Geschreven door: | anoniem (4 havo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 20 juni 2004 |
Taal: |  |
Woorden: | 950 |
Bekeken: | 4460 keer (2 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Wat is een tumor?
In dit hoofdstuk zullen we algemene informatie geven over tumoren, maar ook over borsttumoren, omdat deze namelijk genoemd worden in het krantenartikel.
Elk mens heeft genen in zijn lichaam, dit hebben we van onze ouders geërfd. Dit erfelijke materiaal, ook wel DNA genoemd, komt voor in elke lichaamscel. Eén van de informatie die in dit DNA vastgelegd is, is het regelen en controleren van de celdeling (uit één cel ontstaan twee nieuwe cellen, die zich op hun beurt ook weer delen enz.).
Cellen kunnen door allerlei invloeden beschadigd raken. Meestal herstellen een soort van ‘repareer’ genen deze schade, maar soms kan een cel ook herstelbaar beschadigd raken. De beschadiging kan dan leiden tot een aantal veranderingen in de genen. Hierdoor raakt de groei, de deling en de ontwikkeling van de cel ontregeld. Er ontstaat dat een ongeremde celdeling die leidt tot een tumor, ook wel gezwel genoemd.
Deze abnormale celdeling en tumorvorming vind meestal plaats in een bepaald orgaan, bijv. in de borst, longen of darm. Dat spreken we van solide kanker (solide = vast, hecht, stevig).
Maar kanker kan ook bestaan uit woekering van bepaalde bloedcellen. Dan wordt er gesproken van niet-solide kanker(niet solide = vloeibaar, los). Niet solide kanker ontstaat meestal op één plaats in bijv. het beenmerg of lymfestelsel. Omdat dit weefsel op verschillende plaatsen voorkomt in het lichaam, verspreidt de ziekte zich snel naar andere plaatsen.
Er bestaat goedaardige tumoren en kwaadaardige tumoren.
Goedaardige tumoren kenmerken zich doordat ze zich niet door het lichaam verspreiden. Een voorbeeld hiervan is een wrat. Een goedaardige borsttumor is een rond, glad, stevig en pijnloos knobbeltje in de borst dat bestaat uit bind-en klierweefsel. Het voelt rubberachtig aan en kan gemakkelijk in de borst heen en weer worden bewogen. Fibroadenomen, zoals goedaardige borsttumoren genoemd worden, komen vaker bij jongere vrouwen voor.
Niet-solide kanker verspreidt zich altijd door het lichaam en is altijd kwaadaardig. Het lichaam heeft de celdeling dan namelijk niet meer onder controle.
Bij de behandeling van kwaadaardige borsttumoren worden combinaties van therapieën gebruikt.
Chirurgie speelt nog steeds een belangrijke rol. Afhankelijk van de situatie van de tumor wordt een gedeelte van de borst (lumpectomie genoemd), de hele borst (mastectomie genoemd) of zowel de borst als spieren, huid, vet en lymfeklieren er omheen weggenomen (radicale mastectomie genoemd). Bestraling, ook wel radiotherapie, heeft na de operatie een positief effect. Ook word er veel gebruik gemaakt van anti-hormonen, omdat is aangetoond dat hormonen, met name oestrogeen, een grote rol spelen bij het ontstaan van een borsttumor. Geneesmiddelen (chemotherapie) die de deling van kankercellen beïnvloeden zijn ook erg belangrijk bij het bestrijden van de borsttumor, met name wanneer de ziekte al in een gevorderd stadium verkeert.
Hoe werkt een aspirine?
In aspirine zit de stof salicylzuur. Deze stof komt voor in de natuur, onder andere in de Spirea (een moerasplant) en in de barst van een Wilg. Felix Hoffmann had succes op 10 augustus 1897, hij was namelijk de eerste geleerde die het gelukt was om het salicylzuur na te maken.
Hij had acetyl-salicylzuur in poedervorm gemaakt. Het smaakte minder vies, was beter voor de maag en was langer houdbaar dan het origineel. Binnen twee jaar was het te koop als aspirine.
Door de aspirine is Bayer & Co één van de grootste producenten van geneesmiddelen in de wereld geworden.
Pijn in het lichaam wordt veroorzaak door verschillende stoffen die vrijkomen bij beschadigingen. Werkende cellen in beschadigd weefsel geven deze stoffen af. Deze stoffen werken dan op de zenuwuiteinden. die het pijnsignaal naar de hersenen doorsturen. Een hormoon die daarin een belangrijke rol speelt is het zogeheten prostaglandine. In de cellen speelt het cyclooxygenase enzym een rol in het maken van prostaglandine. De aspirine voorkomt de werking van cyclooxygenase en voorkomt daarmee dus de vorming van prostaglandine, waardoor een groot gedeelte dus van de pijnt verdwijnt. Aspirine is dus een stof die de werking van een eiwit (cyclooxygenase) stopt.
Waarom helpt de aspirine tegen kanker?
Op 10 april 2003 verscheen er in de Nederlandse dagbladen, zie artikel, dat Amerikaanse onderzoekers ontdekt zouden hebben dat het slikken van aspirine of ibuprofen de kans op borstkanker zou kunnen verlagen.
Volgens de Nederlandse Kankerbestrijding/Koningin Wilhelmina Fonds zijn de resultaten van het onderzoek nog te voorbarig om conclusies te trekken over de beschermende werking van aspirine tegen borstkanker.
-Vrouwen die gedurende 10 jaar of langer per dag 325 milligram aspirine slikken zouden tot 28% minder kans op borstkanker hebben.
-200 gram ibuprofen dagelijks zou de kans op borstkanker zelfs met 50 % verminderen.
Binnenkort start er een groot onderzoek in Europa om de relatie tussen aspirine en een lagere kans op borstkanker te onderzoeken.
Tot voorkort werd er wél bewezen dat aspirine darmkanker kan voorkomen. De ziekte begint namelijk met poliepen in de dikke darm. Een poliep is een goedaardig gezwel, maar hier kunnen later echte kankergezwellen uit groeien. Er werd bewezen dat er met aspirine 40% minder kans is op poliepen. Dus misschien is er hoop dat de aspirine ook borstkanker helpt voorkomen.
Wat doet de Nederlandse Kanker Bestrijding?
In 1949 werd de Nederlandse Kankerbestrijding/Koningin Wilhelmina Fonds opgericht. Koningin Wilhelmina besloot om in 1948 een Nationaal Geschenk (1 miljoen euro) te gebruiken voor de bestrijding van kanker. Hiermee werd het Koningin Wilhelmina Fonds een feit.
De missie van de Nederlandse Kankerbestrijding/Koningin Wilhelmina Fonds (KWF) is
minder kans op kanker
meer kans op genezing
een betere kwaliteit van leven voor de patiënt met kanker en hun naasten.
In 1949 werd ruim 64000 gulden in gecollecteerd, in 2000 werd er meer dan 16 miljoen gulden opgehaald. Daarnaast gaf de bevolking ruim 100 miljoen in giften, acties, donaties en erfstellingen om kanker te bestrijden. Het KNF bestaat uit 1600 plaatselijke comités met ruim 120000 vrijwilligers.
In 1989 is de naam ‘Nederlandse Kankerbestrijding’ er aan toegevoegd. Dit maakt de doelstelling direct duidelijk en voorkomt verwarring met andere fondsen die genoemd zijn naar leden van het Koninklijk Huis.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.