Scholieren.com maakt gebruik van cookies

Scholieren.com gebruikt cookies onder andere om de website te analyseren en te verbeteren, voor social media en om er voor te zorgen dat je voor jou relevante advertenties te zien krijgt. Je geeft, door gebruik te blijven maken van deze website of door op 'cookies zijn ok!' te drukken, aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies op Scholieren.com. Meer weten over deze cookies, klik dan hier.

Cookie-instellingen wijzigen

Functioneel Noodzakelijk voor het functioneren van de website (vereist)
Statistieken Voor analyse doeleinden om de website te verbeteren (vereist)
Social media Voor het laten functioneren van like buttons
Advertenties Om bij te houden welke advertenties je al hebt gezien en hoe vaak

H4: Wie is de mens

Levensbeschouwing

Samenvatting

 
6.4 / 10
71 stemmen van bezoekers
4e klas havo
niveau
  • anoniem
  • NL
  • 1079 woorden
  • 6650 keer
    16 deze maand
  • 21 juni 2006

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.

Samenvatting levensbeschouwing: Wie is de mens.

De mens: is een denkend wezen.

Mensbeeld: doordachte visie of kijk op hoe mensen zijn of horen te zijn.
Er bestaat niet een mensbeeld, omdat alles mensen verschillen. Binnen groepen en culturen zullen de mensbeelden niet al te veel verschillen, ze zijn als het waren een groep zelfdenkende.

Universele verklaring van de rechten van de mens: Deze verklaring bevat veel opvattingen die je aantreft binnen moderne westerse mensbeelden. In deze verklaring staat ook dat mensen ook al hebben ze veel verschillen wezenlijk gelijk zijn.


Etnocentrisme: verschijnsel waarbij men het eigene als maatstaf beschouwt en het vreemde als minderwaardig ervaart.

Vanaf de 18e eeuw werd het belangrijker dat alle mensen als gelijkwaardig werden gezien. Onder de religieuze verschillen enz zat volgens hen de algemene mens. En daarbij was iedereen hetzelfde en dus gelijkwaardig.

Hoofdstuk Plato.


Plato: geboren in 427 voor Christus. Overleden in 347
Socrates: geboren in 470 voor Christus. Verleden in 399 voor Christus.
Xantippe: de vrouw van Socrates.Zij vond dat hij niet genoeg deed om geld te verdienen en daarom moest zij werken en dat wilde ze eigenlijk niet.
Filosoof: bestaat uit het woord: filo = liefhebben en Sofos = wijsheid.

De dood van Socrates was doordat hij dronk uit de gifbeker in 399 voor Christus vanwege zijn redeneringen.

Plato was een vriend van Socrates.
Herinneringen zijn volgens Plato kennis. Volgens Plato is de mens opgebouwd uit twee delen uit een lichaam en de ziel. Ziel bestaat al voor de geboorte. De ziel kent volgens hem ook geen einde en wordt ook opnieuw herboren. Het lichaam ziet hij als een negatief en vind het ondergeschikt ziet het lichaam als een soort kerker waarin de ziel gevangen zit.

Dualisme: Indien bij een mensbeeld een dergelijk tegenstelling tussen ziel en lichaam wordt gemaakt.

Het christelijke mensbeeld.


Christelijk mensbeeld: een mensbeeld vanuit het christendom gezien.
Genesis: een bijbels boek.
Zondeval: De vrouw eet dan van de boom evenals de man. Dit is in tegenstrijd met Gods gebod. De Christenen noemen dit de zondeval.

Dood: de dood komt pas als de mensen zijn eeuwige leven heeft verspild.
Het kwaad: de mens is in opstand gekomen tegen God. En daardoor is het kwade in de wereld gekomen.In plaats dat ze verantwoordelijkheid nemen tegenover elkaar gaan de mensen de fout in.

Moreel wezen: Een mens is een moreel wezel dat 2 kanten kent.Het goede en het kwaad.Dat is de natuur van de mens om deze kanten te hebben.Maar een moreel wezen heeft ook de taak om tegen het verkeerde te vechten.
Maakbaarheid: Mensen zijn niet meer zoals God ze heeft geschapen net als de wereld. Er worden heel erg veel dingen aan de mensen veranderd en ook aan de wereld. Het is niet meer zoals God het heeft geschapen.
Deze mensen vinden ook dat er niet zoveel geëxperimenteerd moet worden.

Thomas Hobbes

Hobbes: de achternaam van de Britse filosoof Thomas Hobbes.
Hobbes leefde van 1588 tot 1679.Toen hij leefde begon net het kapitalisme op te komen.Mensen konden minder rekenen op de gemeenschap en moesten het zelf maar een beetje uitzoeken.

Ongeveer 800 Middeleeuwen.
Renaissance in ongeveer 1500.

Middeleeuwen alles lag vast en de koning stond bovenaan onder God.
1. God
2. Koning’
3. Adel
4. Horigen; arbeiders van het land.
Renaissance:weder geboorte.
Steden kwamen op de boeren trokken naar plekken waar ze bij elkaar kwamen te wonen en daardoor ontstonden de steden.
Er kwam kunst en ook zonder kunst zonder het beeld van God erop.
Nieuwe rijken: het aandeel van de koning en de Adele werd minder.
Wetenschap: Corpernius had ontdekt dat de aarde niet het middelpunt was waar de zon overheen draaide. Maar dat de aarde om de zon draaide.

Galilei heeft deze theorie verder doorgezet en bewees het.
Autoriteiten en staat, kerk kregen minder macht. Mensen kozen er zelf voor om waar te nemen.

Individu: mensen hadden niet meer het gevoel een lid te zijn van een gemeenschap waarvoor je een verantwoordelijkheid draagt. Het betekende ook dat de mensen zelf uitmaakte wat goed was of wat kwaad was, en ze hadden het recht hun individuele mening te geven.

Secularisatie: het terugdringen van geloof in God en de invloed van de kerken, dat minder word.
Volgens Hobbes was de mens gedreven door eigenbelang en is de mens van nature een egoïst. Hobbes was voor een samenleving zonder geweld. Mensen moesten streven naar vrede.
Sociaal contact: Mensen moeten in vrede leven en daarna streven, en daarom moeten de mensen allemaal hun rechten opgeven.
Verstand: doordat mensen hun verstand gebruiken komen ze in contact met anderen.

Karl Marx.


Marx leefde van 1818 t/m 1883. Hij was gevlucht uit Duitsland en leefde het grootste deel van zijn leven in Londen. Hij hield zich vooral bezig met een organisatie voor arbeiders uit Europa.
Hij vond dat er een tweedeling was in de maatschappij. De eerste klasse was de klasse die alles bezitten en de tweede klasse bezat helemaal niets.

Hij was tegen een individualistisch mensbeeld dat Hobbes had. Hij vindt dat mensen geen egoïsten zijn maar dat ze zo zijn opgevoed.
Sociaal: een maatschappij waarin de fabrieken van alle mensen zouden zijn en de producten van de arbeid rechtvaardig verdeeld zou moeten worden.
Vervreemdeling: volgens Marx is de egoïstische mens vervreemd van wat hij in wezen is. Hij is vervreemd van zijn sociale natuur.
Arbeid: volgens Marx is de mens een arbeidend wezen, en dat is door arbeid verwerkelijkt.

Jean Paul Sartre


Jean Paul Sartre leefde van 1905 tot 1980
Hij wordt beschouwd als een van de grootste denkers van de 20e eeuw.
Hij schreef ook boeken: romans en ook toneelstukken. Leefde samen met de feministe Simone de Beauvoir. Ook mengde hij zich in politieke conflicten en protesteerde tegen de Franse bezetting van Algerije in de Vietnam oorlog.


Sartre vindt de mens een vrij wezen.Een wezen dat steeds zelf moet kiezen. Daarin verschilt de mens ook in alles wat er verder bestaat op de wereld.
Bij de geboorte is een mens volgend hem nog blanco (onbepaald). Datgene wat de mens na verloop van tijd is dat hij van zichzelf heeft gemaakt. Vrijheid is het meest wezenlijke kenmerk van de mens. In tegenstelling tot een dier dat zich laat lijden door zijn-haar instincten. Volgens Sartre is een mens ook vrij om te weigeren. Moeten bestaat volgens hem ook niet. Je bent vrij om zelf een keuze te maken.

 

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

 

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

1941
 

reacties