Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Niveau: | 4VWO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 3987 |
Opvragingen: | 3 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 4 uit 5 (71 stemmen)
Titels van Vonne van der Meer
De avondboot (13) 2001 De reis naar het kind (12) 1989 Een warme rug (5) 1987 Eilandgasten (27) 2000 Het limonadegevoel e.a. verhalen (1) 1985 Ik verbind u door (5) 2004 Laatste seizoen (6) 2002 Nachtgoed (2) 1993 Spookliefde (9) 1995 Take 7 (2) 2007 Zo is hij (1) 1991
Laatst gewijzigd op 20 juni 2001
A. Samenvatting
Het boek ‘De avondboot’ is een vervolg op het boek ‘Eilandgasten’ en gaat wederom over het vakantiehuisje Duinroos op Vlieland.
In Duinroos komen ook dit zomerseizoen weer een aantal gasten die ieder een eigen verhaal met zich meebrengen. Het verhaal wordt afgewisseld met hoofdstukken over de schoonmaakster van het huisje, zij doet dit werk al jaren en vraagt zich dingen over de gasten af nadat zij spullen van hen vind of hen heeft zien lopen.
Als eerste word het huisje bezocht door Eduard, een gepensioneerde weduwnaar. Hij heeft het huisje afgelopen winter voor een week besproken in de hoop dat hij er samen met zijn vrouw heen kon gaan, zij had kanker en Duinroos was een plek waar ze tot zichzelf kon komen. Hij hoopte dat hij er met haar heen kon gaan als zij genezen zou zijn maar door de kanker is zij overleden. Eduard wilde toch naar het huisje gaan in de hoop wat meer over de laatste maanden van zijn vrouw te weten te komen omdat zij haar laatste vakantie in haar eentje in Duinroos door had gebracht (het laatste hoofdstuk van Eilandgasten).
De volgende gasten in het huisje zijn Martine, een vrouw van rond de veertig, en haar moeder. Vorig jaar is Martine ook in het huisje geweest alleen toen met een vriendin. Martine bedacht dat het eens tijd werd haar moeder te verwennen met een weekje Vlieland. Ook wil ze graag haar nieuwe Joodse vriend Hans aan haar moeder voorstellen, hij zou een paar dagen later naar het eiland komen. Als Martine aan haar moeder meer over Hans vertelt, schrikt haar moeder omdat ze hoort dat Hans Joods is. Ze vindt dat het tijd wordt dat ze het geheim waar ze al jaren mee rondloopt nu eens aan haar dochter te vertellen. Moeder vertelt Martine dat ze een keer eerder getrouwd is geweest en er pas na een jaar achterkwam dat haar man NSB lid was. Ze vertelt dat ze een keer mee is geweest naar een bijeenkomst maar dat het huwelijk na de oorlog op de klippen liep. Martine schrikt er wel even van maar besluit het wel meteen aan Hans te vertellen als hij komt. Als Hans komt zit hij ook met een probleem, hij heeft een nieuwe vriendin en gaat al een tijdje vreemd, hij weet alleen niet hoe hij dat Martine moet vertellen. Als Martine het verhaal over haar moeder verteld heeft besluit Hans dat hij nu moet vertellen dat hij hun relatie wil verbreken. Martine gelooft het eerst niet en denkt dat hij die nieuwe vriendin alleen maar verzint omdat zij het verhaal over haar moeder verteld heeft. Maar na enige uitleg begrijpt Martine dat dit niet het geval is en Hans verlaat het eiland terwijl Martine verdrietig achterblijft.
De derde bezoekers van het huisje zijn een alleenstaande moeder, haar zoons en een vriend van haar oudste zoon. Als eerste is Ben, een puber van 14, samen met zijn moeder naar het huisje gegaan, zijn broer Jeroen zou later komen. Ben vond het in het begin maar saai in het huisje en hij keek daarom ook erg naar het bezoek van zijn broer uit. Als zijn broer komt heeft hij een vriend meegenomen omdat zijn vriendinnetje, die in eerste instantie mee zou gaan, toch besloten heeft met haar ouders op vakantie te gaan.
De jongens hebben veel lol met z’n drieën en ook de moeder heeft het erg naar haar zin. Langzamerhand denkt Ben dat zijn broer homoseksueel is en een verhouding met Dimitri, de vriend die ook mee is, heeft. Ben word steeds stiller en heeft geen zin meer in de vakantie. Moeder merkt dat Ben het niet meer zo naar zijn zin heeft en spreekt hem daarop aan. Eerst wil Ben zijn vermoedens niet aan haar vertellen maar later doet hij dat toch. Je komt in het verhaal niet te weten of Jeroen echt homoseksueel is.
De volgende bezoekers zijn de zusters Babette en Heleen. Heleen is een huisvrouw en moeder van 3 kinderen. Babette is precies het tegenover gestelde; een carrièremaakster, getrouwd met een rijke man en kinderloos. De zussen gaan nu goed met elkaar om maar vroeger waren ze elkaar’s rivalen. Heleen is de jongste en was eigenlijk ongewenst, haar moeder heeft geprobeerd een miskraam te krijgen en daarom loopt Heleen nu een beetje mank. Doordat ze als kind al mank liep kreeg ze toch de meeste aandacht van haar ouders en daar was Babette erg jaloers op. Als ze tijdens de vakantie nog eens het verhaal verteld dat Heleen eigenlijk ongewenst was wordt Heleen erg verdrietig. De volgende dag doet Babette alsof er niets aan de hand is en ze vertrouwt Heleen stiekem toe dat ze een geheime minnaar heeft. Babette vertelt dat ze haar man niet kwijt wil maar dat ze de minnaar wel erg spannend vindt. Ze vertelt Heleen dat ze tegen haar man heeft gezegd dat ze 2 weken in Duinroos blijft terwijl ze eigenlijk een week met haar minnaar naar Frankrijk gaat. Als Babette is vertrokken omdat ze het vliegtuig naar Frankrijk moet halen word Heleen heel boos op Babette en ze vindt het zielig voor Babette’s man. Dan spreekt ze met een verdraaide stem op de voicemail van Babette’s man in: Your wife Babette has a lover, they are together in the South of France.
De laatste gasten van het seizoen zijn Pia, haar man, haar dochter Liesbeth en haar pasgeboren kleindochter Laura. Ze komen naar het eiland om eens lekker uit te rusten en te genieten van de 3 generaties die nu bij elkaar zijn.
In de haven van Harlingen ontmoet de man een aantrekkelijke vrouw en hij wordt op slag verliefd op haar. Hij na de overtocht laat hij Pia, Liesbeth en Laura alvast naar hij het huisje gaan omdat hij koste wat het kost de vrouw terug wil vinden. Hij fantaseert over een ander leven met deze vrouw en hij zoekt het hele eiland af maar de vrouw vindt hij niet meer terug. Als hij terug bij Pia en de kinderen komt bedenkt hij dat hij eigenlijk
heel verwend is in het leven en dat hij niet mee aan de vrouw moet denken maar gewoon van de vakantie moet genieten.
Het boek eindigt weer met een hoofdstuk over de schoonmaakster die het huis schoonmaakt en de belevenissen van de gasten in het gastenboek leest.
B. Analyse
1. Titel: De avondboot
Auteur: Vonne van der meer
Uitgever: Uitgeverij Contact
Jaar van uitgave: 2001
Titelverklaring: Er is geen hele duidelijke verklaring voor de titel maar zoals op
De achterkant van het boek staat: “Mensen die voor het eerst naar het eiland
gaan, nemen de ochtend- of middagboot, die willen niet bij schemer of in het
donker aankomen Maar de avondboot brengt altijd wel een paar bekende
gezichten”.
2. Vermeld binnen welke stroming het boek past.
Het boek valt onder Moderne Nederlandse Literatuur.
3. Tot welk genre behoort het boek? Licht je antwoord toe.
Het boek behoort tot de psychologische romans want je leest heel veel
over de gedachten en de gevoelens van mensen.
4. Wat is het thema van het boek?
Het thema is het laten zien van andermans problemen en hoe zij daar mee
omgaan.
5. Beschrijf in welke volgorde de gebeurtenissen verteld worden. Noteer de
Belangrijkste gebeurtenissen puntsgewijs en stel dan vast hoe de opbouw is.
-schoonmaakster maakt het huisje schoon
- 1e gast
- 2e gasten
- 3e gasten
- hoofdstuk over de schoonmaakster
- 4e gasten
- 5e gasten
- slothoofdstuk waarin de schoonmaakster het huisje weer schoonmaakt.
Het boek wordt verteld in chronologische volgorde, alleen wordt er in de verhalen van de personen regelmatig gebruik gemaakt van flashbacks.
6. Beschrijf van de belangrijkste personen: hun probleem, hun karakter, en
Hun ontwikkeling indien die aanwezig is.
Schoonmaakster: Een lieve zorgzame vrouw, ze wil dat echt alles in orde is voor haar gasten.
Eduard: Een verbitterde, gepensioneerde man die het heel erg moeilijk heeft met de dood van zijn vrouw.
Martine: Een vrouw van rond de veertig die tobt met allerlei kleine probleempjes. In het begin van het verhaal is ze nog vrolijk en opgewekt maar op het einde is ze verdrietig omdat haar relatie verbroken is.
Moeder van Martine: Een weduwe die nog best actief is voor haar leeftijd. Haar probleem, dat ze vroeger met een NSB-er getrouwd is geweest, heeft ze nu eindelijk eens aan haar dochter verteld. In het begin van het verhaal piekert ze erg over haar probleem later is ze opgelucht.
Ben: Een jongen van veertien die kampt met puberale probleempjes. Zo rookt hij bijvoorbeeld stiekem en vraag hij zich af waarom hij geen vriendinnetje heeft. In het begin van het verhaal is hij zeer opgewekt maar als hij vermoed dat zijn broer homoseksueel is, praat hij bijna niet meer en kropt hij alles op.
Moeder: Een gescheiden vrouw met 2 zoons. Probeert haar zoons het zoveel mogelijk naar de zin te maken en krijgt van Ben te horen dat hij vermoed dat Jeroen Homo is.
Jeroen: De oudste zoon, heeft veel lol met zijn vriend Dimitri en kan ook goed opschieten met zijn moeder en broertje.
Dimitri: Vriend van Jeroen, je komt er niet achter of zij een relatie hebben.
Heleen: Vrolijke, lieve vrouw en moeder van 3 kinderen. Ze wordt er weer mee geconfronteerd dat ze eigenlijk ongewenst was en vraagt zich af waarom haar moeder daar nog steeds met haar zus overpraat. Ze ergert zich steeds meer aan haar zus Babette en op het einde neemt ze wraak.
Babette: Beetje gemene vrouw. Ze is getrouwd maar heeft ook een minnaar. Ze is nog steeds een beetje jaloers op haar zus Heleen en daarom verteld confronteert ze Heleen er nog maar eens mee dat ze eigenlijk ongewenst was.
Pia: Lieve, zorgzame vrouw. Ze heeft in de gaten dat haar man niet helemaal lekker in z’n vel zit en probeert hem op te vrolijken.
Pia’s man: Wordt plotseling verliefd op een vrouw die hij niet eens kent. Hij kan haar niet vinden en besluit dan dat hij terug moet gaan naar Pia en zijn dochter en kleindochter. In het midden van het verhaal is hij radeloos omdat hij de vrouw niet kan vinden maar op het einde vindt hij zijn rust weer terug.
Liesbeth en Laura: Dochter en Kleindochter van Pia en haar man. Je komt niet veel over hen te weten.
7. Wanneer spelen de gebeurtenissen zich af? Waar merk je dat aan?
De gebeurtenissen spelen zich af in 1998. Dat merk je aan de gasten; zij schrijven
Soms een stukje in het gastenboek of een brief naar vriend of familie.
8. Welk perspectief gebruikt de schrijver? Noteer een kort fragment als
Voorbeeld.
De hoofdstukken over de schoonmaakster zijn vanuit het “Ik-perspectief”
geschreven. Ik heb het weer gered. Alles is schoon, alles doet het. En dan nu
Mijn laatste ronde.
De verhalen van de gasten zijn een “auctoriaal verhaal”. Ben zat bij het open
raam de eerste sigaret van de dag te roken. Voor hem op het tafeltje lag het boek
dat hij gisteravond mee naar boven had genomen.
9. Waar spelen de gebeurtenissen zich af?
De gebeurtenissen spelen zich af in vakantiehuisje Duinroos op Vlieland.
C. Leeservaring
1. In hoeverre maken de gebeurtenissen indruk op je?
Ik vond het boek heel leuk om te lezen maar de gebeurtenissen maken niet echt
diepe indruk op me. Ik vond het leuk om te lezen over de problemen van de mensen die allemaal naar hetzelfde vakantiehuisje kwamen, maar ik heb er na het lezen van het boek niet echt mee over nagedacht.
2. Vind je de opbouw ingewikkeld? Hoe komt dat?
Nee, ik vind de opbouw niet ingewikkeld. Het zijn wel 2 verhalen door elkaar heen, dat van de schoonmaakster en dat van de gasten, maar ik vond het helemaal niet verwarrend. Dat kwam ook doordat elk hoofdstuk wat over de schoonmaakster ging begon met een zeester bovenaan, in plaats van Romeinse cijfers zoals bij de hoofdstukken over de gasten.
3. Gaan de personen voor je leven? Zijn ze herkenbaar?
Tijdens het lezen van het verhaal gaan de personen wel voor me leven. Het is zo geschreven dat je je goed kan inleven in de personen want je komt veel van hun gevoelens en gedachten te weten. De personen zijn wel herkenbaar voor me, omdat je zoveel over hen te weten komt, maar ik kan me er niet echt mee associëren.
4. Welke eigenaardigheden in taal en stijl zijn je opgevallen?
Eigenlijk zijn me geen eigenaardigheden in taal en stijl opgevallen, ik vond het boek gewoon leuk om te lezen en het taalgebruik was niet moeilijk.
5. Heeft het onderwerp je aan het denken gezet? Ben je door het lezen van
Mening veranderd? In welk opzicht.
Omdat het boek uit zoveel verschillende verhalen, met elk verschillende problemen, bestaat heeft het onderwerp me niet echt aan het denken gezet. Ik ben over geen enkel onderwerp van mening veranderd.
D. Verwerkingsopdracht.
Zoek informatie over de schrijver, houd dan een gefingeerd interview met de schrijver waarin de visie van de auteur over het boek en literatuur naar voren komt.
Vonne van der Meer is in 1952 geboren in Eindhoven. Ze volgde een regisseursopleiding aan de Amsterdamse Theaterschool en begon na haar studie in 1977 als regie-assistente bij het RO-theater. Al snel ontwikkelde zij zich tot freelance regisseuse. Naast haar werk aan het toneel debuteerde ze in 1985 als schrijfster. Voor haar debuutroman “Het limonadegevoel en andere verhalen” ontving ze de Geertjan Lubberhuizenprijs. Na dit boek volgden vier romans, verhalenbundels en toneelscripts. In 1999 verscheen de roman “Eilandgasten”, die maandenlang op de bestsellerslijsten stond. Het boek werd vertaald in het Duits en in het Servisch. In 2001 verscheen “De Avondboot” dat een paar gezichten naar Vlieland brengt die de lezer kent uit “Eilandgasten”. Zoals Vonne van der Meer zelf zegt is “De Avondboot” geen vervolg op “Eilandgasten” het is een ander boek, wat melancholieker.
Interview met Vonne van der Meer
door Gerda van de Haar.
Het valt mij op dat je iemand als Hans heel begrijpelijk maakt. Terwijl hij toch een rotstreek levert.
Als je hem niet van binnenuit beschrijft, wordt Hans een totaal oninteressante figuur. Iemand zwart maken is niet zo moeilijk. Het is inderdaad niet netjes wat hij doet, maar hij vindt zelf dat hij het goed aanpakt. Hij reist helemaal naar Vlieland om zijn verhouding af te breken. Op zijn manier is hij eerlijk: hij gaat niet in op Martines suggestie dat hij het uitmaakt vanwege het oorlogsverleden van de moeder. Hij probeert haar te troosten en dat loopt uit de hand…
Er zit in dit boek veel meer gemeenheid en kwaad dan in het vorige.
Is dat zo? Misschien is er wel dit verschil: in Eilandgasten gebeurt alles meer gaandeweg, in De avondboot worden de mensen telkens door iets overvallen. Iets neemt bezit van ze. Edu uit hoofdstuk I treft zichzelf opééns aan voor de spiegel in de kleren van zijn overleden vrouw.
Heb je dat bewust gedaan, die schokken?
Het is wel zo dat ik schrijvend merkte dat het boek in een andere toonsoort ging staan. Dat is maar goed ook, anders was het meer van hetzelfde geworden.
Het eerste verhaal brengt de lezer van meet af aan in een andere sfeer. Edu voelt zich zo eenzaam en is zo aan het denken aan zijn overleden vrouw dat, wanneer hij voor de spiegel staat, zij als een soort geest door hem heen begint te spreken.
Roept het ene verhaal het andere op?
Misschien maakt zo'n gebeurtenis de weg vrij voor andere blikseminslagen. Er vaart in dit boek soms iets in mensen. Plotseling.
Als Heleen in het vijfde hoofdstuk haar zwager opbelt om met een gecamoufleerde stem haar zus te verraden, staat zij ver van zichzelf af. Zoiets zou ze zelf vooraf niet voor mogelijk hebben gehouden. En ik ook niet, toen ik aan dat verhaal begon.
Zij verandert tijdelijk bijna in iemand anders. Is dat niet ook het thema van je eerdere roman De reis naar het kind?
Ja, in dat boek gaat Julia aanvankelijk over lijken om een kind te adopteren. Tijdens lezingen zeggen mensen soms: wat een kreng. Maar dan vraag ik: wat doet ú, wanneer u iets heel graag wilt, wanneer u verliefd bent, wanneer u een baan per se wilt hebben?
Iedereen heeft een bepaald beeld van zichzelf. Dat ziet er meestal tamelijk rooskleurig uit. Maar zodra iets bezit van je neemt, wanneer het een obsessie wordt, vervorm je en ken je jezelf niet terug.
Dan speelt het conflict of de tegenstelling zich af binnen een en dezelfde persoon?
Het zelfbeeld komt op losse schroeven te staan.
Je zei dat in Eilandgasten alles meer gaandeweg gebeurt dan in De avondboot. Het bijzondere van Eilandgasten vind ik dat er steeds een wending plaatsvindt, zonder dat je die als lezer goed kunt aanwijzen. Al lees je het verhaal voor de zoveelste keer, nog weet je niet wanneer precies de gevoelens veranderden, en waardoor.
De mensen zelf in Eilandgasten kunnen dat ook niet aanwijzen…
Het gaat om een moment van overgave, heb ik steeds gedacht bij Eilandgasten. Daar kunnen die personages zelf niet zo heel veel aan doen, het gebeurt. Nu kom ik in De avondboot wel het letterlijke woord 'overgave' tegen, maar maken de mensen meer dan ooit de indruk hun conflicten zelf op te lossen.
Maar misschien is overgave ook wel een krachtsinspanning. Iets dat je eerst moet willen. Dat zie je in De avondboot bij een aantal personages, maar het is moeilijk om daarover te vertellen zonder de verhaallijnen te verraden. Het is zeker ook bij de werkster geval.
De werkster lijkt mij niet iemand die gemakkelijk loslaat, meer een bewaarderig iemand. Zo luidde zij Eilandgasten uit: 'Het zou toch kunnen dat alles wat ik dit jaar terugbreng naar zee - de schelpen, de scherven, het takje - volgend seizoen weer aanspoelt, en opgeraapt wordt door de volgende gasten? Dat steeds andere handen dezelfde dingen aanraken, bewonderen, een plaats geven. Dat niets ooit verloren gaat.'
Dat klopt. Nu heeft juist zíj de bladzijden gevonden die Marleen tijdens de laatste weken van haar leven volgeschreven heeft en uit het gastenboek gescheurd. Zij weet zich er geen raad mee en onderneemt dan van alles om het gastenboek in de oude staat terug te brengen.
Zij komt nu veel meer uit haar schulp dan in Eilandgasten.
Dat komt doordat zij ook een probleem heeft, of eigenlijk twee: die gevonden papieren en haar bezorgdheid om de gasten, in de trant van: 'Straks gaat er weer iemand dood terwijl ik langsfiets'. In dit boek wil zij de mensen redden en daardoor dringt ze zichzelf te veel op de voorgrond. Het duurt een heel boek voor ze los kan laten.
Uiteindelijk vertelt zij een prachtig verhaal.
Al vertellend komt zij tot haar inzicht: het zit niet in die verdwenen bladzijden, het gaat om herinneren en navertellen, om doorgeven wat belangrijk is.
Het verhaal dat zij vertelt gaat over een kotter met de naam Suo Marte. Op eigen kracht, betekent dat, staat er.
Dat kun je vinden achter in de Van Dale.
Waarom heet die boot zo?
Zo heet hij echt. Dit is de eerste keer dat ik een verhaal opneem dat van begin tot eind waar gebeurd is. Ik ben er speciaal voor in de winter naar Vlieland geweest, om van de weduwe nog eens te horen hoe het nu precies gegaan was. Zij wilde graag dat ik haar man bij zijn eigen naam zou noemen, Frits. Ik vond dat ik de naam van het schip ook moest laten staan. Als eerbetoon aan die gebeurtenis.
Het is een heel mooi verhaal.
(Lacht.) Maar niet te mooi om waar te zijn.
De verhalen-binnen-de-verhalen in De avondboot hebben steeds een troostrijke inhoud, anders dan de verhalen zelf. Het lijkt wel of je zegt: een verhaal vertellen helpt.
Teun in het laatste hoofdstuk twijfelt erover of hij zijn erotische belevenis aan zijn vrouw zal vertellen. Dan ziet hij in het gastenboek staan: once a thing is known, it can never be unknown, it can only be forgotten. Dat citaat is oorspronkelijk bedoeld als conclusie achteraf, niet als richtlijn van tevoren. Maar Teun past het wel zo toe, en eigenlijk ben ik dat met hem eens. Hij hoeft dit helemaal niet aan zijn echtgenote te vertellen. Wat moet ze ermee? Die mannen biechten maar raak en wij zitten ermee opgescheept. Dus als je vraagt: is het goed om alles te vertellen, zeg ik: niet altijd. In de bijbel staat ook een paar keer: en zij bewaarde het in haar hart; niet: zij ging naar haar beste vriendin en vertelde haar alles. Sommige ervaringen kun je beter voor jezelf houden. Koesteren.
Maar als het verhaal goed verteld wordt, met oog voor degene aan wie, dan kan het iets goed maken?
Het sprookje van haar moeder helpt Heleen over haar pijn heen. De werkster vrolijkt haar buurjongetje Bram op met het verhaal over het schip van Frits en tegelijkertijd begrijpt zij wat haar te doen staat - loslaten.
De hoofdstukken in De avondboot lopen minder goed af dan in Eilandgasten.
Ik vind helemaal niet dat de verhalen in Eilandgasten zo goed eindigen. Martine in hoofdstuk II van dat boek - ja, dezelfde als in II en III van De avondboot - zal niet alsnog een kind kunnen krijgen met haar Bas. Bas wil dat niet. En Walter in het vijfde hoofdstuk van Eilandgasten gaat wrokkig alleen terug naar huis.
Maar als je bedoelt: de mensen in Eilandgasten komen allemaal tot een inzicht, dan ben ik dat met je eens. In De avondboot is het niet zo heel veel anders. In dit boek overkomt mensen iets, vaak onverwacht, waarmee ze moeten gaan leven. En dan denken ze zichzelf naar een inzicht toe.
Op eigen kracht.
Ja, zo lijkt het. Maar de Suo Marte wordt ook door de wind en het tij terug naar Vlieland gebracht. We weten niet altijd precies door welke krachten we ergens terechtkomen.
Maar neem Martine. Dat verhaal eindigt niet goed. Zij blijft alleen achter en staat daar verbijsterd te roeren in die kop tomatensoep. Ze kan nog slechts wat Hebreeuwse woorden stamelen en die heeft zij nu ook niet meer nodig.
Je kunt je afvragen of zij alleen maar Hebreeuws is gaan leren voor haar vriend Hans. Aan het eind van dat hoofdstuk slaat ze door die Hebreeuwse woorden aan het bidden. Dat overkomt haar. Het is iets totaal nieuws in haar leven.
Dat brengt me terug bij de werkster. Aan kleine dingetjes merk je dat ze gelovig moet zijn. Zij heeft andere associaties dan veel van de gasten. Had de werkster ook gewoon ongelovig kunnen zijn?
(Denkt na.) Voor mij staat ze voor al die vrouwen die je in Nederland veel zag en nog ziet: kerkelijk, zorgzaam, vol plichtsbesef, uit een stuk. Zo iemand wilde ik wel graag in mijn boek hebben, ja.
In hoeverre laat je interesse in geloof jou een ander licht werpen op je personages?
Ik ben me door het geloof scherp bewust geworden van wie ik zou willen zijn maar elke keer niet ben. Mijn personages kunnen diep zinken, maar krijgen de kans weer op te staan.
De filosoof Girard heeft geschreven over het mechanisme van het kwaad. De duivel is geen mannetje met horens, maar een mechanisme waaraan mensen onderworpen lijken te zijn. We zijn jaloers op elkaar en doen elkaar na, zowel in begeerte als in geweld. Dat mechanisme intrigeert me.
Ik zou er ook allerlei psychologische theorieën op kunnen loslaten. Maar het christendom houdt zich al eeuwen met die vragen bezig.
Waarom zijn het eigenlijk twee boeken, Eilandgasten en De avondboot?
Ze spelen in twee opeenvolgende seizoenen. Het zijn twee zomers. Al die verhalen bij elkaar zou niet te behappen zijn geweest, voor mij in ieder geval niet. Ik wilde dat de lezer het gevoel krijgt van één zomer, en dat de lezer de rij gasten kan overzien.
Als lezer kan ik me voorstellen dat bepaalde personen uit Eilandgasten je niet loslieten, dat je wilde weten wat er volgende zomer met ze gebeurt.
Zo werkt het wel enigszins. Martine bijvoorbeeld is een dierbaar personage.
Wat gebeurt er als iemand begint met De avondboot en dan terugleest?
Dat zou ik heel graag van de lezer horen. Bij het schrijven heb ik me steeds het beeld voor ogen gehouden van een etentje waar je een paar gasten uitnodigt die je al kent en een aantal nieuwe. Je praat met je vroegere gasten niet steeds over het verleden. Je kunt er wel even aan refereren, maar het is geen reünie. De nieuwe gasten mogen zich nooit en te nimmer buitengesloten voelen.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen