ff n studiebreak

Annemieke blikt terug op dat dagenlange surfen van vroeger. Tegenwoordig ben je binnen een half uur klaar.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

LISANNEEE (5 havo)

Datum ingestuurd:

20 maart 2007

Taal:

Woorden:

2.750

Bekeken:

2063 keer (24 deze maand)

Waardering:

2.2/5 (16 stemmen)

Deel op:

  • Door Margreet (VWO1) op 23-06-2011
    Oh sorry, ik vergat te zeggen dat ik het zeker weet want ik ben er zelfs geweest.
  • Door Margreet (VWO1) op 23-06-2011
    Ik wil even zeggen dat in Murchison Falls National Park ook olifanten, leeuwen, buffels, verschillende antilopen en krokodillen zijn. Verder erg goed werkstuk!
Uganda

Inhoud:

Hoofdstuk 1 Geschiedenis
Hoofdstuk 2 Bevolking
Hoofdstuk 3 Klimaat
Hoofdstuk 4 Bestaansmiddelen
Hoofdstuk 5 Politiek
Hoofdstuk 6 Bijzondere aspecten
Hoofdstuk 7 Verwachtingen voor de toekomst
Hoofdstuk 8 Havo opdracht

Inleiding

Waarom hebben we het land Uganda gekozen?

Wij hebben Uganda gekozen, omdat het ons een leuk land leek om meer over te weten te komen. Het is ook een Engelse kolonie daarom dus ook Uganda. Maar het meeste omdat een oud juffrouw van onze basisschool er heen is verhuisd. En woont daar nou nog steeds. Voornamelijk nog voor een paar jaar om daar te werken. We weten niet precies waar ze nu werkt maar we denken in het ziekenhuis. Ze heeft alleen verteld voor ze weg ging dat ze arme kindjes ging helpen in het arme land. Dat is eigenlijk de reden dat we dit gekozen hebben. Lisanne die bij de juffrouw in de klas heeft gezeten heeft een heeft ook nog een brief ontvangen. Die konden we niet vinden maar ze schrijft er in dat heel mooi weer is en altijd lekker warm. Het is ook een heel mooi land. Veel mooie dieren die je hier alleen in dierentuinen tegen komt. Dat is heel leuk om te zien schreef ze in de brief.

Hoofdstuk 1

Geschiedenis Uganda:

Over de oorspronkelijke bewoners van Uganda is weinig bekend. In de 18e eeuw waren op het huidige Ugandese grondgebied twee etnische groepen woonachtig; Bantu- volkeren in het zuiden en Nilotische volkeren in het noorden. In het zuiden woonden voornamelijk landbouwers georganiseerd in koninkrijken, waarvan Buganda het belangrijkste rijk was. De Niloten waren voor het merendeel veehouders.

Begin 19e eeuw vestigden zich enkele Arabische handelslieden (slavenhandelaren) in het gebied, aangetrokken door ivoor en slaven. Aan het einde van de 19e eeuw kwam Uganda onder indirect Brits bestuur en gedurende de eerste helft van de 20e eeuw werd een klassieke koloniale economie ontwikkeld, met voornamelijk cash crops (vooral koffie en katoen), aangevuld met gewassen voor lokale consumptie. Doordat de Britten vanaf eind 19e eeuw veel Indiërs naar Oost-Afrika haalden voor de aanleg van het Keniase en Ugandese spoorwegennet, groeide de Aziatische bevolkingsgroep flink. Later zou deze groep veel activiteiten binnen de commerciële en industriële sector in het land beginnen.

In 1962 werd Uganda onafhankelijk van Groot-Brittannië. Uganda zou in de jaren na de onafhankelijkheid 8 regeringswisselingen kennen in 36 jaar, waarvan enkele gepaard gingen met zeer veel geweld. De instabiliteit van het land is door sommigen toegeschreven aan de enorme etnische verscheidenheid die Uganda kent. Andere verklaringen beroepen zich op de grotere (militaire) machtspositie van het noorden.
De eerste regering van het onafhankelijke Uganda werd formeel geleid door president Mutesa (een voormalig koning van het zuidelijke Buganda), maar de uitvoerende macht lag in werkelijkheid bij premier Milton Obote (een Langi uit het noorden). In 1966 nam Obote met behulp van het leger de macht over en benoemde zichzelf tot president. Protesten en geweld in Buganda werden door het leger, onder leiding van generaal Idi Amin, met harde hand onderdrukt. In 1971 volgde een nieuwe militaire coup, nu door Amin. Zijn bewind genoot aanvankelijk de steun van de bevolking en de massale deportatie van Aziaten uit het land werd door vele Afrikanen toegejuicht. De populariteit van Amin nam echter snel af, net als zijn greep op het volk, dat hij probeerde te verdelen door de etnische tegenstellingen te benadrukken. Tijdens het gewelddadige bewind van Amin vielen naar schatting enkele honderdduizenden doden. Door interventie van Tanzania, dat het regime van Amin nooit erkend had, moest Amin het veld ruimen. Hierna volgden twee korte regeerperiodes die geen stabiliteit in het land brachten. Bij verkiezingen in 1980 kwam Obote opnieuw aan de macht als leider van het Uganda National Liberation Front (UNLF). De Uganda Patriotic Movement (UPM), later National Resistance Army (NRA), onder leiding van Yoweri Museveni, koos ervoor als guerrillabeweging te gaan opereren tegen het regime. Er brak weer een periode aan van zeer veel geweldaardigheden en binnenlandse onrusten. Volgens de meeste bronnen werden er door politie en leger zelfs meer slachtoffers gemaakt dan ten tijde van het Amin-bewind, ca. 500.000. Conflicten tussen de verscheidene etnische groepen in het leger leidden uiteindelijk tot het afzetten van Obote in 1985. Onderhandelingen tussen de verschillende partijen onder leiding van de Keniaanse president Moi, leidden tot niets en in januari 1986 greep de NRA de macht. Museveni werd de nieuwe president en vervult nog immers die positie.

Hoofdstuk 2

Bevolking:

Uganda ligt in het hart van Afrika, op de evenaar Een zesde van het land bestaat uit meren, rivieren en moerassen. Het smeltwater uit de bergen is de belangrijkste waterbron voor de rivier de Nijl. Deze rivier verdeelt het land ruwweg in tweeën. Ten zuiden van de Nijl is het klimaat tropisch. Ten noorden ervan is het een stuk droger. Hier is veel open savannegebied.

In Uganda wonen meer dan 40 etnische groepen, die elk hun eigen taal spreken. Het Engels en het Kiswahili worden gebruikt als gemeenschappelijke talen. Uganda heeft een jonge, snelgroeiende bevolking. Bijna de helft van de inwoners is jonger dan 15 jaar.

Uganda behoort tot de twintig armste landen ter wereld. De belangrijkste exportproducten zijn koffie, katoen, thee, tabak en cacao. Deze gewassen leveren op de wereldmarkt echter lage prijzen op. Voedingsgewassen zijn bananen, granen, bonen en pinda's. De meeste Ugandezen leven van kleinschalige landbouw. Zij verbouwen vooral millet, sorghum, cassave en wat fruit. Het grootste deel van de productie is voor eigen gebruik. Meer dan de helft van de Ugandese bevolking kan niet in de dagelijkse levensbehoeften voorzien.

Hoofdstuk 3

Klimaat en Natuurlijke plantengroei:

Algemeen

Uganda ligt in Oost-Afrika aan weerszijden van de evenaar. Uganda wordt geheel ingesloten door de Democratische Republiek Kongo, Kenia, Ruanda, Soedan en Tanzania. De oppervlakte van Uganda is 236.040 vierkante kilometer. Uganda is daarmee ongeveer 7 keer zo groot als Nederland.
De grens met Tanzania loopt gedeeltelijk door het 34.500 km2 grote Victoriameer, dat ongeveer voor de helft van Oeganda is.
Het landschap bestaat voornamelijk uit plateaus en bergen. Het laagste punt is het Albertmeer met 621 meter. Het hoogste punt is Mount Stanley met 5110 meter.

Klimaat
Uganda heeft een tropischklimaat, het ligt immers op de evenaar. Dat wil zeggen dat het ook veel regent in Uganda. Er zij twee droge periodes: van december tot februari en van juni tot augustus. In het Noordoosten van Uganda valt de minste hoeveelheid neerslag, slechts 500 mm per jaar. Aan het Victoriameer valt de meeste neerslag, meer dan 2100 mm per jaar.

Planten en dieren

Planten
De helft van het Oegandese grondgebied is niet ontgonnen of bebouwd. In het zuidelijk deel van het land bestaat intensieve landbouw. In het veel drogere en onvruchtbaardere noorden is er een veel armere vegetatie. In de moerassen rond de meren doet de papyrus het erg goed. Ongeveer 12% van Oeganda's gehele oppervlakte bestaat uit nationale parken en bossen.

Dieren
In Uganda zijn veel olifanten en giraffen hoewel er nog altijd bovengemiddeld gestroopt wordt. De rivieren en meren worden bevolkt met duizenden nijlpaarden. De zeldzame gorilla's leven in het Mufumbiro Vulkaangebergte. Bij Lake Edward komen leeuwen voor die in de bomen leven. Zowel in als buiten de wildparken zijn er wevervogels, kingfishers, buffels, antilopen, Oeganda kops, wrattenzwijnen, visadelaars, gazelles, bushbocks en bavianen.

Hoofdstuk 4

Noodzaak

De speciale aandacht voor vrouwen blijft nodig, omdat:
* Van de 1.1 miljard mensen in de wereld die in armoede leven (inkomen minder dan 1 US $ per dag) is 70 % vrouw;
* slechts 14% van de parlementariërs in de wereld is vrouw;
* 2/3 van alle analfabeten in de wereld is vrouw;
* rond zwangerschap en bevalling sterven jaarlijks meer dan een half miljoen vrouwen door onnodige complicaties;
* minstens een op de drie vrouwen en meisjes is slachtoffer van geweld en seksuele mishandeling;
* meer dan 60 miljoen vrouwen worden vermist ten gevolgen van sekseselectieve abortussen en infanticide van meisjes, met name in Zuid Azië en China;
* in Afrika ontvangen vrouwen minder dan 10% van het totale krediet dat beschikbaar is voor kleine boeren;
* minder dan 10% van de boerinnen in India, Nepal en Thailand bezitten eigen land;
* gemiddeld krijgen vrouwen in ontwikkelingslanden 30 tot 40 % minder betaald dan mannen voor hetzelfde werk.

Hoofdstuk 5

Politiek

Tijdens de kolonie
Uganda is in 1894 onder Brits bewind komen te staan. In 1902 kreeg het land zijn eerste grondwet. De Britten respecteerden de monarchale structuren van de BaGanda, van de BaNjoro, en van de WaSoga, die in het verleden hadden laten zien dat ze een betrouwbaar en efficiënt bestuur hadden. De Britten wilden daarmee de kosten van koloniaal bestuur zo veel mogelijk beperken. Uganda werd geen kolonie zoals Kenya maar een protectoraat. Het recht van de Ugandese chiefs en koningen om belastingen te heffen werd niet aangetast. Wel ging voortaan een deel van de opbrengst naar het Britse bestuur. Ook het heersende stelsel van grondeigendom bleef gehandhaafd. Landonteigening ten bate van blanke kolonisten kwam daardoor in Uganda maar in beperkte mate voor. In 1914 hadden slechts honderdveertig kolonisten de gang naar Uganda gemaakt, terwijl in het buurland Kenya zich op dat moment al bijna twintigduizend kolonisten bevonden. Na verloop van tijd ontstonden er steeds meer wrijvingen tussen het koloniaal bestuur en de Baganda. De Britten begonnen in de jaren twintig met het ontslaan van door hen aangestelde Baganda-chiefs in de gebieden buiten Buganda. Steeds meer werden de Baganda door de andere bevolkingsgroepen gewantrouwd, omdat ze onder één hoedje met de Britten zouden spelen. In Buganda zelf ontstond intussen een nieuwe klasse van jonge, Europees opgeleide Afrikanen. Zij vonden dat de lukiiko, het parlement van de Buganda-koning waarin vooral aderlijke grootgrondbezitters zaten, geen representatieve afspiegeling was van de maatschappelijke verhoudingen in het koninkrijk. Er werden nieuwe verenigingen opgericht, zoals in 1938 de Zonen van Kintu. Deze organisatie beschouwde de oudere chiefs als handlangers van de koloniale overheersers.

In het kielzog van de Zonen van Kintu ontstonden vakbonden en boerenorganisaties. Pas na de Tweede Wereldoorlog kwam er politiek gezien meer vrijheid doordat het Britse bewind toch anders tegen koloniaal bezit aan ging kijken. In de Britse koloniën in Afrika waren politieke partijen, massademonstraties en vrije meningsuiting in kranten toegestaan. In 1946 werden de eerste zwarte Ugandezen toegelaten tot de Wetgevende Raad die Uganda's Britse gouverneur terzijde stond. Na de Tweede Wereldoorlog werd de roep om een aparte onafhankelijkheid van Buganda steeds sterker. Toen ook de kabaka, sir Edward Frederick Mutesa II, zich in 1953 in het openbaar daarvoor uitsprak, grepen de Britten in. De kabaka werd naar het Verenigd Koninkrijk gedeporteerd. De lukiiko weigerde daarop alle samenwerking met de Britten. Verrassenderwijs herstelde de verbanning van Mutesa II ook de nationale eenheid. De andere Ugandese volkeren verklaarden dat ze zich één met de Baganda voelden. De koning, die nooit zo populair was geweest, werd op slag een nationale held. Twee jaar later keerde Mutesa II terug. Er was toen een compromis over de toekomst van Uganda tot stand gekomen. De kabaka werd voortaan de grondwettelijke koning van Buganda, dat als monarchie deel uitmaakte van de democratische staat Uganda. In de jaren vijftig werden ook de eerste politieke partijen opgericht. Vlag van Uganda:

Hoofdstuk 6

Wildparken van Oeganda

Murchison Falls National Park
Dit 3860 km² grote park wordt ook wel Kabalega Falls National Park genoemd. Het ligt op ca. 6 uur rijden van Kampala. In dit park liggen de Murchison watervallen. De Witte Nijl stroomt van oost naar west door het park en heeft wilde watervallen en stroomversnellingen. In het park bevinden zich Rothschild-giraffen, nijlpaarden en diverse soorten vogels.

Kibale Forest National Park
Op 35 kilometer afstand ten zuiden van Fort Portal ligt dit 766 km² grote wildpark bestaand uit een savannelandschap met moerasgebieden, kratermeren en tropische wouden. In het wildpark leven chimpansees, olifanten, buffels, knobbelzwijnen en antilopen.

Ruwenzori Mountains National Park
De besneeuwde bergtoppen van het Ruwenzori-gebergte ("Mountains of the Moon") in het westen van het land voorzien 3% van de bevolking van water met hun smeltwater. Het park beslaat ongeveer een oppervlakte van 1000 km².

Queen Elizabeth National Park
Dit park is het meest wildrijke van Oeganda, er zijn kuddes olifanten, buffels, giraffen, bavianen, zebra's en antilopen. Het park is bijna 2000 km² groot en heeft een savannelandschap met afwisselend moerassen, rivieren, meren en tropisch regenwoud.

Hoofdstuk 7

De veranderingen die noodzakelijk zijn, liggen op de volgende terreinen:
* Verbetering van de levensomstandigheden van vrouwen en de vervulling van basisbehoeften, zoals voedsel, gezondheidszorg en inkomen;
* Toegang van vrouwen tot voor ontwikkeling noodzakelijke hulpmiddelen, zoals kennis (onderwijs), krediet, land en andere natuurlijke hulpbronnen, en arbeid;
* Versterking van het gevoel van eigenwaarde van vrouwen en bewustwording van hun positie in de samenleving;
* Gelijkwaardige deelname van vrouwen aan besluitvormingsprocessen op allerlei niveaus (van gezin tot nationale politiek);
* Zeggenschap van vrouwen over hun eigen lichaam en levenskeuzes (bijvoorbeeld huwelijkspartner, aantal kinderen), gelijkwaardige zeggenschap in de besluitvormingsprocessen die de verdeling van middelen en macht in de samenleving bepalen.

Hoofdstuk 8
History

History of Uganda
The earliest human inhabitants in contemporary Uganda were hunter-gatherers. Remains of these people are today to be found among the pygmies in western Uganda. Between approximately 2000 to 1500 years ago, Bantu speaking populations from central and western Africa migrated and occupied most of the southern parts of the country. The migrants brought with them agriculture, ironworking skills and new ideas of social and political organization, that by the 15th or 16th century resulted in the development of centralized kingdoms, including the kingdoms of Buganda, Bunyoro-Kitara and Ankole. Kingdoms that developed later include Toro and a large fiefdom of clans in Busoga.
Nilotic people, including Luo and Ateker entered the area from the north probably beginning about A.D. 100. They were cattle herders and subsistence farmers who settled mainly the northern and eastern parts of the country. Some Luo invaded the area of Bunyoro and assimilated with the Bantu there, establishing the Babiito dynasty of the current Omukama (ruler) of Bunyoro-Kitara.[3] Luo migration proceeded until the 16th century, with some Luo settling amid Bantu people in Eastern Uganda, and proceeding to the western shores of Lake Victoria in Kenya and Tanzania. The Ateker (Karimojong and Teso) settled in the north-eastern and eastern parts of the country, and some fused with the Luo in the area north of lake Kyoga.

Arab traders moved inland from the Indian Ocean coast of East Africa in the 1830s. They were followed in the 1860s by British explorers searching for the source of the Nile. Protestant missionaries entered the country in 1877, followed by Catholic missionaries in 1879.[4]
The United Kingdom placed the area under the charter of the British East Africa Company in 1888, and ruled it as a protectorate from 1894. As several other territories and chiefdoms were integrated, the final protectorate called Uganda took shape in 1914.

Uganda became an independent nation in 1962, with Edward Mutesa II, the kabaka (king) of Buganda as the ceremonial president, and Milton Obote as executive Prime Minister. By 1966, Obote had overthrown the constitution and declared himself president, ushering in an era of coups and counter-coups which would last until the mid-1980s. 1971 saw Idi Amin take power, ruling the country with the military for the coming decade.
Idi Amin on a ten shilling note
Idi Amin's rule cost an estimated 300,000 Ugandans' lives, and he forcibly removed the entrepreneurial Indian minority from Uganda, decimating the economy. His reign was ended after an invasion by Tanzanian forces aided by Ugandan exiles in 1979. The situation improved little with the return of Obote, who was deposed once more in 1985 by General Tito Okello. Okello ruled for six months until he was overthrown by the National Resistance Army (NRM) operating under the leadership of the current president, Yoweri Museveni.Museveni has been in power since 1986. In the mid to late 1990s, he was lauded by the West as part of a new generation of African leaders. His presidency has been marred, however, by involvement in civil war in the Democratic Republic of Congo (DRC) and other Great Lakes region conflicts. Rebellion in the north continues to perpetuate one of the world's worst humanitarian emergencies.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.