Geschreven door: | Mehmetali Kilinc [meer] |
Datum ingestuurd: | 21 april 2009 |
Taal: |  |
Woorden: | 2.650 |
Bekeken: | 11082 keer (98 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
5.1 De renaissanceVanaf het midden van de 16de eeuw werden de middeleeuwen steeds meer beschouwd als een donkere tussenperiode tussen de glorieuze oudheid en de nieuwe tijd waarin de oudheid herleefde. De Italiaan Giorgio Vasari sprak van een renascimento (wedergeboorte). De middeleeuwse kunst noemde hij ‘gotisch’, wat voor hem gelijk stond aan barbaars.
Pluk de dagNa de middeleeuwen rond 1500 begint de renaissance de vroegmoderne tijd. In Italiaanse stadstaten begint de renaissance in de 15e eeuw (Venetië, Milaan, Rome en Florence). Renaissance is de vernieuwing van de kunst en levensstijl in Europa die werd geïnspireerd door voorbeelden uit de klassieke oudheid. De rijke bovenlaag van handelaren en bankiers lieten de beste kunstenaars voor zich werken om hun rijkdom te tonen. Ze waren minder bezig met God/hiernamaals en kregen meer oog voor de goede kanten van het leven. Het levensmotto veranderde van Memento Mori (gedenk te sterven) in Carpe Diem (pluk de dag). Er kwam weer belangstelling voor het klassieke erfgoed (Griekse/Romeinse beelden en gebouwen. In het werk van de klassieke schrijvers herkende men zijn eigen op het hier en nu gerichte houding.
SchoonheidBij de herontdekking van de klassieke oudheid speelden humanistische geleerden een belangrijke rol. Ze bestudeerden en vertaalden de klassieke boeken, los van het christendom. De Turkse verovering van Constantinopel in 1453 gaf het humanisme een extra impuls.
Het humanisme begon als beweging van geleerden. Maar op den duur ging het lezen van klassieke teksten horen bij de opleiding van de gegoede burgerij. De ontwikkeling tot zelfstandig individu werd een nieuw opvoedingsideaal. Men moest zich ontwikkelen tot uomo universalis, de universele mens die zich op alle mogelijke gebieden had ontplooid. Dankzij de nieuwe boekdrukkunst en de levendige contacten tussen Italië en Noordwest-Europa verspreidde het werk van de Italiaanse humanisten naar het noorden.
Erasmus van Rotterdam, vond dat de Italiaanse humanisten teveel opgingen in de klassieke oudheid, zodat ze losraakten van het christendom. Volgens Erasmus moest de studie van de oude teksten leiden dat het christendom werd verdiept en gezuiverd. De Poolse sterrenkundige Copernicus ontwierp een wiskundig model van het zonnestelsel waarin niet de aarde, maar de zon het stilstaande middelpunt was. Aanloop naar de wetenschappelijke revolutie van de 17de eeuw.
Terug naar de natuurOok kunstenaren gingen het werk van de Grieken en Romeinen bestuderen. Ze gingen weer meer kijken naar de werkelijkheid, en gingen meer portretten, landschappen en mythologische figuren schilderen.
Wereldbeeld is de voorstelling die mensen hebben van de werkelijkheid van de wereld.
5.2 De Europese expansieIn de 15e eeuw kenden de Europeanen nog maar een klein deel van de aarde. Ze waren bekend met het Midden-Oosten en de Noordkust van Afrika. Van de rest van Azië en Afrika hadden ze slechts een flauwe voorstelling. Van het bestaan van Amerika en Australië wisten ze helemaal niets af.
Reuzen en drakenOosterse producten als zijde en specerijen waren bekend en zeer gewild. Ze waren letterlijk peperduur. Doordat de islamitische heersers van het Midden-Oosten geen Europeanen toelieten, was de handel op de Aziatische landroutes in Arabische handen. Om deze producten zelf te halen, moesten de Europeanen een zeeroute vinden. De Portugezen maakten in de 15de eeuw reizen langs de westkust van Afrika, ze gingen steeds zuidelijker, en kwamen zo in 1488 aan bij Kaap de Goede Hoop. in 1493 kregen de Portugezen te horen dat een Italiaan is Spaanse dienst, Chrisfoffel Columbus, Indië had ontdekt door naar het westen te varen. Dat hij niet Indië had bereikt, maar een ander, onbekend continent werd pas later duidelijk, toen de Italiaan Amerigo Vespucci de Amerikaanse oostkust uitgebreid verkend had. Naar hem werd de ‘Nieuwe Wereld’ vernoemd.
Spaanse veroveraarsDe Portugees Vasco da Gama voer in 1498 als eer naar Indië. De Portugezen stichtten in de 16e eeuw versterkte handelsposten rond de Indische Oceaan en in de Indonesische archipel en dreven handel met Chinezen en Japanners. In 1519 kwamen de Spaanse veroveraars (conquistadores) na de ontdekkers in Midden- en Zuid-Amerika, ze onderwierpen in 1519 het Aztekenrijk (Mexico), en in 1530 het Incarijk (Peru). Ze begonnen met het winnen van de rijke goud- en zilvervoorraden, en vernietigden de Indiaanse geen weerstand tegen ziektes als de mazelen en pokken.
De Portugezen probeerden door middel van geweld, de concurrenten van hun zeeroutes te weren, waardoor de Engelsen, Fransen en de Hollanders veiligere zeeroutes zochten. In 1596 probeerde Willem Barentz via Noord-Rusland, Indië te bereiken, dit mislukte. In hetzelfde jaar bereikten andere Nederlanders Indië wel.
5.3 De kerkhervorming
Toen Erasmus ervan beschuldigd werd dat hij ei had gelegd dat Luther uitbroedde, antwoordde hij dat hij een andere vogel verwacht had. Maar Erasmus was wel degelijk een wegbereider van de godsdienstige revolutie die Luther ontdekte.
BijbelstudieAls humanist leerde Erasmus Grieks en gebruikte die kennis om de originele Griekse teksten van het Nieuwe Testament te bestuderen. Hij vergeleek die met de Latijnse Vulgaat, die al duizend jaar de meest gebruikte versie van de bijbel was. Hij maakte een nieuwe Bijbelvertaling, vanuit het Griekse geschrift omdat de Latijnse Vulgaat vol met fouten stond. In zijn boek Lof der Zotheid spotte hij met de onwetendheid, het bijgeloof en de aandacht voor uiterlijkheden binnen de kerk. Erasmus meende dat het zuivere christendom door Bijbelstudie te vinden was. De kerk vond dat het zuivere geloof alleen door de kerk kon worden bepaald, en dat geestelijken als tussenpersonen tussen God en de mensen waren.
Erasmus was een voorloper van de reformatie of kerkhervorming (het afscheiden van christelijke kerken van de RK-kerk. Hij had een enorm gezag vooral in Holland. Erasmus bleef ondanks zijn kritiek op de kerk wel Katholiek omdat hij geen kerkscheuring wou maar dat de kerk uitzichzelf hervormde.
LutherEr was al langer kritiek op de kerk omdat. De kerk heel rijk was en hoge kerkelijke ambten werden verkocht aan de hoogste bieder of vergeven aan adellijke zonen die er niet voor hadden gestudeerd en niet bepaald vroom waren. Geestelijkheden hadden een maîtresses of waren getrouwd, wat voor het celibaat verboden was.
In 1517 begon Maarten Luther een actie, waardoor het christendom in twee vijanden scheurde:
-
Protestanten: die door de reformatie gebroken hadden met de kerk van Rome.
-
Katholieken: die trouw bleven aan de paus na de reformatie.
Op 31 oktober 1517 schreef Luther een brief met 95 stellingen aan een bisschop, waarin het meeste kritiek ging over de handel in aflaten, hij vond dat daar een einde aan moest komen. Volgens de kerk moest een mens boeten voor zijn zonden om een plaats in de hemel te krijgen. Wie ‘goede werken’ deed, bepaalde gebeden opzei of een pelgrimstocht maakte, kon een aflaat krijgen. Daarmee werden zijn zonden geheel of gedeeltelijk kwijtgescholden. Op den duur ging de kerk deze aflaatbrieven ook verkopen, zonder dat gelovige zelfs maar een spoor van berouw hoefde te tonen. Luther vond dat er een einde moest komen aan deze misdaden.
Door geloof alleenLuther wou met die 95 stellingen een hervorming op gang brengen binnen de kerk, maar de RK-kerk reageerde woedend, en begon een proces tegen hem. Dat spoorde Luther aan zijn ideeën verder uit te werken. Kern van zijn leer was dat de zondige mens de genade van God niet kon verdienen met ‘goede werken’, maar dat alleen het geloof hem kon redden. Luther verwierp de verering van heiligen en heilige voorwerpen. Alleen door Bijbelstudie en bidden kon de gelovige in contact komen met God. Priesters waren daarvoor overbodig.
In 1520 dreigde de paus Luther uit de kerk te zetten als hij zijn ideeën niet herriep. Maar Luther verbrande het stuk waarin het dreigement stond, en werd uit de kerk gestoten, maar omdat hij al veel vorstelijke aanhang had dreigde er een kerkscheuring. De Keizer Karel V probeerde dat nog te voorkomen. Hij nodigde Luther uit op een vergadering met de belangrijkste Duitse vorsten. Daar kreeg hij nog één kans zijn woorden te herroepen. Toen hij weigerde, werd hij vogelvrij verklaard. Maar de vorst van Saksen bood hem bescherming. Luther trok zich terug bij de Saksen in Eisenach, waar hij de bijbel vertaalde in het Duits zodat ieder gelovige hem voortaan zelf kon lezen. In 1525 trouwde Luther met een uitgetreden non, omdat hij het priesterambt overbodig had verklaart hoefde hij zich langer ook niet celibaat te houden.
Duitsland scheurde in twee delen door reformatie. Tussen Karel V en de protestantse Duitse vorsten, waarnaar er een godsdienstoorlog uitbrak. In 1555 beëindigde de oorlog met de Godsdienstvrede van Augsburg.
Calvijn
Johannes Calvijn was opgeleid tot humanistisch geleerde. Hij las de bijbel in het Grieks en Hebreeuws. Hoewel Luther dacht dat het geloof de mens kon redden, geloofde Calvijn dat vanaf het begin der tijden was voorbestemd wie verdoemd waren tot de hel, en wie uitgekozen waren voor de hemel.
Enkele ideeën van Calvijn:-
Predestinatie/voorbeschikking: mensen gaan naar de hemel met een: ’eenvoudig leven’, wanneer ze hardwerken, en sober/arm leven.
-
Relatie tussen vorst en onderdanen: de koning is een plaatsvervanger van god, en je mag niet in opstand komen. De koning moet een ‘gekroonde rover’ zijn.
-
Kerk en democratie: bestuurders worden democratisch gekozen.
Kerk en staatEr was nog een belangrijk verschil tussen Luther en Calvijn. Luther had zich tot de Duitse vorsten gericht. Zij mochten van hem het geloof in hun gebied regelen. Calvijn vond dat geen vorst en geen overheid wat over de kerk te zeggen mocht hebben. De overheid moest als ‘dienaresse Gods’ juist gehoorzamen aan de bijbel. In de kerk van Calvijn hadden gewone gelovigen de macht. Er was geen hiërarchie, de bijbel bepaalde wie gelijk had. De gelovigen kozen uit hun midden ouderlingen die de gemeente bestuurden en de predikanten aanwezen. In 1541 organiseerde Calvijn een kerk in Genève, waaruit het calvinisme zich verspreidde.
Protestantisme is een geloofsleer van kerkgemeenschappen die zich door de reformatie zijn afgesplitst van de RK-kerk.
5.4 De Nederlandse opstandOp 3 september 1566 kreeg Filips II in Madrid twee brieven uit de Nederlanden. Daarin las hij dat daar kloosters en kerken waren leeggehaald en heiligenbeelden waren onthoofd en in stukken gehakt. Filips kreeg van woede een koortsaanval en bleef drie werken verlamd in bed liggen. Toen hij op 22 september weer kon praten, greep hij hard in. Het zou nooit meer goed komen tussen hem en de Nederlanden.
InquisitieFilips’ vader, Karel V, had in 1515 het bestuur over de Nederlanden op zich genomen.
De Nederlanden vielen sinds de 15e eeuw onder één landsheer, maar hadden nog een grote mate van zelfstandigheid. Alle gewesten hadden eigen gewoontes en rechtsregels. Binnen de gewesten hadden de steden weer een grote zelfstandigheid. Ook zij hadden tal van rechten, die privileges of vrijheden werden genoemd. (bijvoorbeeld rechtspraak in het bestuur).
In elk gewest had de vorst een stadhouder, een hoge edelman die hem daar vertegenwoordigde. De stadhouder voerde bijvoorbeeld overleg met de Staten, waarin de standen (geestelijkheid, adel en steden) van het gewest waren vertegenwoordigd. Als de vorst geld nodig had, moest hij de Staten daarom vragen. Staten Generaal zijn alle staten van elk gewest bij elkaar (bijv. Holland).
Karel beperkte de gewestelijke zelfstandigheid met behulp van nieuwe centrale adviesraden, waarvoor hij juristen van burgerlijke komaf aanstelde. Met deze nieuwe centrale adviesraden werd Karel V minder afhankelijk van de edelen.
Karel V had ook een sterke godsdienstpolitiek, waar hij het zijn taak zag om het katholieke geloof te beschermen en het protestantisme te bestrijden. In 1422 richt hij een eigen inquisitie op (speciale rechtbank tegen misdrijven tegen het geloof). Onder Karel V werden meer dan 2000 Nederlanders om hun geloof op de brandstapel gebracht.
Beeldenstorm
Filips II wou net als zijn vader het bestuur centraliseren, en het protestantisme bestrijden. Maar waar Karel voldoende steun had gekregen, riep Filips steeds meer verzet op. Toen Filips in 1559 de Nederlanden verliet, stelde hij zijn halfzuster aan als landvoogdes. Zij moest in zijn plaats de Nederlanden besturen. Ze kreeg direct problemen met de hoge dadel. Die verzette zich tegen haar hoogste adviseur, een Franse kardinaal, door wie de hoge heren zich buitenspel gezet voelden. Ook waren ze fel gekant tegen een kerkelijke reorganisatie die ten koste ging van hun invloed op de kerk. Lagere edelen en steden maakten zich druk over nieuwe centralisatiemaatregelen die hun privileges aantastten. Daar kwam bij dat juist nu het calvinisme doordrong in de Nederlanden. De inquisitie werkte op volle toeren. Veel stadsbestuurders en edelen ergerden zich daaraan, omdat ze tegen geloofsfanatisme waren.
Het hoge adellijke verzet werd geleid door Willem van Oranje, stadhouder in Holland, Zeeland en Utrecht. Willem vroeg in 1564 om godsdienstvrijheid. Maar Filips II gaf bevel nog harder op te treden. In 1566 trokken daarom honderden lagere edelen naar het paleis van de landvoogdes om te vragen om afschaffing van de landvoogdes om te vragen om afschaffing van de inquisitie. De landvoogdes schrok van dit ruige volk (geuzen), zoals een van haar adviseurs hen noemde. Daarom beloofde ze de kettervervolging te matigen. Hierdoor konden de calvinisten in 1566 openlijk bijeen komen, wat verkeerd ging in het Vlaamse steenvoorde, waar een preek werd gehouden tegen de beeldenverering. Hierdoor trok een grote menigte naar het klooster en haalden alles leeg. Dit is de aanleiding voor de Beeldenstorm.
De ijzeren hertogFilips reageerde woedend. Hij stuurde de hertog van Alva om orde op zaken te stellen. In augustus 1567 arriveerde de ‘ijzeren’ hertog met een leger in Brussel. Alva werd erg gehaat in de Nederlanden. 2 redenen daarvoor:
- Geloofsvervolging: een speciale rechtbank, vele duizend doodvonnissen. Duizenden mensen vluchtten, onder wie Willem van Oranje, die vanuit Duitsland een invasie begon te organiseren.
- Hij legde permanente belastingen op. Wat een ongehoorde schending is van privileges.
Op 1 april 1572 namen de Geuzen bij verrassing Den Briel in onder leiding van Willem van Oranje, (eerste stad dat uit de handen van Alva werd bevrijd. De Nederlandse opstand was een opstand van de Nederlandse gewesten tegen hun landsheer, de Spaanse Koning Filips II, wat zorgde voor een splitsing van Noord- en Zuid-Nederland. De weken van de inname van den Briel, werden bijna alle Hollandse en Zeeuwse steden bevrijdt. Alva was woedend, en nam gruwelijke wraak, bij het heroveren van sommige steden. In 1576 sloegen de Spaanse soldaten aan het muiten, nadat ze maanden gen loon hadden gekregen. Ze trokken plunderend naar het zuiden, waarnaar ze vrede sloten in Gent met het opstandige Holland en Zeeland, wat het einde betekende van de geloofsvervolgingen.
De onoverwinnelijke Armada Filips II benoemde de hertog van Parma tot landvoogd, die een verbond sloot met de zuidelijke gewesten, daarop sloten andere gewesten onder leiding van Oranje een defensief bondgenootschap: de Unie van Utrecht. De Unie van Utrecht werd voornamelijk calvinistisch, en verboden het katholieke geloof. In 1581 veroverde Parma in Vlaanderen en Brabant de ene stad na de andere. De opstand kwam in een diepe crisis toen een katholieke fanaticus in 1584 Willem van Oranje vermoordde en Parma in 1585 Antwerpen innam. Juist toen de opstand verloren leek, kreeg Parma opdracht een invasie in Engeland voor te bereiden. Hij moest daarvoor de aanval op de Unie van Utrecht onderbreken. Spanje vormde een enorme oorlogsvloot, maar deze ‘onoverwinnelijke Armada’ ging in 1588 voor de Engelse kust ten onder.
In hetzelfde jaar besloten de opstandige gewesten geen nieuwe landsheer meer te zoeken. In 1588 veroverde Maurits, de zoon van Willem van Oranje, het noorden van de Republiek, en pas na 60 jaar komt er een einde aan deze oorlog. (de Tachtigjarige Oorlog, 1568-1648).
Redenen voor het slagen van de Opstand:
- Belegeringsoorlog: het veroveren van de steden kostten veel tijd (vb. Haarlem 7 maanden)
- Bondgenootschap: het sluiten van een definitief bondgenootschap: Unie van Utrecht
- Muiterij van de Spaanse soldaten, omdat ze geen salaris meer kregen.
- Nederlaag van de enorme oorlogsvloot ‘Armada’ van de Spanjaarden aan de kust van Engeland.
- Spanje moest strijden aan meerdere fronten: Engeland,
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.