
Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 1 juli 2009 |
Niveau: | Docent |
Taal: | |
Woorden: | 2683 |
Opvragingen: | 262 (21 deze maand) |
Waardering: |
Titel: | Het waaien van mijn oma |
Auteur: | |
Jaar van uitgave: | 2009 |
Moeilijkheidsgraad: |
|
Thema: | Zin van het bestaan, Vader-dochterrelatie, Heden & Verleden, Geheim, Familiebetrekkingen, Eenzaamheid & Isolement, Dood |
Auteur: | |
Geslacht: | vrouw |
Nationaliteit: | Nederlands |
Geboren: | 1979 |
Populaire titels: |
|

Feitelijke gegevens over het boek
Gebruikte druk: 1e
Verschijningsdatum 1e druk: 19 juni 2009
Aantal bladzijden: 138
Uitgegeven door: LJ Veen te Amsterdam
Beschrijving van de cover
Op de voorkant staat de afbeelding van een jong meisje met een kort broekje, een zonnebril en koffertje. Het zou een jeugdfoto van Marie kunnen zijn, maar vooralsnog is dat niet in de inhoud van de roman te vinden. Ze gaat op 11-jaarige leeftijd een keer met haar moeder naar Frankrijk en misschien is dat een foto uit haar “ouwe doos.”
Opdracht
De opdracht luidt: Voor Andrea
Genreaanduiding van het boek
Het is een psychologische roman over geheimen in de familie, een vader-dochterrelatie en de dood van een oma. Omdat een gedeelte van de inhoud zich afspeelt tijdens een heen -en terugreis naar Frankrijk en Nederland, kun je in zo’n geval ook spreken van een “roadnovel.”
Het is maar een heel kleine roman en je kunt je afvragen of het niet zelfs een novelle kan worden genoemd.
De flaptekst
Je wordt wakker, slaat je arm om haar heen en gelijk voel je het, haar huid voelt anders, ze reageert niet op jouw arm. Je komt een beetje overeind en strijkt het haar uit haar gezicht. Haar ogen blijven gesloten. Je voelt de warmte van de dag. Je gaat weer liggen, naast haar liggen. Voor altijd naast haar liggen.
De grootouders van Marie wonen in Zuid- Frankrijk. Wanneer oma aan Alzheimer overlijdt, neemt Marie even afstand van haar leven in de stad en rijdt ze met haar vader naar Frankrijk om opa mee terug naar Nederland te nemen. Haar oma mag dan wel dood zijn, ze heeft nog nooit zo goed met haar kunnen praten als nu, hier in de bijkeuken, gebogen over de kist. Er wordt gesproken over de Zeeuwse wortels van de familie, de ramp van 1953, een verdronken tante. Ondertussen draaien Marie, haar vader en haar opa in een onnavolgbare choreografie om elkaar heen, worstelend met hun eigenaardigheden en hun verdriet.
Het waaien van mijn oma is een lichtvoetige roadnovel die op soms pijnlijk ontroerende wijze voelbaar maakt hoe familie ons op hetzelfde moment vreemd en vertrouwd voorkomt.
Motto
Het motto luidt:
Vandaag ben ik wat traag, wat koel en fris
Het is dat ik een beetje aanspraak mis
Stromen kan erg eenzaam zijn
Het motto komt uit een liedje van Alfred Jodocus Kwak
Marie is nogal van slag door de dood van haar oma, zeker wanneer ze op de hoogte wordt gesteld van het geheim dat achter de altijd koele houding van haar oma verborgen ligt.
Structuur en/of verhaalopbouw
Er is geen indeling in genummerde hoofdstukken. Er zijn hoofdstukken die met een witregel worden aangegeven. Het verhaal begint met de aankondiging van de dood van de oma van de hoofdfiguur en het eindigt met haar toespraak bij de begrafenis. Enkele gebeurtenissen uit het verleden worden daar tussen dor verteld, maar in de beleving van de lezer is er niet echt sprake van een niet-chronologische vertelwijze.
Gebruikt perspectief
Er is een ikverteller in deze roman: de jonge en mooie vrouw Marie. Er wordt niet expliciet verteld hoe oud ze is, maar je kunt uit tekstgegevens de conclusie trekken dat ze tussen de 20 en 25 moet zijn. Ze vertelt in de o.t.t. wanneer ze met haar vader haar opa uit Zuid-Frankrijk gaat halen. Er zijn enkele korte flashbacks uit haar jeugd en die worden in de verleden tyijd verteld.
Bijzonder in dit opzicht is natuurlijk wel dat Marie enkele dingen vertelt die ze niet kan weten. Zo is het de vraag of het hoofdstuk waarin haar oma haar ’s nachts bezoekt een vertelingreep is van de schrijfster of dat er sprake is van een droom waarin oma verschijnt. Dat valt niet op te maken uit de tekst. Ook kan Marie de passage van de dood van Jeanne eigenlijk niet vertellen, want niemand heeft dat ooit tegen haar verteld.
De tijd van het verhaal
De vertelster geeft weinig prijs over de tijd van het verhaal. Ook worden er geen data genoemd. Het is wel warm en daaruit kun je de conclusie trekken dat het zomer is.
Je kunt wel ongeveer bepalen wanneer het verhaal speelt. In de inhoud wordt namelijk verteld dat de vader van Marie in 1954 (een jaar na De Ramp in Zeeland) is genoren. Hij wordt op zijn 29e vader van Marie. Dat is dus 1983. Er wordt ook verteld dat de ramp meer dan 50 jaar geleden is gebeurd. Marie is een mooie jonge vrouw. Dat houdt wel in dat het verhaal zich in ieder geval na 2004 afspeelt.
De vertelde tijd is enkele dagen: van de aankondiging van de dood tot en met de begrafenis.
De plaats van handeling
De mystificatie van gegevens houdt de vertelster ook vol in de gegevens over de plaats van handeling. Er zijn enkele plaatsen die een rol spelen.
De eerste is de geboorteplaats van haar oma. Daar wil ze ook begraven worden. Dat is in ieder geval een klein dorp in de provincie Zeeland (vgl. de Ramp) Maar er wordt geen naam genoemd. Toen die ruimte te benauwd werd, zijn ze naar de grote stad verhuisd. En toen Nederland te benauwd werd, gingen opa en oma naar Zuid-Frankrijk. Ze zijn vrijwel nooit meer in Nederland geweest.
De vertelster Marie woont zelf in Amsterdam. Dat geeft wat meer ruimte voor de vertelster.
Opa en oma wonen in een huisje in Zuid-Frankrijk. Er zijn hoge bergen in de burt, maar er wordt geen enkele naam gegeven.
Samenvatting van de inhoud
Marie (een mooie jonge vrouw) krijgt een telefoontje van haar moeder waarin die meedeelt dat oma in Zuid-Frankrijk is overleden en dat haar vader haar opa gaat ophalen, want oma wilde begraven worden in Nederland. Marie biedt aan om met haar vader mee te reizen.
Har vader stemt toe. Het wordt een niet al te spraakzame rit, maar uit alles blijkt dat vader en dochter weliswaar een bijzondere relatie hebben, maar geen slechte. Ze overdenkt dat ze in al die jaren maar twee keer in Zuid-Frankrijk is geweest , beide keren met haar moeder en dat z ezich altijd wat meer aangetrokken voelde tot haar opa. Bij haar weten heeft ze haar oma nooit ontmoet in Nederland. Onderweg draaien ze cd’s o.a. “Get back van The Beatles”, wat een heel toepasselijk tekst is, want Paul Mc Cartney zingt : “Get back to where you belong.” En oma wil immers in Nederland begraven worden. In een flashback denkt Marie aan haar wagenziekte als ze door de bergen reed met haar moeder. Dat gebeurt nu weer. Vlak bij opa’s huis zijn bergen en ze moet weer kotsen, tot vermaak van haar vader. Opa staat te wachten op hen. Hij doet wat laconiek over de dood van oma: ze was de laatste jaren steeds meer verschijnselen van Alzheimer gaan vertonen en op een bepaald moment was ze gewoon ingeslapen. Oma ligt opgebaard in de bijkeuken en het is bovendien de eerste dode die Marie ziet.. Ze spreekt tegen oma die in de kist ligt en zegt dat ze het wel erg jammer vindt dat haar oma nooit de moeite heeft genomen om contacten met haar te leggen. Het klinkt allemaal wat verwijtend.
In de nacht komt oma tegen haar praten. Het is wellicht een droom. Oma vertelt dat er iets gebeurd is in het verleden, wat haar heel benauwd heeft gemaakt. Ze is weggetrokken uit het dorp en naar de grote stad verhuisd, maar ook daar voelde ze zich niet op haar gemak. Daarom zijn ze naar Zuid-Frankrijk verhuisd, eigenlijk om te kunnen vergeten. Ze has wel graag met Marie contact willen hebben, maar ze had nooit naar Nederland teruggewild en ze moest kiezen uit twee verlangens.
De volgende morgen gaat Marie terug naar de bijkeuken en biedt haar oma excuses aan. Oma zal die dag worden opgehaald en naar het vliegveld worden gebracht. Aan haar opa vraagt ze hoe het sterven was gegaan.
Hij vertelt het heel liefdevol : Je wordt wakker, slaat je arm om haar heen en gelijk voel je het, haar huid voelt anders, ze reageert niet op jouw arm. Je komt een beetje overeind en strijkt het haar uit haar gezicht. Haar ogen blijven gesloten. Je voelt de warmte van de dag. Je gaat weer liggen, naast haar liggen. Voor altijd naast haar liggen. "
Dan vertelt hij dat oma in haar ziekteproces steeds vroeg waar Jeanne was. Marie vraagt wie dat is en dan komt er een ruzie tussen opa en haar vader. Jeanne blijkt de overleden zus van haar vader te zijn. Ze is verdronken tijdens de Watersnoodramp van 1953. Een jaar later werd haar vader geboren: een substitutiebaby die eigenlijk een meisje moest zijn. Hij had zijn zusje nooit gekend en er nooit meer over gesproken met Marie. Dat neemt ze hem nu wel kwalijk.
Opa verbrandt nog een aantal boeken in de open haard. Marie neemt een boek van Joop ter Heul mee. Dan sluiten ze het huisje af en gaan op weg naar Nederland. Ze zijn eerst stil en verdrietig in de auto. Dan zegt Marie dat ze een toespraak op de begrafenis wil houden. Haar vader wil geen toespraak houden. Hij wordt ineens zo boos, dat ze de auto wordt uitgezet. Gelukkig krijgt ze meteen een lift van een jonge mooie vrouw die haar wel mee wil nemen naar Parijs. Ze vertelt haar o.a. dat ze een soort schuldgevoel heeft dat ze op de avond toen ze hoorde dat haar oma overleden was, toch naar een discotheek was geweest. De vrouw reageert daar niet op.
Maar haar vader heeft verderop op haar gewacht. Ze biedt excuses aan en de reis verloopt daarna goed. Ze wordt eerst thuis gebracht.
Enkele dagen later is de begrafenis. Ze rijdt met haar ouders mee en gaat eerst wat rondlopen op de begraafplaats. Ze ervaart hoe het is gegaan tijdens De Ramp. Jeanne lag beneden en de andere kinderen boven en opa had tevergeefs geprobeerd zijn kind te redden.
Ze zoekt de grafsteen van Jeanne. Na een tijdje vindt ze die: een simpele steen met geboorte-en sterfdatum. Dan ziet ze dat de tweede naam van Jeanne Marie is. Ze is dus vernoemd. Dat hadden haar ouders haar ook wel eens mogen zeggen. Dan keert ze terug naar de aula en houdt een liefdevolle toespraak voor haar oma. Die gaat o.a. over gelukkig zijn in het leven: iets wat ze zal proberen na te streven. Ze zegt ook dat ze al afscheid heeft genomen van oma en dat ze zal doen wat haar is opgedragen: doorgaan met ademhalen.
Titelverklaring
Er is geen letterlijke verwijzing in de korte roman. Er wordt wel een keer over “waaien” gesproken en dat is tijdens het verslag van De ramp. Dat zou kunnen betekenen dat
de dood van oma verweven is met de Ramp en dat na de Ramp haar leven wordt verbonden met het grote verdriet van oma.
Thematiek en interpretatie
In deze roman gaat het over enkele grote thema’s als dood, gelukkig zijn, het geheim, de familierelaties en afscheid nemen. Marie heeft in het begin van het verhaal niet zo’n goede band met haar naar Frankrijk verhuisde oma: die komt in haar herinnering nogal koel over en ze heeft zich niet kunnen herinneren dat ze ooit in Nederland op bezoek is geweest. Haar opa viel nog mee, maar tot haar oma voelde ze zich niet aangetrokken.
Ze reist met haar vader mee om haar opa op te halen. Ze wil hem wel vergezellen, omdat ze het zielig vindt dat hij alleen met de auto moet. De communicatie met haar vader verloopt stroef, maar dat vindt ze eigenlijk ook wel prettig. Haar vader is geen prater en het lijkt hem niet zo te deren dat zijn moeder overleden is. Bovendien leed ze aan een vorm van dementie. Toch stelt Marie af en toe indringende vragen. In Frankrijk merkt ze echter dat er meer aan de hand is. Haar oma heeft een dochtertje verloren en dat is een familiegeheim geworden. Haar vader is een substitutiebaby: eigenlijk had hij een meisje moeten zijn en blijkbaar heeft dat zijn relatie met zijn ouders beïnvloed. Hij heeft er nooit met Marie over gesproken alsof er nooit een dood zusje is geweest. Dat neemt Marie hem wel kwalijk. Op de begraafplaats in Zeeland komt ze er bovendien achter dat ze ook nog vernoemd is naar die tante. Daarom gaat het in deze kleine, maar mooie roman ook over communicatieproblemen in de familie. Er blijven in de familie van Marie heel veel dingen onbesproken.
En dat moeten ze personages eigenlijk ook maar nemen zoals het is. Kom je te dicht bij een ander, dan is het meteen raak. (vgl. het vragen naar de overleden zus, het maken van een toespeling op een toespraak) Het lijkt erop alsof har vader niet zo goed met zijn gevoelens overweg kan. Marie heeft volgens haar (dode) oma meer weg van haar opa die gelukkig zijn hoog in zijn levensvaandel had. Zo wil Marie ook verder door het leven gaan, zegt ze in de toespraak tijdens de begrafenis. Ze heeft op een mooie manier afscheid genomen van haar oma en kijkt met vertrouwen het leven tegemoet. Het nuchtere advies van oma is “blijven ademhalen”en dat zal ze ook in de toekomst opvolgen. Je moet de draad van het leven het leven weer gewoon verder oppakken.
Beoordeling scholieren.com
“Het waaien van mijn oma” is een heel korte, maar mooie en ietwat weemoedige roman over familiebetrekkingen. De stijl van Renée van Marissing is met een milde humor gelardeerd. Het hoofdstuk over oma die ’s nachts na haar dood bij Marie op bezoek komt, is van een ontroerende schoonheid. Er is zoveel leed achter de personages voelbaar en Van Marissing had die ellende melodramatisch kunnen aanzetten. Dat doet ze echter niet, waardoor het een warm boek blijft. Net zo warm als het Frankrijk waarheen haar grootouders vluchten om aan het verleden te ontkomen. Een boek ook met een positief einde. Maar ook d dialogen zijn fraai en je kunt zien dat de schrijfster vaak dialogen heeft geschreven voor andersoortige teksten. (hoorspel ed.)
Daarom is het heel goed te lezen voor scholieren van mavo, havo en vwo. Het zal in de eerste plaats niet veel tijd in ebslag nemen om het boek te lezen (en nadat is altijd fijn) maar het niveau van het romandebuut van Renée van Marissing is gewoon hoog. Mooi nummer voor je lijst. Ik geef twee punten voor de waardering op de literatuurlijst.
Over de schrijfster
Bron: website auteur
Renée wordt in 1979 geboren tegenover Artis, in Amsterdam. De eerste jaren van haar leven brengt ze veel tijd door in de dierentuin, en, zodra ze kan zitten, op de barkruk van haar eerste stamkroeg, waar ze met haar ouders om de hoek woont.
Omdat ze op haar 16de nog steeds niet weet wat ze wil worden begint en stopt ze een aantal jaren met verschillende opleidingen en baantjes. Op haar 22ste doet ze voor de derde keer auditie voor de opleiding Dramaschrijven aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht en eindelijk wordt ze aangenomen.
Vlak voor de zomer in 2006 studeert Renée af met een scriptie over het schrijven voor muziektheater. Haar afstudeerhoorspel Ik ben er voor niemand, gebaseerd op het gelijknamige boek van Ingmar Heytze, wordt live opgevoerd, inclusief ouderwetse windmachine.
Na haar studie volgt Renée muziektheater workshops bij Orkater en Toneelgroep Amsterdam. Verder schrijft ze libretto's voor o.a. Xynix opera en het Festival Oude Muziek, vertaalt ze samen met Daniël van Klaveren A piece of Monologue van Samuel Beckett voor het Fringe festival en bewerkt ze Doeschka Meijsings Over de liefde tot een hoorspel.
Begin 2008 begint ze met het schrijven van haar debuutroman Het waaien van mijn oma, die juni 2009 verschijnt bij uitgeverij LJ Veen.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.