Geschreven door: | Lisanne (5 vwo) |
Datum ingestuurd: | 8 juli 2005 |
Taal: |  |
Woorden: | 700 |
Bekeken: | 2353 keer (2 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Wie was Alexander Fleming voor zijn ontdekking?
Alexander werd geboren op 6 augustus 1881 in een boerderij in het plaatsje Lochfield dicht bij Darvel. Hij had een grote familie met veel broertjes en zusjes. Dit kwam omdat zijn vader twee vrouwen had. Nadat zijn eerste vrouw overleed hertrouwde hij met Alexander zijn moeder, Grace Morton.
Alexander groeide op in Lochfield en ging op zijn vijfde naar een kleine school even van huis.
In 1888, toen hij 7 jaar oud was, overleed zijn vader. Vanaf toen moesten zijn oudste broers en zijn moeder het boerenbedrijf leiden.
Toen Alexander ouder werd ging hij twijfelen; zou hij net als zijn broer Hugh op de boerderij blijven werken of net als zijn andere broer Tom gaan studeren? Tom was in 1893 afgestudeerd en werkte in Londen. Eerder had hij John, ook een broer van Alexander, al uitgenodigd om een keertje langs te komen en had voor hem een leercontract geregeld bij een firma die lenzen maakte. Toen Alexander door hem werd uitgenodigd ging ook hij op weg naar Londen en studeerde aan de polytechnische school waar iedereen die maar wilde studeren aan de slag kon.
Op 16 jarige leeftijd was Alexander afgestudeerd. Omdat hij nog geen idee had wat hij wilde gaan doen ging hij als klerk in een expeditiekantoor van de America line werken. Dit heeft hij vier jaar vol gehouden, maar is gestopt omdat hij het niet interessant genoeg vond.
In 1901 overleed zijn oom die een grote erfenis aan de familie Fleming na liet. Met dit geld bedrag dat Alexander had geërfd besloot hij de studie geneeskunde te gaan doen zodat hij arts kon worden. Omdat hij niet de juiste diploma’s had om deze studie te gaan volgen heeft Alexander bijscholing gedaan zodat hij in 1901 aan zijn echte studie kon beginnen.
Toen hij vijfentwintig was en geslaagd was voor zijn geneeskunde studie, koos hij ervoor om door te leren voor chirurg waarvoor hij nog drie jaar later zijn andere diploma’s voor haalde. In tussentijd was Alexander aan de slag gekomen in een ziekenhuis waar hij werkte voor de ontdekker van nieuwe antistoffen tegen ziekteverwekkende microben, Almroth Wright. Ze waren hier dan ook druk bezig met het onderzoek naar het immuunsysteem, vaccins, en een antiseptica (desinfecterende middelen).
Dit baantje was bedoeld als een bijbaantje zodat hij zijn studie kon financieren, maar toch bleef Alex behoorlijk lang plakken. Hij heeft hier een nieuwe en betere behandelmethode ontwikkeld voor syfilis waardoor hij enigszins bekend werd, maar grote belangstelling was er nog niet.
In 1914, toen de eerste wereldoorlog begon, vertrokken Alexander, Wright en een paar andere bacteriologen naar een Frans ziekenhuis. Ze kregen te maken met rijen van gewonde soldaten en vele soorten bacteriën die zich hadden ‘verzameld’ in open wonden. In het nog altijd doorlopende onderzoek naar het immuunsysteem en het antiseptica, dit was toen nog carbolzuur, kwam men er achter dat de fagocyten (witte bloedcellen) zeer belangrijk waren voor de afweer. Ook kwamen ze er achter dat het carbolzuur meer fagocyten dood maakte dan de bacteriën. Toen vlak voor het eind van de eerste wereld oorlog een zware griepepidemie uitbrak was er nog steeds geen antiseptica dat geen lichaamsweefsel of fagocyten doodde. Hierdoor stierven duizenden mensen aan de griep.
Tegen de tijd dat de oorlog op zijn eind liep, gingen de bacteriologen terug naar Engeland. Alexander was ondertussen stiekem in een van zijn verlofperiodes getrouwd met Sally McElroy. Dit had niemand van hem verwacht omdat ze een groot verschil maakten. Sally was altijd vrolijk en lachte veel, Alexander was juist stil en luisterde meer. Volgens vele heeft juist dat verschil ze samen gebracht. Later kochten ze een groot landhuis en kregen in 1924 een zoon, Robert.
Nog altijd ging het onderzoek dat Alexander Fleming als jaren bezig had gehouden verder, en hij ontdekte een natuurlijke antisepticum van het lichaam; de eerste inwendige verdedigingslijn. Als bacteriën hier voorbij kwamen begonnen de fagocyten te werken. De nieuwe stof noemde hij lysozyme.
Toen hij jaren later een kweek van enkele stafylokokken (bacteriën) en een schimmel met lysozyme eens nader bekeek, kwam hij er achter dat de schimmel deze meest voorkomende en gevaarlijke bacterie had aangevallen. Bij nader onderzoek bleek zelfs dat deze bacteriesappen geen schade aanbrachten op het lichaamsweefsel en zelfs de fagocyten bleven leven. De basis van penicilline was geboren.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.