Geschreven door: | Jesfer (4 havo) |
Datum ingestuurd: | 19 februari 2003 |
Taal: |  |
Woorden: | 3.350 |
Bekeken: | 10814 keer (13 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Het onderwerp van dit artikel is de ziekte ‘Aids’.
Jaarlijks sterven er enkele honderden mensen aan Aids. Deze ziekte, of eigenlijk dit virus is nog steeds niet te beheersen ook al zijn de mensen op vandaag nog zo slim en intelligent. Voor de patiënten is het niet leuk om te weten dat ze over een tijd sterven. Wanneer ze sterven is ook nog niet zeker, sommige mensen leven nog een paar jaar.
Aids is dus een verschrikkelijke ziekte, omdat er geen middelen zijn om Aids tegen te gaan.
In deze praktische opdracht willen we graag wat meer gaan uitleggen over de ziekte Aids.
Dit zullen we gaan doen aan de hand van een aantal deelvragen. We hebben ook één hoofdvraag gemaakt en die luidt als volgt:
Hoe is men tot de ontdekking gekomen van de ziekte aids?
En hoe kunnen we ervoor zorgen dat de ontdekking van de ziekte Aids met de wetenschap van dit moment voorgoed van de wereld verdwijnt? Of is deze ziekte echt niet te bestrijden?
We willen graag antwoord proberen te geven op deze hoofdvraag aan de hand van een aantal deelvragen, dat zijn de volgende:
1. Wanneer is de ziekte aids ontstaan? En wat is er in het verleden al gedaan om de ziekte aids tegen te gaan?
2. Wat is aids eigenlijk precies? Waaruit bestaat aids en wat maakt aids tot zo’n levensgevaarlijke ziekte?
3. Wat houdt het immuunsysteem in? Waartegen beschermt het immuunsysteem jou? En wat heeft aids gemeen met het immuunsysteem?
4. Hoe wordt het HIV-virus overgedragen? En hoe wordt het HIV-virus niet overgedragen?
Met behulp van deze deelvragen willen we dus graag een antwoord gaan proberen te brengen op de hoofdvraag.
We zullen hier wat informatie voor gaan zoeken, onder andere in boeken en op internet (zie ook literatuurlijst).
We hopen dat U van dit werkstuk nog wat opsteekt en het met plezier zult lezen…!!
Hoofdstuk 1: De geschiedenis van Aids
Aids is voor het eerst herkend in de Verenigde Staten, in het jaar 1981. Toen werd voor het eerst een bepaald type longontsteking waargenomen, dat normaal alleen voorkwam bij mensen met een verzwakte afweer, maar vanaf dat jaar ineens opvallend vaak voorkwam bij jonge homoseksuele mannen, die vóór die tijd nog helemaal gezond waren. Rond diezelfde tijd kwamen onder dezelfde groep patiënten plotseling veel gevallen voor van een bepaald soort huidkanker het zogenaamde Karposi syndroom. Een zeldzame vorm van kanker die tot het begin van de jaren tachtig van de twintigste eeuw eigenlijk alleen bij oudere mannen voorkwam. Duidelijk was dat het om een nieuwe ziekte ging, die de naam Aids kreeg. Deze term staat voor;
Acquired (Verworven)
Immune (Immuun)
Deficiency (Deficiёntie)
Syndrome (Syndroom)
Er was hierbij sprake van een ernstige aantasting van het afweersysteem van het lichaam, dat werd veroorzaakt door een virus. Het afweersysteem houdt normaal gesproken infecties tegen die worden veroorzaakt door bijvoorbeeld bacteriën, virussen en schimmels. Het virus dat het ziektebeeld Aids veroorzaakt, ofwel het Hiv-virus, stamt af van een vergelijkbaar virus dat voorkomt bij apen. Hoe en wanneer dit virus precies werd overgedragen naar de mens is onbekend.
Hiv staat voor;
H= Humaan
I= Immunodeficiëntie
V= Virus
In de volksmond wordt dit ook wel het Aids-virus genoemd. Er bestaan verschillende soorten HIV. De uitwerking van de verschillende virussen is echter hetzelfde: ze breken het afweersysteem af waardoor het lichaam vatbaar wordt voor allerlei infecties en bepaalde vormen van kanker, waartegen het anders wel bestand zou zijn geweest.
We weten natuurlijk niet precies hoe Aids ontstaan is, maar waarschijnlijk wel waar het vandaan komt.
Na onderzoek is gebleken dat het virus ook bij dieren voorkomt. Het virus heeft alleen geen vat op de dieren en. Ook bij apen werd het virus aangetroffen.
Maar dan is het nog altijd de vraag hoe het bij de mensen terecht is gekomen. Hiervoor zijn een aantal mogelijke oorzaken aan te wijzen.
Bij de eerste wordt de schuld gelegd bij Duitse soldaten. Zij waren naar Kameroen geweest en zouden door apen besmet zijn geraakt. Nadat ze weer terug waren in Duitsland hebben ze het virus verder verspreidt.
De volgende zou de verwoesting van de leefomgeving van de apen zijn. Doordat de mensen grond nodig hadden, werden er bomen gekapt en werd de leefomgeving van de apen veranderd. Ook het virus had hier problemen mee. Het virus kon niet goed meer verder leven bij de apen en het virus vond een andere gastheer, namelijk de mens. Het kon zich verder verspreiden in het menselijk lichaam.
Een andere mogelijke oorzaak zijn de vaccinaties. Onderzoekers waren naar Afrika gegaan om daar mensen tegen allerlei ziektes te in- enten. De vaccins werden gemaakt op een ondergrond van gemalen apen-nieren. Er is een mogelijkheid dat er, terwijl het vaccin klaar gemaakt werd, viruscelletjes in het vaccin terecht gekomen zijn. Na de vaccinatie kwam het virus in de ingeënte mensen terecht en waren ze besmet. Waarschijnlijk zijn ook de onderzoekers besmet geraakt, en zij zouden dan het virus mee genomen hebben naar Amerika en Europa.
Het virus kan tot slot ook in Amerika en Europa terecht zijn gekomen door de stromen vluchtelingen uit Afrika die al besmet waren door het virus.
De precieze geschiedenis van het ontstaan van Aids weten we dus niet.
Hoofdstuk 2: Wat is Aids?
De letters AIDS staan voor Acquired Immune Deficiency Syndrome, dat is in het Nederlands: Verworven Immuun Deficiëntie Syndroom. Kort samengevat betekent dit dat het afweersysteem van de mens wordt aangetast en zo niet meer goed functioneert.
A - acquired - tijdens het leven opgelopen, dus niet geërfd
I - immune - immuniteit - afweer(systeem)
D - deficiency - tekort, gebrek. verminderde functie
S - syndrome - syndroom, ziektebeeld, de gezamenlijke verschijnselen van een bepaalde ziekte
Aids is een verschrikkelijke ziekte, die een dodelijke afloop heeft. Aids is een virus en kan worden overgedragen op andere personen door onveilig seksueel contact of door besmetting met bloed. Dit laatste kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld bij verslaafden die elkaars naalden lenen of bij een bloedtransfusie, maar ook als je een gewonde helpt bij een ongeluk die besmet is met het aids-virus. Ook zwangere vrouwen kunnen het virus aan hun baby doorgeven. Aids is dus een ziekte die je afweersysteem aantast en niet kan erven.
HIV staat voor Humaan Immunodeficientie Virus. Of ook wel Aids-virus genoemd. Er bestaan verschillende soorten HIV. Het virus breekt het afweersysteem af. Het lichaam wordt daardoor vatbaar voor allerlei soorten van kanker en andere ziekte, waar het anders wel tegen bestand zou zijn. Door middel van een test kun je vaststellen of je het virus hebt, of anders gezegd: of je seropositief bent. Als je seropositief bent hoef je niet per sė ziek te wezen. Het kan nog best lang duren voordat je klachten krijgt die aanduiden dat je bent besmet met het HIV-virus. Dat kan na 2 jaar zijn, maar ook pas na 10 jaar. Er bestaat geen middel tegen HIV, maar er is wel een medicijn dat de werking van HIV sterk remt.
Aids is een ziekte die bij mensen meestal veroorzaakt wordt door HIV-1. Er is een stamboom van aids-virussen, daarbij wordt verschil gemaakt tussen mensvirussen (HIV) en aapvirussen (SIV), simian immunodeficiency-virus. De mensvirussen worden onderverdeeld in het veel voorkomende HIV-1 en het zeldzame HIV-2, dat vooral voorkomt in West-Afrika.
Een besmetting met HIV-1 is heel erg, fataal, meestal dodelijk, maar mensen die met HIV-2 besmet worden, krijgen niet altijd aids. De aapvirussen kun je splitsen in een Chimpanseevirus, een Roodkopmangabé-virus en verschillende Meerkatvirussen. De verschillen tussen deze virussen komen door verschillen in het erfelijk materiaal, RNA, een stof die sterk op het DNA lijkt.
Als het aids-virus eenmaal in de bloedbaan is gekomen gaat het zich voortplanten. Virussen kunnen zich niet alleen voortplanten, ze maken daarbij gebruik van een gastheercel. Die gastheercel spuiten ze vol met hun eigen erfelijk materiaal en die gastheercel gaat dan nieuwe aids-viruscellen produceren. Dit is heel simpel gezegd hoe het aids-virus zich vermenigvuldigt.
Een virus is geen cel en heeft geen enzymen waarmee een stofwisseling in stand kan worden gehouden. Daarom dringt een virus levende lichaamscellen binnen en dwingt deze om nieuwe virusdeeltjes te maken die gelijk zijn aan het oorspronkelijk binnengedrongen deeltjes. Het virale RNA wordt met behulp van enzymen 'vertaald' tot DNA. Het virale DNA dringt binnen in het DNA van de gastheercel en zet de gastheercel aan tot het maken van viraal RNA voor in het aids-virus.
Alleen via een bloedonderzoek kan nagegaan worden of je in contact geweest bent met het virus.
Was er in het verleden geen risicogedrag, dan kan je ook niet besmet zijn en is testen volkomen zinloos. Een test verandert niets aan de voorzorgen die je moet nemen. Om te vermijden dat je besmet zou worden of om te vermijden dat je besmetting zou doorgeven, is veilig gedrag noodzakelijk.
Als je besmet bent met het aids-virus kan je je eerst nog erg goed voelen, het kan soms zelfs meer dan 10 jaar duren na de besmetting voordat je pas overlijdt aan deze ziekte.
Aids komt overal ter wereld voor. Nu eerst even een paar statistische gegevens. Er wordt geschat dat ongeveer 40 miljoen mensen HIV en Aids hebben. Per dag overlijden er 6000 mensen aan de gevolgen van Aids en worden er 16000 geïnfecteerd met HIV. Zoals gezegd komt Aids overal ter wereld voor maar dan vooral in de ontwikkelingslanden, omdat vooral in deze landen de economische situatie slecht is en het virus sneller over te dragen is dan in ontwikkelde landen.
Nu kan het antwoord op deelvraag 2 worden geformuleerd.
Aids is een ziekte die je afweersysteem aantast en niet zo goed meer functioneert.
Aids heeft een dodelijk afloop, maar het kan nog vele jaren duren eer dat je overlijdt aan deze ziekte.
Aids bestaat uit HIV-1. Als er wordt aangetoond dat je HIV-1 hebt dan ben je besmet met de ziekte Aids, maar als blijkt dat je HIV-2 hebt is er niets aan de hand.
Aids is zo’n gevaarlijke ziekte, omdat het aids-virus dodelijke eigenschappen bezit, waaraan je dus uiteindelijk overlijdt.
Hoofdstuk 3: Het immuunsysteem
De hoofdtaak van het immuunsysteem is het beschermen van het menselijk lichaam tegen binnendringende micro-organismen. Een andere taak van het immuunsysteem is het herkennen en afstoten van lichaamsvreemd materiaal (antigeen), zoals kankercellen.
Immuniteit kan worden onderverdeeld in verschillende soorten, o.a. humorale immuniteit en cellulaire immuniteit. Alleen gewervelde dieren, dus ook de mens, beschikken over een uitgebreid immuunsysteem, dat bestaat uit uitwendige en inwendige organen en veel stoffen.
Die micro-organismen kunnen het menselijk lichaam aan alle kanten binnendringen. Vervolgens wordt het slijm door ciliën, trilhaartjes, naar de keel gestuwd, waarna het wordt doorgeslikt en de micro-organismen door het zuur van de maagsappen zullen worden gedood. De bacteriën, virussen, schimmels of andere micro-organismen kunnen ook op de huid terechtkomen waar ze door een enzym dat in de talg zit die de huid afscheidt, worden gedood.
Als de microbe het lichaam toch is binnen- gedrongen, zijn er in het lichaam organen die ervoor zorgen dat het micro-organisme zich niet gaat ontwikkelen. Als hetzelfde antigeen later weer het lichaam binnendringt kan de antistof sneller aangemaakt worden en blijft die ook langer in het bloed aanwezig, dus is de immuniteit langer.
Bij cellulaire immuniteit spelen de T-lymfocyten een rol. Ook zij vermenigvuldigen zodra ze in aanraking komen met een antigeen, maar T-lymfocyten produceren moleculen die andere cellen van het immuunsysteem stimuleren om te groeien.
De antistoffen die het menselijk lichaam produceert worden ook wel immunoglobulinen (Ig) genoemd. Deze verbinden zich met het antigeen zodat het onschadelijk wordt. Er zijn vijf verschillende klassen immunoglobulinen, (IgG, IgA, IgM, IgD en IgE), met ieder hun eigen functie.
Aids en het Immuunsysteem:
Men dacht dat het aids-virus in het bloed rond zweefde, dat is echter niet het geval. Slechts 2 % van het aids-virus bevindt zich in het bloed. De overige 98 % zitten in de lymfklieren.
Er wordt maar een klein deel van de T-lymfocyten besmet en toch richt het aids-virus een enorme schade aan. Dit komt waarschijnlijk doordat de eiwitten van het aids-virus zich hechten aan de cellen die het HIV aanvallen. Deze worden dan door de cytologische T-lymfocyten aangezien als geïnfecteerde cellen (terwijl ze dat niet zijn) en worden gedood.
HIV besmet niet alleen cytologische T-lymfocyten en helper-T-lymfocyten, maar ook macrofagen. De macrofagen kunnen dan geen micro-organismen meer doden.
Nu kan er een antwoord op deelvraag 3 worden geformuleerd.
De hoofdtaak van het immuunsysteem is het beschermen van het menselijk lichaam tegen
binnendringende micro-organismen.
Ook herkent het immuunsysteem lichaamsvreemd materiaal, zoals kankercellen. Het immuunsysteem stoot dit af.
Het immuunsysteem kan dus ook bepaalde stoffen herkennen die in het aids-virus voorkomen.
Hoofdstuk 4: Het overdragen van het HIV-virus en het niet overdragen van het HIV-virus
Hoe wordt het HIV-virus overgedragen?
Het virus bevindt zich in: bloed, vaginaal vocht, voorvocht, sperma en moedermelk. HIV kan daardoor overgedragen worden door:
* onveilig seksueel contact
* drugs spuiten met eerder gebruikte naalden en spuiten
* de seropositieve moeder op haar kind, tijdens de zwangerschap, de bevalling of bij borstvoeding
* het gebruik van onveilige bloedproducten of een bloedtransfusie met besmet bloed
Bij iemand die geïnfecteerd is met HIV bevatten zijn bloed en sperma een hoge concentratie van het virus. In voorvocht en vaginaal vocht is dit veel minder. In de overige lichaamsvochten is het virus wel aanwezig maar niet gevaarlijk doordat er (bijna) geen virus in voorkomt. Wanneer je risico loopt en wanneer niet wordt hieronder uitgewerkt.
Als je onveilig vrijt loop je risico om het virus op te lopen. Dit is vooral het geval als je geslachtsgemeenschap heb met iemand uit een groep mensen waar het veel voorkomt. Het is aan te raden veilig te vrijen als je niet zeker weet of je partner virusvrij is.
Onveilige seksuele handelingen zijn:
* Vaginale geslachtsgemeenschap zonder condoom
* Anale seks zonder condoom
* Orale seks
* Seksuele gebruiksvoorwerpen onderling uitwisselen.
* Bij orale seks is de kans dat je geïnfecteerd raakt buiten de menstruatieperiode en zonder klaarkomen in de mond zo klein dat je die mag verwaarlozen.
Je kunt geen Aids krijgen door gewoon drugs te gebruiken. Als je elkaars naalden en spuiten gebruikt loop je wel risico, omdat daar nog bloedresten aan kunnen zitten met het virus daarin. Ook het (uit)lenen van spuitbenodigdheden brengt risico met zich mee, net zoals het overgieten van de ene spuit naar de andere. Het HIV-virus (maar andere virussen net zo goed!) kunnen zo in de bloedbaan terecht komen.
Een seropositieve moeder die in verwachting is kan het virus dan al aan het kind meegeven. Ook als de geboorte plaatsvindt kan het virus worden overgedragen. Ook in de moedermelk kan het virus voorkomen zodat bij borstvoeding het kind ook nog eens besmet kan raken.
De kans om in Nederland het virus op te lopen d.m.v. bloedtransfusies is bijna helemaal uitgesloten. Sinds 1985 wordt het bloed gecontroleerd om het virus in alle westerse landen. In ontwikkelingslanden wordt het bloed niet altijd gecontroleerd.
Hoe wordt het virus niet overgedragen?
Als je iemand ontmoet die het Aids of HIV virus heeft hoef je echt niet ongerust te worden, want in de normale dagelijkse omgang met die mensen loop je geen enkel risico. Verder kan het virus niet doorgegeven worden door:
* Een hand geven
* Een onbeschadigde huid heen
* Tongzoenen
* Toiletartikelen en andere gebruiksvoorwerpen
* De buitenlucht, dus ook niet op kopjes, beddengoed, bestek, enz
* Ademen, hoesten, niezen, enz
* Eerste hulp te verlenen
* Insecten
* Etenswaren
* Zwemwater en sauna's
Nu kan er antwoord worden gegeven op deelvraag 4.
Het HIV-virus wordt onder andere overgedragen door onveilig seksueel contact, drugsspuiten met al eerder gebruikte naalden en spuiten, het gebruik van onveilige bloedproducten of een bloedtransfusie met besmet bloed enz (zie ook hierboven).
Het HIV-virus kan niet overgedragen worden door een hand geven, tongzoenen, etenswaren, zwemwater en sauna’s, toiletartikel en andere gebruiksvoorwerpen enz (zie ook hierboven).
Conclusie
Na het beantwoorden van de vier deelvragen met verschillende hoofdstukken kunnen we nu ook de hoofdvraag oplossen, de hoofdvraag is:
Hoe is men tot de ontdekking gekomen van de ziekte Aids?
En hoe kunnen we ervoor zorgen dat de ontdekking van de ziekte Aids met de wetenschap van dit moment voorgoed van de wereld verdwijnt? Of is deze ziekte echt niet te bestrijden?
De ziekte Aids is ontdekt in 1981 in de Verenigde Staten.
De ziekte kwam eerst alleen voor bij mensen met een zwak afweersysteem, maar later ook bij jongen (homoseksuele) mannen die nog een heel leven voor zich hadden.
Bij deze mensen kwamen ook plotseling veel gevallen van huidkanker voor. Dit kwam eerst alleen nog bij oude mensen voor.
En door te combineren kwam men erachter dat dit een nieuwe soort ziekte moest zijn die de naam ‘Aids’ heeft gekregen.
Tot nu toe, mei 2002, is de ziekte Aids nog steeds niet te bestrijden. Maar dankzij een combinatie van nieuwe medicijnen lijken de symptomen van de ziekte beter te bestrijden.
De medicatie bestaat uit een cocktail van medicijnen die het virus te lijf gaan. Hierdoor vermindert het de hoeveelheid virus in het bloed.
Er bestaan ook immuunstimulatoren. Dit zijn geneesmiddelen die het immuunsysteem stimuleren voor de aanmaak van nieuwe afweercellen. Deze geneesmiddelen zijn niet geschikt voor bestrijding van het HIV-virus zelf. Ook bestaat er de PEP cocktail ( Post Expositie Profylaxe). Die kan van belang zijn na infectie met het HIV-virus door bijvoorbeeld ongelukken in de beroepssfeer, gezondheidswerkers, politie, e.d. Maar ook bij seksueel ongelukken, bijvoorbeeld bij een gescheurd condoom van een HIV -positieve partner.
De behandeling met PEP moet binnen 48 uur worden gestart en duurt 4 weken. Er is weinig bekend over het werkelijk effect en de bijwerkingen van PEP.
HIV is dus tot nu toe niet definitief uit het lichaam te krijgen. De maatregelen tegen aids zijn veilig vrijen, voorlichting en veilig spuiten. Er zijn een aantal aids-remmers of medicijnen zoals DDC, DDL en AZT. Ook de al hierboven genoemde maatregelen kunnen de ziekte Aids verminderen, maar helaas nog niet verwijderen. Door de medicijnen stopt bij veel mensen de vermenigvuldiging van HIV, daardoor blijven mensen langer zonder klachten en blijven langer leven. Er zit wel een nadeel aan de medicijnen tegen aids, dat zijn namelijk de bijwerkingen zoals misselijkheid, diarree en hoofdpijn. De bijwerkingen zijn soms te erg dat de mensen besluiten ermee te stoppen. Aids is dus nog niet uit het lichaam te krijgen maar men is wel in staat om het af te remmen.
Of er in de toekomst een middel zal komen die Aids van de aardbodem zal laten verdwijnen is nog maar de vraag.
Er zal in ieder geval een vaccin, dit is een inentingsstof die je beschermt tegen ziektemakende bacteriën en virussen, moeten komen tegen het HIV.
Wetenschappers over de hele wereld zullen proberen om dit voor elkaar te krijgen.
Bronvermelding
We hebben voor dit verslag over Aids de volgende bronnen geraadpleegd:
Ø Encyclopédie;
Ø Encarta ’98;
Ø ANW-boek van 4 Havo.
En met behulp van Google hebben we ook naar informatie over Aids gezocht op Internet. We zijn daarmee op de volgende sites gekomen:
*
http://www.hivnet.org
*
http://www.aidsfonds.nl
*
http://www.stopaidsnow.nl
*
http://www.aidsmap.com/sitmap.htm
*
http://www.gayutrecht.com/hiv/
*
http://www.aidstootnis.homestead.com
*
http://www.soa-aids.net/
*
http://proto.thinkquest.nl/~llb066/home/achtergrond/geschiedenis.php
Met behulp van deze bronnen en natuurlijk een stukje zelfkennis over het onderwerp Aids hebben we alle deelvragen en de hoofdvraag best gemakkelijk kunnen beantwoorden.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.