ff n studiebreak

Experiment: geen Twitter, mail en Whatsapp meer voor Nina. Wel faxen, brieven in enveloppen en ouderwetsch bellen.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

*MieY*

Datum ingestuurd:

25 november 2003

Taal:

Woorden:

4.100

Bekeken:

5176 keer (5 deze maand)

Waardering:

3.5/5 (45 stemmen)

Deel op:

  • Door Raymond op 26-03-2004
    Heb je ook een bronvermelding??? Dankjuh
  • Door fjt op 06-01-2004
    een werkstuk gemaakt door hele stukken tekst uit folders te kopieren of van het net te plukken is als het plegen van plagiaat. ik mis de vermelding van de bronnen die gebruikt zijn, maar met geavanceerd zoeken zijn deze snel getraceerd. het werkstuk beoordelen als leerlingenwerkstuk met de hoogste... lees meer
Inhoud

H1 Wat zijn soa’s?
Paragraaf 1: Hoe loop je het op?
Paragraaf 2: Klachten en gevolgen.
H2 De soa-test.
Paragraaf 1: Wanneer een soa-test?
Paragraaf 2: Waar kun je een soa-test laten doen?
Paragraaf 3: Bloedonderzoek.
Paragraaf 4: Lichamelijk onderzoek: uitstrijkjes.
Paragraaf 5: Urine-onderzoek.
H3 Behandeling.
H4 Partnerwaarschuwing.
H5 Epidemiologie van soa in Nederland: algemeen.
H6 Soa top 5.
Paragraaf 1: De soa top 5.
Paragraaf 2: Andere soa’s.
H7 Als je meer wilt weten.
Paragraaf 1: GGD.
Paragraaf 2: Soa-poliklinieken.
Paragraaf 3: Centra voor seksualiteit.

H1 Wat zijn soa’s?b>

Soa is een afkorting voor seksueel overdraagbare aandoeningen. Per jaar lopen in Nederland naar schatting ruim 100.000 mensen een soa op. Sommige soa hebben ernstige gevolgen, als ze niet op tijd worden behandeld. Gelukkig zijn de meeste soa gemakkelijk te genezen. Soa zijn besmettelijk. Je kunt een soa hebben zonder dat je er iets van merkt. Ook dan kun je een soa (ongemerkt) doorgeven.
Voorbeelden van soa zijn: hiv, het virus dat aids veroorzaakt, chlamydia, genitale wratten, herpes genitalis, gonorroe, hepatitis B en syfilis.

1.2 Hoe loop je het op?

Soa worden overgedragen via sperma, bloed, vaginaal vocht en bij contact tussen slijmvliezen. Slijmvliezen zitten onder andere in de anus, penis, de vagina en de mond.
De meeste soa worden opgelopen bij onveilig vrijen. Onveilig vrijen is:
• Vaginale geslachtsgemeenschap zonder condoom;
• Anale geslachtsgemeenschap zonder extra sterk condoom;
• Orale seks (pijpen en beffen) zonder condoom of beflapje.
Een aantal soa is ook overdraagbaar via bloed. Je kunt ze oplopen als gevolg van een onhygiënische tatoeage of piercing. Of als je bij drugsgebruik naalden, spuiten of andere spullen van een ander gebruikt. Hiv, hepatitis B en syfilis kunnen tijdens de zwangerschap worden overgedragen van moeder op kind. Hiv, hepatitis B, syfilis, chlamydia, herpes genitalis en gonorroe kunnen tijdens de geboorte worden overgedragen op de baby.
Een soa krijg je niet door uit het kopje van een ander te drinken. Je krijgt het ook niet via een hoestbui, insectenbeten of een vieze wc-bril. Ook in het zwembad loop je geen risico.

1.2 Klachten en gevolgen.

Soms heb je een soa, maar nauwelijks of geen klachten. Of ze zijn zo vaag dat je er geen last van hebt. Vooral vrouwen merken vaak niet dat ze een soa hebben. Als er klachten zijn gaat het meestal om:
• Afscheiding of pus uit penis, vagina of anus. Bij vrouwen is de afscheiding vaak meer dan normaal. De afscheiding kan waterig, melkachtig, gelig of groenig van kleur zijn en anders ruiken;
• Branderig gevoel, geïrriteerdheid, pijn bij of na het plassen of kleine beetjes moeten plassen;
• Zweertjes, wratjes, blaasjes op de penis, vagina, anus of mond;
• Jeuk in het schaamhaar, aan de eikel, schaamlippen of anus;
• Gezwollen klieren in de liezen;
• Pijn in één of beide (bij-)ballen;
• Pijn in de onderbuik;
• Pijn bij het vrijen, of onregelmatig of abnormaal bloedverlies, bijvoorbeeld na het vrijen of tussen twee menstruatieperioden in.
Deze klachten kunnen ook symptomen zijn van andere ziekten.

Soa gaan nooit vanzelf over. Als je onveilig hebt gevreeën en denkt dat je een soa hebt opgelopen, blijf daar dan niet mee rondlopen. Soa kunnen nare gevolgen hebben. Ook ben je besmettelijk voor anderen, als je een soa-infectie hebt. Bovendien is het risico dat je hiv oploopt groter als je al een soa hebt. Daarom is het belangrijk dat je naar een arts gaat en je laat onderzoeken. Zeg dat je onveilig hebt gevreeën, dan weet de arts dat hij je moet controleren op soa.
Er kunnen verschillende aanleidingen zijn om een soa-test te laten doen:
• Het kan zijn dat je onveilig hebt gevreeën, en dat je bang bent dat je iets hebt opgelopen;
• Ook als het condoom is gescheurd tijdens het vrijen, kun je ongerust zijn dat je een soa hebt opgelopen;
• Het kan zijn dat je gewaarschuwd bent door een partner of ex-partner, die een soa heeft en die dat mogelijk aan jou heeft overgedragen;
• Ook lichamelijke klachten, na onveilig vrijen, kunnen aanleiding zijn voor een soa-test. Mogelijke verschijnselen bij soa zijn: meer afscheiding uit vagina of penis of andere afscheiding dan normaal, blaasjes, wondjes of wratjes op of rond de geslachtsdelen of pijn bij het plassen;
• Je hebt een vaste relatie en wilt zonder condooms vrijen. Stel dan eerst vast welke risico's jullie in het verleden hebben gelopen. Om zeker te zijn dat jij en je partner geen soa hebben, kunnen jullie je allebei laten onderzoeken;
• Je bent zwanger en wilt het risico dat je een soa overdraagt op je kind voorkomen;
• Een andere belangrijke reden voor soa-test is zekerheid over je eigen gezondheid. Sommige soa zijn sluipend aanwezig. Als je in het verleden wel eens onveilig hebt gevreeën, kun je een soa-test én een hiv-test laten doen.

H2 De soa-test.

Bij een soa-test kun je op verschillende manieren worden onderzocht. Hieronder worden de drie belangrijkste onderdelen uitgelicht: bloed-, lichamelijk- en urine-onderzoek. Hoe je wordt onderzocht is afhankelijk van de eventuele klachten en de manier waarop je hebt gevreeën. Om je goed te kunnen onderzoeken, heeft de arts voorafgaand aan het onderzoek een gesprek met je.

2.1 Wanneer een soa-test?

Als je onveilig hebt gevreeën of als het condoom is gescheurd, moet je minimaal één week wachten met een soa-test. Na die week is het pas zinvol om je te laten testen. Heb je klachten, ga dan direct naar een arts. Een hiv-test is pas drie maanden nadat je onveilig hebt gevreeën zinvol. Het duurt drie maanden voordat er antistoffen tegen hiv in je bloed zijn aangemaakt en de arts kan bepalen of je seropositief bent.

2.2 Waar kun je een soa-test laten doen?

Voor een soa-test kun je terecht bij de huisarts. De huisarts kan je ook doorverwijzen naar een dermatoloog (specialist huid- en geslachtsziektenspecialist) of gynaecoloog (vrouwenarts). Het ziekenfonds vergoedt deze behandelingen. Als je het moeilijk vindt om naar je huisarts te gaan, kun je je anoniem laten testen bij een laagdrempelige of een drempelvrije soa-polikliniek, onder verantwoordelijkheid van een dermatoloog. Drempelvrij betekent gratis en anoniem soa- en hiv-onderzoek, ook als je onverzekerd bent. Je kunt er terecht zonder doorverwijzing. In Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht zijn drempelvrije poliklinieken.
Laagdrempelig betekent dat je een verwijzing van een sociaalverpleegkundige voor soa van de GGD nodig hebt. Ook dat onderzoek is gratis en anoniem. Laagdrempelige soa-poliklinieken vind je in Groningen, Leiden, Maastricht en Nijmegen.
Bij sommige GGD-afdelingen kun je ook terecht voor onderzoek en behandeling van soa. Tenslotte kun je voor soa-test naar de Rutgers Stichting. Hier moet je wel betalen voor het onderzoek. Alle artsen hebben beroepsgeheim. Zij mogen geen informatie over jou aan anderen geven.

2.3 Bloedonderzoek.

Er wordt bloed afgenomen. Tijdens een routine onderzoek bij een soa-polikliniek wordt het bloed standaard onderzocht op aanwezigheid van syfilis en soms op hepatitis B. De hiv-test kan met hetzelfde bloed worden gedaan. Je moet daarvoor vooraf (schriftelijk) toestemming geven.

2.4 Lichamelijk onderzoek: uitstrijkjes.

Een uitstrijkje wordt gemaakt uit de penis, de vagina, de anus (bij anale seks) of de keel (bij orale seks). Bij vrouwen wordt vocht van het slijmvlies van de baarmoedermond afgenomen. (Dit is een ander uitstrijkje dan het uitstrijkje op baarmoederhalskanker). Dat gebeurt met een metalen instrument: de eendenbek. De arts of verpleegkundige kan hiermee het slijmvlies van de baarmoedermond bereiken en de vagina bekijken. Het uitstrijkje doet geen pijn.
Bij mannen neemt de arts of verpleegkundige met een smal stokje vocht af uit het buitenste stukje van de plasbuis. Deze ingreep kan gevoelig zijn.
Een uitstrijkje uit de anus gebeurt met een instrument dat een klein stukje in de anus wordt aangebracht (de proctoscoop). Met het instrument wordt een afstrijkje afgenomen uit de anus en wordt de anus van binnen bekeken.
Herpes genitalis en genitale wratten zijn duidelijk aantoonbaar als de ziekte actief is, dus als er blaasjes/erosies of wratten op of rond de geslachtsdelen zitten. De arts kan de diagnose stellen door de wratten of blaasjes/erosies goed te bekijken. Als er sprake is van blaasjes of erosies op of rond de geslachtsdelen, kan de arts daaruit materiaal afnemen, om na te gaan of je herpes hebt.
Als er geen klachten of symptomen zijn die op herpes wijzen geeft een routine soa-onderzoek dus geen uitsluitsel op de vraag of je 'drager' bent van het herpes virus.

2.5 Urine-onderzoek.

Paragraaf 3: Centra voor seksualiteitMet nieuwe laboratoriumtechnieken, kan steeds meer onderzoek op soa worden gedaan aan de hand van urine. De arts bekijkt het liefst je eerste (ochtend)urine. Onderzoek op chlamydia aan de hand van urine, is op dit moment voor mannen net zo betrouwbaar als een uitstrijkje. Bij vrouwen is het urineonderzoek iets minder betrouwbaar.

H3 Behandeling.

Als je (denkt dat je) een soa hebt, ga dan naar een arts. Ook al verdwijnen de klachten of worden ze minder, behandeling is altijd nodig. Zelfs een arts kan pas na onderzoek vertellen of je een soa hebt en zo ja, welke. De huisarts kan je doorverwijzen naar een dermatoloog of vrouwenarts.
Zeg tegen de arts dat je denkt dat je een soa hebt. Hij/zij kan er dan gericht op onderzoeken.
Alle artsen hebben beroepsgeheim. Ze mogen geen informatie van jou doorgeven aan anderen. Ook niet aan je ouders.
De meeste soa zijn eenvoudig te genezen. Andere soa raak je nooit meer kwijt als je ze eenmaal hebt opgelopen. Soms kun je wel de klachten bestrijden, zoals bij herpes genitalis en genitale wratten. Omdat het virus in het lichaam aanwezig blijft, komen de verschijnselen soms terug. Dat gebeurt vaak als je weerstand vermindert, bijvoorbeeld omdat je gestresst bent of bij griep.
Er zijn geen medicijnen om hiv en aids te genezen.
Welke behandeling wordt voorgeschreven, verschilt per soa. Ook de duur van de behandeling is per soa verschillend. Meestal wordt afgeraden om tijdens de behandeling te vrijen. Je lichaam kan zich dan herstellen en je voorkomt dat je de soa aan je partner overdraagt. Als je toch wilt vrijen, gebruik dan een condoom. Om te voorkomen dat jij en je partner elkaar over en weer blijven besmetten, is het van belang dat je partner(s) zich ook laat (laten) behandelen. Als je onveilig vrijt kun je steeds opnieuw een soa oplopen.

H4 Partnerwaarschuwing.

Vanaf het moment dat je een soa oploopt totdat de behandeling is afgerond, ben je besmettelijk voor anderen. Ook als je geen klachten hebt, of als deze zo vaag zijn, dat je er geen last van hebt. Waarschuw daarom je partner(s) met wie je seksueel contact hebt gehad. Zij kunnen de soa ook hebben, ook al hebben ze (nog) geen klachten. Ze kunnen bovendien de soa ongemerkt doorgeven. Door je partner(s) te waarschuwen, voorkom je dat de soa verder wordt verspreid of dat deze voor anderen ernstige gevolgen krijgt.
Als iemand jou waarschuwt, neem dat dan serieus. Ga naar een arts, ook al heb je zelf (nog) geen klachten.
Misschien vind je het moeilijk om zelf aan je seksuele partner(s) te vertellen dat je een soa hebt. Neem dan contact op met de sociaalverpleegkundige soa/aids van de GGD. Hij/zij kan anoniem je partner(s) waarschuwen. Iemand wordt alleen gewaarschuwd als je daar toestemming voor geeft.

H5 Epidemiologie van soa in Nederland: algemeen.

In Nederland ontbreekt het aan goede landelijke cijfers over het voorkomen van soa. Er is geen nationaal surveillancesysteem, al wordt daar momenteel hard aan gewerkt. Op deelterreinen zijn wel gegevens bekend. Hoewel het moeilijk is om algemene uitspraken te doen over de mate waarin risico’s van soa worden gelopen, is op basis van de bestaande gegevens wel een schets van de soa-problematiek in Nederland te maken:
• In Nederland lopen naar schatting 100.000 mensen per jaar een soa op (cijfers 1996).
• Chlamydia-infectie komt het meest voor. In Amsterdam heeft 3 tot 5% van de seksueel actieve personen tussen de 15 en 40 jaar een chlamydia-infectie. Vrouwen lopen hierdoor een risico van complicaties die tot onvruchtbaarheid kunnen leiden.
• Jaarlijks zijn er 750 nieuwe gevallen van hepatitis-B. Van de Nederlandse bevolking is 0,2% drager van het virus.
• Jongeren blijven een belangrijke risicogroep. Niet zozeer omdat ze massaal soa zouden oplopen, maar vooral omdat ze verschillende opeenvolgende seksuele contacten hebben en daardoor meer risico lopen. Condoomgebruik blijkt gewoontegedrag te zijn en moet dus worden aangeleerd als jongeren seksueel actief worden.
• Mannen met wisselende homoseksuele contacten lopen een aanmerkelijk grotere kans op hiv-infectie en andere soa dan mensen uit andere groepen en blijven dus een belangrijke risicogroep.
• Sinds 1999 wordt weer een toename gezien, zowel bij de GG&GD Amsterdam als landelijk.
• Bij sommige allochtone groepen komen soa procentsgewijs meer voor dan bij de bevolking als geheel.
• Er werken ongeveer 25.000 mensen in de prostitutie, een zeer divers samengestelde groep. Onduidelijk is hoeveel soa er gerelateerd zijn aan prostitutiecontacten.

H6 Soa top 5.

1: Chlamydia.
Chlamydia is de soa die in Nederland het meest voorkomt. Per jaar lopen 60.000 mensen het op. Het wordt veroorzaakt door een bacterie, die zich nestelt in de slijmvliezen van de geslachtsdelen.
Zowel voor mannen als voor vrouwen geldt dat een onbehandelde chlamydia-infectie besmettelijk is en je de ziekte ongemerkt kunt doorgeven. Het is daarom belangrijk dat de partner(s) waarmee je onveilig hebt gevreeën, zich laten onderzoeken en eventueel behandelen.

Chlamydia is eenvoudig te genezen, als je er op tijd bij bent.

Chlamydia kan een ontsteking veroorzaken van de urinebuis, van de anus en bij vrouwen ook van de baarmoedermond.
Als vrouw merk je vaak niets van een chlamydia-infectie. Er zijn dan helemaal geen of alleen vage klachten. Daardoor kan het gebeuren dat je lang blijft doorlopen met een chlamydia-infectie, soms wel jaren. Ondertussen kun je de ziekte ongemerkt doorgeven. Bij mannen zijn de klachten vaak duidelijker.

2: Genitale Wratten.
Wratten op of rond de geslachtsdelen (of de anus) komen veel voor. Per jaar worden 22.000 mensen ermee besmet. Genitale wratten worden bijna altijd overgedragen door onveilig seksueel contact. Het kan enkele weken tot zelfs meer dan een jaar na infectie duren voordat de eerste wratten ontstaan. Vaak zijn er eerst enkele kleine wratten die groter worden en zich uitbreiden. Ze doen geen pijn, maar kunnen jeuken. Omdat de wratten soms inwendig zitten, worden ze niet altijd opgemerkt.

Genitale wratten (condylomata acuminata) zijn weliswaar onschuldig, maar soms zeer hardnekkig en ze kunnen zich snel uitbreiden. De veroorzaker van genitale wratten is een virus dat bijna altijd wordt overgebracht door seksueel contact. Je kunt de wratten ook krijgen door gebruik te maken van bijvoorbeeld een handdoek of washand van iemand die genitale wratten heeft.
De wratten zitten meestal op en rond de geslachtsdelen en de bilspleet. Een heel enkele keer zitten ze in de mond. De wratten kunnen vanzelf verdwijnen. Toch is behandeling aan te raden. Het virus blijft in je lichaam aanwezig. Daardoor is het mogelijk dat de wratten ook na behandeling weer terugkeren. Hoe eerder je wordt behandeld, hoe kleiner de kans dat de wratten terugkeren.

3: Herpes Genitalis.
Per jaar lopen ongeveer 12.000 mensen herpes genitalis op.
Herpes genitalis wordt veroorzaakt door een virus. Kenmerkend voor herpes genitalis zijn de blaasjes of kleine wondjes rond de geslachtsdelen. Herpes wordt overgedragen door in aanraking te komen met de uitslag op de huid, of met het slijmvlies van de mond, penis, anus of vagina van iemand die herpes heeft. Herpes is zeer besmettelijk. Vooral op het moment dat iemand wondjes of blaasjes heeft.
Ongeveer een week nadat je bent geïnfecteerd met iemand het herpesvirus, kun je de eerste klachten krijgen. Het kan ook langer duren. De eerste infectie verloopt meestal het hevigst. Als de wondjes zijn genezen, zijn de klachten voorbij. Dat betekent niet dat het virus uit je lichaam verdwijnt. De verschijnselen kunnen steeds terugkomen. Ook zonder seksueel contact. Het virus komt meestal terug op een moment dat de weerstand verzwakt is. Er bestaan wel middelen om de klachten te verminderen en het aantal aanvallen te beperken.
De 'koortslip' (herpes labialis) wordt veroorzaakt door een ander type herpesvirus. Via orale seks kan het 'koortslipvirus' worden overgedragen op de geslachtsdelen en daar herpes genitalis veroorzaken. Andersom kan je op deze manier ook herpes genitalis overdragen op de mond.

4: Gonorroe.
Gonorroe (druiper) is een soa die vaak voorkomt.
Als een man gonorroe heeft, merkt hij dat enkele dagen tot twee weken na het onveilig seksuele contact. Hij kan dan last hebben van geelgroene of waterige afscheiding uit de plasbuis. Plassen kan pijn doen. Vrouwen merken vaak niets. Soms is er iets meer afscheiding dan normaal. Ook als je niets van de gonorroe merkt, kan de infectie ernstige gevolgen hebben, bijvoorbeeld ontstekingen van de eileiders (bij vrouwen) of de bijbal (bij mannen).

Gonorroe is eenvoudig te genezen, als je er op tijd bij bent.

Gonorroe wordt veroorzaakt door een bacterie. Gonorroe kan een infectie veroorzaken in de vagina, penis en anus. Als gevolg van orale seks (beffen/pijpen) kunnen zowel mannen als vrouwen een gonorroe-infectie in de keel hebben. Een onbehandelde gonorroe is besmettelijk. Het is daarom belangrijk dat de partner(s) waarmee je onveilig hebt gevreeën, zich laten onderzoeken en eventueel behandelen.

5: Hepatitis B.
Hepatitis B is een ernstige infectieziekte, die wordt veroorzaakt door het hepatitis B-virus. Dit virus dringt de levercellen binnen en veroorzaakt daar een ontsteking. Afhankelijk van de ernst van de ontsteking treden meer of minder klachten op. Klachten kunnen ook ontbreken.
In de volksmond wordt hepatitis wel geelzucht genoemd. Geelzucht is echter een gevolg van een ontstoken lever. Dit komt ook voor bij ontstekingen van de lever, die niet door hepatitis B worden veroorzaakt.
Twee tot zes maanden na besmetting kunnen klachten ontstaan. Slechts één op de drie mensen met hepatitis B heeft klachten. Er kan dan bijvoorbeeld sprake zijn van vermoeidheid, lusteloosheid en koorts. Meestal gaat de ziekte door rust over en verdwijnt het virus. In 5 tot 10% van de gevallen blijft iemand 'drager'. Bij dragers blijft het virus in het lichaam aanwezig. Een klein deel van de 'dragers' houdt een blijvende ontsteking van de lever, die ernstige klachten kan veroorzaken. Tegenwoordig is behandeling van chronische hepatitis B mogelijk.
Er bestaat een vaccinatie om te voorkomen dat je hepatitis B krijgt. Vaccinatie is sinds 1 november 2002 gratis voor bepaalde groepen in de bevolking waarbij hepatitis b vaker voorkomt.

Andere Soa’s.

Trichomonas.
Een trichomonas-infectie is geen ernstige soa. Vrouwen hebben vaker klachten dan mannen. Je kunt zeer lange tijd een trichomonas-infectie hebben, zonder dat je duidelijke klachten hebt.
Trichomonas kan bij vrouwen leiden tot een ontstoken vagina, plasbuis of blaas. Dit merk je aan pijn bij het plassen. Soms zijn de klachten zeer mild. Als gevolg van de menstruatie nemen de klachten wel eens toe. Mannen merken meestal niets (of heel weinig) van een trichomonas-infectie. Trichomonas is goed te behandelen.

Syfilis.
Syfilis is een ernstige soa die gelukkig niet meer zo vaak voorkomt.
Syfilis wordt veroorzaakt door een bacterie. De bacterie die syfilis veroorzaakt nestelt zich in de vagina, de penis of de anus en soms in de mond. Waar de infectie zit, is afhankelijk van de manier waarop is gevreeën. De bacterie kan zich later via het bloed door het gehele lichaam verspreiden. Gelukkig is syfilis goed te genezen als je er op tijd bij bent. Als je syfilis hebt is het belangrijk om iedereen te waarschuwen waarmee je seks hebt gehad. Dan kunnen zij zich ook laten onderzoeken en behandelen. Als je met hiv bent geïnfecteerd zijn de klachten van syfilis ernstiger.
Syfilis (lues, harde sjanker) kent verschillende stadia. Tijdens het eerste stadium kun je één of meer zweertje(s) krijgen op of rond de penis, vagina, anus of soms in de mond. Dit gebeurt twee tot twaalf weken nadat je syfilis hebt opgelopen. Ook zonder behandeling verdwijnt het zweertje vanzelf binnen twee à drie weken. Enkele weken tot maanden later treedt het tweede stadium in. De syfilis is dan via de bloedbaan door het hele lichaam verspreid.

Je kunt dan last hebben van vlekjes op de huid en een grieperig gevoel. Ook deze klachten verdwijnen vanzelf. Als je tijdens de eerste twee stadia van syfilis niet bent behandeld, kom je in het sluimerstadium. De syfilis is nog steeds in je lichaam aanwezig en kan ernstige schade aan verschillende organen aanleveren.

Hiv-infectie.
Hiv is het virus dat aids veroorzaakt. Dit virus tast het afweersysteem aan. Daardoor kan je lichaam zich steeds minder goed verweren tegen allerlei ziektes. Een hiv-infectie is een ernstige soa.
Een bloedtest kan aantonen of je een hiv-infectie hebt. Er wordt dan gekeken of er antistoffen tegen hiv in je bloed zitten. Het lichaam maakt deze antistoffen binnen drie maanden nadat je het virus hebt opgelopen. Een test kan daarom pas drie maanden na onveilig seksueel contact zekerheid geven over de vraag of je hiv hebt.
Iemand die geïnfecteerd is met hiv, wordt seropositief genoemd. Het is niet aan iemand te zien dat hij/zij een hiv-infectie heeft. Als je seropositief bent, hoef je niet ziek te zijn. Het kan wel tien jaar duren voordat je ernstige klachten krijgt. Als je met hiv bent geïnfecteerd kan je het virus wel doorgeven aan anderen. Pas als het afweersysteem door het virus is aangetast en zich bepaalde verschijnselen voordoen, kan een arts vaststellen dat je aids hebt.

Combinatietherapie.
De laatste jaren is de behandeling van de hiv-infectie en aids verbeterd. Sinds 1996 zijn er combinatietherapieën. Deze remmen de vermenigvuldiging van het virus in het lichaam. Als de therapie goed werkt, hebben seropositieve mensen lange tijd nauwelijks klachten. De medicijnen hebben soms vervelende bijwerkingen. Het vergt ook veel discipline om de combinatietherapie vol te houden. Omdat de combinatietherapie pas sinds 1996 bestaat weten we nog niets over lange termijn effecten. De medicijnen tegen hiv slaan niet bij iedereen aan.

Candida.
Candida is op zich een onschuldig gist. Veel mensen dragen het bij zich zonder het te merken.
Candida-infectie wordt vaak 'schimmelinfectie' genoemd. Een candida-infectie ontstaat vrijwel nooit door seksueel contact. Je kunt de gist wel bij seksueel contact doorgeven.
Candida-infectie is meestal goed te genezen. In sommige gevallen is de infectie echter hardnekkig en steekt steeds opnieuw de kop op. Behandeling is alleen nodig als er klachten zijn.
Vooral vrouwen kunnen last hebben van een candida-infectie (genitale candidose). Onder bepaalde omstandigheden kunnen door toename van de hoeveelheid gist, opeens klachten ontstaan. Overgroei van de gist kan ontstaan als de weerstand vermindert, zoals bij stress, suikerziekte of gebruik van bepaalde antibiotica en medicijnen.
De aandoening kan in de geslachtsorganen en in de mond voorkomen. De gist kan zich ook in de endeldarm bevinden.

Bacteriële vaginose.
Bacteriële vaginose is eigenlijk geen soa, maar een verstoring van het bacteriële evenwicht in de vagina. In gewone omstandigheden is de zuurgraad in de vagina in evenwicht. Bepaalde situaties kunnen het evenwicht verstoren. Bijvoorbeeld wassen van de vagina met zeep of het te lang inhouden van een tampon. Door verstoring van het evenwicht ontstaat een minder zuur milieu, waarin bepaalde bacteriën de kans krijgen om overmatig te groeien.

Het kan voorkomen dat de klachten plotseling optreden. Je kunt bacteriële vaginose hebben zonder dat je er last van hebt. Alleen als er klachten zijn, is behandeling nodig. De aandoening is goed te behandelen.

Schurft.
Schurft wordt meestal door intiem lichamelijk contact overgebracht. Je kunt het ook krijgen door in een bed te slapen van iemand die schurft heeft of diens kleren te dragen.
Schurft is te behandelen met een crème of gel. Ook beddengoed, handdoeken en kleren moeten worden gewassen. De dode schurftmijten kunnen enige tijd na behandeling nog jeuk veroorzaken. De jeuk kan enige weken aanhouden.
Het is belangrijk dat je partner(s) en eventueel anderen met wie je het bed of de kleren deelt, zich ook laten behandelen. Zelfs als zij geen klachten hebben, kunnen zij toch geïnfecteerd zijn.
Schurft (scabiës) wordt veroorzaakt door de schurftmijt, een klein beestje dat onder een microscoop goed te zien is. De vrouwtjes graven gangetjes in de huid en leggen daar hun eitjes. Deze komen na drie tot vier dagen uit. Schurft veroorzaakt jeuk, maar is verder niet ernstig.

Schaamluis.
Schaamluis (platjes) is een vervelende, maar ongevaarlijke aandoening. Schaamluis kun je oplopen via seksueel contact, maar ook door gezamenlijk gebruik van kleding, slaapzakken of dicht tegen elkaar aan liggen.
Schaamluis kun je zelf vaststellen en behandelen. Schaamluis kun je bestrijden met een middel tegen luis. Dit is te koop bij de apotheek.

H7 Als je meer wilt weten.

GGD.
Er zijn in Nederland meer dan 50 GGD-en waar je persoonlijk en anoniem informatie en advies kunt krijgen over soa, hiv en veilig vrijen, Je kunt daarvoor terecht bij de sociale verpleegkundige soa/aids bestrijding. Deze kan je eventueel ook (kosteloos) doorverwijzen voor nader onderzoek. Bij de meeste GGD-en kun je ook terecht voor de (anonieme) hiv-test.
Soa-poliklinieken.
Bij drempelvrije soa-poliklinieken in Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht kun je je anoniem en kosteloos laten testen op soa en hiv. Dit betekent dat je er zonder verwijzing van een dokter terecht kunt. Ook de behandeling van soa is kosteloos.
Bij laagdrempelige soa-poliklinieken kun je terecht voor testen en behandelen met een verwijsbrief van de sociaalverpleegkundige soa/aids van de GGD.

Centra Voor Seksualiteit.
Hoewel de Rutgers Stichting als landelijke organisatie per 1 januari 2002 ophield te bestaan, wordt haar medisch-seksuologische hulpverlening voortgezet. In zeven steden ontwikkelen plaatselijke abortusklinieken zich tot centra voor seksualiteit, anticonceptie en abortus.
Zowel mannen als vrouwen kunnen nu onder één dak terecht voor advies, hulp en begeleiding op medisch, psychologisch en sociaal gebied van seksualiteit. Bijvoorbeeld voor het verkrijgen van recepten voor anticonceptie- en morning after-pil, SOA-, HIV- en zwangerschapstesten, hulp bij ongewenste zwangerschap en het laten uitvoeren van abortus en seksuologische therapieën.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.