Geef dit een cijfer
Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.
Deel 1
2 vragen vooraf:
1. Waar denk je het eerst aan bij het woord islam?
Suikerfeest, mekka, mohammed, moslim, hoofddoek
2. Heb je een mening of vooroordeel over de islam?
Nee, ik wil geen vooroordelen of meningen hebben over de islam als ik er nog niet zoveel van afweet.
Hoofdstuk 1: De studie van de islam.
De islam bestaat niet. Want:
- De moslims zijn onderling verdeeld in Soenieten(80-85 %) en Sji’ieten (10-15 %)
- Elke moslim heeft een eigen invulling over hoe je moslim moet zijn.
- De islam is verspreid over de hele wereld, in marokko is de islam heel anders dan in Indonesië.
Hoofdstuk 3: Mohammed.
• Vergelijk: Historische Jezus – verkondigde jezus.
Historische Mohammed – legendarische Mohammed Legenden (Legenden bevatten een kern van waarheid).
Dit is de achtergrond bij het levensverhaal van Mohammed, Arabië 6de – 7de eeuw.
•
• Aardrijkskundige gegevens:
- Woestijn
- 2 steden, Mekka en Medina
- Handelsroute Afrika Azië
• Sociaal-politieke gegevens:
- Nomaden stammen (zonder vaste woonplaats)
- Sedentaire stammen (met een vaste woonplaats)
- Jaarmarkten in steden (volgens de kalender)
- Geen politieke eenheid
• Godsdiensten:
- Arabisch polytheïsme natuurgodsdienst
Als centrum Mekka, (de Ka’ba) dit is de kubus
- Jodendom, (vooral in Medina)
- Christendom in het zuiden van Arabië
Alles draait om Mekka.
Historische bronnen:
- Koran (heilige boek), geen levensverhaal, wel alle openbaringen van mohammed.
- Hadieth: Moslimse levensverhaal over Mohammed.
Hoofdstuk 4, Geschiedenis.
Kortst mogelijke samenvatting.
• 622 Hidjra – begin van de islamstaat Medina. Alle moslims leven in één rijk, met uitzondering van de Sji’ieten. Die leefden in Perzië – Iran.
• 1258 Val van Bagdad ( I ).
~ Kleinere moslimstaten.
~ Kolonisatie Westerse landen werden de baas in moslimlanden. (Nederland in Indonesië).
• 2003 Val van Bagdad ( II ). Oorlog tegen het terrorisme.
Hoofdstuk 5, Koran.
Wat weten we al over de Koran?
o Openbaring(en): alle teksten die Mohammed zegt van God gekregen te hebben.
o Tussen 610 en 632 geopenbaard.
o De tekst is vastgelegd tijdens het Kalifaat van Oethmaan (±650).
Deel 2:
Hoofdstuk 2: Inleiding.
1. Noteer bij de vier leerdoelen de belangrijkste informatie uit het hoofdstuk.
1. De betekenins en de afleiding van het woord islam.
In het woord Islam zitten de drie medeklinkers ‘slm’.
Slm betekend vrede, overgave, onderwerping.
Islam betekend dus: vrede zoeken door overgave/onderwerping.
2. Het aantal moslims in de wereld en in Nederland.
Wereld: 1 miljard.
Nederland: 1 miljoen.
3. De versprijding van moslims over de wereld.
4. De verschillen tussen het beeld van de islam van niet-moslimse Nederlanders en moslimse nederlanders.
Bij moslim-mensen staat de familie centraal. Bij niet-moslimse Nederlanders staat het individu centraal.
Hoofdstuk 3: Mohammed.
1. Vermeld van de elf personen (vet gedrukt), die in het bijzonder genoemd worden in paragraaf 3.1 welke rol zij spelen in het levensverhaal van Mohammed.
1. Abdallah. Hij was de vader van Mohammed. (Mohammed heeft hem nooit gekend).
2. Amina. Zij was de moeder van Mohammed, en stierf toen Mohammed 6 was.
3. Aboe Talib. Hij was de oom van Mohammed en zorgde voor Mohammed na de dood van zijn moeder. Aboe Talib ging nooit over tot de islam maar beschermde zijn neef wel altijd.
4. Bahira. Christelijke monnik, kwam hem tegen in de woestijn op weg naar Syrië.
5. Chadieja. 1ste vrouw van Mohammed, was 15 jaar ouder dan Mohammed. Zij overleed in 619.
6. Fatima. Dochter van Mohammed, speelde in de geschiedenis van de islam een vooraanstaande rol.
7. Ali. Was de neef van Mohammed. Ali, Chadieja en de slaaf van Mohammed werden als eerste gelovig.
8. Abou Bakr. Bekeerden zich tot de islam al heel snel, later opvolger.
9. Oethmaan. Ook hij bekeerden zich al snel tot de islam, werd ook later opvolger.
10. Oemar. Was een vooraanstaande Mekkaan, hij werd van bestrijder van de islam een vurige verdediger.
11. Aisja. Tweede vrouw van Mohammed.
2. Verwerk § 3.1 op je eigen manier Kies daarvoor één van de volgende technieken.
c. Maak een tijdschema van deze paragraaf.
570 : Mohammed geboren.
576 : Moeder van Mohammed stierf.
595 : Mohammed trouwde met Chadieja.
610 : Mohammed kreeg dit jaar openbaringen. (Hij zelf zei, dat hij teksten in zijn hart kreeg gegrift).
615 : De toestand werd onhoudbaar. Mohammed besloot dat jaar een deel van zijn jonge gemeente naar Ethiopië te laten emigreren.
619 : Chadieja overleid.
620 : Aboe Talib overleid.
622 : Hidra, (migratie). Van Mekka Medina.
624 : Slag bij Badr.
625 : Slag bij Oehoed.
627 : Slag bij Medina. De moslims en Mekkanen gaan nu definitief uit elkaar.
628 : Felheid van de Mekkanen en moslims nam af.
629 : Moslims mochten meedoen met de bedevaart naar Mekka.
630 : Mohammed kon zonder heel veel moeite de stad Mekka binnentrekken en de macht in handen nemen.
632 : Mohammed nam voor het eerst zelf deel aan de bedevaart naar Mekka.
Ook stierf hij dit jaar.
3. Maak bij § 3.2 ‘Het moslimse levensverhaal over Mohammed’ de vragen van bladzijde 28.
Mohammeds jeugd.
1. Laat met drie voorbeelden zien dat dit verhaal meer weg heeft van een legende dan van een historisch (levens) verhaal.
1. De zegel van de profeet, Mohammed sloot de rij met profeten af.
2. Dat de monnik een wolk boven Mohammeds hoofd ziet.
3. De takken hem schaduw geven.
2. Maak met drie voorbeelden (vraag 1) duidelijk op welke manier zij willen uitdrukken dat Mohammed profeet is.
Het zijn de tekens die het profeetschap van Mohammed laten zien.
Mohammed wordt profeet.
3. Heeft Mohammed echt een ontmoeting gehad met de engel Gabriël?
Een echte ontmoeting, het was namelijk werkelijkheid.
4. Waaruit blijkt de (grote) invloed van christenen op het levensverhaal van Mohammed?
De ontmoeting met de engel Gabriël. Want deze kwam ook in het christense levensverhaal voor.
De emigratie naar Ethiopië.
5. Waarom wordt hier gesproken over de eerste hidjra in de islam?
Er zijn meerdere Hidjra’s geweest. De eerste was van Mekka Medina.
6. Hoe leefden de Mekkanen volgens Dja’far vóór de komst van Mohammed en hoe moeten ze gaan leven volgens Mohammed?
Voor : Polytheïsme, Recht van de sterkste.
Na : Monotheïsme, Socialisme.
In Nederland : Polytheïsme (Geloof in het christendom, islam, jodendom etc.) , Kapitalisme.
7. Wat is beslissend voor het besluit van de negus om de moslims te beschermen.
Dat het hetzelfde is als in de bijbel staat.
De nachtreis en de Hemelreis
8. Is Mohammed echt in Jeruzalem geweest ? Geef de standpunten van Aisja en Aboe Bakr. Wie heeft er gelijk ?
Aisja: het was een droom. Hij is er geestelijk geweest.
Aboe Bakr: als Mohammed het zegt, is hij ook echt in Jeruzalem geweest.
9. welke logica zit er achter de straffen die de mensen in de hel krijgen.
Je krijgt dezelfde straf dan dat je de mensen aan hebt gedaan.
10. Hoe wordt Mozes in deze tekst afgeschilderd en wat hebben de moslims aan hem te danken ?
Dat ze maar vijf keer per dag hoeven te bidden, in plaats van 50 keer per dag.
De Hidjra naar Medina
11. Welke rol speelt Ali in het verhaal van de hidjra ?
Als beschermer.
12. Waarom liet Mohammed de kameel bepalen waar de eerste moskee gebouwd zou worden ?
Zo hoeft Mohammed niemand teleur te stellen. & dit beweist dat hij ook een goed staatsman was.
Mohammeds laatste jaren
13. Noteer een voorbeeld van een isnad (schakel).
“Mohammed vernam van Oebaydallah dat Safiya hem heeft verteld…”
14. Wat symboliseert de duif in dit verhaal ?
Hij maakt van de ka’ba het centrum van de islam door alle beelden eruit te gooien.
15. Waarom vraagt Mohammed aan de Mekkannen wat ze denken dat hij met hen gaat doen ?
De Mekkanen zijn bang dat Mohammed wraak zal nemen.
16. Wat wilde Ali worden en hoe reageert Mohammed hierop ?
Opzichter worden over de ka’ba. Mohammed weigert dat, want hij wil zijn eigen familie niet voortrekken binnen de islam.
17. Wat is er zo bijzonder aan Mohammeds dood ?
Er waren geen laatste woorden. Mohammed was ook maar een mens dus had een normale dood.
4. Laat aan de hand van drie legenden uit de Hadieth (verhalen 1,4,5) zien hoe die tot doel hebben het profeetschap van Mohammed tot uitdrukking brengen.
• Mohammed mocht als kind als enige op het matras van zijn opa zitten. (Matras in de schaduw van de Ka’ba).
• Mohammed kreeg als enige schaduw van een boom en wolk.
• Mohammed had een zegel op zijn rug.
Dit was omdat Mohammed de laatste profeet was in de rij met profeten.
Hoofdstuk 4, Geschiedenis.
1. Verwerk 4.1 op je eigen manier. Kies daarvoor uit één van de volgende tactieken.
Tactiek D.
1. De eerste vier Kaliefen.
~ Aboe Bakr.
* Bijnaam As-Siddiek. Dit is de oprechte.
** Mohammed was getrouwd met Aisja, (dochter van Aboe Bakr).
***Hij bracht de islam in Palastina, Syrië en Irak.
**** (Jaartallen)
Kalifaat 632-634. Aboe Bakr stierf in 634
~ Oemar.
* Eerste bestrijder van de islam, later bondgenoot.
** Behoort tot de stam van de Koerasj.
***Banden met Mohammed namen sterker toe na het huwelijk van zijn dochter Hafsa.
Hafsa was een jonge weduwe die haar man had verloren in de slag bij Badr met de profeet.
**** (Jaartallen)
Kalifaat 634-644.
635 : Damacus viel in Syrië.
636 : Palastina werd met Jeruzalem veroverd.
644 : Hij werd vermoord.
~ Oethmaan.
* Hij was de eerste die niet behoorde tot de clan van Mohammed maar die behoorde tot de Oemajja-clan uit Mekka.
** Hij trouwde twee keer met een dochter van Mohammed. (Dus was twee keer schoonzoon).
***Korantekst kwam tot stand, overal staan bekwame bestuurders.
**** (Jaartallen).
Kaliefaat 644-656.
Hij werd in 656 vermoord.
~ Ali
* Ali was de neef van Mohammed, ook was hij met Fatima (dochter van Mohammed) getrouwd.
** Ali Bikritiseerde Othmaan omdat hij de moslims te weinig gestimuleerd had, ook had Oethmaan vriendjespolitiek gedaan.
***Ali was de volger van de Sji’ieten.
**** (Jaartallen)
Kaliefaat 656-661.
656 : Strijd tussen Ali en Moe’awija.
661 : Ali word voor de moskee in Koefa vermoord.
~ Moe’awija.
* Clangenoot van Oethmaan.
** Moe’awaija speelde een hoofdrol in het verzet tegen Ali.
***Toen Ali dood was, mam Moe’awija de macht over.
****( Jaartallen)
656 : Strijd tussen Ali en Moe’awijka
661 : Moe’awijka neemt de macht van Ali over die toen vemoord werd voor de moskee in Koefa.
2. De Oemoejjaden dynastie : 661-750.
* Damascus werd de zetel van de Oemoejjaden dynastie.
** Het rijk breidde zich uit. Van de Atlantische oceaan in het westen tot aan India in het oosten.
*** In 711 staken de moslimlegers de staat van Gibraltar over en zo werd Spanje veroverd.
**** De moskeebouw bloedde.
*****De dynastie van de Oemoedjjaden ging ten onder omdat de Arabische moslims werden bevooroordeeld tegen over de niet Arabische moslims.
****** (Jaartallen).
661-750, dit is de periode van de Oemoejjaden dynastie.
711 : De moslimlegers staken de straat van Gibraltar over.
3. De Abbasieden : 750-1258.
* Stamden van Abbaas af, dit was een oom van Mohammed.
** Verplaatste het politieke centrum van het islamrijk van Damacus naar Bagdad, (De stad van vrede).
*** Moslimrijk bereidde zich tot diep in Afrika uit en tot in India.
**** Van de niet-Arabische moslims wordt ook verwacht dat ze een belangrijke rol in de islam spelen.
*****De kruistochten vormden een zwarte bladzijde in de periode van de Abbasieden, De kruistochten werden ondernomen door christenen vanuit Spanje.
Dit werd gedaan om de heilige plaatsen te zuiveren van de Moslims. Ook werd de moslims wet uitgevoerd.
****** (Jaartallen)
750-1258 was de Periode.
786-809 : Bloei begon onder kalief Haroen ar-Rasjied.
812-833 : Invloed van de zoon van Haroen ar-Rasjied, hij heet Al-Ma’moem.
1111 : De theoloog Al-Ghazi stelde de orde op zaken. Alles wat tot god kan leiden is goed, als het maar niet in tegenspraak is met andere punten van het geloof.
1095-1291 : Kruistochten, die werden gehouden door christenen uit Spanje, die naar heilige plaatsten in Palastina gingen om het te zuiveren van moslims.
1009 : Al Hakim vernietigde het heilige graf van de kerk in Jeruzalem.
1096 : De eerste kruisvaders opgeroepen door paus Urbanus II gingen op weg naar Palastina. Jeruzalem viel op 15 juli 1099.
1099 : Palastina viel.
1291 : Inname van de stad Akka door de Moslims.
1258 : Bagdad viel door de mongolen.
4. De val van Bagdad, (1258 – 2003)
* Het Ottomaanse Rijk (1289-1922) en Süleyman I (1520-1566) en Kemal Atatürk (1924).
Na de inamen van Bagdad door de Mongolen (1258) betekende dit het definitieve einde van het ijdperk van de Abbasieden als kaliefen van de islamitische wereld.
De soenietten werden nooit meer in één rijk geplaatst. Zo ontstaan er veel kleinere rijken naast elkaar. Het Ottomaanse rijk werd het belangrijkste rijk van het bestaande islamietische rijk, sinds 1453 kende dat rijk Istanbul als hoofdstad. Het rijk bereikte haar bloei onder kalief Süleyman. Kemal Atatürk schaft in 1924 het kalifaat af. Zo probeerde ze Turkije meer westelijker te maken. De dominante positie wordt teruggedrongen. Nu kan het bij West-Europa horen. Nu is Turkije (volgens mij) nog steeds niet bij West-Europa. Omdat het de doodsstraf niet wilde afschaffen.
** Het Mogol Rijk (1526-1757) en Aboe-Fath Akbar.
Vanaf 1526 heerste in India de Mogol dynastie. Onder bewind van Aboe-Fath Akbar bereikte deze dynastie haar hoogtepunt. Al die culturen samen zorgen voor een bijzondere uitstraling van dit moslimrijk op het gebied van architectuur, kunst, maar ook de ceremoniën en feesten.
*** Het einde van de Tweede Wereldoorlog en dekolonisatie.
Na de tweede wereldoorlog kwam er een proces van het dekoloniseren van islamgebieden. Moslimsgebieden (die voor meer dan de helft moslims waren) kregen na een periode van strijd hun onafhankelijkheid terug.
**** De val van Bagdad en spanningen tussen het Westen en de wereld van de islam.
De val van Bagdad om april 2003 heeft duidelijk gemaakt hoe de geschiedenis zich kan herhalen en hoe de geschiedenis ook kan worden misbruikt voor eigen propaganda. ‘De mongolen staan weer voor de poorten van de Hoofdstad van de vrede (Bagdad)’. Dit hield Saddam Hoessein zijn volk voor. De amerikaanse president George W. Bush typeerde de aanval op Bagdad in het kader van de strijd tegen het terrorisme, ongelukkigerwijs als een nieuwe ‘kruistocht’.
3. Zet de verschillen tussen Soennieten en Sji’ieten in een overzichtelijke tabel.
Onderwerpen Sji’ieten Soennieten.
Betekenis van de naam. Dit komt van Sji à ali. En betekend dit is de partij van Ali. = volgelingen van de traditie.
De naam komt van Ahl a-soenna wa-l-djana’s. Dit is leiden door voorbeeld van de profeet Soenna.
Kijk op Mohammed De kijk op Mohammed is godsdienstig en staatsmansschap. De kijk op Mohammed is alleen godsdienstig.
Kijk op Ali Eerste imaam Vierde Kalief
Bovennatuurlijke kennis Ja, ze geloofde dat Mohammed een gave had. Nee, want Mohammed was ook maar een mens.
Geloof en politiek Is één. Geen eenheid.
Bijzonderheden Imaams, er waren 12 opvolgers van Mohammed. De 12de is de verlosser die weer terug zal keren.
De sji’ieten beelden ook levende wezens af. De sji’ieten beelden geen levende wezens af.
Hoofdstuk 5, Koran
1. Geef het ontstaan van de koran, de opbouw van de koran en voorbeelden van omgaan met de koran weer.
Ontstaan Opbouw Omgaan
o Alle openbaringen zijn als losse aantekeningen
opgeschreven.
o ‘Dragers van de koran’; zij onthielden alle openbaringen
o Oethmaan maakt er één tekst van. o Niet chronologisch, maar op onderwerpen ingedeeld.
o Soera = hoofdstuk (“blikseminslag”)
o Ayat = vers (“teken”)
o 114 soera’s
o Hoofdstuk 1: openingsgebed
o Hoofdstuk 2: langste soera (286 ayats)
o Aflopend in aantal ayats. o Bewaar op een schone plaats.
o Kleine rituele wassing voor men leest uit de Koran.
o Kalligrafie bloeit in de islam: koranteksten mogen wel worden afgebeeld.
2. Vat in je eigen woorden de 6 lagen van de koran samen en vergelijk deze met het levensverhaal van Mohammed.
Er zijn 6 lagen vann de koran.
1. Het laatste oordeel 610 – 614:
Deze uitspraken zijn het oudste en stammen dus uit de vroegste periode van Mohammeds prediking in Mekka. Deze uitspraken zijn orakelachtig. Ook is het in de vorm van korte, rijmende zinnen geschreven De stijl is de Kahins de dichters en waarzeggers.
De stijl past goed bij de inhoud van de openbaringen. Zij roepen op tot bekering vanwege het laatste oordeel en de ‘komende toorn’ van god. Waarvoor de mens, uit vrees voor God door Mohammed werd gewaarschuwd.
2. Gods goedheid 614 – 620:
Als zijn tegenstanders Mohammed ervan beschuldigen niets anders dan een arabische dichter te zijn wordt de stijl van de openbaringen losser en ontstaan historische verhalen. Nadat de kleine gemeenschap groeide werd er meer nadruk gelegd op Gods goedheid en niet op de dreiging van God zou uitgaan.
3. Profeten 620 – 622:
Mohammed zag zich in zijn conflict met de Mekkaanse tegenstander gedwongen de inhoud van de predikken uit te leggen. Hij gaat uitvoerig in op de bewijzen die er bestaan voor het bestaan van God. Ook gaat hij uitvoerig in over de zending van de vroegere profeten.
4. Wetten 622 – 624:
Het ontstaan van de nieuwe gemeenschap in Medina maakt het uitvaardigen van vele wetten noodzakelijk. In veel openbaringen vind Mohammed de regels voor het samen leven.
5. Jodendom 624 – 627:
Mohammed kreeg veel openbaringen die relatie hadden tot de joodse stammen van Medina. Hij nam een paar Joodse gebruiken over. Zoals de ‘asjoera’ vasten en de richting van het bidden. Namelijk Jeruzalem. Het duurde niet lang totdat de joden een conflict met mohammed hadden. De joden konden Mohammed namelijk niet als profeet aanvaarden.
6. Arabische oorsprong 627 – 632:
Na het mislukken met de joodse stammen ging Mohammed zich steeds meer op de Arabische oorsprong richten.
3. Maak de vragen bij 5.3 ‘Teksten uit de koran’.
1. Waarom is dit een apocalyptische tekst?
Het gaat over de laatste dag en het einde van de tijden
2. Waarom moet je een geschenk altijd met je rechterhand aannemen?
Symbolische betekenis, zodat je al getraind bent om zo de koran aan het einde van de tijd aan te nemen. Neem je aan het einde der tijden de koran met links aan, dan ben je gedoemd.
3. Op welke manier ‘bewijst’ deze tekst dat God bestaat?
Als je goed naar de natuur kijkt, dan kom je vanzelf bij God uit.
4. Wie is ‘Wij’ en wie is Noach?
Wij = God (koninklijk meervoud)
Noach = een profeet zoals Mohammed die niet werd geloofd
5. Wat is een ‘metgezel’ en wat is ‘het bezit van een wees’?
Metgezel = een ander
Bezit van een wees = spullen die de wees erft van zijn ouders die je niet mag inpikken.
6. Maak van deze tekst een soort tien geboden.
1. Er is geen Metgezel naast God.
2. Je mag geen afgodsbeelden maken
3. moet goed zijn voor je ouders; familiebanden eerbiedigen
4. Je mag je kind niet doden ook al vrees je armoede
5. Je mag niet onwettig doden
6. Je moet te allen tijde eerlijk getuigen
7. Je moet het verbond met god nakomen
7. Wat is een goede reden om met meer vrouwen te trouwen en wanneer is dat niet toegestaan?
Als je niet goed handelt voor de wezen, dan moet je meer vrouwen trouwen. Je moet je vrouwen wel rechtvaardig behandelen. Kun je dat niet, doe het dan niet. Als er een overschot aan vrouwen is, mag je die ook trouwen, om die vrouwen op te nemen in een familie.
8. Zet in je eigen woorden ‘Toen verdraaiden zij het, nadat zij het begrepen hadden terwijl zij beter wisten,’ Wie of wat wordt bedoeld met ‘zij’ en ‘het’.
Zij = Joden
Het = de openbaringen
De Joden hadden die openbaringen al gehad, maar doorverteld. Dus waren ze niet meer betrouwbaar voor de moslims. Mohammed moest ze opnieuw openbaren.
9. Wie zijn de ‘mensen van het boek’?
Moslims, Joden en Christenen.
4. Vergelijken van de Bijbel met de eerste drie lagen.
1. Toon aan hoe de koran geïnspireerd lijkt door het boek Apocalyps.
o Er wordt een beoordeling over je leven verteld, die staat in het boek.
o De wereld vergaat op de laatste dag.
2. Vergelijk de Korantekst met het eerste scheppingsverhaal van de Bijbel: Genesis. Wat valt je daarbij op?
|
Grote kans dat je het afgelopen jaar veel gebruik hebt gemaakt van Scholieren.com. Dit is het moment om iets terug te doen! Ga op zoek naar oude verslagen en upload ze hier. Toekomstige generaties scholieren zullen je dankbaar zijn. |
De opvattingen over de natuur lijken op elkaar.
3. Noteer de overeenkomsten tussen de levensverhalen van Noach en Mohammed.
o Waren beiden profeet, spreken namens God
o Werden beiden niet geloofd, maar toch denken ze de waarheid te spreken.
Hoofdstuk 6, Levensbeschouwing.
1. Maak een boomschema van de zes geloofspunten en laat zien hoe de eerste vier geloofspunten samenhangen?
God Engelen Profeten
1. Het Arabische woord Allah is en samentrekking van Al-illah. Dit betekend de god. Mohammed gaf aan deze naam van god een nieuwe en meer volledige inhoud 1. De engelen zijn Gods boden die behoren tot de wereld van het bovennatuurlijke. Ze functioneren als een verbinding tussen God en de schepping. 1. God heeft in alle tijden aan zijn profeten gezonden, Meestal werden zij verworpen en vervolgd door de meerderheid van hun medeburgers.
2. Er is maar één god, want de islam is een Monotheïstische levensbeschouwing, god is ookwel één of enig. 2. Engelen hebben verschillende taken; bijvoorbeeld aantekeningen maken van de daden van de mens.
2. De koran noemt 28 profeten bij naam.
~ 4 van hen zijn Arabisch.
~ 18 van hen oud oud testament.
~ 3 uit nieuw testament (Zacharias, Johannes de Doper en Jezus).
~ 2 profeten, alleen aangegeven door bijnaam.
3. In de koran zijn de eigenschappen van god op een manier bekendgemaakt dat de mens ze kan bevatten. De eigenschappen van god vormen samen de ‘schoonste namen van God’. 3. Van de engelen is speciaal Gabriël belangrijk. Hij deelde aan Mohammed de koran mee en aan Maria de komst van Jezus.
3. Mohammed is de laatste profeet, de zegel van de profeten.
Boeken Leven na de dood Voorbeschikking
1. Naast de koran, de laatste en definitieve openbaring, wordt uitgegaan van eerdere openbaringsgeschriften. 1. Aan de dag des oordeels worden in de koran verschillende namen gegeven.
1. Volgens de koran is er geen voorafgeronde leer over voorbeschikking: kadar, maar uit veel teksten kan men concluderen dat het leven van de mens vastligt
2. De koran is Gods, de koran is de volledige openbaring voor de mens. Hij is de perfecte voor 100 % geslaagde ‘overschrijving’ van god die er bestaat. 2. De dag des oordeels komt op een tijd die God alleen weet en gaat gepaard met een overstelpende gebeurtenis.
2. Zo zegt de koran: God zal niemand uitstel geven, wanneer zijn tijd is gekomen
3. Duidelijker en omvattender en mooier dan de koran kan geen geschrift Gods openbaring in mensentaal weergeven. 3. Op de dag des oordeels verschijnt God. Dan zullen de doden worden opgewekt, zij zullen rekenschap moeten afleggen van hun daden. 3. Wanneer een moslim in voorbeschikking gelooft, geloofd hij dat er niets buiten Gods wil om gebeurd.
De samenhang : Er is maar één god, die boodschapper tussen hem en de engelen heeft staan. Hij stuurt de profeten te alleen tijde naar alle volken. De laatste profeet (de zegel) was Mohammed. Met de laatste profeet is ook het laatste geopenbaarde boek gekomen.
2. Maak een uitvoerige tabel over de vijf zuilen van de islam.
Sjahada Salaat
Wat? Dit is de eerste zuil.
Geloofsbeleidenis. “Er is géén god en Mohammed is gods gezant”. Dit is de tweede zuil.
Het rituele gebed, ‘zich in aanbidding voorover buigen’.
Wanneer? • Plechtige momenten.
• Begin gebed op vrijdag. Vijf keer per dag.
Waar? Bij tegenspoed, geboorte en sterfte. Waar hij/zij ook is. Thuis/werk etc. Ook één keer per week naar de Moskee.
Wie? Iedereen die deze beleidenis met volle overtuiging uitspreekt. Iedere moslim moet dit doen.
Waarom? Voor geluk en voorspoed. Om god te danken voor zijn weldaden. (Fortuin, gezondheid, kinderen). Ook om lichaamlijke/geestelijke reinheid te leren.
Hoe? Gefluisterd in het oor van de pasgeborende / sterfende. Eerst om grote en kleine wassingen. Dan uitspreken en itenties zeggen: Al’Choe arbar, 2 of meer andere Rak’a’s.
Bijzonderheden? Als een moslim op zijn sterfbed de woorden niet kan herhalen, dan doet een geloofsgenoot dat.
De beleidenis is alleen geldig als deze oprecht is. 1. Gebed van de dagenraad (2 Rak’a’s).
2. Gebed op midden van de dag. (4 rak’a’s).
3. Gebed van de namiddag. (4 Rak’a’s)
4. Gebed bij zonsondergang (3 Rak’a’s).
5. Avondgebed (4 Rak’a’s)
Er zijn dus 5 gebedsmomenten
Zakaat Ramadaan Haddj
Wat? Dit is de derde zuil, de armen belasting.
1/40, 1/10, 1/5 van het vermogen moet aan de armen mensen van de samenleving besteed worden. Dit is de vierde zuil. Het vasten. Dit heet de ramadan. De maand waarin het vasten plaats vind heet Ramadan. De vijfde zaal. De bedevaart naar de Ka’ba in Mekka. ‘En volbreng voor God, de bedevaart en het bezoek’.
Wanneer? Het wordt uitgedeeld aan het eind van Ramadan. In de maan van de ramadan. Één keer in je leven.
Wie? De arme mensen krijgen het. De rest van de moslims brengen het bij elkaar. Volwassen mannen en vrouwen die een goede gezondheid. Andere mensen mogen ook meedoen. Iedere gelovige.
Waar? Naar de Ka’ba in Mekka.
Waarom? Om het bezit te zuiveren doordat een deel niet aan de eerste levensbehoefte kan voldoen. Om god te bedanken voor het geven van de Koran. Voor God.
Hoe? De koran heeft vastgesteld wie de Zakaat moet betalen en wie het krijgt.
Vasten overdag en eten wanneer het donker is. Zeven keer rond de Ka’ba heenlopen & hem proberen aan te raken.
Bijzonderheden? Twee soorten Zakaat :
* Vermogensbelasting.
* Uitgereikt aan de armen (voedsel) aan het eind van de Ramadan.
Zakaat is zo ingeburgerd dat zelfs buitenlandse ondernemingen in Islamitische landen hun personeel dan extra uitbetalen. Naast het niet eten/drinken is er ook ‘Het vasten aan de tong’. Ze moeten zich dan onthouden van alle onbehoorlijke taal/leugens/twist/kwaad etc.
Deel 3
Hoofdstuk 3, Mohammed.
Studiesuggestie 8 : Maak een vergelijking tussen het levensverhaal van Mohammed en dat van Jezus. (10 punten).
Tussen Mohammed en Jezus heb je niet heel veel overeenkomsten, vooral verschillen.
De overeenkomsten zijn :
• Jezus en Mohammed waren allebij stichters van een godsdienst.
• Jezus en Mohammed dachten dat ze allebij gelijk hadden.
• Ze geloofden allebij maar in één god.
• Ze waren allebij in het begin vervolgd omdat ze maar in één god geloofden. Ze hadden dus niet meteen hun mening kunnen uitten.
Dit waren de overeenkomsten. Nu komen de verschillen.
De verschillen zijn :
• Jezus en Mohammed leefden niet in dezelfde tijd.
• Jezus is nooit getrouwd, daarintegen is Mohammed wel 11 keer getrouwd.
• Mohammed was van afkomst een Arabier, Jezus was van afkomst een Jood.
• Van de familie van Jezus is niet zo veel bekend, van Mohammeds familie is er destemeer bekend.
• Mohammed was tijdens zijn leven al een belangrijke man, Jezus werd dat pas na zijn dood.
• Veel moslims denken dat Mohammed de laatste/belangrijkste profeet was, en dat Jezus maar gewoon een tussenprofeet was.
• Mohammed is niet vermoord. Jezus is wel vermoord.
• Mohammed was godsdienstig én staatsman. Jezus was alleen maar een staatsman.
• Jezus had tijdens zijn leven geen echte plek om missen te houden, Mohammed liet tijdens zijn leven al een paar Moskeeën bouwen.
• Mohammed verloor op jonge leeftijd zijn ouders. En de ouders van Jezus begroeven hem juist.
Studiesuggestie 9 : Schrijf een tekst waarin je joden en christenen, gezien het levensverhaal van Mohammed, wilt oproepen om ook Mohammed te accepteren als profeet. (10 punten).
Beste Christenen en Joden,
Deze brief schrijf ik om te vragen om ook Mohammed als profeet te accepteren.
De openbaringen van Mohammed zijn meteen opgeschreven, en minder doorverteld. Zo zijn ze meer zeker.
Mohammed is een latere profeet, zijn openbaringen zijn vollediger. Ook gelooft Mohammed in één god. Jullie toch ook ?!
De god waar jullie in geloven gelooft Mohammed ook in. Alleen gaat God hier onder een schuilnaam Allah.
God richtte zich op jullie in de openbaringen voor Mohammed.
Met vriendelijke groet,
De moslims
Hoofdstuk 4: Geschiedenis.
Studiesuggestie 6: Maak over een klein onderwerp uit de geschiedenis een kadertekst. Ongeveer 500 woorden. (30 punten).
Bagdad. (De tweede val)
Bagdad is een stad in Irak. Het is na Caïro de grootste arabische stad. Bagdad ligt aan de rivier de Tigries, en teld ongeveer 6 tot 7,5 miljoen inwoners.
De stad Bagdad werd in 762 gesticht. Het heette toen Madinat as Salam. Dit betekend De stad van Vrede.
Bagdad wer de hoofdstad van het kaliefaat van de Abbasiden. De naam van de stad (Bagdad) komt van de naam van een dorpje in de buurt, dat overging in de stad. De naam Bagdad komt uit het Perzisch en betekend ‘Gezonken tuin’.
In de bloeiperiode van de stad groeide de stad door de toestroom van mensen uit de hele islamitische wereld. De stad bloeide als handelsstad doordat het een groot deel van de handelwegen tussen Azië en Europa ging.
In 1055 veroverden de Turkse Seltsjoeken de stad. Zij gingen door met het gezag van de kalief maar bestuurden zelf de wereldse zaken. Tot in 1258 bleef Bagdad één van de belangrijkste islamitsche steden van de wereld.
In 1258 verwoesten de Mongolen bagdad en vermoordden bijna de gehele bevolking en de laatste kalief van de Abbasiden. (Dit was de eerste val van Bagdad).
De tweede val van Bagdad was in 2003, dit heet ook wel de Irakoorlog.
De oorlog is in Maart 2003 ingezet en was van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk tegen en in Irak. Andere landen leverden ook Troepen. (Bijvoorbeeld Polen en Australië).
Golfoorlog, op 17 januari 1991 begon Operatie Desert Storm, het doel van deze Operatie Desert storm was het Iraakse leger te verdrijven uit het door Irak bezette Koeweit. De strijd werd gevoerd door een grote coalitie van landen.
Onder aanvoering van de VS.
De meeste opstandelingen waren Irakese en buitenlandse Soennietsche Arabieren. De soennietische bevolking (ongeveer 20%) van de Irakezen, zorgde voor de val van Saddam Hoessein.
Het aandeel van de sjiieten in het geweld tegen de bezetter is altijd minder geweest, maar heeft zich, gesteund door Iran, dit is de afgelopen tijd versterkt. Hierdoor is het sektarisch geweld de laatste tijd enorm toegenomen.
De schatting van de Iraakse vechter lopen uiteen. Het Amerikaanse leger schat dat er 5000 vechters zijn. Ook zijn en ‘parttime’ rebellen dit zullen er ongeveer 50 duizend zijn.
De ergste rebellenactiviteiten vinden plaats in Bagdad, ook vinden ze plaats in de driehoek die zicht uitstrekt van het westen van de hoofdstad tot aan de stad Ramadi en Tikrit.
In 2004 was er een Sji´ietische opstand, deze opstand was in het zuidelijke deel van Irak. (Dit deel bleef relatief vrij van de opstanden, gevechten van de Soennietische regio’s.
Dit veranderde toen de radicale sji’itische geestelijke Moqtada al-Sadr zijn volgelingen opriep om een gewapende opstand te beginnen. Dit was het gevolg van de door de coalitie afgedwongen. Het politieke aanzien van al-Sadr was de maanden daarvoor afgenomen. Dit allemaal had het gevolg dat al-Sadr opriep tot een gewapende opstand. Al-Sadrs Mahdi-Leger begon gecoördineerde aanvallen op de coalitiemacht in het gehele zuiden en nam op 7 april controle over de steden Najaf, Koefa, al Koet en delen van Bagdad en andere zuidelijke steden. Dit leger telde ongeveer tussen de 3000 en 10.000 man.
Hoofdstuk 6, Levensbeschouwing.
Studiesuggestie 7: Maak een kadertekst van ongeveer 300 woorden over één aspect van de moslimse levensbeschouwing. (10 Punten).
Engelen
Engelen zijn over het algemeen afgebeeld als wezens met vleugels, terwijl er in de bijbel en in joodse geschriften nooit over engelen met vleugels gesproken wordt. Cherubs ofwel Cherubijnen worden juist weer als gevleugeld beschreven, en er bestaan ook serafijnen, die zes vleugels hebben. Het woord engel stamt af van het Latijns: angelus. Dat is weer afgeleid van het Griekse ἄγγελος,ángelos. Dat betekent “boodschapper”. De engelen zijn volgens de geschriften ook boodschappers van god, dus dat kan hun naam verklaren.
Volgens de Bijbel zijn er drie taken van engelen:
1. Het brengen van boodschappen van God. Engelen worden uitgezonden om mensen te waarschuwen of Gods woorden te openbaren.
2. De engelen moeten ook de mensen beschermen.
3. De engelen strijden ook tegen kwade geesten die Gods plannen willen dwarsbomen.
Engelen die voorkomen in de koran zijn meestal geestelijke wezens, zonder lichaam, in Gods dienst. Ze kunnen wel zichtbaar uiterlijk aannemen, maar dat uiterlijk blijft niet telkens het zelfde. Gewoonlijk verschijnen de engelen dan als een uiterlijk volmaakte mens. Soms worden engelen ook afgebeeld als een heel erg angstaanjagend, machtig en lichtuitstralend wezen en vallen de mensen met wie de engelen willen communiceren zo ongeveer flauw. Dat soort mensen moet eerst gekalmeerd worden door de engel voordat ze de goddelijke boodschap van de engel kunnen aanhoren.
Engelen hebben net als mensen een vrije wil, en kunnen kiezen tussen God gehoorzamen of hun eigen weg gaan. Ergens in de voorgeschiedenis van de Genesis is er dan ook een opstand van aartsengel Lucifer (lichtdrager) geweest, waarbij een derde van de engelen overliep van God naar Lucifer. Lucifer werd de duivel en zijn engelen als demonen of duivels. Dit verhaal wordt over het algemeen alleen geleerd door de orthodoxe moslims.
Grote kans dat je het afgelopen jaar veel gebruik hebt gemaakt van Scholieren.com. Dit is het moment om iets terug te doen! Ga op zoek naar oude verslagen en upload ze hier. Toekomstige generaties scholieren zullen je dankbaar zijn.
Let op
De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.
Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.