Geschreven door: | anoniem (6 vwo) |
Datum ingestuurd: | 28 oktober 2004 |
Taal: |  |
Woorden: | 4.500 |
Bekeken: | 8021 keer (24 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Attila de Hun
woest en niet te stuiten
Hoe kon Attila de Hun zo'n groot rijk creëren?
Niemand wist waar ze vandaan kwamen en niemand wist wie ze waren, en zijzelf nog misschien wel het minst. Maar opeens waren ze daar. Vele krijgers op knoestige paardjes dromden samen, hun uiterlijken waren zo afzichtelijk, dat zelfs al kwamen zij met weinigen, zij iedereen op de vlucht joegen. Hoe kon het dat deze krijgers zo machtig werden, en zelfs een hele volksverhuizing op gang konden brengen? Hoe kon het dat een volk dat zo weinig van zichzelf wist, en zo rommelig en ongeördend leefde toch onder één leider kon functioneren? Hoe kon Attila zo'n groot en machtig rijk creëren en beheren?
De Hunnen voor Attila.
Er zijn heel veel theorien over hoe de Hunnen zijn ontstaan en waar ze vandaan komen. Zo is er een theorie van de geschiedenisschrijver Jordanes waar de Hunnen in een moerasgebied ten noorden van Mongolie zijn ontstaan . Er zouden in het land van de Goten een aantal vrouwen geweest zijn die konden toveren, deze heksen werd verbannen naar een vreemd en eenzaam land achter het moeras (Mongolië). Deze vrouwen werden opgemerkt door boze geesten die kinderen bij hen verwekten. Deze kinderen waren natuurlijk afzichtelijk en hadden nauwelijks nog iets menselijks. Hier zouden de Hunnen van afstammen. Maar een veel aannemelijker theorie wordt gegeven door de Chinezen. De Chinezen hielden over het algemeen heel nauwkeurig en goed alles bij wat er om hen heen gebeurde. Uit bronnen uit de Hia-dynastie (2250-1850 v. Chr.) is er voor het eerst sprake van een Barbaars volk, de Hoeng-no .( Deze naam was waarschijnlijk anders maar omdat de Chinezen hier niet de goede letterklanken voor beschikten wordt het als Hoeng-no opgeschreven.) Uit deze dynastie kwam een koningszoon, Sjoe-noei. Sjoe-noei was verbannen uit China omdat hij het harem van zijn, overleden, vader had overgenomen. Sjoe-noei sloot zich aan bij de barbaren. Omdat hij veel ontwikkelder was dan deze barbaren werd hij al gauw een centraal leider, en nam de macht van de barbaren toe. De Chinezen gingen zich steeds meer interesseren voor de barbaren, ook omdat de barbaren de China steeds binnenvielen.
Ongeveer 250 v. Chr. leefde in China de keizer Toemoen. Hij wilde liever dat zijn jongste zoon hem opvolgde dan dat zijn oudste dat deed, dus zond hij Motoen, zijn oudste zoon, naar de barbarenstam Goatsi. Toen viel hij gauw de Goatsi aan in de hoop dat zijn zoon daarbij om zou komen, maar niets minder was waar. Motoen overleefde het en ging de barbaren opleiden tot de trouwste en beste krijgers. Motoen vermoorde zijn eigen familie om van de concurentie van het machtige China af te zijn. In een brief die tussen 169-156 v. Chr. geschreven is aan de chinese keizer zegt Motoen: "Ik heb alle Tartarenstammen onderworpen en een groot koninkrijk van veeboeren gesticht, en zesentwintig andere streken die ons omgeven staan onder mijn gezag en zijn mij schatplichtig. Als u niet wilt dat mijn mensen door uw grote muur heenbreken, verbied uw Chinezen dan aan hun kant te dicht bij de muur te komen." Hieruit blijkt dat Motoen een aardig rijk had gesticht en alle krijgers volgden zijn bevelen blindelings.
Uit dir barbarenvolk ontstonden de Hunnen. Later splitsten de Hunnen zich in witte en zwarte Hunnen .
De witte Hunnen waren in de minderheid. Ze trokken naar Perzië en Noord-Indië waar ze het rijk van de witte Hunnen stichtten. In de 6e eeuw werden ze verslagen door de Perzen en trokken ze naar Europa.
De Zwarte Hunnen waren duidelijk een grotere groep dan de witte Hunnen. Zij trokken richting Rusland, in de Wolgavallei vielen zij de plaatselijke bevolking, de Alanen, aan. Deze werden al gauw volgelingen van de Hunnen. De zwarte Hunnen overmeesterden ook de Ostrogoten, waarna zij over Oost-Europa en de Russische steppen heersten.
Zo kwamen de Hunnen richting Europa
Ze verdreven de Visgoten en andere Germaanse stammen het West-Romeinse rijk in. Hier veroorzaakten de stammen wilde paniek onder de Romeinen. En het Romeinse rijk was al verzwakt door de Pax Romana. Door honderden jaren van vrede waren de Romeinen het strijden verleerd, en door de wilde paniek onder de bevolking verzwakte het rijk nog meer.
De Hunnen waren een zwervend volk zonder huizen, hierdoor kwam het dan ook dat, hoewel de Hunnen oorspronkelijk bij China uit de buurt kwamen, hun rijk pas bij de Kaspische zee begon.
Ze waren tussen de 1e en de 4e eeuw een heel stuk opgeschoven tot aan de Wolga, en in die vierde eeuw schoof het volk nog verder door om Pannonie, ten noorden van de Donau, tot het centrum van het Hunnenrijk te maken .
Rond 420 n. Chr. was er door de Hunnen een bond gesticht, deze bond werd rijk door plunderingen en giften in ruil voor vrede. De Hunnen verhuurden ook hun leger , in ruil voor giften. De Hunnen hebben de ruimte en zwerven rond door Europa.
Het Oostromeinse rijk, het zwakste van de twee, werd bij Thracië binnengevallen richting de zee. De eerste Hunnenkoning die deze strijd aanbond heette Uldin, de tweede was zijn zoon Rugila. Rugila was een betere leider omdat hij een beter strategisch inzicht had. Uiteindelijk werd er afgesproken dat de vrede bewaard bleef. Enkele hunnen waren overgelopen naar de Romeinen, en vormden daar een gevaarlijk kamp, omdat de Hunnen niet bij hen konden komen.
Rugila dreigde de Romeinse keizer zich niet aan de vredesafspraak te houden als hij niet de overlopers terug kreeg. Hij kreeg slechts een deel terug en viel het rijk binnen bij de Ister, een oude naam voor de Donau, maar voordat hij de hoofdstad Byzanthium kon overmeesteren werd hij door de bliksem gedood.
Hoe kwam Attila aan de macht?
Bij de Hunnen was er één familie heilig, de koninklijke familie. Deze familie stamde af van de adelaar, en boven de adelaar stond alleen nog de zon. De zon was het heiligste en de adelaar werd aanbeden omdat hij daar zo dichtbij kon komen. Attila stamde af van deze koninklijke familie.
Vóór Attila regeerden de broers Rugila en Oktar. Oktar ging eerder dood, tijdens een feestmaal, en liet Rugila achter, die nog een paar jaar alleen heerste.
Toen Rugila door de bliksem gedood werd moest er een nieuwe leider komen. Als het ging over een opvolger waren er geen vaste regels. Alle mannen in de familie maakten evenveel aanspraak op de troon. Het was een kwestie van wie er het meest in trek lag, het kon dus een broer zoon of neef zijn. Attila en Bleda waren neven van Rugila, en waren tevens broers. Er waren, voor zover wij weten, nog twee andere neven in leven, een broer, en een halfbroer.
We weten niet precies waarom Attila en Bleda verkozen werden , hier kunnen we alleen maar naar raden: Het lijkt of alleen de beste en sterkste mannen aan de macht komen, en op die manier voorrang verlenen. Attila was toen waarschijnlijk 39 jaar oud en Bleda een paar jaar ouder, hun vader en oom zouden toen waarschijnlijk al tegen de zestig lopen. Een reden om hun voorrang te verlenen zou kunnen zijn dat men veertigjarige mannen verkiest boven zestigjarige. Ook hadden Attila en Bleda waarschijnlijk al vele slagen meegevochten en hadden ze daardoor naamsbekendheid bij het volk.
Stamboom van Attila
Het dubbele koningschap wordt gebruikt maar lijkt niet traditioneel te zijn. Het was ook niet in taken onderverdeeld, zoals bij de Romeinen. Het lijkt logisch dat het tweekoningenschap gewaardeerd werd omdat de Hunnen zo'n groot gebied bezaten. Bij Rugila en Oktar keerde Rugila zich naar het zuidoosten, naar Byzantium, daarom breidde Oktar zijn overvallen uit naar het westen. Bij Attila en Bleda was er sprake van eenzelfde soort verhouding, Attila regeerde net als Oktar over het westen en Bleda net als Rugila over het Oosten. De twee andere neven waren op het moment dat Attila en Bleda leiders werden in gevangenschap in het Oostromeinse rijk. Omdat er altijd een overschot aan troonopvolgers was, was het was gewoonte om alle overtollige broers en neven dood te maken, dus toen deze weer terug uitgeleverd werden bij de vrede van Margus, werden zij gekruisigd zodat ze geen gevaar meer waren voor Attila en Bleda.
Waarschijnlijk in het voorjaar van 445 werd Bleda vermoord door of uit opdracht van Attila. Bleda scheeneen zachtaardig, hoffelijk en levenslustig karakter te hebben. Bleda mocht dan wel als persoon ongevaarlijk zijn voor Attila, hij kon echter altijd als pion tegen Attila worden gebruikt en daarom moest hij sterven. Sinds die tijd, Attila was toen ongeveer 50 jaar, was hij alleenheerser.
Hoe werd Attila beschouwd en welke betekenis had hij voor zijn eigen en andere volken?
bij andere volken:
De Hunnen stonden bekend als een lelijk volk, daardoor werd bij de andere volken alleen bij de aanblik al angst ingeboezemd."Afzichtelijk zijn zelfs de gezichten van de pasgeborenen," zegt Sidonius Apollinaris , een tijdgenoot en bisschop van Clermont, over de Hunnen. "Een vormeloze massa, die omhoog steekt, is het hoofd. Onder het voorhoofd twee holten zonder glans, dit zijn hun ogen. Maar nauwelijks dringt het daglicht vanaf het voorhoofd door tot de diepliggende pupillen, ook als zij net gesloten zijn. Ondanks de nauwe oogholten kunnen zij ruime afstanden overzien. De neus mag echter niet buiten het gezichtsvlak uitsteken. De tere neusgaten worden met een band omwikkeld, opdat ze onder het helmvizier zullen passen. Op deze wijze, slechts terwille van het oorlogsbedrijf, verminkte moederliefde de eigen zoon, want het gezichtsvlak wordt breder als het niet door een uitstekende neus onderbroken wordt."
Als de Hunnen een volk overwonnen hadden, werden de dorpen geplunderd en de vrouwen misbruikt. Sommige volken verlieten ze dan weer om ze later nog een keer aan te vallen. Andere volken werden volgelingen van Attila, ze hadden een soort leenmannenrelatie. De overvallen volkeren moesten vechten in naam van Attila en in ruil daarvoor "beschermde" hij hen. Vooral deze volken waren erg handig, omdat hij zo overal macht kon uitoefenen op het Romeinse rijk dat hierdoor echt onder druk kwam te staan, en slechts met de uiterste krachtinspanning de aanvallen maar net af kon houden.
bij zijn eigen volk:
De Hunnen waren een volk dat leefde van de plunderingen en 90% van hun bezittingen waren gestolen, het was een volk dat leefde in constante oorlog. Ze hadden geen huizen en leefden dag en nacht op hun paarden, hun bezittingen moesten ook vervoerbaar zijn. Iedereen was dus soldaat, er was weinig andere keus. De vrouwen waren geen soldaat maar deden het koken en naaien . Maar zelfs de traditionele terreinen waarop de vrouwen zich begeven waren bij de Hunnen ingedamd. De Hunnen leefden erg sober, en koken werd in enorme ketels gedaan, dus niet iets bijzonders. Als man had je een of twee vrouwen en een heleboel bijvrouwen, als vrouw mocht je de traditionele vrouwelijke klusjes doen en als bijvrouw was je een slaaf, en dat is nog zacht uitgedrukt. De kinderen waren gemeenschapsbezit, zo was het bijvoorbeeld mogelijk dat Attila nooit heeft geweten wie zijn moeder was of waar hij geboren is.
Toen Attila leider werd merkte het volk meteen dat hij harder was dan Rugila, die net als
Bleda zachtaardig was geweest. Enkele Hunnen vluchtten naar het zuiden, over de Romeinse grens, waar ze welkom waren als huurlingen, want ze zijn trouwer en harder dan Germanen. Maar na de eerste overwinning behaald te hebben en de eerste vrede gesloten te hebben, de vrede van Margus, worden behalve veel goud en zilver de overlopers teruggeeist. Overlopers zijn namelijk gevaarlijk omdat het eilanden van verzet vormen in het buitenland, waar je dus niet bij kan.
De Hunnen waren erg bijgelovig , des te meer ze geen omvattend geloof kennen. Zo wasten zij zich bijvoorbeeld nooit uit respect voor het water. Zij geloofden in de water, aarde, en luchtdemonen. Dieren waren ook heilig, want de demonen kropen in de gedaante van de wilde dieren. Zo hadden ze een soort orakels waar priesters de botten van de dieren verbranden en dan in de rook daarvan allerlei dingen konden aflezen. Ook waren er kleine afbeeldingen van dieren in metalen of brons, die de priesters misschien gebruikten om de demonen af te schrikken, of die de krijgers bij zich droegen op hun tochten. Heel duidelijk kwam mét Attila het symbool voor de adelaar. De adelaar werd al vereerd maar vergelijkbaar met de andere diersoorten. Maar toen Attila kwam kreeg de adelaar een bijzondere betekenis als totem- en symbooldier. Dit is te verklaren door de buitengewone betekenis van de adelaar voor het magische wereldbeeld van de heersende klasse. En Attila zag zichzelf immers als een groot heerser.
Rugila ging dood doordat hij getroffen was door de bliksem. Dit werd door de bijgelovige Hunnen als een zeer slecht teken ervaren. Toen Attila spoedig na deze blikseminslag een zwaard vond dat gewijd was aan de oorlogsgod Mars, gaf dit het vertrouwen in de gunst van de goden terug aan de Hunnen. Het gewone volk droeg kralen of stenen, door een priester tot amulet gemaakt, bij hun zwaard. De 'gewone' Hun zag het als iets onmenselijks om metaal te maken, dus de smeden werden aanbeden. De Hunnen geloofden dat de koningen de behoeders van de kunst van het smeden waren,. Hun zwaard vertegenwoordigde daarom ook hun band met de koning. Ze droegen amuletten om het zwaard te beschermen. Het zwaard was ook hun wapen om aan eten te komen. Voor een Hun was een zwaard dus heel kostbaar.
De Hunnen werden door de Romeinen vaak ingehuurd om tegen Barbaarse stammen te vechten. In ruil daarvoor kregen zij goudstukken, ze waren dus een soort huurleger.
Waarom was Attila zo machtig?
De Hunnen waren ook voor Attila al een gevreesd volk. De Hunnen waren al vele generaties lang gewend om altijd in oorlog te zijn. Als je dus een wereldheerser wou worden, zoals Attila, dan was een volk als de Hunnen erg handig. De Hunnen hadden dus al een reputatie waar vele volken voor terugdeinsden, en toen Attila aan de macht kwam werd ook duidelijk dat het volk nu ook een leider had om voor terug te deinzen.
De Hunnen werden door de Romeinen veel als huurleger gebruikt , maar toen Rugila dood was bleek al gauw dat in elk geval Attila daar geen zin in had. Attila kende een grotere eerzucht dan voor de Romeinen overwinningen te behalen.
Toen Attila nog maar een kind was, werd hij op zijn tiende, twaalfde en veertiende jaar weggestuurd als "gijzelaar". Gijzelaar was toen nog een positief begrip, het was een soort uitwisseling, om de andere talen en gebruiken te leren, opdat men beter met elkaar kon handelen en communiceren. Toen Attila in Rome was, overviel Alarik Rome. Alarik was de koning van de Goten. De Romeinen moesten Alarik al het goud en zilver in de hele stad schenken in ruil voor hun leven. Attila zou best in het geheim op de hand van de Goten geweest kunnen zijn, en hoe dan ook moet Alarik een grote indruk op hem gemaakt hebben. Misschien droomde Attila er wel van om later zelf zo voor de poorten van Rome te staan en was Alarik een soort voorbeeld voor Attila geweest. In elk geval had Attila een grote wens om heerser van de wereld te worden, en had een hoge dunk van zichzelf. Ook had hij een volk van woeste krijgers en een grote reputatie bij de omliggende volkeren. Zijn volk leefde om te vechten, ze hadden geen huis,waardoor ze door de niet altijd even goede weersomstandigheden gehard waren. En ze waren zo behendig met hun paarden en zwaarden dat het haast leek of ze vergroeid waren. Vele plunderingen hadden al plaatsgevonden, want daar leefden de Hunnen immers van. Het was wel een primitief volk, maar zeer efficient in het doden en stelen. Attila had dus alle middelen om machtig te worden, en tevens de wil. De macht lag dus voor het grijpen, alles wat hij moest doen was zijn volk goed leiden. Omliggende volkeren wisten dit ook allemaal en waren als de dood voor Attila en zijn volk. Ze wisten dat hij geen genade kende, woningen plunderde en vrouwen verkrachtte en/of meenam als slavin. Volkeren vluchtten voor Attila. Dit staat bekend als de volksverhuizing.
Zijn eigen volk volgde hem omdat ze hem als een heilige zagen. Bovendien was Attila een krachtig leider. De meeste Hunnen hadden waarschijnlijk nog nooit een andere levenswijze gezien, en waren er daarom aan gewend. Ze zagen dus geen probleem met de brute levenswijze die ze leefden simpelweg omdat ze niet beter wisten.
Hoe kwam Attila aan zijn eind?
In het West-Romeinse rijk was de strijd om de troonopvolging uitgebroken. Er was een oudere zoon, die Attila te hulp had geroepen, en een jongere die de steun van de Romeinen kreeg. Daarom trok Attila naar Gallië, maar ook omdat er in Italie een hongersnood was uitgebroken en er besmettelijke ziekten heersten, en daar waren zelfs de Hunnen niet tegen bestand. Attila wist waarschijnlijk dat het heel moeilijk zou zijn om de Romeinen op hun eigen terrein te bevechten, en deed nog verschillende suggesties, dat hij alleen met Gallië genoegen zou nemen als ze hem dat gaven. Maar de keizer zei dat dit niet kon, en men kon het kwaad niet meer afwenden. De hoofdmacht van de Hunnen marcheerde stroomopwaarts langs de Donau naar het Westen en bestond, behalve uit een kern van Hunnen, uit alle Germaanse bondgenoten, geleid door koningen die al lange tijd Attila's adviseurs waren, en die al in geen drie jaar meer oorlog hadden gevoerd. Zijn belangrijkste en meest parate bondgenoten waren de Gepiden, Attila kon ze blindelings vertrouwen, daarna kwamen de Ostrogoten, verder waren er nog de Skyren, de Rugiërs, de Quaden en de Thuringers. Later kwamen daar nog de Ripuarische staamen bij. De Bourgondiers, die niet zo lang geleden hard aangepakt waren door de Hunnen, sloten zich aan bij de West-Goten en de Romeinen tegen Attila. Dit speelde zich af in 451 n. Chr.. Niemand weet met hoeveel de Hunnen eigenlijk kwamen, de schattingen lopen uiteen van 50.000 tot 500.000. Tongeren en Metz werden verslagen, maar in Reims vluchtten de Hunnen voor het angstaanjagende geluid van de kerkklok. Ze trokken richting Parijs. De Hunnen sloegen vaak een stad over als deze niet in een handomdraai veroverd was, want zij kenden geen schaamte zelfs niet als ze vluchtten, en ook Parijs werd overgeslagen. De Hunnen trokken door naar Orléans. De plaatselijke bevolking was in paniek en vluchtte van plek naar plek. Onderweg wordt Châlons-sur-Maine, waar het inmiddels vol was gelopen met vluchtelingen, veroverd. Maar Alpin, een bisschop, overtuigde Attila dat hij meer had aan een bezet Châlons dan aan een rokende ruine. Misschien heeft hij Attila ook de plek gewezen waar hij zijn kamp kon maken, en zijn buit veilig kon bewaren, in ruil voor de buitgemaakte vrouwen.
Toen de Hunnen voor de poorten van Orléans stonden, zo verteld Gregorius van Tours ons, en de muren op instorten stonden, kwamen de Romeinen met de West-Goten aanrijden. De Hunnen vluchtten. Omdat Attila niet zijn gehele leger had ingezet, was deze nederlaag niet van groot belang. Dit liet Attila drie keuzes: snel vluchten, zich plunderend terugtrekken, of de grote veldslag aangaan. Hij koos voor de grote veldslag omdat dit de enige manier was om te winnen. Als hij nu naar huis zou gaan was het slechts een winstgevende strooptocht en moesten ze weer helemaal naar het Oosten terug. Het zou natuurlijk veel mooier zijn als ze ook nog de rijkdommen van Gallië en het hele Romeinse rijk konden meenemen. Attila verloor. Een tijd lang hebben geleerden gedacht dat hij ook omgekomen was in deze strijd. Nu weet men dat hij het heeft overleefd.
Attila was echter totaal niet ontmoedigd na deze nederlaag en kreeg al gauw genoeg van de vrede. Dus maakte hij zich op voor een aanval op Italië, maar Aetius, de Romeinse consul, vroeg Attila om vrede en Attila beloofde de vrede te bewaren.
Geen enkel volk had op dat moment de Hunnen aangekund, en zeker de Romeinen niet. Dus eigenlijk kwam het voor iedereen goed uit: Attila’s dood.
Attila had pas een nieuwe vrouw opgedaan, Ildico. Ze is vermoedelijk Germaans, en iedereen die haar gezien had vond haar prachtig. Zij was al zijn zesde vrouw, maar dat was redelijk volgens de Hunnengebruiken.
In zijn huwelijksnacht had hij heel veel gezopen, en viel op zijn rug in slaap. In zijn slaap kreeg hij een neusbloeding, maar het bloed stroomde niet zijn neus uit, maar in zijn keel, waardoor hij stikte en stierf. Zijn vrienden vonden hem dood, met Ildico huilend naast hem.
Zo stierf de koning een dood die door velen onwaardig werd beschouwd, voor een man die zo groot was geweest. Gedood door zijn eigen hebzucht.
Hoe ging het verder met de Hunnen na Attila's dood?
Toen Attila stierf liet hij vele vrouwen met kinderen achter. Dit zou uiteindelijk tot de ondergang van het Hunnenrijk leiden. Had hij maar net zoals zijn voorvaders de meeste van zijn nakomelingen afgeslacht, dan was er nog een kans geweest voor de Hunnen.
Ernak was zijn lievelingszoon, omdat een priester hem eens verteld had dat hij zijn volk zou redden als Attila dood was. Ellak was zijn oudste zoon, en samen met Denghizik leek hij het meest op Attila, zij waren woeste krijgers. Ook van Gheism weten we iets, hij is de enige van wie we met zekerheid de moeder kunnen vaststellen, de zuster van Ardarik. Ardarik was de aanvoerder van de Gepiden en was altijd een machtige bondgenoot van de Hunnen geweest. Gheism lijkt echter een opmerkelijk kleine rol te spelen in het gevecht om de macht.
De beslissende strijd om Attila's opvolging wordt aan een riviertje, genaamd de Nedao, uitgevochten. We weten niet precies waar dit riviertje lag of hoe de gevechten precies zijn verlopen. Maar door de machtslust van de zonen werd het rijk van de Hunnen uiteindelijk uit elkaar gedreven. De zonen wilden dat de afzonderlijke naties onder hen verdeeld werden, en dat de Germaanse koningen met hun volken familiebezit werden. De Germaans koningen echter, die al lange tijd vrienden met Attila geweest waren, hadden geen zin om slechts dienaren van de zonen te worden en keerden zich tegen de Hunnen. Ook de Oostgoten sloten zich bij hen aan. En zelfs Ardarik, koning van de Gepiden kon geen steun meer verwachten van de Hunnen en sloot zich ook aan bij de Germanen, en werd zelfs de leider wan de 'afvallers'. Zo stonden net als bij Chalons de Germanen en de Hunnen tegenover elkar. Maar Ardarik leverde een dappere strijd en overwon de Hunnen.
In deze strijd stierven vele Hunnen, en ook Attila's oudste zoon, Ellak. Dit maakte de afloop van de strijd zo beslissend als een nederlaag maar zijn kan. De overige zonen vluchten met het Hunnenvolk in Zuid-Oostelijke richting.
Op deze ineenstorting volgt een overleg tussen de zonen, en ze zwoeren een betere verstandhouding en een grotere eensgezindheid. Twee patrijen werden gevormd: één onder leiding van Denghizik, de zoon die het meest op Attila geleken moet hebben, en één onder leiding van Ernak, de lievelingszoon. Ernak wou graag de vrede bewaren en Dengzihik niet. De vrede werd bewaard tot het jaar 455. In dat jaar vielen zij de Oostgoten aan, die volgens hen het grootste verraad hadden gepleegd. Maar toen zij daar waren aangekomen, op het onbekende terrein werden zij in het moerassige gebied gelokt, en verslagen door de Oostgoten. Bij de Hunnen kwam dit hard aan, Attila's zonen zagen in dat ze misschien nooit het land meer terug zouden veroveren en besloten ieder voor zich beslissingen te nemen, en de daarbij behorende verdragen te mogen aangaan. Ernak stelde zich samen met zijn volle broers onder de bescherming van het Romeinse rijk om in vrede verder te leven. Zijn halfbroer Denghizik koos voor het woeste nomadenleven. Toen Ernak daar rustig in vrede leefde, vielen de Oostgoten hen als wraak aan. Vredig als ze waren konden ze dit helemaal niet aan, en zijn halfbroer Denghizik kwam uit het noorden om hem te helpen. Maar hiermee was gelijk de rust verstoord en het gebied waar de Hunnen leefde werd zó gevaarlijk dat zelfs de Romeinse legeraanvoerders naar hun grenzen moesten komen om in te grijpen. Hierna vernemen we niets meer van Ernak en Denghizik bleef wanhopig tot aan zijn dood strijden. Hij werd vermoord door de Romeinse veldheer Anagustus.
Het was het volk door Ernak duidelijk geworden dat zij niet gemaakt waren om als boer te leven , en door Denghizik dat zij niet in staat zouden zijn opniew het zo grote rijk te herstellen. Dus gingen ze weer werken als huurlegers, waar zij lang geleden zo goed in waren.
De enige kleinzoon waarvan we de naam weten is Mundo, de zoon van Gheism. Mundo werd na enige dwalingen en rooftochten steeds belangrijker, en werd legeraanvoerder in het Romeinse Rijk. Hij redde de keizer in een opstand en kreeg in ruil daarvoor de macht over Illyrie. De Oostgoten die daar wonen hadden dus nu een kleinzoon van Attila als leider! De Oostgoten vallen hem aan omdat hij Salona, een havenstad, van hen had afgepakt. Nog voor de strijd begonnen was werd Mundo's zoon, Mauritius als verkenner gestuurd, en hij wordt gedood. Als Mundo dit hoort wil hij niet meer leven, hij stormt in zijn eentje op de Goten af en word daar vermoord.
Zo kwam een einde aan de eens zo grote macht van het volk der Hunnen.
Dus hoe kon Attila de Hun zo'n groot rijk creëren?
De Hunnen waren een volk dat gemaakt was om oorlog te voeren, het waren angstaanjagende krijgers. Dus een perfect volk om de wereld mee te veroveren.
Toen Attila aan de macht kwam, hadden de Hunnen al een grote macht. Ze hadden toen al verscheidene bondgenoten en ze hadden al een heel groot gebied veroverd.
Attila was van jongs af aan al vastbesloten wereldheerser te worden. En toen hij aan de macht kwam had hij dus ook alle mogelijkheden om dit uit te voeren.
Zo kon Attila dus zo'n groot rijk creëren.
Bronnen:
De Hunnen hadden geen schrift en hun literatuur bestond uit gezangen die niet opgeschreven werden. Dus alle geleerden hebben hun boeken gebaseerd op een paar schrijvers uit het verleden. Hier is dus ook mijn verslag op gebaseerd. Soms verschillen de vertellers met elkaar van gedachten, en wordt de meest logische versie eruit gelicht. Soms is er ook iets waar slechts een schrijver iets over meld, dan kunnen we dit nooit helemaal met zekerheid aannemen.
De voornaamste geschiedschrijvers die ik heb gebruikt:
• Priskos (ook bekend als Priscus) schreef een verslag van zijn bezoek aan het hof van de Hunnen (448 gt), als onderdeel van een achtdelig geschiedkundig werk, dat inmiddels grotendeels verloren is gegaan. Priskos was een Griek, en schreef dus ook in het Grieks.
• Jordanes, (een Ostrogoot) hij stelde zijn werk over de Goten, dat ook de Hunnen behandelt, samen door de geschriften van andere historici, met name Cassiodorus en Priskos, samen te vatten of te raadplegen. Jordanes schreef in het Latijn.
• Verschillende Chinese boekhouders uit de Hia-dynastie.
• Sidonius Apollinaris, een tijdgenoot van Attila en bisschop van Clermont. Hij schreef in het Latijn.
• Gregorius van Tours, een tijdgenoot van Attila en bisschop van Tours. Ook hij schreef in het Latijn.
Boeken:
-De Hunnen; het volk van Attila, de gesel gods van Hermann Schreiber
Video documentaire:
- De Hunnen, storm uit het Oosten.
documentaire over de beschaving van het ruitervolk, de Hunnen.
Internet:
-
http://www.reportret.info/nl/galerij/attiladehun1.html
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.