Geschreven door: | anoniem (1 havo/vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 8 juni 2004 |
Taal: |  |
Woorden: | 400 |
Bekeken: | 2901 keer (6 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Inleiding
Het zou je maar gebeuren: je wordt blind. Door bijvoorbeeld vuurwerk of een splinter of een ongeluk of…
Het kan ook zo zijn dat je het vanaf je geboorte blind bent.
Blind zijn is natuurlijk best lastig. Je kunt niets gewoon lezen! Je kunt niemand zien! Als je vanaf je geboorte blind bent, weet je niet eens hoe je eigen moeder eruit ziet!
Over zulke personen gaan wij het hebben. Gelukkig zijn wij niet blind, dus we kunnen jullie gewoon aankijken.
Voor deze mensen zijn een heleboel dingen bedacht. Hulpmiddelen noem je die. Bijvoorbeeld het brailleschrift, een blindenstok, een blindengeleidehond, etc.
Hoe verandert je leven als je blind bent?
Zoals al gezegd werd, kun je niemand zien. Zij leiden een aangepast leven. Zij gaan naar speciale blindenscholen en hebben allerlei hulpmiddelen.
Bij een heleboel dingen kun je je niets voorstellen. Geluid wordt heel belangrijk in je leven. Je oren vangen vaak meer op.
Wat heel zielig is, is dat je sommige beroepen ook niet kunt doen. Beroepen die je niet kunt beoefenen zijn bijvoorbeeld: leraar, laborant, vuilnisman, piloot, soldaat, timmerman, etc.. Geen één beroep met communicatie als hoofddoel.
Je kunt ook niet computeren. Er zijn wel speciale computers voor blinden, maar je kunt natuurlijk nooit het scherm zien.
Je kunt ook geen auto rijden. Als dat zo zou zijn, zouden er heel veel ongelukken gebeuren.
Gelukkig zijn er tegenwoordig heel veel voorzieningen voor blinden. Vroeger was het erger om blind te zijn. Niet dat dat nu niet zo is, maar nu zijn er mensen die je bijstaan: organisaties, speciale scholen, etc..
Je hebt ook mensen die doofstom zijn. Zij kunnen niet horen, maar ook niet praten! Zij kunnen dus eigenlijk alleen communiceren met de ogen.
Bij het begrip blindheid komen de vier ANW-vragen ook weer naar voren.
Ik zal een van de vier vragen duidelijk maken bij blindheid: het ethische ervan. Want is een blinde afhankelijk van anderen of niet?
Dit zal per blinde verschillen. De een zal naar hulporganisaties gaan, de ander zal zoveel mogelijk zelf doen.
Het kan ook zijn dat een blinde lui gaat leven, omdat hij dan vindt: ik ben toch blind, de mensen hebben niets aan mij. Maar dat is ook fout. Wij hebben dan ook de taak die mensen optimistischer te maken en te laten ‘zien’ dat het leven voor hen ook zin heeft.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.