Geschreven door: | R_!da (3 vmbo) |
Datum ingestuurd: | 14 mei 2007 |
Taal: |  |
Woorden: | 600 |
Bekeken: | 1901 keer (19 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Internationalisering van de kleding- en schoenenindustrieInternationale industrie:De kleding- schoenenindustrie bestaat uit verschillende "onderdelen". Namelijk:
• Ontwerpen
• Ontwikkeling
• Productie
• Distributie
• Marketing
Deze onderdelen vinden steeds meer in verschillende landen plaats. Dat noemen we internationalisering.
Lage-lonen-landenDe kleding en schoenen die jij in de winkel koopt, hebben vaak een lange reis achter de rug. Veel bedrijven die kleding en schoenen maken, laten de productie namelijk plaatsvinden in lage-lonen-landen. Dit zijn bijvoorbeeld landen in Azië. Daar kunnen kleding en schoenen voornamelijk goedkoper gemaakt worden omdat de mensen daar minder betaald krijgen. Het hoofdkantoor van het kleding- of schoenenmerk kan dan aan de andere kant van de wereld zitten. Zo wordt de kleding- en schoenenindustrie steeds internationaler.
Voor- en nadelenDe kleding- en schoenenindustrie is voor de lage-lonen-landen goed voor de werkgelegenheid. En voor de economie. Maar soms worden de werknemers zeer slecht betaald en zijn de omstandigheden waaronder ze werken onveilig of slecht. Of is de productie van kleding en schoenen schadelijk voor het milieu.
"Schone kleding"Steeds meer mensen willen kleding en schoenen dragen die op een eerlijke en milieuvriendelijke manier gemaakt zijn: "schone kleding". Schone kleding wil zeggen dat de mensen die deze kleding maken daarvoor goed betaald worden. En dat het maken van die kleding geen grote belasting is voor het milieu. Er zijn diverse organisaties die zich inzetten voor schone kleding, zoals Goede Waar en co. en Fair wear.
Europese Unie:Samenwerking:De Europese Unie (EU) is ontstaan na de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog moest er veel gebeuren in Europa. Daarbij was samenwerking tussen de landen noodzakelijk. De EU komt voort uit verschillende samenwerkingsorganisaties. De eerste is de Economische Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS). Duitsland, Frankrijk en de Benelux-landen spraken af dat handel in kolen en staal tussen de landen vrij moest zijn.
Europese GemeenschapIn 1967 kwamen daar de Europese Economische Gemeenschap (EEG) en de Euratom bij. De EEG was een gemeenschap waarbinnen handel tussen alle producten vrij was. De Euratom was een gemeenschap waarbinnen afspraken werden gemaakt over atoomenergie. Omdat de landen die lid waren van de EEG ook lid waren van de EGKS en de Euratom, besloot men deze drie organen te fuseren. Zo ontstond de Europese Gemeenschap (EG). Met de EG kwam er steeds meer samenwerking, meer dan alleen op het economische vlak. Zo besloot men dat iedereen binnen de EG vrij kon reizen in alle landen.
Meer landen:Omdat de samenwerking steeds groter werd, besloot men in 1993 de EG de Europese Unie (EU) te noemen. Naast een steeds grotere samenwerking zijn sinds 1958 ook steeds meer landen lid geworden van de gemeenschap. In 2006 bestond de Europese Unie uit 25 landen: België, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk en Zweden.
Ontwikkelingssamenwerking:ArmoedebestrijdingOntwikkelingssamenwerking moet helpen bij duurzame armoedebestrijding. Leidraad daarbij zijn de Millennium Doelen. Hierin staat wat de wereldgemeenschap in 2015 wil hebben bereikt. Zoals halvering van de extreme armoede. En dat alle kinderen, jongens čn meisjes, basisonderwijs krijgen. Bijzondere aandacht in het Nederlandse ontwikkelingsbeleid krijgen de beleidsterreinen onderwijs, milieu, water, aids en gezondheidszorg.
Minister:Om het ontwikkelingsbeleid vorm te geven en uit te voeren heeft Nederland een Minister voor Ontwikkelingssamenwerking. Die werkt op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Voor ontwikkelingssamenwerking is een vast budget gereserveerd van 0,8 procent van het Bruto Nationaal Product.
Samen
Maar ontwikkelingssamenwerking is niet een zaak voor de overheid alleen. Nederland steunt de ontwikkeling van landen in de derde wereld samen met veel andere partners. Bijvoorbeeld organisaties als Oxfam Novib en de Wereldbank.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.