ff n studiebreak

Bankhangende Justine steekt loom haar duim op voor niet-sportende jongeren. Want wie sport er tegenwoordig nou nog?

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

Geschreven door:

anoniem

Datum ingestuurd:

13 juni 2004

Taal:

Woorden:

950

Bekeken:

2832 keer (7 deze maand)

Waardering:

3.0/5 (17 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 
Hoofdstuk 8, uittreksel.

Paragraaf 1.
Tweederde van de producten die Nederland maakt is bedoeld voor de uitvoer. (export)
Er worden ook veel Nederlandse producten ingevoerd (banaan, schoenen, auto’s) (import)

Waarom zou een land als Nederland goederen importeren?
• Het kan zijn dat Nederland de grondstof niet heeft.
• Het Nederlandse klimaat kan er ongeschikt voor zijn.
• Een ander land kan over meer kennis of technologie beschikken.
• De loonkosten kunnen in andere landen lager zijn.

Internationale arbeidsverdeling: Landen specialiseren zich in productie van die goederen en diensten waarmee zij voorsprong hebben.
Internationale handel: Import en export tussen verschillende landen

Paragraaf 2
Nederland maakt deel uit van de Europese Unie. De Europese integratie begon in 1958 met de Europese Gemeenschap. In 1993 is het verdrag van Maastricht opgericht hieruit is de Economische en Monetaire Unie uit gekomen, sindsdien is Europa één grote markt, waar mensen, goederen en kapitaal vrij van de ene plaats naar de andere kunnen gaan.

Er is vrij verkeer omdat er geen invoerrechten meer zijn. Sinds de komst van de EMU is er één munt de Euro.

Paragraaf 3
Open economie: Land met veel import en export
Gesloten economie: Land met weinig import en export (deze landen zijn zelfvoorzienend)

Waarom handel?
• Geld verdienen
• Mensen hebben zich gespecialiseerd in iets.

In Nederland zijn ongeveer 15 miljoen consumenten. Door interne Europose markt hebben de Nederlandse ondernemers in een klap zo’n 300 miljoen consumenten bij gekregen.

Voordelen van interne Europese markt voor Nederlandse ondernemers:
• Grotere afzetmarkt
• Schaalvoordelen
• Concurrentiepositie
• Invoerrechten
• Monetaire Unie (met één munt)
• Als je buitenlands geld ontvangt, wordt dat niet opeens veel minder waard.

Nadelen van interne Europese markt voor Nederlandse ondernemers:
• Buitenlandse ondernemers treden toe tot de Nederlandse markt
• Ook Amerikaanse en Aziatische ondernemingen profiteren van de Europese markt.
• Taalproblemen
• Mentaliteitsverschillen in de Europese landen.

Wie hebben er veel belang bij interne Europese markt?
• Vervoerssector
• Industrie
• Financiële sector

Fusie: Hier gaan twee bedrijven helemaal samen.
Milieubeleid: Maatregelen van de overheid om het milieu te verbeteren.

Paragraaf 4
Europese eenwording voordelen daarvan zijn:

• De binnengrenzen vervallen, en daarmee de controles, je kan goederen vervoeren zonder invoerrechten te betalen.
• Met een europees paspoort kun je je vrij bewegen in alle lidstaten.
• Je kunt gedurende 3 maanden in een lidstaat verblijven, daarna heb je een verblijfsvergunning nodig.
• Je kunt werken in andere lidstaten, je hebt geen werkvergunning meer nodig.
• De EU organiseert uitwisselingsprojecten om zo, voor jongeren een andere cultuur te leren kennen.

De Europese Unie blijft zich ontwikkelen en blijft zich inzetten om de kloof tussen arme en rijke landen te verkleinen.

Paragraaf 5
Multinationale onderneming (MNO): Bedrijf die in meer landen een productiebedrijf heeft.
Protectie: bescherming van de eigen handel.

Economisch blok: Sinds de interne markt is er sprake van vrijhandel.
• NAFTA: vrijhandel tussen VS, Canada, Mexico.

Een land kan op verschillende manieren handelsbelemmeringen opwerpen:
• Het heffen van invoerrechten
• Het instellen van contingent (slechts een max. aantal van product worden ingevoerd)
• Het instellen van extra zware milieu/kwaliteitseisen.
• Het geven van subsidies aan nationale bedrijven.

Wereldhandelsorganisatie : probeert de protectie te verminderen.

Wisselkoers : prijs van een munt uitgedrukt in een andere munt
• Koersdaling? import voor Nederland goedkoper/export duurder!
• Koersstijging? import duurder/export goedkoper!

Hoofdstuk 9, uittreksel.

Paragraaf 1.
1e wereld: Rijke landen
2e wereld: Vroegere communistische landen
3e wereld: Ontwikkelingslanden

Groepen landen in 3e wereld:
• Minst ontwikkelde landen
o Liggen vooral in Afrika en Caribisch gebied
o Veel landen vallen onder deze groep, en vele worden steeds armer
• Schuldenlanden
o Brazilië, Nigeria, Marokko
• Nieuwe industrielanden
o Landen waar de industrie een ongekende ontwikkeling doorgemaakt heeft.
• Olie-exporterende landen
o Landen waar olie een groot deel van de export uitmaakt
o Algerije, Saudi-Arabië, Syrië, Mexico

Paragraaf 2.
Oorzaken armoede:
• Koloniaal verleden
o Vroeger waren landen op Zuidelijk halfrond een kolonie van een rijk Europees land. Dit land kon beschikken over goedkoper grondstoffen enz…
• Ongelijke machtsverhoudingen
• Gezondheidssituatie
o Hoge kindersterfte (levensverzekering ouders)
• Monoculturen
o Veel ontwikkelingslanden zijn voor export onafhankelijk van een of twee grondstoffen. De opbrengsten kunnen teruglopen door misoogsten of prijsschommeling op de wereldmarkt.
• Sociale misstanden
o Grote tegenstelling tussen arm en rijk.

Paragraaf 3.
In de jaren 70 was er geld in overvloed bij Westerse banken. Ze gaven dit te leen aan ontwikkelingslanden en vroegen niet veel rente. De regeringen en bedrijven in Latijns Amerika en Afrika wilde dat wel. Met dat geld bouwden ze dure gebouwen en installaties, die zo’n regering veel aanzien gaven maar die niet altijd echt nuttig waren voor het land. Ze moesten wel de schulden afbetalen en de rente daarop.

Jaren 80 + 90: Ruilvoetverslechtering : Schuldenlast : Rente steeg

Paragraaf 4.
Jaren 50/60: investeerde men in grote fabrieken
Dit werkte niet dus stuurde het Westen specialisten die moesten zeggen hoe???
Jaren 70: Het werkte ook niet, arme landen werden veel te afhankelijk van westerse technologie.
Daarom ging met terug naar de basisbehoeften : eerst noodzakelijke dingen

In bittere armoede waren mensen op platteland gedwongen om laatste bos te kappen, en ontwikkelingshulp deden meer kwaad dan goed. Gevolg:
• Erosie
• Overstromingen
• Opdrukkende woestijnen

Laatste jaren richten rijke landen vooral op goed bestuur in arme landen

IMF eist van regeringen dat ze eerst zelf bezuinigen voor ze hulp krijgen.

Concentratielanden: beperkte groep arme landen waarop de ontwikkelingshulp zich concentreert.

Paragraaf 5.
‘Trade not Aid’, dit is een leus om de economie van derde wereldlanden er weer bovenop te krijgen. Het betekent zorg maar dat wij onze producten voor een normale prijs in een westers land kunnen verkopen.

Bij ontwikkelingssamenwerking heeft dit nieuwe inzicht veel gevolgen, de westerse deskundige doet steeds minder. Dat doen de plaatselijke mensen nu.

Ook is er een samenwerking tussen twee derdewereldlanden, ze hebben vaak dezelfde problemen en dus kunnen ze vaak elkaar helpen. Dit heet een Zuid-Zuid-samenwerking. Zo’n handel kan dat land ook afhankelijker maken van het Westen.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.