
Geschreven door: | anoniem |
Datum ingestuurd: | 22 april 2002 |
Niveau: | 5 vwo |
Taal: | |
Woorden: | 3055 |
Opvragingen: | 19230 (182 deze maand) |
Waardering: |
Titel: | Die letzten Kinder von Schewenborn |
Auteur: | |
Jaar van uitgave: | 1983 |
Auteur: | |
Nationaliteit: | Duits |
Populaire titels: |
|
1. Die letzten Kinder von Schewenborn | ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() | |
... meer | |

Zakelijke gegevens
Titel: Die letzten Kinder von Schewenborn
Auteur: Gudrun Pausewang
De door mij gelezen druk en jaartal: druk??, jaartal: 1999
Jaartal van de 1e druk: 1987
Uitgeverij & plaats: Wolters-Noordhoff, Groningen
Aantal blz.: 125
A. Verwachtingen en eerste reactie
Vanessa had het boek eerder gelezen en die zij me dat het een heel mooi boek was. Ze had me verteld dat het boek over een atoombominslag ging, maar voor de rest had ze eigenlijk niks verteld. Dat moest ik zelf maar lezen, hierdoor was ik toch wel een beetje nieuwsgierig geworden. Vooral omdat zij zei dat het echt een heel mooi boek was.
Ook dit keer viel het lezen van het Duits me heel erg mee. Dat vind ik prettig, want dan kun je lekker door lezen in een boek. Als je het verhaal van het begin aan niet snapt is het niet leuk. Dat was gelukkig niet het geval. Wel vond ik het begin niet echt helemaal duidelijk. Ik kon er niet meteen een beeld bij bedenken. Ik begreep dat het in Duitsland was, maar ik kon me op een of andere manier toch niet indenken hoe het daar, na de val van de atoombom, zou zijn.
B. Beknopte samenvatting en analyse
Samenvatting
Roland is een jongen van 12 jaar. Hij gaat samen met zijn moeder, vader, vierjarig zusje Judith en zijn vierjarig zusje Kerstin elk jaar naar zijn opa en oma in Schewenborn. Zelf wonen ze in Frankfurt en daarom gaan ze 1 keer in het jaar in de vakantie naar zijn opa en oma. Dit jaar gaan ze ook weer naar Schewenborn. Onderweg merkt de familie iets raars. Plotseling is er een felle lichtflits, er is een atoombom gevallen.
De ouders van Roland denken dat de bom ergens gevallen is bij Fulda, een plaatsje dat iets verder ligt dan de woonplaats van de grootouders. Ze besluiten om te kijken of de grootouders er nog zijn, maar onderweg komen ze een omvergevallen boom tegen en daardoor kunnen ze niet verder. De familie moet te voet met hun bagage verder. Als ze in Schewenborn aankomen, zien ze allerlei verwoeste huizen enz. Wanneer ze dan bij het huis van de opa en oma van Roland zijn gekomen horen ze van een vrouw, die onder huur van de grootouders woonde, dat die naar Fulda zijn gereden om een tent te gaan halen voor de kinderen. De moeder van Roland is helemaal in paniek en gaat lopend naar Fulda om haar ouders te zoeken. Vader en de kinderen blijven in het huis van de opa en oma. Die nacht komt moeder terug, ze zegt dat Fulda er helemaal niet meer is.
De ouders van Roland besluiten in het huis te blijven totdat de wegen weer opengaan of totdat er hulp komt. De ochtend daarna lopen er allemaal mensen uit Fulda door de straten. Roland en zijn zusjes mogen niet naar buiten. Na drie dagen gaat vader de achtergebleven spullen ophalen uit de auto. Ze hebben steeds minder eten en er is niets te koop. Er komen vaak daklozen en gewonden om eten en drinken vragen, maar moeder wil ze niks geven. Ze hebben al weinig en dat wil ze voor haar eigen familie gebruiken.
Na vier dagen is Roland het beu. Hij mag dan van zijn vader water gaan halen in de rivier in de buurt. Nadat hij water heeft gehaald, gaat hij nog even de stad in. Hij komt bij het ziekenhuis en ziet hier allemaal mensen die heel ziek of gewond zijn. Als een gewond meisje hem dan vraagt of hij wat water voor haar wil gaan halen, gaat hij eigenlijk dagelijks helpen in het ziekenhuis. Hij raakt bevriend met het meisje, haar naam is Annette. Na een tijdje gaat dan ook Annette dood. Hij wil en kan het maar niet geloven.
Ondertussen probeert iedereen overal eten vandaan te halen. Er worden zelfs winkels geplunderd. Uiteindelijk gaat zelfs de vader van Roland kolen stelen.
Ook zijn er steeds minder mensen die in het ziekenhuis willen helpen. Verpleegsters blijven op een gegeven moment gewoon. De enige die elke keer komen zijn Roland en een oude vrouw, Lisa Bartz. Op een dag vraagt een zieke vrouw aan Roland of hij voor haar kinderen wil zorgen als zij dood is. Roland doet dit en neemt de zesjarige Silke en de driejarige Jens, die buiten het ziekenhuis, zijn mee naar huis. Als moeder dan de andere kinderen, zonder ouders, bij het ziekenhuis ziet staan, wil ze ze helpen. Moeder haalt twee vriendinnen en Judith over om voor de kinderen te zorgen. De kinderen verblijven in de kelder van een oud kasteel in Schewenborn.
Drie weken na de bominslag is Roland jarig. Hij krijgt zelfgemaakte en gezochte cadeautjes, maar hij vindt dit niet zo belangrijk. Dan laat Judith Roland zien dat haar haar uitvalt, een teken van de stralingsziekte.
Ondertussen heeft ook de tyfus toegeslagen en veel mensen raken ziek. Op een middag wordt ook Roland ziek. Hij gaat naar huis en binnen de kortste keren is bijna heel de familie ziek, behalve Judith. Silke en Kerstin overleven de ziekte niet en gaan dood. Roland, zijn vader en zijn moeder worden langzamerhand steeds beter, maar Judith wordt steeds zieker van de stralingsziekte. Uiteindelijk gaat ze hieraan dood. De kinderen in het kasteel zijn ondertussen alleen achtergelaten en niemand kijkt eigenlijk meer naar ze om.
Op een dag vertelt vader Roland dat zijn moeder zwanger is. Roland en zijn vader gaan dan opzoek naar eten. Moeder moest spek en vet eten, dan had ze de beste weerstand. Bij de grens tussen Oost- en West-Duitsland ontmoeten ze een man, die hun verteld over de grote steden. Hij geeft hen een stuk spek.
Als het dan winter wordt gaat Roland nog eens kijken bij het kasteel met de kinderen. De 2 oudste meisjes (beide Nicole) hebben dan de leiding genomen over de groep. Ze stelen voedsel om inleven te kunnen blijven. Wanneer beide Nicole’s dan overlijden, sterven vele ander kinderen door de kou of honger. Een van de kinderen, een jongen zonder benen vraagt Roland hem te helpen zichzelf op te hangen. Roland doet dit uiteindelijk.
De moeder van Roland begint het steeds meer over Frankfurt te hebben. Hoe het daar nu zou zijn. Ze wil gaan kijken. Eerst kunnen Roland en zijn vader haar overtuigen om niet te gaan, maar uiteindelijk dreigt ze dat ze dan wel alleen gaat. Daarom gaan ze met heel de familie op weg naar Frankfurt. Moeder is er van overtuigt dat de buitenwijk, Bonames, waar zij woonden er nog wel staat. Als ze er na weken lopen uiteindelijk aankomen is bijna alles weg gevaagd. Roland merkt het al wanneer ze op de snelweg lopen en hij heeft dan altijd een herkenningspunt dat ze bijna thuis zijn, maar die is er nou niet meer. Op de terugweg is moeder heel wat minder gemotiveerd. Dan krijgt Jens griep, vader legt hem in de kinderwagen (die ze samen met een fiets meehadden genomen). Uiteindelijk gaat Jens dood. Wanneer ze dan bij hun auto aankomen leggen ze Jens daarin. Ondertussen zijn moeder haar weeën begonnen. Daarom moet Roland al vooruit lopen, maar wanneer hij dan bij het huis van zijn grootouders aankomt, mag hij er van Frau Kramer niet meer in. Zij zou op het huis passen, maar ondertussen leeft ze er zelf met een man en een kind in. Uiteindelijk bevalt moeder dan op een droge plek in de kelder van het kasteel. De baby die geboren wordt heet Jessica Marta (naar grootmoeder). Ze hebben alleen niks om de baby warm te houden, daarom moeten ze de baby goed vasthouden en een beetje heen en weer bewegen. De volgende dag, wanneer Roland dan wakker wordt ziet hij dat het kindje geen ogen heeft. Hij hoort van vader dat moeder doodgebloed is. De vader doodt het kindje omdat het geen ogen heeft. Samen met de moeder van Roland wordt het kind begraven. Vanaf dan leven vader en Roland in het tuinhuisje.
Het verhaal gaat vier jaar verder. Roland is dan ondertussen al 17. Zijn vader en hij wonen terug in het huis van de grootouders. Het kind dat bij Frau Kramer woonde woont nog wel bij hen. De aarde was nog steeds vervuild van de straling, maar er begon al steeds meer te groeien. Er groeide zelfs al aardappelen.
De orde keerde langzaam terug. Roland en zijn vader waren een school begonnen in het kasteel. De ouders van de kinderen waren blij dat Roland en zijn vader dit deden. Zo werd er toch weer gewerkt aan een nieuw leven. Alhoewel de omstandigheden niet geweldig waren, want het kasteel werd geplaagd door ratten. Vader was ondertussen steeds zwijgzamer geworden. Wel zei hij dat Roland de school van hem moest overnemen wanneer hij dood ging. De kinderen zouden toch beter naar hem luisteren, aangezien hij geen volwassene was toen de bom insloeg. De kinderen gaven de volwassen namelijk de schuld van de ramp, zij hadden nooit geprobeerd de wapenproductie (atoomwapens) te stoppen. Ze hebben alleen werkeloos toegekeken.
Analyse
Motieven
Enkele belangrijke motieven zijn atoomwapens, oorlog, hoop en het gebrek aan naastenliefde. De atoomwapens zijn de oorzaak van alle problemen in het verhaal. Wanneer de atoomwapens niet waren gemaakt was het land waarschijnlijk niet in zo grote chaos geweest. De oorlog tussen de landen is de redenen waarom de atoomwapens worden gebruikt. Dit wordt in het verhaal niet echt duidelijk naar voren gebracht, maar is toch een belangrijk onderdeel.
De hoop en het gebrek aan naastenliefde van de mensen speelt een heel belangrijke rol in het verhaal. De mensen zijn door de inslag van de atoombom, heel egoïstisch geworden. Roland krijgt hier veel mee te maken in het verhaal. Eerst bij het ziekenhuis, daarna wanneer zijn moeder zwanger is en niemand eten voor hen heeft en daarna wanneer zijn moeder gaat bevallen mogen ze niet meer terug in het huis van hun opa en oma. Hoop is ook belangrijk. De mensen blijven hoop houden, ondanks dat het er allemaal vrij hopeloos uit ziet. Zo blijft moeder geloven dat haar thuis er nog gewoon is, totdat ze het met haar eigen ogen ziet.
Personages
De hoofdpersoon van het verhaal is Roland, vanuit zijn opvattingen en gedachtes wordt heel het verhaal geschreven. Hij is in het begin van het boek twaalf jaar, en als het verhaal eindigt is hij zeventien. Roland is een hele sterke jongen. Veel mensen gaan zich door de problemen anders gedragen. Roland doet dit niet echt. Hij gaat proberen te helpen waar hij kan. Zo gaat hij in het ziekenhuis als enige helpen. Alle andere mensen denken vaak alleen maar aan zichzelf.
Roland is in het verhaal heel volwassenen geworden, door de oorlog. Op de heenweg naar opa en oma als er nog niks aan de hand is, is hij vrij kinderlijk. Maar door alle problemen is hij snel volwassen geworden. Uiteindelijk is hij de leraar van Schewenborn geworden.
Rolands moeder is in het begin van het verhaal, wanneer ze naar opa en oma rijden, zo’n typische moederfiguur: heel verzorgend. Maar zodra ze merkt dat ze haar ouders kwijt is wordt ze zwijgzaam en is het moederlijke vrijwel weg. De daklozen die langs komen wil ze niks te eten geven, omdat ze op de eerste plek wel aan haar eigen familie wil denken.
Als Roland dan op een dag met Jens en Silke thuis komt, lijkt het net alsof moeder ontwaakt en ze gaat voor de weeskinderen in de stad zorgen. Ze kan niet geloven dat haar huis er niet meer is. Wanneer ze dan zwanger raakt, wil ze alleen maar meer, gaan kijken of het huis er nog is. Uiteindelijk krijgt ze haar zin. Als ze dan uiteindelijk ziet dat haar huis en buurt helemaal weg is, is alle kracht in haar weg. Dan gaat uiteindelijk ook Jens dood. Hierdoor wordt ze nog zwijgzamer en heeft ze nog minder kracht. Uiteindelijk gaat ze dood na de geboorte van de baby.
Rolands vader is na de dag van de inval van de bom, net als iedereen, heel erg veranderd. Heel is heel verantwoordelijk, hij komt op voor zijn familie. Hij is degene die er voor zorgt dat er eten is en dat ze in het huis goed zitten.
Hij is een heel realistische man, hij heeft al snel door dat de kans dat er iemand van buitenaf komt helpen en dat ze overleven zeer klein is. Een voorbeeld wanneer hij heel realistisch is, is wanneer hij het kind dood, om het kind te sparen.
Perspectief en verteller
Het verhaal heeft een ‘ik’-perspectief. Roland is de ik-persoon. Heel het verhaal wordt vanuit zijn gedachtes en zijn doen en laten verteld. Daardoor weet je precies hoe Roland denkt over de gebeurtenissen e.d.
Ruimte
Het verhaal speelt zich af in Duitsland. Het speelt zich voornamelijk af in de stad Schewenborn en omgeving. Vader en Roland gaan nog een keer naar Fulda en gaan de familie nog een keer terug naar Franfurt, naar Bonames. Maar het belangrijkste speelt zich toch af in Schewenborn.
Stijl
Ik vond de woordkeus niet echt moeilijk het is vrij makkelijk door te lezen. Ik heb geen een keer het woordenboek moeten gebruiken.Wel viel me op dat er veel gebruik werd gemaakt van bijvoegelijke naamwoorden en bijwoorden. Het geeft de gevoelens en omschrijvingen weer. Dit was af en toe een beetje ‘verwarrend’.
Thema
Het thema van het boek is de atoombom. De auteur wil met haar boek laten zien wat de gevolgen van een atoombom zijn. Ze wil aan de mensen duidelijk maken dat ze niet werkeloos mogen toezien hoe er overal kernwapens geplaatst worden, zoals de mensen in het boek gedaan hebben, maar dat ze hier tegen moet protesteren.
Tijd
Het verhaal speelt zich af ten tijde van de grote spanningen tussen Oost- en West-Duitsland. De vertelde tijd is ongeveer 4 jaar. In het begin is Roland 12 en aan het einde van het verhaal is hij 17.
Titelverklaring,/i>
De laatste kinderen van Schewenborn is ook de laatste zin van het boek. Vier jaar nadat de bom gevallen is zijn er nog maar weinig kinderen in de stad die alle rampen overleefd hebben. Roland geeft deze kinderen les, en hij wil ze belangrijke levenslessen bij brengen. De baby’s die na de ramp zijn geboren, zijn bijna allemaal verminkt, en veel zijn ook onvruchtbaar geworden, door de gevolgen van de straling.
C. Verwerkingsopdracht no. 5
Beste Roland,
Ik wil eerst zeggen dat ik het ontzettend knap vind, dat je zo sterk bent gebleven, ook al heb je een heleboel meegemaakt.
Dat je nou een school samen met je vader opgericht heb vind ik heel interessant. Je vader zal waarschijnlijk zoals ik het lees niet veel indruk maken op de kinderen, maar ik denk dat jij een hele grote invloed kan spelen op de gedachtes van die kinderen. Jou nemen ze namelijk niks kwalijk, jij was nog te jong om de kernwapens te voorkomen. Ik denk dat jij die kinderen, daarom duidelijk moet maken, dat wat de volwassenen gedaan hebben niet helemaal slecht is. De kinderen nemen de volwassenen nu alles kwalijk. Jij moet hen duidelijk maken, dat veel volwassenen nog geen eens afwisten van de bouw van die wapens. Laat staan van het gebruik ervan. Neem als voorbeeld jouw ouders. Jij hebt bijna heel je familie verloren aan die wapens. Jouw ouders hadden toch nooit iets de bouw van de atoomwapens kunnen doen. Er zijn een hoop burgerslachtoffers gevallen die er niks aan konden doen. Daarom moet jij, denk ik, de haat uit de kinderen halen.
Jij zei dat je de kinderen wijze levenslessen wilde leren. Ik denk dat het dan belangrijk is om dit erbij te betrekken. Natuurlijk hebben de volwassenen heel gemeen en egoïstisch gereageerd toen de bom inviel, maar niet alles wat de volwassenen gedaan hebben is slecht. Je moet het wel realistisch blijven bekijken. Maar ik weet zeker dat dit jou wel zal lukken. Nog veel succes met de lessen aan de kinderen op jouw schooltje!
Xxx Linda
D. Eindoordeel en evaluatie
Eindoordeel
Gebeurtenissen
Ik vond de gebeurtenissen in het verhaal een beetje ongeloofwaardig. Het is en blijft fictief, allemaal. Wat ik wel heel erg vond, was toen die moeder hoogzwanger was, en zij niet meer in het huis van haar vader en moeder mocht, omdat Frau Kramer dit had afgepakt had. Ik snap niet dat iemand zoiets kan doen. De moeder van Roland was hoogzwanger, dan laat je haar toch op zijn minst bevallen. Ik weet dat mensen ten tijde van oorlog rare dingen doen, maar dit viel me echt op.
Personen
Ik vond Roland een hele sterke en goede jongen. Hij komt op voor alle mensen. Hij helpt mensen wanneer hij kan en hij is zowat de enige die veranderd is, tenminste hij is niet egoïstisch geworden. Ik vond die Frau Kramer een verschrikkelijke vrouw, maar dit heb ik al gezegd bij de gebeurtenissen. Ik weet niet of ik zo goed zou gehandeld hebben, als Roland. Hij gaat helpen in het ziekenhuis. Dit lijkt mij echt verschrikkelijk.
Wie ik verder ook een heel moedig persoon vind, is Judith. Zij komt op voor haar familie, wanneer iedereen ziek is, terwijl dat ze zelf ook ziek is. Dit kost haar uiteindelijk haar leven. Ik vind dit heel knap.
Opbouw
Het boek heeft niet echt een goed einde. Uiteindelijk is bijna iedereen dood, behalve Roland zelf, en die heeft ook al kenmerken van de stralingsziekte. Ik vond het jammer. Aan de ene kant kan het niet anders dat ze dood gaan, maar dit vind ik toch wel jammer. Ik lees graag boeken met een goed einde.
Verder is het boek chronologisch verteld. Ik had geen problemen om de verhaallijn te volgen. Dit was wel prettig voor het lezen
Taalgebruik
Het boek bevatte niet echt moeilijke woorden, maar af en toe vond ik dat er wel veel bijvoeglijke naamwoorden werden gebruikt. Hierdoor werd alles wel duidelijk uitgelegd, maar af en toe was het toch een beetje verwarrend. Al met al was het boek goed te lezen.
Evaluatie
Ik vond het boek leuk om te lezen, maar mijn vorige boek, wat ik voor Duits heb gelezen was toch leuker. Het had ten eerste een beter eind en ten tweede ik hou toch meer van een beetje roman verhalen. Dit was voor mij iets te fictief. Toch vond ik het niet erg om te lezen, maar nog een keer lezen zou ik zeker niet doen.
Het boekverslag nam wat tijd in beslag, omdat ik midden in mijn toetsenweek zat en daarom stukje bij stukje het verslag af heb gemaakt. En daarom was het vervelend om elke keer weer te moeten nadenken waar het boek nou precies weer over ging en wat er gebeurd was.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.
a d v e r t e n t i e

Ik wil alles weten over…
• het eerste jaar
• boeken
• colleges
• de stad Leiden
• docenten
• studentenleven
• nog veel meer
Op de Open Dagen van de Universiteit Leiden kun je alles te weten komen over studeren in Leiden. Kom op 20/21 november naar de opleiding van jouw interesse.
www.opendageninleiden.nl

Gelukkig heeft Scholieren.com nu elke vrijdagmiddag film.