ff n studiebreak
Experiment: geen Twitter, mail en Whatsapp meer voor Nina. Wel faxen, brieven in enveloppen en ouderwetsch bellen.
geef je mening
Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.
1. Schrijver, titel en genre
a. Schrijver
Harry Mulisch
b. Titel
De aanslag, De Bezige Bij, Amsterdam, 1998, drieëndertigste druk, 254 blz. (eerste uitgave 1982)
c. Genre
Oorlogsroman / psychologische roman
2. Samenvatting
Aan het begin van het boek loopt de oorlog op zijn eind. Het is Hongerwinter. Anton woont met zijn vader, moeder en broer Peter in Haarlem.Voor het huis van hun buren wordt een aanslag gepleegd op een NSB'er, Fake Ploeg. De buren, meneer Korteweg en zijn dochter, verleggen het bewusteloze lichaam naar het huis van familie Steenwijk. Peter probeert het lichaam terug te slepen, maar hij wordt gestoord door een gewapende Duitse patrouille. Met het pistool van Ploeg vlucht hij achter het huis van Korteweg. De Duitsers arresteren de familie Steenwijk. Anton wordt gescheiden van zijn ouders. Anton wordt naar het politiebureau van Heemstede gebracht. Een brigadier sluit hem op in een cel waarin al iemand zit. In de cel is het aardedonker. Hij merkt pas dat hij bij een vrouw zit, als zij vraagt wat er gebeurd is. Hij begint te huilen en ze troost hem, maar overtuigt hem er ook van dat de Duitsers de schuld zijn van zijn ellende en niet de illegaliteit. Later valt Anton in slaap. De volgende ochtend wordt hij door de Duitsers naar zijn oom en tante in Amsterdam gebracht. Oom Peter hoort kort na de bevrijding in Haarlem dat Antons ouders op de rampavond in januari zijn doodgeschoten. In juni komt het bericht dat ook Peter die avond is doodgeschoten. Anton wil niets meer met de oorlog te maken hebben. Hij doorloopt het gymnasium en gaat medicijnen studeren. Over de oorlog leest hij nooit meer iets. Pas in 1952 gaat hij weer naar Haarlem, als hij een uitnodiging krijgt voor een feestje van een medestudent. Anton zoekt dan eindelijk zijn oude huis weer op. Anton herinnert zich dat niets meer en voor het eerst voelt hij iets van angst voor dat afgesloten verleden. Sinds zijn examen in 1953 woont Anton in een appartement in het centrum van Amsterdam. Het verleden lijkt steeds verder weg, maar het blijft zijn reacties beïnvloeden. Wanneer Anton op een moment Fake junior tegenkomt, nodigt hij hem uit om mee te gaan naar zijn kamer. Fake lijkt precies op zijn vader. Fake is opstandig. Hij geeft de schuld aan het verzet.In 1959 doet Anton artsexamen. Zijn eerste vrouw, Saskia de Graaff, ontmoet hij in 1960 in Londen. In 1961 trouwen ze. Begin juli 1966 bezoekt Anton, samen met Saskia en zijn vierjarige dochtertje Sandra, de begrafenis van een journalist die bevriend was met de vader van Saskia. De begrafenis wordt bezocht door mensen die elkaar kennen uit het verzet. Na de begrafenis, als de bezoekers in een café samenkomen, ontstaat er een heftige discussie. In een stilte vangt Anton de volgende zin op: ‘ik schoot eerst in zijn rug, en toen een keer in zijn schouder en in zijn buik, terwijl ik hem voorbij fietste.’ De man die dit zegt is Cor Takes. Anton reageert in een reflex: ‘kwam er toen nog een vierde en een vijfde schot? En toen nog een zesde?’ Als Takes begrijpt wie hij is, neemt hij hem mee naar het stille kerkhof. Ze voeren een emotioneel gesprek. Anton constateert dat Takes de aanslag zit te rechtvaardigen, al legt hij de schuld voor de represailles duidelijk bij de Duitsers. Takes blijkt niets te weten van het gesleep met het lijk van Ploeg. Hij is verbluft en vindt het stom dat ze het lijk niet gewoon hebben binnengehaald en weggewerkt. Anton weet geen verklaring voor het feit dat de Kortewegs het lijk voor hun deur hebben gelegd en niet voor het huis van familie Aarts. Hij wil bovendien het verleden later rusten, terwijl Takes juist alles wil weten. Takes bekent waarom deze ene aanslag hem zo dwars zit: als gevolg ervan is zijn vriendin geëxecuteerd. Anton beseft ineens dat zij de vrouw in de cel moet zijn. Hij kan niets over haar en het gesprek in de cel vertellen, alleen dat ze gewond was. Toch is Takes ervan overtuigd dat zij het geweest is. Hij vertelt dat ze Truus Coster heet en dat Ploeg haar had aangeschoten. Drie weken voor de bevrijding is ze in de duinen geëxecuteerd. Anton is in 1967 gescheiden van Saskia en in 1968 hertrouwd met Liesbeth. In 1969 wordt hun zoon Peter geboren. Saskia is ook hertrouwd. Het verleden lijkt steeds verder weg te schuiven.Jaren later doet Anton mee aan een grote demonstratie. Daar botst hij op tegen Karin Korteweg, die hij aanvankelijk niet herkent. Karin begint te vertellen. Peter is bij hen naar binnen gevlucht. Peter wordt door de Duitsers neergeknald. Na de bevrijding zijn ze geëmigreerd naar Nieuw-Zeeland, omdat haar vader bang was voor Antons wraak. Daar heeft hij in 1948 zelfmoord gepleegd. Karin vertelt waarom haar vader Ploeg heeft versleept: hij was bang dat de Duitsers hun huis zouden vernielen en daarbij zijn hagedissen doden. Hij had niet voorzien dat ze als represaille bewoners zouden doden. Toen bleek dat dat toch gebeurd was, heeft hij de beesten doodgetrapt. Ten slotte wil Anton nog antwoord op een vraag. Waarom hebben ze het lijk niet bij Aarts voor de deur gelegd? Karin wilde dat ook, maar haar vader wist dat daar drie joden ondergedoken zaten. Nu weet Anton dus alles. Hij neemt haastig afscheid en laat Karin hulpeloos achter. Nu, 36 jaar later, kan hij de oorlog eindelijk voorgoed van zich af zetten.
3. Verhaaltechniek
Het begin van het verhaal speelt zich af in de tweedewereldoorlog. Het hele verhaal is een nasleep van een gebeurtenis uit de tweedewereldoorlog. Het verhaal begint in de Hongerwinter van 1945 en eindigt in de zomer van 1981. De tijdsvolgorde is chronologisch. Er is sprake van een onderbroken verhaal. Het verhaal stopt aan het eind van de tweedewereldoorlog en gaat dan pas in 1952 weer verder. De vertelde tijd is bijna 37 jaar. In het verhaal komt af en toe een flashback voor. Deze verwijst dan vaak terug naar de aanslag op Ploeg. De plaats waar het zich afspeelt is in het begin Haarlem, maar nadat het huis van de familie is afgebrand gaat het leven van Anton verder in Amsterdam.
De hoofdpersoon in dit boek is Anton Steenwijk, een man die als jongen door een misverstand zijn familie verloor. Hij wordt op verschillende momenten in zijn leven met de schuldvraag geconfronteerd. Hij is vrij passief en laat de meeste dingen over zich heen komen. De karakters vind ik in dit boek zeer goed beschreven. Je leert Anton goed kennen en hij heeft een heleboel karaktereigenschappen. Hier kom je achter door zijn reactie op gebeurtenissen en door zijn gedachtegang. Personen die verder een belangrijke rol spelen in het verhaal zijn het echtpaar Aarts. Zij verplaatsen het dode lichaam van Fake Ploeg na de aanslag naar het huis van familie Steenwijk. De zoon van Fake Ploeg, die ook Fake heet, is ook een redelijk belangrijke persoon in het verhaal. Jaren na de oorlog komt Anton hem tegen en voeren zij samen een belangrijk gesprek. De personages in het boek reageren heel levensecht en dat maakt het boek realistisch.
Het verhaal is geschreven vanuit het hij/zij perspectief. De vertelwijze is auctoriaal.
Belangrijke motieven die in het verhaal voorkomen zijn de aanslag op Fake Ploeg, het gesprek met Truus Coster, het gesprek met Fake Ploeg, het gesprek met Cor Takes, de man die samen met Truus Coster de aanslag op NSB’er Ploeg heeft gepleegd en het slotgesprek met Karin.
Een opvallend leidsmotief in dit verhaal is de steen. Hierna word meerdere malen verwezen in het verhaal. (Anton Steenwijk, symbolon – een doormidden geslagen steen, het stuiteren van de dobbelsteen bij mens-erger-je-niet enz.)
Het thema in dit boek is schuldvraag. Een man die door een misverstand in de tweedewereldoorlog zijn familie verloor, wordt op verschillende momenten in zijn leven geconfronteerd met de schuldvraag.
De titel geeft direct het onderwerp van het verhaal weer. ‘De aanslag’ beschrijft ook direct het thema.
De schrijfstijl is poëtisch. Verder is de stijl helder, sober en eenvoudig. Er zijn veel gesprekken, beschrijvingen en commentaren. De opening van het verhaal is informatief en doet sprookjesachtig aan: “Ver, ver weg in de tweede wereldoorlog woonde een zekere Anton Steenwijk met zijn ouders en zijn broer aan de rand van Haarlem. …” (pagina 7) Het verhaal heeft een gesloten einde, op het eind word alles duidelijk.
4. Beoordeling
Ik vond de aanslag een erg mooi boek. Het is spannend, veelbetekenend, aangrijpend en ontroerend. Deze eigenschappen hebben voor mij een positieve werking. Dit boek beschrijft heel goed hoe het leven van iemand met oorlogstrauma’s verder gaat. Namelijk heel moeilijk, vol met twijfels en angstaanvallen. Dit heeft veel indruk op mij gemaakt. In dit boek waren geen verhaalelementen die een negatieve werking op mij hadden.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.