Info over dit verslag
Geschreven door: | anoniem |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1072 |
Opvragingen: | 2 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 2 uit 5 (8 stemmen)
Titels van Maarten 't Hart
De aansprekers (9) 1979 De droomkoningin (9) 1980 De Jacobsladder (11) 1986 De kroongetuige (86) 1983 De nakomer (6) 1996 De ortolaan (8) 1984 De scheltopusik (1) 2003 De steile helling (1) 1988 De versnijdenis (1) 1982 De vlieger (12) 1998 De zonnewijzer (27) 2002 Een vlucht regenwulpen (23) 1978 Het longvolume (1) 1982 Het psalmenoproer (3) 2006 Het uur tussen hond en wolf (6) 1987 Het vrome volk (3) 1974 Het woeden der gehele wereld (20) 1993 Ik had een wapenbroeder (6) 1973 Laatste zomernacht (10) 1977 Laatste zomernacht & De kroongetuige (1) 1983 Lotte Weeda (7) 2004 Mammoet op zondag (1) 1977 Stenen voor een ransuil (6) 1971 Verzamelde verhalen (1) 1992
Laatst gewijzigd op 20 februari 2002
Titel van het boek: De vlieger
Naam auteur: Maarten 't Hart
Plaats van uitgave: Amsterdam
Jaar van eerste druk: 1998
Genre: psychologische roman
Leerdam / Warmond, december 1998
Hoe belangrijk zijn emoties voor u als schrijver? En dan denk ik bijvoorbeeld aan emotie als onderwerp (verliefdheid, angst), als drijfveer (iets van je afschrijven) of als methode (bewustwording, gedrag)?
"Emoties zijn volstrekt onbelangrijk. Wat belangrijk is, is dat je een goed verhaal hebt. Je schrijft ook nooit iets van je af, je kunt hoogstens iets naar je toe schrijven. Voorzover er emoties in het spel zijn, komen die vanzelf te voorschijn als je bezig bent met schrijven. Maar ze dienen niet als brandstof om te kunnen werken."
Heeft u 'De vlieger' bewust geschreven als een soort kruising tussen 'De aansprekers' en uw vorig jaar verschenen columnbundel 'Wie God verlaat heeft niets te vrezen'? Of staat de ontstaansgeschiedenis van 'De vlieger' - voor zover dat mogelijk is - los van deze twee eerdere boeken?
" 'De vlieger' is ontstaan vanuit 'Wie God verlaat heeft niets te vrezen'. Daarin staat een column waarin het verhaal van Ginus al heel kort wordt weergegeven. Toen ik dat opschreef, dacht ik wat jammer dat ik zo'n mooi verhaal nu prijsgeef in een column. Later dacht ik, ik kan het verhaal over Ginus en zijn dochter desondanks toch wel opschrijven. De roman is dus voortgekomen uit 'Wie God verlaat'. 'De aansprekers' - dat boek ligt al zover achter me, daar heb ik verder niet aan gedacht."
Hier merkte ik al een lichte overeenkomst met wat ik gelezen heb, "'De vlieger' is ontstaan vanuit 'Wie God verlaat heeft niets te vrezen'alleen de titel van de columnbundel verraadt al hoe hij over de kerk denkt en tegelijk waarover het boek deels gaat.
In uw bijbelcolumns in NRC/Handelsblad, waarmee bepaalde passages uit 'De vlieger' veel verwantschap vertonen, gaat u op een hilarische manier de christelijke theologie te lijf. Maar bent u niet bang dat dit soort superieure pesterijtjes op den duur gaan irriteren? Hoe rekbaar is volgens u deze vorm van humor?
"Op den duur gaan irriteren? Maar van irritatie is allang sprake. Steeds komen er reuze boze ingezonden brieven van zeer geďrriteerde lezers, dat is juist zo enorm bevredigend."
(haha)... ja sommige passages hoe hij het kerkelijke geloof omschrref in het boek waren wel hilarisch en "shockerend".
Uit eigen ervaring weet ik dat verstoting uit een orthodox gereformeerd milieu meestal plaatsvindt door middel van een sociale boycot, zelden door een formele excommunicatie. In 'De vlieger' wordt echter alles netjes volgens het kerkrechtelijke protocol afgehandeld. Bevestigt u daardoor niet het oordeel van critici als Hans Werkman die vinden dat u van het gereformeerde leven een oneerlijke karikatuur maakt?
"Van een karikatuur is in 'De vlieger' nu juist weinig sprake, vind ik, omdat ik heel precies en heel nauwkeurig heb beschreven hoe het werkelijk is toegegaan. Ik heb niks overdreven of sterk aangezet. Zo ging het, zo werd Ginus de kerk uit gemieterd, daar is niets karikaturaals aan."
Ik ben nog nooit uit de orthodoxe kerk 'gemieterd' als ik er nu over denk zou het misschien een beetje overdreven kunnen zijn, maar ik vind het zeker niet storend.
Maar met uw keuze voor een uitzonderlijk gebeuren loopt u toch het risico een vertekend beeld te geven van de gereformeerde wereld zoals die in werkelijkheid was. Om nogmaals Werkman erbij te halen: u maakt van de uitzondering de regel en laat geen enkele 'normale' gereformeerde in uw verhalen zien...
"Het uit de kerk gooien van Ginus is een atypisch gebeuren. Ik heb dit ook maar één keer zo meegemaakt en in die zin geeft het een scheef beeld van de gereformeerde kerk. Maar in de roman zelf staat, dat de vader een paar keer zegt dat hij niet gelooft dat het zover zal komen, omdat in vergelijkbare gevallen in het verleden de getroffenen altijd de eer aan zichzelf hielden en de kerk al uitgingen voor ze eruit werden gegooid. Voor de goede lezer moet dus wel duidelijk zijn dat het geval met Ginus heel uitzonderlijk is. Ik zie er dus niets karikaturaals in, ik geef het ook somber weer, zonder commentaar, zonder er verder over te moraliseren. Het is zo al erg genoeg, lijkt mij."
Het voorval was zeker niet ongeloofwaardig en het kwam ook niet onrealistisch over en ik vind dat het een beetje opgeblazen hebben het feit hoe hij uit de kerk zou gegooid zijn. Hij werd geband en daar mee uit.
Diverse recensenten stellen de komische anekdotes in 'De vlieger' bóven de literaire stijl van het boek. Men noemt u waarderend een geboren verteller, maar suggereert tegelijk dat dit type schrijver eigenlijk niet tot de literaire top behoort. Hoe kijkt u tegen deze steeds weer terugkerende beeldvorming aan?
"In Nederland willen de recensenten van dat behaagzieke sierproza zoals Adriaan van Dis en Margriet de Moor het schrijven. Mijn straatjongensproza vinden ze hier niet literair genoeg. Dat is een uiterst bekrompen standpunt, maar er is wel mee te leven aangezien men er in Zweden en Duitsland heel anders over denkt. Daar word ik wel op puur literaire gronden heel erg gewaardeerd, dus wat kan het mij schelen dat dat hier niet het geval is."
'De vlieger' is een veel polemischer boek dan bijvoorbeeld 'De aansprekers' uit 1979, waar het qua thematiek dichtbij staat. Betekent dit dat u bij het ouder worden juist minder mild bent geworden? Of is dit een vorm van de verlate agressie waarover u het heeft in het 'Agressief dagboek' uit uw essaybundel 'De kritische afstand'?
"Ik vind 'De vlieger' helemaal niet zo polemisch. Voor de ik-figuur in de roman is alles wat er gebeurt een bron van verbazing, maar hij neemt geen standpunt in, hij wordt niet kwaad, hij verzet zich niet. Ik vind het niet een agressief boek. Eerder een boek waarin dat hele gereformeerde leven een beetje belachelijk wordt gemaakt."
(Eerst polemisch opzoeken...=twistend) Ik snap precies ook niet vanwaar de interviewer deze agressie en polemie vandaan haalt. Het is een boek waar kritiek wordt geleverd op de orthodoxe kerk en de levenshouding daar rond maar ik vind geen agressieve stukken terug,.... kritiek<=>agressie????
Als laatste vraag iets toekomstgerichts: wat verwacht u als schrijver van nieuwe media als Internet?
"Ik heb geen idee wat we van Internet moeten verwachten. Zelf kan ik er nog slecht mee overweg , ik weet ook niet of het mij lukt om dit per e-mail te versturen, maar ik ga het nu proberen."
Zoals vele oude mensen....
Leerdam / Warmond, december 1998
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen