reacties van stoffen

Scheikunde

Samenvatting

Chemische reacties

5.9 / 10
3e klas vwo
  • MadLon
  • NL
  • 671 woorden
  • 9601 keer
    158 deze maand
  • 3 maart 2005
Scheikunde H4 REACTIES

PAR. 1. ontleding van stoffen.
• Een scheikundige reactie waarbij een stof wordt ontleed, heet een ontledingsreactie.
Voor een ontledingsreactie is meestal energie nodig.
Bij een ontledingsreactie ontstaan er uit ιιn beginstof twee of meer eindstoffen.
- Een ontledingsreactie d.m.v. warmte heet een thermolyse.
- Een ontledingsreactie d.m.v. licht heet een fotolyse.
- Een ontledingsreactie d.m.v. elektrische energie heet een elektrolyse.
• Een reactieschema geeft in het kort weer, wat er bij een reactie gebeurt.
- Het reactieschema voor de thermolyse van suiker is:
- suiker →→→ koolstof + waterdamp + brandbaar gas.
(vast) warmte (vast) (gasvormig) (gasvormig)
• Een ontleedbare stof kun je ontleden in andere stoffen.
• Een niet-ontleedbare stof kun je niet ontleden in andere stoffen.

PAR. 2. atoomsoorten.
• Verbinding = meerder moleculen aan elkaar vast.
Een verbinding is een ontleedbare zuivere stof.
• Enkelvoudige stof = bestaan uit precies ιιn atoomsoort.
Een enkelvoudige stof is een niet-ontleedbare zuiver stof.
• Er zijn ongeveer 100 verschillende atoomsoorten.

Enkelvoudige stof: metaal
Atoomsoort: Symbool: Enkelvoudige stof: niet-metaal
Atoomsoort: Symbool:
Aluminium Al Argon Ar
Barium Ba Broom Br
Cadmium Cd Chloor Cl
Calcium Ca Fluor F
Chroom Cr Fosfor (phosphorus) P
Ijzer (ferrum) Fe Helium He
Goud (aurum) Au Jood (iodium) I
Kalium K Koolstof (carboneum) C
Koper (cuprum) Cu Neon Ne
Kwik (hydrargyrum) Hg Silicium Si
Lood (plumbum) Pb Stikstof (nitrogenium) N
Magnesium Mg Waterstof (hydrogenium) H
Mangaan Mn Zuurstof (oxygenium) O
Natrium Na Zwavel (sulphur) S
Nikkel Ni
Platina Pt
Tin (stannum) Sn
Zilver (argentum) Ag
Zink Zn

• alliage = een legerning (= mengsel van metalen)


PAR. 3. de verbranding.
• Brandstoffen zijn energiebronnen. In brandstoffen is er chemische energie opgeslagen.
• Bij een verbranding komt die energie vrij in de vorm van warmte (= thermische energie). En de warmte kan je weer omzetten in een andere energiesoort.

Een verbranding is een reactie met zuurstof.
Reactieschema: brandstof + zuurstof → verbrandingsproduct(en).
• Bij een volledige verbranding van koolstof ontstaat er koolstofdioxide.
Reactieschema voor de volledige verbranding van koolstof:
koolstof + zuurstof →→ koolstofdioxide.
(vast) (gasvormig) (gasvormig)
• Elke verbinding heeft zijn eigen molecuulsoort. Alleen als de verbinding verandert, ontstaan er andere moleculen. Verschillende verbindingen hebben een verschillende molecuulsoort.
• Bij elke scheikundige reactie geldt:
- Er ontstaan gιιn nieuwe atomen en er verdwijnen geen atomen.
- De al aanwezige atomen worden opnieuw gegroepeerd.
- Vσσr en na de reactie zijn er van elke atoomsoort evenveel atomen.
Doordat er een hergroepering van atomen is, ontstaan er andere molecuulsoorten en dus andere stoffen.

PAR. 4. luchtverontreiniging |
• Zuivere lucht is een mengsel van gassen
- 78vol.% stikstof.
- 21vol.% zuurstof.
- 1vol.% andere gassen (waterdamp en koolstofdioxide).
• Smog = rook, mist
• Manieren van luchtverontreiniging door:
- Het verbranden van brandstoffen.
- De industrie.
• Een onvolledige verbranding ontstaat, als er te weinig zuurstof is voor een volledige verbranding.
Bij een onvolledige verbranding ontstaat er minstens ιιn stof die nog verder kan verbranden.
• Koolstofdioxide CO2: de brandstof is volledig verbrand.
• Koolstofmono-oxide CO: de brandstof is onvolledig verbrand.
• Roet C: de brandstof is nog onvollediger verbrand.
• Bij onvolledige verbranding van een koolstofhoudende brandstof ontstaat het zιιr giftige koolstofmono-oxide en meestal ook nog roet.
Koolstofmono-oxide en roet verontreinigen de lucht.
• Organische brandstoffen bestaan uit een groot aantal verbindingen, die de atoomsoorten koolstof en waterstof bevatten. Sommige daarvan bevatten ook de atoomsoort zwavel.
Bij verbranding van een zwavelhoudende brandstof ontstaat er zwaveldioxide. Zwaveldioxide is een stof die voor luchtverontreiniging (zure regen) zorgt.
• Stikstofoxiden, NOx ontstaan:
- Bij hoge temperatuur door reactie van zuurstof en stikstof uit de lucht.
- Door het uitrijden van mest.
NOx zorgt voor luchtverontreiniging (zure regen).

PAR. 5. luchtverontreiniging ||
• De overheid
- moet zorgen voor goede wetten die de verontreiniging aan banden legt.
- moet controleren of die wetten ook nageleefd worden en zonodig maatregelen nemen.
• Afval
- wordt gerecycled (opnieuw gebruikt).
- komt in het milieu.
- wordt verbrand. (De verbrandingsproducten komen in de lucht terecht. De verbranding van veel producten veroorzaakt luchtverontreiniging).
• Door bepaald afval, zoals papier en glas, op de juiste manier in te zamelen kan dat afval vaak gerecycled worden. Dit is gunstig voor het milieu en het spaart grondstoffen.
Bij het verbranden van bepaald afval ontstaat milieuvervuiling.
Chemisch afval zoals lege batterijen, restjes medicijnen, verf en olie moeten op de juiste plaats ingeleverd worden.
• Door zuinig met brandstoffen en grondstoffen om te gaan spaar je het milieu.
• Koolstofdioxide is niet giftig gas en hoort van nature in het milieu. Koolstofdioxide speelt eigenlijk een dubbelrol:
1. Koolstofdioxide is nodig voor de productie van voedsel en zuurstof.
2. Koolstofdioxide is ιιn van de oorzaken van het broeikasteffect.
Het bladgroen van planten zet koolstofdioxide en water om in zuurstof en glucose. Voor de omzetting is licht nodig. Reactieschema:
koolstofdioxide + water →→ glucose + zuurstof.
licht
Deze reactie staat bekend de koolstofassimilatie.
• Luchtverontreiniging is een probleem dat internationaal moet worden aangepakt.

EXTRA.
• Zure regen wordt veroorzaakt door de volgende gassen:
- SO2 Zwaveldioxide (uitlaatgassen)
- NH3 Ammoniak (komt uit mest)
- NOx → x = 1 NO (= stikstofmono-oxide) } uitlaatgassen
→ x = 2 NO2 (= stikstofdioxide) } uitlaatgassen
• Broeikaseffect wordt veroorzaakt door vooral CO2 → ontstaat als je koolstofverbindingen verbrandt.

Temperatuur stijgt → meer woestijn.
→ zeewater stijgt.
• Gat in de ozonlaag wordt veroorzaakt door ClFC (= chloorfluorkoolstoffen)(CF2 Cl2).

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.


Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

5268
 

reacties