht/voedingsstoffen veel produceren elk seizoen.
Nadelen: - zon belangrijkste energiebron (warmte en licht, in winter te weinig = kachels kosten veel energie (aardgas). Bij verbranding afvalstoffen als co2 = broeikaseffect)
- veel chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt tegen ziektes

Biologische landbouw: monoculturen, kleine stukken grond wisselen af van gewas, daardoor minder insectenplagen.
Vruchtwisseling: nooit 2 jaar achter elkaar zelfde gewas, voorkomen ziektes. In bio-landbouw geen chemische bestrijdingsmiddelen dus onbespoten.
Dieren lopen rond: scharrelen. Producten van bio-landbouw meestal ietsje duurder.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.