Geschreven door: | Frans (5 havo) |
Datum ingestuurd: | 23 februari 2005 |
Taal: |  |
Woorden: | 4.900 |
Bekeken: | 19748 keer (78 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
De concurrentiepositie van dRotterdamse haven.
Inhoud.
Volledig opdrachtoverzicht.
Inleiding.
Deelvraag 1 - Hoe staan de havens van Antwerpen en Hamburg hier tegenover afgeleid van de afgelopen 3 jaren?
Deelvraag 2 - Wat doet de Rotterdamse haven om de concurrentiepositie te behouden, of mogelijk te verbeteren?
Deelvraag 3 - Wat is de mogelijke ontwikkeling voor de distributie, werkgelegenheid, toegevoegde waarde, industrie tot 2020?
Deelvraag 4 - Hoe zal de concurrentiepositie van de Rotterdamse haven er mogelijk in de toekomst uitzien?
Conclusie.
Bronnenlijst en Begrippenlijst.
Hoofdvraag Hoe is het gesteld met de concurrentiepositie van de Rotterdamse haven?
Deelvragen - Hoe staan de havens van Antwerpen en Hamburg hier tegenover afgeleid van de afgelopen 3 jaren?
- Wat doet de Rotterdamse haven om de concurrentiepositie te behouden, of mogelijk te verbeteren?
- Wat is de mogelijke ontwikkeling voor de distributie, werkgelegenheid, toegevoegde waarde, industrie tot 2020?
- Hoe zal de concurrentiepositie van de Rotterdamse haven er mogelijk in de toekomst uitzien?
hypothesen De overslag zal toegenomen zijn evenals de distributie. Doordat de overslag en distributie toegenomen zijn zal de industrie dus ook toenemen. Alles is toegenomen en daardoor wil de haven ook weer uitbreiden en is er dus meer ruimte nodig, zo ontstaat er ook meer werkgelegenheid in de haven. Door dit alles zal uiteraard het verkeer en transport ook toenemen. De Rotterdamse haven is op dit moment nog steeds de grootste haven van de wereld en naar mijn mening zal dit over 16 jaar nog steeds zo zijn. De concurrentie zal wel toegenomen zijn.
Werkwijze en methode Ik ga informatie opvragen zodat ik veel informatie uit de brochures kan halen. Via de website
www.portofRotterdam.nl kan ik ook veel informatie verkrijgen. Ik ga zoeken naar de antwoorden op de vragen.
Informatiebronnen
en hulpmiddelen Sites va havens over de hele wereld,met name die van Rotterdam. Brochures en alle nodige informatie die over dit onderwerp gaan.
presentatievorm Schriftelijk verslag.
Inleiding.
Motivatie onderwerpkeuze
Het was niet gemakkelijk om dit onderwerp te kiezen voor dit vak omdat ik niet zeker was of ik het wel goed uit kon werken. Na overleg bleek dat het toch wel goed te doen is. Doordat ik wel geïnteresseerd ben in de R’damse haven en toevallig een boek van de Rotterdamse haven tegenkwam heb ik daar dit onderwerp bij bedacht. In eerste instantie wilde ik het over globalisering houden maar over de Rotterdamse haven bleek wat meer informatie te vinden. Vandaar deze onderwerpkeuze.
De hoofdvraag luid als volgt: Hoe is het gesteld met de concurrentiepositie van de Rotterdamse haven ten opzicht van West- Europese havens? Ik ga proberen in dit werkstuk een duidelijk antwoord te geven op deze vraag met behulp van enkele deelvragen. De deelvragen heb ik zoveel mogelijk geprobeerd uit te werken zodat alles zo goed mogelijk duidelijk wordt. Ik heb de havens van Antwerpen en Hamburg gebruikt omdat deze de meest grote havens zijn die het meest nabij de Rotterdamse haven liggen en waarvan Rotterdam wat betreft heel Europa hier de meeste hinder van kan ondervinden.
Ik heb veel informatie weten te krijgen door veel internetsites te bezoeken. Ik heb geprobeerd een mevrouw te interviewen. Wij vonden het erg jammer dat mevrouw niet veel antwoord heeft gegeven op onze vragen. Wij hebben ook een begrippenlijst bijgevoegd omdat niet alle begrippen even goed te begrijpen zijn wanneer je (vrijwel) onbekend bent op dit gebied.
Thuis heb ik veel gewerkt wat ook erg goed ging. Uit boeken heb ik niet veel informatie kunnen halen omdat er niet zo veel erg recente boeken zijn over de Rotterdamse haven. Ik heb geprobeerd ook nog informatie te verkrijgen door een medewerkster te interviewen van port of Rotterdam maar dit is helaas niet helemaal geslaagd zoals al eerder is aangegeven.
Deelvraag: Hoe staan de havens van Antwerpen en Hamburg hier tegenover afgeleid van de afgelopen 3 jaren?
Inleiding
Alhoewel Rotterdam nog steeds de grootste haven ter wereld is, zag de haven de afgelopen jaren zijn rol langzaam verminderen ten gunste van kleinere havens zoals Antwerpen en Hamburg die een positieve ontwikkeling doormaken. Hamburg en Antwerpen zijn belangrijkste concurrerende havens van Rotterdam in Europa.
Rotterdamse bedrijven in de haven beklagen zich al jaren over de verslechterende concurrentiepositie van de Rotterdamse haven ten opzichte van de andere Europese havens. Rotterdam is een relatief dure haven en de douanecontroles zijn er strenger dan in de omliggende landen.
Kort geleden besloot het GHR de havengelden voor komend jaar niet te verhogen, maar Rotterdam blijft duurder door de forse verhogingen van de afgelopen jaren. De rederijen kunnen vrij gemakkelijk uitwijken naar havens in Duitsland of naar Antwerpen. Vooral deze Belgische haven profiteert van het Rotterdamse ladingverlies.
Maar toch als er naar goederen overslag in het algemeen zou gekeken worden ten opzichte van de laatste drie jaren, zou de Rotterdamse haven veruit als de beste uit de bus komen.(zie onder)
Goederenoverslag 2000, 2001, 2002
GOEDERENOVERSLAG (eenheid:gewicht* 1 miljoen tonnen)
2000 2001 2002
ROTTERDAM 322,4 314,7 322,1
ANTWERPEN 130,5 130,0 131,6
HAMBURG 85,1 92,4 97,6
De goederenoverslag is opgedeeld in stukgoederen en massagoederen. Stukgoederen zijn voornamelijk de containers en de roll on/roll of. Massa goederen zijn opgedeeld in nat (ruwe aardolie) en droogmassagoed (Kolen, ertsen en schoot).
Stukgoederen 2001, 2002
TOTAAL STUKGOED (eenheid:gewicht* 1 miljoen tonnen)
2000 2001 2002
ROTTERDAM 83,9 79,3 82,7
ANTWERPEN 68,7 68,3 73,3
HAMBURG 48,7 53,2 60,1
Massagoederen 2001, 2002
TOTAAL MASSAGOED (eenheid:gewicht* 1 miljoen tonnen)
2000 2001 2002
ROTTERDAM 238,5 235,4 239,3
ANTWERPEN 61,8 61,7 58,3
HAMBURG 36,4 39,2 37,5
Rotterdam is vooral een haven die veel massagoederen doorvoert. En daar is een groot nadeel aan verbonden want, de containeroverslag is de meest prestigieuze overslag in de havens. Goederenstromen zoals olie bijvoorbeeld zijn veel groter dan de containerstromen, maar de concurrentiestrijd tussen de havens richt zich vrijwel uitsluitend op de containeroverslag.
Het container overslag bedrijf ECT melde recent dat de containeroverslag in de Rotterdamse haven de afgelopen jaren nog meer is afgenomen, procentueel gezien. Waarbij de concurrerende haven Hamburg en Antwerpen de tweede en derde containerhaven van Europa juist vooruitgang boeken.
Uit onderstaand diagram en tabel is de toename van de containeroverslag (uitgedrukt in Teu’s) af te lezen, van de havens Rotterdam, Antwerpen en Hamburg.
Container overslag in teu 2000, 2001, 2002
CONTAINEROVERSLAG (eenheid: aantal 1000 TEU’s)
2000 2001 2002
ROTTERDAM 6274 6096 6515
ANTWERPEN 4082 4218 4777
HAMBURG 4248 4689 5374
De procentuele toename van de containeroverslag is hieronder weergegeven, daarbij is uitgegaan van de periode 1995 tot en met 2002.
Antwerpen komt daarin als sterkste naar voren en dan Hamburg en als laatste Rotterdam met een groot procentueel verschil in toename.
Groei containeroverslag basis: 1995
GROEI CONTAINEROVERSLAG (in teu’s en procenten)
1995 2002 Procentuele toename
ROTTERDAM 4787 6515 4,5
ANTWERPEN 2329 4777 10,8
HAMBURG 2890 5374 9,3
Indexcijfers betreft containeroverslag
INDEXCIJFERS (met 1995=100 procent)
1995 2001 2002
ROTTERDAM 100 127,3 136.1
ANTWERPEN 100 181,1 205,1
HAMBURG 100 162,2 185,9
De Rotterdamse haven is de grootste haven ook gezien vanuit het onderlinge marktaandeel(zie onder), maar ze heeft gezien het aandeel wat ze in 2000 had behoorlijk in moeten leveren en dat is in een tijdsbestek van drie jaar, dat is niet gering. Ook hier is weer duidelijk waar te nemen dat de havens naar elkaar toe kruipen.
Marktaandeel in procenten 2000, 2001, 2002
MARKTAANDEEL ONDERLING (in procenten)
2000 2001 2002
ROTTERDAM 43,0 40,6 39.1
ANTWERPEN 28,0 28.1 28.7
HAMBURG 29.1 31.3 32.2
Deelvraag: wat zijn de concurrentievoordelen van de Rotterdamse haven?
Inleiding:
Met deze deelvraag wil ik aantonen wat allemaal belangrijke aspecten zijn voor de concurrentiepositie en waar die door worden bepaald. We hebben verschillende aspecten uitgewerkt die van invloed zijn op het doorvoeren van goederen naar het achterland. Deze doorvoer naar het achterland is namelijk een zeer goede dienst van de Rotterdamse haven en is van enorm belang dat dit zo goed in stand zal worden gehouden en mogelijk te verbeteren.
Concurrentievoordelen.
Met de Europese eenwording en het wegvallen van interne douane en andere obstakels, nemen de schaalvoordelen in alle bedrijfstakken toe. Voor wat betreft logistiek worden steeds vaker grotere schepen gebruikt, die slechts in een klein aantal Europese havens kunnen afmeren. Europese distributie vindt plaats vanaf grote centrale distributiecentra, die vlakbij deze grote havens gelegen zijn.
Rotterdam profiteert sterk van deze ontwikkeling. De haven is goed toegankelijk dankzij haar diepe (23 meter) waterwegen, afwezigheid van sluizen, uitstekende faciliteiten en infrastructuur. Het grote aantal beschikbare diensten en de enorme hoeveelheden overgeslagen vracht verzekeren een zeer goede marktsituatie waarin kosten ten optimale benut worden.
Dit alles maakt de Mainport Rotterdam het ideale punt om de Europese markt te benaderen. Honderden miljoenen consumenten en tienduizenden bedrijven worden momenteel bediend vanuit Rotterdam.
Binnenvaart
Binnenvaart is een betrouwbare en kostenefficiënte transportmodaliteit. Een groot netwerk van rivieren en waterwegen verbindt Rotterdam met bestemmingen in Europa. Vervoertijden variëren van minder dan 1 dag tot 3 dagen naar Duitsland, België en Zwitserland. De binnenvaart kan bijna alles vervoeren: bulkgoederen (ertsen, kolen en graan), olie, chemicaliën, vervoersmiddelen en containers.
De Rotterdamse haven is gelegen aan of dicht bij de Rijn, Maas en Schelde. Deze rivieren vormen de snelwegen binnen een netwerk van rivieren en kanalen dat zich uitstrekt tot diep in Europa. Sinds de opening van het Rhine-Main-Danube kanaal kunnen binnenvaartschepen het continent doorkruisen. Rotterdam is nu de tweede haven voor import en export van en naar Oostenrijk (1000 kilometer) en Hongarije en Roemenië bieden nieuwe kansen. Speciale terminals op goede liggingen maken alle vormen van intermodaal transport mogelijk.
Het containertransport per binnenvaart vanuit Rotterdam gaat naar heel Europa. Deze transportdiensten zijn een onderscheidend kenmerk van de haven. Betrouwbaar, efficiënt, milieuvriendelijk en met dagelijkse afvaarten met een capaciteit tot 500 containers per schip. De goedkoopste route naar veel bestemmingen op het hele continent.
Een dicht netwerk van ongeveer 50 binnenlandse terminals liggen langs alle Europese waterwegen. Zij zijn bestemd voor bruikbare containeroverslag, en bieden veilige opslag mogelijkheden in de buurt van de bestemming, en snel en probleemloos transport naar afnemers in een gebied van ongeveer 150 kilometer. Veel binnenlandse terminals in Duitsland en Zwitserland bieden ook voorwaartse transportfaciliteiten per spoor naar Centraal en Oost-Europa en Italië.
Pijpleidingen
Het Rotterdamse pijpleidingennetwerk strekt zich uit van de zeeterminals en de Rotterdamse olie- en (petro) chemische ondernemingen tot plaatsen ver in het Europese achterland. Het systeem bevat leidingen voor het transport van verschillende producten. Momenteel verwerkt het netwerk ongeveer 50 miljoen ton olie en chemische producten per jaar.
Pijpleidingtransport is van groot belang voor het Rotterdams olie- en chemicaliën cluster, zowel binnen Rotterdam als van en naar het achterland. Het wordt over het algemeen gebruikt voor transport van vast punt naar vast punt op grote schaal.
Rotterdam vervult twee functies voor de olie- en chemische-industrie: als een industriële locatie en als doorvoerlocatie voor producten. In haar eerste rol, beschikt Rotterdam over de pijpleidingen binnen het chemische cluster om de verschillende bedrijven te verbinden: tank terminals voor ruwe olie, olieproducten en chemicaliën, raffinaderijen en chemische en nutsbedrijven. Pijpleidingen hebben een positief effect op de kwaliteit van het cluster. Binnen Rotterdam ligt bijna 1400 kilometer pijpleiding, speciaal voor deze producten.
De rol van Rotterdam als overslaghaven wordt weerspiegeld in pijpleidingverbindingen met de chemische vestigingen in het achterland. Zowel de raffinaderijen in Antwerpen als een aantal in Duitsland ontvangen hun ruwe olie door pijpleidingen die starten in Rotterdam. Ook grote hoeveelheden olieproducten worden getransporteerd binnen Nederland of naar chemische bedrijven in Duitsland.
Op dit moment wordt Rotterdam verbonden met het bestaande pijpleidingnetwerk voor ethyleen. Dit netwerk verbindt Rotterdam met Antwerpen, het Belgische Kempen, Limburg en verschillende plaatsen in Duitsland. Dit geeft een grote zekerheid voor bedrijven wat betreft aanvoer van deze belangrijke chemische grondstof. Er bestaan ook plannen om verschillende propyleen pijpleidingen te verbinden om een gelijksoortig netwerk te creëren als voor ethyleen.
Spoor
Railtransport biedt snel en betrouwbaar transport, voornamelijk over lange afstanden. Handelsroutes voor zowel maritieme als continentale goederen verbinden alle belangrijke Europese markten met Rotterdam, en zeker de verdere weg gelegen markten die niet bereikt kunnen worden door de binnenvaart.
Het spoor biedt een efficiënt en milieuvriendelijk transport door het hele Europese continent. De Rotterdamse haven heeft uitstekende spoorverbindingen, 24 uur per dag, met de meeste belangrijke industriegebieden in Europa. Er zal binnenkort een speciale goederenspoorlijn beschikbaar zijn voor de haven - 'De Betuweroute' - naar Duitsland(HSL).
Voor containers worden speciale shuttle treinen ingezet in regelmatige diensten tussen Rotterdam en een snelgroeiende lijst van bestemmingen binnen Europa.
Voor snel en veilig transport van chemicaliën heeft de haven twee speciale Rail Chemical Centers. Treinen zijn een veilig, kostenefficiënt en milieuvriendelijk alternatief, ook met betrekking tot chemicaliën. Spoor is ook een belangrijk middel als het gaat om snel en efficiënt transporteren van bulkgoederen, zoals ijzererts en kolen, ongeacht de hoeveelheid. Auto's, koel- vriestransport, zwaartransport, speciaaltransport: bijna alles is mogelijk per spoor vanuit Rotterdam.
Weg
Rotterdam heeft een directe toegang tot het uitgebreide en efficiënte Europese wegennetwerk, dat alle grote landen van het Verenigd Koninkrijk tot Hongarije en van Scandinavië tot Italië overspant. Ongeveer 40% van al het internationale Europese wegtransport wordt uitgevoerd door Nederlandse transporteurs. Zij bieden deur-tot-deur diensten tegen concurrerende prijzen. Vervoerstijden zijn kort, variërend van 8 uur naar bijvoorbeeld Frankfurt tot 48 uur voor bestemmingen zoals Moskou, Rome en Stockholm.
De haven heeft een perfecte verbinding met het uitgebreide Europese wegennet. Vrachtwagens bieden transport op maat voor iedere soort vracht. Als snelheid en flexibiliteit de hoogst gestelde eisen zijn, is de vrachtwagen de beste keuze.
In de Rotterdamse haven arriveren en vertrekken iedere dag duizenden trucks van en naar bestemmingen in het hart van Europa. Bulkgoederen, geconditioneerd transport, chemicaliën en containers. Veilig, zonder vertraging en tegen een concurrerende prijs. Verbindingen met het Europese wegennet zijn uitstekend.
Shortsea en Feeder diensten
Een groot aantal gewone shortsea en feeder diensten verbindt Rotterdam met meer dan 200 havens in Europa en verder. Veel bestemmingen worden dagelijks bediend. Sommige kunnen worden bereikt in minder dan 24 uur.
Een groot aantal feeder- en shortseadiensten vertrekken iedere dag uit de belangrijkste haven van Europa. Naast die naar Engeland, Ierland en Scandinavië, voert Rotterdam ook regelmatige diensten naar landen waaronder Spanje, Griekenland, Italië, de Baltische Staten en havens in Noord-Afrika.
Shortsea- en feederdiensten vormen een uitstekend alternatief - of aanvulling - voor transport over land naar bestemmingen diep in het hart van Europa en verder. Feederdiensten zijn verbonden met intercontinentaal containertransport door grote schepen tussen Rotterdam en bestemmingen in de USA, het verre oosten, Zuid-Amerika en Afrika. De Mainport Rotterdam is de hub voor het feedertransport in kleinere schepen van en naar talloze havens in Europa. Shortsea is geconcentreerd op vervoer over zee tussen Europese havens en die van naburige continenten.
Wat kan men verwachten wat betreffende de goederenstromen naar 2020?
Het Goederenstromenmodel 7 geeft schattingen voor de ontwikkeling van goederentransport in de Rotterdamse haven voor de jaren 2010 en 2020.
In beide staafdiagrammen neemt het totale vervoer van droge bulk (agribulk, ijzererts, schroot, kolen en overige droge bulk), vloeibare bulk (ruwe olie, olieproducten, vloeibare gassen en overige vloeibare bulk) en stukgoed (containers, roll on/roll off ladingen en overig stukgoed) in meer of mindere mate toe tot 2020.
Door de gunstige trends in het vervoer van stukgoed zal Rotterdam in 2020 veranderd zijn van een oliehaven in een containerhaven, met name in het Global Competition scenario.
• Droge bulk goederen
• Vloeibare bulkgoederen
• Containers
• Roll on / Roll off
• Overig stukgoed
Wat is de mogelijke ontwikkeling voor de distributie naar 2020 van de Rotterdamse haven?
“Verkenningen 2020” geeft een beeld van de mogelijke ontwikkeling van distributie activiteiten die direct betrekking hebben op het maritieme vervoer van containers in het Rotterdams haven- en industriegebied tot 2020. Deze activiteiten zijn op het moment vooral geconcentreerd in de drie Distriparken en het industriegebied Waalhaven-Zuid. Ook zijn de toekomstige veranderingen in de empty depot sector.
* Ontwikkeling van distributie
* Empty depots
Wat kan men verwachten voor de werkgelegenheid en de toegevoegde waarde naar 2020?
Zowel werkgelegenheid als toegevoegde waarde zijn opgebouwd uit een direct en een indirect havengerelateerd element. Het direct havengerelateerde element van werkgelegenheid en toegevoegde waarde verwijst naar het fysieke en/of organisatorische verwerken van goederenstromen en de havenindustrie. Het indirecte element verwijst naar de activiteiten die niet automatisch voortkomen uit de diensten die beschikbaar zijn in het havencomplex, maar waarvoor de aanwezigheid van de haven een essentiële voorwaarde is. Waar de directe effecten alleen regionaal zijn, zijn de indirecte effecten ook buiten het gebied merkbaar. Het Rotterdams haven- en industriecomplex en de indirect gerelateerde sectoren vormen samen het totale Rotterdamse havencluster.
Eind 1995 werkten er ongeveer 315.000 mensen in het Rotterdamse havencluster, waarvan ongeveer 63.000 direct en 252.000 indirect. Het samengestelde cijfer is ongeveer 5,4% van de totale Nederlandse werkgelegenheid. De totale toegevoegde waarde in dat jaar was 38,6 miljard gulden, ofwel 6,8% van het Nederlandse bruto binnenlands product. Ongeveer 12,2 miljard van de totale toegevoegde waarde was direct in het haven- en industriecomplex gegenereerd, en 26,4 miljard indirect. Dit houdt geen rekening met uitgaven aan goederen en diensten afkomstig uit inkomens verdiend in het havencluster.
• werkgelegenheid
• toegevoegde waarde
• Het havencluster's sociaal-economisch belang
• het consumptie effect
Wat is de mogelijke ontwikkeling voor industrie naar 2020, van de Rotterdamse haven?
Industrie is één van de pilaren van de haveneconomie.
In 1995 was 43% van de bruto toegevoegde waarde tegen factorkosten van het gehele Rotterdamse zeehaven complex afkomstig van de havenindustrie. De voornaamste industriebranches die van belang zijn , of mogelijk van belang kunen zijn voor de Rijnmond regio, zijn raffinage, chemie, scheepsreparatie en offshore, electriciteitsproductie, voeding en recycling.
In het Global Competition scenario zijn de meest veelbelovende industriën de basis-chemie (homogene bulkgoederen), fijnchemie (verschillende en specifieke halffabrikaten en eindproducten), scheepsbouw (specifieke nieuwe schepen en offshore) en recycling. In het Divided Europe scenario, de relatief meest veelbelovende sectoren zijn ook basischemie en fijnchemie. Maar hier is de groei zwakker dan in het Global Competition scenario.
Door de gunstige ontwikkelingen in de chemische sector, zal haar aandeel binnen de Rotterdamse havenindustrie blijven stijgen tot 2020. Het aandeel van de olieraffinage zal overeenkomstig dalen.
• raffinage
• chemie
• scheepsbouw en –reparatie en offshore
• electriciteitsproductie
• voedingsmiddelen
• recycling
Wat zijn de mogelijke ontwikkelingen voor de ruimtelijke ordening, verkeer en transport?
De concurrentiekracht van het Rotterdams haven- en industrie complex hangt voor een groot deel af van de kwaliteit van de zee- en achterlandverbindingen. Daarom moeten het verkeer en de goederenstromen (deepsea, binnen- en kustvaart, railtransport, wegtransport en pijpleidingen) worden vastgesteld tot het jaar 2020 voor beide scenario’s. Bovendien geeft de ‘modal split’ inzicht in de verdeling over de verschillende transportmodaliteiten.
Ruimte, of land, is een moeilijk oplosbare factor in het economisch ontwikkelingsproces. "Verkenningen 2020" rekent de potentiële groei in goederenverkeer, industrie en distributie in de beide scenario's om in de benodigde ruimte. Door de ontwikkelingen in de vraag naar en het aanbod van ruimte te vergelijken kunnen de vereisten voor ruimte in het Rotterdams haven- en industriecomplex tot 2010 en 2020 worden vastgesteld.
Havenplan 2020
Rotterdam wil dus zijn positie als mainport versterken en kijkt in de toekomst. Er zijn verschillende zaken waarnaar gekeken word om dit te bereiken:
- Reageren op ontwikkelingen op de wereldmarkt.
- Kwaliteit van de dienstverlening, kennis en de kracht van de haven uit te bouwen.
- Bereikbaarheid en woon- en leefklimaat op peil te houden.
De haven is nooit af. Als Rotterdam zijn positie wil handhaven moet het in de toekomst kijken. Dat heeft Rotterdam dan ook gedaan. De komende vijftien jaar zal de haven van Rotterdam verder groeien. Er zullen meer goederen afgehandeld worden. Verder wordt er verwacht dat er meer bedrijven zijn die zich in de haven willen vestigen en er komt meer vraag naar gespecialiseerde kennis en dienstverlening. Deze ontwikkelingen zijn goed voor Nederland en goed voor Rotterdam. Als de haven moet groeien vraagt dat om keuzes. De keuze voor een haven die de ruimte heeft en uitstekend bereikbaar is. De keuze voor een stille, schone en veilige haven, waar mensen graag bij in de buurt wonen.
Plaatje van Havenplan 2010 waarin veel plannen inmiddels gerealiseerd zijn.
Het Havenplan 2020 is het beleidsplan van de Gemeente. Het geeft aan hoe het haven- en industriecomplex zich verder moet ontwikkelen. Daarbij wil de Gemeente goede afweging maken tussen economische ontwikkeling, ruimtelijke ordening en kwaliteit van de leefomgeving.
Zowel de gemeente Rotterdam als het Rijk heeft als doel gesteld het Rotterdamse haven- en industriegebied als mainport te versterken en de kwaliteit van het woon- en leefklimaat te verbeteren.
Tussen nu en 2020 zal de hoeveelheid goederen die de Rotterdamse haven te verwerken krijgt met ongeveer 40 procent groeien tot 460 miljoen ton per jaar. Vooral de aan- en afvoer van containers zal stijgen. In de toekomst zal niet alleen de omvang maar ook de aard van de goederenstromen zal veranderen. Verder zal ook de bedrijvigheid in de haven veranderen. Oost-Europa wordt als herkomst en bestemming van goederen veel belangrijker. Productie en opslag van energiebronnen die het milieu minder belasten zullen groeien. Ook zullen bedrijven intensiever gaan samenwerken voor een verbetering van het milieu. Verder zal de omgeving en de wetgever nog meer verlangen naar betere omstandigheden voor de veiligheid, milieu en de leefomstandigheden.
Bedreigingen: Concurrentie en belangen
Rotterdam wil graag meeprofiteren van de nieuwe goederenstromen en nieuwe vormen van bedrijvigheid die Nederland en Europa in de komende periode te wachten staan. Maar andere West-Europese havens willen dat ook en investeren veel om lading en bedrijven naar zich toe te halen. Inspelen op kansen in de toekomst is alleen niet zo gemakkelijk. Groei van de haven, kan bijvoorbeeld ook meer hinder en risico's voor de omgeving betekenen, terwijl de gemeente die juist wil verminderen. Ook wil de gemeente niet zomaar meer bedrijvigheid in de haven, maar vooral werkgelegenheid die goed past bij een veelzijdig opleidingsniveau, in een omgeving waar je graag wilt wonen en werken.
Kansen
Groei van goederenstromen en de opkomst van nieuwe economieën en bedrijvigheid in Europa, bieden kansen voor de haven van Rotterdam. Kansen om de internationale concurrentiepositie verder te verstevigen. Kansen om naast transport ook andere activiteiten aan te trekken. Kansen om haven, wonen, natuur en recreatie nog beter dan nu te combineren. De gemeente ziet het verhogen van kwaliteit als de beste manier om deze kansen te benutten. Kwaliteit in het afhandelen van goederen, kwaliteit als vestigingsplaats voor (nieuwe) industrie en dienstverlening en kwaliteit als buurman van ruim één miljoen inwoners van het Rijnmondgebied.
Voldoende ruimte
De kwaliteit waar de gemeente het over heeft, betekent in de eerste plaats een haven die voldoende ruimte heeft. In de komende periode wordt de haven daarom uitgebreid met de Tweede Maasvlakte, een nieuw havengebied in zee. Bedrijven die dichtbij de stad veel hinder veroorzaken of daar met de groei van de zeescheepvaart niet meer uit de voeten kunnen, hebben de mogelijkheid om naar het westen op te schuiven. In de havengebieden in de stad, de Waalhaven, Eemhaven, Merwehaven en Vierhavens, ontstaat zo (milieu)ruimte voor kleinere bedrijven, specialistische dienstverleners en wonen bij het water.
Uitstekende voorzieningen
Kwaliteit betekent ook goede voorzieningen in het havengebied voor bedrijven die zo verantwoord mogelijk willen werken. Installaties voor het produceren van stoom en energie bijvoorbeeld, of de mogelijkheid om warmte die vrijkomt bij de productie te gebruiken voor stadsverwarming. Een kwaliteitshaven heeft ook uitstekende voorzieningen voor de aan- en afvoer van goederen, zoals distributieparken waar binnenvaart, trein, pijpleidingen en wegtransport samenkomen en vervoer tot ver in het achterland zo goed mogelijk geregeld kan worden. Een kwaliteitshaven is ook een aanwinst voor de werkgelegenheid in de regio. Een kwaliteitshaven organiseert transport in een Europees netwerk van havens, bedrijventerreinen, distributiecentra en overslagterminals, en levert alle dienstverlening die daarbij hoort. Zo'n haven biedt kansen voor goed opgeleide deskundigen. Ook de bestaande en nieuwe industrieën die bij een kwaliteitshaven passen, vragen veel kennis. De economie zal daarvan profiteren.
Zes streefbeelden
Wat de keuze voor een kwaliteitshaven betekent en wat er moet gebeuren om die te krijgen, heeft de gemeente verder uitgewerkt aan de hand van zes 'streefbeelden'. Die kwaliteitshaven van 2020 is wat de gemeente betreft: een veelzijdige haven, een duurzame haven, een kennishaven, een snelle en veilige haven, een schone haven.
Veelzijdige haven:
De veelzijdige haven heeft ruimte en voorzieningen voor het overslaan, uitpakken, verwerken en vervoeren van meer goederen en is de vestigingsplaats voor nieuwe bedrijvigheid in de chemie, in milieuvriendelijke energie, in recycling, en in logistieke en zakelijke dienstverlening. De duurzame haven levert voorzieningen en ruimte voor bedrijven die samenwerken, elkaar restproducten gebruiken en nieuwe technieken ontwikkelen om zo milieuvriendelijk mogelijk te kunnen werken.
Kennishaven:
De kennishaven is een aantrekkelijke werkplek voor hoog opgeleid personeel, werkt samen met opleidingen en onderzoeksinstituten en biedt in de stadshavens uitstekende vestigingsmogelijkheden voor dienstverlenende bedrijven en bedrijfjes.
Snelle en veilige haven:
De snelle en veilige haven heeft de knelpunten voor de bereikbaarheid via water, spoor, pijpleiding en weg opgelost. Het beperkt het wegtransport binnen en buiten de haven zoveel mogelijk en zorgt voor een veilige afhandeling van gevaarlijke transporten. De attractieve haven heeft meer natuur, een zuidelijk gelegen strand bij Maasvlakte 2, mooie uitzichtpunten, recreatiemogelijkheden in en rond het havengebied, en een compleet fietsroutenetwerk.
Schone haven:
De schone haven veroorzaakt minder overlast van stof en geluid en minder risico's rond gevaarlijke stoffen. In de stadshavens ontstaat er milieuruimte voor wonen en andere stedelijke functies door het verschuiven van activiteiten naar de Tweede Maasvlakte. Woningbouw en bedrijvigheid op de rechter Maasoever is per locatie afgestemd op de havenontwikkeling op de linker Maasoever.
STERKE PUNTEN UITBOUWEN
De keuze van de gemeente voor Rotterdam kwaliteitshaven, betekent vooral het verder uitbouwen van bestaande sterke punten van de haven.
De belangrijkste opgaven voor de veelzijdige haven en de kennishaven:
• Aanleggen van de Tweede Maasvlakte (een nieuw haven- gebied in zee), voor containers, chemie en nieuwe bedrijvigheid.
• De stadshavens (Waalhaven, Eemhaven, Merwe- haven en Vierhavens) omvormen tot een gemengd gebied voor haven, wonen en werken.
• Ruimte en voorzieningen bieden voor verdere samenwerking van bedrijven in het havengebied.
• Aantrekken van bedrijven die de bestaande clusters in de haven versterken, waarde aan goederenstromen toevoegen en kennis vragen.
• Uitbreiden van de samenwerking met logistieke knooppunten in het achterland, vooral in het oostelijk deel van Europa.
De belangrijkste opgaven voor de snelle en veilige haven:
• Opheffen van knelpunten en kwaliteit van regionale en nationale infrastructuur, vooral de A15, in combinatie met beleid om de bestaande infrastructuur zo goed mogelijk te gebruiken en onnodig wegtransport van goederen zoveel mogelijk te voorkomen.
• Voorzieningen leveren voor een verdere verschuiving van wegtransport naar vervoer via water, spoor en pijpleiding.
• Bewaren van de kwaliteit van de dienstverlening, verkeersbegeleiding en beveiliging van de haven. De belangrijkste opgaven voor de duurzame, attractieve en schone haven.
• Werken aan een creatieve invulling van werken, wonen en recreëren, op de rechter Maasoever in combinatie met verdere groei van de bedrijvigheid op de linker Maasoever.
• Het nieuwe havengebied op de landaanwinning zo inrichten dat bedrijven zo duurzaam mogelijk kunnen werken.
• Zo goed mogelijk benutten van het bestaande (milieu)ruimte in het havengebied.
• Uitvoeren van gezamenlijke, regionale projecten om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren, waaronder projecten voor nieuwe natuur, schone energie, bestrijden van geluidsoverlast en verbeteren van de luchtkwaliteit.
Deelvraag 4: Toekomstplannen
Tweede Maasvlakte
Rotterdam wil de beste haven van de wereld zijn en haar positie als belangrijkste haven van Europa verder uitbouwen. Doelstellingen in de toekomststrategie van de Rotterdamse haven zijn de containeroverslag, de chemie en de distributie. Om deze sectoren de kans te geven te groeien en te vernieuwen is ruimte nodig. Die ruimte kan worden gevonden met de aanleg van de Tweede Maasvlakte, een nieuwe locatie voor bedrijvigheid met een uitstekende ontsluiting.
Daarbij let de Rotterdamse haven veel op de kwaliteit. Bijvoorbeeld door het stimuleren van industriële vernieuwing, waardoor er duurzamer en effectiever kan worden geproduceerd, en door het stimuleren van ICT-ontwikkelingen. Het project Elektronisch Dossier Overheid ( EDO ) wil geïntegreerde en zoveel mogelijk papierloze opgave voor het binnenbrengen van uit zee binnenkomende goederen in Nederlandse zeehavens. De EDO zorgt voor een echte bijdrage wat betreft de versterking van de concurrentiepositie van de Nederlandse zeehavens. Het zal niet alleen moeten gaan om informatiestromen naar de overheid maar ook omgekeerd. Ook moet er vanaf het begin de gelegenheid zijn om meldingen aan de havenbeheerders door te geven en niet alleen aan diensten van de rijksoverheid. Als laatste mag er geen tijdverlies zijn omdat met andere projecten en etc. rekening wordt gehouden met de EDO en de zeehavens moeten ter versterking van hun concurrentiepositie haast maken met de automatisering van de informatiestromen wat betreft de goederenlogistiek.
De groei van de haven richting zee zorgt voor ruimte in de stad. In de oude havengebieden kunnen nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden die helpen bij de versterking van de economie.
Tweede Kamerbesluit: klant bepaalt komst Maasvlakte 2
Natuurlijk moet er wel de goedkeuring zijn van sommige organisaties en de overheid. Ook speelt het mee hoe de klant er allemaal over denkt. Het Havenbedrijf heeft samen met het Ministerie van Verkeer en Waterstaat en andere betrokken organisaties de uitbreidingsmogelijkheden van Mainport Rotterdam onderzocht. De samenwerking vond plaats in het kader van het 'Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR) en heeft geleid tot dit besluit. Daarin staan drie zaken centraal:
• Er komt een Maasvlakte 2 zodra het bedrijfsleven aangeeft deze ruimte nodig te hebben.
• In het bestaande havengebied (BRG) wordt de leefbaarheid verbeterd en worden bestaande bedrijfsterreinen intensiever benut door efficiënter om te gaan met de beschikbare ruimte.
• Er wordt 750 hectare nieuw natuurgebied ontwikkeld in de regio Rijnmond.
• Met dit Tweede Kamerbesluit is een goede balans mogelijk tussen het creëren van nieuwe ruimte voor bedrijven, en de versterking van de natuurwaarde en leefomgeving in het Rijnmondgebied.
Conclusie
Uit alle benutte gegevens is op te maken dat de concurrentiepositie van de Rotterdamse haven ten opzichte van de andere 2 grote concurrerende West- Europese havens sterk staat, maar door alle bijkomstige veranderingen vooral op het economische gebied in de toekomst steeds meer zal afnemen.
Naar verhouding stijgt de concurrentiepositie van de andere 2 havens meer dan die van Rotterdam. Rotterdam doet er veel aan om zijn positie niet te laten afzwakken dus worden er veel activiteiten ondernomen om de concurrentiepositie te behouden en mogelijk te versterken. Rotterdam heeft ten opzichte van de andere 2 havens veel concurrentievoordelen zoals de pijpleidingen voor het vloeibare goed die toch geld blijven opleveren. De service van de Rotterdamse haven is nog steeds de beste maar wel de duurste toch werkt dit zeker in het voordeel.
Rotterdam zal mede doordat het de grootste haven is altijd haar sterke concurrentiepositie behouden.
De bronnenlijst
Gebruikte internetsites
www.portofrottredam.nl
www.hafen-hamburg.de
www.vaart.nl
www.emerce.nl
www.port.rotterdam.nl
www.rom.rijnmond.nl
www.portofantwerp.be
www.havenraad.nl
www.cbs.nl
www.portpress.com
www.travelmarker.nl/transport/boot/havens.htm
www.netonline.be/logistiek/wereldhavens.asp
Begrippenlijst
Empty despot lege opslagplaats
Global competition wereldomvattende concurrentie
Divided europe verdeeld Europa
GHR Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam
ICT Informatie- en Communicatietechnologie
Teu Twenty equivalent Unit. Een laadbak van 20 voet ( 1 voet is 30 cm)
Roll on/ roll off vrachtwagens, opleggers, auto’s en ander rollend materiaal
Rederijen vennootschap die schepen laat varen
Factorkosten kosten die door producten deelbaar zijn
Deepsea de open zee
Modal split vervoer per modaliteit (binnenvaart spoor en wegvervoer)
General cargo ships stukgoed schip
Intermodale diverse soorten verkeersmiddelen, gebruikend vervoer
Kostenefficiente Zo min mogelijk kosten maken met een zo hoog mogelijk rendement
Cluster groep
shuttle treinen treinen die constant heen en weer rijden tussen 2 dezelfde plaatsen
shortsea kustvaart
shortsea-feederdiensten diensten die zorgen voor de aanvulling van transport naar bestemmingen in het hart van Europa
hub komt in de buurt van een mainport maar toch net te klein om een mainport genoemd te kunnen worden
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.