Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1189 |
Opvragingen: | 68 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 5 uit 5 (3 stemmen)
Titels van Jan Overduin
Het paradijs (4) 1978 Huurling en herder (1) 1951
Laatst gewijzigd op 26 april 2008
Huurling en herder
Jan Overduin, Huurling en herder, Kampen, 2001, 240 blz. (eerste druk 1955)
Het onderwerp:
De schrijver beschrijft de geloofscrisis van een jonge dominee.
Het thema:
In dit boek wordt het Bijbelse thema van de herder en de huurling uitgewerkt. Het kenmerk van de herder is dat hij zorg heeft voor de schapen. De herder kan pas echt herder zijn als hij zichzelf kent.
Het genre:
Het boek Huurling en herder is een psychologische roman.
De tijd:
Het verhaal is chronologisch op gebouwd, maar er zijn wel flashbacks. Dan denkt de ikpersoon over het moment van sterven van zijn vriend Wouter, of aan de relatie die hij vroeger had met Agnes.
Het perspectief:
Het perspectief ligt bij de jonge dominee. Hij is de ikverteller, Agnes schrijft brieven aan hem daarin is de ikpersoon natuurlijk Agnes zelf.
Mijn persoonlijke beoordeling:
Het onderwerp is heel duidelijk uit het boek op te maken. De dominee kent zichzelf niet. Ik vind het wel een interessant onderwerp. Het thema en de uitwerking vind ik duidelijk en interessant. Het ligt wel een beetje buiten mijn belevingswereld, ik had er ook nog nooit over nagedacht. Onder het lezen van dit boek heb ik er wel over nagedacht, maar nu denk ik er niet meer over na. Het onderwerp is diepgaand behandeld, want de gedachten van de dominee werden uitgebreid verteld. De verhaallijn is soms een beetje onduidelijk, omdat de gedachten van de dominee uitgebreid vertelt worden. Er zijn eigenlijk maar weinig gebeurtenissen in Huurling en herder, maar de gebeurtenissen die er zijn, zijn logisch met elkaar in verband te plaatsen. De gebeurtenissen zijn niet echt spannend of zo, maar ze horen gewoon in het verhaal. Ze hebben me niet aan het denken gezet, de gebeurtenissen die er al waren, deden er meestal niet er toe. Er zijn bij mij weinig gevoelens opgeroepen door de gebeurtenissen. De gebeurtenissen spelen zich af in de doodsfeer, omdat de dood een heel belangrijke rol speelt in dit boek. Het verhaal begint met de gebeurtenis dat Wouter sterft. En later sterft de koster ook, dus er komen zeker onaangename dingen in het verhaal voor. Het boek is boeiend van het begin tot het einde, omdat je de gedachten weet van de dominee. Het verhaal is dus gelijk op gang. Er zijn geen overbodige stukken in het boek. De opbouw is heel eenvoudig omdat alles vanuit de dominee beschreven wordt. Het verhaal is één geheel. Er zijn wel korte scènes, zoals de ontmoetingen met de koster en de huishoudster. Er loopt maar één verhaallijn door dit boek dat is wel handig om te lezen. Er wordt heel weinig met de tijd gespeeld. De dominee kijkt telkens terug naar de dood van Wouter, dat vind ik wel goed. De persoon van de dominee ging wel een beetje voor me leven maar de andere personen niet, ik kon me niet goed in hem verplaatsen. Ik raakte wel een beetje betrokken bij hun problemen. Ik kon me niet inleven in de personen uit het boek. Ze gedragen zich wel zoals het hoort. Maar ik ben niet beïnvloed door hun ideeën. Ik vind dat de personen geen verkeerde dingen hebben gedaan. De personen reageren niet voorspelbaar, maar eerder een beetje apart. Ik heb wel sympathie voor de dominee ook al heeft hij Wouter laten sterven. Althans zo beleeft hij dat. Ik vind de koster aan het begin van het verhaal erg onsympathiek, hij zit telkens commentaar op de dominee te geven. Je komt het meeste van de dominee te weten, je weet ook de gedachten van de dominee. Het taalgebruik in Huurling en herder is heel gemakkelijk leesbaar. Het verhaal is heel duidelijk geschreven, ik zag de gebeurtenissen wel voor me. Er zijn geen eigenaardigheden opgevallen. Ik vind de manier van vertellen niet te wijdlopig of te hoogdravend. Het boek bevat weinig beeldspraak en symbolische verwijzingen. Dat is dan natuurlijk geen probleem. Het boek heeft een christelijke levensbeschouwing, voornamelijk zaken uit de bergrede komen naar voren. Dit vind ik goed van dit boek. Ik vind het hele boek goed dus ik vind niks verwerpelijk.
Citaten:
De dominee, twee meisjes en Wouter zitten in een bootje. Het stormt. Het bootje is te klein voor de vier mensen. De koster heeft hen nog gewaarschuwd.
“Toen stond hij op, langzaam en onherroepelijk, en wees naar de rand van het water, dat nu tot een fatale hoogte in de boot gestegen was, en hij zei, voor mij alleen verstaanbaar: \'Er is iemand te veel...\'
En daarna staarde hij zo vreemd naar de golven, dat het mij koud over de rug liep. \'Nee!\' schreeuwde ik. \'Nee!!\' Een ogenblik keek hij met een smartelijke verwondering in mijn verbijsterde ogen, en ik voelde mij wegkrimpen onder zijn souverein medelijden.
\'Dit is het enige wat ik voor je heb kunnen doen,\' zei hij, en zonder naar de anderen om te zien stortte hij zich in de grauwe golven. De meisjes gilden, en ik klemde mij zwijgend aan het koude ijzer van het bankje, terwijl ik verwezen naar de plek staarde, waar het water zich kolkend over hem toegesloten had. Nog eenmaal kwam, even verder, zijn bleke hand boven, als een laatste groet. Ik zag heel duidelijk dat hij niet krampachtig greep, maar dat hij zijn vingers langzaam als een kelk ophief, en daarna zacht weer onder water trok.(…) Iemand langs de weg fluisterde: \'Waar is de vierde?\' en ik hoorde de stem van de koster — ik zag alleen het onderste gedeelte van zijn zwarte jas — antwoorden: \'Ik heb het hem gezegd: die was te veel...\' “(blz. 14-15)
Is dit mijn vroegere vijand? dacht ik met ontroerde verwondering. Heb ik deze mens gehaat? Ik kreeg plotseling het gevoel of ik lange tijd onwetend langs een afgrond gelopen had. Een duizelig makende vreugde doorvloeide mij, dat God vóór het beslissende ogenblik mijn ogen had geopend. \'Die zijn broeder niet liefheeft is niet uit God.\' Het scheen mij toe alsof ik dit woord pas nu begreep.
\'Mijn broeder,\' dacht ik halfluid, en op dit ogenblik vielen zijn biddende lippen stil en sloeg hij zijn ogen op. (…)Wij hebben... elkaar in de weg gestaan...\' Zijn eeltige vingers zochten mijn hand. \'Maar nu niet meer,\' zei hij kinderlijk, \'nu hebben we... nu zijn we gevonden!\' Op dit ogenblik ging de deur open en kwam de dokter binnen.
\'Daar is de dokter,\' zei ik, \'ik kom morgen weer.\'
Hij keek mij even met een lichte teleurstelling aan alsof hij me nog iets had willen zeggen. Terwijl ik de kamer verliet, hoorde ik hem op de vraag van de dokter hoe het hem ging, antwoorden: \'Goed... heel goed!\' Uit de blijde klank van zijn stem zou niemand opmaken, dat hij vlak voor de dood lag. (Blz. 208-209)
Ik heb voor deze citaten gekozen omdat ze de verhouding tussen de koster en de dominee weergeven. Dat vind ik heel treffend in dit boek. In het eerste citaat hebben de koster en de dominee een hekel aan elkaar. Pas aan het einde van het boek (tweede citaat) als de koster sterven gaat, vinden ze elkaar.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen