Sterrenbeelden

ANW

Werkstuk

6.0 / 10
4e klas vwo
  • anoniem
  • NL
  • 3364 woorden
  • 10645 keer
    209 deze maand
  • 6 april 2005
Inleiding
We vinden sterrenbeelden allebei erg interessant vandaar de keuze van dit onderwerp. Er is erg veel te vinden over sterrenbeelden. We wilden het wel een beetje algemeen en duidelijk houden, daarom hebben we er voor gekozen om ook iets over sterren zelf te vertellen. Daarom leggen we eerst uit wat een ster is, want dat zijn sterrenbeelden toch uiteindelijk: een verzameling sterren.
Daarna vertellen we iets over de geschiedenis van de sterrenbeelden. Waarom begonnen mensen de verzamelingen van sterren namen te geven en waarvoor gebruikte ze deze? Zijn vragen die we onder andere proberen te beantwoorden.

Dan weten we hoe ze eruit zien, ontstaan en de geschiedenis maar niet hoe ze hun naam krijgen. Dit is ook een vraag die we op een zo’n duidelijk mogelijke manier proberen uit te leggen.
Tegenwoordig gebruikt men sterrenbeelden wel op een heel speciale manier. Namelijk om de toekomst te kunnen voorspellen. We gaan iets vertellen over horoscopen en wat ze zeggen over de toekomst en over personen. Ook onderzoeken of ze wel of niet te vertrouwen zijn.
Tenslotte geven we nog een korte samenvatting van de hoofdstukken en geven op die manier een conclusie over het geheel.

1 Wat is een sterrenbeeld en welke zijn er?

Sterrenbeelden zijn groepjes sterren die altijd in hetzelfde patroon blijven staan. Ze vormen een figuur als je ze door een lijn verbindt. De sterren die je in een sterrenbeeld naast elkaar ziet staan hoeven trouwens niet echt naast elkaar te staan. Vaak is het zo dat de ene ster veel verder weg is dan de andere. Ze horen dus niet echt bij elkaar.

Veel mensen denken dat er 12 sterrenbeelden zijn, de 12 van de dierenriem, omdat dat in de astrologie gebruikt wordt. Er zijn echter 88 verschillende sterrenbeelden. Deze zijn vastgelegd door de Internationale Astronomische Unie.

Dit zijn de 88 sterrenbeelden:

Andromeda (Andromeda)
Luchtpomp (Antlia)
Paradijsvogel (Apus)
Waterman (Aquarius)
Arend (Aquila)
Altaar (Ara)

Ram (Ariës)
Voerman (Auriga)
Ossenhoeder (Boötes)
Graveerstift (Caelum)
Giraffe (Camelopardalis)
Kreeft (Cancer)

Jachthonden (Canes Venatici)
Grote Hond (Canis Major)
Kleine Hond (Canis Minor)
Steenbok (Capricornus)
Kiel (Carina)
Cassiopeia (Cassiopeia)

Centaurus (Centaurus)
Cepheus (Cepheus)
Walvis (Cetus)
Kameleon (Chamaeleon)
Passer (Circinus)
Duif (Columba)

Hoofdhaar (Coma Berenice)
Zuiderkroon (Corona Australis)
Noorderkroon (Corona Borealis)
Raaf (Corvus)
Beker (Crater)
Zuiderkruis (Crux)

Zwaan (Cygnus)
Dolfijn (Delphinus)
Goudvis (Dorado)
Draak (Draco)
Veulen (Equuleus)
Eridanus (Eridanus)

Oven (Fornax)
Tweelingen (Gemini) Kraanvogel (Grus)
Hercules (Hercules)
Slingeruurwerk (Horologium)
Waterslang (Hydra)

Kleine Waterslang (Hydrus)
Indiaan (Indus)
Hagedis (Lacerta)
Leeuw (Leo)
Kleine Leeuw (Leo Minor)
Haas (Lepus)

Weegschaal (Libra)
Wolf (Lupus)
Lynx (Lynx)
Lier (Lyra)
Tafelberg (Mensa)
Microscoop (Microscopium)

Eenhoorn (Monoceros)
Vlieg (Musca)
Winkelhaak (Norma)
Octant (Octans)
Slangendrager (Ophiuchus)
Orion (Orion)

Pauw (Pavo)
Pegasus (Pegasus)
Perseus (Perseus)
Phoenix (Phoenix)
Schilder (Pictor)
Vissen (Pisces)

Zuidervis (Piscis Austrinus)
Achtersteven (Puppis)
Kompas (Pyxis)
Net (Reticulum)
Pijl (Sagitta)
Boogschutter (Sagittarius)

Schorpioen (Scorpius)
Beeldhouwer (Sculptor)
Schild (Scutum)
Slang (Serpens)
Sextant (Sextans)
Stier (Taurus)

Telescoop (Telescopium)
Driehoek (Triangulum)
Zuiderdriehoek (Triangulum Australe)
Toekan(Tucana)
Grote Beer (Ursa Major)
Kleine Beer (Ursa Minor)

Zeilen (Vela)
Maagd (Virgo)
Vliegende Vis (Volans)
Vosje (Vulpecula)

Hier staan dus ook de 12 ‘sterrenbeelden’ zoals wij ze kennen bij.
Dit zijn echter alleen nog maar de sterrenbeelden volgens de Internationale Astronomische Unie. In andere culturen bestaan (of bestonden in de oudheid) nog vele andere soorten sterrenbeelden.
In China werkt de dierenriem bijvoorbeeld anders. Daar bepaalt het jaar waarin je bent geboren jou teken. Er zijn (net als in de onze) 12 sterrenbeelden in deze dierenriem, maar de jaren lopen niet van 1 januari tot 31 december zoals bij ons, omdat in China de maan het jaar bepaalt.
In het oude Egypte heeft men de tekens van de dierenriem namen gegeven van goden, maar daarover vertellen we meer in het hoofdstuk geschiedenis.

2 De geschiedenis van sterrenbeelden.

Duizenden jaren geleden begon men met het bestuderen van de sterrenhemel. Eerst zagen de mensen alleen losse sterren, maar al snel werd duidelijk dat er vaste patronen in de sterren waren. Patronen die elke nacht weer terugkeerden. Er zijn groepjes sterren die opkomen in het begin van de nacht (in het oosten) en later weer ondergaan (in het westen), maar ook sterren die alleen maar een rondje draaien. Deze sterren staan namelijk (bijna) in het verlengde van de as waarom de aarde draait. Ze heten circumpolaire sterren (want ze draaien om de beide polen heen).
4500 jaar geleden begon men aan deze groepjes sterren namen en betekenissen te geven.

De oude Egyptenaren waren het eerst met namen geven aan sterrenbeelden. Zij dachten dat elk sterrenbeeld een god uitbeeldde, en zo waren er dus 12 belangrijke goden. (Naar de twaalf sterrenbeelden van de dierenriem.) Deze goden waren: Amon-Ra, Anubis, Bastet, Geb, Hapi, Horus, Isis, Noet, Osiris, Sekhmet, Seth en Toth.
In andere culturen werden niet de namen van goden gebruikt, maar bijvoorbeeld die van dieren, fabeldieren of helden.

Aan de hand van sterrenkennis kon men vroeger de positie op aarde bepalen. Dit was natuurlijk vooral handig in de scheepvaart, waar nog geen satellieten en andere meetapparatuur gebruikt kon worden. De kapitein kon ’s nachts toch weten waar het noorden was, met behulp van de poolster.
De namen die wij de sterrenbeelden geven hebben de oude Grieken bedacht, en in de middeleeuwen gaf de astronoom Johannes Hevelius veel sterrenbeelden ook een moderne naam. Hevelius was een instrumentmaker. Hij werd geboren in Polen en leefde van 1611 - 1687. Hij maakte kleine en ook een paar grote telescopen. In 1673 schreef hij een belangrijk boek over sterrenkunde. Hij gaf aan precies acht sterrenbeelden een moderne naam.

Al vanaf het begin van de sterrenkennis is men begonnen met meer betekenis achter de stand van de sterren te zoeken. In het oude Egypte zeiden de astrologen dat als je in het teken van een bepaalde god was geboren, dat je dan bepaalde karaktertrekken van die god zou hebben. Natuurlijk gaat de astrologie van nu veel verder, maar de Egyptenaren maakten een begin.

De Oude Grieken gebruikten de sterrenbeelden vaak in hun mythes. Als er in de mythes goden in dieren veranderden, veranderden zij vaak in dieren van de dierenriem.

In de middeleeuwen werd de astrologie hier in het westen een beetje vergeten, omdat toen iedereen gelovig was, en astrologie was geen geloof. De kerk had alles in zijn macht, en horoscopen hoorden daar niet echt bij. Wel werd er veel onderzoek gedaan naar sterren, maar dat was astronomisch (wetenschappelijk) en niet astrologisch (empirisch).
Vandaag de dag is astrologie echter weer helemaal terug.

3 Wat is een ster?

Als wij het over sterren hebben bedoelen we de lichtpuntjes die we zien door een telescoop of met het blote oog. Wat wij echter zien zijn gloeiende gasbollen (net als de zon) op enorme afstanden van aarde vandaan. Een ster is een gasbol met een immense natuurlijke kernreactor. Hier wordt de energie geproduceerd die de ster laat schijnen. Maar sterren zijn niet onveranderlijk. Iedere ster werd eens gevormd, produceert dan lange tijd energie die hij uitstraalt en zal tenslotte aan zijn einde komen. Dit noemt men de levensloop van een ster. De precieze levensloop van een ster wordt bepaald door de massa. Er bestaan twee kwalificaties voor sterren; je hebt de lichte sterren: zoals de zon en je hebt zware sterren. We gaan iets vertellen over de levensloop van deze sterren.

Lichte sterren
In ons melkwegstelsel bevinden zich ijle gaswolken: interstellair gas. Elk gasdeeltje in zo’n wolk trekt andere gasdeeltjes in haar omgeving aan. Daardoor trekt een deel van de gaswolk samen tot een gasbol. Doordat de deeltjes in de gasbol steeds dichter bij elkaar komen begint de temperatuur te stijgen. Als de temperatuur in de kern de 10 miljoen graden Celsius heeft gepasseerd ontstaan er kernreacties. Waterstofdeeltjes worden omgevormd tot heliumdeeltjes. De energie die hierbij wordt gemaakt zorgt ervoor dat de gasbol niet inkrimpt; een ster is geboren. Gedurende de periode van waterstofomzetting in de kern, is de ster vrij stabiel. De afmeting, temperatuur en helderheid veranderen nauwelijks.
Maar op een gegeven moment raakt de waterstof voorraad in de kern uitgeput. De kernreacties verschuiven dan van de kern naar de schil om de kern (hier is nog wek genoeg waterstof). Hierdoor gaat de buitenste lagen van de ster opzwellen: de ster veranderd in een grote rode bol. Ondertussen stijgt de temperatuur in de kern naar 100 miljoen graden. Hierbij ontstaan nieuwe reacties waarbij helium wordt omgezet in koolstof. Het gevolg is een instabiele periode waarbij de ster krimpt en uitzet. Tenslotte worden de buitenlagen van de ster weggeblazen. De buitenlagen vormen een zogenaamde planetaire nevel. Deze evolutie duurt bij elkaar enkele honderden miljoenen jaren.
Wat er overbleven is, is de kern van de ster, deze heeft ondertussen een enorme dichtheid bereikt. De kern bevat nog steeds een behoorlijk deel van de oorspronkelijke massa maar is zo sterk samengetrokken dat de oppervlakte kleiner is dan die van de aarde. De ster heet nu: een witte dwerg. Een witte dwerg dooft langzaam uit. Het duurt nog 10 miljard jaar tot wij hem niet meer kunnen waarnemen op aarde.

Zware sterren
De evolutie van een ster met een massa die twee keer zo groot is als de zon (zonmassa) verloopt veel sneller. Na een half miljard jaar zwelt de ster op tot een superreus. De temperatuur in de kern kan dan oplopen tot enkele miljarden graden. Hierbij wordt koolstof omgezet tot zuurstof, magnesium, silicium en ijzer. Daarna wordt de ster erg instabiel. De kern stort in elkaar, terwijl de buitenlagen de ruimte in worden geschoten. Dit fenomeen noemen we op aarde een supernova. Door de helderheid van de explosie lijkt het of er een nieuwe ster aan de hemel verschrijnt.
De in elkaar gestorte kern vormt een neutronenster. Neutronensterren zijn nog compacter dan witte dwergen.
Het restant van een ster die groter was dan acht zonmassa’s kan zo compact worden dat zelfs licht er niet meer in slaagt om aan de zwaartekracht te ontsnappen. Van zo’n sterrenrestant kunnen wij dus niets zien. We spreken van een zwart gat.

Dit is dus de levensloop van een ster. Maar dat is niet het enige wat we aan de sterren kunnen zien. Als je met een telescoop naar een ster kijkt kun je zien dat de sterren qua kleur veel van elkaar verschillen. De kleur van een ster verteld ons iets over de temperatuur en zeggen dus ook hoe ver ze al zijn in hun levensloop. Oranje en rode sterren hebben oppervlakten die ongeveer zo heet zijn als die van de zon. De allerheetste sterren zijn echter blauw/ wit.
Als we een ster bekijken met het blote oog dan zie je hem soms twinkelen. Dit heeft echter niks met de ster zelf te maken. Het wordt veroorzaakt door de luchtstromen in de atmosfeer van de aarde. Je kunt dit effect vergelijken met dat van een warme waas boven heet asfalt. Sterren die het dichts bij de horizon staan twinkelen het meest, omdat we hen door de dikste laag van de atmosfeer zien. Heldere sterren flitsen als zij twinkelen vaak kleurrijk van rood naar blauw; deze kleuren zijn het gevolg van breken van het licht door de atmosfeer.


4 Naamgeving van een ster.

Een sterrenbeeld bestaat uit een verzameling sterren. Deze sterren hebben allemaal een naam. Maar hoe hebben ze deze gekregen? In de loop van de eeuwen zijn er vele systemen bedacht en gebruikt. Hierdoor hebben sterren meerdere namen gekregen. Het is daarom soms lastig om ze uit elkaar te houden. Daarom vertellen we op chronologische volgorde iets over het ontstaan van de namen en systemen. Het eerste onderscheid dat we maken is of de waarnemingen zijn gemaakt met het blote oog of met een telescoop. Doordat de waarnemingen met het blote oog zo anders zijn dan die met een telescoop verschillen de systemen erg met elkaar.
Waarnemingen met het blote oog
Eén van de eerste volkeren (waar bekend van is) dat ze namen gaven aan de sterren zijn de Arabieren. Ze gaven de meest heldere of opvallendste sterren aan de hemel een Arabische naam. Deze namen stammen vaak uit de 10e eeuw, de bloeitijd van Arabische astronomie. Toen men zich in het westen ook voor astronomie ging interesseren bleek het al snel ondoenlijk te zijn om alle sterren een naam te geven.
De eerste die met een oplossing kwam Johann Bayer. In zijn systeem uit 1603 kreeg de helderste ster in een sterrenbeeld de eerste letter uit het Griekse alfabet gevolgd door de tweede naamval van de Latijnse naam van het sterrenbeeld. De tweede helderste de tweede letter etc. Bijvoorbeeld: Alpha Centauri is de helderste ster uit het sterrenbeeld Centaurus.

Dit systeem werkte goed maar er was wel een probleem: er zijn maar een bepaald aantal Griekse letters in het alfabet. Flamsteed loste dit in zijn catalogus uit 1725 op door sterren een nummer te geven. Deze is gebaseerd op de positie in hun sterrenbeeld. Ook dit systeem had een probleem: de sterren aan het zuidelijk halfrond die hij niet kon zien hebben geen naam gekregen.
Waarnemingen met de telescoop
Door de steeds betere telescopen waren er ook steeds meer sterren zichtbaar. Ze konden niet meer op de manier van Flamsteed benoemd worden. Er werden nieuwe catalogi en systemen ontwikkeld die zich vaak op één type ster concentreren. Hierdoor overlappen catalogi elkaar en zijn sterren soms wel onder tien verschillende namen bekend. De meeste van deze catalogi benoemen een ster op de volgende manier: XX YYYY. Waarbij XX één of meer letters zijn die staan voor de catalogus en YYYY het nummer van de ster in de catalogus. Zo is de al eerder genoemde Alpah Centauri bekend als SAO 252838. Dat betekent dus de 252838ste ster uit de catalogus van Smithsonian Astropyisical Observatory.
De verschillende systemen die op deze laatste manier zijn gebaseerd veranderen steeds. Er komen steeds nieuwere technieken zodat men meer sterren kan zien en ze ook op verschillende kenmerken kan ordenen. Zo zijn de eerste catalogi uit de 19e eeuw nog niet volledig maar de latere catalogi al wel.

5 Sterrenbeelden en horoscopen.

De kennis van horoscopen wordt astrologie genoemd. Het is de leer die probeert een verband te leggen tussen de stand van de hemellichamen en de gebeurtenissen hier op aarde. Het denkbeeld is: Zo boven, zo beneden. Met andere woorden, wat er met de hemel gebeurt, dat gebeurt ook hier.
Astrologen denken dat ze het karakter van mensen kunnen doorgronden door uit te rekenen in welk sterrenbeeld ze zijn geboren. Dat is een heel lastig karwei, aangezien er wel 88 verschillende sterrenbeelden zijn en je precies moet weten waar en wanneer je bent geboren.
Er is ook een makkelijkere en meer bekende manier om uit te rekenen in welk sterrenbeeld je bent geboren, namelijk aan de hand van de twaalf bekende sterrenbeelden: ram, stier, tweelingen, kreeft, leeuw, maagd, weegschaal, schorpioen, boogschutter, steenbok, waterman en vissen. Om te weten welk sterrenbeeld van deze twaalf een persoon heeft hoef je alleen maar te weten op welke dag hij of zij is geboren. Over astrologie wordt vaak een beetje zweverig gedaan, omdat het nooit is bewezen dat deze manier van gebeurtenissen verklaren ook echt klopt. Astrologie is een empirische wetenschap, die dus vertrouwt op ervaringen en niet op nieuwe wetenschappelijke resultaten. Maar toch geloven veel mensen erin en zij lezen hun horoscoop.
Die wekelijkse of maandelijkse horoscoop werkt zo:

Stel: je bent een kreeft. Een astroloog weet precies wat er gebeurt in het sterrenbeeld kreeft in deze week. Er kunnen bijvoorbeeld verschillende planeten het sterrenbeeld aan de hemel doorkruisen. De astroloog geeft aan alle veranderingen binnen het sterrenbeeld in die week een betekenis die van invloed is op alle mensen met het sterrenbeeld kreeft op de wereld. (voorbeeld: Mars komt door het sterrenbeeld kreeft, dus heeft de kreeft een zeer energierijke week). Meestal is een astroloog tegelijk ook een spirituele persoon. Persoonlijk geloof ik helemaal niet dat een astroloog aan de hand van planeten kan weten wat ik ga doen die week.

We zullen nog even het verschil tussen astronomie en astrologie uitleggen. Zoals gezegd is de kennis van horoscopen astrologie. Dit is dus geen wetenschap, maar een soort empirische kennis. Astronomie is wel een wetenschap. Je kan ook echt een studie astronomie volgen. Astronomie houdt zich bezig met de sterren en planeten, hun veranderingen en hun geschiedenis.

Hier nog de jaarhoroscoop van 2004 van het sterrenbeeld vissen:
De vissen zijn dit jaar volledig op de ander gericht. Of dat nu een liefdesrelatie of een ontmoeting met een wildvreemde is, jij wilt je op zielsniveau verbinden met die ander. De kans bestaat dat je een onrustig jaar krijgt met diepe emotionele dalen en hoge bergen. Deze onrust houd je wel flexibel en alert. Je kunt dit jaar geluk proeven zoals maar weinig mensen dat ooit zullen meemaken. Ook in de werkssfeer zul je vooral vooruit komen als het samen met of op initiatief van iemand anders gebeurt. Het persoonlijke contact wordt in je werk steeds belangrijker voor je en daar ga je ook aan werken. Een goede tijd voor je carrière is april/mei en vooral september.
Vissen met een vaste relatie zoeken hun geluk bij hun partner. Het gevaar bestaat hierbij natuurlijk dat je jezelf verliest. Pas op dat dat niet gebeurt. Je kunt dit jaar heel goed groeien zowel in je relatie als persoonlijk. Laat je partner delen in jouw mogelijkheid je diep te verbinden met anderen. Je zult zien dat je daarvoor liefde en geluk terugkrijgt. Ditzelfde geldt ook en zelfs in nog sterkere mate als je zelf kinderen hebt. Stel je open voor je kinderen. De beste familietijd is direct na de zomer, de moeilijkste voor de zomer.

Van: www.mercurius-astro.com

Samenvatting per hoofdstuk

1 Wat is een sterrenbeeld en welke zijn er?
Een sterrenbeeld is een groepje sterren, dat je ‘s nachts aan de hemel ziet.
In werkelijkheid is dit helemaal geen groepje. De sterren staan niet naast elkaar, de ene kan wel twee keer zover van de aarde afstaan als de andere. Wij zien de sterren gewoon in groepjes. Sterrenbeelden lijken meestal helemaal niet op het dier van hun naam. Volgens het Internationaal Astronomisch Instituut zijn er 88 verschillende sterrenbeelden, waaronder ook de twaalf van de dierenriem.

2 De geschiedenis van sterrenbeelden.
De Egyptenaren gaven als eerste namen aan de sterrenbeelden die ze zagen. 4500 jaar geleden begon men er ook betekenissen aan te geven.
In de oudheid werden sterrenbeelden vaak gebruikt in mythen, ze stelden dan bijvoorbeeld goden voor.
Later zorgden de sterrenbeelden voor de mogelijkheid om te weten waar je was als je ’s nachts op zee zat.
Wij gebruiken voor de sterrenbeelden de namen die de Grieken eraan gaven.

3 Wat is een ster?
Een ster is een gloeiende gasbol met daarin een kern die werkt als een kernreactor. Hier wordt de energie geproduceerd die de ster laat schijnen.
Een ster heeft een levensloop die bestaat uit de vorming, productie van energie en tenslotte komt de ster aan zijn einde.
Er zijn twee kwalificaties sterren: lichte sterren (zoals de zon) en zware sterren. De grootte bepaald de duur van de levensloop.
Sterren hebben verschillende kleuren deze kleur ontstaat door de temperatuur van de ster. De kleur zegt iets over hoe ver de ster al is in zijn levensloop.

4 Naamgeving van een ster
Bij de naamgeving is een onderscheid te maken: waarnemingen dmv het blote oog of waarnemingen dmv een telescoop.
De eerste mensen die sterren een naam gaven waren de Arabieren. Toen astronomie in Europa belangrijk werd zag men een probleem: het was onmogelijk om alle sterren een naam te geven. Johann Bayer was de eerste met een oplossing: hij gaf de sterren een Griekse letter.
Omdat men de telescoop ging gebruiken werden steeds meer sterren ontdekt. Steeds meer catalogi werden gevormd en zo ontstond een nieuw systeem. Sterren zijn benoemd op de volgende manier: XX YYYY. De XX staan voor de letters van de catalogus en YYYY voor het nummer van de ster. Dit systeem wordt tegenwoordig gebruikt.

5 Sterrenbeelden en horoscopen.
De kennis van horoscopen heet astrologie. Het is een empirische kennis, dus niet wetenschappelijk bewezen. Astrologen kunnen aan de hand van de stand van sterren en planeten voorspellen wat er hier op aarde gaat gebeuren. Het uitgangspunt daarbij is: zo boven, zo beneden.
Hier in het westen is de astrologie volgens de tekens van de dierenriem. Ieder mens is geboren in een van de twaalf tekens, en aan de hand van veranderingen in het sterrenbeeld aan de hemel kan worden voorspeld wat er gaat gebeuren met mensen van dat sterrenbeeld.
Astrologie heeft een beetje de naam gekregen van zweverig en spiritueel, maar toch lezen nog heel veel mensen hun wekelijkse of maandelijkse horoscoop.

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.


Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

3256
 

reacties