Geschreven door: | GND86 (4 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 20 oktober 2003 |
Taal: |  |
Woorden: | 3.000 |
Bekeken: | 2262 keer (2 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Amadeu, Amadeu!
Inleiding
Wij hebben een documentaire in de klas gekeken over Amadeu. Deze zwarte Angolees leefde in Duitsland. Hier werd hij op 25 november 1990 mishandeld door een groep rechts-extremisten, en hij overleed 6 december aan zijn verwondingen. De documentaire over Amadeu. Er wordt gesproken met verschillende personen die te maken hebben gehad met Amadeu en zijn vroegtijdige dood.
Gabriele Schimansky is de vrouw van Amadeu. Samen hebben zij een zoontje: Amadeu. Amadeu Jr. is nog niet geboren als zijn vader wordt vermoord. Gabriele is 35 jaar en wordt meestal Gabi genoemd.
Gordon Klimpel was betrokken bij de moord op Amadeu. Hij is 21 jaar oud. Hij werkt bij de spoorwegen. Hij heeft 4 jaar gekregen omdat hij Amadeu Antonio heeft doodgeslagen. Hij is veroordeelt, maar is nog wel vrij. Zijn advocaat is namelijk in beroep gegaan en niemand weet hoe lang dat nog gaat duren. Dit is heel vervelend voor Gabi, omdat Gordon in haar buurt woont en zij hem dus regelmatig ziet.
Kay Nando Böcker is de hoofdverdachte in de zaak van Amadeu. Samen met Gordon en de rest van de groep sloegen ze Amadeu neer, en schopten hem daarna, wat hem een verbrijzeld oog en vele kneuzingen opleverde. Amadeu kreeg een hersenletsel, en door de bloedingen kwam er vocht in zijn longen, waardoor hij stikte. Kay kreeg 4,5 jaar gevangenisstraf wegens toebrengen van letsel en zeer zware geweldspleging. Ondanks dat heeft hij zeker geen spijt van wat hij gedaan heeft.
Dan is er nog de politiebeambte Gerhard Berkhahn. Hij werd er met twee collega’s opuitgestuurd om een groep extreemrechtse mannen op te wachten in een oude chemische fabriek. De politie heeft in het geval van Amadeu zwaar gefaald, ze hebben door nalatigheid de moord niet voorkomen.
Over deze personen moeten wij gaan beschrijven in welke uitingsvorm van angst voor vrijheid ze zijn gevlucht. In de les hebben wij deze uitingsvormen uitgelegd gekregen. Deze uitingsvormen hanteren wij aan de hand van Erich Fromm. Wij hebben ook nog extra informatie over de uitingsvormen van angst voor vrijheid gezocht en gebruikt. De bronnen staan achteraan het werkstuk. Dit vonden wij noodzakelijk, omdat de informatie die we hadden niet erg compleet was en alleen de grove lijnen aangaf. De rest van onze informatie hebben wij uit de video gehaald.
De uitingsvormen van angst voor vrijheid.
Gabriele Schimansky:
Gabi is duidelijk gevlucht in het automatisch conformisme. Het conformisme staat voor aanpassen in het profiel van de maatschappij. De mens durft niet alleen te staan. Hij durft geen sterk afwijkende mening te hebben. Hij voorkomt het om iets anders te willen dan de mensen waar hij mee samenleeft. Hij laat zijn gevoelend sterk beïnvloeden door wat hij om zich heen ziet aan emoties. Je kunt je immers maar beter aan de wereld om je heen aanpassen. Dan wordt je in ieder geval door je omgeving geaccepteerd en sta je niet meer alleen. Hierdoor is je eigen individualiteit niet belangrijk en dreig je deze zelfs te verliezen. Je zwijgt liever en onderneemt geen acties tegen dingen die tegenstrijdig zijn aan de maatschappelijke onrechtvaardigheden.
Gabi was eerst bang voor zwarten. De nicht van Gabi nam haar een keer mee naar haar man, hij was een Angolees. Daar ontmoet ze Amadeu. Hij valt erg op omdat hij erg klein is. Gabi voelt zich eerst niet erg op haar gemak bij al die zwarten. Als Amadeu aan haar vraagt waarom ze zo stil is, antwoord ze dan ook met : ‘Ik ben bang voor jullie’. Na een tijdje te hebben zitten praten met Amadeu werd ze steeds minder bang. Ze werd verliefd op hem en heeft dit na een paar weken gezegd. Dit is tegenstrijdig met het conformisme. De maatschappij stond toen niet positief tegenover zwarten. Haar angst voor zwarten komt hier dan ook vandaan. Door verliefd te worden op Amadeu verbreekt ze het vluchten voor haar angst voor vrijheid in het conformisme. Amadeu vraagt nadat ze heeft toegegeven dat ze verliefd op hem is of het niks uitmaakt dat hij zwart is. Gabi zegt dan: ‘je bent toch net zoals ons?’. Toch hebben Amadeu en Gabi geen volkomen normale relatie. Altijd was er angst; Gabi vertelt hierover. ‘Ja het was een mooie tijd. Het was erg fijn. Als ik eerder uit mijn werk was keek ik of Amadeu er al aan kwam. Je was bang dat er wat zou gebeuren. Bijna nooit gingen we samen over straat; Amadeu was bang vanwege mij en ik vanwege hem.’ Het conformisme is dus niet helemaal uit Gabi verdwenen. Ze houdt er rekening mee dat een zwarte vriend niet normaal is en is bang voor Amadeu en zichzelf. Ze schaamt zich niet, maar is bang voor reacties en acties uit haar omgeving. Daarom wil ze zich zo min mogelijk in het openbaar met hem vertonen.
Amadeu hielt erg veel van dansen. Op een avond wil hij gaan stappen in West-Berlijn. Hij zou voor 12 uur thuis. Het werd later dan 12 uur en Gabi maakte zich zorgen, omdat Amadeu altijd thuis kwam. Gabi probeerde te slapen, maar sliep zeer slecht en onrustig. De volgende dag naar flat gegaan en naar Amadeu gevraagd, Een andere Angolees zei dat ze met hem mee moest gaan. Hij wilde eerst niks zeggen en begon haar te vragen over haar welzijn(op dat moment was ze zwanger). De Angolees begint te vertellen hoe de avond is verlopen. Dat Amadeu is vermoord door een groep rechts-extremisten. Terwijl Amadeu in een fabriekshal dood lag te gaan, deed de politie niks en zeiden zij dat Amadeu lag te slapen.
Tegenwoordig is Gabi weer gevlucht in het conformisme. Ze past zich aan zonder haar eigen belangen te verdedigen. Gabi heeft zoon gekregen. Deze baby is half zwart. Gabi is erg bang dat hem wat wordt aangedaan. Gabi zegt: ‘Het is een rotgevoel dat ze niet achter de tralies zitten. Ik zie Gordon Klimpel altijd, omdat hij vlakbij woont. Ik voel me niet op mijn gemak als ze naar me kijken. Als Amadeu en ik uit het raam kijken, maken ze opmerkingen, Dan ga ik naar bij het raam weg’. Ook al is Gabi ontevreden, ze onderneemt geen actie. Ze verhuist niet, ze onderneemt geen actie voor een beter beleid, ze past zich alleen maar aan. Ze past zich aan door onder andere niet naar buiten te gaan met Amadeu. Ze is bang voor de opmerkingen. In plaats iets tegen de opmerkingen te doen, vlucht ze hiervoor. ‘Ik ben bang dat Amadeu Jr. iets overkomt. Ik ga heel weinig met hem naar buiten. Ik sta soms een uur met hem bij het raam voor wat frisse lucht. Of op de binnenplaats waar niemand hem ziet. Verder gaan we haast nooit naar buiten.’ Ze past zich weer helemaal aan, aan de maatschappij. Ze is weer helemaal gevlucht in het conformisme. Haar eigen mening en haar eigen leven heeft ze afgestemd op de normen en waarden van de maatschappij. Hierover heeft ze helemaal geen wroeging. Ze is alleen maar bang, terwijl je zou denken dat ze boos zou zijn.
Gordon Klimpel
Gordon is gevlucht in de uitingsvorm destructivisme. Slechts weinig mensen kiezen bewust of onbewust voor deze vorm. Dit komt, omdat de meeste mensen weten dat destructivisme eerder leidt tot vergroten van de eigen eenzaamheid dan tot het oplossen ervan. Toch kan in extreme gevallen de psyche geen andere uitweg zien dan de hele boel om haar heen in de fik te steken of te vernietigen (gebruik van zinloos geweld). Een niet meer bestaande buitenwereld of persoon kan immers maar weinig angst meer los laten komen. De destructieve persoon kan vaak niet goed omgaan met zijn eigen vrijheid. Hij voelt zich te zeer afgesloten van de maatschappij. Hij voelt zich te zeer afgesloten van de maatschappij waar hij toe behoort om over haar schade of vernietigingswroeging te hebben. In deze gevallen neemt de doodsdrift het in de mens totaal over.
Zo ver is het nog niet met Gordon. Hij wil zelf nog niet dood, maar heeft wel een hekel aan de buitenlanders in zijn land. Hij vindt dat zij teveel profiteren van ‘zijn’ geld. Hij zegt: ‘De boot is vol. Waarom komen al die buitenlanders naar Duitsland? Als er jaarlijks miljarden naar Afrika gaan. Waar blijft dat geld? Op tv zie je miljoenen mensen doodgaan aan epidemieën; Aids, honger. Wat doen ze met al dat geld? Niks. Maar wel hierheen komen. Duitsland voor de Duitsers. Weg met de buitenlanders.’
Het eerste deel van de beschrijving komt overeen met Gordon. Het laatste deel echter niet. Hij praat wel gewoon over wat hij heeft gedaan en heeft hier geen spijt van. Hij heeft geen spijt dat hij Amadeu heeft vermoord, al heeft hij wel spijt, omdat hij in één avond zijn hele leven heeft verknald. ‘Denk je er vaak aan?’ ‘Bijna elke dag. Omdat ik daardoor mijn leven heb verknald. In één avond.’ Later zegt Gordon: ‘Iemand gaat dood. Die is de klos, maar er gaan elke dag zoveel mensen dood. Dat kan ik me niet allemaal aantrekken.’ Dit is nog al een rare uitspraak, omdat als hij Amadeu niet had vermoord, Amadeu nog zou leven. Toch zegt hij dat hij het zichzelf niet aanrekent. Gordon denkt dat het normaal is om iemand het leven te ontnemen. Als hij dit niet zou denken, zou hij zich wel schuldig voelen.
Gordon zegt dat zijn daad ook een deel te maken had met machteloosheid. ‘Wat had ik dan moeten doen? Zeggen dat ze ermee moesten ophouden. Dan had ik daar ook gelegen, als ik als enige wat had gezegd.’ Hij zegt niet, dat hij er tegen was. Hij zegt dat hij toch niks had kunnen doen, dus maar meedeed. Terwijl je ook weg kan lopen en kunt doen alsof je neus bloedt. Dit doet hij echter niet, maar hij doet actief mee. Hij probeert door zinloos geweld iets te doen aan ‘het probleem’ met de buitenlanders. Toch durft hij niet eerlijk toe te geven dat hij achter het vermoorden van een neger stond, hij zegt dat hij niks kan doen en dat hij zichzelf niet daarover verwijten gaat maken.
Gordons motieven achter de moord zijn erg vaag. De spanning is het belangrijkste motief, terwijl de moord echt op een neger was en het niet in zijn hoofd zou opkomen een blanke te vermoorden. De kleur van Amadeu was het belangrijkste wat hem tot slachtoffer maken. ‘Uit nieuwsgierigheid. Het was iets nieuws. Iets wat je daarvoor alleen op de film had gezien. Nieuwsgierigheid. Wat zou er gebeuren?’ ‘Waar was je nieuwsgierig naar?’ ‘Wat er zou gebeuren.’ ‘Wat verwachtte je?’ ‘Geen idee’ ‘Hoe vond je het eigenlijk?’ Het was heel spannend. Wat je anders alleen op tv ziet, dat gebeurde nu echt, live.’ ‘Wat voelde je?’ Ik geloof dat ik op dat moment niks voelde. Ik keek alleen maar. Om te zien wat ze met hem deden, hoe het verder zou gaan. Ik geloof niet dat ik toen iets voelde.’ Ondanks Gordon zijn haat jegens negers, is het erg raar dat hij niet een soort van triomf voelde toen Amadeu werd vermoord. Je zou denken dat hij zich heel goed zou voelen. Dit kan twee oorzaken hebben: Gordon zijn haat is niet echt, maar is hem (voor een deel) opgelegd. Hierdoor probeert hij niks te voelen, terwijl hij diep in zijn hart weet dat hij fout zat. Het kan ook zijn dat zijn haat juist zo diep zit, dat zijn gevoel zei dat het goed was. Zijn gevoel zou zo neutraal zijn geweest, dat hij dacht dat hij niks voelde. Zijn gevoel achtte het normaal dat een neger wordt vermoord. Normaal zou je verstand en je gevoel optreden op het moment dat iemand onrecht wordt aangedaan. Daarom lijkt mij de tweede oorzaak de juiste, omdat de eerste niet bij Gordon past.
Gordon is gevlucht in het destructivisme. Dit is duidelijk doordat hij probeert iets heeft geprobeerd te vernietigen waar hij tegen was (Amadeu) Hij heeft geen spijt tegenover Amadeu, alleen maar tegenover zichzelf. Hij denkt niet dat hij fout zat, maar dat hij het gewoon niet had kunnen voorkomen.
Kay Nando Böcker
Net als Gordon is Kay gevlucht in de uitingsvorm destructivisme. Hij kiest er niet zozeer bewust voor, maar hij is nog veel gewetenslozer dan Gordon. Het kan hem, zoals het op mij overkomt, ook absoluut niet schelen of hij door zijn destructieve gedrag zijn familie en vrienden kwijt raakt. Hij is psychisch niet helemaal in orde, hij kan in een dronken bui alles om zich heen kapot maken. Ik denk dat Kay wel zo’n ernstig geval is dat hij zich op de een of andere manier te verheven boven of te afgesloten van de maatschappij voelt, waardoor het hem allemaal niets meer kan schelen wat hij doet en wat voor schade dat aanricht.
Hij kreeg voor de moord op Amadeu 4,5 jaar gevangenisstraf. Dat is niet niks op je 22e zou je zeggen. Toch lijkt het Kay allemaal niets te kunnen schelen. Hij vertelt in de video hoe de avond, vanuit zijn beleving, verlopen is.
Hij had afgesproken met een groep vrienden, allemaal rechts-extremisten. Ze hadden wat gedronken, en sloopten een snackwagen die ze op een plein tegen kwamen, en stolen de cassetterecorder er uit. Daarna gingen ze naar een café, waar ze nog meer dronken. Later in de avond vertrokken ze met een grotere groep het café. Kay: ‘Later in de rechtszaak werd gezegd dat het ongeveer een groep van 50 man was. Dat klopt niet, we waren met veel meer, zo’n 100 tot 120 man denk ik.’ Ze liepen over straat en Kay begon autoruiten in te slaan. Ondertussen werd de politie werd op de hoogte gesteld. De groep kwam bij de chemische fabriek Amadeu tegen. Kay sloeg hem met een honkbalknuppel. Toen hij hem nog een keer wilde slaan kon Amadeu hem ontwijken en hij rende weg. De groep rende Amadeu achterna. Ze sloegen hem neer en vormden een kring om hem heen. Samen schopten ze tegen hem aan.
Je ziet beelden van Kay’s tatoeages. Het zijn allemaal ‘white power’ tekens en meer van dit soort nazistische symbolen. De interviewer vraagt hem waarom hij zo’n hekel heeft aan buitenlanders. Kay: ‘Ze stinken, ze moeten in hun eigen land blijven. Er wonen hier allemaal blanke mensen, zwarten passen niet in het beeld. Ze zijn lelijk.’
De interviewer vraagt hem wat zijn doel nu eigenlijk is. Kay: ‘Weg socialisme, weg communisme, allemaal weg.Ons enige doel was wat we van ’33 tot ’45 hadden. Ik identificeer me met die tijd, dat Hitler de baas was. Ik vind dat we wat hij gedaan heeft, weer moeten zien te bereiken. Maar ikzelf ben geen echte een nationaal-socialist, want ik ben nergens echt lid van.’
Kay komt niet intelligent over, hij lijkt nauwelijks te weten waar hij het over heeft en wat de interviewer hem vraagt. Hij heeft dan ook geen duidelijke reden waarom hij Amadeu vermoord heeft. Het enige wat hij blijft herhalen is dat de buitenlanders weg moeten uit Duitsland. Kay heeft absoluut geen spijt van wat er gebeurd is. ‘Het kan me niets schelen. Moet ik nu huilen, of lachen? Het is twee jaar geleden. Ouwe koek. Zou ik het over doen? Ja, natuurlijk.Het was een toffe nacht.’
Dat is zo ongeveer het einde van het gesprek. De interviewer en de kijker verwachtten spijt te zien van iemand die met een groep een man heeft doodgetrapt. Daar hoef je bij Kay niet op te wachten. De camera blijft nog een tijd op hem gericht. Kay blijft naar de camera grijnzen, maar wordt wat nerveus. Zenuwachtig lachend: ‘Willen jullie nog iets vragen ofzo?’.
Politiebeambte Gerhard Berkhahn
Gerhard Berkhahn, de politiebeambte die het meest met de zaak van Amadeu te maken heeft gehad, heeft het meest voorkomende sociale karakter, namelijk het autoritaire karakter.In het boek van Fromm staat beschreven dat dit inhoudt dat de persoon van sterk gezag houdt omdat het hierdoor voor andere mensen lijkt dat hij heel zeker van zichzelf is. Ze willen graag alles onder controle hebben, omdat ze daardoor rust en een gevoel van stabiliteit in een onzekere wereld krijgen.
Ook agent Berkhahn lijkt graag veel gezag te hebben, en volgens Fromm’s theorieën is dat omdat mensen met een autoritair karakter graag de baas over iemand spelen om zo niet meer eenzaam te zijn. Dit merk je goed aan de manier hoe hij verslag doet over de zaak Amadeu. Op een monotone manier verteld hij in de exacte feiten hoe alles verlopen is.
Hij vertelt dat hij twee jaar geleden, dus toen Amadeu vermoord werd, hij nog politieagent was in Oderberg. Hij kreeg op de bewuste 25 november rond 7 uur ’s avonds de opdracht om met twee collega’s naar Eberswalde te gaan omdat een groep rechts-extremisten was gesignaleerd die auto’s en dergelijke aan het vernielen waren.Gerhard: ‘Een groep van zo’n 50 man ging richting Eberswalde. Ik ging met mijn twee collega’s in de oude fabrieksloge van een leegstaande chemische fabriek zitten. Ik had een pistool bij me.’
De agenten zagen op een gegeven moment de groep voorbij lopen. Ook zagen ze Amadeu. Gerhard’s collega’s renden naar buiten. Gerhard belde naar het hoofdbureau om ze op de hoogte te stellen, maar kreeg ze pas na zo’n zeven keer bellen te pakken, daarvoor was het nummer steeds bezet. Hij vroeg of ze mochten ingrijpen, maar het hoofdbureau verbood dat. Dus rende Gerhard naar zijn collega’s om ze te roepen. Gerhard: ‘We zagen een groep in een rondje staan. Ze maakten trappende bewegingen. We konden niet precies zien wat er gaande was, het was donker en ze stonden te ver van ons af.’
De agenten hebben dus niets gedaan om het te voorkomen. De groep ging ervandoor en Amadeu bleef bloedend op straat achter. Gerhard ging weer naar binnen om het hoofdbureau op de hoogte te stellen. Daarna heeft Amadeu nog twee uur in een plas gelegen, omdat ze dachten dat hij lag te slapen. Ondertussen had Amadeu door de trappen last gekregen van inwendige bloedingen. Gerhard: ‘Als beambte moet ik een volledig overzicht hebben van wat er gaande is, anders kan ik geen maatregelen nemen. Een paar dagen later overleed Amadeu aan zijn verwondingen.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.