Geschreven door: | Pinda (1e klas) |
Datum ingestuurd: | 11 januari 2005 |
Taal: |  |
Woorden: | 900 |
Bekeken: | 19751 keer (107 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Activiteitenplan Sport & SpelA. Beginsituatie1. Deelnemers: Maximaal 24 deelnermers (23 meiden en 1 jongen) 16 t/m 20 jaar, studenten 1e jaar spw.
Mogelijkheden:- De cognitieve ontwikkeling is op het niveau van VMBO/MBO niv 3-4
- Ze hebben allemaal een helder verstand en zijn in staat een opdracht zelfstandig uit te voeren.
- Ze zijn creatief en houden van praktische opdrachten
- Ze hebben een kritische houding, ze willen ergens de zin van inzien en willen overtuigd worden
- Ze zijn allen sociaal ingesteld, ze kunnen goed luisteren, initiatieven tonen, contact maken en betrokkenheid tonen.
- Ze hebben een rol in de groep, ze hebben vrienden en willen leren leiding geven
- Het zijn allemaal gezonde jonge mensen; ze beheersen zowel de grove als de fijne motoriek. Er is wel sprake van verschil in motorisch niveau; enkele studenten hebben een (tijdelijke)motorische belemmering (blessure)
Belangstelling behoeftes:- Ze hebben belangstelling voor dingen die te maken hebben met hun eigen ontwikkeling, bijv. Eigen muziek, eigen kleding, eigen ideeën.
- Bij de groep horen is belangrijk. Ze hebben behoefte aan het ontwikkelen van hun eigen persoonlijkheid; dit uit zich uit in het hebben van een eigen mening, een eigen levensstijl.
2. Randvoorwaarden- Ruimte: sporthal van 45 x 24 m. Ik kan over de hele hal beschikken.
- Materialen: alle materialen in de bergruimte zijn door mij te gebruiken. Landstede Raalte heeft ook een beschikking over vier opbergkasten met Landstede materiaal: alle materiaal is vermeld op de materialenlijst.
- Tijd: De spel & sportles duurt 90 minuten. Binnen dit tijdbestek moet het spel afgerond worden.
3. OmstandighedenEr zijn geen speciale omstandigheden waarmee ik rekening moet houden: de activiteit vindt onder lestijd plaats in de Rohdahal.
B. DoelstellingenInstellingsdoelen, dus van Landstede beroepsopleidingen Raalte- Leren waarom en hoe je een activiteit moet voorbereiden
- Leren hoe je leiding kunt geven
- Leren hoe en waarom je moet evalueren
- Het opbouwen van een repertoire van spel & sportactiviteiten
Activiteit: Blaasvoetbal: een voetbalvorm waarbij de deelnemers niet lopend voetballen, maar op knieën met een rietje.
Motivatie keuze: - Het is een simpel balspel wat toch erg leuk is.
- Ik heb voor dit spel gekozen omdat ik het een apart spel is wat niet in het boek staat, dat vond ik wat origineler.
Werkdoelen: 1. Spelvreugde: Fanatiek deelnemen aan een spelactiviteit
2. Laten kennismaken met een onbekend spel (repertoire)
3. Handreiking bieden voor een voorbeeldschema van een activiteitenplan
4. Aspecten van een spelleiding laten zien: Uitleg, regels, aanpassingen.
C. Praktische voorbereiding1. Benodigdheden:- 24 rietjes (+ paar reserverietjes) 1 of 2 kleine foamballetjes (of ander klein balletje), pylonen
- fluitje en 2 voetbaldoelen
2. Ruimte3. Tijd:- 15 minuten van de les bijv. 14.30 tot 14.45
- Speelveld klaarzetten: 1 minuut
- uitleg: 2 minuten
- Spelen: max. 10 minuten
- Afsluiting en opruimen: 2 minuten
4. Taakverdeling:Helpers eigenlijk niet nodig, maar als het geblesseerden zijn krijgen zij die taken als: scheidsrechter, teller, ballenbeheerder.
D. Planning uitvoering1. Presentatie:De klas zit nog in lesopstelling voor het bord ik zeg dan:
“We gaan blaasvoetbal spelen dat is een soort voetbal maar dan met rietjes.
Je moet op je knieën gaan zitten en met het rietje tegen de bal blazen en proberen een doelpunt te maken.
(Ik wijs een paar mensen aan die de pylonen en de doelen op de goede plek neer zetten)
Ik ga jullie nu nummeren jullie krijgen een lintje en een rietje
Degenen met een rood lintje gaan daar staan en de genen zonder lintje die gaan aan de andere kant staan.
Nu gaan we naar het speelveld (en een keer proefspelen).”
2. Werkvolgorde: 1. de rietjes, foamballetjes, pylonen en fluitje pakken
2. Openingszin, mensen aanwijzen om doelen en pylonen klaar te zetten
3. Afnummeren in lintje geven
4. Uitleg: demonstrerend in het speelveld
5. Het spel wordt gespeeld: eerst oefenend, dan als wedstrijd.
6. Afsluiting: uitslag, slotzin en opruimen
3. LeidinggevenAfnummeren: Ik wil 2 groepen van ong. 11 spelers afhankelijk van het aantal geblesseerden (dus 2 wissels als er geen geblesseerden zijn)
a. Uitleg: (Alle spelers zitten op hun knieën met een rietje in hun hand, de 11 spelers verspreiden zich over het veld) Ik geef een startsignaal en gooi de bal in het veld. Als iemand een doelpunt scoort is het 1-0 enz.
b. Regelend optreden: de regels van het spel:
- Als een speler de bal buiten het veld blaast is de bal uit en gaat hij naar de tegenpartij.
- Als er ongelijke partijen zijn dan spelen we met wissel.
c. Sfeer: - Zie presentatie, accent leggen op samenwerking van de spelers: het naar elkaar toe blazen van de bal.
- Ploegen zelf de opstelling laten bepalen (beroep doen op individuele kwaliteiten)
- Zie slotzin
d. De variatie: n.v.t
e. De aanpassing: een andere bal gebruiken als het te makkelijk is.
4. Afronding:- De laatste minuut duidelijk aankondigen als ‘uur van de waarheid’:
- Tegen de winnaars: perfect samenspel, eigenlijk zouden we de afstand tussen beide doelen moeten vergroten, jammer dat we daar geen tijd meer voor hebben.
- Opruimen: alle ballen in de ballenwagen en alle lintjes aan mij geven, pylonen weer terug zetten, rietjes in de prullenbak gooien, doelen weg laten zetten door 4 mensen.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.