Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 27 maart 2008 |
Taal: | |
Woorden: | 1933 |
Opvragingen: | 139 (0 deze maand) |
Waardering: |
De erfenis
Zakelijke gegevens
Auteur: Connie Palmen
Titel: De erfenis
1e druk: 1999
Opdracht: Geschreven ter gelegenheid van de boekenweek 1999.
Motto: x
Samenvatting
De twee hoofdpersonages in ‘De Erfenis' zijn Lotte Inden en Max Petzler. Lotte van Inden is een oude succesvolle schrijfster, die aan een dodelijke spierziekte lijdt. Ze schrijft romans en maatschappijkritische verhalen, voornamelijk over de twintigste eeuw. Wanneer ze ontdekt dat ze ziek is, besluit ze iemand in dienst te nemen voor vierentwintig uur per dag, kost en inwoning inbegrepen. Die iemand wordt Max Petzler. Hij is een dertigjarige homofiele neerlandicus, die als freelance journalist bij een uitgeverij werkt. Hij is niet tevreden met zijn leven, en besluit haar aanbod aan te nemen. Hij trekt bij haar in en voor vijf jaar lang is hij niet alleen haar verzorger, chauffeur, tafelgezelschap en eerste lezer van haar werk, maar ook archivaris van haar "erfelijk materiaal". Dit bestaat uit aantekeningen die ze in de loop van de jaren over de meest uiteenlopende onderwerpen gemaakt heeft. Ter afsluiting van haar oeuvre wil ze daar een roman van vormen. De band die tussen Max en Lotte groeit is heel erg sterk en hecht. Ondanks dat hij homofiel is en zij een verbitterde, 75-jarige stervende vrouw is, worden ze geliefden.
Eigen ervaring met het boek
Het boek gaat over de relatie tussen een homofiel en een verbitterde, 75-jarige stervende vrouw. Ik heb dit boek gekozen omdat het mij werd aangeraden door mijn moeder.
De hoofdpersonen
Max: Een bi- seksuele man van in de dertig. Hij vindt zelf dat het aan hem niet te zien is dat hij ook op mannen valt. Hij is neerlandicus een ontevreden met zijn leven totdat hij bij Lotte intrekt. Max is enig kind en komt uit een welgestelde familie. Max had geen goede band met zijn ouders. Hij is opgelucht als zijn vader overlijdt en had Margaretha (Zijn beste vriendin) graag als moeder gehad. Max leeft met een man samen, maar gaat bij hem weg als hij voor Lotte gaat werken. Uiteindelijk wordt hij de geliefde van Lotte.
Margaretha: Een jeugdvriendin van de vader van Max en later Max zijn beste vriendin. Ze is psychiater en woont alleen. Ze is niet van plan om dit ooit te veranderen. Ze is naar eigen zeggen ongeschikt om kinderen op te voeden, maar heeft Max vaak geholpen. Ze is ondanks dat ze heel lang bevriend is geweest met de vader van Max nooit verliefd op hem geworden, omdat ze niet bang voor hem was. Margaretha was de enige die Max zijn vader de waarheid durfde te zeggen.
De moeder van Max: Een vrouw met een zwakke gezondheid die geen oog had voor haar kind, maar alleen voor haar man. Volgens Margaretha had Max zijn vader allang al zijn interesse in haar verloren als ze niet allerlei kwaaltjes gehad had. De moeder van Max deed alles om haar man te behagen. Wat de moeder van Max als verliefdheid ziet is eigenlijk verkapte angst. Eigenlijk is ze bang voor haar man.
De vader van Max: Een gynaecoloog, die het presteerde om iedereen die geen patiënt van hem was tegen hem het harnas in te jagen. Hij had de praktijk van de vader van Margeretha overgenomen. Hij heeft een buitenhuis in Zwitserland en maakt meerdere keren per jaar uitstapjes naar het buitenland met zijn vrouw. Max logeert dan bij Margaretha. Max zijn vader is ijdel en kan alleen maar van andere mensen houden als het slecht met ze gaat.
Lotte: Een succesvol schrijfster met een uitgesproken (volgens Max soms calvinistische) mening en een grote kennis van uiteenlopende literatuur. Ze heeft een progressieve spierziekte. Als Lotte te horen krijgt dat ze deze ziekte heeft neemt ze Max in dienst. Langzaam maar zeker helpt Max haar bij al haar taken. Lotte vertrouwd Max haar archief (het erfelijk materiaal) toe en de afronding van haar levenswerk. Lotte komt uit een katholiek gezin. Ze heeft drie broers waarmee ze een goede band onderhoud, vooral van haar jongste broer houdt ze erg veel. Haar liefde wordt bijna een obsessie als Timmie dicht bij haar in de buurt naar school gaat. Ook met haar ouders heeft Lotte een goede band. De grote liefde van Lotte TT is overleden. Ze voelt zich alsof ze in spagaat leeft. Na haar dood denkt ze niet dat ze hem nog zal zien, maar ze wordt tenminste wel weer gelijk aan hem. Max, haar latere geliefde kan de pijn van het verlies van TT niet bij haar wegnemen. Volgens Margaretha heeft Lotte TT tot God verheven. Lotte is iemand die het lot omhelst of dat nu slecht is of niet. Aan de ene kant is ze een uitgelaten persoonlijkheid, aan de andere kant ook erg gesloten. Lotte rookt.
Tobias Tallicz (TT): De grote liefde van Lotte. Hij is jurist en een bekend schrijver van misdaadromans. Ook is hij één van de weinige Europeanen die in Amerika wel eens gevraagd wordt om zijn licht over bepaalde misdadige zaken te laten schijnen. Hij is namelijk een groot kenner van de psychologie van de seriemoordenaar.
Timmie: Het jongste broertje van Lotte. Hij is een nakomertje en heeft bij zijn geboorte een groot knalrood hoofd. Al snel trekt dit bij en wordt hij een mooi engelachtig maar onzeker jongetje. De volwassen Timmie is geschiedenisleraar.
Just: Een ouderre broer van Lotte. Hij is acteur.
Michael: Een oudere broer van Lotte. Hij is dierenarts.
De moeder van Lotte: Een gelovige vrouw, die absoluut het beste met haar kinderen voor heeft en erg trots op ze is. Ze heeft een goede band met al haar kinderen en bid tiende van rozenkransen voor ze. Na de geboorte van haar jongste zoon lijdt ze waarschijnlijk aan een postnatale depressie. De huisarts schrijft haar zonder dat ze het weet de pil voor. Naar eigen zeggen is ze een eenvoudig mens. Ze heeft heel wat zorgen om haar kinderen en als Just naar de toneelschool wil heeft ze daar in eerste instantie wel moeite mee. Ze is een uitgelaten persoonlijkheid en houdt van geschiedenis.
De vader van Lotte: Een gelovige man die erg veel van zijn kinderen houdt en zich erge zorgen om zijn kinderen kan maken. Hij is erg gek op het verhaal van de man met de haak.
Axel Landauers: Een oude vriend van Lotte en TT. Volgens Max benijdde Axel hem af en toe. Ze waren in een strijd verwikkeld.
Tijd
Het hele verhaal verloopt in een flashback. Het zijn de gedachten van Max aan de tijd die hij met Lotte doorbracht. Dit kun je concluderen uit het volgende:”In mijn toespraak op de begrafenis van Lotte Inden vertelde ik wat ze tegen me zei toen ik voor het eerst voor haar begon te werken”(blz 5) Dit is de inleiding van het boek. Vanaf dit punt gaan Max’ gedachten van vijf jaar geleden tot het heden. Het verhaal is dus ook niet chronologisch verteld, want het loopt van het heden (toespraak op de begrafenis) naar het verleden (gedachten aan Lotte) weer steeds verder naar het heden.
Misschien haalt Max zijn gedachten in één dag op, dat weet ik niet maar zijn gedachten gaan in ieder geval over een periode van vijf jaar. Dit kun je concluderen uit het volgende citaat:”Vijf jaar geleden nam ze me in dienst, voor vierentwintig uur per dag, kost en inwoning inbegrepen”. (blz 6) In welke tijd het verhaal zich afspeelt kun je niet opmaken uit de tekst, maar het is niet in de Middeleeuwen want auto’s, computers en rolstoelen waren er wel. Het verhaal zal zich dus ergens afgespeeld hebben tussen 1950 en 1999.
Plaats
Er zijn in dit verhaal een aantal belangrijke ruimtes van belang. Natuurlijk heb je het huis van Lotte waar het begin van het verhaal zich afgespeeld. Hier is Max begonnen met werken voor Lotte. Daarnaast heb je ook het huis van Lotte in Bretagne. Hier wordt Max een stuk intiemer en de band wordt hechter met Lotte. Verder heb je nog 1 belangrijk ruimte-element, en dat is de begrafenis. Hier begint (en eindigt) het verhaal, deze plek is belangrijk omdat op deze plek Max begon te denken aan Lotte en hoe zijn leven bij haar is verlopen.
Vertelperspectief
Het verhaal wordt verteld volgens het ik-perspectief. Dit heeft als invloed op de lezer dat je je zeer goed kan in leven in de hoofdpersoon.
Auteursvisie
Ik denk niet dat de auteur een verdere betekenis wil geven aan het boek. Het boek is vooral geschreven om te amuseren. Je krijgt niet het idee dat de auteur je een bepaalde visie wil opleggen.
Eindoordeel
Ik heb over dit boek gemengde gevoelens. Ik vond dat dit boek lastig geschreven was. De zinnen waren soms lastig geformuleerd waardoor ik een zin soms wel drie keer over moest lezen, maar uiteindelijk vond ik dat wel aangenaam. Ik vond het op een gegeven moment wel leuk dat ik die lastig geformuleerde zinnen kon begrijpen.
Verder vond ik de opbouw van het verhaal soms echt lastig. Connie Palmen heeft namelijk ook flashbacks gebruikt en soms was dat wel lastig te volgen. Ik raakte dan de draad kwijt en dan bladerde ik een paar bladzijden terug en moest ik het opnieuw lezen.
Achtergrondinformatie
Connie (doopnamen Aldegonda Petronella Huberta Maria) Palmen is op 25 november 1955 geboren in St.Odiliënberg, een dorpje met een klooster in de buurt van Roermond. Als kind was ze zeer gevoelig voor alles wat met God en de kerk te maken had. Ze wilde eerst priester worden, maar toen ze merkte dat dit niet voor vrouwen weggelegd was, wilde ze non worden. Toen ze wat ouder was en een boek over het existentialisme had gelezen werd de rol van God overgenomen door Jean-Paul Sartre. Daarna raakte ze vooral in de ban van de filosoof Foucault. Na de middelbare school ging ze in Roermond studeren aan de Pedagogische Academie. Toen ze 22 was, vertrok ze naar Amsterdam waar ze Nederlands en later ook filosofie ging studeren.
De studie Nederlands voltooide ze in 1986 cum laude met een doctoraalscriptie over de roman 'In Nederland' van Cees Nooteboom. In 1988 rondde ze de studie filosofie af met een scriptie 'Het weerzinwekkende lot van de oude filosoof Socrates'. In deze scriptie stelde ze de relatie tussen filosofie en literatuur aan de orde.
Al op jonge leeftijd was ze met schrijven begonnen, maar nadat ze klaar was met haar studie kreeg ze daar meer tijd voor. Ze schreef enkele korte verhalen die werden gepubliceerd in de tijdschriften 'Optima' en 'De Held'. Ze begon in 1989 aan de roman 'De wetten'. Dit boek werd in 1991 gepubliceerd. Bij het schrijven van 'De wetten' heeft Palmen het Middeleeuwse verhaal van Mariken van Nieumeghen als leidraad gebruikt. Het boek gaat over een jonge vrouw, Marie Deniet, die filosofie studeert en naast haar studie nog in een Amsterdams antiquariaat werkt. Het boek is een verslag van haar zoektocht naar kennis. Marie Deniet wil via de mannen De wetten leren kennen. Volgens haar hebben de mannen De wetten gemaakt die het leven en de wereld regelen. Het boek is verdeeld in 7 delen waarin 7 relaties met verschillende mannen wordt beschreven.
In 1992 werd haar scriptie rond de filosoof Socrates gepubliceerd. Haar tweede roman 'De vriendschap' verscheen in 1995. De promotie-activiteiten die de uitgave van het boek zouden begeleiden, bleven uit omdat in die tijd haar partner Ischa Meijer overleed. 'De vriendschap' werd bekroond met de AKO Literatuur Prijs 1995 en de Publieksprijs 1996.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.

... 5. De erfenis
6. De erfenis
7. De erfenis
8. De erfenis
9. De erfenis
10. De erfenis
11. De erfenis
12. De erfenis
13. De erfenis
14. De erfenis
15. De erfenis

Wat voor geldtype ben jij?
Meer weten over jezelf en je geld? Doe dan mee aan het Scholieren onderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!