Geschreven door: | Amras (5 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 22 november 2004 |
Taal: |  |
Woorden: | 1.150 |
Bekeken: | 3911 keer (7 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Inleiding:
Ik ga het hebben over de telefoon. Telefoon betekent simpelweg:
VERGELUID (tele = ver en phoone = geluid)
Telefonie is het versturen van gesproken woorden over een kabel of door de lucht.
Telecommunicatie is niet hetzelfde als telefoneren, dit is iets meer dan telefoneren, want dan verstuur je geschreven teksten en beelden, bijv. internetten.
In de 20e eeuw is de telefoon een belangrijke uitvinding geweest met zeer veel ontwikkelingen. Het is nu een van de beste communicatiemogelijkheden voor de mensen van de hele wereld.
De Geschiedenis:
In 1876 vond de wetenschapper Alexander Graham Bell de eerste werkende telefoon uit. Terwijl Bell aan het experimenteren was, kwam hij op het idee om het geluid van een stem als elektrische signaal door een draad te sturen.
In 1878 vond de geleerde Edison de zogenaamde koolmicrofoon uit, waarmee het mogelijk was om over grotere afstanden te telefoneren.
Ook werd in 1878 in New Haven (In Amerika) de eerste telefooncentrale geopend. Er waren toen maar 21 lokale lijnen.
Omstreeks 1880 waren er veel kleine lokale telefooncentrales, zowel in de VS als in Europa. In 1884 werd de eerste lange afstandslijn tussen Boston en New York in gebruik gesteld.
In 1881 ging in Amsterdam de eerste openbare telefoondienst van start.
In 1888 kon er al gebeld worden tussen Amsterdam, Haarlem en Zaandam.
In 1895 konden de Nederlanders al bellen met onze zuiderburen.
In 1897 werd de eerste automatische telefooncentrale geopend. Pas in de 20e eeuw werden er automatische centrales op grote schaal gebruikt.
Zo zie je dat de ontwikkelingen in stroomversnelling zijn geraakt.
Hoe werken telefoons?
Een telefoonontvanger ofwel hoorn bestaat uit twee delen. Het mondstuk (het deel waarin je praat) zet het geluid van je stem om in een elektrische signaal dat zich door de telefoonlijn kan verplaatsen. Het oorstuk (het deel waarnaar je luistert) verandert de elektrische signalen die door de telefoonlijn komen weer in geluid dat je kunt horen.
Wat gebeurt er als je belt?
Als je getallen op het toetsenpaneel van je telefoon indrukt, stuur je signalen naar het telefoonnet, waarmee je vertelt met welke van de honderden miljoenen telefoonwijken in de wereld je verbonden wilt worden.
Je telefoonlijn is aangesloten op de lokale telefooncentrale. Als je iemand in de buurt belt, verbindt de centrale jouw lijn met de telefoonlijn van de ander. Als je iemand in een andere stad of een ander land belt, dan schakelt de centrale je telefoon door naar een andere centrale.
Het Telefoongebruik:
Met een gewoon telefoontje kun je een afspraak maken met je vrienden, eten laten bezorgen, kaartjes reserveren voor de film, de dokter of hulpdiensten bellen, en informatie opvragen over het weer. Mensen op kantoor gebruiken de telefoon om projecten te bespreken, voorraden te bestellen en faxberichten en computerdata te versturen. Ze kunnen praten met mensen in en buiten hun eigen kantoorgebouw. En bellers kunnen een boodschap inspreken op een antwoordapparaat als de persoon die ze bellen er niet is.
Hulpdiensten:
De telefoons zijn van levensbelang in noodsituaties. Je kunt elke hulpdienst bereiken de politie, de brandweer, de ambulancedienst of de kustwacht door een gemakkelijk te onthouden nummer te bellen. In Nederland is het alarmnummer 112, in de VS is het alarmnummer bijvoorbeeld 911, en in Australië is het bijvoorbeeld 000.
Naast deze hulpdiensten zijn er nog vele andere organisaties die je om hulp kunt bellen. Als er een waterleiding kapot is of als je problemen heb thuis kun je de kindertelefoon bellen de persoon die je aan de lijn krijgt help je dan verder.
Mobiel bellen:
Heel veel telefoons zijn verbonden met het telefoonnet door middel van een telefoonlijn. Dit is een elektrische draad die de telefoon verbindt met de lokale telefooncentrale.
Maar als je wilt bellen op het platteland of in de speeltuin dan heb je een mobiele telefoon nodig. Mobiele telefoons zijn heel handig voor mensen die nooit thuis zijn of die altijd onderweg zijn.
Mobiele netwerken:
Mobiele telefoons houden contact met het telefoonnet door middel van een radio. De radio-antennes die eigendom zijn van mobiele telefoonmaatschappijen zijn verspreid over steden en het platteland. Elke antenne zendt en ontvangt radiosignalen van en naar alle mobiele telefoons in haar gebied. Dit gebied heet een cel en daarom worden mobiele telefoons ook wel cellulaire telefoons genoemd. De antenne staat via telefooncentrale in verbinding met het telefoonnet.
Bellen uit afgelegen plaatsen:
In de afgelegen delen van de wereld, zoals in een woestijn of midden op een oceaan, zijn mobiele telefoons onbruikbaar er zijn geen antennes om ze te verbinden met het telefoonnet. Met de juiste apparatuur kun je echter bellen met behulp van een communicatiesatelliet die duizenden kilometers boven de aarde vliegt. Je kunt vanaf een cruiseschip op dezelfde manier bellen als thuis, en scheepstelefoons hebben net als andere telefoons een eigen nummer.
De toekomst:
In de 20e eeuw heeft de techniek van de telefoon vele ontwikkelingen ondergaan.
In 1876 had men de eerst werkende telefoon en 125 jaar later hebben we al mobiele telefoons. In de tussenliggende jaren kwamen er telefooncentrales, telefoonradio’s, telefoonsatellieten, faxapparaten, isdn-aansluitingen, enz.
De laatste nieuwe ontwikkelingen van het telefoongebruik zijn de GSM, het internetten, sms-en, voicemail.
Maar we zijn er nog niet, want in de toekomst zullen we ook met de GSM kunnen internetten en geld pinnen. Zo waren de GSM eerst voor hele belangrijke mensen, maar in deze tijd hebben alle mensen een GSM.
Zo zie je dat er iedere dag nieuwe ideeën bijkomen zodat we met onze mobiele telefoons in de toekomst alle kanten op kunnen, ze wordt net zo persoonlijk als onze portemonnee.
Slotwoord:
Door het maken van een verslag over de telefoon, heb ik meer inzicht gekregen hoe de telefoon werkt. Het was een hartstikke leuk en interessant onderwerp. Ook handig in de toekomst, omdat ik nu weet wat je met je mobiele telefoon in de toekomst allemaal kunt gaan doen. Zo zie je maar weer: de telefoon is niet meer weg te denken in onze maatschappij.
In meeste moderne communicatie systemen, zoals GPS, GSM, UMTS en anderen, maken gebruik van digitale informatie. Deze is gemoduleerd om een zo goed mogelijke transmittie toe te laten. Een veel gebruikte modulatie bij digitaal draadloze telefonie is D-QPSK. Dit staat voor differential quadrature phase shif keying. Bij ontvangst moeten die gemoduleerde signalen terug omgezet worden in werkelijke digitale signalen, zodat die verder kunnen verwerkt worden. Het doel van dit werk is om te onderzoeken of het gebruik van speciale filters, zogenaamde poly-phase filters, hiervoor kunnen gebruikt worden. Deze filters zijn zeer eenvoudig van structuur (symmetrische R-C strucrturen) en door gebruik te maken van meerdere trappen, kan dit zeer breedband en process ongevoelig gemaakt worden. Het werk zal dan ook bestaan om via simulatie na te gaan of dergelijke filters kunnen gebruikt worden, een implementatie te maken met discrete componenten, en dit te demonstreren en uit te meten. Bijkomend kan onderzocht worden wat het effect is naar signaal verlies, het effect op de BER (Bit error rate), en of dit toepasbaar is op gelijkaardige modulatieschemas (QPSK, FQPSK,...).
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.