CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

ff n studiebreak

Meiden, laser je binnenste schaamlippen lekker weg joh. Want je vriendje wil een playboypoesje.

Geschreven door:

Peter van Limpt (3 havo)

Datum ingestuurd:

21 maart 2001

Taal:

Woorden:

2.550

Bekeken:

11396 keer (3 deze maand)

Waardering:

4.0/5 (148 stemmen)

Deel op:

  • Door marte op 07-12-2004
    kan je ook wat kortere uitreksels maken!
  • Door Rienk op 14-09-2003
    mooi boekverslag jonge!!!
  • Door Michaël op 02-12-2002
    Hallo, Ik vind jouw tekst geweldig,
  • Door Anita op 17-04-2002
    heeey gast echt onwijs bedank heb je hele werkstuk ingeleverd ene had een 9.2 !!!! dusss erg bedankt kussss Anita
  • Door lisa op 04-11-2001
    Bedankt voor je boekverslag. Het is echt heel goed dus scheelt het mij een hoop tijd! Thank you!! -x-lisa

A. Zakelijke gegevens
Uitgeverij: Lemniscaat
Jaar van uitgave: 4e druk, 1993

B. Waarom ik het boek gekozen heb.
Het sprak mij erg aan omdat ik die hadek maar een raar persoon vind en zodoende was ik meteen van plan het te gaan lezen.

C. Eerste persoonlijke reactie
Als eerste moet ik zeggen dat het een heel mooi boek is, omdat telkens als Sander met een probleem zit, hij steeds wordt geholpen door zijn vrienden. Bijv. toen hij zijn verhaal kwijt kon aan marijn en die hem wel geloofde gaf hem dat weer een goed gevoel

Ten tweede is het origineel omdat ik nog nooit van een boek had gehoord dat gaat over een jongen die wordt verteld dat hij heen zal gaan. Ook is het een heel interessant boek want over de dood wordt maar heel weinig gesproken dus weet je ook niet of echt iemand je komt halen. Het zal je maar gebeuren dat er midden in de nacht een man voor je deur staat die zegt dat je laatste dagen geteld zijn. Maar het belangrijkste is dat je er over gaat nadenken.

Ik vind het begrijpelijk want ik zou ook bang worden denk ik als je merkt dat zo’n gek misschien wel eens gelijk zou kunnen hebben

Het vijfde punt is dat het een spannend boek is omdat hij steeds in de penarie komt en je dan niet weet hoe hij het gaat oplossen en dan ineens vindt hij een oplossing. Het boek is heel overtuigend en werkelijk geschreven omdat alles wat hij meemaakt zo echt lijkt en sommige dingen herken je zelfs vanuit je eigen leven. B.v. bij het uitgaan. Dat vind heel knap van de schrijver.

D. Korte samenvatting
Sander, een negentien jarige student, kwam `s avonds licht aangeschoten thuis van een feest. Het was toen na middennacht. Plotseling ging de bel, voor de deur stond een man die zichzelf Hadek noemde. Hij vertelde Sander dat hij nog veertien dagen te leven had en dat hij nu de tijd had om afscheid te nemen. Eerst nam Sander hem niet serieus, maar naar een tijdje begon hij echt bang te worden. Dit kwam omdat Hadek had gezegd dat hij de volgende dag een teken zou krijgen om te bewijzen dat zijn boodschap echt was. De volgende dag werd hij bijna overreden door een auto. Hij vertelde het verhaal aan zijn beste vriend Lodewijk, die zei dat Sander het zich allemaal verbeelde en dat hij zich zorgen om niets maakte. Later begon hij Sander te geloven, maar advies kon hij hem niet echt geven.
Sander veranderde nu van een rustig, oppervlakkig denkende, niet bijgelovige student, naar een bange, diep nadenkende gek. Hij kreeg `s nachts dromen over treinen waar hij niet in mocht en werd overdag angstig om alles, vooral om de dood.
Marijn, zijn buurmeisje, vond het verhaal van Hadek ook maar vreemd, vooral omdat zij die avond net thuiskwam, toen Hadek weggegaan moest zijn. Alleen zij had niets gezien, de huisbaas die de hele tijd in de gang stond ook niet. Maar ze geloofde hem toch

Sander was ook lid van een studentenvereniging, aliquando. Daar ontmoette hij Karin, een derdejaars student. Hij vertelde ook haar zijn verhaal en zij nam het serieus. Zij vertelde hem dat het ook mogelijk was dat hij een hallucinatie zag.
Die middag, toen hij in de bibliotheek liep, zag hij ineens een boek die over de dood ging. Het was geschreven door H.A. Dekkers. Sander dacht dat Hadek deze persoon was en kreeg weer een angst aanval.

Die avond in de kroeg, werden er ook allerlei grapjes over Hadek bij hem uitgehaald. Die avond hadden ze een geest opgeroepen die bevestigde dat Sander heen zou gaan. Toen hij veel later die avond dronken naar huis fietste, werd hij weer bijna overreden door een taxi. Sander liep daardoor een wond aan zijn gezicht op. Naderhand toen bleek dat het kenteken nummer van die auto niet bestond. Nu werd Sander nog banger. Zo ging het maar door, bij alles wat Sander zag, dacht hij gelijk aan Hadek en kreeg hij een angstaanval. Zo hoorde hij na een tijdje zelfs stemmen in zijn hoofd die hem zeiden dat hij in bepaalde treinen niet mocht instappen.

Op een gegeven moment ontmoette hij per toeval een meisje: Danielle. Die voelde meteen dat hij ergens bang voor was. Zij had een tante Angela, die als twee druppels water op Marijn leek. Sander vertelde ook zijn verhaal aan Angela, die zij dat hij niet bang moest zijn voor de dood, anders zou hij alleen maar nog angstiger worden. In het begin lukte het hem niet zo goed om haar advies op te volgen, sterker nog; hij hielp een jongetje dat bijna aan het verdrinken was niet eens omdat hij bang was dat Hadek hem dan zou doden.
Naderhand, nadat hij Angela en Danielle steeds vaker zag, begon hij steeds minder en minder angstig te worden, zijn enge dromen kwamen ook minder vaak. Hij werd ook betere vrienden met Marijn, die hem ook hielp zijn angsten te overwinnen.
Iets wat heel toevallig over Angela en Danielle is, is dat ze elke keer als Sander in de problemen zit ineens te voorschijn kwamen om hem te helpen. Zomaar uit het niets. B.v: Omdat Sander twee dagen niet naar de kroeg was geweest, werd hij alleen op een eiland gedumpt omdat hij zijn ontgroening niet had afgemaakt. Hij moest voor 3 uur terug zijn en gelukkig hadden Angela en Daniëlle hem gevolgd en konden hem terugbrengen. Ook daagde hij een man uit voor een gevecht, maar net toen Sander bijna in elkaar geslagen zou worden was Danielle er opeens en die stopte het gevecht.

Sander vindt dit allemaal zeer toevallig, maar door de hulp van Danielle, Angela, Lodewijk, Karin en zijn vriendin Marijn wordt Sander tegen het einde van het boek steeds minder bang. Alleen op een avond kwam Hadek weer terug. Sander die niet meer bang voor hem was, sloeg hem de trap af.
Nu hij steeds minder bang werd, kon hij weer normaal met Lodewijk praten Lodewijk was hier ook blij om en nodigde Sander en Marijn uit naar zijn verjaardag. Vlak voor Lodewijk zijn feest liet Lodewijk Sander een krantenknipsel zien waarop stond dat een gestoorde Pyromaan: Hans de K. uit de gevangenis was ontsnapt. Lodewijk dacht dat dit Hadek was maar Sander, die zich voorgenomen had om niet meer aan Hadek te denken geloofde dit niet.

Op het feest brak er brand uit, gelukkig kon Sander iedereen redden dankzij Danielle die opeens tevoorschijn kwam terwijl de studenten naar het dak gevlucht waren en zij hoe ze naar beneden moesten komen.
Sander was tijdens de hele brand niet bang geweest voor de dood, hij had zelfs Marijn gered.
Na dit geval was zijn angst compleet verdwenen. Hij was niet bang meer voor de dood en hield van zijn leven.
Sander wilde voor alles wat Danielle voor hem had gedaan, haar een cadeau geven. Alleen toen hij naar haar school ging om het aan haar te geven, had niemand daar ooit van Danielle gehoord en toch wist hij zeker dat ze op die school zat. Ze bestond niet, of ze loog.
Bij het einde van het boek wist Sander nog steeds niet hoe dat kon, en hij heeft nog veel vragen daarover. Maar het antwoord wist niemand, behalve Danielle natuurlijk

E. bespreking van de volgende verhaalaspecten:

spanning:
De spanning wordt vooral veroorzaakt door vooruitwijzing. Dat kom je bijvoorbeeld tegen als hij tegen lodewijk zegt dat hij zijn ontgroening niet afmaakt omdat hij hoofdpijn heeft. Lodewijk antwoord: Dan moet je na-ontgroening. Je vraagt je af of hij ook naontgroening moet. Uiteindelijk wordt hij op een eiland gedumpt.
Een tweede manier is door te vertragen bijvoorbeeld wanneer Angela en Daniëlle hem redden van het eiland praten ze eerst nog een hele poos i.p.v. direct terug naar de kroeg omdat hij dan erelid wordt. Je zou verwachten dat hij meteen terug zou willen.
personages: ook in dit boek wordt niks verteld over het uiterlijk

Sander:
Hij is de hoofdpersoon van het verhaal. Het is een 19-jarige student, die lid is van de studentenvereniging “aliquando”. Het is aan het einde van het verhaal de vriend van Marijn i.t.t. het begin van het verhaal, toen was ze nog zijn buurmeisje. In het begin is het een gewone student naarmate de 14 dagen verlopen wordt hij bang voor alles waar je maar bang van kunt worden. Het is wel een minpuntje dat hij anderen zijn problemen laat oplossen.

Marijn:
Zij wordt de vriendin van Sander. Zij is lief en ze neemt Sander serieus en lacht hem niet uit zoals bijna alle anderen. Ze zit ook bij Sander op de school. Ze is als het ware de helper.

Karin:
Zij is heel lief meisje, een derdejaars, en is ook een van de weinige die Sander geloofd. Ze is ook lid van aliquando

Lodewijk:
De beste vriend van Sander. Hij is net als Sander een eerstejaars. Hij is de enige eerstejaars die lol heeft in de ontgroening. Hij is heel spontaan.

Daniëlle:
Ze is nog maar een brugklasser maar heel spontaan. Het is eigenaardig dat elke keer als Sander in de problemen zit, komt zij opdagen om hem te helpen. Aan het einde is niet echt duidelijk wie/wat ze is.

Angela: Ze is de tante van Daniëlle, en ziet er net zo uit als Marijn alleen wordt niet gezegd hoe ze eruit ziet. Ze is heel spontaan en wil gelijk alles weten.

Hadek: Over hem weet je niks alleen dat hij een bruinverbrand gezicht heeft en een donkerblauw colbert aanheeft. Hij wil Sander komen halen. Hij is de tegenstander van Sander.
­
Thema: Sander in zijn strijd tegen zijn angst voor de dood.
­
Opbouw: Het is een niet-chronologische volgorde omdat je door de vooruitwijzing al in grote lijnen weet wat er gebeurd. Er worden al dingen verteld die in de toekomst zullen plaats vinden.

Tijd:
Het verhaal speelt zich af rond deze tijd. In het boek worden 5 dagen uitgewerkt. Vanaf dat Hadek komt tot de 9e dag voor hij dood gaat.

Vertelsituatie:
Het verhaal wordt verteld in de personale vertelsituatie. De hoofdpersoon verteld niet zelf maar je komt wel veel van hem te weten en van de anderen bijna niets.
­
Ruimte:
Het verhaal speelt zich af rond deze tijd. Sander studeert in Utrecht waar hij naar de Universiteit gaat en naar de kroeg gaat.

F. Grondige beschrijving van mijn leeservaring

Onderwerp: ­
Spreekt het onderwerp me aan? Ja. Heb ik er wel eens over nagedacht? Nee, ik heb er nog nooit over gedacht of iemand je echt komt halen. Heeft het boek me nieuwe kanten van het onderwerp laten zien?
Ja, want ik ist nog niet dat iemand zo bang kon zijn voor de dood zodat hij nog niet eens een klein jongetje kon helpen. Ben je door dit boek anders gaan denken over het onderwerp? Nee, ik ben niet bang voor de dood.

Verwachtte je dat het onderwerp op deze manier werd uitgewerkt? Nee, ik dacht dat het verhaal tot aan de laatste dag zou doorgaan. Wat vond ik verrassend aan de uitwerking? Ik dacht dat het tot de laatste dag die hij had van hadek zou doorgaan.
­
Ben ik het eens met de mening van het boek over dit onderwerp?Ja, ik denk dat mensen bang kunnen worden van de dood.
­
Welke kanten van het onderwerp hebben volgens jou te veel/te weinig aandacht gekregen? Geen één. Ik kon het zelf niet beter

Gebeurtenissen: ­ Bevat het verhaal voldoende gebeurtenissen om te blijven boeien?Ja, ik heb het met plezier gelezen en me geen enkel moment verveeld.
­
Komen de gebeurtenissen logisch uit elkaar voort of is het verband moeilijk te verklaren?Ze komen logisch uit elkaar voort. Sander komt Hadek tegen, word bang, word steeds banger, overwint zijn angst.
­
Vind je de gebeurtenissen spannend/ boeiend/ herkenbaar/ dramatisch/ humoristisch/ zwaarwichtig/ geloofwaardig/ verrassend/ onaanvaardbaar/ waarschijnlijk/ schokkend?
Ik vind ze verrassend. Zulke dingen zou je niet verwachten. B.v. toen hij die jongen niet uit de sloot durfde te redden.

Licht met voorbeelden toe welke keuze uit beoordelingswoorden je hebt gekozen in je eerste persoonlijke reactie? Zie eerste persoonlijke reactie. (dat heb ik daar al gedaan)
­
Hebben de gebeurtenissen me aan het denken gezet? Ja Waarover? Nadat ik het boek gelezen had dacht ik dat Hadek Sanders angst moest voorstellen en Daniëlle Sanders moed. Daniëlle heeft Sander zijn angst (voor Hadek) helpen te overwinnen. Ik weet alleen niet of dit zo bedoeld is.

Beschrijf een gebeurtenis die de meeste indruk op me heeft gemaakt?Toen Sander dat kleine jongetje niet uit de sloot durfde te halen omdat hij bang was zelf te verdrinken.

Personages: ­
Is de hoofdpersoon een held waar je op zou willen lijken?Nee Waarom?Ik zou het heel vervelend vinden als ik zoiets zou beleven.
­
Hebben de personages eigenschappen die je bewondert, gewoon vindt of verafschuwd? Nee, ik vind dat je een boek dat je met plezier gelezen hebt niet negatief moet gaan bekritiseren.
­
Welke personages gingen voor je leven? Allemaal, ik kon ze allemaal wel voorstellen. Welke niet?geen
­
Reageren de personen voorspelbaar of niet? Ja, ik had wel verwacht dat de meiden Sander zouden begrijpen en de jongens hem niet serieus zouden nemen.
­
Van welke personages kom je het meest te weten?Sander Genoeg om hun gedrag te begrijpen? Ja, je ziet Sander als het ware veranderen. Wat vond ik van dat gedrag? Ik kan hem wel begrijpen.
­
Met welke beslissingen, ideeën van de personages ben ik het oneens? Ik vond het zwak om dat kleine jongetje daar in de sloot te laten. Wat zou ik anders gedaan hebben? Ik zou hem geholpen hebben. Leg uit? De sloot was maar 1.5 meter diep, een hele kleine kans dat je verdrinkt en anders zou ik het toch gedaan hebben.

Bouw: ­ Hangt alles goed samen of juist niet? Ja, de gebeurtenissen passen bij elkaar.
­
Is het verhaal spannend? Ja, je moet steeds wachten hoe Sander reageert.
­
Is het verhaal boeiend? Ja, ik vond het leuk om te lezen en weet nu ongeveer wat er met je gebeurd als zo iemand aan de deur komt.
­
Past de bouw van het verhaal goed bij het onderwerp. Ja, hij is bang voor de dood maar hij is nog niet dood, dat moet nog gebeuren.
­
Zitten er veel terugblikken of herinneringen in het verhaal? Er zit een terugblik in. Wat vind ik daarvan? Het komt er door dat je aan het begin van een verhaal begint
­
Wat vind je van het eind? Ik had gehoopt dat het geen open einde was. Blijft er teveel onduidelijk? Ik vind van wel, je blijft met veel vragen zitten. B.v. Wie/wat is Daniëlle echt?, Gaat hij nog dood?, Komt Hadek nog terug.

Taalgebruik: ­
Vind ik het lastig om te lezen? Nee, het las makkelijk
­
Hoe vind ik de verhouding tussen beschrijving, gesprekken en weergave van gedachten of gevoelens? Gedachten geeft de schrijver weer door de persoon in zijn eigen te laten praten gesprekken worden door de personen zelf worden gevoerd.
­
Vind ik dat de taal past bij de personages en het onderwerp? Ja, het is eigentijdse taal.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.