Geschreven door: | anoniem (6 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 10 september 2004 |
Taal: |  |
Woorden: | 1.050 |
Bekeken: | 10606 keer (64 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Titel
Bepaling van de variatie van de amylase- activiteit in het speeksel van verschillende mensen.
Inleiding/ theorie
We gaan voor deze praktische opdracht onderzoeken of er een variatie is in de amylase- activiteit van het speeksel van verschillende mensen. (We hebben het wel over alfa- amylase. Dit is de enige amylase die hele zetmeelketens af kan breken!) Als je eet, voegen de speekselklieren speeksel aan het voedsel toe. Dit wordt gedaan, omdat het zetmeel in eten verteerd moet worden. Een zetmeel molecuul is vergeleken met andere moleculen erg groot en kan dus niet door de darmwand heen. Daarom moet het in de mond afgebroken worden. Het zetmeelmolecuul is een suiker. Een belangrijke groep suikers wordt gevormd door de koolhydraten. Koolhydraten zijn verdeeld in drie groepen: monosacchariden, disacchariden en polysacchariden. De monosacchariden zijn de kleinste moleculen en polysacchariden zijn de grootste moleculen. Zetmeel is een polysaccharide. Zetmeel wordt door het enzym amylase, dat aanwezig is in het speeksel, omgezet in maltose (zie tekening).
Maltose is een disaccharide en dus een kleiner molecuul, maar zelfs dit wordt dan in de darmen verder afgebroken tot monosacchariden. De werking van amylase hangt af van 3 factoren PH, temperatuur en de samenstelling van het af te breken product. Bij een PH van 6,6 werkt de amylase optimaal en is dus het actiefst.
Wij moeten dus een manier verzinnen hoe we kunnen aantonen of er een variatie is in de amylase- activiteit van het speeksel van verschillende mensen. De manier die we hebben bedacht, berust op het feit dat zetmeel met jood reageert en dat daarbij een blauwe kleur ontstaat. We gaan dus zetmeel, speeksel en jood bij elkaar doen. Wij hadden hier dus een manier voor bedacht, maar deze was niet helemaal juist. Uiteindelijk hebben we wel speeksel met zetmeel gemengd en dit later aan het jood toegevoegd (zie werkwijze). Zodra er geen blauwkleuring meer optreed, is al het zetmeel afgebroken. Dit wil dus zeggen dat iemand die binnen korte tijd geen blauwkleuring meer heeft, een hoog amylase- activiteit heeft, omdat het zetmeel snel omgezet is.
Onderzoeksvraag
Is er een variatie in de amylase- activiteit in het speeksel van verschillende mensen?
Hypothese
Ik verwacht dat uit ons onderzoek zal blijken dat er weldegelijk variatie zit in de activiteit van amylase van verschillende personen.
De temperatuur in de mond zal niet zoveel verschillen, maar de kans dat de PH in de mond verschilt, is denk ik groot. Een persoon met een PH van 6,6 heeft een hogere activiteit dan een persoon met een PH van 7.
De hoeveelheid amylase heeft op zich wel effect op de activiteit, maar iemand met veel amylase en een hoge PH (PH>6,6) zet misschien net zoveel zetmeel om als iemand met weinig amylase en een PH rond de 6,6 (verschil in effectiviteit). De activiteit van het amylase zal dan best kunnen verschillen.
Waarschijnlijk zal de amylase- activiteit ook verschillen, omdat de mensen in de klas allemaal in de loop van de dag verschillende dingen en verschillende hoeveelheden hebben gegeten. Hierdoor verandert dus de PH en dus de amylase- activiteit. Dus als iemand vlak voor de proef net iets zuurs heeft gegeten, wordt de PH in de mond laag (zuur dus).
Resultaten
Dit zijn de resultaten:
Chantal 6 min.
Carolien 12 min.
Anthony 16 min.
Pauline 18 min.
Marloes 20 min.
Carline 20 min.
Michael 22 min.
Carola 22 min.
Robin 24 min.
Rob 24 min.
Eline 24 min.
Als we deze gegevens verken in een grafiek, waar we het aantal leerlingen uitzetten tegen de tijd, ziet dat er als volgt uit:
Bronnen
Internet:
-
www.digischool.nl/bioplek
Datum waarop de site bezocht is: 30-09-2003
-
http://www.ond.irisnet.be.2056/Michael/2laboproeven.htm
Datum waarop de site bezocht is: 30-09-2003
Boeken:
Voeding en spijsvertering, Dr. J.A. Bernards, De Ruiter B.V., Siso-codering Je 5997
Binas, NVON-commissie, Wolters-Noordhoff BV Groningen, 4e druk, ISBN:90 0189377 5, pagina 113.
Verslag van de andere groep: ”The Masters”
Conclusie
Uit mijn resultaten kan ik de conclusie trekken, dat mijn hypothese aardig in de goede richting zat. Er is inderdaad verschil opgetreden in de tijd dat er geen blauwkleuring meer optrad (en dus in de amylase- activiteit). Zoals je kunt zien was er zelfs iemand met 6 minuten. Dus na 6 minuten trad er bij haar geen blauwkleuring meer op. Dat wil zeggen dat haar amylase erg actief was. Het gemiddelde ligt rond de 18,9 min. (= 19). Dus mensen die een langere tijd hadden, hadden dus ook een wat minder actief amylase. Mensen die onder deze tijd zaten hadden dus (gemiddeld) een hoger actief amylase, want hier was de blauwkleuring sneller weg en het zetmeel dus sneller omgezet.
Het verschil is echter niet zo groot als ik van te voren had gedacht. Behalve de 6, 12 en de 16 minuten is er niet echt iemand meer die veel buiten de gemiddelde tijd zit. Ik had eigenlijk verwacht dat de tijd onderling meer zou verschillen.
Er is dus inderdaad verschil in de amylase- activiteit in het speeksel van verschillende mensen.
Discussie/ foutenanalyse
Ik kan over twee dingen wat zeggen. Ten eerste over hoe de proef gegaan is en of deze nog beter/ anders had gekund. Ten tweede over mijn hypothese, of deze juist was en waarom wel/niet.
Als ik terugkijk naar hoe mijn proef gegaan is, ging deze best goed. De eerste keer had ik meteen in alle kuiltjes een druppel gedaan, maar dit is natuurlijk niet goed. Zodra het speeksel bij het zetmeel komt, begint het met het omzetten. Als je dan in elk kuiltje een druppel doet op hetzelfde moment, heb je overal hetzelfde resultaat. Je moet dus na 2 min. weer een druppel in het volgende kuiltje doen en na weer 2 min. weer een druppel in het volgende kuiltje, enz. Dan kun je pas zien of het na een bepaalde tijd niet meer blauw kleurt. Gelukkig kwam ik daar snel achter en ben ik meteen (nu goed) opnieuw begonnen. Verder ging het uitvoeren van de proef wel goed.
Dan is er natuurlijk de hypothese. In de allereerste hypothese die wij gemaakt hadden, gingen we te veel in op het feit of mensen gegeten hadden of niet. Natuurlijk maakt dat uit, maar de veranderende factor is dan de PH. In mijn nieuwe hypothese (en inleiding) heb ik dus ook deze factoren opgenoemd en bekeken. De nieuwe hypothese komt wel beter in de buurt van de resultaten.
Aan de tijden te zien, ligt mijn waarde (22) wel ongeveer bij het gemiddelde. Het wijkt niet zoveel af vergeleken met die van 6 min. en 12 min. Of deze mensen inderdaad een dergelijk hoge amylase- activiteit hebben, daar twijfel ik aan. Misschien is er bij hun wel iets fout gegaan bij de proef (bijvoorbeeld te veel/weinig zetmeel of te veel/weinig jodium toegevoegd).
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.