Info over dit verslag

Geschreven door:

Sjansmans

Niveau:

6VWO

Waardering:

Woorden:

1409

Opvragingen:

4

Hulpmiddeltjes

Openen in tekstverwerker Openen in tekstverwerker

Printen Printen

Emailen Emailen

Waardering

Gemiddelde waardering: 4 uit 5 (3 stemmen)

Heb je er iets aan gehad? Geef zelf je waardering:
Erg goed bruikbaar
Goed bruikbaar
Bruikbaar
Een beetje bruikbaar
Niks aan gehad

Laatst gewijzigd op 13 mei 2008

Hoofdstuk 1
§1

Mainport positie Nederland wordt aangetast door slechte infrastructuur.
Door veranderingen in transportwereld komen er steeds meer vrachtwagens op de weg waardoor er meer files ontstaan.

§2
In 2007 krijgt Nederland een aansluiting op de HSL. Hierdoor neemt de bereikbaarheid van de Randstad toe.
De Betuwelijn moet de stroom goederen uit de Rotterdamse haven snel wegvoeren. Er zijn twijfels over de Betuwelijn omdat betrouwbaarheid en tijdige levering belangrijker zijn dan snelheid. Daarom zijn binnenvaarschepen misschien een betere oplossing.

§3
Regionale economie in het noorden moet verbeterd worden. Een goede verbinding(hanzelijn) kan hier heel goed bij helpen.

§4

Schiphol is een mainport en zorgt voor grote spin-off aan directe en indirecte werkgelegenheid.
Ruimtebeslag van luchthaven bestaat uit 4 elementen:
- Het vliegveld (parkeerplaatsen, start/landing banen, verkeerstorens enz.)
- Bedrijven rond het vliegveld.
- Wegen, spoorlijnen viaducten enz.
- Door geluidsproductie worden sommige gebieden rondom de luchthaven ongeschikt.
Schiphol levert 2 categorieën werkgelegenheid
- Directe, banen op de luchthaven zelf.
- Indirecte, bijv. bewaking, taxi’s, brandstof toevoer, hotels
Schiphol mag alleen uitbreiden als de veiligheid gelijk blijft en de vervuiling niet erger wordt. De geluidshinder moet minder.
Schiphol wordt niet verplaatst, doordat er zoveel miljarden in zijn geïnvesteerd is het vliegveld inert geworden. Meer realistisch is het om sommige activiteiten te decentraliseren.


Hoofdstuk 2
§5

Ullman zocht naar een theorie die de samenhang laat zien tussen transportstromen en activiteiten in een gebied. De volgende factoren spelen een rol
- Bereikbaarheid
- Ruimtelijke complementariteit (2 regio’s vullen elkaar aan)
- Afstandsverval (door grotere afstand neemt interactie af)
- Tussenliggende gelegenheid
- Tussenliggende belemmering
- Relatieve afstand
De transporteerbaarheid hangt van een aantal dingen af
- de kosten
- vervoersmiddel

§6

Transportkosten bestaan uit 2 onderdelen, vaste en variabele kosten. Variabele kosten hangen af van de afstand.
Modaliteit = vervoersmiddel
Overlaad punt ontwikkelt zich vaak tot intermodaal knooppunt, hier komen verschillende vervoersstromen samen en vertrekken.
Modal split = uitsorteren van transport over verschillende modaliteiten.
Eerstelijnsknooppunt = mainport = hoge frequentie verdeling goederenstromen.
Tweedelijnsknooppunt = groot overslagpunt op een continentale hoofdtransportas
Derdelijnsknooppunt = regionaal distributie- en verzamelpunt
Distributiecentrum = daar wordt logistiek geregeld, transport van producent tot afzetmarkt, opslag en bewerking van goederen. (Value Adding Logistics)
Door deze activiteiten kunnen goederen snel worden getransporteerd(just-in-time-principe).
Frequentie van de aanvoer is toegenomen door grote vraag naar snel en betrouwbaar vervoer van kleine hoeveelheden. Maar door stijging van vrachtverkeer zoekt men naar intermodaal vervoer(trein schip).
Transportcorridor = lange strook bedrijven langs een vervoersas.

§7
Steden en landen worden steeds meer afhankelijk van elkaar door Specialisatie. Door toenemende specialisatie is er ook meer internationalisering.

Hoofdstuk 3
§8

Na 2e wereldoorlog zijn oude tijgers als economische macht opgekomen. Met politieke en economische steun van Amerika moest het tegenwicht tegen China en de Sovjet-Unie(communistisch) bieden.
Aziatische landen zijn zo aantrekkelijk vanwege de lage eisen van de overheid, hierdoor is hun concurrentie positie erg sterk. Deze snelle ontwikkeling was mogelijk door snellere communicatie en grotere afzetmarkt. Door andere lagelonenlanden krijgen Aziatische landen meer concurrentie.

§9
Door vrijhaven in Singapore werd het een bekende plaats voor handelaren. Na 2e wereldoorlog richtte Singapore zich alleen maar op geld verdienen. Door groeiende welvaart waren de lonen ook niet meer laag. Daarom ging Singapore zich richten op de high technology sector. Door gebrek aan ruimte ging Singapore samenwerken met Johore en de Riau-archipel. Singapore heeft een entrepotfunctie gekregen, ze voert meer goederen door dan dat ze zelf houdt. Singapore is ook bekend om zijn olieraffinage.

§10

Snelle economische ontwikkeling in Thailand, belangrijke reden was dure Japanse munt. Japanse export liep terug dus op zoek naar gebied met lage lonen. Door deze ontwikkeling raakte het milieu ernstig vervuild en kwamen er verkeersopstoppingen. Overheid probeert in te grijpen door betere ruimtelijke spreiding. Om dit te doen moest eerst infrastructuur beter worden. Het plan was om delen rondom Bangkok aantrekkelijk te maken voor bedrijven. Het werkte, de andere delen vervulde een trekpaardfunctie waardoor er meer werkgelegenheid ontstond.

Hoofdstuk 4
§11

Grote transportstromen zijn gericht op gebieden waar een combinatie van de volgende factoren te vinden is:
- het bestaan van overschotten en/of tekorten
- hoog technisch ontwikkelingsniveau
- hoge welvaart evenwichtig verdeelt
- grote bevolkingsdichtheid
- vrijhandel en politieke stabiliteit

§12

Zonder stelsel van vrijhandel is mondialisering/globalisering(wereldwijd uitwisselen van goederen/kennis/kapitaal) ondenkbaar. Door mondialisering gaan bedrijven op zoek naar beste werkomstandigheden. Kop-staart formule: ontwerp en ontwikkeling in eigen land  fabricage in goedkoop land  marketing en distributie in eigen land. Autarkisch = land dat zichzelf kan en wil voorzien van alle benodigde goederen. Een politieke verandering kan zorgen voor meer handel, bijv. Vietnam nieuwe concurrent, WTC, uiteenvallen gesloten politiek-militaire blokken(Sovjet-Unie)

§13
In de transportwereld draait het om kostenbesparingen. Tussen de drie economische machtsblokken (triade) is veel handel. Tussen deze 3 is veel handel omdat de klant keuzemogelijkheden wil hebben. Gevolgen hiervan zijn
- groei van bestaande transport
- vervoersafstanden worden groter
- goederenstromen gaan vaker via mainports, dit brengt schaalvoordelen met zich mee
• Grote voer-, vaar- en vliegtuigen.
• Meer gebruik van infrastructuur
• Samenvoegen verschillende vervoersstromen
• Afschaffen van grensbelemmering
De transportinfrastructuur heeft veel ruimte nodig.

§14

Goederen die per ton weinig kosten zijn afstandsgevoelig, omdat de vervoerskosten ene groot deel van de kostprijs in beslag nemen. Je kunt goederen in 2 soorten verdelen: massagoed(grint) en stukgoed(doos kiwivruchten). Massagoed wordt weer verdeeld in droge en natte bulk(droog: graan, nat: olie). Massagoed kan sneller worden overgeslagen dan stukgoed.

Hoofdstuk 5
§15

Rotterdam was een transitohaven, er werden alleen goederen doorgevoerd. Maar na de crisisjaren in 1930 moest de haven nog ene bene hebben om op te staan, industrie. Aardolie was goed voor veel werkgelegenheid. Door vele olieraffinaderijen moest de haven steeds worden uitgebreid. De laatste uitbreiding is de Maasvlakte.

§16

Door containers kan stukgoed veel sneller overgeladen worden. Na uitbreiding en automatisering wil men nu speciaal bedrijven vestigen die arbeidsintensief zijn. Door gebruik van containers is Rotterdam een distributiecentrum geworden. Probleem is dat met vrachtschip vele containers binnenkomen maar dat deze ook doorgevoerd moeten worden. Dus heb je bijv. heel veel vrachtwagens nodig wat weer zorgt voor files.
De haven is van bestuursvorm veranderd omdat de haven meer beschermd moest worden door een drietal van gebeurtenissen
- concurrentie is groter geworden(Antwerpen en IJzeren Rijn)
- minder geld van het Rijk voor de haven (meer bemoeienissen met achterland) + milieuwetgeving
- Invloed van EU op regelgeving groeit. Havens moeten hun eigen boontjes gaan doppen.

§17

Duisburg is een belangrijke haven. Doordat Duisburg grote schepen kan ontvangen is het een goed distributiecentrum. Door verbetering van infrastructuur (tunnels en bruggen) vergroten de vervoersstromen. Oostenrijk en Zwitserland vragen vele tol omdat ze alleen de lasten van de goederenstromen hebben. Alle vrachtwagens rijden over hun wegen terwijl ze er niks voor krijgen.

§18
Hamburg heeft andere goederen om door te voeren. Hiervoor zijn 2 redenen
- industriële bedrijvigheid in de haven en het achterland zijn anders dan in Rotterdam
- de vaardiepte van de haven.
De Antwerpse haven verschilt nog meer met Rotterdam. De haven ligt ongeveer 70 km landinwaarts en door het grote getijdenverschil zijn de havenbekkens alleen toegankelijk via zeesluizen. Antwerpse maakt vooral gebruik van doorvoer via vrachtwagen en trein. De haven wil gebruik maken van tracé van de IJzeren Rijn.

Hoofdstuk6
§19

Gebouwen hebben een groot ruimtebeslag en zorgen voor visuele vervuiling. Met locatiebeleid wil de regering ervoor zorgen dat bedrijfsactiviteiten zo veel mogelijk binnen de bestaande bebouwing een plaats krijgen. Door alle knooppunten rondom de stad ontstaan er zogenaamde satellietsteden, steden die erg afhankelijk zijn van de stad. In Nederland staan deze steden bekent als groeikernen. In Amerika ontstaan ook steden die juist niet afhankelijk zijn van ene grote stad, edge cities. Kwaliteit van binnensteden wordt aangetast door uitschuiven van bedrijven naar de randen van de stad.

§20

Maasvlakte 2:
- omvang bedraagt netto 1.000 hectare.
- Met aanleg wordt begonnen zodra wordt aangegeven dat deze ruimte nodig is
- Havengebied zal bereikbaar zijn via Betuwelijn (wordt doorgetrokken)
- In het al bestaande havengebied wordt leefbaarheid verbeterd en wordt beter omgegaan met de ruimte
- Er wordt 750 hectare recreatiegebied ontwikkeld in Rijnmond
Betuwelijn moet zorgen voor minder files, meer keuze.

§21

Rotterdamse haven en Schiphol zijn goed voor economie en werkgelegenheid en moeten daarom goed bereikbaar blijven.

§22

met inrichting van de ruimte moet rekening gehouden worden met de volgende zaken
- gebruikswaarde van een gebied. Som 2 mogelijkheden maar meestal sluit de ene mogelijkheid de ander uit
- belevingswaarde van een gebied.
- Toekomstwaarde van een gebied.
NIMBY= not in my backyard

Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.

Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.