ff n studiebreak

Bij klassieke muziek moet je niet aan je grijze oma denken, maar aan YouTube. 5 tips van Lucas en Arthur Jussen.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

dollarteken

Datum ingestuurd:

18 juni 2006

Taal:

Woorden:

300

Bekeken:

2161 keer (9 deze maand)

Waardering:

3.0/5 (4 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 
De feesten van angst en pijn Vers 6 - Paul Van Ostaijen

Het gedicht van Paul Van Ostaijen (1896-1928) werd geschreven in de periode tussen de twee Wereldoorlogen: het interbellum. De Eerste Wereldoorlog was een verschrikkelijke gebeurtenis voor iedereen die in die periode leefde; Paul Van Ostaijen verwijst dan ook af en toe in zijn gedichten naar die Eerste Wereldoorlog.

Vers 6 - Paul Van Ostaijen (uit De feesten van angst en pijn, 1928)

Strofe 1 van het gedicht: De ik-persoon vertelt ons dat hij niets meer kan verzamelen, maar dan ook echt niets meer. Dit toont ons dat de ik-persoon levensmoe is.

Strofe 2 van het gedicht: "Waarom doof ik de lamp niet" maakt ons duidelijk dat de ik-persoon wil gaan slapen of iets minder letterlijk betekent het dat hij wil sterven. Kortom, de ik-persoon is nog steeds levensmoe.

Strofe 3 van het gedicht: De ik-persoon wil naakt zijn, hij wil zijn kleren uitdoen. Die "kleren uitdoen" betekent eigenlijk dat hij zijn herinneringen, wijsheid, beschaving,... wil uitdoen. Hij wil ze kwijt.
(herinneringen aan Eerste Wereldoorlog?)

Strofe 4 van het gedicht: "het beginnende begin" is een verwijzing naar de geboorte, het naakt zijn (zie strofe 3). Bij geboorte heb je nog geen herinneringen.

Strofe 5 van het gedicht is een verwijzing naar de oorlog. Oorlog is gelijk aan het failliet van de beschaving volgens de dichter. Dat wordt ook weergeven door strofe 1, waarin hij zegt: "Ik kan niets meer verzamelen", maar ook letterlijk door de 5de strofe (faljiet, debâcle).

Strofe 6 van het gedicht: "Ik wil bloot zijn en beginnen." Opnieuw wil hij naakt zijn en opnieuw beginnen, opnieuw geboren worden. Al zijn herinneringen (aan de oorlog) vergeten en opnieuw beginnen.

- Dit gedicht van Paul Van Ostaijen is een mooi voorbeeld van humanitair expressionisme.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.