Cookies..
Door Scholieren.com te bezoeken ga je akkoord met het gebruik van cookies. Klik hier voor meer info.

Diabetes

Biologie

Spreekbeurt

Diabetes

7.1 / 10
  • MiSsY
  • NL
  • 1154 woorden
  • 14236 keer
    38 deze maand
  • 9 maart 2005
Inleiding
Mijn spreekbeurt gaat over Diabetes oftewel suikerziekte.
De volledige naam van Diabetes is Diabetes Mellitus.
Diabetes Mellitus betekent honingzoete doorstroming.
Diabetes is de meest voorkomende chronische ziekte in Nederland. Zo’n 850.000 mensen hebben diabetes.
Er zijn ook veel mensen die niet weten dat ze diabetes hebben.
Het is een ziekte die wordt veroorzaakt aan het tekort van insuline. Op 14 November is de jaarlijkse diabetes dag, daarmee wordt de ontdekker van de insuline “Frederick Banting” herdacht.


Hoe werkt je lichaam, als je wel en als je geen diabetes hebt?
Als je gegeten hebt, worden er voedingstoffen uit het eten gehaald, van koolhydraten wordt de suiker "glucose" gemaakt. Die glucose gaat via je darmen naar het bloed. De glucose moet via je bloed in de cellen van je lichaam komen. Dat is belangrijk om te kunnen bewegen en groeien. De glucose ben je nodig voor de verbranding en energie. De cellen waar die glucose in moet komen zitten zeg maar op slot, dus die moeten eerst open, daar ben je zeg maar een soort sleutel voor nodig, in dit geval is die sleutel insuline.
Insuline wordt gemaakt in je Alvleesklier. Als er glucose in je bloed komt dan maakt de alvleesklier voldoende insuline aan die de cellen opent, zodat de glucose naar binnen kan. Als de cellen genoeg glucose hebben gaat de rest naar de lever, de reserve-opslagplaats. De alvleesklier weet precies wanneer en hoeveel insuline er gemaakt moet worden. Als je diabetes hebt dan maakt je alvleesklier geen insuline aan. Daardoor kan de glucose de cel niet in. Je lichaam krijgt daardoor te weinig energie. Hierdoor zal je bloedsuikergehalte stijgen. De glucose gaat dan gewoon door naar je nieren en dat plas je er weer uit.

Verschillende typen Diabetes
Je hebt verschillende soorten diabetes:
- Type 1
- Type 2
- Zwangerschapsdiabetes

Type 1
Normaal gesproken wordt insuline aangemaakt in bepaalde cellen die zitten in de zogeheten eilandjes van Langerhans in de alvleesklier.

Bij mensen met type 1, zijn deze cellen vernietigd door het eigen afweersysteem. De alvleesklier maakt helemaal geen insuline meer aan. Omdat insuline nodig is om suikers uit het bloed naar de lichaamscellen te brengen, moet je met deze vorm van diabetes iedere dag zelf insuline inspuiten. Type 1 diabetes ontstaat in korte tijd en komt meestal voor bij mensen onder de 30 jaar.

Type 2
Bij type 2 diabetes maakt het lichaam meestal nog wel zelf insuline aan, maar niet genoeg. Of de insuline werkt niet meer goed. Door jarenlang te vet eten, weinig beweging en overgewicht kan het lichaam ongevoelig worden voor insuline. Er wordt dan onvoldoende glucose uit het bloed gehaald. Type 2 diabetes wordt meestal behandeld met tabletten. Die versterken de werking van de spuiten. Soms moet je na verloop van tijd ook insuline gaan spuiten. Deze soort diabetes komt op een steeds jongere leeftijd voor. Vroeger trof het meestal mensen die ouder waren dan zestig. Nu krijgen mensen van in de dertig of in de veertig er al mee te maken.

Zwangerschapsdiabetes
Zwangerschapsdiabetes is een tijdelijke vorm van diabetes die kan ontstaan na de 24e week van de zwangerschap. Dat gebeurt onder invloed van de hormonen die worden aangemaakt tijdens de zwangerschap. Die hormonen remmen de werking van insuline af. Tijdens een normale zwangerschap vangt het lichaam dat op door extra insuline aan te maken. Bij zwangerschapsdiabetes gebeurt dat niet of niet voldoende waardoor het glucosegehalte in het bloed te hoog wordt. Zwangerschapsdiabetes is eigenlijk een soort van type 2 diabetes. Na de bevalling verdwijnt de diabetes heel snel, meestal binnen 24 uur. Zwangerschapsdiabetes komt voor bij ongeveer 3% van alle zwangerschappen. Vrouwen die zwangerschapsdiabetes hebben gehad hebben een kans van 50% op het ontwikkelen van diabetes type 2 op latere leeftijd. Ook het kind heeft een verhoogde kans op diabetes type 2.

Hoe herken je diabetes?

Bij type 1 heb je de volgende klachten:
- vaak dorst en je moet veel plassen
- afvallen zonder dat daar een reden voor is
- ziek en beroerd voelen

Bij type 2 heb je de volgende klachten:
- vaak dorst en veel plassen
- vermoeidheid
- oogklachten
- kortademigheid of pijn in je benen bij het lopen

Type 1 merk je sneller dan type 2 diabetes, er zijn heel veel mensen die type 2 diabetes hebben en dat niet weten.


Mensen die risico lopen om diabetes te krijgen hebben vaak:
- overgewicht
- een gestoorde vetstofwisseling
- familieleden met diabetes
- een hoge bloeddruk
- zwangerschapsdiabetes gehad of een moeder die dat heeft gehad

Wat gebeurt er als je wel diabetes hebt?

Als je wel diabetes hebt veranderd er veel, je moet je leefregels aanpassen. Je moet goed op signalen van je lichaam letten, je moet regelmatig naar een arts om je nieren, voeten, ogen, bloedruk en cholesterol te laten controleren.
Je moet zorgen voor balans in je bloedsuikergehalte.
Je bloedsuikergehalte moet schommelen tussen de 4 en de 8 mmol/l. Mensen die diabetes hebben moeten dus ook meerdere dagen hun glucosewaarden meten, met een vingerprik. Heel veel dingen hebben invloed op dat gehalte: eten, drinken, sporten, stress en emoties, en een griepje. Je kunt daardoor uit evenwicht raken. Je hebt dan een hypo of hyper.
Als je dat soms hebt is dat niet zo heel erg, maar als je dat vaker hebt dan moet je behandeling worden aangepast.
Als je bloedsuikergehalte onder de 4 mmol/l komt dan is er sprake van een hypo, afkorting van hypoglykemie.
Dat kun je merken door:
- zweten
- duizeligheid
- hoofdpijn
- moe
- hongerig
Door wat zoetigs te eten bijv. druivensuiker, een boterham of zoete limonade kun je dit weer verhelpen.
Als je bloedsuikergehalte boven de 10 mmol/l komt is er sprake van een hyper, afkorting van hyperglykemie.
Dat kun je merken door:
- veel plassen
- veel dorst hebben en houden
- vermoeidheid
Door veel te drinken, niks zoets kun je het weer verhelpen.

Er is ook kans op complicaties als je diabetes hebt.
De meest voorkomende zijn:
- oogaandoeningen
- hart en vaatziekten
- nieraandoeningen
- voet problemen
- seksuele problemen

Diabetes is een ziekte die je (nog) niet kan worden genezen.

Mensen met type 1 diabetes moeten zich hun leven lang injecteren met insuline. Dit gebeurt met een insulinepen. Deze pen heeft een naald en een vulling van insuline. De hoeveelheid insuline die je nodig bent hangt af van wat je gaat doen die dag en wat je eet. Je hebt ook snelwerkende en langzaamwerkende insuline. De arts maakt een bahandelingsschema voor je. In het behandelingsschema staan het aantal injecties per dag, welk soort insuline, en de hoeveelheid.

Voor mensen die niet goed kunnen omgaan met insuline prikken is er ook nog een insuline pompje, via dit apparaatje word er telkens een beetje insuline via een klein slangetje afgegeven aan het lichaam.

Mensen met type 2 diabetes zijn meestal te dik, dus de eerste stap in die behandeling is afvallen. Hierdoor kan de insuline meestal zijn werk ook beter doen. Doordat de insuline beter werkt zal je zal je bloedglucose omlaag gaan. Je moet tabletten slikken, die helpen je, om je bloedglucosewaarden tussen de 4 en 8 mmol/l te houden.
Bij sommige mensen werkt er na een poosje de alvleesklier helemaal niet meer, en die mensen moeten alsnog gaan spuiten.

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.

Homo zijn kun je leren! Van bear tot buttplug. Van rimmen tot Hepatitis B. Regisseur Sanne Vogel maakte drie pikante interviewfilms met jonge homo’s. Lees meer...

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

6270
 

reacties