Geschreven door: | anoniem |
Datum ingestuurd: | 29 maart 2006 |
Taal: |  |
Woorden: | 2.600 |
Bekeken: | 1911 keer (4 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Paragraaf 1.3 Navigatie:- Plaatsbepaling:
Navigeren is je plaats bepalen op aarde. Dit is van groot economisch & politiek belang. In de loop van de tijd zijn hier hulpmiddelen voor ontwikkeld. Bijvoorbeeld het systeem waarbij elke plaats op aarde aangegeven kan worden met coördinaten (geografische lengte & breedte). Als je de coördinaten van je bestemming hebt & van de plaats waar je bent, kun je de afstand & de richting uitrekenen.
- Hoe bepaal je je plaats op aarde?
Je hebt middelen nodig om je geografische lengte & breedte (coördinaten) te bepalen, zodat je dus weet hoe je ver je nog moet & welke richting je op moet. Vroeger gebruikten ontdekkingsreizigers vaak een kompas, maar dat is te moeilijk; die heeft veel nadelen, zoals:
- je weet niet waar je bent, waardoor je achteraf niet kon zeggen waar je bent geweest
- je weet je afstand niet
- het geeft geen goede richting aan (alleen maar noorden) & daar komt bij dat je op zee heel gauw kunt afdrijven
Maar je hebt altijd nog houvast aan de zon, maan & sterren (Poolster); dit zijn hellichamen die boven de horizon staan, waardoor plaatsbepaling mogelijk is. De voordelen & nadelen daarvan zijn:
- Poolster (staat recht boven de noordpool; hoe hoger de ster, hoe meer je naar he noorden gaat):
• Voordelen: - je kunt eenvoudig de breedte bepalen
• Nadelen: - is niet helder
- is op zuidelijk halfrond niet zichtbaar
- je kunt de lengte niet bepalen
- De zon:
• Voordelen: - je kunt de breedte & de lengte bepalen
• Nadelen: - op zee is het bepalen hiervan veel moeilijker
Het is dus nog niet zo een eenvoudig om m.b.v. de zon & sterren je plaats op aarde te bepalen. Nieuwe ontwikkelingen in wetenschap & techniek hebben gezorgd voor navigatiemethoden die nauwkeuriger & gemakkelijker in gebruik zijn. De eerste apparaten waren het astrolabium & daarna de nauwkeurigere sextant. Een slingeruurwerk scheen ook te werken. Nu zijn er de nieuwste ontwikkelingen, zoals radiobakens (radiostations die signalen uitzenden) & het GPS (global positioning system, d.m.v. satellieten).
Paragraaf 1.4 Ruimtevaart:- Het begin van de ruimtevaart:
Voor de tweede wereldoorlog kwamen de raketten nog niet zo hoog, maar dat veranderde tijdens de Tweede Wereldoorlog. Toen was de rakettechniek al zover ontwikkeld dat de Duitser de V2-raket kon bouwen. Dit waren bommen die m.b.v brandstof over grote afstand konden vliegen.
- De wapenwedloop:
Er was nieuwsgierigheid naar nieuwe mogelijkheden in de wapens en men had ook politiek belang bij ontwikkeling van de ruimtevaart. Tussen VS en Sowjet Unie ontstond een race om beste wapens. In 1957 brachten de Russen de eerste satelliet in de ruimte. Amerika schrok hiervan en stak ontzettend veel geld in de ruimtevaarttechnologie. President John F. Kennedy beloofde in 1962 dat de mens voor 1970 op de maan zou landen. Dit lukt in 1969, en in de jaren ’70 waren er ook onbemande landingen op de planeten Mars en Venus.
- Satellieten: wat kun je ermee?
Satellieten zijn voorwerpen of kunstmanen die rond de aarde draaien. Door de zwaartekracht zou de satelliet (die door raketten de lucht in is geschoten) naar beneden moeten vallen, wat ook gebeurt. Maar door de snelheid valt de satelliet niet op de aarde, maar er omheen (gewichtloos). Ze bevinden zich buiten de dampkring, dus ze hebben geen last van luchtwrijving en worden dus niet afgeremd. Zonder aandrijving blijft ‘ie dus rond de aarde cirkelen.
Je hebt verschillende satellieten waar je iets mee kunt toepassen, zoals:
- Weersatellieten: heeft televisiecamera aan boord waarmee beelden van aarde gemaakt worden; de temperatuur word door infrarood camera’s gedaan. Hierdoor kunnen betere weersvoorspellingen worden gedaan.
- Communicatiesatellieten: kan televisieprogramma’s vanuit een grondstation opvangen & weer uitzenden naar een groot gebied op aarde. Hierdoor is dus de ontvangst van tv oer grote afstand mogelijk.
- Met satellieten worden onderzoeken gedaan naar de atmosfeer (bijvoorbeeld het gat van de ozonlaag).
- Hoe is het verblijf in de ruimte?
Als bemande Spaceshuttle moeten er heel andere eisen voldoen dan wanneer er niemand meegaat. De bemanning moet kunnen ademen, en veilig terugkeren naar aarde. En het ruimteschip moet aangepast zijn aan de gewichtloze situatie zoals bij het naar de WC gaan. Langdurig verblijf in de ruimte is voor menselijk lichaam niet gezond, want:
- Je spieren verslappen door gewichtloosheid & je botten kunnen zelfs ontkalken waardoor snel botbreuken ontstaan; hier zijn wel middelen voor aan boord, maar toch kunnen astronauten de eerste dagen dat ze terug zijn op aarde niet lopen.
Ze worden als ze net in de ruimte zijn vaak ziek, doordat:
- het evenwichtsorgaan door de gewichtloosheid in de war raakt, want ook dat orgaan heeft de zwaartekracht nodig.
De gevolgen hiervan zijn dat de astronauten:
- Duizelig en lusteloos worden en soms ook moeten overgeven.
- En ze hebben de eerste dagen last van concentratieproblemen, vandaar dat alles eerst geoefend wordt, zodat ze daar niet hoeven na te denken.
6.1 dagen, maanden, jaren Uit waarnemingen van de maan kun je concluderen dat zij evenals de zon en de sterren van oost naar west lijkt te bewegen.
Hemellichamen draaien in 1 dag om de aarde.De aarde draait in 24 uur om zijn eigen as. De beweging van hemellichamen gaat van oost naar west. De maan draait in 29.5 dag om de aarde heen.De maan beweegt ten opzichte van de sterren in tegenovergestelde richting.De vormen die de maan aanneemt heten schijngestalten.Deze vormen die de maan aanneemt verandert in de loop van de maand. Alleen de kant die door de zon verlicht wordt is zichtbaar.
In de winter staat de zon ’s middags lager aan de hemel dan in de zomer, het is kouder en minder lang licht. Ook het sterrenbeeld de Grote Beer staat niet elke dag op dezelfde plaats.Is dit met ons model te verklaren?
Wanneer de zon langs de hemel beweegt verandert de plaats en de lengte van de schaduw. Zonnewijzers zijn de oudste klokken waarmee mensen het tijdstip op de dag bepaalden.
Voor de landbouw is tijd erg belangrijk, ze moeten weten wanneer ze moeten zaaien en oogsten. Er zijn 2 manieren om kalenders te maken, eentje gaat uit van de maan en de andere gaat uit van de zon. De oudste zijn gebaseerd op de beweging van de maan.
De zon legt de duur van een jaar vast. In 365.25 dagen beweegt de aarde 1 keer om de zon.Dit noem je een zonnejaar. Een kalenderjaar telt 365 dagen. Om te zorgen dat ons jaar in de pas blijft lopen met het zonnejaar telt februari eens in de 4 jaar 29 dagen.Dit heet een schrikkeljaar.
De aarde draait in oostelijke richting om zijn as. In het oosten komt de zon eerder op. Daarom waren er in Nederland allemaal verschillende tijdsaanduidingen. Maar door de komst van het spoorwegennet is alles gelijk getrokken.
Mensen hebben een biologische klok, deze zit in het voorste deel van de hypothalamus, deze is verbonden met je oog. Deze neemt afwisseling van dag en nacht waar. Als je reist kan je biologische klok in de war komen.
Tegenwoordig gebruiken we het internationale tijdzonesysteem. Deze is verdeeld is 24 tijdzones. De nullijn loopt bij het Engelse Greenwich. Oostelijk is later en westelijk is vroeger op de dag. Passeer je een lijn verandert de tijd en soms ook de datum.
§ 6.2 aarde, zon en maand Wanneer de zon lager aan de hemel staat, valt het zonlicht onder een kleine hoek in een verwarmt daarom het aardoppervlak minder sterk. Dit is in de winter zo. In de zomer staat de zon op het midden van de dag het hoogst en daarom verbrand je dat het snelst.
Naarmate je dichter bij de evenaar woont zijn de verschillen de seizoenen kleiner. In de tropen komen er maar 2 seizoen voor. Maar als het bij ons hartje winter is, is het in Australië zomer hoe kan dat?
De denkbeeldige aardas tussen noord- en de zuidpool staat niet loodrecht op de baan van de aarde, maar in een hoek van 23.5 graden. Het is net alsof de aarde achterover leunt. Wanneer de aarde om de zon draait, blijft de aardas altijd in de richting van de Poolster wijzen. Door de scheve stand zijn bepaalde plekken op de aarde afwisselend meer en minder naar de zon gericht. De donkere periode op de zuidpool wordt poolnacht genoemd. Na een half jaar is het op de noordpool donker en is het in Nederland winter.
De wisseling van eb en vloed wordt getij genoemd. Wanneer het water niet meer stijgt en ook nog niet daalt dan keert het getij. De ebstroming heeft een snelheid van 1 a 2 km per uur. Het getij heeft een periode van 12 uur en 25 minuten.
Het getij wordt veroorzaakt door de zwaartekracht van de maan. Deze wordt kleiner als de afstand groter wordt. Aan de kant van de aarde die naar de maan is toegekeerd is de zwaartekracht dus groter dan aan de andere kant. Aan zowel de kant van de aarde, die naar de maan is toegekeerd, als aan de tegenovergestelde kant komt het water hoger te staan. Het wordt per dag 2 keer eb en vloed. Daar de draaiing van de maand duurt het elke dag iets langer voordat het hoog en laag wat er is.
Tijdens de zonsverduistering wordt het plotseling nacht, het wordt kouder en je kan de sterren aan de hemel zien. De maan staat dat precies tussen de zon en de aarde. Als de maan voor de zo’n 400 keer grotere zon verschuift wordt de zon verduisterd Een zonsverduistering duurt maximaal 7 minuten.
Bij volle maan staan de zon, aarde en de maan op een lijn. De aarde staat dus tussen de zon en de maan is. Een maanverduistering komt doordat de maan in de schaduw van de aarde komt te staan en de zon hem niet meer kan verlichten. Deze kan 3 kwartier duren.
Als de zon of maan niet helemaal wordt verduister heet die gedeeltelijke verduistering. De baan van de maan staat schuin op het vlak waarin de aarde om de zon draait. De banen van de maan en aarde maken een hoek van 5 graden.
§ 6.3 zonnestelsel In het centrum van ons zonnestel staat de zon. Om de zon draaien 9 planeten. Om de meeste planeten draaien manen. Jupiter heeft een doorsnede van 11 keer groter dan de aarde. Mercuris en Venus staan dichter bij de zon als de aarde, ze worden binnenplaneten genoemd. De andere zes zijn buitenplaneten. Tussen de planeten Mars en Jupiter bevindt zich een soort gordel van duizenden kleine en grote rotsblokken met een omvang van tientallen kilometers. Ze worden planetoďden genoemd.
Venus is bezocht door Russen, Mars is bezocht door Amerikanen ruimtevaartuigen. De NASA lanceerde in 1977 voertuigen richting Uranus en Neptunes.
Gemiddeld eens in de 10 jaar kan je met je blote oog een komeet aan de hemel zien. Kometen bestaan uit stof en ijs. Als de komeet is de buurt van de zon komt verdampt het ijs en zo ontstaat de staart van ijl gas die miljoenen km lang kan worden.
Vallende sterren zijn meteoren. Stofjes en steentjes uit de ruimte botsen dan met grote snelheid tegen de aarde, de luchtwrijving in de atmosfeer is zo groot dat je een lichtflits ziet. Overgebleven brokstukken worden meteorieten genoemd.
Ooit was het zonnestel een enorme wolk van gas en stof, de oerwolk.
De aarde bestaat uit dezelfde atoomsoorten als de zon en andere planeten. Het heelal is opgebouwd uit dezelfde bouwstenen als alles hier op aarde. De aarde en ook jij maakt dus een onlosmakelijk deel uit van het universum.
Sterrenbeelden zijn gekomen omdat vroeger mensen lijntjes tussen de sterren gingen trekken.
De zon is ook een ster, maar lijkt groter omdat hij dichterbij staat. Er is een ster die 750 maal zo groot is als de zon.
Een belangrijk kenmerk van een ster is dat hij licht geeft. Dat de sterren zo heet zijn is omdat ze groot zijn en en daardoor de zwaartekracht groot is. Sterren bestaan uit gloeiend hete gassen.
De afstand van de aarde naar de zon is ongeveer 150 miljoen km. Licht heeft snelheid van 300000 km per seconde. Zonlicht heeft 8 min nodig om aarde te bereiken. Afstand die licht in een jaar aflegt heet een lichtjaar. Als je in het heelal kijkt kijk de dus in het verleden.
§ 6.4 beter waarnemen Je ogen worden minder gevoelig als er lange tijd veel licht op valt. Daardoor zie je zwak verlichte voorwerpen minder duidelijk of helemaal niet. Als je vanuit een donkere kamer kijkt passen je ogen zicht aan, je pupillen verwijderen zich. Het kan 20 minuten duren voordat je ogen aan het donker gewend zijn.
Een telescoop vergroot je beeld, door het licht te bundelen met een lens. Tegenwoordig wordt het licht gebundeld door een hol geslepen spiegel.
Ze hebben een fototoestel aan de telescoop gemaakt zodat ze beelden kunnen vast leggen en niet zoals vroeger dat je alles gingen natekenen. Hoe langer de belichtingstijd op een fototoestel hoe meer details je zult zien.
Tegenwoordig wordt alles met de computer gedaan, waarnemingen worden met de computer be-studeerd. Op foto’s kan je niet altijd zien hoeveel licht er bijvoorbeeld is opgevangen en met de computer kan je dat makkelijk berekenen
De vraag naar dingen sneller en nauwkeuriger op te slaan heeft geleid tot de CCD-chip. Charged Coupled Device. Ze worden ook door digitale camera’s gebruikt.
Anw hoofdstuk 10Geocentrisch= de aarde in het midden zien. Voorbij de maansfeer was alles eeuwig en onvergankelijk. In ondermaanse viel alles recht naar beneden, in het hemelse bovenmanse was de natuurlijke beweging een eeuwige cirkelgang. Aarde kon niet om eigen as heen draaien: wij er af vliegen. Geen twijfel tot 16e eeuw.
Heliocentrisch= de zon in het midden, van Copernicus. Volgens geocentrische theorie dwaalde planeten door het helal, van sterrenbeeld, naar sterrenbeeld. Copernicus verklaarde dit door te zeggen dat alles om de zon draait.
Mensen denken dat stand van zon, maan en planeten t.o.v. dierenriem invloed heeft op je leven.
Mars lusbeweging: verklaring: aarde haalt mars in, daardoor lijkt het lusbeweging.
Tegenargumenten: God, sterrenkundigen: dan zouden de afstand tussen sterren meoten veranderen (parallax). Copernicus: helal zo groot parallax te klein om te kunnen meten.
In de 16e eeuw bouwde Tycho Brahe een observatorium en zo konden planeten goed waargenomen worden. Johannes Kepler berekende de banen van de planeten om de zon. Dat waren ellipsbanen, dicht bij de zon bewogej ze sneller, ver van de zon langzamer.
Galileo Galilei: 1609, ontdekte bergen op maan, vlekken op zon, Jupiter 4 manen. 1633 voor kerkelijke rechtbank, hij mocht het niet meer verkondigen.
Newton: een lichaam waar geen krachten op werkt gaat recht vooruit in gelijke snelheid of staat stil (in het heelal). Baan van maan om aarde: recht vooruit en naar de aarde toe als gevolg van de zwaartekracht. Doorbraak van gedachte splitsing tussen bovenwerelds en ondermaanse. Halley verstevigde Newtos theorie door aantonen van baan van komeet.
Onze melkweg is 100 000 lichtjaar groot en ons zonnestelsel ligt 32 000 van het midden. Licht beweegt met 300 000 km per seconde. Er zijn +- 100 miljard sterrenstelsen, die super groot zijn.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.