Heroine

ANW

Praktische opdracht

Heroïne

Heroïne en de gevolgen

Inhoudsopgave


Inleiding
Hoofdstuk 1: Vraagstelling
Hoofdstuk 2: Drugs in het algemeen
Hoofdstuk 3: Heroïne in het algemeen
Hoofdstuk 4: Hoe word heroïne gemaakt?
Hoofdstuk 5: De structuur formule van Heroïne
Hoofdstuk 6: Welke reacties vinden plaats in het lichaam bij heroïne gebruik
Hoofdstuk 7: Wat gebeurt er in het zenuwstelsel van een heroïne gebruiker?
Hoofdstuk 8: Kenmerken bij een heroïne gebruiker
Hoofdstuk 9: Afkicken
Hoofdstuk 10:Planning
Hoofdstuk 11:Bronvermelding
Slotwoord

Inleiding

Voor onze praktische opdracht Algemene Natuur Wetenschappen hebben wij gekozen voor het onderwerp heroïne.

Aangezien heroïne een uitstrekkend gebied betreft kan het in veel verschillende deel onderwerpen uitgesplitst worden, wij hebben voor de volgende deelonderwerpen gekozen. (zie H.1: De vraagstelling)
Wij zullen op onze gekozen deel onderwerpen dieper ingaan dan op het algemene stuk, toch vonden wij dat we er een algemeen stuk in moesten maken voor een betere opbouw van ons werkstuk.
Wij vonden het niet erg om aan onze opdracht te werken omdat wij een onderwerp hebben gekozen wat ons der mate interesseerden dat wij zelfs meer kennis hebben opgedaan dan we verwerkt hebben in ons werkstuk.
Voor ons werkstuk hebben we de inhoud beperkt tot vooral de lichamelijke aspecten van heroïne.
De kennis die we wel verworven hebben maar niet totaal verwerkt bestaat uit de geestelijke aspecten die heroïne met zich meebrengt.
Wij vonden namelijk dat als we het onderwerp te breed zouden maken dat ons werkstuk wel veel, maar te oppervlakkige informatie zou weergeven.
Wij wilden dit voorkomen, hierdoor hebben wij een specifiek gedeelte uitgekozen om dieper op de gegeven informatie in te kunnen gaan.
Wij hebben voor ons specifieke gedeelte gekozen voor de lichamelijke aspecten, omdat dit beter aansluit op het vak ANW dan de geestelijke aspecten.

Wij vonden het maken van onze praktische opdracht best te doen.
Wij hopen dat we u kunnen vermaken tijdens het lezen van ons werkstuk.

Hoofdstuk 1: Vraagstelling

Algemeen:
Dit gedeelte gaat over drugs in het algemeen.
Bijvoorbeeld: “Wat doen drugs?”, “Wat zegt de wet?” en “Wat doet de overheid?” en nog veel meer.
Het algemene gedeelte hebben wij gemaakt zodat er een betere opbouw in ons werkstuk ontstond en het duidelijker en overzichtelijker werd. (zie H. 2 Drugs in het algemeen)

Specifiek:
Dit gedeelte beslaat het grootste gedeelte van ons werkstuk, omdat dit het belangrijkste gedeelte is.
Onze vraagstelling heeft dan ook betrekking op dit gedeelte.
Onze vraagstelling luidt:
“Hoe is de stof heroïne opgebouwd en wat zijn de effecten van heroïne in het lichaam op zowel cellulair gebied als op het gebied van de organen?”

Hoofdstuk 2 : Drugs in het algemeen

Inleiding
Veel mensen zijn bang voor drugs. Dat is jammer. Want die angst voor het onbekende (dat is het namelijk vaak) laat weinig ruimte voor gezond verstand over.
Maar des te meer voor paniekreacties. Dat maakt het denken en praten over drugs extra moeilijk. De beste manier om die angst kwijt te raken is zo veel mogelijk aan de weet te komen. Over drugs zelf, waar ze vandaan komen, wie ze gebruiken, wat de risico’s zijn en hoe je problemen kunt voorkomen.

Wat doen drugs
Als we kijken naar wat drugs doen, dan hebben alle drugs gemeenschappelijk dat het stoffen zijn die de hersenen op een bepaalde manier prikkelen. Die hersenprikkels veroorzaken op hun beurt allerlei geestelijke en lichamelijke effecten. Deze effecten kunnen we onderverdelen in drie categorieën.

1. Stimulerend: Bij gebruik van deze middelen krijgt de gebruiker het gevoel meer energie te hebben en alerter te zijn. Voorbeelden van middelen met een stimulerende werking zijn: Cocaïne, amfetamine (speed) maar ook tabak en koffie.
2. Verdovend: Hierbij krijgt de gebruiker het effect van een slaperige roes. Door de kalmerende en ontspannende werking worden de scherpe kantjes van het leven iets minder scherp of zelfs volledig weggedrukt. Voorbeelden van middelen met een verdovende werking zijn: heroïne en andere opiaten, maar ook alcohol en slaapmiddelen.
3. Bewustzijnsveranderend: Bij het gebruik hiervan veranderen de stemming en waarneming: de wereld ziet er (heel) anders uit. Voorbeelden van middelen met een bewustzijnsveranderende werking zijn: LSD, paddo’s en andere tripmiddelen.

Dit onderscheid naar werking is niet altijd even duidelijk te zien. Sommige middelen hebben een “gemengd” effect.
Bijvoorbeeld de stof XTC. XTC is enerzijds oppeppend en verandert anderzijds de waarneming; hasj en wiet kunnen bewustzijnsveranderend en versuffend verwerkend.

Wat zegt de wet
De wet maakt echter een ander onderscheid. In de zogenaamde Opiumwet opgenomen zijn alle middelen die als drugs worden beschouwd. Het zijn voor een groot deel de illegale middelen waar de meeste mensen aan denken waar de meeste mensen aan denken bij het woord drugs. De meeste van deze middelen worden toegepast in de geneeskunde.
Bij verkeerd gebruik vormen zij een risico voor de gezondheid.

Op lijst 1.
Op lijst 1 van de Opiumwet staan middelen waarvan de overheid vindt dat ze een onaanvaardbaar risico meebrengen. Dat zijn bijvoorbeeld: heroïne, cocaïne amfetamine, LSD en XTC.
Op lijst 2.
Op lijst 2 staan hennepproducten (hasj en wiet) en slaap/kalmeringsmiddelen zoals Valium en Seresta. De risico”s hiervan worden minder groot geacht dan van de middelen op lijst 1.
Productie, handel van alle middelen is verboden.
Voor de middelen op lijst 1 gelden zwaardere straffen dan voor die op lijst 2.
Politie en justitie pakken grootschalige productie en (grensoverschrijdende) handel streng aan.
Bezit van kleine hoeveelheden voor eigen gebruik wordt niet met voorrang opgespoord en vervolgd, zelfs al gaat het om middelen van lijst 1.

Wat is het verschil tussen harddrugs en softdrugs
De middelen op lijst 1 worden in de omgang harddrugs genoemd. Hasj en wiet zijn softdrugs.
Harddrugs kennen -volgens de wet- dus een groter risico dan softdrugs en dat uit zich in de strafmaat. Slaap/kalmeringsmiddelen nemen een uitzonderingspositie in, omdat ze op recept worden uitgeschreven en niet snel uit experimenteerdrang worden gebruikt.

In de werkelijkheid ligt het minder zwart wit. Er zijn gebruikers van softdrugs dat je dat hard mag noemen.
Omgekeerd komt ook wel voor, hoewel soft gebruiken van harddrugs voor de meeste mensen moeilijk vol te houden is.

Hoe gemakkelijk raak je aan de drugs
Hoe gemakkelijk je aan de drugs raakt, hangt niet alleen van de werking van de drugs af maar ook van de persoonlijkheid en de omgeving van de gebruiker.
De beweegredenen om te gebruiken spelen bijvoorbeeld ook een rol: Gebruiken omdat je je rot voelt dan gebruiken waarneer je lekker in je vel zit daarnaast maakt het uit hoe ontvankelijk iemand is voor wat een drug voor hem of haar kan doen.

· Drempel: Daarbij is het wel zo, dat de drempel bij illegale drugs bij vele hoger zal zijn dan bij middelen als alcohol of medicijnen. Gebruik daarvan wordt gemakkelijker geaccepteerd. Dit kan gezien worden als een risico: meer mensen zullen het gebruiken en daardoor is de kans op problemen groter.
· Eenmalig gebruik: Geen enkel drug leidt bij eenmalig gebruik tot afhankelijkheid. Geheel willoos aan de drugs raken is dus uitgesloten.

· Komt harddrugs na softdrugs: Gebruik van softdrugs leidt niet automatisch tot gebruik van harddrugs. Wel kan iemand op een harde (meer dan matige) manier softdrugs gebruiken. Dat kan de wereld van de harddrugs dichterbij brengen. Want verkoopkanalen overlappen elkaar soms, een enkele hasj dealer zal ook best wel eens cocaïne, speed of XTC verkopen. In koffieshops, waar geen harddrugs verkocht mogen worden, zal dit minder snel gebeuren. De politie oefent hier strenge controle op uit.

Hoe verslavend zijn drugs
Je kunt onderscheid maken tussen lichamelijke en geestelijke afhankelijkheid.

Lichamelijke afhankelijkheid:
We spreken van lichamelijke afhankelijkheid, als het lichaam protesteert als met het gebruik van een middel wordt gestopt (ontwenningsverschijnselen). Een ander lichamelijk verschijnsel is tolerantie.
Dit betekent dat je bij regelmatig gebruik steeds meer nodig hebt om hetzelfde effect te voelen. Tolerantie en lichamelijke afhankelijkheid zijn verschijnselen die worden veroorzaakt door het middel. Er zijn middelen die beide verschijnselen met zich meebrengen.

Geestelijke afhankelijkheid:
Geestelijke afhankelijkheid houdt in dat de gebruiker het idee heeft niet goed te kunnen functioneren zonder het middel en dus steeds het middel opnieuw wil gebruiken.
In feite kun je geen onderscheid maken tussen drugs die geestelijk verslavend zijn en drugs die dat niet zijn, want dat verschijnsel is aanwezig bij alle drugs!
Maar of geestelijke afhankelijkheid optreed ligt veel meer aan de gebruiker dan aan het middel.
De vraag is: hoe graag, hoe vaak en in welke mate de gebruiker het effect van een bepaald middel wil ervaren.
Toch is in de praktijk wel vast te stellen dat de ene drug tot minder verslavingsproblematiek leidt dan de andere drug, waardoor dat dan ook mag komen.

Wat zijn de risico’s?
Het is als spelen met vuur: elk drug gebruik brengt een zeker risico met zich mee het feit dat je er lichamelijk en geestelijk afhankelijk van kunt worden, speelt daarbij een grote rol.
De risico’s zijn onder te verdelen in risico’s op korte en lange termijn.

Risico’s op korte termijn:
· Het effect van veel drugs is voor een groot deel afhankelijk van de conditie en de stemming van de gebruiker op dat moment. Meestal wordt de heersende stemming versterkt

· De effecten kunnen heel anders uitpakken dan de gebruiker verwacht. Onvrede kan omslaan in diepe neerslachtigheid. Angst kan omslaan in paniek.

· Druggebruik brengt daarom een extra risico met zich mee voor mensen die geestelijk kwetsbaar zijn.

· Ook lichamelijk kan een drug verkeerd vallen. Dit kan zich uiten in misselijkheid of braken.

· Drugs is af te raden tijdens de zwangerschap, de werkzame stoffen kunnen doorgegeven worden.

· Een risico waar veel over gesproken wordt is dat van een overdosis: een dodelijke hoeveelheid van een bepaald drug.

· Wat vaker voorkomt, is dat iemand iets anders inneemt dan hij verwacht of (ontwetend) een combinatie van stoffen inneemt die elkaars werking versterken.

· Tenslotte kan de wijze van toedienen risico’s inhouden. Door het gebruik van elkaars injectie spuiten bestaat er het risico van besmetting. AIDS en Hepatitis kunnen op deze manier verspreid worden.

Risico’s op lange termijn:
· Bij langdurig gebruik is vaak sprake van moeten gebruiken, of te wel van afhankelijkheid. Schade aan lichaam en geest kan op lange termijn groot zijn.

· Deels wordt die veroorzaakt door de inwerking van de drugs zelfs. Bepaalde organen kunnen overbelast en beschadigd raken.

· Geestelijk kan ook iets dergelijks plaats vinden.

· Tenslotte: het is goed mogelijk dat op lange termijn risico’s spelen die nu nog niet volledig bekend zijn, bijvoorbeeld de mate waarin hersenbeschadiging optreed door gebruik van XTC.

Hoofdstuk 3: Heroïne in het algemeen

Wat is heroïne?
Heroïne is een drug. Het behoort tot de opiaten: stoffen die uit de Papaver (Latijn: Papaver somniferum) worden gehaald. Door de onrijpe zaadbal in te kerven en het vrijkomende melksap in te drogen ontstaat ruwe opium. Uit die ruwe opium kan morfine worden gehaald. En uit die morfine kan via een chemische bewerking heroïne worden gemaakt.
In het laboratorium kan zuivere heroïne worden gemaakt. Maar in de praktijk is heroïne nooit in die sterkte te koop. Want als het uiteindelijk de gebruiker bereikt is het door de opeenvolgende handelaren vermengt met allerlei andere stoffen. Zoals cafeïne, paracetamol, suikers, zetmelen of stophoest. Ook vermenging met gevaarlijke stoffen komt voor. In Nederland varieert het heroïne gehalte van de straat heroïne van 20 tot 80 procent.
Het varieert in uiterlijk van grof wit poeder tot geel bruine brokjes.
Heroïne wordt ook wel bruin, smack of horse genoemd.

Waar komt heroïne vandaan?
Drieduizend jaar voor het begin van onze jaartelling werd in het huidige Zwitserland al Papaver geteeld. En in de derde eeuw voor Christus maken de Grieken melding van Opium.
In de achttiende eeuw werd het roken van opium in veel Aziatische landen een wijdverbreide gewoonte. De handel in opium vormde een belangrijke inkomensbron voor de koloniale mogendheden, waar onder ook ons land.
Opium was ook in Europa makkelijk te krijgen, maar tot grote problemen leidde dat niet. In het begin van de negentiende eeuw werd ontdekt dat morfine de werkzame stof in opium is.
Sinds het begin van de twintigste eeuw mag morfine uitsluitend voor medische doeleinden als pijnstiller worden gebruikt. Dit vanwege het verslavingsrisico.
Heroïne werd voor het eerst in 1898 gemaakt.
Het werd verkocht als sterke pijnstiller, als medicijn tegen TBC, hoest en morfine verslaving!
Toen bleek dat heroïne nog verslavender is dan morfine, werd het medisch gebruik van heroïne in de meeste landen geleidelijk stop gezet.
De eerste verboden werden afgekondigd in 1914. Dit maakt heroïne interessant voor de drugs handel, waar het opium en morfine verdrong.
Internationaal werd het verbod pas definitief geregeld in 1961. In 1972 verscheen heroïne grootschalig op de Europese drugsmarkt.

Hoe wordt heroïne gebruikt?
Heroïne wordt meestal gechineesd of gespoten. Bij chinezen wordt heroïne poeder op een stukje aluminiumfolie gelegd en verhit. De vrijkomende dampen worden door een kokertje opgezogen en komen zo rechtstreeks in de longen terecht.
Spuiten: het heroïnepoeder wordt op een lepel of blikje gelegd, opgelost in water en zuur (ascorbinezuur of citroensap) en dan verhit. De oplossing wordt in een injectie spuit getrokken en in een bloedvat gespoten. In Nederland is chinezen de meest voorkomende manier van gebruik. Het percentage spuiters is sterk gedaald, tot minder van een kwart gebruikers. Dat heeft vrijwel zeker te maken met de risico’s van het spuiten.
Overdracht van AIDS door het gebruik van vuile spuiten is daarvan de belangrijkste. Heroïne kan ook worden gesnoven of, vermengd met tabak, worden gerookt.

Wie gebruiken het?
Het aantal heroïne gebruikers in Nederland ligt volgens schattingen tussen de 25.000 en 28.000.
De laatste jaren komen er steeds minder gebruikers bij. In de ogen van de meeste mensen, ook jongeren, is het een drug voor losers.
Heroïne is een verleidelijk drug voor mensen die problemen hebben, omdat het alles verdooft.
Ze gaan er niet echt op vooruit integendeel: heroïne gebruik leidt op zich al snel tot nieuwe problemen. De markt voornamelijk in criminelen handen. De prijs van heroïne is daardoor hoog. Het valt niet mee dagelijks aan de benodigde hoeveelheid te komen. Een deel van de gebruikers ziet zich daarom gedwongen om langs criminelen weg aan geld te komen op basis van gegevens van voornamelijk de politie is de schatting dat 33% van de arrestanten aan drugs verslaafd is (1998). De meeste heroïne gebruikers gebruiken ook andere middelen zoals cocaïne, alcohol, hasj en geneesmiddelen die een bepaalde roes veroorzaken. Het gebruik van meerdere middelen wordt polydruggebruik genoemd.

Hoofdstuk 4: Hoe word heroïne gemaakt?

Papaver somniferum
Heroïne behoort tot de opiaten. Opiaten zijn stoffen die uit de Papaver somniferum worden gehaald. De officiële Nederlandse naam voor Papaver somniferum is slaapbol, maar in sommige streken wordt het ook wel aangeduid als blauw maanzaad of maankop.
De plant Papaver somniferum is te herkennen aan vier losse kroonbladeren, die bleekpaars of witachtig van kleur zijn en aan een bloem, die vrij groot is. Soms wel tien cm doorsnede.
Nadat de bloem is uitgebloeid verandert de kleur van de stengels en bladeren, zij worden namelijk blauwgroen, en wordt de bloem een ronde zaaddoos, die bij rijpheid wel een doorsnede heeft van ongeveer vijf cm.
Van Papaver somniferum heb je uitgestrekte velden. Toch behoort Papaver somniferum waarschijnlijk niet tot onze oorspronkelijke flora, maar is sinds de oudheid hier gekweekt en wordt hier nu verwilderd aangetroffen. (waarschijnlijk ligt die oorsprong in klein Azië)

Niet alleen voor de opium wordt de Papaver somniferum gekweekt, maar ook voor het verkrijgen van maanzaad. Deze smaakstof is te vinden op allerlei soorten brood, bijvoorbeeld op maanzaadbollen.

Om opium te verkrijgen wordt het melksap van de Papaver somniferum gebruikt.
Door het onrijpe vruchtbeginsel in te kerven ontstaan druppeltjes melksap die aan de lucht drogen en dan bruin verkleuren.
In de buurt van Papaver velden ligt meestal een klein primitief fabriekje.
In dat fabriekje wordt dan uit het melksap van de plant morfine geïsoleerd.
Morfine is een witte zuivere stof gedoopt naar Morpheus, de god van de dromen.
De reden dat dit vlak bij het veld gebeurt is dat morfine ongeveer 1/10 van het volume van opium heeft, zodat het transpoort vereenvoudigt wordt en de kans op ontdekking bij smokkel verkleind wordt.

Morfine bereiding uit Papaverplant
De bereidingswijze van morfine uit ruwe opium is een betrekkelijk eenvoudige procedure. De bereiding van Heroïne uit morfine is een veel ingewikkelder proces.

De bereiding van morfine uit ruwe opium gaat als volgt:

· De opium, stoffen die uit de Papaver zijn gehaald, worden onder verdurend roeren, opgelost in heet water.

· Op een gegeven moment wordt een kalkhoudende kunstmeststof toegevoegd. Als gevolg daarvan slaan organische bestanddelen neer en lost de morfine op in het kalkwater. Dat de organische bestanddelen neerslaan, komt omdat ze slecht oplosbaar zijn in water.

· Het geheel wordt vervolgens gefiltreerd door een flanellen doek. Het kalkwater met daarin de opgeloste morfine gaat door de doek heen, het filtraat. En de vaste bestanddelen blijven achter, het residu.

· De oplossing wordt opnieuw verhit en geroerd, waarbij geconcentreerde ammonia wordt toegevoegd, als gevolg daarvan slaat morfine neer.

· Als men nu weer filtreert blijven er witte morfine deeltjes achter.

· Wanneer de morfine deeltjes nu gedroogd worden is de morfine klaar om verhandelt te worden of om er heroine van te maken.

Heroïne bereiding uit morfïne
Voor heroïne is een beter laboratorium en meer vakmanschap noodzakelijk dan bij morfine.

De bereiding van heroïne uit morfine gaat als volgt:

· Om te beginnen moet morfine samen met azijnzuur gedurende zes uur verhit worden bij een temperatuur van exact 185F. Er ontstaat dan een zeer onzuivere vorm van diacetylmorfine (diacetylmorfine is de scheikundige benaming voor heroïne)

· Dit product wordt opgelost in water met chloroform, als gevolg daarvan slaan de onzuiverheden neer, zodat er een hogere concentratie diacetylmorfine ontstaat.

· Door toevoeging van natriumcarbonaat slaan de ruwe heroïnedeeltjes neer op de bodem.

· Doormiddel van een zuigpompje kunnen de heroïnedeeltjes uit de natriumcarbonaat oplossing gefiltreerd worden.

· Vervolgens worden de heroïne deeltjes gezuiverd in een oplossing van alcohol en actieve kool.

· Het zo ontstane mengsel wordt verhit tot de alcohol begint te verdampen. Dat zal zijn bij 351K (78˚C). Daarna blijft er op de bodem relatief zuivere heroïnekorrels achter.

· De laatste zuiveringsprocedure wordt gedaan met ether en zoutzuur. Waarbij door een speciaal filteringproces 80% tot 99% zuivere heroïne wordt verkregen. (Bekend als heroïne nr. 4)Vooral deze laatste stap is riskant, want bij het filteringproces verdampt de ether en deze etherdampen zijn met lucht vermengd ontplofbaar.

De zuivere heroïne wordt langs verschillende smokkelroutes over de hele wereld vervoerd.
Op de plaatsen van consumptie wordt heroïne door verschillende tussenhandelaren steeds verder versneden, bijvoorbeeld met melksuiker of maagzout, zodat tenslotte op straat niet al te sterke heroïne wordt verkocht. De sterkte kan dus wisselen.

Heroïne verslaving is niet los te zien van drie factoren:
1. Het isoleren van de zuivere morfine waardoor de werking krachtiger word.
2. De mogelijkheid om de stof te injecteren waardoor de werking sneller begint.
3. Het omzetten van morfine in heroïne waardoor de werking nogmaals krachtiger wordt.

Hoofdstuk 5: De structuurformule van heroïne

Heroïne [561-27-3]

Synoniemen van heroïne:
· Diacetate (ester)
· Diacetylmorfine
· Diamorfine

Opmerkingen over de structuur tekening:

1. Streepjes zijn bindingen tussen 2 moleculen. Twee parallellen streepjes zijn dus een dubbele verbinding.
2. Een koolstof atoom ( letter C) zit op plaatsen waar twee of meerdere streepjes bij elkaar komen.
3. Andere moleculen dan Koolstof worden met een letter aangegeven. Bijvoorbeeld: O is een zuurstof atoom.
4. Waterstof atomen (letter H) worden helemaal niet aangegeven, maar zitten overal waar een koolstof atoom minder dan vier streepjes heeft.
5. Wij hadden opgezocht dat de formule van heroïne C21H23NO5
6. Nadat wij Koolstof, waterstof, stikstof en zuurstof atomen in de tekening hebben gezet kwamen wij tot de conclusie dat de formule C21H23NO5 juist is.

Smeltpunt˚C Kookpunt˚C Oplosbaarheid (per Liter/25˚C)
173 273* 600 milligram

*)Bij druk van 12 mm HG (kwikdruk ook wel 1Pa in dit geval)

Het gewicht van de formule C21H23NO5 is 369.4 u (u betekent; Atomaire massa eenheid en u weegt 1,66 maal 10 tot de macht –27 kg.

Hoofdstuk 6: Welke reacties vinden plaats in het lichaam bij heroïne gebruik?

Toediening van heroïne
Chinezen:
Bij chinezen wordt heroïne poeder op een stukje aluminiumfolie gelegd en verhit. De vrijkomende dampen worden door een kokertje op gezogen en komen rechtstreeks in de longen terecht. Gesnoven heroïne komt in de longblaasjes terecht. Vanuit daar worden stoffen uitgewisseld met het bloed dat in de haarvaten zit. De haarvaten bevinden zich in een netwerk om de longblaasjes. Voor het verloop van een goede stofwisseling van bloed en longen, heeft het haarvaten netwerk een groot oppervlakte en hebben de haarvaten een dunne wand, ze hebben namelijk alleen een endotheellaag.

Men merkt na 4 uur het resultaat.

Spuiten:
Bij spuiten wordt de heroïne op een lepel of blikje gelegd,
opgelost in water en zuur (ascorbinezuur of citroensap)
en dan verhit. De oplossing wordt in een injectiespuit
getrokken en in een bloedvat of in de huid gespoten.
Als het in de huid wordt gespoten, komt het via het weefsel
in het bloed terecht. Na het inspuiten van heroïne in een ader
geeft het een zeer krachtig gevoel van opwinding
langzaam gaat dit over in een behaaglijk gevoel van welbevinding.

Oraal:
Via de mond komt de heroïne langs je slokdarm en zo in de maag terecht. Daarna gaat het naar de twaalf-vingerige darm toe en vervolgens naar de rest van de dunne darm. Hier worden de eerste stoffen aan het bloed afgegeven. Het bloed van de dunne darm stroomt via de poort ader naar de lever. In de lever komt het bloed samen met het bloed uit de leverslagader (Die rechtstreeks van het hart afkomstig is) in de vena centralis. De vena centralis is een adertje dat in het midden door de leverlobjes loopt. Op weg naar de vena centralis stroomt dit bloed door de sinusoiden (holte in de leverlobjes) langs platte schotjes, zodat elke levercel met het bloed in contact kan komen en dus ook met de daarin opgenomen heroine.
De levercellen hebben onder andere de functie om vreemde stoffen af te breken en/of geschikt te maken voor de afscheiding door de nieren, door ze chemisch te veranderen.
Dat proces heet biotransformatie. Dit verminderd de werking van heroïne, en daarom wordt deze manier van toediening ook niet zoveel gebruikt.

Beïnvloeding van het effect
De orale manier is de minst gebruikte manier door vermindering van de werking.
Wanneer er wordt gerookt, of gespoten, is er geen vermindering. Een andere manier om biotransformatie in de lever te vermijden is toediening via de anus (zetpil) of onder de tong (zuigen). Hier leiden de bloedvaten niet eerst naar de lever.
Een andere factor die van invloed is op het effect van heroïne , is dat niet zozeer de hoeveelheid van de stof in het bloed (bloedspiegel) bepalend is voor de heftigheid van het effect, maar veel meer de snelheid waarmee de bloedspiegel stijgt. Een stof die oraal wordt ingenomen, wordt langzaam in het bloed opgenomen: de bloedspiegel stijgt langzaam.
Bij spuiten of snuiven stijgt de bloedspiegel snel tot zeer snel, waardoor een veel heviger effect optreedt. Via het bloed bereikt de heroïne de plaatsen waar ze zijn werking uitoefenen.

Plaatsen van afbraak
Naast de lever vinden er ook elders in het lichaam afbraken plaats. Deze reactie wordt gedaan door enzymen. Dit zijn katalysators. Het zijn stoffen die een chemische reactie laten plaatsvinden, zonder dat hij zelf daarbij verandert.

Heroïne en morfine
Heroïne wordt uit morfine bereidt en in het lichaam wordt het weer omgezet in morfine.
Waarom heroïne toch gemaakt wordt, is omdat heroÏne een snellere werking heeft dan morfine. Heroïne gebruikers merken namelijk twee keer zo snel het resultaat als morfine gebruikers. De snellere werking van heroine wordt veroorzaakt door het volgende. Door de acetaat-groepen uit het azijnzuur is de stof iets minder goed in water oplosbaar geworden. Maar juist daardoor kan de stof gemakkelijker in de hersenen doordringen. Alle stoffen die door het bloed gaan, dienen eerst door de bloedhersenbarrière te passeren, voordat het in de hersenen terecht komt. Dat heroïne beter doordringt kunnen we als volgt verklaren.

· Tussen twee atomen zit een atoombinding. De elektronegativiteit van een atoomsoort geeft aan in welke maten een atoom in staat is een bindingselektronenpaar naar zich toe te trekken.

· Het bepaald dus of een stof polair of a-polair is.

· Als een atoom binding wordt gevormd tussen twee atomen die dezelfde elektronegativiteit hebben, zullen beide atomen het bindingselektronenpaar even sterk aantrekken. De elektronen bevinden zich dan midden tussen beide atomen. Bij een waterstof molecuul is dit het geval. Daarom is een waterstof molecuul a-polair.

· De atomen waartussen een atoombinding wordt gevormd, sterk in elektronegativiteit verschillen, dan is de situatie anders. Het bindingselektronenpaar verschuift hier naar één van beide atomen. Het gevolg hiervan is dat het atoom waar het bindingselektronen paar naar verschuift een negatieve lading krijgt en het andere atoom een positieve lading. Zo’n binding noemen we een polaire binding. Een voorbeeld hiervan is OH- binding of een NH-binding.

· Tussen moleculen waarin een OH-groep of een NH-groep voorkomt, treed er een waterstofbrug op. Deze polaire verbindingen lossen dus ook op in water, want deze vormen met water een waterstofbrug. A-polaire bindingen lossen niet tot slecht op in water.

· Morfine bevat uit OH en NH-groepen, waardoor ze polair zijn en goed oplosbaar in water. Heroine heeft geen OH of NH-groepen en is daardoor slechter oplosbaar in water.

· Stoffen die goed oplosbaar zijn in water worden beter tegengehouden door de bloedhersenbarrière dan stoffen die slecht oplosbaar zijn in water. Vandaar dat de bloedhersenbarrière het meest effectief is bij polaire bindingen.

· Hieruit kan tegelijk worden opgemaakt dat de bloedhersenbarrière polair, want polaire stoffen functioneren het beste met stoffen met dezelfde waarden, dus ook polair.

· Voor alle duidelijkheid: Heroïne is krachtiger dan morfine, omdat heroine minder polair is dan morfine en daardoor kan heroïne makkelijker doordringen in de hersenen.

· Heroïne is over het algemeen 6 uur werkzaam.

Het omzetten van heroïne naar morfine in de hersenen

Heroïne wordt aangevoerd via bloedvaten die door het buitenste hersenvlies lopen. Vandaar diffunderen ze naar binnen. De in de hersenen aangekomen heroïne wordt gehydroliseerd tot mono- acetylmorfine (er wordt hierbij een acetaat-groep afgestaan).
Vervolgens wordt deze omgezet in morfine door er nog eens een acetaat-groep af te halen.
Nu is er morfine gevormd.

Reacties van je lichaam op heroïne

Deprimerend Stimulerend
Ademdepressie Kalmerend
Psychische afhankelijkheid Gevoel van welbehagen
Fysieke afhankelijkheid Ontspannen
Jeuk Creëert eigen wereld
Remming van ademhaling Zintuigen verminderen
Maag/darmkrampen
Hoestreflex

Hoofdstuk 7: Wat gebeurt er in het zenuwstelsel van een heroïne gebruiker?

Om de werking van morfine (omgezette heroïne) te begrijpen, moeten we eerst wat meer weten van het zenuwstelsel.


Zenuwcellen vormen samen een ingewikkeld netwerk. Tussen twee zenuwcellen is er telkens een smalle spleet, de synaps, waar een impuls (elektrisch signaal) met behulp van transmitters van de ene op de andere cel wordt overgedragen. Drugs kunnen die overdracht beïnvloeden.

In het zenuwstelsel worden ook signalen verwerkt. In de hersenen wordt bepaald welke signalen hoe verwerkt worden.

De zenuwcellen bevatten uitlopers die axon of dendriet worden genoemd.

Men kan het zenuwstelsel onderverdelen in twee delen.

1. Het centrale zenuwstelsel (hersenen en het ruggenmerg)

2. Het perifere zenuwstelsel (verbindt a) met zintuigen, spieren, klieren etc.

De zenuwen van het perifere zenuwstelsel lopen meestal door een laag bindweefsel of tussen spieren door. De fijnste vertakkingen komen overal in het lichaam.

Elke zenuwcel in de hersenen heeft een groot aantal verbindingen met andere zenuwcellen.

Zenuwcellen worden ook wel neuronen genoemd.

Er zijn drie verschillende soorten neuronen:

a. schakelcel

b. motorische zenuwcel

c. sensorische zenuwcel

In het plaatje hiernaast worden ze nader toegelicht.

Zoals in het plaatje zichtbaar is bestaat een neuron uit verschillende onderdelen.

Hier worden ze even in het kort besproken.

· Cellichaam: bevat onder andere de celkern.
· Dendrieten: diverse korte uitlopers.
· Axon/ neuriet met mergschede: één lange uitloper.
· Synaps: zorgt voor impuls overdracht op andere zenuw/spier/klier.

De toepassing bij morfine (omgezette heroïne)
Prikkelingen verplaatsen zich razendsnel door middel van kortstondige ompolingen door de celmembraan. Zo brengt een prikkel een impuls te weeg in het axon. Tussen de zenuwcellen bevindt zich een ruimte. Dit is de plaats van impulsoverdracht van de ene naar de andere cel. Deze plaats heet de synaps. Het axon geeft impulsen door met behulp van signaalstoffen. Deze signaalstoffen zijn neurotransmitters genaamd en worden door de receptoren van de andere cel herkend. Drugs (en dus ook heroïne omgezet in morfine) lijken qua structuur erg veel op neurotransmitters en kunnen dus aan deze receptoren binden. Er ontstaan zo valse impulsen die aan de werking van drugs ten grondslag liggen. De werking tussen heroïnen en bijvoorbeeld speed is toch verschillend. Dat wordt veroorzaakt doordat elke drug op een specifieke receptor aangrijpt. En dus een specifieke reactie teweeg brengt.

De lichaamseigen neurotransmitters zijn endorfine. Deze lijken erg op morfine. Endorfine is een klein eiwit molecuul, bestaande uit vijf aminozuren.

Onderzoek naar de relatie tussen de chemische structuur en het biologische effect van de vele gesynthetiseerde opiaten (waartoe heroïne ook behoort) heeft geleid tot de veronderstelling dat in het lichaam een specifieke morfine-receptor aanwezig is. De morfine-receptor is bij heroïne ook van toepassing, omdat morfine het werkzame bestanddeel van heroïne is. Morfine zou zich aan deze receptor, een complex eiwitmolecuul, kunnen binden waardoor de configuratie van de receptor verandert, met als gevolg een serie van opeenvolgende reacties, uiteindelijk leidend tot een biologisch effect. Een morfinemolekuul past op het receptormolekuul als een sleutel op een slot.

Hoofdstuk 8: Kenmerken bij een heroïne gebruiker

Wat voelt de heroïne gebruiker?

Bij het gebruik van heroïne worden de ademhaling en de hartslag langzamer. De lichaamstemperatuur gaat iets omlaag. De pupillen vernauwen zich sterk.
Opiaten verminderen de werking van de darmen en kringspieren.
Seksuele behoeften kunnen minder worden. In het begin kan de gebruiker last krijgen van braken, hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid, jeuk en een vreemd gevoel in het hoofd.
De werkzame stof veroorzaakt op zich geen beschadiging aan weefsels en organen.
De lichamelijke effecten voor de gebruiker vallen in het niet bij wat hij voelt en ervaart:
de sterk verdovende werking, die heel snel komt (de Flash).
Deze werking treed al vanaf de eerste keer op en gaat overheersen wanneer de gebruiker na een aantal maanden niet meer zoon last heeft van de bij effecten.
De heroine geeft dan een heel aangenaam effect: pijn, verdriet, angst, honger en kou worden niet meer gevoeld. De gebruiker raakt ontspannen, wordt in zich zelf gekeerd en ook onverschillig: de buiten wereld doet er niet meer toe. Gemiddeld werkt heroïne 4-6 uur.
Het effect hangt af van de gebruiker, de ervaring met het middel, de genomen hoeveelheid en de manier waarop het wordt gebruikt.

In geval van overdosering

In geval van overdosering zal dat te herkennen zijn aan:

· Sterk verwijde pupillen
· Vaak diepe bewusteloosheid
· Een sterk verminderde ademhaling

Als de gebruiker nog niet bewusteloos is dan is het beste om de gebruiker in beweging te houden en hem/haar zoveel mogelijke zwarte koffie te geven. Het is namelijk het beste dat de gebruiker wakker blijft, zodat de heroïne sneller door het lichaam verwerkt wordt.
Bij de eerste hulp zal aan de gebruiker een Nalorfine-injectie worden gegeven.
Het wordt in de ader gespoten en bevat zoon 5 tot 10 milligram per keer.
Het is het beste tegengif.

Risico’s voor de heroïne gebruiker

Naast lichamelijke en geestelijke afhankelijkheid brengt heroïne (naast de al genoemde risico’s op bladzijde 6 en 7) de volgende risico’s met zich mee:

· Overdosis
· Ontsteking en infecties door onzorgvuldig en onhygiënisch spuiten
· Omdat heroïne pijn klachten onderdrukt, kan een ziekte niet of te laat worden opgemerkt.
· Heroïne gebruik verstoort de menstruatiecyclus, soms verdwijnt de menstruatie helemaal.
· Pasgeboren baby’s van heroine gebruikende moeders vertonen ontwenningsverschijnselen.
· Combinatie van heroine met andere dempende middelen is gevaarlijk, omdat de effecten elkaar kunnen versterken. Dit kan dodelijke gevolgen hebben.

Hoofdstuk 9: Afkicken

Wanneer een gebruiker stopt met het gebruik van heroïne blijft zijn lichaam er naar vragen. Er ontstaan onthoudingsverschijnselen. De onthoudingsverschijnselen zijn:

· Geeuwen
· Tranende ogen
· Verwijde pupillen
· Neusloop
· Kippenvel
· Krampen
· Beven
· Transpireren
· Klam
· Koud
· Pijn in armen en benen
· Diaree
· Braken
· Misselijkheid

De gebruiker verliest ook meestal zijn eetlust en zijn seksuele verlangen is sterk ver mindert.
Stoppen is voor de gebruiker dan ook een zware opgave.
Wanneer een gebruiker stopt kan hij/zij zonder medicijnen stoppen. Dan kunnen lichamelijke afkickverschijnselen heftig zijn en wel 7 tot10 dagen duren.
Ook kan het afkicken onder begeleiding van een doktor, behulp van methadon waarvan de dosis langzaam wordt afgebouwd, maar altijd een onderhoudsdosis van blijft bestaan.

Door de langere werking van methadon dan die van heroine is het makkelijker om weer een normaal leven op te bouwen.
De gebruiker hoeft niet meer voortdurend op jacht naar heroïne. Door die regelmaat kan zijn situatie verbeteren. Zowel lichamelijk en geestelijk als sociaal.
De geestelijke afhankelijkheid vormt het grootste probleem. De onderliggende problemen bestaan immers nog steeds en het opbouwen van een nieuw leven is moeilijk en zwaar.
Intussen blijft ook nog eens de heroïne lokken en het gevaar om terug te vallen is dan ook erg groot.

Hoofdstuk 10: Planning


Hieronder is onze goedgekeurde planning van 30 oktober 2000

Heroïne en de lichamelijke afhankelijkheid

Vraagstelling: “Hoe is de stof heroïne opgebouwd en wat zijn de effecten van heroïne in het
lichaam op zowel cellulair gebied als op het gebied van de organen?”

Planning
· Vanaf nu tot ongeveer 10 december het doen van research in de volgende richtingen:
1. Jorine: Onderzoeken hoe heroïne is opgebouwd, hoe het ontstaat etc.
2. Krista: Onderzoeken wat voor lichamelijke reacties het menselijk lichaam heeft op het gebruik van heroïne.
(Doormiddel van boeken, internet, personen etc.)

· Over ongeveer 3 weken het maken van een afspraak met een arts, we hebben meerdere opties zoals onze eigen huisarts of een bevriende arts.

· Over ongeveer 3 weken het maken van een afspraak bij de afkick kliniek Trippel X

· Deze afspraken proberen te maken in de periode van 10 tot 30 December

· Tussen 22 december en 7 januari het verwerken van alle verworven informatie

· Tussen 7 en 19 januari 2 weken uitloop tijd.

· Vrijdag 19 januari INLEVEREN verslag

· Totaal 11.5 week de tijd.

Wat er wel en niet terecht gekomen is van onze planning

Vraagstelling:
Naar ons gevoel hebben we onze vraagstelling voldoende beantwoord.
De stukken die er minder uitgebreid in staan, waren echt naar ons gevoel niet beter te beantwoorden.
Vooral op cellulair gebied was er weinig informatie aanwezig alleen was deze van een te hoog en vergezocht niveau (Universitair) deze konden wij dus niet goed gebruiken, toch hebben wij getracht het in onze eigen woorden uit te leggen.
Wij hebben het gevoel dat ons dit naar behoren gelukt is.

Planning:
· Ons eerste idee was om de research te scheiden, doordat de één dan veel meer en moeilijkere informatie te verwerken zou krijgen, hebben wij besloten al het research werk samen te doen.

· Wij hebben een arts benaderd maar deze zei ons dat hij ons niet meer informatie kon geven dan waar we op dat moment al over beschikten. Hij zei: “Sorry, maar ik ben niet gespecialiseerd op dit gebied.”

· Ook hebben wij de afkick kliniek trippel X benaderd, maar deze gaf ons aan in deze periode geen tijd en belangstelling te hebben om ons te helpen. Als alternatief hebben wij geïnformeerd bij de Narcotica Brigade van de politie Haaglanden, deze toonde meer interesse en heeft ons vooral geholpen met het begrijpen en inzicht krijgen in de Nederlandse Opiumwetten en heeft ons proberen laten te zien hoe het dagelijkse leven van een criminele verslaafde eruit ziet.

· Wij hebben ook daadwerkelijk onze informatie verwerkt in de periode van 22 december en 7 januari.

· Wij hebben de twee weken uitloop tijd gebruikt voor de perfectionering van ons werkstuk.

· Totaal tijd: 11.5 week.

Slotwoord

Wij zijn achteraf zeer tevreden over het onderwerp dat we gekozen hebben, omdat het meer werk was dan we gedacht hadden en als je dan een onderwerp hebt wat je minder interesseert dan wordt het moeilijker om er een lange tijd geconcentreerd aan te werken.
Wij dachten dat we al redelijk wat af wisten van heroïne vanwege de eerdere school opdrachten die verband hielden met dit onderwerp, maar wij hebben gemerkt dat er ook nog erg veel was wat we niet wisten.
We hebben dus ook over het onderwerp nog wat bijgeleerd.
Achteraf gezien zijn we blij dat we in plaats van naar Trippel X naar de Narcotica Brigade gegaan zijn omdat dit ons perspectieven uit een andere hoek bood, we hadden namelijk toch al erg veel informatie over hetgeen dat ze ons in Trippel X zouden vertellen.
We waren in de tweede klas ook al eens naar de Emiliehoeve geweest en we denken dat, dat bijna gelijk is aan Trippel X.
Verder zijn we erg blij dat we voor onze Praktische Opdracht ANW de tijd genomen hebben. Doordat het meer werk was dan verwacht en we ons lelijk hadden kunnen vergissen als we dit hadden moeten maken tijdens een normale schoolweek.
Dit was de eerste keer dat we iets veel eerder maakten dan nodig was, dit is ons zeer bevallen.
Wij vinden dat we ons redelijk aan de afgesproken planning gehouden hebben, met hier en daar wat ter plekke bij bedachten aspecten.
Deze manier om een Praktische Opdracht aan te pakken is ons dus bevallen en we gaan dus zeker proberen onze volgende Praktische Opdrachten ook zo aan te pakken.
Hoewel dit onze eerste Praktische Opdracht ooit was denken wij dat we het er meer dan voldoende hebben afgebracht.

Hoofdstuk 11: Bronvermelding

· Boek: -Uit je bol (Gerben Hellinga en Hans Plomp)
· Verschillende Internet pagina’s:
-Via zoekmachine WWW.Chemfinder.com/heroin
-WWW. Trimbos.nl/heroïne
-WWW.Home.concepts.nl/-pnuyten/index
· Folders aangevraagd bij: -Trimbos
-Jongeren informatie heroïne
· Documentatie map: Heroïne
· Informatie pakket: Narcotica Brigade/ wetboek
· Informatie verkregen uit een interview van iemand die werkzaam is bij de Narcotica Brigade van politie Haaglanden

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.


Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

7324
 

reacties

 
HEEEEL GOED WERKSTUK
door krista (reageren) op 28 maart 2002 om 14:28
ech een perfect werkstuk je hebt er zeker heel lang aan gewerkt ! heel mooi
door dilan (reageren) op 19 juni 2002 om 12:25