
|
Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 27 februari 2002 |
Niveau: | 2 havo |
Taal: | |
Woorden: | 791 |
Opvragingen: | 2600 (2 deze maand) |
Waardering: |
Titel: | Het verschiet |
Als dat maar goed gaat... | |
Auteur: | |
Jaar van uitgave: | 1984 |
Moeilijkheidsgraad: |
|
Thema: |
Auteur: | |
Geslacht: | man |
Nationaliteit: | Nederlands |
Geboren: | 2 mei 1912 |
Overleden: | 27 juli 2005 |
Populaire titels: |
|

Leesverslag van Het verschiet, uit het boek “Als dat maar goed gaat...”. Dat boek is geschreven door Marten Toonder.
Als heer Bommel en Tom Poes een picknick houden en Joost hun serveert, zijn er vlakbij twee geleerden bezig de verzuring tegen te gaan. Daarvoor hebben ze ontzoedel. Helaas werkt dat ook tegen stenen enzovoort. Maar bij de picknick waait het heel hard. Joost, de bediende, heeft moeite om evenwicht te houden. Tom Poes wilde een wandeling gaan maken en dan komt hij de geleerden tegen. Die geven hem de ontzoedel om aan Bommel te geven. Maar dan gebeurt er iets vervelends: er viel een smeerbal van het ICM, waar we later meer van horen, op hun picknick. Daarna kwam een soort raket er achteraan, die zich ervoor verontschuldigde. Toen maakte hij en soort stofzuiger van zichzelf, en zoog de rotzooi op. Maar hij zoog daarmee ook Joost en de picknick op. Dus voelde heer Bommel zich geroepen om Joost te zoeken. Daarvoor gaat hij naar ambtenaar 1e klasse Dorknoper. In de atlassen hadden ze het namelijk niet kunnen vinden. Toevallig komt er een geleerde, die in Verschiet ontslagen is, langs. Hij hoort het gesprek, en zoekt later Heer Bommel op. Daarna vertelt hij hem hoe hij er komen kan.
Als heer Bommel en Tom Poes onderweg zijn, komen ze langs geleerden die zien dat er een veel te hoog gehalte aan SO2 is (zwaveldioxide, de veroorzaker van de verzuring). Na een poos komen ze bij het Verschiet aan. Dat is een stad geworden met wolkenkrabbers, robots, en één hotel. Toen kwamen ze daar met de Oude Sticht aan. Toen ze naar binnen gingen, kwamen er direct stoelen op hun af die hun oppakten en reden naar de ‘balie’, een automaat waar je kon betalen. Daarna gingen ze naar de eetzaal, maar er was niets te krijgen. Toen wilde heer Olivier toch maar naar bed toe. Tom Poes had een idee hoe ze aan de stoelen konden ontsnappen: over de rugleuning heen springen. Maar heer Bommel was te laat, hij zat al in de lift. Toen hij in zijn kamer zat, ging hij direct in zijn bed liggen. Maar het bed zou weg vallen! Gelukkig had Tom Poes het in de gaten en waarschuwde hij op tijd, anders had heer Bommel er ergens beneden gelegen. Even later hoorden ze omgeroepen worden dat er schoongemaakt zou gaan worden. Dus ging Tom Poes de Oude Sticht wegbrengen, ver buiten de stad. Daar zag hij zaagmachines die bomen omzaagden om plek te maken voor gebouwen. Later, toen hij weer in Verschiet kwam, gingen hij en Bommel opzoek naar Joost en de controlekamer. Er was geen muis te bekennen! Even later kwamen ze erachter waardoor dat kwam. Er kwam een robot achter ze aan en die gooide hun in één van de stortkokers. Daarmee kwamen ze in het riool terecht. Daar kwamen ze Joost tegen, die hun zei waar de geleerden waren. Die waren namelijk ook allemaal doorgespoeld. Ze hadden de computers verkeerd geprogrammeerd: alle kool- en zwavelstoffen moesten worden opgeruimd, en dat gebeurde ook. Maar nou wil het toeval dat de mens ook koolstoffen heeft, en dus ook opgeruimd moet worden. Kortom, het was chaos. Joost kwam even later met de zwammen etc. die hij gevonden had. Toen besloot heer Bommel er een einde aan te maken door met een geïmproviseerd laddertje door een van de afvalbuizen te klimmen. Degene die een van de geleerden had aangewezen dat hij naar de controlekamer ging. Daar aangekomen ging hij druk in de weer met de knop ‘eten’. Hij gooide een paar pakketten naar beneden, naar de geleerden en Joost. Tom Poes was namelijk al naar boven gekomen. Toen ging de telefoon, van ICM. Die waren al even bezig. Toen heer Bommel hem opnam deelde hij mede dat het een janboel was en dat de machines op hol waren geslagen. Daarna opende hij de poorten voor het riool, zodat al het water naar buiten stroomde. Terwijl hij druk bezig was de besturing van de toekomst op zich nemen. Tom Poes had een grote grijparm maar net op tijd in de gaten! Hij duwde Bommel opzij en de grijparm hapte in de stoel. Toen ze probeerden te ontsnappen kregen ze met meer van dat soort machines te maken. Enfin, ze ontsnapten en toen ze in de poort waren was Bommel op zoek naar lucifers, maar hij kwam het flesje ontzoedel van Kwetal tegen. Dat gooide hij tegen een muur aan en het spatte uiteen. En toen was het hele gebouw er geweest. Het waaide in de vorm van stof weg.
Dit was het eerste boek wat ik van Marten Toonder heb gelezen en ik ben er direkt aan verslaafd geraakt, als ik zo vrij mag zijn! (Als je begrijpt wat ik bedoel, etc.).
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.