ff n studiebreak

Online een chick scoren, je liefde laten zien op Whatsapp en digitale kusjes sturen. Zonder een blauwtje te lopen. Aanrader?

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

Geschreven door:

anoniem (1e klas)

Datum ingestuurd:

20 november 2003

Taal:

Woorden:

2.650

Bekeken:

24341 keer (55 deze maand)

Waardering:

3.0/5 (226 stemmen)

Deel op:

  • Door nathaa (1 tl) op 05-04-2011
    leuke site, je komt er veel te weten over biologie enzo ! toppie! xx
Inleiding

Dit werkstuk is een opdracht van biologie. Het lijkt me wel leuk om het werkstuk te maken. Het is denk ik wel een erg belangrijk onderwerp vooral het hoofdstuk ‘wat kun je zelf doen.’ Je kunt daar zien wat je er zelf aan kan doen. Het lijkt me dat ik er wel erg veel tijd in moet steken om er een goed werkstuk van te maken. Ik moet het hoofdstuk van het boek door lezen en ik ga nog extra informatie zoeken bij de bibliotheek. Met het uitwerken op de computer ben ik nog wel even bezig. Plaatjes ga ik zoeken op het internet als ik daar niks vind ga ik het kopiëren uit het biologie boek. (dus ga dan naar de supermarkt)Mijn eigen onderwerp gaat over recycling van blik. Het lijkt me een erg interessant onderwerp. Ik weet er zelf ook niet zo veel vanaf. Het keizen van mijn onderwerp vond ik ook erg moeilijk.


Soorten afval

De meeste mensen denken bij het woord afval aan huisvuil dat je in de afvalbak of in een vuilniszak stopt. Eigenlijk is dat maar een deel van alle afval. Een mens produceert niet alleen afval, maar planten en dieren produceren ook afval. Afval bestaat bijvoorbeeld uit afgevallen bladeren of omgevallen bomen en bij dieren is dat bijvoorbeeld uitwerpselen van dieren of dode dieren.
Bacteriën en schimmels voeden zich met (dode) resten van organismen.
Ze breken het afval van planten en dieren af. Dat heet biologische afbraak. Het afval van planten en dieren is biologisch afbreekbaar afval.

Delen van planten en dieren kan de mens producten maken. Biologisch afbreekbaar is het afval dat afkomstig is van deze producten. Broodkorsten en papier zijn daar voorbeelden van.
De mens produceert ook afval dat niet door bacteriën en schimmels kan worden afgebroken. Dit is niet biologisch afbreekbaar afval. Glas, metaal en steen is al sinds eeuwen gebruikt om er producten van te maken. Afval van deze producten is niet biologisch afbreekbaar.
Nu worden ook veel producten gemaakt van kunststoffen zoals plastic, nylon en piepschuim. Deze kunststoffen zijn bijna nooit biologisch afbreekbaar.

Stoffen in de natuur

Dit plaatje hierboven zie je een stuk weiland met een konijn die een paardebloem eet. Konijnen zijn planteneters dat betekent dat ze planten eten, geen dieren. Naast het konijn zie je een wezen die het konijn wil opeten, die wezel is een vleeseter. Vleeseters dat zijn dieren (zoals de wezel) die vlees eten, het woord zegt het al. Paardebloemen eten geen andere organismen, of planten. Planten kunnen zelf de stoffen maken waaruit ze bestaan. Planten zijn voedsel voor planten eters (zoals konijnen) Daardoor blijven de planteneters in leven, en de vleeseters blijven in leven door de planteneters.
Paardebloem, konijnen en wezels vormen een voedselketen. Ze eten elkaar op. In een voedsel keten is elke soort organisme de voedsel bron voor de volgende soort. Elk soort binnen een voedselketen wordt een schakel genoemd. Paardebloem, konijnen en wezels zijn schakels.
Een plantensoort heeft elke voedsel keten als eerste schakel.
Niet alleen konijnen zijn planteneters ook bijvoorbeeld bladluis of sprinkhaan. Er zijn ook veel meer vleeseters dan een wezel, ook bijvoorbeeld kikker of slang. Soorten die zowel planten als dieren eet noemen we alleseters.
Er is nooit in werkelijkheid spraken van één voedselketen. Elke soort kan door verschillende andere soorten worden gegeten. De voedselketens lopen dan ook door elkaar heen. Zo’n netwerk van met elkaar samenhangende voetsketens heet een voedselnet. Hier onder zie een voedselnet.

De kringloop van stoffen


Planten en dieren worden niet alleen opgegeten, maar ze kunnen ook dood gaan. De dode resten van dieren en planten komen op de grond terecht. Andere resten van planten en dieren kunnen op de grond terechtkomen. Bladeren van bomen en uitwerpselen zijn daar voorbeelden van.
Deze (dode) resten gebruiken bacteriën en schimmels. Voedingsstoffen komen hierbij vrij in de bodem. Planten nemen via de wortels voedingsstoffen op,. Planten hebben voedingsstoffen nodig om goed te kunnen groeien.
Stoffen zie je dus in de natuur steeds opnieuw worden gebruikt. Via dieren komen stoffen van planten en bacteriën en schimmels uiteindelijke weer bij planten terecht. In de natuur maken stoffen een kringetje. Dat noemen we een kringloop. Hier onder staat zo’n kringloop.

Producenten, consumenten en reducenten

Bij de kringloop van stoffen onderscheiden we producenten, consumenten en producenten.
Planten noemen we producten. In planten vind fotosynthese plaats. Glucose word dan gemaakt, bij fotosynthese. Van glucose maken planten allerlei andere stoffen, zoals de stoffen waaruit de plant bestaat. Voedingstoffen uit de bodem zijn hiervoor nodig. Stoffen die planten maken leven de alle andere organismen van. Het voedsel voor alle andere organismen produceren planten.
Consumenten dat woord gebruiken we voor dieren. Dieren eten (consumeren) ander organismen. Delen van planten eten de planteneters, de naam zegt het eigenlijk al. Delen van dieren eten de vleeseters, dat spreek voor zich. Alles eten zowel delen van planten als delen van dieren, dus van alles. De stoffen die consumenten binnenkrijgen met hun voedsel, zijn uiteindelijk afkomstig van producten (planten).

Reducenten noemen we bacteriën en schimmels. Alle planten en dieren sterven. De dode resten van planten en dieren eten de bacteriën en schimmels op (reducenten). Hierbij komen voedingstoffen vrij die door planten kunnen worden gebruikt. Bacteriën en schimmels (reducenten) maken de kringloop van stoffen rond. Hieronder zie je een kringloop van stoffen.

De mens in de kringloop van stoffen

De kringloop van stoffen maken mensen ook deel van uit. Alle mensen eten delen van planten en de meeste mensen eten ook vlees. Het verschil met mensen en dieren is dat dieren het voedsel voor de mensen speciaal wordt gekweekt. Voor het grootste deel komt ons voedsel van de akkerbouw, de tuinbouw en veelteelt. Hieronder staan een paar plaatjes daar over.

Bijvoorbeeld graan levert ons van de akkerbouw op. En daarvan woord brood gemaakt. Het graan gebruikt bij de groei voedingsstoffen uit de bodem. Graan haalt een boer van het land af. Wat er daarna mee gebeurt, je het op een plaatje op de volgende bladzijde. De voedingstoffen uit het graan komen niet op de akker terug.

Door het oogsten van gewassen verdwijnen er stoffen uit de kringloop.
De stoffen die het graan uit de bodem opneemt, komen niet meer in de bodem terug. De bodem raakt sneluitgeput als de boer er niks meer aan doet. Het is dan ook belangrijk dat de boer er weer voedingstoffen in de bodem terugbrengt.
Met stalmest of kunst bemesten boeren hun akkers. Ze doen dat omdat in mest veel voedingsstoffen voor planten zitten. De stalmest is afkomstig van de dieren die in de veelteelt worden gehouden (varkens, koeien en kippen) Deze dieren worden gehouden voor het vlees of voor producten als melk en eieren. In sommige delen van Nederland worden echter zoveel dieren gehouden, dat er teveel mest is. Mestoverschot noemen we dat. Er wordt meer mest op het land gebracht om het kwijt te raken. Daardoor komen er te veel voedingsstoffen in de bodem. Deze voedingsstoffen kunnen deze platen niet allemaal opnemen. Ze maken geen kringloop. De kringloop wordt dan verstoord.


Huishoudelijk afval

Huishoudelijk afval is het afval dat van huishoudens afkomstig is. Er wordt in Nederland zo’n 6 miljard huishoudelijk afval opgehaald.
Dat bestaat uit grof vuil en huisvuil. Oude meubels en dergelijk noemen we grof vuil. Hier onder zie je hoe het huisvuil is samengesteld.


Gescheiden inzameling van afval

Bijna alle gemeenten van Nederland wordt tegenwoordig het huisvuil gescheiden ingezameld. Thuis hebben veel mensen twee afval bakken. Containers noemen we die afvalbakken. De groente-, fruit,- en tuin afval worden in de ene container gedaan, de Gft-container word dat genoemd (is vaak een groene container). De ander container is voor het afval deze niet gescheiden kan worden ingezameld. In andere gemeenten wordt een vuilniszak gebruikt om afval in op tehalen.
Karton en papier kan vaak worden weggebracht naar basisscholen. In sommige gemeenten wordt het oud papier opgehaald door verenigingen.
Glas kan in glasbakken (glasbollen ) worden gegooid. In sommige gemeenten worden speciale bakken voor blik, plastic, kunststof flessen en textiel geplaatst.

Papier
Papier wordt vrijwel altijd van hout gemaakt. Hiervoor wordt 10 procent van de houtproductie op de wereld gebruikt. Oud papier is zeer geschikt als grondstof voor nieuw papier.
In de verpakkingen Convenant II wordt gesteld dat in 2005 85% van het oud papier gerecycled moet worden. In vele gemeenten wordt het klein chemisch afval (kca) apart ingezameld. Klein chemisch afval is al het chemisch afval dat door huishoudens wordt geleverd. Een depot waar je het klein chemisch afval kunt afgeven is in de meeste gemeenten aanwezig. In sommige gemeenten wordt het opgehaald. Het wordt dan opgehaald met een chemokar. Een milieubox hebben de mensen dan vaak thuis waarin ze dit afval kunnen bewaren. Veel klein chemisch afval kun je ook inleveren bij de bedrijven waar je de producten hebt gekocht. Medicijnen bij apotheken, batterijen en fotochemicaliën bij fotozaken en afgewerkte olie bij garages zijn daar voorbeelden van.
Veel afval producten kunnen door gescheiden inzameling op een milieuvriendelijke manier worden verwerkt.
De verwijdering van huishoudelijk afval is als volgt opgebouwd:

Afvalverwerking

Er zijn vier methoden van afvalverwerking: recycling, composteren, storten en verbranden. Over deze methoden gaan we dit hoofdstuk hebben.

Recycling

Afvalproducten worden bij recycling gebruikt als grondstoffen voor nieuwe producten. Van oud glas wordt nieuw glas gemaakt. Van oud papier wordt kringlooppapier gemaakt. Tegenwoordig word ook blik, plastic en andere kunststoffen voor een groot deel gerecycled.
In recycling zit het Engelse woord ‘cycle’, dat o.a. kringloop betekent. Een kringloop van stoffen doordat uit afval grondstoffen worden gewonnen. Producten worden van deze grondstoffen gemaakt. Er hoeven door recycling minder grondstoffen uit de natuur gehaald worden.
Hoofdzakelijk word het nieuwe papier van hout gemaakt. Er hoeven minder bomen gekapt te worden door recycling van oud papier en karton.

Composteren

Composteren is een andere milieuvriendelijke methode van afvalverwerking van GFT-afval. De VAM verwerkt het GFT-afval van veel Nederlandse gemeenten. ‘Vuilafvoer Maatschappij’ betekent VAM. Het GFT-afval wordt bij de VAM op grote hopen gegooid. Om de week wordt zo’n hoop omgekeerd.
Reducenten zitten in het GFT-afval die het afval afbreken. De VAM stopt het composteren voordat de reducenten het afval volledig heffen afgebroken. Er ontstaat een soort mest. In die mest zit veel voedingstoffen voor planten. Deze mest wordt compost genoemd. Deze kompost (zie plaatje hiernaast)
Verkoopt de VAM. Als mest wordt
deze compost gebruikt in de
tuin. Planten nemen deze compost
dan op.
Stoffen uit het GFT-afval komen
dan weer bij planten terecht. Deze
stoffen maken een kringloop.

Wat behoort wel tot 'groente-, fruit- en tuinafval'?
bladeren
bloemen
botjes
doppen van pinda's/noten
eierschalen
etensresten
fruit
gras
groenteresten
kamerplanten
kattenbakkorrels met milieukeur
koffiedik/filters
mest van huisdieren
plantenmateriaal uit de tuin
schillen
snoeiafval
stro
theebladeren/zakjes
vlees- en visresten

In de zomermaanden kan de G.F.T.-container stankoverlast veroorzaken, vooral met warm weer. Hieronder vindt u enkele tips waarmee u dit probleem zoveel mogelijk kunt beperken.
* Leg onder in de bak een krant of gebruik een speciale papieren zak
* Leg eerst een laagje grof droog G.F.T.-afval onderin de container (bijv. takjes)
* Laat G.F.T.-afval eerst uitlekken voordat u het in de container doet
* Houd G.F.T.-afval luchtig (dus niet aanstampen)
* Plaats de container in de schaduw
* Wikkel vlees- en visresten in een krant of geef deze resten mee in de container die het eerst wordt opgehaald
* Maak de container regelmatig schoon met groene zeep
* Zorg dat de G.F.T.-container leeg is wanneer je met vakantie gaat

Storten

De helft van het afval wordt op een vuilnisbelt gestort. Zie dit plaatje.

De gemakkelijkste en goedkoopste methode van afvalverwerking is storten. Verschillende nadelen heeft echter storten. Het kan erg stinken en er leeft vaak veel ongedierte op een vuilnisbelt.
Vroeger werden de vuilnisbelten niet gecontroleerd of dat het afval giftige stoffen bevatte. In het verleden zijn daardoor giftige stoffen in de bodem onder vuilnisbelten gekomen. Zo ontstond bodemvervuiling. In het grondwater kunnen deze giftige stoffen komen.
Tegenwoordig wordt het afval van fabrieken en bedrijven gecontroleerd.Het huisvuil wordt vaak niet gecontroleerd. Op de vuilnisbelt kan dus gewoon klein chemisch afval terechtkomen.

Verbranden

1. Met grijper wordt het afval op een lopende band gebracht. 2. Met een magneet worden metalen uit het afval gehaald. 3. In de oven wordt het afval verbrand. 4. De rook wordt gefilterd en verdwijnt daarna door de schoorsteen. 5. De as wordt afgevoerd.
De temperatuur in grote verbrandingsovens is 800 – 1000 ºC. Er komt bij het verbranden warmte vrij.
De rook die bij het verbranden vrij komt bevat schadelijke stoffen. Men plaatst daarom ook rook filters. Deze filters halen een groot deel van de schadelijke stoffen uit de rook. Maar niet alles gaat weg, er blijven nog wat schadelijke stoffen in de rook. Hierdoor treedt luchtvervuiling op.
Nog een nadeel aan het verbranden is dat er as overblijft. Het as bevat veel schadelijke stoffen.

Wat kun je zelf doen?

Er zijn drie oorzaken dat er meer afval komt. Hier staan die onderzaken:
- De groei van de bevolking.
- Groei van de welvaart.
- Wegwerpartikelen.
Nederland heeft nu veel meerinwoners dan aan het begin van deze eeuw. Al deze inwoners produceren afval.
De mensen in Nederland hebben het steeds beter gekregen. Meer geld verdienen de volwassen en daardoor krijgen de kinderen ook meer geld. Er worden daardoor meer dingen gekocht.
Wegwerpartikelen zijn dat ze maar één keer worden gebruikt. Mensen vinden dat makkelijker omdat ze het niet hoeven schoon te maken. En daardoor komt er weer meer onnodig veel afval. Veel wegwerpartikelen zijn van plastic. En plastic maakt geen deel uit van de kringloop van stoffen. De grondstoffen raken sneller op door het gebruik van wegwerpartikelen.

Hergebruik
Mensen gooien door de welvaart vaak dingen weg die nog bruikbaar zijn. Hier zijn daar een paar voorbeelden van: kleding, wasmachines, tv-toestellen en meubilair. Het opnieuw gebruiken van afgedankte producten heet hergebruik. Er komt minder afval door hergebruik en het spaart grondstoffen.

Recycling van blik

Wie zijn blikje in de vuilnisbak gooit, doet al aan blikrecycling. Want blikverpakkingen worden met magneten uit het afval gehaald, en weer verwerkt tot nieuwe metalen producten.
Zo blijft blik in de kringloop.


Lege blikjes in de vuilnisbak
Stap 1:
Gewoon bij het huisvuil
Wie zijn blikje in de vuilnisbak gooit, doet aan blikrecycling.
Blikverpakkingen worden met magneten uit het afval gehaald en daarna verwerkt tot nieuwe metalen producten.
Zo komt het blik in kringloop.

Stap 2:
Magnetische verwijdering
De blikjes gaan met het afval naar een afvalverbrandingsinstallatie (zie kaart van Nederland). Daar worden de blikjes met magneten van het afval gescheiden. Het scheiden gebeurt vóór of ná het verbranden van het afval.

De staalfabriek van Corus in IJmuiden waar gebruikte blikjes weer worden ingezet in het productieproces
Stap 3:
Blikjes worden gesmolten
Blikjes worden weer gesmolten en ingezet bij de productie van nieuw staal of nieuw aluminium. Dit bespaart grondstoffen en energie.

Stap 4:
Blikfabricage
Van het teruggewonnen materiaal worden weer allerlei nieuwe producten gemaakt. Zo blijft blik in de kringloop.

Stap 5:
Een nieuw blikje
Honderden producten worden verpakt in blik. Dat zijn voedingsmiddelen zoals conserven, soepen en dranken. Blikverpakkingen worden ook gebruikt voor verf, cosmetica, chemicaliën en rookwaren.

Blikverpakkingen zijn dun en toch sterk. Een blikverpakking is luchtdicht en laat geen licht door.
Het zijn veilige, onbreekbare en niet-brandbare verpakkingen. Blikverpakkingen zijn modern, makkelijk in gebruik en worden na gebruik gerecycled.
Wie een blikje in de vuilnisbak gooit, doet aan blikrecycling. Blikverpakkingen worden met magneten uit het afval gehaald en verwerkt tot nieuwe producten. Zo komt blik in de kringloop.


Slotwoord

Het was erg leuk om dit werkstuk te maken. Ik ben alleen wat te laat begonnen, daardoor is het laat geworden voordat ik klaar was.
Het belangrijkste vond ik dat je afval kunt hergebruiken zodat het milieu minder belast wordt. Mijn eigen onderdeel over het recycling van blik vond ik erg leuk om te maken.
Dat je zelf ook een bijdrage kan leveren aan de afval berg, dat is toch wel wat ik er van geleerd heb. Alles vond ik toch wel erg interessant.
Als iedereen zijn eigen rommel op zou ruimen dan zou de natuur een stuk mooier zijn.

Hier een paar windmolens. Deze zijn voor groene energie. Een van deze windmolens van mijn vader. Wij doen ook aan groene energie. Jij ook?

Literatuuropgave

Mijn informatie heb ik uit het boek:

* Biologie voor jou Uitgeverij: Malmberg

Op internet heb ik ook dingen gevonden zoals plaatjes. Hieronder staan een paar sites waar ik heb gezocht.
* www.goolge.com
* www.kringloopblik.nl
* www.afval.pagina
* www.milieu.com

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.