Geschreven door: | anoniem [meer] |
Datum ingestuurd: | 12 januari 2004 |
Taal: |  |
Woorden: | 1.600 |
Bekeken: | 1404 keer (5 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
De plaats van het dal der koningen
Bij Der el-Bahari begint een breed, heuvelachtig en door steile rotswanden omsloten dal ( Biban el-Moeloek= poorten der koningen). De graven zijn in de steile wanden maar ook in de kleinere heuvels aangelegd. Men kan er van uitgaan dat de toegangen van de oude graven na de begrafenisplechtigheid met losse stenen zijn afgesloten.
De grootse majestueuze necropool van de onsterfelijke farao’s in het westen van Thebe was een dal dat in 2 gebieden verdeeld kan worden: de westvallei (dal der apen), met vier graven waaronder twee koningen: Amenhotep en Eje, terwijl de Oostvallei die aan de verlenging van de toegangsweg ligt en in het algemeen “dal der Koningen”genoemd word meer dan achtenvijftig graven bevat. Het dal der koningen en de graven van de edelen behoren tot de meest bezochte en best bekende archeologische plaatsen in heel Egypte. De graven van Thebe
zijn unieke kunstwerken met wandschilderingen van onschatbare waarde en zijn tot cultureel erfgoed van de mens uitgeroepen.
Het dal der koningen is een vallei die op het eerste gezicht lijkt op een van de velen valeien aan de rand van de Libische woestijn. Er zijn veel kleine paadjes gevonden die allemaal leiden naar het dal der koningen. Sommigen zijn zo oud en uitgesleten dat men niet meer kan onderscheiden of er mensen voeten overheen zijn gegaan of ezels hoefjes. Deze vallei is archeologisch gezien een waterbedding ( wat volgens de Egyptenaren een Wadi is, waarlangs het water dat uit de hemel is gevallen door kan stromen naar de Nijl). Het meest naar de Nijl gelegen deel heet: Wadiyén en is een brede bedding, bezaaid met neergestorte of door water meegesleurde rotsblokken. Daar waar de Wadiyén vroeger werd begrensd door een verhoging in de bodem (een verhoging die men later weggroef om gemakkelijk toegang te krijgen voor de begrafenisstoeten) begint het echte dal der koningen. 500 jaar lang is de vallei gebruikt als koninklijke begraafplaats. Drie dynastieën van farao’s, de 18de 19de en 20ste, werden hier met pracht en praal bijgezet in hun huizen voor de eeuwigheid. Er zijn veel roverijen in de vallei geweest.
De bouw van een koninklijk graf.
In de ogen van de farao was het graf hun huis voor de eeuwigheid. De Egyptenaren geloofden erin dat je na je dood doorleefde. Men liet daarom ook graan en andere geschenken na voor het leven dat de farao na zijn dood zou gaan leven. De graven in de doden vallei zijn niet zoals andere piramides in Egypte. In de doden vallei zijn de graven uitgehakt uit de bergen. In de vallei werden in totaal ruim 70 graven uitgehakt van zeer klein tot zeer groot. Maar op de totale inhoud van de bergen en heuvels die de vallei omsluiten is dat natuurlijk zeer weinig. De aanleg van een graf nam een enorme drukte met zich mee. Er moest allereerst een goede plaats worden gekozen en daarbij kon men ook op verrassingen stuiten. Het
terrein van de vallei moest worden onderzocht. soms bleek de rots diep in het graf van slechte kwaliteit te zijn.
De bouw van een eigen graf was een van de belangrijkste taken uit het leven van een levende farao. Over het algemeen werd de plaats van het toekomstige graf al in het eerste jaar dat de farao heerste gekozen. Daarna werd er een plan uitgewerkt waarin niet alleen de achitectonische dingen werden uitgewerkt maar ook de decoraties, de beschilderingen en de tekst die op de muur moest komen. Vervolgens werd er onmiddellijk aan de bouw van het graf begonnen. De bouw werd aan de architect en de ambachtslieden overgelaten die in het dorp Deir el-Manideh leefden. De lengte van de werkdagen lag aan de grote van het graf. De werkdag begon
bij zonsopgang en duurde tot acht uur. Het werktempo was niet vermoeiend en tijdens de werkweek , die tien dagen duurde waren er twee rustdagen. Op deze wekelijkse rustdagen waren er godsdienstige feesten. Ambachtslieden waren in teams verdeeld bij zonsopgang en duurde tot acht uur. Het werktempo was niet vermoeien en tijdens de werkweek , die tien dagen duurde waren er twee rustdagen. Op deze wekelijkse rustdagen waren er godsdienstige feesten.
Ambachtslieden waren in teams verdeeld, en werkten onder leiding van een architect. Elk team was in 2 groepen onderverdeeld, de rechtse en de linkse groep, die onder bevel van 2 ploegbazen in de overeenkomstige delen van het graf werkten. De leider van het team was door de farao gekozen. De leider controleerde de afwezigheids reden van de arbeiders. De lonen werden door middel van voedsel uit de voorraad van de farao’s betaald. De farao betaalde voornamelijk met graan. De groepen waren zo’n 30 tot 60 personen maar dat kon verhoogt worden tot 100 of 120 personen.
De ambachtslieden hadden verschillende taken en werkten als steenhouwers, stukadoors, beeldhouwers, schilders en decorateurs. Ze werkten naast elkaar zodat als de ene klaar was de andere kon beginnen. De arbeiders in de steengroeve begonnen het eerst, terwijl zij nog aan het graven waren en steeds dieper in de berg kwamen, waren de stukadoors al bezig de wanden glad te maken. Ze deden dit door op de steen een laag Muna, een pleister van een mengsel van klei, kwarts, kalksteen en fijngemaakt stro, aan te brengen. Daar overheen kwam een laag dunnere pleister van klei met kalk steen, die vervolgens met een laag gips opgelost in water wit werd gemaakt. Het aanbrengen van de decoraties die door de hoge priesters in overleg met de farao werden gekozen, werd aan de schilders toevertrouwd. De schilders gebruikten rode klei-aarde nadat ze de te beschilderen oppervlakte hadden onderverdeeld. De schilders werkten met een stok aan een touw om de beschilderingen precies op de goede manier aan te brengen. De schilders werkten onder toezicht van een hoofd schilder die met een stuk houtskool correcties aanbracht. Daarna bewerkten de beeldhouwers de rots zodat er een bas-relief ontstond, dat later door de schilders die zes verschillende basiskleuren met een symbolische en rituele betekenis gebruikten, werden beschilderd.
De bouwplannen van de koninklijke graven zijn complex en elk graf heeft bijzondere kenmerken. Wel hebben ze allemaal de zelfde basis elementen
zoals de ladder, de aflopende gang die naar de zalen leidt en de grafkamer die ontworpen werd om da sarcofaag van de farao te plaatsen. Terwijl de grafwerkzaamheden in het diepste gedeelte van het graf nog niet waren voltooid, waren de voorste gedeelten praktisch al klaar. Dankzij de logische arbeidsverdeling kon in een ongelooflijk hoog tempo worden gewerkt en ondanks er met primitief gereedschap werd gewerkt kon een koninklijk graf binnen enkele maanden klaar zijn. Voor een groter grafcomplex was meer tijd nodig ongeveer een periode van zes tot tien jaar. Ook de zonen van de ambachtslieden waren bij het werk betrokken en werden met eenvoudige werkzaam heden belast. Behalve deze mensen waren er ook lijfeigenen, eenvoudige arbeiders die de farao naar het dorp van de arbeidslieden stuurde om daar de eenvoudigste en meest vermoeiende werkzaamheden
uit te voeren, die voor het functioneren van de groep van gespecialiseerde
arbeiders nodig waren, zoals bijvoorbeeld het dragen van water, en het voorbereiden van een pleister en fakkels voor de verlichting. Fakkels waren aardewerkpotten die met sesamolie en zout of dierlijke vetten werden gevuld, een stuk linnen werd op gerold en diende als lont. Het schijnt dat het zout was om rook vorming te voorkomen en om de schilderingen tegen beschadiging te beschermen.
Het nieuws van de dood van de farao was voor de arbeiders een vrolijk bericht, er was weer nieuw werk om te doen. de periode tussen de dood van de farao en de begrafenis zat een periode van zo’n drie maanden. Deze tijd was nodig voor het ritueel van het balsemen en de voorbereiding van het lichaam van de koning, dat nadat het zeventig dagen ondergedompeld in natron had gelegen, in een laag van zeer dun linnen werd ingepakt, waarbij op de daarvoor precies aangegeven plekken amuletten werden gelegd, die men later met een tweede laag bredere bandages doordrenkt met hars en essentiële oliën werden bedekt. De koninklijke mummie werd in zijn houten sarcofaag gevolgd door wenende vrouwen, terwijl de kaalhoofdige priesters wierook verbranden en hun sistrums schudden. Zodra de stoet het graf bereikte en ervoor stond werd de sarcofaag opgericht en voerde de priester of soms de nieuwe farao een ritueel uit. Daarna werden de stoffelijke overblijfselen naar de grafkamer gedragen. Waar een monumentale stenen sarcofaag gereed stond, die met het zware deksel werd bedekt waarin de naam van de koning was gegraveerd. Op het moment dat de familieleden en vrienden van de
overledene aan het begrafenisfeestmaal begonnen, sloten de arbeiders de ingang van het graf hermetisch af en brachten er zegels op aan. Het verbergen van de ingang begon pas vanaf de 19de dynastie, tot op dat moment waren de ingangen nog te zien. Maar die werden door de bewakers regelmatig gecontroleerd of ze nog ongeschonden waren. Vanaf het moment dat het graf gesloten en verzegeld was mocht niemand meer naar binnen.
De ontdekkingen in de vallei.
De eerste onderzoekingen die bekend zijn waren in de 18de eeuw. De eerste beschrijving van zo’n onderzoek is van de jezuït Claudio Siccardi (begin 18de eeuw) na hem volgden de Engelsen Pococke, Bruce en Browne, de fransman Vivant Denon en ten slotte de geleerden die met het expeditie leger van napoleon meekwamen. Van aanmerkelijk beter wetenschappelijk niveau waren de verslagen van de expedities van Champollion(heeft de hiërogliefen vertaald 1822) en Rosellini (1828-1829) en van Karl Lepsius (1842-1945).
De eerste opgravingen werden verricht door Giovanni Battista Belzoni, nadat hij het graf van Teje en dat van een heerser van de twintigste dynastie had ontdekt, ontdekte hij op 17 november 1817 het, mooiste en beroemdste koningsgraf: het graf van Seti, de vader van Ramses2. hij schreef dit graf toe aan een vroegere dynastie. De jaren nadat de hiërogliefen waren vertaald(1822) werden er nieuwe ontdekkingen gedaan.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.