Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 4 november 2003 |
Niveau: | 4 vwo |
Woorden: | 8811 |
Opvragingen: | 40997 (125 deze maand) |
Waardering: |
Libre Service V56
Leesvaardigheid algemeen deel
Dossier 1 Les uns et les autres
Exercice 1
Leerling.
Exercice 2
1 lecture détaillée
2 lecture détaillée
3 lecture sélective
4 lecture détaillée
5 lecture globale
6 lecture globale
7 lecture sélective
8 lecture détaillée
9 lecture globale
10 lecture détaillée
11 lecture sélective
12 lecture globale
Document 1 Poésie
Exercice 3
1 Proza heeft niet per definitie een bepaald ritme in de zinnen. Poëzie heeft dat wel. Bovendien wordt er in de poëzie, veel meer dan in proza, gebruik gemaakt van beelden en vergelijkingen. Verder heeft poëzie vaak rijmende regels.
2 liefde of verliefdheid
3 Bijvoorbeeld: l'amour, la tendresse, le coeur, le manque, le désir.
4 amour heureux: Pour toi
amour malheureux: Combien je t'aime, Love Christelle, You and me, Serge
Exercice 4
a verwelkt
b plukken
c oprapen
d wees
e gescheurd
f weer vastlijmen
g vervullen
h toch
i waarschijnlijk
j in alle staten zijn
k verdrietig maken
l losmaken
m mijn ziel
n pijn doen
o voortduren
p meenemen
q dreigen
Exercice 5
1 een verwelkte roos, een dood blad, een wees, een gescheurde bladzijde
2 Ze zijn allemaal aangetast / niet meer compleet.
3 Regel 11 t/m 15.
4 1 Ton nom, si joliment prononcé,
2 Me donne une joie inexpliquée.
3 A chaque fois que je t'aperçois,
4 Je suis dans tous mes états.
5 Une seule chose me chagrine,
6 C'est de savoir que tu as déjà une copine
7 Personne ne pourra t'empêcher de l'aimer,
8 D'un amour passionné.
9 Ni même moi,
10 Qui suis folle de toi.
5 Leerling.
6 De jongen op wie ze verliefd is, heeft al een vriendin.
7 Suggestie:
1 Als je wat meer naar me zou kijken,
2 Zou je weten waarom ik zo verdrietig ben.
3 Laat me in je oor fluisteren
4 Om je zachtjes te zeggen dat ik van je hou.
5 Alsjeblieft, kijk naar me.
6 Ik zou van jou zijn, ja, alleen maar voor jou.
7 Ik wil dat je begrijpt,
8 Hoeveel ik van je hou.
8 Yannick zou de maan wel willen plukken, zijn ziel verkopen, een hele nacht op het lemmet van een mes dansen, de wereld veroveren.
9 Yannick zegt letterlijk dat hij de bladzijde niet kan omslaan. Hij kan het hoofdstuk Christelle niet als afgesloten beschouwen.
10 Leerling.
Document 2 Etat de choc à Montigny
Exercice 6
1 Zelfmoord van een scholier.
2 Wie de scholier was, hoe hij tot zelfmoord is gekomen en waar het is gebeurd.
3 a un fait divers
b een gemengd bericht; iets uit het dagelijks leven
4 Toutes les nouvelles / Versailles
5 C
Exercice 7
a + 6
b + 7
c + 18
d + 10
e + 11
f + 14
g + 12
h + 3
i + 2
j + 1
k + 5
l + 13
m + 19
n + 16
o + 17
p + 15
q + 9
Exercice 8
1 a collégien middelbare scholier
b une bagarre een ruzie
c les proches de familieleden
d des immeubles flatgebouwen
e enseignants leerkrachten
2 a aux alentours de ongeveer
b au pied de(s) aan de voet van / onder aan
c une collision een botsing
d inerte onbeweeglijk
e les témoignages de verklaringen
3 a malentendant slechthorend
b un accrochage een aanvaring
c les raisons de redenen
d son opposant zijn tegenstander
4 a l'auteur de dader
b le principal de directeur
c penaud benauwd, beschaamd
d modeste eenvoudig
e l'aide de hulp
5 a en flagrant délit op heterdaad
b la communication de boodschap
6 a consterné ontsteld
b effondré ingestort
c horrible verschrikkelijk
d de plus bovendien
7 a n(e) que slechts
b parfois af en toe
c chahuté onder de voet gelopen
8 a un enchaînement een opeenvolging
Exercice 9
1 1 De hoofdpersoon is een jongen van 14 jaar.
2 Hij heeft zich van het leven beroofd.
3 Dat deed hij op het Place Georges Pompidou, in Montigny.
4 Waarschijnlijk omdat hij van school geschorst was.
5 Hij is uit een raam op de zevende verdieping gesprongen.
2 mercredi 14h30 De baas van de snackbar hoort een dof geluid.
mardi après-midi De jongen geeft een klasgenoot een kopstoot.
mercredi matin De schooldirecteur schorst de jongen.
mercredi à midi De jongen komt thuis.
mercredi vers 14h15 De politie belt naar het huis van de jongen.
mercredi 14h30 De jongen springt uit het raam.
jeudi matin Het nieuws raakt bekend op school.
3 B
4 A
5 C
6 Citaat A: le patron du bar-sandwicherie
Citaat B: la mère
Citaat C: un enseignant du collège 'Les Prés'
Citaat D: un enseignant du collège 'Les Prés'
Citaat E: un enseignant du collège 'Les Prés'
Citaat F: un enseignant du collège 'Les Prés'
Citaat G: les inspecteurs
Exercice 10
a trouwens
b opdat
c namelijk
d daarom
e toch
f aangezien
g inderdaad
h kortom
i zodra
j inderdaad
k hoewel
l mits, als ... maar
m bovendien
n dientengevolge, dus
o terwijl
Exercice 11
a à savoir
b Aussitôt que
c Bien que
d bref
e par conséquent
f Certes
g D'ailleurs
h en effet
i en outre
j pour que
k pourtant
l Pourvu que
m c'est pourquoi
n tandis que
o Vu que
Document 3 Sans titre
Exercice 12
1
1 oproep aansporen afgestudeerden geschiedenis
2 advertentie aansporen (werven van stagiaire) studenten communicatie/marketing
3 filmrecensie informeren lezers die een film willen gaan zien
4 nieuwsbericht informeren alle lezers
5 anekdote vermaken alle lezers
6 fictionele tekst vermaken alle lezers
7 cartoon vermaken / aanzetten tot nadenken alle lezers
8 ingezonden brief overtuigen alle lezers
9 reisgids informeren vlooienmarkt- of antiekliefhebbers
10 rectificatie informeren lezers van het nummer van 10 april
11 adreslijst informeren mensen met e-mail
12 beursberichten informeren lezers met economische interesse
Exercice 13
2 communicatiestudenten een stageplaats aanbieden
3 informatie geven over de film Waterworld
4 informeren over de laatste stand van zaken bij transplantatie
5 laten lachen om egoïsme van mensen
6 uitleggen hoe de verteller Mimi ziet
7 duidelijk maken hoe belangrijk talenkennis is
8 oproepen tot plaatsen van snelheidsbegrenzers
9 informeren over de Franse vlooienmarkt
10 vergissing herstellen: expositie is niet in Bordeaux maar in Lyon
11 hulpprogramma's bespreken om e-mailadressen te vinden
12 informatie geven over beursindexcijfers
Document 4 L'amour sans frontières
Exercice 14
1 Liefde zonder grenzen.
2 In een blad voor jongeren, met name voor vrouwen.
3 Fictionele tekst.
4 Vermaken.
5 Jonge vrouwen, tussen de 15 en 25 jaar.
Exercice 15
1 a kwalijk nemen
b zin hebben om
c bezig zijn te
d er genoeg van hebben om
e zich laten beetnemen
f de kracht hebben om
g iets horen van
h verplicht zijn om
i nodig hebben
j het beu zijn te
k bereid zijn om / klaar zijn om
2 a + 2 nadenken over een moeilijke vraag
b + 4 lijden aan een ziekte
c + 6 de wang van zijn/haar vriend(in) strelen
d + 1 zijn banden verbreken
e + 10 in snikken uitbarsten
f + 9 een misdaad bekennen
g + 7 een ziek kind vertroetelen
h + 5 op zijn schreden terugkeren
i + 3 komen aanwaaien bij iemand
j + 8 't uitschreeuwen van woede
3 a + 10 hij vergeet / hij herinnert zich
b + 9 hij komt dichterbij / hij verwijdert zich
c + 11 hij vermaakt me / hij verveelt me
d + 3 hij is opgewonden / hij is kalm
e + 7 hij stoot haar af / hij trekt haar aan
f + 13 hij is gekwetst / hij is gevleid
g + 8 hij slaagt / hij mislukt (zakt)
h + 2 hij is onverschillig / hij is gemotiveerd
i + 4 hij is genezen / hij is ziek
j + 6 hij gaat slapen / hij staat op
k + 1 hij stopt / hij gaat door
l + 14 hij staat toe / hij verbiedt
m + 5 hij gaat naar beneden / hij gaat naar boven
n + 12 hij gaat achteruit / hij gaat vooruit
Exercice 16
1 Scène 1 met haar moeder.
Scène 2 met Philippe.
Scène 3 met haar moeder.
Scène 4 met Mario.
2 Scène 1: Mathilde is melancholiek omdat ze steeds aan haar vakantieliefde moet denken.
Scène 2: Mathilde is geïrriteerd omdat Philippe er bij haar op aandringt om weer een relatie te beginnen.
Scène 3: Mathilde is triest omdat ze niets van Mario hoort.
Scène 4: Mathilde is nog steeds triest maar wordt blij verrast omdat Mario toch komt.
3 Leerling.
4 In de kamer van Mathilde.
5 bureau, bed
6 Leerling.
7 Waar en hoe Mathilde en Mario elkaar tegenkwamen.
8 Leerling.
9 Mario
10 Leerling.
11 vier
12 Leerling.
Document 5 Gardiennage, babysitting ou MacDo
Exercice 17
1
omschrijving wanneer betaling besteding geld
Axelle babysitter woensdag 18-20 u 30 F per uur uitgaan
Didier bewaker in vakantie-dagverblijf voor kinderen schoolvakanties, hele dagen 1200 F per week sparen en uitgaan, kleding en platen
Bruno manusje van alles in Disneyland zaterdag en zondag 8-19 u 2700 F per maand reizen en zakgeld
Malika tot ze zakte: verschillende werkzaamheden bij MacDonald's een avond per week en een dag in het weekend 'interessant' zakgeld en kostgeld
Exercice 18
1 De titel lezen en de ondertitels, eventuele illustraties bekijken.
2 Leerling.
3 Leerling.
Exercice 19
a + 11
b + 1
c + 13
d + 7
e + 17
f + 14
g + 15
h + 3
i + 8
j + 5
k + 19
l + 4
m + 10
n + 6
o + 16
p + 2
q + 12
r + 9
s + 20
t + 18
Exercice 20
1 maatschappijleer (voorbereiding op het functioneren als Frans staatsburger)
2 een mengeling van biologie en aardrijkskunde, met nadruk op het ontwikkelen van vaardigheden
3 lichamelijke opvoeding
4 techniek
5 général, technologique, professionnel
6 ES (économique et sociale), L (littéraire), S (scientifique)
7 'le tertiaire': lyceum en daarna nog drie jaar professioneel en voorbereidend op vervolgstudie
8 16 jaar; 21 jaar
9 mensa, cafetaria, mediatheek
Document 6 Union Conseil
Exercice 21
1 Vrijgezellen tussen de 20 en 30 jaar oud.
2 Bijvoorbeeld:
a tendre teder manque d'humour geen gevoel voor humor
b sensible gevoelig têtu koppig
c mignon(ne) charmant égoiste egoïstisch
3 a modeste
b sociable/agréable
c passionné
d tendre
e aimable/gentil
f résolu/décidé
g intelligent/raisonnable
h convenable/correct
i raisonnable/sensé
j ambitieux
k fidèle/loyal
l énergique/ferme
m fin/perspicace/sagace
n spirituel/plaisant
o gai/joyeux
p spontané
q serviable/secourable
r appliqué/travailleur
s entreprenant/actif
t content/satisfait
Exercice 22
1
b oneerlijk la malhonnêteté de oneerlijkheid
c wreed la cruauté de wreedheid
d onverschillig l'indifférence de onverschilligheid
e sluw la ruse de list / de sluwheid
f gemeen la méchanceté de boosaardigheid
g lui la paresse de luiheid
h onvoorzichtig l'imprudence de onvoorzichtigheid
i grillig le caprice de gril
j gek la folie de gekte
k dom la stupidité de domheid
l vijandig l'hostilité de vijandigheid
m ondankbaar l'ingratitude de ondankbaarheid
n vasthoudend la tenacité de vasthoudendheid
o onbezonnen l'étourderie de onbezonnenheid
p trots l'orgueil de trots
q wantrouwig la méfiance het wantrouwen
r laf la lâcheté de lafheid
s gulzig l'avidité de gulzigheid
t onwetend l'ignorance de onwetendheid
2
a + 9 streng toegeeflijk
b + 4 lui ijverig
c + 10 oneerlijk oprecht
d + 7 achteloos gewetensvol
e + 1 bekrompen ruimdenkend
f + 8 gierig vrijgevig
g + 6 elegant lomp
h + 2 gesloten open
i + 3 onhandig handig
j + 5 verstrooid oplettend
Exercice 23
selectief
1 a 26006
b 26005
c 26007
2 a 26014
b 26010
c 26016
3 a 27001
b 27008
c 27009
4 Célibataire, Veuf/veuve, Divorcé(e)
Document 7 Un fait divers et d'amour
Exercice 24
1 Voor de vrouw is er geen seks zonder liefde maar de man vindt dat dat best kan.
2 Er is geen harmonie binnen een relatie.
Exercice 25
1 De vrouw doet voorkomen dat ze geen plaats heeft om te overnachten en als Slimane haar dan mee naar huis neemt, maakt ze de volgende dag een scène.
2 Slimane kan medisch gezien niet de vader zijn van haar kind.
3 Slimane komt erachter dat zijn kinderen niet zijn biologische kinderen kunnen zijn.
4 Uit liefde voor Slimane wilde zijn vrouw hem kinderen geven.
5 Slimane is een goedzak, die een hekel heeft aan geweld en dol is op zijn vrouw.
Exercice 26
1 Het verhaal bewijst niet wat er in de inleiding wordt gesteld betreffende de ideeën van man en vrouw over seks. Maar wel komt in het verhaal terug dat man en vrouw geheimen voor elkaar hebben.
2 Leerling.
3 Leerling.
Exercice 27
Leerling.
Dossier 2 Comme c'est curieux!
Exercice 28
1 bijvoeglijk naamwoord
2 nieuwsgierig, benieuwd; vreemd, merkwaardig, bizar
3 bijwoord
4 vreemd, merkwaardig, bizar
5 étrange, bizarre, insolite
Document 1 Les caves de l'illusion
Exercice 29
1 De tekst gaat over een goochelmuseum.
2 a informatie verschaffen, aansporen tot handeling (bezoek), vermaken, mening uiten
b informatie verschaffen
3 informatief artikel
Exercice 30
1 a + 2
b + 19
c + 17
d + 21
e + 16
f + 15
g + 12
h + 1
i + 20
j + 7
k + 4
l + 8
m + 11
n + 13
o + 3
p + 18
q + 9
r + 22
s + 25
t + 10
u + 6
v + 14
w + 23
x + 5
y + 24
2 a tot een goed einde brengen
b niet leegraken
c stem in het kapittel hebben
d oppassen
e wijken voor
Exercice 31
1 Was het maar mogelijk geweest om met een abacadabra (dus: makkelijk) het museum van Curiositeiten van de grond te krijgen.
2 C
3 a tegenstellend verband
b Waarom het niet makkelijk was.
c Ja.
4 a dû ... son projet
5 De schrijver imiteert een goochelaar, omdat dat bij het thema van het verhaal past en om een overgang te maken naar de beschrijving van het museum.
6 Wat er allemaal in het museum te zien is en gedaan wordt.
7 C
8 Quoi de plus amusant que de jouer à se faire peur? (r. 41-42)
9 Een 'maître de la magie'.
10 Of men wel moet proberen zulke geheimen te ontrafelen.
11 witte en zwarte magie
12 zwarte magie
13 expériences de physique instructives
14 A
15 C
16 unique, magique
17 Inleiding I
Middenstuk II-V
Conclusie VI
Exercice 32
1 1 overtuigen
2 aansporen tot handeling
3 vermaken
4 meningen uiten
5 informatie verschaffen
6 meningen uiten
7 informatie verschaffen
8 informatie verschaffen
9 gevoelens uiten
10 aansporen tot handeling
11 overtuigen
12 meningen uiten
13 meningen uiten
14 aansporen tot handeling
15 vermaken
16 vermaken
17 informatie verschaffen
2 Leerling.
Document 2 La course
Exercice 33
1 aansporen tot handeling
2 bedienend cafépersoneel
Exercice 34
1 In artikel 4 staat dat de deelnemers zelf hun reis dienen te betalen.
2 In artikel 6 staat dat ieder voorwerp of kledingstuk met reclameteksten dat niet door de organisatie is verstrekt, onreglementair is.
3 Volgorde van aankomst, controlestempels, volheid van de glazen.
4 a Geniet maar drink met mate.
b Roken schaadt de gezondheid.
c Buiten bereik van kinderen houden.
d Er kan nog een trein aankomen.
e Niet naar buiten leunen.
Document 3 Pourquoi l'inexpliqué nous fascine
Exercice 35
Paul Caro doet onderzoek naar de aantrekkingskracht van irrationele zaken.
Exercice 36
1 a la vulgarisation
b l'énigme
c gonflé
d à la portée
e privilégier
f l'imaginaire
g la fureur
h en insistant sur
meerkeuzevraag: A
2 a verser dans
b basculer dans
c le merveilleux
d ancré dans
e l'astre
f sombrer dans
g l'inquiétude
h un mauvais sort
i un regain
j amplifier
meerkeuzevraag: B
3 a répandu
b l'attirance
c le bon sens
d la cause
e la clé de voûte
f courant
meerkeuzevraag: A
4 a l'outil
b infiniment
c avoir du mal à
d le noyau
e le confin
f se disputer
g soupçonner
h un aimant
meerkeuzevraag: A
5 a ignorer
b exciter
c la foule
d tout en demeurant
meerkeuzevraag: C
6 a pousser vers
b accumuler
c au bout de
d une avancée
e une extension
meerkeuzevraag: B
7 a accéder à
b s'accroître
c le rassemblement
d la somme
e un objectif
f butiner
g immense
meerkeuzevraag: B
Exercice 37
Leerling.
Exercice 38
Leerling.
Document 4 Sens dessus dessous
Exercice 39
1 diverterende tekst / sketch
2 vermaken
3 a dessus boven
dessous onder
b zelfstandig naamwoord, voorzetsel
4 aan het eind van de zin, versterken van contrast en komisch effect
Exercice 40
1 a + 6
b + 7
c + 4
d + 5
e + 3
f + 2
g + 1
2 a een huurder
b ademen
c de neiging hebben om
d jaloers zijn op
e minachten
f begeren
g afstaan
h verkrijgen
i geld hebben
j verplichten
k te meer omdat
l er belang bij hebben om
m zich voegen bij
n zogenaamd
o dronken
p elkaar slaan
Exercice 41
1 De meeste bewoners willen verhuizen naar een hogere etage.
2 Boven is de lucht die men inademt beter dan beneden.
3 B (r. 24-25)
4 Dat de bewoner van de bovenste etage het houdt met de vrouw van de bewoner van een etage onder de verteller.
Exercice 42
1 a de arbeider
b het sturen, de bediening
c de (wacht)post, het radiotoestel
d de post(erijen)
e het uiterlijk
f de natuurkunde
g het doek, de sluier
h het zeil
i het verslag
j het geheugen
k het boek
l het pond
m de kachel
n de koekenpan
2 a een tekening
b een plan
c een stem
d een weg, een spoor
e een taak
f een vlek
g een wandeling, een tochtje
h een ballade
i een emmer
j een sprong
k het hart
l het koor
3 de sous (r. 23) geld
4 a de overhand de/het bovenste
b het onderspit de/het onderste
c de binnenplaats het hof
d de winkel het magazijn
e het gezicht de voorkant
f de beurs (portemonnee) de beurs
g de vrouw de echtgenote
h een kind een voortbrengsel
i de zetel (stoel) het hoofdkantoor
j het kwaad de pijn
k de ouders de familie
l het geld het zilver
m overeenkomen (met) schrijven (met)
n provoceren veroorzaken
o verloven in dienst nemen
p verdubbelen inhalen
Document 5 Se tenir assis, mais comment?
Exercice 43
1 Hoe netjes te gaan zitten.
Exercice 44
a ontdekken
b de sollicitant
c verbergen
d en zelfs
e de leugen
f jovialiteit, gezelligheid
g de vlucht
h kruisen
i verraden
j de wil
k ontkomen aan
l de benen wijd
m overtuigen
n opgesteld
o aan het hoofd van
p de bijzettafel
q vierkant
r versterken
s de onderneming
t zetelen
u de ridders
v beschikken over
w de ontspanning
x de uitwisseling
Exercice 45
1 D
2 1 Twee banken die haaks op elkaar staan.
2 Twee fauteuils die schuin naar elkaar toe staan, met een tafeltje ervoor.
3 ? Competitie.
? Autoriteit (van degene die aan het hoofd zit).
+ Democratisch.
4 Arthur en de Ridders van de Ronde Tafel.
Document 6 Sans titre
Exercice 46
1 Ouderdom van het huis of van de bouwmaterialen, condens, nabijheid van waterleidingen.
2 De dochters hebben geesten opgeroepen, er kan een geest achter zitten, of misschien de grootvader van de meisjes.
3 De opgeroepen geesten: r. 19-21, bien que ... survenus.
4 'faux'. Er was ook iets met een spiegel (r. 28) en met verschillende geluiden (r. 27), Poltergeist (r. 27).
5 Leerling.
Exercice 47
a midden in een schipbreuk > keldert
b (de) onderdrukking
c aangekondigde staking
d een financiële instorting > catastrofe
e het begrotingstekort
f (opinie)peiling; de werkloosheid
g stijging van het gemiddelde inkomen
h vermoord
i (een) daling van de sociale lasten
j luchtverontreiniging, het bewijs
k ijzel, gevaar voor het verkeer
l steun van de vakbonden; huisartsen
m de verwezenlijking; van de hervormingen
Exercice 48
1 a boekbespreking (zie onder meer rechts onder de tekst)
b Leerling.
Exercice 49
1 I ... les superstitions sont le sentiment le mieux partagé du monde.
II La nôtre ne fait pas exception à la règle.
III Les superstitions sont des tranquillisants
IV Elles bénéficient aujourd'hui du déclin des religions traditionnelles.
V ? (voorbeelden van bestrijding van bijgeloof)
VI La superstition, voilà l'ennemi:
VII Chacun sent inconsciemment ... philosophie.
VIII ? (voorbeelden bij de vorige alinea)
IX ? (meer voorbeelden: Il y a des objets ...)
X ? (meer voorbeelden: La naissance ...)
XI Beaucoup de ces croyances ... perdurent.
l'homme contemporain ... d'influencer.
2 Leerling.
Exercice 50
1 a civilisation
b alinea II vanaf 'Il y aurait'
c Les superstitions
d alinea VI: superstition = religion
e de voorbeelden uit alinea's VIII, IX en X
2 De schrijver bedoelt waarschijnlijk opleving.
3 Analoog aan de uitspraak van Marx: religie is de opium van het volk
of: omdat de toekomst onzeker is, heeft men er behoefte aan om gerustgesteld te worden.
4 Dat ook gelovigen bijgelovige daden kunnen verrichten (katholiek gebruik).
5 De gevestigde religies hebben veel moeite gedaan om bijgeloof te bestrijden.
6 bijgeloof en astrologie
7 Chacun sent ... philosophie.
8 Terwijl Paul Caro er van uitgaat dat de mens vooral een zucht heeft naar meer kennis, denkt Claude Jannoud dat het bovennatuurlijke en het bijgeloof de mensen meer fascineert.
9 a aanbeden dier
duivels dier
b een godheid
drager van de zielen van overleden zeelieden
c lugubere dieren
slecht voorteken, of zelfs aankondiger van plotseling overlijden
10 a 's ochtends vroeg
b op zondag
c op de eerste dag van om het even welke maand
11 a Als het vrijdag de 13e is, is er reden tot ongerustheid.
b Onder een ladder doorlopen brengt ongeluk.
12 a Door het overleven van bijgeloof kunnen we zien dat de mens ondanks alles blijft geloven in een bovennatuurlijke macht.
b Suggestie: de conclusie komt niet overeen met de tekst, want die laat voornamelijk zien dat bijgeloof van alle tijden is, en dat bijgeloof bestreden werd en wordt. Er had nog een stuk bij gemoeten om te laten zien dat de mens probeert goede vrienden te blijven met de bovennatuurlijke macht uit de conclusie en de chapeau.
Exercice 51
Leerling.
Document 7 Domptez vos peurs
Exercice 52
1 Beheers uw angsten.
2 Les bonnes idées.
3 Er worden tips gegeven over hoe je je angsten kunt beheersen. Dat is af te leiden uit de woorden 'Domptez vos peurs' (beheers uw angsten) en 'quelques conseils' (enkele tips).
4 vier, vanwege de tussenkoppen
5 2 peur du risque; écoutez-là; peur positive: instinct de conservation: bonne conseillère
Het overlevingsinstinct is een goede raadgever zolang het niet de overhand krijgt.
3 peur de tout; prenez la peur de vitesse; peur négative: elle vous domine
Als je voor alles bang bent, werkt dat verlammend. Je moet grip zien te krijgen op de angst.
4 peur de rien; laissez-la entrer par la fenêtre; négatif: c'est dommage
Als je voor niets bang bent, moet je af en toe je best doen om de angst toe te laten, omdat ze ook prettige bijwerkingen heeft.
6 gebiedende wijs / impératif
Document 8 La cantatrice chauve
Exercice 53
Leerling.
Exercice 54
1 M. Martin doet alsof hij zijn vrouw niet kent.
2 Er wordt steeds een detail toegevoegd.
3 de voortdurende herhaling
4 In eerste instantie niet, want M. Martin blijft op precies dezelfde manier spreken als voorheen. (r. 147)
5 Leerling.
Exercice 55
1 Bijvoorbeeld iets over een linker- en een rechteroog.
2 Leerling.
Dossier 3 Information et communication
Exercice 56
a Saint-Michel
b 19.00 uur
c 100 F (korting 80 F)
Exercice 57
1 Leerling.
2 De schrijver van een beschouwende tekst geeft zijn mening over een bepaald onderwerp. Hieronder vallen recensies en beschouwingen.
De schrijver van een persuasieve tekst probeert de lezer van iets te overtuigen. Hieronder vallen ingezonden brieven en betogen.
Exercice 58
1 cd-rom, internet, televisie
2 Leerling.
3 Leerling.
Document 1 La riche presse des pauvres
Exercice 59
1 De chapeau geeft aan dat de verkoop van daklozenkranten lucratief is en dat de uitgevers niet veel doen voor de resocialisatie. Dat komt ook terug in het artikel.
2 Er wordt veel geld verdiend met daklozenkranten maar niet door de mensen die de kranten op straat verkopen.
Exercice 60
1 A
2 A
3 A
4 B
5 B
6 D
7 A
8 C
9 A
10 D
11 C
12 D
13 C
14 D
Exercice 61
Leerling.
Document 2 Un journal libre est un journal riche
Exercice 62
1 Onafhankelijkheid van de pers in Frankrijk.
2 Louis-Marie Horeau is sinds vijftien jaar journalist bij Le Canard Enchaîné.
3 Le Canard Enchaîné is een satirisch weekblad.
Exercice 63
a de pers
b ondergaan
c een pressie
d een weekblad
e onderwerpen
f het punt waar het om draait
g behalve
h het dagblad
i als zodanig
j de reclame
k toen
l intrekken
m in gevaar brengen
n het evenwicht
o een bedrijfsvoering
p gezond
q niet meer sluitend zijn
r net willen publiceren
s vervelend
t zwichten
u afzwakken
v de klauw
Exercice 64
1 Aan welke vormen van pressie zijn tegenwoordig de kranten in Frankrijk onderworpen?
2 Pressie op de pers wordt altijd door middel van geld uitgeoefend.
3 L'Humanité staat onder invloed van de communistische Partij. In dit geval heeft politieke druk niets met geld te maken.
4 Hoe manifesteren zich deze pressies in een krant als Le Canard Enchaîné, waar u (voor) werkt?
5 d'abord = in de eerste plaats
ensuite = vervolgens
6 Zijn krant bevat geen advertenties; de krant is eigendom van de werknemers.
7 Il est impossible de faire pression sur le 'Canard'.
8 Dat het, als je wel afhankelijk bent van advertenties, veel geld kan kosten om bepaalde dingen te publiceren.
9 Hoe kan men dergelijke pressies weerstaan?
10 Wanneer een krant zijn geld verdient. Daarvoor is het vertrouwen van de lezers en een goede bedrijfsvoering nodig.
11 of de negatieve publicaties niet plaatsen
met als gevolg dat zijn krant de onafhankelijkheid verliest;
of wel plaatsen van negatieve publicaties
maar dan loopt hij financiële risico's.
12 hij in de handen valt van een andere machtige instantie.
Exercice 65
a bijvoeglijk nw. kwetsbaar
b bijwoord noodzakelijkerwijs
c hulpww. + volt.dw. geneigd zijn
d zelfstandig nw. het doel
e werkwoord behandelen
f zelfstandig nw. de gedienstigheid
g werkwoord met elkaar omgaan
h werkwoord getuigen
i zelfstandige naamwoorden een bron van informatie
j bijvoeglijk nw. verderfelijk
k werkwoord bezwijken
l werkwoord vervallen (tot)
m werkwoord opzij zetten
n zelfstandig nw. de wet
o zelfstandig nw. de laster
p voorzetsel bij gebrek aan
q zelfstandig nw. het bewijs
r werkwoord bekennen
s werkwoord overgeven
t zelfstandig nw. de toegang
u zelfstandige naamwoorden een stukje informatie
Exercice 66
1 We komen steeds terug op het geld ...
2 Afhankelijkheid van (industriële) eigenaren van kranten en televisiestations.
3 A
4 Ondergaan journalisten zelf ook pressies van hetzelfde soort, vanuit de wereld van de politiek?
5 B
6 R. 108, omdat het nut dat journalisten hebben bij goede toegang tot informatie vanuit het Front National, zwaarder weegt dan collegialiteit (het feit dat er tegen Le Pen getuigd moet worden bij de rechtbank).
7 Met de al eerder genoemde houding van een krant die geen publiciteit wil mislopen.
8 Zijn er grenzen aan persvrijheid?
9 a drie
b Informatie pas publiceren als er voldoende bewijs is.
Iemands privé-leven dient beschermd te worden.
Journalisten krijgen vaak moeilijk toegang tot informatie.
10 De samenvatting bevat in elk geval de volgende elementen.
? Voorwaarden: onafhankelijkheid van financiering van buitenaf.
? Le Canard Enchaîné kan schrijven wat hij wil, omdat er geen adverteerders zijn en de krant aan de werknemers toebehoort.
? Economische druk: de media zijn afhankelijk van adverteerders en ongunstige publicaties voor de laatsten kan een krant de kop kosten, omdat er een bron van inkomsten wegvalt.
? Mogelijkheden: vertrouwen van lezers, goede bedrijfsvoering.
? Invloed politiek: journalisten hebben een goede band met politici nodig om aan belangrijke informatie te komen. Die goede band kan openheid in de weg staan.
? Grenzen: zelfs als een krant niet economisch afhankelijk is en dus ook niet beïnvloedbaar, dan nog zijn er grenzen aan wat je kunt schrijven, vanwege regels van goed fatsoen of omdat informatie niet toegankelijk wordt gemaakt.
Exercice 67
1 figuurlijk
2 het verschil tussen letterlijk en figuurlijk
3
werkwoorden zelfst. nw. bijv. nw.
a appauvrir 1 un pauvre 1 pauvre
verarmen een arme arm
2 la pauvreté
de armoede
3 un pauvret
een zielepoot
b gagner 1 un gain ? un gagneur 1 gagnable
winnen/verdienen een voordeel ? een winnaar te winnen
2 gagnant
winnend
c payer 1 une paye 1 payable
betalen een salaris betaalbaar
2 un paiement 2 payant
een betaling niet gratis
d (s')enrichir 1 un riche 1 riche
(zich) verrijken een rijke / rijkaard rijk
2 la richesse 2 richissime
de rijkdom schatrijk
3 un richard
een rijkaard
e dépenser 1 la dépense 1 dépensier
uitgeven de uitgave verkwistend
f emprunter 1 un emprunt 1 emprunté
lenen (van) een lening (van) geleend
2 un emprunteur
een lener
g prêter 1 un prêt 1 prêté
lenen een lening geleend
2 prêteur
bereid te lenen
h (s')endetter 1 une dette 1 endetté
schulden maken een schuld in de schulden gestoken
i économiser 1 une économie 1 économe
bezuinigen een staatshuishouding zuinig
2 un(e) économiste 2 économique
een econoom economisch
Document 3 La météo
Exercice 68
a opklaringen, stortbuien
b zonnig
c bewolkt, stortregens
d bedekt/betrokken, regenachtig
e een (atmosferische) storing
f beladen/bedrukt, een donderslag
g de kuststreek langs het Kanaal, neerslag
h hoge temperaturen
i laag, sneeuw
j onweer, regenbuien
k het optrekken, nevel, mist
l een loden zon / felle zon
Exercice 69
1 Rennes
2 Nantes
3 Rouen, Caen
4 Lille, Amiens
5 Paris
6 Metz, Strasbourg
7 Dijon
8 Besançon
9 Poitiers
10 Orléans
11 Limoges
12 Bordeaux
13 Toulouse
14 Clermont-Ferrand
15 Lyon
16 Nice, Marseille, Montpellier
17 Ajaccio
Exercice 70
Voor kaart zie docentenhandleiding of uitwerkingenboek Libre Service 5/6 vwo.
Exercice 71
1 Leerling.
2 Berichten voor de luchtvaart, scheepvaart.
Document 4 Russie: l'homme idéal sur Internet
Exercice 72
Titel: Russie
Koptekst: L'informatique
Introductietekst: amour
Exercice 73
Leerling.
Exercice 74
1 Mariana is aantrekkelijk (blond haar, blauwe ogen, lieve stem, charme).
2 Omdat de interessante Russische mannen het land hebben verlaten en ze geen echtgenoot kan vinden.
3 Door via Internet een man te vinden.
4 Over het gebrek aan geschikte trouwlustige mannen.
Exercice 75
Leerling.
Exercice 76
1 uit (het koude) Rusland
2 'lever' betekent 'optillen, niet vallen'
3 a over Russische vrouwen
b aan de uitgang van het bijvoeglijk naamwoord
4 schieten als paddestoelen uit de grond
Exercice 77
1 de postcommunistische (1), de Stalinistische (2), die van de jaren '60 (3)
2 (1) Vrouwen zijn een goed exportproduct. (2) Trouwen met een buitenlander is anti-vaderlands. (3) Trouwen met een buitenlander is een misdaad.
3 jonge vrouwen en huwelijksbemiddelaars
4 Privées aux frontières.
Exercice 78
1 a + 4
b + 7
c ?
d + 2
e + 8
f + 9
g + 3
h + 10
i + 5
j + 1
k + 6
2 le moujik
3 Russische man (eigenlijk: boer met een klein bedrijf)
Exercice 79
1 ? Tamara
directrice van een huwelijksbureau
Russische mannen drinken te veel, laten familie in de steek
beeld buitenlandse man niet genoemd
? Tania
gids
lui, onverantwoordelijk en nergens toe in staat
buitenlandse man wil de verantwoordelijkheid nemen voor familie en hij neemt beslissingen
2 Russische vrouwen zijn geduldig, goed, sensueel, traditioneel, romantisch; Westerse vrouwen zijn sterk en onafhankelijk.
3 Leerling.
Exercice 80
Leerling.
Exercice 81
1 Zij is directrice van een huwelijksbureau dat via Internet werkt.
2 Internet-revolutie, toegang tot de wereld
3 Fedorova beheert een server; via deze server verspreidt ze foto's en CV's van haar Russische cliëntes; kandidaten kunnen corresponderen met de cliëntes tegen betaling van 50 franc per adres.
4 Dat ze eindelijk keus heeft uit normale mannen.
Exercice 82
a in tegenstelling tot
b het hoofd op hol brengen
c volgens haar / als we haar moeten geloven
d samengesteld zijn uit
e een dronkaard
f bezoedelen, aantasten
Exercice 83
1 F
2 V
3 F
4 F
5 V
6 V
7 F
8 F
Exercice 84
a het verblijf
b de bijscholing
c niettemin
d geruïneerd hebben
e openen
f zonder grenzen
g de vinger
h een aanzoek
i stapelverliefd worden
j de engel
k de vlechten
Exercice 85
1 Je kunt de successen op de vingers van één hand tellen.
2 Gids, 25 jaar, en de meest gevraagde cliënte.
Exercice 86
1 a III + VI
b VIII
2 Leerling.
3 Leerling.
Document 5 La discrète revanche du poste
Exercice 87
1 le poste, la radio, le média
2 Dat het wordt gekoesterd door het publiek.
3 Veel luisteraars, geen misleidende beelden, vertrouwenwekkend stemgeluid, snel, andere tijden van uitzending, geen voyeurisme.
Exercice 88
a gekoesterd
b aanzetten
c een krachttoer
d de neerslachtigheid
e de buis
f de golf
g een angstig mens
h een afgrond
i op het juiste spoor houden
j verslinden
k gesloten
l het tijdblok
m het hoofd bieden aan
n de rijpheid
o de bende
p boeien
q een meisje
r aan de kant zetten
s de telefooncentrale
t de eerste dag na de zomervakantie
u binnenhalen
Exercice 89
1 36 millions de Français
2 l'homme des années 90
3 l'homme des années 90
4 la radio
5 l'homme des années 90
6 la radio
7 les étudiants
8 un copain (niet in de tekst genoemd)
Exercice 90
1 Op het feit dat historische momenten allemaal direct via de radio mee te maken waren.
2 Omdat televisiebeelden kunnen misleiden.
3 De radio is snel en overal heeft men wel een toestel staan.
4 C
5 alinea 2 + 3
6 B
7 Als Doc op de radio een programma brengt, is dat intiemer dan op tv.
Document 6 Pierre et le loup Microsoft
Exercice 9191
1 a zijn software
b zijn eindexamen
2 a 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7
b 4, 7
Exercice 92
a le logiciel
b un éditeur HTML
c la page web
d le lecteur de disques
e le clavier
f l'imprimante
g un mail
h le bouton
i une page d'accueil
j un lien hypertexte
k la souris
l l'ordinateur
m la carte mère
n le disque dur
o le fichier
p convertir
q l'écran
Exercice 93
a + 2
b + 3
c + 1
d + 4
Exercice 94
1 a + 9
b + 8
c + 7
d + 10
e + 11
f + 3
g + 4
h + 6/5
i + 5/6
j + 12
2 uiterlijk: bescheiden lach, blauwe ogen, klein
familie: jonger broertje, moeder, vader
beroep vader: onderzoeker aan de universiteit van Grenoble
beroep moeder: geen
karakter: bescheiden, opgewekt, doorzetter
school: laatste jaar lyceum, bac S (scientifique)
goed in: wiskunde
zwak in: Frans
Exercice 95
a een werkgeheugen
b een megabyte
c een toepassing
d een tekstverwerker
e de tekstverwerking
f opslaan
g een back-up
h een HD-flop, een diskette
i surfen
j het net
k aanklikken
l downloaden
m de verbinding
n de server
o het wachtwoord
p de e-mail
q de mailbox
Exercice 96
1 Leerling.
2 Ministère de l'Equipement et du Logement, stichting 'Arche de la Fraternité', expositieruimte 'Source d'Europe'.
Document 7 Le grand défilé des emballages
Exercice 97
1 verpakkingsmaterialen als afval
2 glas, GFT, papier en karton
3 drie
4 glas, GFT, papier/karton
5 drie
6 C
7 Hoe kun je dit materiaal verantwoord weggooien?
8 Wat er met het weggegooide materiaal gedaan kan worden.
9 1 glas
eenvoudig product ? gemaakt van zand
als geen statiegeld, na gebruik in container
vervolgens naar fabriek voor omsmelting
2 GFT
is 100% natuurlijke 'verpakking'
toch langzaam afbreekbaar, daarom in vuilnisbak
of als je een tuin hebt, op composthoop
3 papier/karton
wordt bijna altijd gebruikt in verpakkingen
na gebruik in vuilnisbak of papierbak
kringlooppapier ? makkelijk te maken, goed te gebruiken
10 Leerling.
11 Vacances Propres is een organisatie die ervoor zorgt dat plekken waar veel toeristen komen, schoon blijven.
Document 8 La plus que vive
Exercice 98
Leerling.
Exercice 99
1 De overleden moeder van Clémence en Hélène.
2 tranen en gelach
3 Bij een puber als Hélène is ergernis vaak een teken van liefde.
4 Dat ze haar moeder, een week na haar overlijden, wil bellen.
5 Dat we naar de overledenen moeten luisteren, meer dan tegen ze praten.
Exercice 100
Leerling.
Exercice 101
Leerling.
Dossier 4 Responsabilités
Exercice 102
Leerling.
Document 1 La délinquance au boulot
Exercice 103
1 criminaliteit op het werk
2 Leerling.
3 Leerling.
Exercice 104
a het werk
b een werkgever
c het accountantsbureau
d een onderneming
e in zwang
f de diefstal uit de voorraden
g de onkostendeclaraties waarmee geknoeid is
h het gebruik van bedrijfsgoederen
i voor persoonlijke doeleinden
j de diefstal van contanten
k erger
l ophouden
m zich verspreiden
n een stijging
o een afdrift
p in Frankrijk
q de kruimeldiefstal
r zich ongerust maken
s een heel gewichtig probleem
t de hoogste geledingen
u de wet
v in der minne schikken
w op heterdaad betrappen
x ontslagen worden
y aan de kaak stellen
z de morele waarden
Exercice 105
1 1 championne
2 Les salariés
3 la fraude
4 Le montant
5 les patrons
6 le sujet
7 L'entreprise
8 un coupable
9 la conjoncture
10 la perte
2 a stelende werknemers
b zwarte schapen
3 Leerling.
4 Leerling.
Document 2 Non aux enfants esclaves
Exercice 106
1 kindslaven
2 Leerling.
Exercice 107
Leerling.
Exercice 108
1 a een sprankje hoop
b garanderen
c een illusie
d in staat zouden blijken te zijn
e doeltreffend
f geen enkel effect hebben gehad
g is te hulp geroepen
h zich opwerpen als
2 a het insluiten / de opname
b een clausule
c fatsoenlijke
d een inmenging
e toegevoegde/extra
f zouden op straat terechtkomen
g ontbreken
h dit inkomen
i het percentage
j een wetgeving
k een uitweg
l het gedrag
m ophouden
n het ontstaan
3 a heeft het voortouw genomen
b hun herkomst
c een arbeidskracht
d erbij blijven dat
e de afschaffing
f het niet uitbetalen
4 Leerling.
Exercice 109
Leerling.
Exercice 110
1 Nu er in India een label op de markt is verschenen dat garandeert dat hun tapijten niet door kinderen zijn vervaardigd, kun je spreken over een sprankje hoop in het gevecht tegen kinderarbeid.
2 a Negatief. (De auteur beschouwt het initiatief op zich als interessant maar zij twijfelt sterk of de autoriteiten daadwerkelijk kunnen controleren of er inderdaad geen kinderarbeid is verricht. Het label is dus slechts 'een illusie'. Zij gelooft er niet in.)
b risque hélas de n'être qu'un leurre (r. 8)
3 In alle handelsovereenkomsten zou een sociale clausule opgenomen moeten worden die goede werkomstandigheden voor de arbeiders garandeert.
4 Duizenden kinderen komen dan op straat te staan en dat terwijl scholen ontbreken; ook missen vele gezinnen dan extra inkomsten. Er zal dus een hoger percentage kinderen in de prostitutie werkzaam zijn.
5 a de invoerende landen
b A
6 a nee
b Certains semblent prêts à jouer le jeu.
7 a Juist is Levis en/of Ikea.
b Levis heeft een sociale garantieclausule opgenomen in zijn contracten en de Chinese productie-eenheden gesloten.
Ikea heeft op de tv zijn excuses aangeboden voor kinderarbeid en de aankopen tijdelijk gestaakt om met zekerheid de herkomst van de tapijten te kunnen garanderen.
DMC (schuldig aan kinderarbeid) heeft beleefd geweigerd om mee te werken aan een voorstel van de Europese autoriteiten en heeft dus niets gedaan tegen kinderarbeid.
8 Ze vechten voorlopig tegen de wanbetaling (onderbetaling / geen betaling) van kinderen.
Exercice 111
1 le BIT
2 une 'clause sociale'
3 la clause sociale (ook 'l'insertion d'une clause sociale')
4 les Etats concernés
5 les entreprises
6 les entreprises (importatrices)
7 celles du secteur de l'alimentation et du luxe
8 les personnes qui travaillent pour le programme ... au BIT
Document 3 Pour ou contre le droit de vote
Exercice 112
Leerling.
Exercice 113
1 certains/d'autres
2 r. 10 tot en met r. 18
3 Argument 1 Jongeren hebben zich en masse ingeschreven in het kiesregister.
Argument 2 Als er een overlegorgaan voor jongeren wordt opgezet, komen ze ook.
Argument 3 Jongeren ontplooien zelf ook initiatieven.
4 alle drie C (feitelijke argumenten)
5 r. 22 tot en met r. 25
6 Je geeft jongeren geen werkelijke macht; jongeren zijn nog niet rijp genoeg; veel jongeren stemmen ook niet als ze wel mogen stemmen.
Exercice 114
1 Delphine pour
Nejma contre
Carole contre
Kader contre
Alexandre contre
Hamed contre
2 Delphine Je kunt eindelijk direct invloed op het beleid uitoefenen.
Nejma Jongeren zijn nog niet voldoende gevormd.
Carole Jongeren zijn nog te beïnvloedbaar.
Kader Jongeren vragen toch de mening van hun ouders, ze geven niet hun eigen mening, omdat ze nog niets van politiek af weten.
Alexandre Jongeren zijn gemakkelijk te beïnvloeden door politici omdat ze nog geen kennis van zaken hebben.
Hamed Voor alles zou je meerderjarig moeten worden op hetzelfde moment.
Exercice 115
a supprimer opheffen
b réduire verminderen
c inaugurer inwijden
d nécogier onderhandelen
e abolir afschaffen
f adhérer aanhangen
g adopter aannemen
h modifier wijzigen
i se composer de samengesteld zijn uit
j convoquer bijeenroepen
k voter stemmen
l renverser omverwerpen
m être élu verkozen worden
n acquérir verkrijgen
Exercice 116
personen anders
a un adjoint een wethouder la municipalité de gemeente, het gemeentebestuur
b un électeur een kiezer la constitution de grondwet
c un mineur een minderjarige le scrutin de verkiezing
d le maire de burgemeester l'urne de stembus
e le préfet de prefect un arrêté een verordening
f l'adversaire de tegenstander la séance de zitting
g un syndicaliste een vakbondsman la démission het aftreden
h un réfugié een vluchteling le traité het verdrag
i un conseiller d'Etat een lid van de Raad van State le suffrage universel het algemeen stemrecht
j un délégué een afgevaardigde une loi een wet
Exercice 117
1 Leerling.
2 Leerling.
3 Le ministère des Affaires étrangères
Le ministère de l'Interieur
4 De driekleurenvlag, La Marseillaise, Marianne, 14 juli, de haan, het zegel van de Staat.
5 Leerling.
Document 4 Examen. Le code de la route
Exercice 118
1 a Leerling.
b reglement voor het eindexamen
2 le bac
3 D (ironisch!)
4 2 Geen officiële documenten vergeten.
3 In geval van nood is er een examenmogelijkheid in september.
4 Als je niet kunt schrijven, kun je via de dokter tijdsverlenging en hulp aanvragen.
5 Zorg voor het juiste schrijfgerei en andere benodigdheden.
6 Tijdens het eerste uur mag je de zaal niet verlaten tenzij je ziek bent.
7 Als je niets weet op te schrijven, moet je toch je gegevens invullen.
8 Op fraude staan strenge straffen.
9 Er zijn manieren om toch wat op te kunnen schrijven als je gespannen bent.
10 Pas goed op je cijferlijsten, ze worden slechts één keer verstrekt.
Exercice 119
1 a louper zakken
b pénétrer binnengaan
c plancher examen afleggen
d prévenez waarschuw
e repérer verkennen
f avalé gedronken
g muni d' voorzien van
h décès overlijden
i un justificatif een getekend document
j une épreuve een examen
k ne tardez pas wacht niet te lang
2 a faire bénéficier de
b une barre
c la friandise
d la notice
e la feuille de brouillon
f tenailler
g aviser
h sécher
i attester
j n'est (pas) éliminatoire
k décrocher le bac
3 a verschijnen
b een verbod
c spiekmiddelen
d het opstel
e verdelen
f het slaapmiddel
g een lijst
h waarmerken
i afwijzen
j voorlopig afwijzen
k de onderwijsinspectie
Exercice 120
1 vrai
2 faux. Het kan ook afgenomen worden in een gebouw dat je niet kent.
3 vrai
4 faux. Je moet altijd een verklaring sturen, waarin je je afwezigheid verklaart.
5 vrai
6 faux. Ze mogen ook geen afdrukmogelijkheid hebben.
7 faux. Alleen in geval van ziekte.
8 faux. Je kunt zelfs je bac halen als je ergens een nul voor hebt.
9 faux. Die straf kan door een commissie worden opgelegd.
10 faux. Je kunt alleen een kopie van de cijferlijst daar laten waarmerken, maar je krijgt geen duplicaat.
11 vrai
Document 5 Médecins sans frontières
Exercice 121
a de twijfel
b de afkeer
c de teleurstelling
d de hoop
e de voldoening
f de angst
g de haat
h de zwaarmoedigheid
i de ongerustheid
j de vrolijkheid
k de achting
l de walging
m de opluchting
n de minachting
o de wraak
p de spijt
q de vreugde
r het verdriet
s de bitterheid
t de verbijstering
u de afkeer
v de vrees
w de schaamte
x de berusting
y de razernij
z de wanhoop
Exercice 122
1 Catherine verpleegster verpleegster
Alain geluidstechnicus logistiek medewerker
Pierre historicus beheerder/boekhouder
Lucie marketingmedewerkster boekhoudster
2 Catherine Etre passionné des autres, pas de soi-même.
Alain Si je commence quelque chose, je voudrai le terminer.
Concrétiser quelque chose.
Pierre Me dégager de mes pénates.
La Belgique est trop petite pour y consacrer toute sa vie.
Lucie Je cherchais autre chose (que le fric pour le fric etc.).
Servir à quelque chose.
Une recherche d'idéal, de quelque chose de plus vrai.
3 Catherine Het werk voor MSF en het werk hier vullen elkaar aan, ze behoudt zo openheid van geest.
Alain Wil voordat hij vastzit aan een huis en een gezin iets voor anderen doen, iets verwezenlijken.
Pierre Wilde vooral meer van de wereld zien en dat combineren met
een vorm van idealisme.
Lucie Wil graag reizen en leren van andere culturen en is het
consumentisme beu.
Exercice 123
1 Catherine, Alain en Pierre
2 a Pierre
b 'on a décidé de se réintégrer, il y a trois mois'
3 a Pierre en Lucie
b 'au siège'
4 Catherine
5 Catherine en Lucie
Exercice 124
a prison
b bouquin
c une petite bouffe
d licencier
e un bon pote
f sa bagnole
g la trouille
h embêter
i un visage plein
j volé
k d'argent
l ce bled
m ce clebs
n dingue
Exercice 125
Leerling.
Document 6 Ne nous trompons pas de futur
Exercice 126
1 Alhoewel er nog veel verschillende toekomsten mogelijk zijn, sluit iedere beslissing die we nu nemen er verschillende uit.
2 Leerling.
Exercice 127
a de beslisser
b vervelend
c de wederzijdse afhankelijkheid
d uitstellen
e de regeringsperiode
f beschouwen
g gelijk opgaan
h de bezorging aan huis
i ten koste van
j vergen
k het broeikaseffect
l verstoren
m de verstopping, de massale drukte
n het afval
o de bedreiging
p een toevlucht
q gekruist
r opwaarderen
s de overall
t het handwerk
u de metselaar
v het minder belangrijk worden
w het tekort
x stoten op
y onverschillig
z invloedrijk
Exercice 128
scenario gevolgen (...) groei (...) vermindering (...)
1 het sociale leven blijft redelijk belangrijk transport, handel (chauffeurs)
2 bezorging aan huis, detailhandel, onderhoud (dienstverlenende beroepen, informatici) supermarkten (caissières)
3 beschermen fossiele energiebronnen, verminderen van problemen van luchtvervuiling en broeikaseffect kleine handel, deur-aan-deur-diensten (melkman) toerisme, transport, distributie van consumptiegoederen (chauffeurs)
4 gedurende enkele decennia eenzelfde soort leven als nu, met problemen als verontreiniging van steden etc.
5 terugkeer tot een manier van leven die dichter bij de natuur staat, met minder comfort minder geschoolde en meer gediversifieerde arbeid (ambachtslieden)
6 comfortabel leven, maar problemen met nucleair afval, kans op nucleaire ongelukken of op nucleair terrorisme technische en wetenschappelijke arbeid van hoog niveau (natuurkundigen)
Exercice 129
a A
b C
c C
d A
e B
f B
g C
h B
i A
j B
k C
Exercice 130
1 De maatschappij is complexer dan vroeger, de problemen en oplossingen zijn sterker met elkaar verweven.
2 Op het gebied van de werkgelegenheid.
3 Omdat men via bijvoorbeeld Internet direct boodschappen kan doen en niet meer naar de winkels hoeft (dat distributiepunt wordt dan overgeslagen).
4 a Meer comfort omdat elektriciteit ruim voorhanden blijft.
b Problemen met het afval, met mogelijke rampen, met terrorisme.
5 Er zullen informatici nodig zijn, competente elektriciens, de dienstensector zal groter worden en daarbinnen met name de kantoorbanen, de 'witte en zwarte boorden' zullen nauw moeten samenwerken.
6 a Meer handarbeiders en ambachtslieden nodig.
b Onderwijs zoals vroeger.
c Dichter bij de natuur en met minder comfort.
7 Machines aanpassen, minder kas-tuinbouw, misschien extensievere landbouw met bijvoorbeeld grote veeteeltbedrijven.
8 Gebrek aan geschoolde arbeid.
9 In beide periodes zijn beslissingen genomen zonder dat men nadacht over de gevolgen op lange termijn.
10 Ze maken sommige 'toekomsten' onmogelijk.
11 a I-IV
b V-XV
c XVI
Exercice 131
1 politici, mensen die beslissingen nemen, wetenschappers, studenten
2 betoog
3 C
Document 7 La génération 2000 se prend en main
Exercice 132
1 B
2 A
3 C
4 A
5 C
6 C
7 B
8 D
9 A
Exercice 133
Leerling.
Document 8 Un coupable
Exercice 134
Leerling.
Exercice 135
1 Omdat hij aarzelt nadat de vraag hem overvallen heeft.
2 De eerste getuige houdt het kort en probeert een goede indruk te maken, de tweede begint aarzelend maar voert daarna een heel toneelstuk op.
3 Omdat hij zich een futiel detail herinnert, de ring van de beklaagde, en vervolgens pretendeert precies de gebaren van M. Caillou na te doen.
4 Zijn huidskleur (zie ook r. 48-49 'ressemble hélas ...').
Exercice 136
Leerling.
Exercice 137
Leerling.
Dossier 5 Vocation ou orientation
Exercice 138
1 roeping; Document 2, 3
(beroeps)keuze, koers; Document 6, 7
2 a onafhankelijk zijn
b kan dingen goed alleen en heeft veel durf
c Leerling.
Exercice 139
A uitzendbureau, Arbeidsbureau, scholing, bekwaamheid, ambachtsman
B (hard) werken, (bedrijfs)tak, bruto (salaris)
C middenkader / hoger kader, loopbaan, werkloosheid, werkloze, samenwerken, collega, handel/winkel, afsluiten (van een contract), werkomstandigheden, verlof, curriculum vitae (levensloop)
D toekomstmogelijkheden, sollicitatie (vraag naar arbeid), zijn ontslag aanbieden
E in dienst nemen, werknemer, werkgever, bedrijf, uitoefenen (van beroep), ervaring
F functie, opleiding
G (zijn boterham) verdienen, bedrijfsvoering, staking
H overuur, werktijden
I uitzendkracht
J werkdag
L motivatiebrief, ontslag, ontslaan
M arbeidskrachten, hand-/handarbeider, banenmarkt, beroep, overplaatsing
N netto (salaris), levensstandaard, zwart (werk)
O vacatures, beroepsvoorlichting, arbeider
P werkverdeling, werkgevers, loon, algemeen directeur, koopkracht, betrekking, solliciteren
Q kwalificaties/bekwaamheden
R werven, om-/bijscholing, vervanger, beloning, ontslaan, pensioen, vergadering, eis
S minimumloon, maatschappij, (het werk) tijdelijk staken, vakbond
T werkloosheidspercentage, voltijds, werktijd, deeltijd, (salaris) ontvangen, lopendebandwerk
V vacature, roeping, vrijwilliger, zakenreis
Document 1 La réduction du temps de travail a profité à tout le monde
Exercice 140
Leerling.
Exercice 141
a Hij ziet het als onderdeel van een al langer durende ontwikkeling.
b 1 historische aspecten
2 standpunten van werkgevers en vakbonden
3 de opgeleverde winst
4 gevolgen voor de maatschappij
Exercice 142
1 a collectieve salarisonderhandelingen
b de individualisering van de werktijden
c een niet-officiële afspraak
d de loonkosten per uur
e de verkorting van de werkweek
f de toename van de productiviteit
g afwijkende werktijden
2 a + 11
b + 8
c + 5
d + 4
e + 3
f + 7
g + 12
h + 10
i + 1
j + 6
k + 2
l + 9
Exercice 143
kern van de vraag kern van het antwoord
1 historische aspecten 1 sinds de 19e eeuw overal afname van arbeidsduur
2 standpunten van werkgevers en vakbonden 2 tegenstand werkgevers is aan het verdwijnen, werknemers nog niet eens over invulling
3 de opgeleverde winst 3 zowel werknemers als ondernemingen
4 gevolgen voor de maatschappij 4 toegenomen vrije tijd en flexibele werktijden
2 Leerling.
Exercice 144
1 B (in alle jaren afname 10 uur, echter na 1982 'un rythme ralenti', dus sneller daarvoor)
2 parttimewerk
3 Misschien moet er meer gedaan worden in dezelfde tijd of lijkt arbeidstijdverkorting (vanwege het parttimewerk) meer dan het in werkelijkheid is voor de mensen die niet parttime werken.
4 Omdat de salarissen niet tegelijkertijd dalen en omdat er meer personeel nodig is. Dat kost de werkgevers meer tijd; omdat de wens om minder te werken niet lijkt te stroken met enthousiasme voor het werk.
5 herverdeling van de salarissen
6 C
Exercice 145
a une part een deel deel-
b une règle een regel ontregeling
c une proportion een deel gedeeltelijk
d léger licht verlichting
e partager delen verdeling
f pauvre/appauvrir arm/verarmen verarming
g un labeur een zwaar werk uitwerken
h boire (bu) drinken (volt. dw.) ondrinkbaar
i petit klein verkleinen
j certain zeker de zekerheid
k le café de koffie de koffiekan / koffiezetter
l noir zwart zwartmaken
m vieux, vieille oud de oude man
n vide leeg leeg maken
o une cuillère een lepel een schepje
Document 2 Font-ils le métier dont ils rêvaient?
Exercice 146
un religieux un sapeur-pompier un avocat un mannequin
la vision mystique 'au feu' la justice le vêtement
chrétien une grue le droit pénal un rejet (par l'agence)
la foi mouiller plaider un défilé
croyant un incendie un juge de la jeunesse flasher sur
le célibat le qui-vive faire le barreau
l'inondation un pro Deo
la crasse le service juridique
un religieux
la vision mystique ? de mystieke zienswijze
chrétien ? christelijk
la foi ? het geloof
croyant ? gelovig
le célibat ? het celibaat
un sapeur-pompier
au feu ? bij de brand
une grue ? een hijskraan
mouiller ? natmaken
un incendie ? een brand
(être sur) le qui-vive ? (op) zijn hoede (zijn)
l'inondation ? de overstroming
la crasse ? het vuil
un avocat
la justice ? de rechtspraak
le droit pénal ? het strafrecht
plaider ? pleiten
un juge de la jeunesse ? een jeugdrechter
faire le barreau ? advocaat zijn
un pro Deo ? een kosteloze rechtsbijstand
le service juridique ? de juridische dienst
un mannequin
le vêtement ? het kledingstuk
un rejet ? een afwijzing
un défilé ? hier: een modeshow
flasher sur ? geboeid worden door
Exercice 147
1 religieux: j'avais la conviction ... orientation, Devenir religieux projet de vie.
sapeur-pompier: c'était la possibilité ... qui en ont besoin
avocat: c'est avec la volonté ... dans cette carrière
mannequin: je voulais devenir ... admire
2 religieux: Gelijktijdig studie theologie en geschiedenis, vervolgens gewerkt op het gebied van die twee vakken, naar Zuid-Afrika vertrokken, universitair docent en voorzitter van een liefdadige organisatie; de combinatie van het sociale en het godsdienstige erg waardevol, het celibaat was erg moeilijk. Positief.
sapeur-pompier: Een beginnend brandweerman doet weinig spannende dingen, het onvoorspelbare van het werk is soms slopend (soms heel druk, soms dagen niets te doen), er gebeuren soms ongelofelijke dingen waarover je niet kunt spreken. Negatief.
avocat: Het contact met mensen is heel waardevol, maar het werk is heel veeleisend; het idee dat men heeft van de rijkdom van advocaten klopt niet; er hoort ontzettend veel administratief werk bij. Negatief.
mannequin: Jong begonnen met werk in de diamantsector, bij toeval terechtgekomen bij een modellenbureau, na twee jaar werk als mannequin in de VS definitieve keuze voor het vak gemaakt; daardoor een gezinsleven niet mogelijk; nog moeilijker de enorme concurrentie en de afwijzingen. Negatief.
3 religieux ? ? ? een beter functionerende kerk
sapeur-pompier ? ja ? wat men tegenwoordig belangrijk vindt voor nieuw personeel
avocat ? ? ? betere omstandigheden, eerlijker rechtssysteem
mannequin ? ja ? langer zijn, Amerikaanse nationaliteit, iets later beginnen met carrière.
Document 3 Ah, Sahara! Sahara!
Exercice 148
1 Théodore Monod, 87 jaar, is dol op de woestijn, en speciaal op de Sahara.
2 a 4
b 6, 7
c 2, 4
d 7, 8
Exercice 149
a un tourbillon een werveling
b furtive tersluikse
c quotidienne dagelijkse
d un plaisantin een grapjas
e histoire de alleen maar om
f parcourir doorkruisen
g affronter trotseren
h effarer doen schrikken
i s'infliger zich aandoen
j la cruauté de wreedheid
k abattre (omver)halen
Exercice 150
a allègre
b un évadé
c sauver
d pousser
e rééditer
f une brindille
g la vastitude
h déployé
i distrait
j révéler
k la facture
l bâtir
m assimiler à
n la genèse
o écumer
p percer
q préserver
Exercice 151
1 Op de comfortabele manier waarop je tegenwoordig door de woestijn kunt reizen.
2 L'eau hésite entre la saumure et le purin.
Infâmes bouillies où flottent des cadavres d'insectes et des crottes de chèvre.
3 De ontsnapten proberen het vege lijf te redden, terwijl Monod het juist in gevaar brengt.
4 a Edel en nuttig, maar niet in verhouding tot de ontberingen die hij had doorstaan.
b De enigen die de resultaten van zijn werk zien zijn onoplettende scholieren.
5 a literatuur
b filosofie
c Kunstenaar die met op het strand gevonden materiaal werkt.
d Kunstenaar die met in het bos gevonden materiaal werkt.
6 Deze vier noemen zichzelf kunstenaar of filosoof, en Monod niet.
Exercice 152
Théodore Monod, 87 jaar oud. Heeft boek geschreven. Sinds 60 jaar doorkruist hij de Sahara. Legde vroeger 40 km. per dag af, nu misschien nog 10 km. Opgewekt man. Wetenschappelijke interesse en kennis. Pacifist. Vegetariër. Geen kunstzinnige ambities. Mysterieus.
Exercice 153
1 a une annonce
b conseiller
c Le pharmacien
d la brutalité
e une boussole
f une cotisation
g la pile
h le contrôleur
i votre valise
j le destinataire
k La police judiciaire
l postulants
m Le sous-sol
n un médicament
o le quai
p musicien
2 a een waarschuwing
b berichten
c de apotheker (verouderd)
d de brutaliteit
e een passer
f een aandeel, medewerking
g het slagwerk, het drumstel, de accu
h de bestuurder
i uw kist, kofferruimte, brandkast
j de aangesprokene
k het onderzoek
l een verzoekende
m het onderaards gewelf
n een dokter
o het bordes
p muziek-
Document 4 Annonces
Exercice 154
a acteur acteur
rédacteur redacteur
restaurateur restaurateur/restauranthouder
b physicien natuurkundige
comédien acteur
chirurgien chirurg
c intendant beheerder
savant wijsgeer
d bûcheron houthakker
forgeron smid
maçon metselaar
e épicier kruidenier
pâtissier banketbakker
trésorier penningmeester
f plongeur afwasser/duiker
serveur kelner
professeur leraar
g antiquaire antiquair
fonctionnaire ambtenaar
secrétaire secretaris
h chimiste scheikundige
dentiste tandarts
fleuriste bloemist
Exercice 155
1 a + 16
b + 12
c + 8
d + 9
e + 11
f + 18
g + 13
h + 6
i + 1
j + 10
k + 14
l + 17
m + 3
n + 15
o + 5
p + 4
q + 7
r + 2
2 a environnemental
b diriger
c quotidien
d la mise en oeuvre
e le suivi
f l'impact
g un superintendant
h annuel
i l'expatriation
j le pilotage
k pourvoir
Exercice 156
1 a maandelijks
b het voorkomen
c kinder-
d een krottenwijk
e de smaak, hier: het gevoel
f de richting
2 a + 4
b + 8
c + 5
d + 1
e + 7
f + 9
g + 6
h + 3
i + 2
Exercice 157
1 NT
2 NT
3 NG
4 NG
5 NT
6 NT
7 EM/CM
8 NG
9 EM
10 CM
11 EM
12 NT
Exercice 158
1 8
2 3, 4, 9, 10, 11
3 8, 9, misschien 10
4 4
5 10
6 4
7 1
8 6, 9, 10, 11
Exercice 159
Leerling.
Document 5 L'euro et le chômage
Exercice 160
1 a redactioneel artikel (hoofdartikel)
b opiniëren
c de hoofdredacteur
2 De werkloosheid in Europa daalt. Blijkbaar zijn we aan het eind van de moeilijkste periode, alhoewel dat nog niet helemaal zeker is, omdat het altijd de banen met weinig perspectief zijn die het eerst aangeboden worden als het beter gaat. De notie 'employabiliteit' wordt belangrijk.
Exercice 161
1 a de opleving
b de groei
c de algemene munt (euro)
d een begrotingsoffer
e een strak monetair beleid
f het rentepercentage
g de stijging van de dollar
h de kosten
2 a het werkeloosheidscijfer
b een toename van werkeloosheid
c de werkgelegenheid
d een contract voor bepaalde termijn
e de uitzendkracht
f het opleidingsniveau
3 a de nek omdraaien
b opnieuw starten
c dragen
d uitmonden in
e resulteren in
Exercice 162
I Frankrijk, Duitsland, Spanje
Er zal geen economische groei zonder banen zijn in Europa.
II de invoering van de euro werkloosheid zou stimuleren.
Extreme zuinigheid en een strak monetair beleid ten behoeve van de Duitse eenwording.
III Daling van de rente en stijging van de dollar.
IV die zich blijvend zullen omzetten in vaste banen.
V de concurrentie kracht bij wordt gezet door nog steeds door ontslagen proberen de kosten te laten dalen.
Exercice 163
1 Omdat het een neologisme is en een directe verfransing van een Engelse term.
2 globalisation, compétitivité
3 overtuigen
4 B
5 I constatering
II verklaring
III uitwerking
IV probleemstelling
V conclusie
Exercice 164
a + 8
b + 10
c + 7
d + 9
e + 2
f + 4
g + 6
h + 5
i + 1
j + 3
Document 6 Ouvrir son commerce
Exercice 165
1 een eigen zaak beginnen, tips en raadgevingen
2 a jonge starters in de middenstand
b tijdschrift voor jongeren, tijdschrift van een opleiding of van de overheid
Exercice 166
1 a delegeren
b de klant in de watten leggen
c gemotiveerd zijn
d de bank overhalen (letterlijk: de bankier verleiden)
e je project goed bestuderen
f zich informeren en zich ontwikkelen
g een naam kiezen
h het uiterlijk verzorgen
i reclame maken
j de juiste ruimte vinden
2 1 kopje c
2 kopje f
3 kopje e
4 kopje d
5 kopje j
6 kopje g
7 kopje h
8 kopje a
9 kopje i
10 kopje b
Document 7 Quelle relation du diplôme à l'emploi?
Exercice 167
1 C
2 Forum: un patron répond à vos questions, serie interviews met leidinggevende zakenmensen
doel: voorlichting.
Exercice 168
Koptekst a B
1 a A
b A
c A
2 a B
b A
c B
d C
3 a A
b A
c B
4 a B
b C
c A
d C
e A
5 a C
b C
c A
d B
6 a C
b B
7 a C
8 a C
b A
9 a B
b A
c A
d C
Exercice 169
zelfstandig naamwoord werkwoord vertaling werkwoord
a une attente attendre wachten
b le recrutement recruter werven
1a la restauration restaurer te eten geven
1b la gestion gérer beheren
1c le développement développer ontwikkelen
2a une exigence exiger eisen
2b la satisfaction satisfaire tevreden stellen
3a un établissement établir vestigen
3b l'utilisation utiliser gebruiken
4a une alternance alterner afwisselen
5a la préparation préparer voorbereiden
5b l'accueil accueillir ontvangen
5c un apprentissage apprendre leren
5d la réussite réussir slagen
6a le renseignement renseigner inlichten
7a la sélection sélectionner een selectie maken
7b le témoignage témoigner getuigen
8a un effort s'efforcer moeite doen
8b l'acquisition acquérir verwerven
9a un enseignement enseigner onderwijzen
9b l'espoir espérer hopen
9c la vente vendre verkopen
Exercice 170
a 2
b 6
c 3
d 1
e 8
f 5
g 9
h 4
i 7
Exercice 171
1 lijkwagens
2 slapeloosheid
3 mijn beloning
Document 8 Le Zèbre
Exercice 172
Leerling.
Exercice 173
1 Als Gaspard, gekleed in een handdoek, zijn deur achter zich in het slot heeft laten vallen, komt Camille naar boven; hij vlucht naar de bovenste overloop maar zij achtervolgt hem. Als Gaspard ten slotte Camille ziet, vraagt hij: 'Wat doet u daar?'
2 Omdat dat het verhaal verlevendigt en de lezer meeneemt naar 15 jaar daarvoor.
3 Omdat Gaspard zo smekend kijkt.
4 Ze schopt hem tussen de benen.
5 Hij laat Camille haar oude regenjas aantrekken en gooit een bak water over haar heen, omdat ze bij de eerste ontmoeting ook verregend was.
6 Ze vergeet haar tekst.
7 Ze gooit hem van de trap.
8 Je kunt je voorstellen hoe verbaasd Natacha was haar moeder kletsnat en haar vader poedelnaakt op de trap te vinden.
Exercice 174
Leerling.
Exercice 175
Leerling.
Dossier 6 Les arts
Exercice 176
Leerling.
Exercice 177
1
schilderkunst muziek film
le coloris un quatuor un écran
une fresque murale la sonorité un dessin animé
encadrer l'auditoire le metteur en scène
le paysagiste un choeur le gros plan
le vernissage un ensemble vocal le court métrage
le pinceau un récital le César
une huile sur toile faire des gammes une séance
une esquisse un morceau le tournage
un trompe-l'oeil la partition la version doublée
peindre l'enregistrement la pellicule
2
schilderkunst muziek film
de kleurgeving een (strijk)kwartet een scherm
een wandschildering de klank een tekenfilm
inlijsten het publiek de regisseur
de landschapsschilder een koor de close-up
de vernissage, de opening een vocaal ensemble de korte film
het penseel een solo-uitvoering de César (onderscheiding)
een olieverfschilderij (toonladders) oefenen een voorstelling
een schets een fragment de opnames
een trompe l'oeil, een nabootsing de partituur de nagesynchroniseerde versie
schilderen, verven de opname de film (het materiaal)
Document 1 Anne Gastinel
Exercice 178
1 jeune: un petit quart de siècle
vieux: âgé de près de 300 ans
2 De cello van een beroemde cellist wordt voor een jaar uitgeleend aan Anne Gastinel.
Exercice 179
1 Leerling.
2 Leerling.
3 Leerling.
4 B
Exercice 180
1 Leerling.
2 Het voornaamste doel van Gastinel is dat ze met haar muziek de wirwar van onderliggende emoties kan ontrafelen.
3 Leerling.
Exercice 181
1 Suggestie voor raden: het gaat eerst over de moeder, dan de vader, dan ... Progéniture = kinderen.
Bovendien zit in het woord 'progéniture' een deel van het woord 'genèse', ontstaan, en 'pro'.
2 A
3 un couple een echtpaar
leur étreinte hun omarming
Exercice 182
1 Leerling.
2 la jeune fille; problème avec elle-même; l'instrument; un 'autre soi-même'; porté telle une armure
3 Leerling.
Exercice 183
1 s'épanouit klinkt op
(la) coexistence (het) samenleven
un Bernardel een cello gebouwd door Bernardel
habité gebruikte
arracher losrukken, ontnemen
la peau de huid
étreigne omarmt
une déférence een eerbied
la veuve de weduwe
osait durfde
2 Gastinel bespeelde eerst een Bernardel en nu een Goffriller (18e eeuw), die eigendom was van Pablo Casals, een beroemd cellist. Ze heeft eerbied voor het instrument. Ze mag het gedurende een jaar gebruiken.
Exercice 184
1 Leerling.
2 C
Document 2 Et un sourire
Exercice 185
1 E
Document 3 P. Cézanne
Exercice 186
1 Portret van de schilder Paul Cézanne.
2 La vie et l'oeuvre de Cézanne. Cézanne a bouleversé l'histoire de l'art.
3 Phosphore is een tijdschrift voor lycéens.
4 Het zijn citaten.
Exercice 187
a + 8
b + 17
c + 22
d + 1
e + 9
f + 5
g + 18
h + 12
i + 2
j + 11
k + 13
l + 23
m + 6
n + 14
o + 7
p + 25
q + 19
r + 26
s + 10
t + 20
u + 3
v + 16
w + 24
x + 21
y + 4
z + 15
Exercice 188
1
1a tevreden insatisfait ontevreden
1b beginnen cesser stoppen
1c zeker zijn van douter twijfelen
1d het einde le début het begin
2a voorlopig définitivement definitief
2b verveeld passionné geboeid
3a loslaten retenir vasthouden
3b de zwakte la puissance de kracht
3c aanvechtbaar incontestable onbetwistbaar
4a gewonnen perdu verloren
4b een ouderdom une jeunesse een jeugd
5a de onwetendheid la connaissance de kennis
6a oude futur toekomstige
6b geringschatten admirer bewonderen
7a zacht fort sterk
7b kil sensuel zinnelijk
7c ontvlammen s'assagir rustiger worden
7d onrustig serein kalm
8a onbekend célèbre beroemd
8b neerslaan (van de ogen) lever opslaan
8c de aarde le ciel de hemel
8d onbelangrijk principal voornaamste
9a goed gekamd hirsute verward
9b de stad la campagne het platteland
10a verminderen augmenter vermeerderen
10b de verzoening la rupture de breuk
10c gevleid blessé gekwetst
11a ontvangen envoyer opsturen
11b toelaten refuser weigeren
12a samenvoegen séparer scheiden
12b concreet abstrait abstract
14a de terugval le progrès de vooruitgang
15a achteloos précieusement zorgvuldig
15b vervangbaar indispensable onmisbaar
16a een lelijkheid une beauté een schoonheid
16b het duister la lumière het licht
19a vroeg tard laat
2 D gezocht bij 'ezel', in plaats van bij schildersezel: le chevalet
Exercice 189
1 faux; faux
2 vrai; vrai
3 faux
4 faux; faux
5 vrai
6 vrai; vrai
7 vrai
8 faux; vrai
9 vrai
10 faux; vrai
11 vrai
12 vrai; faux
13 vrai
14 vrai
15 faux; faux
16 vrai
17 vrai
18 faux
19 faux; vrai
Exercice 190
volgorde: f, c, d, h, g, i, e, j, k, a, b
Document 4 Histoire d'un tableau
Exercice 191
1 a Leerling.
b De tekst beschrijft de compositie en de onderdelen van het schilderij.
2 Leerling.
3 a La leçon de la musique
b het Britse koningshuis
c 17e eeuw
d Vermeer-tentoonstelling
Exercice 192
clair obscur
la lumière het licht foncé donker
l'éclairage de verlichting l'ombre de schaduw
ensoleillé zonnig l'obscurité het donker
une lueur een schijnsel ténébreux duister
une clarté een helderheid terne mat
étincelant glinsterend
illuminer verlichten
radieux stralend
l'éclat de glans
Exercice 193
1 Lichtval van links, door een venster.
2 Er is contrast tussen het eind van het vertrek en het dichterbij gelegen deel.
3 a op de vloer
b ruimtelijke werking, contrast met het rijk versierde kleed op tafel
Exercice 194
1 le virginal; la basse de viole
2 de spiegel le miroir
de schildersezel le chevalet
het schilderij le tableau
de stoel la chaise
de tafel la table
het kleed le tapis
de kruik la cruche / le pichet
Exercice 195
1 De gamba versterkt het silhouet van de vrouw en schept afstand tussen het paar en de kijker.
2 a Via de spiegel kun je het gezicht van de vrouw zien.
b Een stuk van de schildersezel, waardoor de schilder zelf ook aanwezig is.
3 bizarrement
Exercice 196
1 Nee, haar geliefde. (manifestement son amoureux)
2 Dat muziek vrolijk en verzachtend is. Zie de tekst op de klep van het instrument.
Exercice 197
Deze site is helaas niet meer te openen. De gevraagde informatie is grotendeels te vinden via http:www.yahoo.fr. Kies voor art et culture. Klik dan door naar arts plastiques, peinture, artistes peintres, maîtres. Kies voor Vermeer.
1 Leerling.
2 La leçon de musique interrompue ? Frick Collection/New York
La femme au luth ? Metropolitan Museum of Art/New York
Le concert ? gestolen uit Gardner Museum/Boston
Une dame debout au virginal ? National Gallery/Londen
Une dame assise au virginal ? National Gallery/Londen
La dame à la flûte ? National Gallery/Washington
Exercice 198
a bleu
b noir
c jaune
d vertes
e vert
f bleu
g noir rose
h rouge
i bleus
j blanche
k vert
l bleu
m blanche
n blanche
o rouge
p gris
q blanc
a être un cordon-bleu ? een uitstekende kookster zijn
b regarder quelqu'un d'un oeil noir ? iemand vuil aankijken
c rire jaune ? lachen als een boer die kiespijn heeft
d en dire des vertes et des pas mûres ? verbazingwekkende en aanstootgevende dingen vertellen
e un vin vert ? een jonge wijn
f prendre quelqu'un pour un bleu ? iemand voor een beginneling aanzien
g pousser les choses au noir ? overdreven pessimistisch zijn
voir la vie en rose ? het leven van de zonnige kant bekijken
h se fâcher tout rouge ? rood worden van kwaadheid
i être couvert de bleus ? onder de blauwe plekken zitten
j passer une nuit blanche ? een slapeloze nacht hebben
k donner le feu vert à ? het groene licht geven aan
l avoir le sang bleu ? blauw bloed hebben / van adel zijn
m donner carte blanche à quelqu'un ? iemand de vrije hand geven
n blanc de peur ? wit van angst
o voter rouge ? rood stemmen
p il fait gris ? de lucht is betrokken
q regarder quelqu'un dans le blanc des yeux ? iemand strak aankijken
Document 5 Un monde nouveau
Exercice 199
Hij zou deels dezelfde problemen hebben als een bouwheer van nu: fundamenten, stabiliteit van de hoge muren en ramen, maar zonder hoge kranen, graafmachines of machinale zagen (voor steen en hout), en ook zonder staal.
Exercice 200
1 I Een nieuwe wereld: nieuwe ambities en veranderingen
II De architect: de techniek en de administratie van het bouwen
III De middelen van expressie: architectuur, ontwerpen
IV Het bouwterrein: de werklieden, de materialen
(appendices Documentatie: schriftelijke getuigen van de bouw)
2 1 ja p. 102
2 nee
3 ja pp. 104, 114, 142
4 ja pp. 118, 122, 162
5 ja p. 38
Exercice 201
1 Leerling.
2 Leerling.
3 a + 1
b + 3
c + 2
d + 4
Exercice 202
1 a les incursions de invallen
b se sont révélées leken
c meurtrières moorddadig
d les assauts de aanvallen
e néant (het) niets
f le traité het verdrag
g édifiant opbouwend
h décisif beslissend
2 a uitgestrekt
b voortgekomen
c westerse
d onder de bevoegdheid van
e opkomen
f stedenbouwkundig
g het model
h uit zijn voegen barsten
i opgebouwd
j een gebied
k onophoudelijk
Exercice 203
1 a A
b C
c A
d B
e A
f B
g C
2 a wonen
b verlaten
c het voortbestaan
d melding maken van
e ertoe leiden
f eruit voortkomen
g trekken
h de aanpassing
Exercice 204
L'EXPLOSION ARCHITECTURALE DU MOYEN AGE
veranderde voedingsbodem voor nieuwe architectuur
Egypte en Rome wel veel bijzondere gebouwen echter losstaande werken: sporen nagelaten.
in het nieuwe westen:
? door alle lagen gedragen, in stad, op platteland
? eerst naar Romeins model
? tijdens de hele periode van M.E.
UN MONDE NOUVEAU
groei in bevolking, opbrengst landbouw, grootte van steden
M.E. samenleving: unieke demografische ontwikkeling
tegelijkertijd: 1. modernisering van landbouw 2. hogere opbrengst
+ groei en veranderde rol van de stad ?> centrum van samenzijn
LA VILLE MÉDIÉVALE
indeling en rol van de stad
oude stad: versterkt centrum voor bestuur, bevolking buiten de muren
nieuwe stad: ook openbare gebouwen, kathedraal
maar stad ?> centrum van activiteiten: handel, werkgelegenheid
steden kruispunten in nieuw web van (water)wegen
Exercice 205
1 Over de plotselinge toename van kerkenbouw in Europa na 1000 na Christus.
2 B
3 A
Document 6 Marion
Exercice 206
1 filmrubriek
2 a filmrecensies
b bioscoopgangers
3 bij tekst 1: drie hartjes
bij tekst 2: de boventitel 'In de schijnwerper' ('coup' als in 'coup de coeur', 'coup de foudre')
Exercice 207
a + 6
b + 9
c + 1
d + 11
e + 14
f + 8
g + 5
h + 16
i + 4
j + 12
k + 2
l + 3
m + 7
n + 10
Exercice 208
a la toile de fond
b un fauché
c de lucidité corrosive
d user de
e l'enjeu
f un bijou
g un maçon
h brosser
i récurrent
j exemplaire
Exercice 209
1 a Over het verhaal, de omgeving van Marion.
b Over details die moeten onderstrepen dat de film goed is.
2 Dat er meer redenen zijn om 'Marion' een goede film te noemen.
3 lange scènes en toch veel ritme in de film
de film geeft heel goed klassenverhoudingen weer
uitstekende acteurs
4 r. 1-r. 3 introductie van de filmmaker
r. 3-r. 10 schets van het onderwerp van de film
r. 10-r. 15 boodschap van de film
5 a Bespreking 1 zegt veel over het verhaal.
b Bespreking 2 legt de nadruk op de boodschap van de film.
Exercice 210
1 Leerling.
2 Uit het verhaal van de film
3 Regisseur: Manuel Poirier
Cast:
Jean-Luc Bideau
Marie-France Pisier
Pierre Berriau
Elisabeth Commelin
Thema's: verhoudingen tussen mensen met geld en mensen zonder geld; confrontatie Parijs-platteland
Plaats: dorpje in Normandië
Personages: Marion, meisje van 10; vader, moeder; buurman, buurvrouw
Verhaal: de ouders van Marion gaan in een klein dorp in Normandië wonen. Haar vader is erg handig, hij ritselt ook nogal wat. Hun buren zijn een Parijs echtpaar dat de vakanties daar doorbrengt. Ze raken erg gesteld op Marion en willen haar zelfs 'adopteren' en naar een sjieke school in Parijs sturen.
Document 7 Het geheim van Dora
Exercice 211
1 een boekbespreking
2 alinea 1-3
alinea 4-9
alinea 10-15
3 Modiano
het verhaal van Dora Bruder
Modiano en Dora Bruder
4 a 1, 4
b 2
c 13
d 4, 6, 7, 8, 9, 14
Exercice 212
1 Leerling.
2 I Patrick Modiano
II Patrick Modiano
III weergave inhoud
IV Patrick Modiano
V Patrick Modiano
VI weergave inhoud
VII weergave inhoud
VIII eigen mening
Exercice 213
1 A
2 A
3 A
4 C
5 A
Exercice 214
Leerling.
Document 8 Dora Bruder
Exercice 215
bijvoorbeeld:
Bruder, Dora
(Parijs 25-2-1926 ? Auschwitz 1942?) Joodse ouders: Oostenrijkse vader, Hongaarse moeder. Vader oorlogsinvalide na dienst in het Vreemdelingenlegioen. Gezin woont aan de Boulevard Ornano, 41. Pensionaat Saint-Coeur-de-Marie, 12e arr. Weggelopen in december 1941. Vier maanden later thuisgekomen. Gevangengezet in de kazerne van Tourelles. Op 13 augustus 1942 overgebracht naar het kamp van Drancy. Op 18 september weggevoerd naar Auschwitz.
Exercice 216
1 appèl om acht uur 's morgens
lunch: kool
wandeling op het binnenplein
avondeten om zes uur
appèl
2 'arische' vrouwen die, toen joden verplicht werden gesteld de gele ster te dragen, zich solidair opstelden. Zo had iemand haar hond een ster omgehangen, een ander droeg acht sterren met daarop de letters van het woord Victoire geborduurd.
3 Westerbork
4 De moeder van Dora wordt eerst vrijgelaten omdat ze Hongaars was en daarna opnieuw geïnterneerd.
5 Het geheim van Dora's verdwijning zal altijd haar geheim blijven.
Exercice 217
Leerling.
Exercice 218
Leerling.
Dossier 7 Notre vieille terre
Exercice 219
Leerling.
Document 1 Alerte, la terre se réchauffe
Exercice 220
1 Het hoger worden van de gemiddelde temperatuur op aarde.
2 kloof; smelten
3 Dat de woestijn zal oprukken tot de poolgebieden.
Exercice 221
1 a tegengaan
b stijgen
c dor
d opslokken
2 a + 2
b + 5
c + 6
d + 1
e + 3
f + 7
g + 4
Exercice 222
1 a accroître
b le taux
c exclu
2 a + 2
b + 5
c + 6
d + 4
e + 3
f + 1
Exercice 223
1 a hypothese: In de loop van de komende duizend jaar zou de gemiddelde temperatuur op aarde met 4 graden kunnen stijgen.
gevolgen:
1 Woestijnen verplaatsen zich.
2 De nu tropische gebieden worden onbewoonbaar.
3 Het niveau van de zeespiegel stijgt, er komen overstromingen.
conclusie: Men moet zich bewust zijn van de risico's, als de hypothese waar is.
b constatering: De temperatuur op aarde stijgt langzaam.
verklaringen:
1 De verontreiniging neemt toe.
2 Het klimaat zelf is op natuurlijke wijze variabel.
2 De temperatuur van de aarde zelf is ?18C vanwege de infrarode straling vanuit de aardbol. De gemiddelde temperatuur op aarde is echter 15C, omdat verschillende gassen die in de lucht aanwezig zijn enerzijds de warmte van de zon doorlaten en anderzijds een deel van de verkoelende infrarode straling tegenhouden.
3 landbouw en industrie
4 Dan is er een toename van de temperatuur met gemiddeld 4 graden.
5 a Rio: Het besluit om uitstoot van gassen die broeikaseffect veroorzaken terug te brengen tot het niveau van 1990.
b Berlijn: Het besluit van Rio in de praktijk uitvoeren.
6 a Ze treuzelen vanwege de hoge financiële lasten.
b Ze zeggen dat deze het plan dan helemaal niet kunnen uitvoeren.
c Ze zijn weerbarstig.
Document 2 Le réchauffement de la terre fait froid dans le dos.
Exercice 224
1 a Op de stijging van de gemiddelde temperatuur.
b Op de huivering die je bij denken aan een rampscenario krijgt.
2 a De gevolgen voor het leven op aarde.
b De gevaren van mogelijke overstromingen.
c De gevolgen voor de landbouw.
d Het einde van de wintersport.
Exercice 225
1 I B
II D
III A
2 De planten- en diersoorten krijgen een beroerd ('honds') leven.
Exercice 226
1 déborder: overlopen, buiten hun oevers treden; déborder de: overlopen van
2 havens van New York en andere havens
badplaatsen
lagere delen van het 'Rijk van het Midden'
oostkust van de VS
Bangladesh
eilanden
3 a Onleefbare steden waar je je alleen nog over water kunt verplaatsen.
b China
c Vlakke eilanden, in de vorm van een platvis.
d Het lot van Atlantis, het gezonken eiland uit de mythologie.
e Zoals de Duitse verdedigingswal langs een deel van de Atlantische kust.
4 Omdat 70% van de wereldbevolking in een kuststrook leeft.
Exercice 227
1 gunstige; ongunstige
2 1 faux: supportent difficilement (r. 12-13)
2 faux: les sols sont trop pauvres (r. 15-16)
3 vrai: réduiront les rendements de l'agriculture (r. 17-18)
4 vrai: qui les amputera de leurs deltas nourriciers leur fertilité (r. 23-24)
5 vrai: aggravation de l'érosion (r. 27-28)
3 a la fin d'un monde (het eind)
b les chants désespéres (de wanhoopsliederen)
Exercice 228
1 De opwarming van het klimaat zal ervoor zorgen dat de gletsjers smelten en dat men in de Alpen niet meer zal kunnen skiën.
2 vertalingen:
a een lawine van slecht nieuws
b de schuchtere / verkleumde aanbidders
c een pas/fris uitgevoerde studie
d de fanaten/gesmoltenen van de sneeuw
3 a hun aanbeden/top-pistes
b de Zwitserse klimatoloog
c wat dan met
d de Franse sneeuw
Document 3 A la reconquête du temps perdu
Exercice 229
1 Heroveren van verloren tijd: het is gezond / weer in om tijd te willen verliezen.
2 ja
Exercice 230
1 C
2 D
3 D
4 D
5 A
6 C
7 B
8 B
9 B
10 B
11 C
12 C
13 C
14 C
15 B
16 C
17 A
18 C
Exercice 231
flora fauna
a de beverrat x
b het veld x
c de zoogdieren x
d de beer x
e de ploegvoren x
f het schaap x
g de zoolgangers x
h de boomgaard x
i de gewervelden x
j het groen x
k de pinguïn x
l het vee x
m de knaagdieren x
n de tarwe x
o de knop x
p de granen x
q de vleeseters x
r de zonnebloem x
s de ree x
t het blad x
Exercice 232
flora fauna
a de planteneters x
b de helling, de wijngaard x
c de stormvogel x
d de gevleugelde dieren x
e de trekvogels x
f de struik, de heester x
g het wild x
h de heg x
i de struik, het bosje x
j de roofdieren x
k de heide x
l de schors x
m de knoflook x
n de klaver x
o het braakliggen(d land) x
p de roofvogels x
q de klaproos x
r het onkruid x
s het hert x
t het vrouwtjesdier x
Document 4 Beau comme un champ cultivé
Exercice 233
1 inleiding: I
middenstuk: II, III
slot: IV
2 Dit artikel behandelt de bijzondere vormen die men op het land kan tegenkomen en die het resultaat zijn van landbouw of van 'land art'.
Exercice 234
Leerling.
Exercice 235
1 ontvolking, stedelijke druk, toeristische druk
2 overheid en plaatselijke groepen in 1967
3 1 Bretagne 1969
2 Normandië 1974
3 Provence 1997
Document 5 Mais combien sont-ils?
Exercice 236
1 tellingen van dieren in de vrije natuur
2 populair-wetenschappelijke tekst; informatie verschaffen
3 algemeen publiek (met interesse in dierenpopulaties)
Exercice 237
a vergelijkend
b opsommend
c finaal
d tegenstellend
e voorwaardelijk
f oorzakelijk
g oorzakelijk
h finaal
i temporeel
j argumenterend
k tegenstellend
l toelichtend
m argumenterend
n tegenstellend
Exercice 238
tussen 1 en 2: toelichtend, impliciet
tussen 2 en 3: opsommend, tegenstellend, impliciet
tussen 3 en 4: oorzakelijk, expliciet
tussen 4 en 5: tegenstellend, opsommend, impliciet
Exercice 239
On quadrille l'Afrique à la recherche des bouses d'éléphants
I Loin d'être anecdotiques, ces problèmes permettent non seulement de mieux connaître l'espèce (même s'il est impossible de dénombrer tous les individus vivant sur la planète), mais aussi d'apprécier les relations qu'entretient tout être vivant avec son milieu. Comment expliquer que les manchots d'Antarctique ont augmenté de moitié en vingt-cinq ans? Une des hypothèses avancées par le CNRS lie cette augmentation au réchauffement de l'océan, qui favoriserait le développement piscicole. En effet, on peut supposer que les manchots sont devenus plus nombreux, car les poissons-lanternes dont ces oiseaux se nourissent, ont augmenté; ou que ces poissons se sont tout simplement rapprochés de la colonie.
II Le comptage d'une espèce permet aussi de tirer la sonnette d'alarme quand sa survie est en danger. On a ainsi prouvé que chaque année 4 000 albatros d'Antarctique étaient tués par les pêcheries: on a donc demandé à ces dernières de pêcher seulement la nuit dans cette zone.
III Les problèmes ne se résolvent pas toujours aussi simplement. En Afrique, on s'obstine encore à recenser les éléphants en comptant leurs crottes, une méthode qui génère de nombreuses erreurs. Les chiffres avancés par les spécialistes peuvent en effet varier entre 28 600 et 58 000 éléphants. Certains se servent de cette dernière extrapolation pour dire que l'éléphant n'est pas menacé. 'Ainsi ont-ils obtenu le déclassement des animaux du Botswana, de la Namibie et du Zimbabwe en annexe 2 de la Convention de Washington', s'insurge Pierre Pfeffer du Musée national d'histoire naturelle. 'Car tout le problème du comptage, c'est non seulement de trouver la technique adéquate à l'espèce, mais également d'estimer la marge d'erreur qui en découle. Et quand celle-ci atteint 200%, le comptage relève alors davantage de la sorcellerie que de la rigueur scientifique'.
Exercice 240
a concluderend tot slot
b temporeel zodra
c tegenstellend daarentegen
d concluderend dus
e toelichtend in het geval van
f argumenterend natuurlijk
g opsommend ten eerste ? ten tweede
h redengevend daarom
i oorzakelijk vanwege
j tegenstellend aan de andere kant
k als f
l concluderend vandaar
m opsommend eerst ? vervolgens
n vergelijkend ook
o tegenstellend toch
of: temporeel terwijl
Document 6 Dans 15 ans ...
Exercice 241
a I de inrichting van de planeet
b II een vliegmachine
c III een ideaal dieet
d II de romp
e I de ontbossing
f III de hart- en vaatziekten
g I de droogtes
h II zeer concurrerende tarieven
i III de voeding
j III de gezondheid
Exercice 242
1 De mogelijkheid om wat op aarde gebeurt via satellietbeelden waar te nemen.
2 De vergroting van vliegtuigen.
3 De kennis van het verband tussen voedsel en het voorkómen van bepaalde ziekten.
Exercice 243
a remonter ondermijnen
b céder overwinnen
c la prépondérance de toename
d subir missen
e retenir verschaffen
f repérer beheren
g la plénitude de reikwijdte
h la maintenance de onteigening
i l'amplificateur de omvang
j une onde een rij
k bousculer vervoeren
l en vain in groten getale
m le starter het vliegtuig
n la nuisance de verlenging
o la vigilance de samenvoeging
p parfaire zich voeden
q prématuré evenwichtig
r une incantation een droombeeld
s un effondrement een opeenhoping
t chancelant bemoedigend
u la bande de link
v aviser aanbevelen
w tellement bijna
x se précipiter vers gaan naar
y précoce gunstig
z un abus een afname
Exercice 244
1 a Alles zou vanaf nu goed moeten gaan, omdat we alles precies kunnen plannen.
b Software die de kosten van verschillende routes kan berekenen.
2 Het ziet eruit als een boemerang, zonder ramen; binnenin zitten de passagiers op hele brede rijen; de afstand die het zonder tussenstop kan afleggen, is 12.000 km.
3 product/bestanddeel vermindert risico op
fruit en groenten ziekten
koolsoorten kanker
zuivelproducten borstkanker
olijfolie hart- en vaatziekten
groenten met veel betacaroteen hart- en vaatziekten
kleine hoeveelheden rode wijn hart- en vaatziekten
vette vis hartinfarcten
Document 7 Jours de colère
Exercice 245
Leerling.
Exercice 246
1 Catherine Corvol: onrust in het lijf, meerdere minnaars, mooi
2 Dat wat iedereen dacht, niet klopte.
3 poëtisch: la broussaille étincelante de rosée; le printemps commençait à fleurir les berges de la vallée; la rivière toute encombrée et sonore de bûches; comme un immense et lent troupeau gris grondant en continu une sourde clameur.
realistisch: son mari l'avait rejointe à l'aube sur la route de Clamecy; un peu en amont du pertuis de Clamecy; à l'époque de l'arrivée du grand flot des bûches descendues des cours d'eau du haut Morvan; on ne distinguait presque plus l'eau de la rivière, celle-ci semblait ne plus charrier que du bois. Er zijn meer voorbeelden te vinden van poëtisch en realistisch taalgebruik.
4 Hoe Vincent Corvol met zijn vrouw vecht en haar neersteekt.
5 Bosbouwer en -eigenaar.
6 Deze zin kondigt aan dat Mauperthuis zijn voordeel gaat doen met de misdaad, zoals duidelijk wordt in de laatste zin: hij gaat Corvol chanteren.
Exercice 247
Leerling.
Exercice 248
a de finale le tournoi
b de eindhalte le trajet de l'autobus
c de dood la vie
d de aankomst la course
e het verstrijken le délai
f de genezing la maladie
g de landing le voyage en avion
h de conclusie le raisonnement
i de uitgang le verbe
j de punt la phrase
k het eind le film
l de avondschemering le jour
m de grens le terrain
n de opluchting l'angoisse
o het uiteinde la table
p de uitkomst la situation
q de ontknoping la pièce de théâtre
r de oplossing le problème
s de grens le pays
t de top la montagne
u de staart le cortège
v de vervulling le service militaire
w de sluiting l'inscription
Er zijn (enkele) andere mogelijkheden. Controleer met een goed woordenboek.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.
Zonder jouw bijdrage kan Scholieren.com niet bestaan. Help andere scholieren door je eigen samenvattingen en ander huiswerk op te sturen.