Geschreven door: | anoniem (3 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 26 juni 2005 |
Taal: |  |
Woorden: | 1.600 |
Bekeken: | 6336 keer (9 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Paragraaf 1: Vreemd of Anders?
Culturele Antropologie is de wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van volken en hun culturen. Door het gedrag proberen te begrijpen, verklaren ze de verschillen tussen de culturen. Om dit gedrag echt goed te begrijpen, gaan antropologen voor tijdje bij een bepaald volk wonen. Deze vorm van veldwerk noemen we ook wel participerende of deelnemende observatie.
Vroeger maakten de antropologen onderscheid tussen beschaafde volken en primitieve volken. Deze naam werd gebaseerd op wat de westerse wetenschappes het beste vonden; hun eigen cultuur. Deze indeling gaf dus een waardeoordeel.
Tegenwoordig wordt er gesproken over complexe culturen of minder complexe culturen. Deze naam is gebaseerd op het doen en laten van de culteren: hun kenmerken. Hieraan zou geen waardeoordeel zitten.
1) In complexe culturen maakt men voornamelijk gebruik van bijvoorbeeld machines. In minder complexe culturen gebruikt men daarentegen voornamelijk spierkracht van de mens of dier.
2) In complexe culturen zijn mensen veelal sterk gespecialiseerd in één taak. In minder complexe culturen liggen beroepen niet helemaal vast.
3) In complexe culturen zijn grote organisaties als regeringen en vakbonden belangrijk. In minder complexe culturen spelen kleine gemeenschappen als families of dorpen een grotere rol.
4) In complexe culturen is alles vastgelegd in officiële regels. In minder complexe culturen is niet alles strikt georganiseerd en geregeld.
Paragraaf 2: Een andere wijze van Bestaan?
Mensen hebben zo hun eigen manieren om in leven te blijven. Bijvoorbeeld:
1) Jagers en Verzamelaars: Zij blijven op één plaats zolang er voedsel en water te vinden is. Worden die schaars, dan trekken ze naar een ander gebied. Dit noem je nomadisme.
2) Sedentaire landbouwers: Zij verbouwen een stuk grond gedurende een langere periode. Pas als de grond is uitgeput, zoeken ze een nieuw stuk grond. De bomen worden er gekapt en verbrand. Als er in de buurt van een dorp geen goede grond meer te binden is, wordt het hele dorp verplaatst. Dit noem je ook wel shifting cultivation of brandbouw.
Shifting Cultivation, oftewel brandbouw, is een manier van het verbouwen van de grond. Ook hier heb je verschillende manieren voor:
1) Roofbouw: Een stuk regenwoud heeft meer dan vijftien jaar nodig om te herstellen. Als de grond te snel opnieuw gebruikt wordt, pleeg je roofbouw. Hierdoor raakt de grond sneller uitgeput en heb je er op den duur minder aan. Roofbouw ontstaat doordat buitenlandse bedrijven de regenwouden kappen waardoor er te weinig goede grond overblijft voor de bewoners en zijn gedwongen roofbouw te plegen.
2) Sawabouw: Sawabouw is een specifieke vorm van het verbouwen van je land. Sawabouw is een intensieve vorm van landbouw die alleen voorkomt op vruchtbaar grond. Hierop wordt namelijk kunstmatige terrassen rijst verbouwd.
Voor de Masai uit Oost-Afrika is vee veel meer dan voedsel. Voor hun is dat hun aanzien en bepaalt hun economische, sociale en godsdienstige gebruiken. Deze Samenhang van economische, sociale en godsdienstige gebruiken rond vee noem je Catlle Complex.
Paragraaf 3: Hoe wordt er bij andere volken Samengeleefd?
Elke samenleving bestaat uit groepen mensen. Mensen in groepen kunnen op verschillende manieren met elkaar verbonden zijn:
1) Verwantschap: Mensen zijn aan elkaar verwant omdat ze familie van elkaar zijn. Volken zoals de Aboriginals geloven dat de familiebanden heel ver terug rijkt naar één voorouder. Zo’n groep noem je een clan. Gaat de afstamming naar mannen dan is een clan patrilineair, gaat de afstamming naar vrouwen dan is een clan matrilineair.
2) Huwelijk: Ook via het huwelijk voelen mensen zich verbonden. Huwelijken zijn bij veel volken heel belangrijk. Zo kan je namelijk contact leggen met andere groepen. Soms mogen jongens en meisjes alleen trouwen met mensen uit een andere groep of clan. Ze zijn dan exogaam. In andere gevallen mag er alleen getrouwd worden met iemand uit de eigen clan of uit het eigen dorp. Je noemt dat endogaam. Een voorbeeld van endogame mensen zijn Indiase mensen. Zij mogen alleen trouwen met mensen uit hun eigen kast. Kasten zijn groepen mensen die hetzelfde beroep uitoefenen.
Nog dieper hierop ingaande, als een man met meer vrouwen tegelijk is getrouwd, is er sprake van polygamie. Maar dit komt meestal voor bij rijke mannen. Voor elke vrouwn met er namelijk een bruidsprijs betaald worden. Die bestaat uit geld of goederen die door de familie van de man aan de familie van de vrouw gegeven worden.
Paragraaf 4: Hoe gaan andere volken om met Macht?
Machtsverschillen tussen mensen komen overal op aarde voor. Macht is de mogelijk om een ander iets te laten doen wat jij wilt. Macht is gebaseerd op gezag en autoriteit.
Door de ideeën over hoe een samenleving bestuurd moet worden (ideologie) te tonen aan de samenleven kunnen ze je zonder dwang volgen. Is bevolking het eens met de leider, dan is er geen sprake van verzet.
Er zijn ook samenlevingen waarbij een leider geen rol speelt. Zo’n samenleving noem je een anarchie.
In de samenleving zelf is er natuurlijk ook sprake van machtsverschillen. Standen zijn groepen waarbij de macht is gebaseerd is op de groep waarin je geboren bent. Klassen zijn groepen waarbij de macht is gebaseerd op bezit.
Met macht kan je iemand afhankelijk maken van jou. Een grootgrondbezitter bijvoorbeeld, hij geeft land aan arme boeren in gebruik. Inruil voor wat de landeigenaar geeft, eist hij gehoorzaamheid of arbeid. Zo worden die boeren dus afhankelijk, dit noem je patronage.
Paragraaf 5: Wordt er in andere culturen anders Geloofd?
Alle ideeën over het bovennatuurlijke en alle handelingen die daarmee te maken hebben, noem je religie. Religies zijn grofweg in vier groepen in te delen:
1) Monotheïsme: het geloof in één god.
2) Polytheïsme: het geloof in meerdere goden. Polytheïsten geloven dat ze door een trancedans goden kunnen oproepen.
3) Animisme: het geloof in geesten. Vaak zijn dit zielen van overleden voorouders. Bepaalde volken geloven dat dieren en zelfs voorwerpen zielen hebben.
4) Mengroepen: Voodoo en Winti zijn een mix van verschillende religies.
De kennis en ideeën over goden worden in Mythen bewaard. Mythen gaan over de goden en hun belevenissen en over wat als goed en kwaad wordt beschouwd. De Mythen bertellen ook veel over de cultuur van een volk.
Paragraaf 6: Verandert onze Cultuur?
In Nederland veranderd de cultuur. Dit komt door twee dingen: Door migratie wonen er verschillende etnische groepen in Nederland. Die etnische groepen brengen een andere cultuur mee. Maar ook door subculturen; Mensen die zich anders gedragen dan de doorsnee-Nederlander. Hierdoor krijgen we cultuurveranderingen. Mensen die dit als bedreigend ervaren noem je stereotypen; Mensen die sterk vertekende en erg eenzijdige voorstellingen van mensen hebben die anders zijn. Ze hebben vooroordelen, meningen die niet op feiten berusten.
Wat wel een feit is dat als er één aspect van een cultuur verandert, er vaak ook andere aspecten meeveranderen. Hier maakt de ontwikkelingssamenwerking gebruik van.
Verandert een cultuur zo erg dat er op sociale, economische en geestelijke gebieden de cultuur verandert, dan spreek je van cultuurrevolutie.
Paragraaf 7: In één Oogopslag
De Inuit is een volk dat leeft rond het gebied van Alaska en Groenland. Ze jagen (zeezoogdieren) om hun levens te onderhouden. Samenwerking is essentieel bij een samenleving als die van de Inuit.
Paragraaf 8: Hoe anders zijn Arabieren?
Arbieren zijn een succesvol handelsvolk met een zeer rijke cultuur. Er zijn veel Arabische stammen, ze verschillen onderling veel maar hebben twee dingen gemeen! De Arabische Taal en de Islamitische Godsdienst:
1) De Arabische taal bestaat uit verschillende dialecten. Het Arabische schrift is daarentegen overal gelijk!
2) De Islam is hun godsdienst en aanhangers hiervan noemen wel moslims. Moslims zijn monotheïstisch. Zij geloven in één god, Allah. Hun heilige boek is de Koran. Hierin staan strenge regels over hoe een moslim zich moet gedragen.
Die regels die in de Koran zijn beschreven neemt iedereen anders op. Zo zijn er in de Islam zelf verschillende stromingen ontstaan.
Een van de kleinere en bekendste stromingen is het fundamentalisme. De aanhangers hiervan leggen de regels in de Koran erg streng uit. Ze zijn het niet eens met de niet-islamitische westen en laten dan ook geen westerse ideeën en invloeden toe. Mensen met een andere mening accepteren ze niet, de regering onderdrukt die mensen, vaak met geweld.
Paragraaf 9: Hoe werd Suriname zo Multicultureel?
De Surinaamse bevolking is erg heterogeen, dit betekent ook wel multicultureel:
1) De oorspronkelijke bewoners zijn de indianen. Ze zijn grotendeels zelfvoorzienend en leven voornamelijk buiten de steden.
2) Later (17de eeuw) kwamen de Europeanen naar Suriname. Dit komt omdat ze Nieuw Amsterdam (New York) hadden geruild met Amerika voor Suriname.
3) Er werden Slaven uit Afrika geïmporteerd. Dit kwam doordat de indianen niet geschikt waren om op de plantages te werken. De ontsnapte Slaven uit Afrika vluchtten naar het regenwoud, creëerde daar hun eigen cultuur en werden bosnegers genoemd.
4) De creolen zijn de nakomelingen van de overige slaven. Zij leven vrijwel uitsluitend in de steden. (overheid en industrie).
5) Na de afschaffing van de slavernij in 1863 werden er Hindoestanen geïmporteerd uit India en Pakistan. Zij zijn kleine landbouwers of tussen handelaren.
6) Ook Javanen en Chinezen werden naar Suriname gehaald om het tekort aan arbeidskrachten op de plantages op te lossen. Ze zijn ook kleine landbouwers (in Parimaribo).
Doordat Suriname zo heterogeen is, leven er allemaal culturen door elkaar heen. Eigen taal, eetgewoonten, kleding, godsdienst etc. etc. Suriname is behalve een kleurrijke ook een verdeelde samenleving. Elke bevolkingsgroep heeft bijvoorbeeld zijn eigen politieke partij die opkomt voor de belangen van die groep. Maar ja… veel groepen betekent veel belangen betekent grote verdeeldheid!
Paragraaf 10: Maatschappijleer of Aardrijkskunde?
Veranderingen qua culturen worden door verschillende wetenschappen bijgehouden. Aardrijkskunde onderzoekt de relatie tussen de mens en zijn woongebied. Ook onderzoekt Aardrijkskunde waar en waarom juist daar veranderingen plaats vinden.
Maatschappijleer gaat over ontwikkelingen binnen de samenlevingen. Ook hoe en waarom veranderingen in de samenleving tot stand komen.
Aardrijkskunde en Maatschappijleer hebben veel raakvlakken doordat de verandering in het milieu grote invloed heeft op hun manier van leven. Vaak is een maatschappelijke verandering het gevolg van een aardrijkskundige veranderingen en andersom. Een gecombineerde kijk kan op een probleem heel wat helderheid verschaffen!
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.