Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Niveau: | 5VWO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1065 |
Opvragingen: | 7 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 2 uit 5 (13 stemmen)
Titels van Maarten 't Hart
De aansprekers (9) 1979 De droomkoningin (9) 1980 De Jacobsladder (11) 1986 De kroongetuige (86) 1983 De nakomer (6) 1996 De ortolaan (8) 1984 De scheltopusik (1) 2003 De steile helling (1) 1988 De versnijdenis (1) 1982 De vlieger (12) 1998 De zonnewijzer (27) 2002 Een vlucht regenwulpen (23) 1978 Het longvolume (1) 1982 Het psalmenoproer (3) 2006 Het uur tussen hond en wolf (6) 1987 Het vrome volk (3) 1974 Het woeden der gehele wereld (20) 1993 Ik had een wapenbroeder (6) 1973 Laatste zomernacht (10) 1977 Laatste zomernacht & De kroongetuige (1) 1983 Lotte Weeda (7) 2004 Mammoet op zondag (1) 1977 Stenen voor een ransuil (6) 1971 Verzamelde verhalen (1) 1992
Laatst gewijzigd op 11 april 2002
Auteur:
Maarten ’t Hart
Motivatie
Ik ben dit boek gaan lezen, omdat het tijdens de boekenweek in de mediatheek op een aparte tafel lag en de omslag sprak me wel aan.
Eerste reactie
Na vijfentwintig bladzijdes gelezen te hebben, vind ik het boek erg leuk, de schrijver heeft een leuke manier van vertellen: met humor. Het boek leest heel makkelijk, ik ga er snel doorheen; om eerlijk te zijn ben ik nog flink door gaan lezen, voordat ik dit op papier zette.
Beknopte samenvatting
Het boek is geschreven vanuit een ik-perspectief. Het verhaal begint ermee, dat de hoofdpersoon weg gaat bij Angela, de relatie tussen hen beide is dan nog niet duidelijk. Hij moet van haar de bekende weg nemen, omdat hij anders zal verdwalen in het volkstuintjespark. Hij is eigenwijs en van mening, dat hij de weg terug makkelijk zal terugvinden, omdat hij veel kennis heeft van de sterren. Terwijl hij door het park dwaalt, overziet hij zijn relaties met vrouwen in zijn leven. De eerste vrouw was de vroedvrouw toen zijn zusje geboren was. Dat boterde niet echt, het was een eigenaardige vrouw, die hem een strijkijzer in zijn been drukte, nadat hij haar in haar kuit had gebeten. Al lezende kom je erachter, dat het ook een levensbeschouwing van de hoofdpersoon is. Je maakt de ontwikkelingen mee, die hem typeren, vormen. Hij is een bakkerszoon en komt erachter, dat hij een extreme liefde voor klassieke muziek van Bach heeft. Hij gaat dan ook musicologie studeren. Heel vaak kom je weer tegen in het boek, dat hij denkt aan Bach-sonates en daar hele levensvisies van Bach uithaalt. Je leest steeds twee verhalen door elkaar, namelijk de flashbacks uit zijn leven en wat hij meemaakt gedurende een nacht in dat volkstuintjespark. In dat park wonen mensen, die door hun huwelijkspartner uit huis zijn gezet, of gescheiden zijn. De ik-persoon, Metten Anker, vangt verhalen op die mensen in hun zelfgebouwde huisjes aan elkaar vertellen en die mensen aan hem vertellen, wanneer hij zo’n huisje binnengaat, omdat hij schuilt voor de regen, of omdat hij een man met een grote hond tegenkomt, die een of andere gluurder aan het zoeken is. Hij vertelt aan die man, hoe hij zijn vrouw heeft leren kennen en legt hun relatie uit. Die man is advocaat en houdt een dossier bij over misgelopen huwelijken en wil eindelijk eens een positief verhaal horen. Dan verteld Metten, dat hij verliefd is geworden op Renske, omdat ze zo mooi viool (en dan vooral Bach-stukken) kon spelen. Hij belooft haar en zichzelf, dat hij haar nooit in de steek zal laten. Verder is Metten een echte vroege vogel, terwijl Renske een hevige uitslaapster is. Metten heeft een grote hekel aan langslapers. Daarbij loopt en fietst ze met een veel lager tempo dan hij.
Wanneer Renske voor een langere periode in het buitenland is om op te treden, bezoekt hij een prostituee. Dat avontuurtje is niet zo denderend als verwacht. Bij het eerste bezoek aan zijn schoonouders, laat hij voortdurend winden en boeren. Ook leert hij geen vak waar de maatschappij wat aan heeft, volgens hen en is hij onbeleefd tegen haar ouders, omdat hij ze tegen durft te spreken en in durft te haken in een verhaal dat ze vertellen. Ook is hij niet opgevoed zoals zij, dat niemand de eerste hap neemt, behalve Pa. Alleen klikt het erg goed met de hond, omdat hij vroeg opstaat en dan lange wandelingen maakt met hem, wat Pa en Ma niet normaal vinden, vroeg opstaan. Bij een later bezoek doen schoonpa en –ma erg vriendelijk en wanneer hij zich afvraagt waarom komt de aap uit de mouw: ze willen kleinkinderen. Renske is hun enige kind, maar ze heeft helemaal geen zin in kinderen, omdat ze die kinderen niet zulke ouders aan willen doen. Haar ouders vinden dat asociaal, Metten vindt het wel okee.
Gedurende het hele verhaal, vraagt Metten zich af ‘was ihm am leben fehlt’. Wanneer hij Angela ontmoet bij een receptie, klikt het. Ze is heel spontaan, ze gaan samen met de lift omhoog. Hij ruikt naar zweet, veegt zijn voorhoofd af met de mouw van zijn wollen trui, waarop ze zegt dat die zuren niet goed zijn voor de stof. Ze hebben discussietjes over de muziek van Bach en Mozart. Met elk meisje met wie het wat wordt heeft hij het over muziek van Bach. Ze rijden samen naar huis, want ze blijken niet ver van elkaar te wonen. Ze gaan samen eten, raken een beetje bezopen, dus gaan ze wandelen. Dan gaan ze naar Angela’s huis, omdat zij hem een wondermooie sonate wil laten horen. Ze drinken wijn samen terwijl ze luisteren en wanneer hij weg wil, gaan ze vrijen, maar niet gewoon, het lijkt een soort van gevecht. Ze vindt het fijn dat hij sterk is, hij is de eerste die net iets sterker is dan zij en hij vindt het fijn dat zij levendig vrijt. Met Renske gaat het altijd “zo voorzichtig en zo rustig dat het leek alsof we het Largo uit de vijfde Vioolsonate van Beethoven met elkaar speelden.”
Die vrijpartij was dus aan het begin van de avond waarin het verhaal zich afspeelt. Hij denkt dat een levendige vrouw is wat hem am leben fehlt. Het is gedurende heel het boek een avontuur om thuis te komen, omdat hij steeds verdwaalt. Het is al licht wanneer hij een broodje koopt omdat hij verschrikkelijk honger heeft. Wanneer hij thuis komt, ligt Renske nog in bed en wanneer hij thuis komt vraagt ze hoe laat het wel niet is. Hij liegt over de tijd en weet dat de kerkklok straks zeven uur slaat, dus moet ze snel inslapen. Normaal wilde hij altijd dat ze wakker zou worden om die tijd, maar nu juist niet. Dan moet ze huilen, omdat ze gedroomd heeft dat hij een andere vrouw kuste, een waarvan ze weet dat hij leuk vind, met krullen en dat hij haar veel fijner vond en dat zij erachter liep en niets kon doen. Ze is bang dat hij haar in de steek laat en hij zegt dat het maar een droom is. Hij komt erachter wat hem am leben fehlt, dat hij daar wijzer van wordt maar allerminst gelukkig.
Titelverklaring
Angela is de droomkoningin van Metten.
Mening
Het is mijn persoonlijke mening, maar ik vind het een erg goed boek, waar je veel mee kunt. ik heb de personnages, ruimte, perspectief, enz niet apart, maar in de samenvatting/analyse verwerkt
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen