Geschreven door: | nieuweschool (4 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 24 maart 2009 |
Taal: |  |
Woorden: | 1.950 |
Bekeken: | 2010 keer (16 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Griekse democratie
• Welke kenmerken de Atheense democratie had.
• Hoe de eerste Griekse stadstaten (polis)zijn ontstaan en welke regeringsvormen ze hadden.
Kritiek op griekse demogratie
• Wat de belangrijkste ideeën van Plato over de ideale staat waren.
• Wat de kritiek van Plato en Aristoteles op de Griekse democratie was
• Wat het verband leggen was tussen het ontstaan van de democratie enerzijds en het ontstaan van het wetenschappelijk denken anderzijds in het oude Griekenland.(verplaats naar een nieuw kopje onder Nederlandse democratie)
Einde Griekse democratie
• Hoe de Griekse democratie ten einde kwam en welke staatsvormen daarna kwamen
Nederlands democratie
• Wat de kenmerken van de Nederlandse democratie zijn.
• Welke waarden ten grondslag liggen aan democratie.
Verband tussen ontwikkeling en democratie
• Wat het verband leggen was tussen het ontstaan van de democratie enerzijds en het ontstaan van het wetenschappelijk denken anderzijds in het oude Griekenland
Vergelijking tussen de griekse democratie en die van Nederland
• Wat de politieke rechten van de verschillende inwoners van de Griekse stadstaten en die van de verschillende inwoners van Nederland zijn.
Staatsvormen algemeen
• Wat de belangrijkste staatsvormen zijn geweest in de geschiedenis (noem voorbeelden daarvan)
• Wat de belangrijkste kritiek is geweest op die verschillende staatsvormen (+ de voordelen van elk)
Product
Griekse democratie
In Griekenland bestonden er rond 800 er stadsteden ook wel polis. De mensen groepeerde zich rond een berg met een muur erom heen om zich te beschermen tegen de donkere tijden van 1000 en 800 v.C
De polis kon eerst een monarchale(geregeerd door vorst), aristocratische(geregeerd door de rijken of priester), oligarchische(de macht in de handen van bevoorrechte klasse) en plutarchische regeringsvorm hebben. In de polis Athene werd door Cleisthene rond 500 v. christus een democratisch systeem ingevoerd.
Cleisthenes verdeelde Athene in dertig demes ook wel groepen. Die werden weer in groepjes van drie gesorteerd en werden een stam. Er ontstonden dus 10 stammen. (het plaatjes hierboven geeft de structuur weer) Iedere stam koos 50 mensen en die vormende de raad van 500. Deze 500 kregen de belangrijke taken.
Kenmerkende voor Atheense democratie waren dat de vrouwen, slaven en kinderen niet mochten stemmen. De samenleving werd opgedeeld in groepen en stammen. Onder de raad van vijfhonderd werden de belangrijke functies verdeeld. Voor de raad kreeg je geen vergoeding dus alleen de rijkere konden het betalen eraan mee te doen. Een rijkere kon alleen gekozen worden door gewone man en zo was het in evenwicht.
Kritiek op Griekse democratie
Plato was een van de belangrijkste kritiek hebbende op de democratie. Behalve zijn rationele redenen had hij ook een emotionele reden. De leermeester van Plato bekend als Socrates is door een democratisch proces gedwongen een gifbeker te dringen. Vanwege het verzieken van de jeugd met zijn ideeën.
Zij rationele bezwaren waren de feiten dat:
Dat de democratie dan de politici dwingt de bevolking alles te geven waar het om vraagt. De grillen die de bevolking heeft zou dan moeten worden uitgevoerd door de politici.
Daarbij zouden politici volgens Plato vaak aan lager wal geraakte mislukkelingen, die slechts in de politiek iets van een carričre kunnen maken.
Hij vroeg zich ook af hoe gewone man met een simpel beroep nou zou kunnen beslissen over de politiek als hij er niks vanaf weet.
Daarom is volgens Plato een rationeel proces van besluitvorming per definitie onmogelijk in een democratie.
Aristoles is van mening dat een regeringsvorm goed werkt als het handelt in het algemeen belang. Een volksbestuur/democratie zou ook niet goed zijn omdat er dan wordt gehandeld in het belang van de gekozene.
De Grieken waren al ver op het wetenschappelijk denken.
Een democratie komt waarschijnlijk tot stand nadat er een wetenschappelijke revolutie is geweest. Er worden rechten gegeven aan mensen en de verantwoording die machthebbende hebben worden verleend door het volk. Hierdoor ontstaat er een evenwicht en punt van intelligentie. God of Zeus wordt dan niet meer als de belangrijkste gezien.
Einde Griekse democratie
Doordat de Athenen een grootmacht waren die niet zo traditioneel werd geregeerd als de Spartanen riep dat al wrijving op. Toen ze beiden zich gingen bemoeien met minder belangrijke zaken riep dat reden tot oorlog op. Deze oorlog werd Peloponesische oorlog genoemd. Sparta en Athene waren aan elkaar gewaagd en het leek een lange strijd te worden tot de Perzen de kant van de Spartanen kozen. Athene was gedwongen zich over te geven. Athene’s grondgebied werd ingeperkt. Na een chaos van politiek en onaanvaardbare vredeseisen werd de democratie van Athene steeds meer bedreigd. Door de overheersing van Alexander de grote werd de democratie echt geschiedenis.
Nederlands democratie
De Nederlandse democratie bestaat uit de kenmerken; trias politica, grondwet en het koningshuis:
Trias politica:
Is bedacht door Montesquieu(1689-1755), hij vond dat het de taak van de overheid is om te zorgen voor vrijheid van haar onderdanen. Deze vrijheid gaat om de rechten om vrij te kunnen denken, spreken, schrijven en handelen. De verwerkelijking van deze vrijheid hangt sterk samen met hoe de staat is ingericht. Willekeur en persoonlijke belangen krijgen minder plaats in het beleid als iedere bevoegdheid over verschillende departementen loopt.
De staat oefent drie werkzaamheden uit. Deze drie taken moeten aan van elkaar onafhankelijke autoriteiten worden opgedragen, om tirannie en almacht te voorkomen. De taken zijn wetgevende taak, uitvoerende en de rechtelijke taak. Daarnaast vindt Montesquieu dat de regelgevende taak aan een vertegenwoordigend lichaam moet worden opgedragen, om zo de burgers een stem te geven. Je krijgt dus een onafhankelijk democratisch systeem.
De grondwet
“Als eerst belooft de Grondwet dat alle mensen, hoe verschillend ze ook zijn en welke verschillende opvattingen ze ook hebben, door de staat gelijk worden behandeld. In de artikelen daarna zegt de Grondwet, onder andere, dat burgers het recht hebben om hun eigen godsdienst te beoefenen, het recht om vrij met elkaar van gedachten te wisselen en het recht om hun mening in het openbaar te verkondigen.”
De waarden die hier aan ten grondslag liggen hebben te maken met dat iedereen gelijke rechten heeft. Ze zorgen ervoor dat we onze mening mogen uiten en ons eigen leven leiden.
Onze staat mag zulke vrijheden – zoals vrijheid van godsdienst en vrijheid van meningsuiting - alleen beperken als het echt nodig is. Het kan bijvoorbeeld nodig zijn iemands vrijheid te beperken als hij een bedreiging vormt voor anderen. Wat ik persoonlijk hiervan een voorbeeld vind is Geert Wilders. Zijn mening en het uitbrengen van zijn film brengen ambassadeurs in het middenoosten in het gevaar en Nederlandse toeristen en iedereen met een Nederlandse achtergrond. Daarbij is de kans op een aanslag veel groter.
De macht van de koningin
Wij hebben nog steeds een koningin. In tegenstelling tot vroeger heeft zij bij ons alleen maar een ceremoniële macht. Ze is wel een adviseur van de minister-president. Beatrix is voor ons dus alleen maar een koningin om lintjes te knippen, op foto’s te staan en haar hoof te laten zien tijdens en ramp. Daarbij kost het hele koningshuis heel veel geld.
Verband tussen ontwikkeling en democratie
Een democratie komt waarschijnlijk tot stand nadat er een wetenschappelijke revolutie is geweest. Er worden rechten gegeven aan mensen en de verantwoording die machthebbende hebben worden verleend door het volk. Hierdoor ontstaat er een evenwicht en punt van intelligentie. God of Zeus wordt dan niet meer als de belangrijkste gezien.
Vergelijking tussen de Griekse democratie en die van Nederland
Het idee is ongeveer hetzelfde namelijk het volk geregeerd. Het is in Athene nog echt een begin van de democratie. Het was bijna onmogelijk om arme mensen in het bestuur te krijgen. Vrouwen en slaven hadden nog geen rechten, politiek niet of op een ander gebied. Nederland heeft daarin tegen een grondwet en de maximum straffen staan alvast. In Athene werkte ze met scherven en zo bepaalde ze wie dood of verbannen werd. Dit klinkt barbaars tegen over een onafhankelijke rechter. Daarbij worden Nederlanders niet groepen opgedeeld en mogen ze alleen op iemand stemmen uit hun eigen groep. De grondwet waarbij alle Nederlanders gelijk zijn is het grootste verschil met de Grieken waarbij mannen alleen aan elkaar gelijkstonden.
Staatsvormen algemeen
In elke tijd komen bepaalde staatsvormen het meest voor. Het zijn trends daarbij beďnvloed het ene land het andere.
Een absolute vorst in de vorm van een sultanaat, absolute monarchie, vorstendom en emiraat. Veel gebruikt voor de moderne tijd komt nog steeds nog wel is voor. Emiraten komen meestal in Arabische landen voor denk aan de Arabische emiraten. De kritiek hierop is dat de leiders meestal alleen handelen in eigen voordeel.
De communisten hadden meestal een volksdemocratie. Verkiezingen met verschillende kandidaten van dezelfde partij. Dit was rond de koude oorlog populair denk aan de volksrepubliek Tsjechië. Een andere populaire staatsvorm was die erop lijkt is de radenrepubliek zoals de SU officieel was.
Het communisme wat bij deze staatsvormen eigenlijk hoort zorgt niet voor vrijheid van eigen mensen.
Nu is het zo dat er meer landen een democratie zijn. Nederland is een constitutionele democratie/monarchie net zoals België. Er zijn nog veel meer democratieën maar het gaat erom dat de leiders door de bevolking is gekozen. Het nadeel waar Plato achterstond was dat er mensen dan beslissen die er niet echt verstand van hebben.
Deze andere republieken heten bijvoorbeeld dan weer Presidentiële republiek en Parlementaire republiek en hun grootste verschil is aan wie ze verantwoording afleggen(Parlementaire republiek aan de volksvertegenwoordigers en de Presidentiële republiek aan de President). Nadeel aan de Presidentiële republiek is dat de president heel veel macht heeft. Parlementaire republiek er is soms niet duidelijk genoeg een hoofd.
Onbekende begrippen
feodalisme Het `feodalisme` of de `feodaliteit` (van het Latijnse `feudum` of `leen`) is een begrip in de geschieds- en rechtswetenschap en in de sociale wetenschappen waarin een maatschappelijke orde wordt aangeduid. Het betreft het in leen geven van gebieden waar een onderlinge verplichting tot trouw, bijstand en het betalen van schattingen tegenover stond.
centralisatie De late Middeleeuwen kenmerken zich nog als sterk gedecentraliseerd. Geleidelijk begonnen heersers, zoals de Franse koningen, de macht naar zich toe te trekken en te centraliseren. Politieke centralisatie kenmerkt zich door het ontwikkelen van staatsmacht: ten koste van lokale machthebbers worden meer en meer beslissingen genomen op centraal in plaats van decentraal of lokaal niveau.
Aristocratie Aristocratie (Grieks: ἀριστοκρατία < ἀριστεύς ("beste") + κρατεῖν ("heersen")) is een regeringsvorm waarbij de heerschappij in handen is van een kleine groep, de zogenaamde aristocraten. De Griekse oorsprong van het woord suggereert de betekenis: geregeerd door de besten. In de historie hebben de adel en de geestelijkheid meestal de rol van aristocraten op zich genomen
Diarchie Een diarchie is een regeringsvorm waarbij de macht wordt gedragen door twee personen, die gelijk in rang zijn.
Oligarchie Een oligarchie (Oudgrieks : ολιγος (oligos) = weinig en αρχειν (archein) = heersen) de macht is in handen van enkelen uit een bevoorrechte klasse (zoals edelen, regenten, priesters). In een oligarchie is de autoriteit van de wetten afgeleid van de autoriteit van deze kleine elite. Het is een van de drie staatsvormen beschreven door Aristoteles, die de oligarchie identificeert als de 'slechte' variant van aristocratie.
Pontificaat Een pontificaat is zowel het ambt als de ambtsperiode van een (hoge)priester, meestal in verbinding met de uitoefening van wereldlijke, politieke macht.
Directe democratie Directe democratie is een bestuursvorm waarbij burgers zelf direct wetsvoorstellen kunnen indienen en erover stemmen. Zij komt veelal voor in combinatie met de representatieve democratie.
Indirecte democratie Democratie via een volksvertegenwoordiging. De burgers in een land stemmen op vertegenwoordigers die hun belangen behartigen in de politieke besluitvorming.
Bronnen:
http://www.blikopdewereld.nl/Geschiedenis/Bovenbouw/Hoofdstuk%202%20Feniks%20VWO%20samenvatting.htm
http://geschiedenis.vpro.nl/artikelen/12842270/
http://www.geschiedenisvoorkinderen.nl/
http://users.pandora.be/Bart.Verhelle/html/democratie.html
http://www.parlement.com/9291000/modulesf/g09max9d
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.