CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

ff n studiebreak

Bij klassieke muziek moet je niet aan je grijze oma denken, maar aan YouTube. 5 tips van Lucas en Arthur Jussen.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

Mij

Datum ingestuurd:

11 december 2006

Taal:

Woorden:

1.950

Bekeken:

1147 keer (8 deze maand)

Waardering:

5.0/5 (1 stem)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

A. Naam van de auteur: Berend Jager.
Titel van het boek: De weg naar Titicaca.
Uitgever en jaar van 1e uitgave: Kluitman Alkmaar, 1990.

B. Waarom ik dit boek koos:

Het leek me wel een interessant boek over een onderwerp waar ik nog niet zoveel over wist. Het is ook een boek van een schrijver waar ik nog geen boeken van had gelezen.

C. Verklaring van de titel: Het hele verhaal gaat over hoe Diego in Spanje begint en vervolgens het rijk van de Inca doorgaat en uiteindelijk bij Titicaca komt. Het hele verhaal is dus de weg naar Titicaca.
Hoofdpersoon: Diego del Blanca:
Zijn vader is overleden en zijn moeder overlijdt ook in het begin van het verhaal. Hij heeft dan alleen nog maar een oom en tante waar hij bij kan wonen.
Andere personen:
Felippillo: Hij heet eigenlijk Champi, maar hij wordt Felipillo genoemd, omdat hij klein is. Hij is meegereisd met een schip van de Spanjaarden en ontmoet in Spanje
Diego. Samen monsteren ze aan op het schip van Pizarro. Felippillo kan in
Zuid-Amerika ook niet van één van de vele vrouwen van de Inca afblijven. Als die
relatie ontdekt zou worden, zouden Felippillo en de vrouw op hun kop aan een boom
worden gehangen.
Manta: De halfzus van Felippillo. Zij wordt verliefd op Diego en denkt steeds maar
aan hem als ze in het Maagdenhuis zit.
Carlos: Hij is één van de broers van Pizarro. Hij leert Diego zwaard vechten en paardrijden in Sevilla.
Pizarro: De leider van het leger waarbij Diego zit. Hij is de broer van Carlos.
Kero: Hij is één van de bodes die Diego en Manta helpen om bij Titicaca te komen.

Tijd: In welke tijd speelt het verhaal? In de 16e eeuw.
Hoeveel tijd verloopt in het verhaal? Ongeveer 2 jaar.
Worden de gebeurtenissen in de juiste volgorde verteld? Ja.
Thema: Verovering van het Incarijk door de Spanjaarden.
Vertelsituatie: De alwetende vertelsituatie.
Ruimte: In verschillende steden, in het oerwoud, op een vlot en op een paard.

D. Korte samenvatting van de inhoud:
Diego del Blanca moet in zijn eentje zorgen voor zijn zieke moeder die op sterven ligt. Hij loopt op een dag in de haven en ziet daar twee grote schepen die net zijn aangekomen en veel onbekende dingen bevatten. Ook ziet hij een Indianenjongetje. Hij komt ermee in contact en de jongen blijkt Champi te heten, maar ze noemen hem Felippillo. Felippillo komt van een schip dat uit Zuid-Amerika komt. Die avond gaat Felippillo met Diego mee naar huis. Als ze thuis komen blijkt dat de moeder van Diego is overleden. Diego komt dan bij zijn oom en tante wonen. Felipillo vertelt hem dat hij misschien wel mee aan kan monsteren op zijn schip. Diego heeft toch bijna niets meer en wil dat wel. Felippillo vraagt het aan zijn baas en het mag. De leider van de troepen heet Pizarro. Diego wil graag ruiter worden, maar daarvoor moet hij nog wel eerst getraind worden. Carlos traint hem in zwaarvechten en paardruiden. Als ze naar Zuid-Amerika vertrekken kan Diego goed vechten. Hij heeft zijn bezittingen verkocht en er een paard en wapens voor gekocht.

Het verhaal gaat verder als ze midden in de jungle zitten. Het is dar ontzettend warm en vochtig. Diego en een paar andere mannen gaan op verkenning naar een dorpje, maar ze moeten onderweg wel uitkijken voor Indianen die zich in de bosjes verscholen hebben. Dan komen ze in een strijd terecht met de Indianen. De indianen hebben een dorpje in brand gezet en veel dingen gesloopt. Diego vindt in dat dorpje een kleine puppy die haar familie is verloren. Deigo besluit om haar mee te nemen. Hij noemt haar Isabel, naar de koningin van Spanje.
Dan komen de mannen twee schepen tegen. Eentje van hen wil er naartoe zwemmen, maar word opgegeten door een haai. De anderen besluiten om terug te gaan naar het kamp.
Ze varen weer verder en zien dan de stad Puna. Felippillo zegt dat de mensen uit Puna niet te vertrouwen zijn. De Spanjaarden worden toch goed ontvangen, Er wordt hen zelfs aangeboden hen naar Tumbez te varen. Pizarro gaat in op dat aanbod. Die nacht worden de Spanjaarden op grote vlotten overgevaren. Maar midden in de nacht blijkt dat de Indianen die hun vlot besturen hun willen dumpen op een onbewoond eiland. Gelukkig merken ze dat op tijd en overmeesteren ze de Indianen. Uiteindelijk komen ze toch aan in Tumbez. Dat is de stad waar Felippillo vandaan komt. Felippillo dient ook vaak als tolk tussen de Spanjaarden en de Indianen. Felippillo’s zus Manta moet daar ook ergens zijn.
Diego komt in contact met Manta en is meteen smoorverliefd op haar. Maar Manta moet naar een speciaal huis voor maagden die gewijd zijn aan de zonnegod Inti.
De Spanjaarden blijven even in Tumbez en gaan dan weer verder naar Cajamarca. Als ze in Cajamarca aankomen blijkt dat daar helemaal niemand meer is, iedereen is de heuvels ingevlucht. Pizarro stuurt een bode naar Atahualpa om te vragen waar hij blijft. Pizarro weet dat de Spanjaarden nooit zullen winnen van de Indianen in een normale veldslag.
Daarom wil hij met een list de Inca’s verslaan. De list lukt en ze krijgen de Inca gevangen. De Inca doet een bod dat als de Spanjaarden hem vrijlaten, dat ze dan een enorme hoeveelheid goud en ijzer zullen krijgen. De Spanjaarden gaan op dat aanbod in. Er worden uit het hele rijk gouden voorwerpen gestuurd naar Cajamarca. Pizarro vindt dat die toevoer te sloom gaat en stelt een paar Spanjaarden in als controleurs, waaronder Diego. Diego wil wel naar Cuzco, omdat daar Manta in een Maagdenhuis zit. Hij wordt op een draagstoel gedragen. Tijdens de reis heeft Diego nogal onenigheid met Fransisco.
Als Diego weer terug is wordt de Inca ter dood veroordeeld, omdat de Spanjaarden dachten dat hij een aanval aan het plannen was. Dit blijkt niet waar te zijn, maar Felippillo heeft dit allemaal verzonnen. Hij is immers tolk en kan dus dingen verzinnen.
Dan vertrekken de Spanjaarden naar Cuzco. Als ze eenmaal daar zin aangekomen, zien ze onwijs veel waardevolle spullen. De roven de hele stad leeg en verdelen alles onder de Spaanse soldaten. Diego regelt de zonneschijf door zijn deel in te wisselen. Ook ziet Diego Manta weer. Hij wil de met de zonneschijf en Manta naar het dorpje Titicaca, om daar een leven op te bouwen. Ze lenen een paard van iemand, maar die zullen ze nooit teruggeven. Ze stelen hem dus en dat is een van de ergste misdaden van een conquistadores. Er is voor Diego ook geen weg meer terug. Diego en Manta worden op hun reis geholpen door die bodes. Onderweg worden ze nog achtervolgd door een paar conquistadores, maar die weten ze af te schudden. Ook moeten ze nog een eind over een rivier varen. Als ze dan bij het Titicacameer aankomen kunnen ze eindelijk aan een normaal leven beginnen.

E. Je mening over het verhaal:
Ik vond het een leuk boek, maar er zaten weinig echte spannende momenten in. Ik vond het niet kunnen dat de conquistadores zomaar alle steden plunderden en alle waardevolle spullen meenamen, want dat zijn gewoon andermans bezittingen.

F. Beschrijving leeservaring:
Ben je door het lezen of bekijken van het verhaal anders over het onderwerp gaan denken?
- Ja, wel een beetje, want uit het verhaal blijkt dat de Spanjaarden echt alles wat een beetje waardevol leek hebben meegenomen en dat had ik niet verwacht.
Is het onderwerp verrassend uitgewerkt of behoorlijk voorspelbaar?
- Ik vind het behoorlijk voorspelbaar, want het is uiteindelijk een happy end geworden en dat had ik ook wel verwacht.

Bevat het verhaal genoeg gebeurtenissen om je te blijven boeien?
- Nee, er gebeurt wel veel, maar het is allemaal ongeveer hetzelfde.
Zijn de gebeurtenissen geloofwaardig en waarschijnlijk?
- Ja, het zal niet helemaal precies zo gebeurt zijn, maar geloofwaardig is het zeker.

Heeft een van de verhaalspersonen je beïnvloedt? Zo ja, welke?
- Nee.
Kom je genoeg van de personages te weten om hun gedrag te kunnen begrijpen?
- Ja, je wist bijvoorbeeld dat door Felippillo’s toedoen de Inca ter dood werd veroordeeld, omdat de Inca Felippillo’s vader heeft laten ombrengen.

Is het verhaal spannend opgebouwd? Wat maakt het wel of niet spannend?
- Ja, ze hebben het wel geprobeerd, maar ik vond het niet heel erg spannend, omdat het steeds hetzelfde ging.
Heeft het verhaal een slot dat goed past bij de gebeurtenissen? Vind je dit een plezierig slot? Hoe komt dat?
- Ja, ja, het is een happy end en als alles goedkomt is het toch het mooiste.

Vind je het verhaal makkelijk om te lezen? Heeft het taalgebruik hier mee te maken?
- Ja, ja, want er staan niet veel moeilijk woorden in, wel een paar woorden in het Spaans, maar die worden in een lijst achterin het boek uitgelegd.
Zitten er veel dialogen in het verhaal? Vind je dat juist prettig of niet?
- Nee, niet prettig want een dialoog leest veel makkelijker.

G. Informatie over de schrijver:
Berend Jager is geboren op 13 mei 1938 in Coevorden. Hij is getrouwd en heeft een zoon en een dochter. Zijn hobby's zijn reizen, lezen, klassieke muziek fietsen, vissen, wandelen en het bestuderen van oude culturen.
Hij was onderwijzer op de basisschool in verschillende plaatsen in Nederland, daarna werd hij leraar Nederlands op een middelbare school in Almelo. Tijdens de basisschooltijd schreef Berend Jager een aantal kinderboeken voor kinderen van 9 tot 12 jaar. Dat waren vooral dierenverhalen. Voor een ervan, Eddo het hermelijntje, kreeg hij een prijs.
Maar zijn belangstelling ging meer en meer uit naar historische jeugdboeken, bestemd voor lezers van 10 jaar en ouder. Vooral de middeleeuwen vindt hij interessant, maar ook de oudheid vindt hij boeiend.
Als Berend Jager een boek gaat schrijven, bestudeert hij eerst allerlei boeken over de tijd waarin zijn verhaal speelt. Het gaat hem er in de eerste plaats om een spannend verhaal te schrijven, maar hij vindt het ook heel belangrijk dat de tijd waarin zijn verhalen spelen, duidelijk naar voren komt. De gebeurtenissen moeten in die tijd ook echt hebben kunnen plaatsvinden en moeten historisch juist zijn.

Bij het schrijven gaat Berend Jager altijd uit van een werkschema. Dat schema bevat het verhaal in grote lijnen, maar meestal verloopt het schrijven heel anders dan hij zelf gepland heeft. Hij heeft daarom het gevoel dat het verhaal 'zichzelf' schrijft. Dat vindt hij juist het interessante van het schrijven: je maakt wel een plan, maar al schrijvend gebeuren er allerlei dingen die het verhaal een heel andere kant op sturen. Dat neemt niet weg dat er toch naar zijn idee een strakke lijn in het verhaal moet zitten. Het boek moet de lezer nieuwsgierig maken, zodat hij zich voorldurend afvraagt hoe de geschiedenis verdergaat. De serie boeken over Reinoud van Nimwegen speelt in de 15e eeuw in Nijmegen. In al die boeken is Reinoud de hoofdpersoon. In elk deel beleeft hij weer een ander avontuur. Je kunt ieder boek apart lezen, hoewel de beschreven gebeurtenissen in de verhalen elkaar wel opvolgen.
Over de verovering van het Incarijk door de Spanjaarden gaat het jeugdboek 'De weg naar Titicaca'. 'De Witte Condor' is hier het vervolg op. 'Gevangene van het verleden' beschrijft de ervaringen die de jonge hoofdpersoon Sander Keizer heeft als hij merkt dat hij herinneringen uit vorige levens kan oproepen. 'De sleutel van Magister Moria' is een fantasy verhaal.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.