ff n studiebreak

Maandag begint de nieuwe Weg Over Rozen! Hier vast al het tergende, romantische, schokkende, suïcidale en strontvervelende uit seizoen 1 op een rij.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

Geschreven door:

Ramona (5 havo) [meer]

Datum ingestuurd:

10 februari 2009

Taal:

Woorden:

5.500

Bekeken:

978 keer (14 deze maand)

Waardering:

2.8/5 (6 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

    Aanbod van arbeid: Alle mensen van 15 – 64 jaar die beschikbaar zijn om te werken ofwel die kunnen, willen en mogen werken.


    Aandeelhouder: Aandeelhouders zijn eigenaren van een BV of NV. Je ontvangt een deel van de winst.


    Aanzuigeffect: De beroepsbevolking groeit omdat de kans op een baan groter is.


    Abstracte markt: Omvat het geheel van vraag en aanbod zonder dat er een plaats is waar deze samenkomen.


    Afzet: De verkochte hoeveelheid.


    Algemeenverbindendverklaring: De cao geld dan voor alle bedrijven in die bedrijfstak ook voor diegenen die niet in de werkgeversbond zitten.


    Arbeidsbemiddeling: Hierdoor kunnen vacatures sneller gevuld worden.


    Arbeidsintensiever: Meer arbeid dan machines bij productie.


    Arbeidsjaren: Volledige baan (38 uur per week).


    Arbeidsmarktbeleid: Een belangrijk punt is het verlagen van de loonkosten.


    Arbeidsmobiliteit tussen beroepen: Men is bereid zich om te laten scholen. Men is bereid een baan aan te nemen op een lager niveau of men is bereid te reizen.


    Arbeidsovereenkomst: Een overeenkomst tussen werkgever en werknemer. Cao en individueel hierin het loon en de arbeidstijd de rest in de cao.


    Arbeidsproductiviteit: De gemiddelde productie per werknemer in een tijdsperiode.


    Arbeidstijd: Het aantal uren dat een werknemer met een volledige baan per week werkt.


    Arbeidstijdverkorting: I.p.v. 5 keer 8 uur, 4 keer 9 uur.


    Arbeidsvoorwaarden: Primaire en secundaire voorwaarden. Primair: loon en arbeidstijd. Secundair: vakantie, kinderopvang, scholing en auto van de zaak.


    Automatisering: Gebruik maken van computers en robots.


    Bedrijfstak: Alle bedrijven die zich bezighouden met een zelfde soort productie.


    Bedrijfstijd: Het aantal uren dat een bedrijf per week “draait”


    Beroepsbevolking: Alle mensen van 15 – 64 jaar die beschikbaar zijn om te werken ofwel die kunnen, mogen en willen werken. Werknemers, zelfstandigen en geregistreerde werklozen.


    Beroepsgeschikte bevolking: Alle mensen van 15 – 64 jaar.


    Besloten vennootschap: Heeft aandeelhouders. Eigenaren zijn niet met eigen vermogen aansprakelijk.


    Bezettingsgraad: Werkelijke productie / productiecapaciteit * 100%.


    Breedte-investering: Investering in dezelfde soort machines waarbij de arbeidsproductiviteit net zo kapitaalintensief en arbeidsintensief blijft.


    Centraal overleg: De vertegenwoordigers van werknemers en werkgevers praten in de Stichting van de Arbeid.


    Centrum voor Werk en Inkomen: Een instelling van de overheid. Je bent pas werkloos als je hier ingeschreven staat.


    Collectieve arbeidsovereenkomst: Cao. Alle dingen behalve het loon en de arbeidstijd.


    Concrete markt: Het gaat om een plek waar vragers en aanbieders elkaar ontmoeten.


    Concurrentiepositie: De koopkracht t.o.v. het buitenland.


    Concurrentiepositie t.o.v. het buitenland: Als de prijzen stijgen verslechterd onze positie.


    Conjuncturele werkloosheid: Mensen worden ontslagen doordat er weinig geproduceerd wordt t.o.v. de productiecapaciteit.


    Consumeren: Een gezin koopt goederen of diensten.


    Consumptie: De totale vraag naar goederen en diensten in een land.


    Deelmarkt: De arbeidsmarkt is onderverdeeld in deelmarkten (loodgieters, boekhouders enz.).                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                   


    Deelnemingspercentage: Het percentage van een bevolkingsgroep dat tot de beroepsbevolking behoort.


    Deeltijdwerk: Een baan met een minder aantal uren per week dan een volledige baan.


    Demografische groei: Dingen die effect hebben op de arbeidsmarkt maar waar wij zelf niet veel zeggenschap in hebben.


    Dienstverband voor bepaalde tijd: Contracten met een bepaalde tijd, bv. 1 jaar.


    Diepte-investering: Een bedrijf koopt machines van bete kwaliteit en de arbeidsproductiviteit stijgt.


    Directeuren-grootaandeelhouders: Heeft de dagelijkse leiding en bezit een groot aantal aandelen.


    Dividend: Een deel van de winst van een bedrijf.


    Eenmanszaak: Een eigenaar en privé aansprakelijk.


    Effectieve vraag: De totale vraag naar alle goederen en diensten die een land produceert in een periode.


    Flexibele arbeidsduur: Het aantal uren dat per week gewerkt wordt ligt niet vast.


    Flexibilisering: Versoepeling van bepaalde regels en mogelijkheden om de arbeidsmarkt te flexibiliseren.


    Frictiewerkloosheid: De tijd die het kost voor een werknemer om een baan te vinden als je net van school komt.


    Geregistreerde werkloosheid: Werklozen die staan ingeschreven bij het CWI.


    Gezin: Iedereen die zelfstandig of samenwoont.


    Herbezetting: Door ATV  stijgt de werkgelegenheid als er dan meer mensen aangenomen worden is dat herbezetting.


    Incidentele loonstijging: Komt niet in de cao voor. Loonstijging als gevolg van promotie.


    Individuele arbeidsovereenkomst: Afspraken die tussen werkgever en werknemer gemaakt worden. Voor ieder anders. Loon en arbeidstijd.


    Inflatie: Stijging van het algemeen prijspijl.


    Initiële loonstijging: Vloeit voort uit stijging van de arbeidsproductiviteit.


    Innovatie: Het vernieuwen van producten en productieprocessen.


    Investeren: Het kopen van kapitaalgoederen door bedrijven.


    Kapitaal: Kapitaalgoederen.


    Kapitaalgoederen: Machines, gebouwen, transportmiddelen, computers enz.


    Kapitaalintensiever: Meer machine t.o.v. arbeid.


    Kapitaalkosten: Kosten van kapitaalgoederen.


    Koopkracht: Hoeveel je kan kopen van je loon.


    Krappe arbeidsmarkt: De vraag is groter dan het aanbod van arbeid.


    Kwalitatieve structuurwerkloosheid: Heeft oorzaken als scholing en reistijd.


    Kwantitatieve structuurwerkloosheid: Vervanging door machines, reorganisatie, verplaatsing enz.


    Loonkosten per product: Xbedrag / werknemers.


    Maatschappelijke opvattingen: Hoe men denkt over bv. vrouwen arbeid.


    Mechanisering: Het gebruik maken van machines.


    Miljoenennota: Samenvatting van de rijksbegroting.


    Multinationals: Bedrijven die over de hele wereld produceren en verkopen.


    Naamloze vennootschap: Aandeelhouders en niet aansprakelijk.


    Nettoloon: Het loon dat je overhoud na alle belastingen.


    Niet-beroepsbevolking: 15-64 jaar maar niet opzoek naar werk en ook niet werken.


    Officiële werkloosheid: Geregistreerde werklozen.


    Omzet: Afzet* verkoopprijs.


    Onbepaalde tijd: Vast dienstverband.


    Ondernemingsvorm: De rechtsvorm van een onderneming.


    Ontmoedigingseffect: De beroepsbevolking daalt omdat de kans op een baan kleiner is.


    Organisatie van het arbeidsproces: Door betere mogelijkheden voor kinderopvang, deeltijdwerk kunnen meer mensen werken.


    Organisatiegraad: Het percentage werknemers dat is aangesloten bij een erkende vakbond.


    Participatiegraad: Deelnemingspercentage.


    Potentiële beroepsbevolking: Alle mensen van 15 – 16 jaar.


    Prijscompensatie: Loonsverhoging die dient om de gestegen prijzen te compenseren.


    Primaire arbeidsvoorwaarden: Loon en arbeidstijd.


    Productie verplaatsen naar het buitenland: De productie wordt nu gedaan in bijv. een lagenlonen land.


    Productiecapaciteit: Hoeveel er gemaakt kan worden in een bedrijf.


    Rechtspersonen: Organisaties die rechten en plichten hebben, los van de mensen die er werken. Nemen deel aan het rechtsverkeer en worden daarbij vertegenwoordigd door de mensen die in de organisatie werken.


    Rechtsvorm: BV en NV zijn rechtspersonen. Eenmanszaak en VOF niet.


    Regionale arbeidsmobiliteit: Mensen zijn bereid te reizen naar andere regio’s om te werken.


    Resultatenrekening: Hierop bereken je de winst.


    Rijksbegroting: Overzicht van alle inkomsten en uitgaven van de overheid.


    Ruime arbeidsmarkt: Het aanbod is groter dan de vraag naar arbeid.


    Schaalvoordelen: De kosten per product dalen wanneer er meer gemaakt word.


    Secundaire arbeidsvoorwaarden: Kinderopvang, vakantie, duur van de lunch, auto van de zaak enz.


    Seizoenwerkloosheid: Bepaalde bedrijven gaan in het ene gedeelte van het jaar dicht of produceren minder.


    Sociale partners: Werkgevers en werknemers.


    Stichting van de Arbeid: Hier overleggen de sociale partners.


    Substitutie van arbeid door kapitaalgoederen: Dure arbeid wordt vervangen door kapitaal.


    Uitzendbureau: Commerciële organisatie die bemiddeld in tijdelijk werk.


    Uitzendkrachten: Werknemer die via een uitzendbureau werkt.


    Vacatures: Een vraag naar werknemer(s) door bedrijven.


    Vakbonden: Deze bonden onderhandelen over de cao.


    Vakcentrale:Werknemerscentrale.


    Vakverenigingen:Vakbond.


    Vast dienstverband: Contract voor onbepaalde tijd.


    Vennootschap onder firma: Meerdere eigenaren, privé-vermogen aansprakelijk.


    Verborgen werkloosheid: Niet geregistreerde werklozen.


    Vraag naar arbeid: Wordt uitgeoefend door bedrijven. Het is de arbeid van werknemers, de zelfstandigen en de vacatures.


    Werkgelegenheid: Werknemers en zelfstandigen. De groep die dus daadwerkelijk werkt.


    Werkgelegenheid in arbeidsjaren: Hoeveel mensen er nodig zijn 1 arbeidsjaar te vervullen.


    Werkgelegenheid in personen: Hoeveel personen er nodig zijn om de productie vol te houden.


    Werkgeversbonden: Onderhandelen namens de werkgevers over de cao.


    Werkgeverscentrale: Overkoepelende centrale voor de werkgeversbonden.


    Werkloze beroepsbevolking: Geregistreerde werklozen.


    Werknemers: Mensen met een baan.


    Werknemersbonden: Vakbonden.


    Werkzame beroepsbevolking: Zelfstandigen en werknemers.


    Wig: Het verschil tussen de loonkosten en het nettoloon.


    Winst: Omzet – kosten.


    Zelfstandigen: Mensen met een eigen bedrijf.
Zwart werk: Mensen die werken zonder hiervoor belasting te betalen

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.