Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Niveau: | 4VWO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1420 |
Opvragingen: | 47 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Titels van Ferdinand Bordewijk
Apollyon (0) 1941 Bint (46) 1931 Bloesemtak (1) 1955 Blokken (4) 1934 Blokken, Knorrende beesten, Bint (8) 1949 De wingerdrank (0) 1937 Fantastische vertellingen (0) 1919 Het vegetarisme van mr. J.P. de Vries (2) 1984 Huissens (1) 1982 Karakter (51) 1938 Knorrende beesten (0) 1931 Noorderlicht (2) 1948 Rood paleis (1) 1936 Tijding van ver (1) 1961
Laatst gewijzigd op 24 april 2008
Samenvatting
Als De Bree aankomt op de school waar hij een jaar les gaat geven, om een weggepeste leraar te vervangen, maakt hij kennis met een systeem van stalen tucht.
Bint, het hoofd van de school, waar alle leerkrachten veel ontzag voor hebben, tolereert geen gezellige, vriendschappelijke of medelevende omgang met de leerlingen.
De eerste klas waar De Bree les aan moet geven wordt aan hem voorgesteld als het gaafste werk van Bint. Het is de ergste klas van de school. De Bree begint zelfverzekerd zijn les, wordt aan het begin enigszins in de maling genomen maar heeft zijn leerlingen snel onder de duim. Hij verklaart de oorlog tussen hem en de klas, die hij vanaf dat moment ‘de hel’ noemt. De hel is niet de enige klas waar De Bree les aan geeft, het is wel de interessantste. Er is ook een ‘bruine-’, een ‘grauwe-’ en een ‘bloemenklas’, maar die vind De Bree niet zo fascinerend.
Na de verschijning van het kerstrapport heeft er echter wel een leerling uit de grauwe klas, genaamd Van Beek, zelfmoord gepleegd wegens zijn slechte cijfer. Hij had dit aangekondigd en Bint wist er van. Bint reageerde onverschillig en ondernam niets.
Fléau, een mooie jongen uit de bloemenklas, organiseert na het incident een oproer, die Bint niet op prijs stelt. Na onderzoek blijkt dat de conciërge een namenlijst aan Fléau heeft doorgegeven, zodat hij tijdens de kerstvakantie leerlingen kon bezoeken en opstoken. De conciërge wordt hierna ontslagen en Fléau keert niet meer terug naar school. Vervolgens wordt er les gegeven alsof er nooit iets gebeurt is.
Als de tijd van schoolreisjes aanbreekt wordt de het ene deel van de opgesplitste hel aan Bint toegewezen, wegens ziekteverzuim van een andere leerkracht. Bint vind het geweldig en leert de hel op het uitstapje beter kennen. Als twee leerlingen een aanpassing in de route niet schikt fietsen ze stiekem samen via de andere weg. De Bree laat het toe dat de twee leerlingen bij hun terugkomst in elkaar geslagen worden door hun klasgenoten.
Het einde van De Bree zijn schooljaar nadert. Expres neemt hij geen afscheid van zijn collega’s, maar wel van de lokalen. Bint vraagt hem of hij niet langer wil blijven. In eerste instantie wijst De Bree dit af, maar thuis bedenkt hij zich en schrijft hij Bint een brief.
Op de eerste dag van het nieuwe schooljaar hoort De Bree dat Bint zijn ontslag genomen heeft. Hij heeft zich het incident met Van Beek toch erg aangetrokken. Hierdoor blijkt dat Bint niet opgewassen was tegen zijn eigen systeem. De Bree gaat vervolgens verder met de hel. Hij probeert nog een bezoek te brengen aan Bint, maar wordt aan de deur geweigerd.
De ideeën van Bint
Het boek verteld weinig over Bint zijn privé-leven of emoties. Kleine stukjes laten iets los over zijn uiterlijk (mager, vrij oud, star gezicht) en er word gezegd dat hij zijn dochter, met twee kinderen in huis heeft genomen en haar schulden afbetaald. Dit laatste schetst een beeld van een goed mens. Jammer genoeg gaat het boek dáár verder niet op in. In tegendeel. We zien hem alleen in verband met de school, waar hij de directeur van is. Dit lijkt daardoor het enige waar hij aan denkt. De leerlingen zelf interesseren hem weinig. Hij maakt zich meer druk om zijn leermethode, het welzijn van de school en de maatschappij. Van iedere leerkracht eist hij stalen tucht (zie citaat). Fanatiek leeft hij naar zijn harde systeem. In het boek wordt vaak gezegd dat hij ‘over lijken gaat’ waardoor de sympathie voor hem weer verdwijnt.
Pagina 72:
’Ik eis van ieder: tucht. Ik ben hoogst modern.
De tijd is voorbij van gemoedelijkheid, van
verbroedering. Dit geslacht is tè bandeloos.’
Een motto van Bint is: de meester mag niet dalen, de scholier moet klimmen.
De Bree herinnerd zich dit motto, als hij zich realiseert dat wanneer hij les geeft aan de bruine klas, er altijd veel vragen gesteld worden. Bij Bint blijkt er echter nooit iets te worden gevraagd. De Bree beseft dan dat hij al maanden via een verkeerde methode werkt, want vragen is geen poging tot klimmen, het is een uitnodiging om de ander te laten dalen.
Ook heeft Bint geen belangstelling voor buitengewone begaafdheid. Volgens hem is er in de maatschappij nooit iets van buitengewoon begaafden te merken. Dat zijn ook gewoon maar gezinshoofden met een redelijke betrekking en vooruitzicht. Het gaat Bint niet om talent, het gaat hem om discipline.
Mijn mening over het personage Bint veranderde tijdens het lezen. Zijn systeem maakte hem onaardig, maar het afbetalen van de schulden van zijn dochter deed zijn image goed.
Hoe hij reageert op de dood van Van Beek vind ik ronduit bot maar aan het einde blijkt dat hij hier toch mee zat en hij aan zijn eigen systeem onderdoor gaat. Hij gaat ook over zijn eigen lijk en kan in mijn ogen uiteindelijk alleen een slachtoffer zijn van tucht, inplaats van de tucht in eigen persoon.
Anna Maria van Schuurman
De Bree schrijft een studie over Anna Maria van Schuurman. Hij vind haar interessant en bewonderd haar, ondanks dat hij weinig van vrouwen snapt, en nog minder van geleerde vrouwen. Misschien gebruikt hij zijn studie over haar om de vrouw beter te leren begrijpen. Aan het einde van het schooljaar is De Bree eigenlijk van plan zijn studie weer op te pakken, maar besluit hij toch te blijven lesgeven.
Op internet is veel over Anna Maria van Schuurman te vinden. Ze was een geleerde vrouw uit de zeventiende eeuw en leefde van 1607 tot 1678. Volgens wikipedia kon ze op vierjarige leeftijd al lezen en was ze de eerste vrouw die, dan wel achter een gordijn, aan de universiteit mocht studeren. Ze was zowel kunstzinnig als slim, was bedreven in de wetenschap, maar sprak ook nog eens vele talen. In 1669 sloot ze zich aan bij de godsdienstige sekte van de labadisten, volgelingen van Jean de Labadie.
Na enige sites nagekeken te hebben, vond ik een link tussen de situatie in ‘Bint’ en een voorval wat in de geschiedenis bij de labadisten plaatsgevonden heeft:
Tijdens het verblijf van de Labadisten in Amsterdam, waar Anna Maria van Schuurman aanwezig was, vond een volksoproer plaats tegen deze sekte naar aanleiding van een geheimzinnig geval van (zelf)moord van een van de leden. De parallel De Bree/ Van Schuurman en Bint/ De Labadie komt hier naar boven en zelfs de zelfmoord van de leerling Van Beek uit de roman lijkt in deze context terug te slaan op het voorval in Amsterdam. Onder invloed van Bint overkomt De Bree, wat Anna Maria van Schuurman overkwam, onder de invloed van Jean de Labadie.
Was Bordewijk voor of tegen tucht?
Omdat aan het eind van ‘Bint’ blijkt dat het systeem van stalen tucht niet leefbaar is, denk ik niet dat Bordewijk hier een grote voorstander van was. Ik vermoed dat hij met zijn boek aan de lezers wilde uitleggen dat discipline een goede eigenschap is, maar alleen tot op zekere hoogte. Wanneer discipline ook de plek van emotie en medeleven inneemt gaat het te ver.
Misschien heeft Bordewijk zelf een middelbareschooltijd gehad die hierop leek, heeft hij dat als naar ervaren en kon hij het op deze manier verwerken.
Eigen mening
In eerste instantie vond ik het boek niet prettig lezen, omdat ik door de vele beeldspraak snel afdwaalde (als een leerling als roofvogel benoemd werd ging ik meteen over roofvogels nadenken) en vervolgens; als ik weer bij de les was en verder las, snapte ik niet meer wat de schrijver met zijn zinnen bedoelde. Meestal vind ik het fijn om terwijl ik lees alles om mij heen te kunnen vergeten en in het verhaal op te gaan, maar doordat ik steeds goed moest opletten en niet in de war mocht raken door de metaforen lukte dat niet.
Toen ik thuis, met de beeldspraakoefeningen, die eis er even niet meer aan stelde en ik het langzaam en aandachtig ging bestuderen vond ik het toch wel interessant. Hoe meer ik over de zinnen nadacht, hoe leuker ik het vond. Ik moest het niet zien als een leesboek, maar als een soort studiemateriaal.
Helaas heb ik niet genoeg tijd gehad om tijdens het lezen steeds de betekenis achter de zinnen te zoeken, waardoor ik het plezier in het lezen op den duur weer verloor, maar wie weet kijk ik het nog wel eens rustig door.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen