geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

ff n studiebreak

Online een chick scoren, je liefde laten zien op Whatsapp en digitale kusjes sturen. Zonder een blauwtje te lopen. Aanrader?

Geschreven door:

Rebecca (5 havo) [meer]

Datum ingestuurd:

5 maart 2008

Taal:

Woorden:

6.200

Bekeken:

3878 keer (13 deze maand)

Waardering:

4.2/5 (9 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

BUITENSTAANDERS

ZAKELIJKE GEGEVENS

Titel: Buitenstaanders
Schrijfster: Renate Dorrestein
Uitgever: Wolters-Noordhoff, Groningen
Jaar uitgave: 1997
Aantal pagina’s: Het boek heeft 176 bladzijden
Jaartal eerste druk: 1983

SCHRIJFSTER

Renate Dorrestein is op 25 januari 1954 geboren. Ze heeft nog 2 zusjes en 1 broer. Al op de basisschool en middelbare school begint Renate met het schrijven van boeken. Na de middelbare school heeft ze geen zin om verder te studeren en besluit een cursus tijdschriftjournalistiek te volgen. In 1972 krijgt ze een baan bij het weekblad Panorama. Daar werkt ze 4 jaar lang. Dan richt zij een eigen produktiebureau op. Tijdens die jaren werkt ze freelance bij o.a. Het Parool, De Tijd, Viva en Opzij. Ze is ook nog een jaar hoofdredactrice van het maandblad Mensen van nu geweest.
Terwjil ze freelance werkt blijft ze boeken schrijven, maar deze boeken worden allemaal afgekeurd en niet uitgegeven. Achteraf zegt Renate dat deze romans te ‘uitleggerig’ waren. Dan ontdekt ze dat ernstige zaken ook luchtig verteld kunnen worden. Pas dan vindt ze haar draai als schrijfster. Haar eerste boek is Buitenstaanders. Dit wordt een groot succes: binnen een half jaar moet het boek twee maal herdrukt worden. In 1985 volgt haar tweede roman “Vreemde streken”. Als in 1988 haar zusje (ze leed aan anorexia en bulemia) zelfmoord pleegt besluit ze een boek te schrijven om haar verdriet te verwerken. Het heet “Het perpetuum mobile van de liefde”. Hierin beschrijft zij de lijdensweg van haar zusje en haar denken over het knellende door mannen bedachte rolmodel voor vrouwen. Het wordt door iedereen goed ontvangen.
Ze schrijft romans, columns, autobiografische verslagen en ze schreef zelfs een kalenderboek. De boeken van Renate Dorrestein gaan voornamelijk over de onderdrukking van de vrouw, het ouder worden en incest. Ze zijn interessant, maar vaak een tikkeltje vreemd. In haar romans is ook altijd feminisme te herkennen. Zij weet het bizarre op een fantastische manier te combineren met maatschappelijke bewogenheid.
Renate Dorrestein heeft twee autobiografische boeken geschreven. Uiteraard het boek over haar zusje en “Heden ik”, over haar ziekte M.E.
Vorig jaar heeft zij veel succes gehad met haar boek “Echt sexy”, over de wereld van loverboys.

NOMINATIES NEDERLAND

Voor de NS Publieksprijs (voorheen (t/m 2003) Trouw-Publieksprijs)
Het duister dat ons scheidt 2004
Een hart van steen 1998
Verborgen gebreken 1996
Voor de AKO Literatuurprijs 2003
Zonder genade
Voor de Libris Literatuur Prijs 1995
Een sterke man

NOMINATIES INTERNATIONAAL

International IMPAC Dublin Literary Award 2002
Een hart van steen
International IMPAC Dublin Literary Award 1997
Ontaarde moeders
Prijzen:
Jonge Gouden Uil (België - 1997)
Verborgen gebreken
Annie Romein Prijs (1993)
Haar hele oeuvre

BIBLIOGRAFIE

1. Buitenstaanders,1983 (roman)
2. Vreemde streken, 1985 (roman)
3. Noorderzon, 1986 (roman)
4. Een nacht om te vliegeren, 1987 (roman)
5. Korte metten, 1988 (columns)
6. Het perpetuum mobile van de liefde, 1988 (roman)
7. Voor alles een dame, 1989 (kalenderboek)
8. Het hemelse gerecht, 1991 (roman)
9. Ontaarde moeders, 1991 (roman)
10. Heden ik, 1992 ( documentaire)
11. Addergebroed, 1994 (roman)
12. Een sterke man, 1994 ( roman)
13. Verborgen gebreken, 1996 (roman)
14. Want dit is mijn lichaam, 1997 (boekenweekgeschenk)
15. Het tiende inzicht (1997)
16. Een hart van steen, 1998 (roman)
17. Voor liefde klik op F, 1999 (kort verhaal)
18. Het geheim van de schrijver, 2000 (documentaire)
19. Zonder genade, 2001 (roman)
20. Het duister dat ons scheidt, 2003 (roman)
21. Zolang er leven is, 2004 (roman)
22. Mijn zoon heeft een seksleven en ik lees mijn moeder Roodkapje voor, 2006 (roman)
23. Echt sexy, 2007 (roman)
24. Laat me niet alleen, 2008 (Boekenweekessay)

TITELVERKLARING

Een korte verklaring van de titel zou waarschijnlijk zijn: wie is gek en wie niet of wat is werkelijkheid en wat niet?
Maar er zitten waarschijnlijk veel meer verklaringen achter. Wat de schrijfster nu precies bedoelt met de titel …. er zijn verschillende verklaringen te bedenken.

- Het “gezin’ van Agrippina zijn buitenstaanders in de maatschappij. Ze wonen afgesloten van de rest van de wereld; het zijn gestoorde mensen. Dit “gezin” bestaat eigenlijk volledig uit buitenstaanders ten opzichte van elkaar. Bijvoorbeeld: Agrippina vanwege haar vreemde gewoontes, zoals bloed drinken en het praten met een hond. Marrie vanwege het feit dat ze een mongool is en Sterre vanwege het feit dat ze zelfmoord pleegde omdat ze elke maand ongesteld werd.

- Wibbe is een buitenstaander in het fasehuis. Iedereen, zowel het gezin van Agrippina als Max en Laurie denken dat hij een van de gestoorden is. Maar hij blijkt psychiater te zijn en opzichter van de mensen in het fasehuis.

- Laurie is een buitenstaander in haar eigen gezin. Zij heeft verdriet omdat haar huwelijk niet goed is vanwege Max’ houding. Er lijkt ook totaal geen band te zijn tussen haar en haar twee zoons.

- Max staat door zijn arrogante houding buiten het gezin.

- De beide gezinnen (van Agrippina en Max en Laurie) zijn buitenstaanders voor elkaar.

MOTTO EN MOTTOVERKLARING

Ik heb in het boek geen motto kunnen ontdekken.

TIJDSVERLOOP

De vertelde tijd is één dag en één nacht, maar door alle flashbacks lijkt het verhaal veel langer. Het verhaal is op zich wel chronologisch, maar door de flashbacks lijkt het soms niet zo. Er lopen ook veel verhaallijnen door elkaar heen.

Wanneer het verhaal zich afspeelt is niet helemaal duidelijk. In elk geval tijdens een zomervakantie, dus in de zomer. Gevoelsmatig zeg ik dat het zich in de laatste 25 jaar afspeelt. Mensen hebben redelijk moderne technische middelen, zoals auto’s. Er wordt ook gesproken van een disco en t.v..

Ondanks het feit dat alles zich binnen een dag en nacht afspeelt wordt er spanning opgebouwd. Sommige stukken in het boek zijn wat langdradig. Maar net op tijd wordt het weer levendiger.

PERSPECTIEF

Het boek is geschreven in het perspectief van de alwetende verteller. De verteller weet alles over de personages, hun verleden en hun gevoelens. Maar er is ook sprake van een wisselend perspectief, je komt als lezer de gedachtes en gevoelens van alle personages te weten. Dit maakt het verhaal wel heel apart, want je leest hoe verschillende personen denken. Soms weet je ook niet wie je moet geloven. Iedereen heeft een andere kijk op de gebeurtenissen. Een goed voorbeeld is bijvoorbeeld het herdenkingsfeest voor de dood van Sterre: als lezer krijg je inzicht in hoe iedereen denkt over haar dood. Bij het wisselend perspectief verdwijnt de alwetende verteller naar de achtergrond en beleef je de gebeurtenissen vanuit een van de personages. Sommige scenes worden niet afgemaakt door de personages, maar door de hij-persoon.

PERSONAGES

LAURIE neem ik maar als hoofdpersoon. Het verhaal begint met haar kijk op de gebeurtenissen en daar eindigt het ook mee. Laura is een ongelukkige vrouw. Ze is onzeker en dat komt in hoofdzaak door haar man Max. Hun huwelijk is slecht. Zij is goed genoeg om voor haar twee ondeugende kinderen te zorgen en voor Max, maar daar eindigt haar taak eigenlijk. Eigenlijk haat Laurie Max, maar zij heeft zijn liefde te hard nodig. Ze is zeer afhankelijk van hem en daar maakt hij gretig misbruik van. Tegelijkertijd heeft ze liefde nodig en ze probeert die bij Lupo te vinden, nadat ze heeft ontdekt dat Max geinteresseerd in Ebbe. Ze heeft een enorm minderwaardigheidscomplex. Ze vindt zichzelf dik, dom en lelijk. Ze eet te veel om te kunnen leven met haar ongelukkige huwelijk. Ze heeft ook veel zelfmedelijden. Het feit dat zij waarschijnlijk Agrippina’s leven heeft gered maakt haar enigszins een heldin. Haar doel in het boek is niet echt duidelijk, maar ik denk dat haar doel in het leven hoogstwaarschijnlijk is: haar huwelijk weer op de rails te krijgen. Zij houdt van Max en wil zijn liefde.
Ik denk dat Max de grootste tegenstander is. Hij hecht meer waarde aan vreemdgaan. Misschien is het feit, dat ze te gemakkelijk over zich heen laat lopen ook wel een tegenstander. Hoe zou hun huwelijk eruit zien als zij iets standvastiger werd?
Helpers heeft zij voor dit doel niet echt. Misschien zocht zij een helper in Lupo. Misschien wilde zij door met hem een verhouding te beginnen Max jaloers maken. Dit plan lukte uiteindelijk niet.
Op haar twee walgelijke zoontjes hoeft zij wat dat betreft ook niet te rekenen. Alhoewel dit misschien de enige reden is waarom Max bij haar blijft. Als je het zo bekijkt zijn haar zoontjes haar helpers, maar zij maken haar huwelijk niet beter.
Laurie heeft uiteindelijk toch de overtuiging dat haar huwelijk moet blijven bestaan. Ik denk dat dit meer komt door haar afhankelijkheid van Max dan door haar liefde voor hem (ofschoon die toch wel aanwezig is). Ook zij wil de schijn voor de buitenwereld ophouden, maar wil ook, in tegenstelling tot Max, een hechte relatie. Op het einde van het boek zie je haar besluiteloosheid goed: Heeft ze alles gedroomd? Was het werkelijkheid? Ze wil de waarheid volgens mij niet onder ogen zien, ze gaat gewoon door alsof er niets gebeurd is.
Ik vind Laurie geen prettig persoon. Sowieso vind ik dat ze zich niet zo moet laten behandelen door Max. Soms gaat ze even tegen hem in, maar als het er op aankomt kruipt ze toch weer terug. Met als gevolg dat Max haar nog belachelijker vindt.
Ik zou mij nooit zo laten vernederen, ik kan mij dus ook totaal niet in Laurie verplaatsen.

De andere personages in het kort
Max is de echtgenoot van Laurie. Hij heeft weinig tijd voor zijn vrouw en zijn zoontjes. Hij is liever bezig met zijn carriere en zijn maitresse. Zijn vrouw behandelt hij als een voetveeg. De schijn ophouden voor de buitenwereld vindt hij belangrijk. Hij vindt dat hij zijn zoontjes goed opvoedt. In werkelijkheid maakt hij crimineeltjes van hen. Zijn personage is waarschijnlijk een “genoegen” geweest om te beschrijven voor deze feministische schrijfster.
De zoontjes van Max en Laurie hebben geen naam. Het zijn vreselijke, walgelijke jongetjes. Misschien zien ze er voor de buitenwereld redelijk beschaafd uit, ze lijken qua streken duidelijk op hun vader. Een goed voorbeeld is wat ze met Marrie doen.
Aggripina is een oude vrouw. Zij heeft haar uiterlijk niet mee, ze lijkt op een heks. Met haar trieste verleden (geweld en seksueel misbruik), haar passie voor bloed en haar waanvoorstellingen maken haar een interessant, maar mysterieus personage. Haar enige zoon Lupo is opgevoed door een vrouw in de provincie. Uiteindelijk komt ze in een bordeel terecht. Zij en Lupo worden naar een inrichting gestuurd als ze met haar dode kleinkind naar buiten loopt.
Lupo is dus de zoon van Agripina en woont in een caravan achter het huis. Hij schrijft liefdesgedichten voor mensen en is bekend om zijn filosofische citaten. Hij was ooit getrouwd met een lelijke vrouw die haar benen verloor bij een ongeluk. Ze baarde een mismaakt kind en verdronk even later in een vijver. Uit medelijden wurgt Lupo zijn mismaakte kind en komt dan samen met zijn moeder in het fasehuis terecht.
Ebbe en Biba zijn twee van een drieling, haar zuster Sterre heeft twee jaar geleden zelfmoord gepleegd, omdat ze elke maand ongesteld werd. Door agressiviteit kwamen ze in de psychiatrische inrichting en daarna in het fasehuis terecht. Ze zijn aantrekkelijk. Ze gaan goed met elkaar om, hebben zelfs een eigen taaltje.
Marrie is een mongooltje. Ze is na haar geboorte te vondeling gelegd. Ze is een project van de bewoners van het huis: alleen Agrippina mocht haar geslacht weten en ze moest onzijdig opgroeien. Nadat gebleken was dat ze door achterstand in haar ontwikkeling meer hulp nodig had werd ze als meisje behandeld.
Wibbe is een bijzondere psychiater die het fasehuis bedacht. In het begin van het verhaal wordt hij beschouwd als een vreemde klusjesman. Tijdens het verhaal blijkt, dat hij duidelijk de controle over het fasehuis verloren heeft.

RUIMTE

Het verhaal lijkt zich ver van de normale, bewoonde wereld af te spelen. Je hebt het idee, dat het zich afspeelt op een eilandje, geisoleerd van alles. Het boek speelt zich af in en rond het huis van Agrippina, het zogenaamde fasenhuis. Dit donkerrode (spook)huis heeft geblindeerde ramen, ligt bij de rivier en behoorlijk afgelegen in een bos. Het ligt verscholen achter een dichtbegroeide oprijlaan. Dit zorgt ervoor dat het verhaal extra spannend wordt. Als er iets gebeurt is er niemand in de buurt om je te helpen. De wijde omgeving van het huis wordt goed en in detail besproken. “De waterkant rook naar bederf. Het gistte en broeide er. Het dampte.”
Er zijn scènes bij de dijk, de moerassen, het boothuis, de rivier, het kikkereiland, de bossen en de inrichting. Het verhaal begint overigens in de auto van Max en Laurie.
Ook de weersomstandigheden spelen een belangrijke rol om het verhaal spannend te houden. Het is overdag broeierig en aan het einde komt er onweer.

THEMA

Het thema zou ik willen weergeven in twee vragen: “Wat is werkelijkheid?” en “Wat is normaal?”. Als lezer ben je geneigd om Max en Laurie als normaal te bestempelen en de bewoners van het huis als gek. De bewoners van het huis vinden elkaar wel normaal. Zij hebben een ander idee van de werkelijkheid. Elk personage in het boek heeft eigenlijk zijn eigen idee van de werkelijkheid. Ze begrijpen elkaars realiteit ook niet goed.
Die bewoners kunnen de buitenstaanders zijn, omdat ze vreemd overkomen en niet in de bewoonde wereld passen. Maar Wibbe beschouwt Max en Laurie weer als buitenstaanders.
De lezer mag bepalen wie de buitenstaanders zijn. Feit is, dat beide levens tijdens in de war worden gegooid. De confrontatie van normaal en gek heeft voor beide groepen grote gevolgen.

MOTIEVEN

Ik heb de volgende motieven in het boek gevonden:

Liefde
Op de eerste plaats liefde. De personages uiten hun liefde soms op een vreemde manier, maar het is en blijft liefde.
De zeer vreemde manier van liefde vind je bij Lupo. Hij heeft een liefdesbrievenfabriek, zo wil hij mensen gelukkig maken. Hij stopt bijvoorbeeld een liefdesbrief namens Max in de zak van Laurie. Hij schiet ‘uit liefde’ ook Evertje Polder dood, hij wil haar uit haar lijden verlossen.
Agrippina heeft maar een grote liefde gehad en nu vindt ze die liefde bij Evertje Polder. Ondanks het feit dat ze verschillend zijn houden alle bewoners van het huis van elkaar.
Sterre heeft zelfmoord gepleegd uit liefde. Ze wilde niemand tot last zijn. Haar zusjes Biba en Ebbe hebben haar daarbij geholpen, uit liefde voor haar.
Max en Laurie houden op een bepaalde manier ook wel van elkaar.

Sprookje
In een sprookje gebeuren dingen die in het normale leven niet voorkomen. Agrippina heeft eigenlijk iets weg van een heks, zij zou goed in een sprookje passen. De namen van de bewoners zijn ook geen namen ‘uit de bewoonde wereld’, terwijl die van Max en Laurie dat wel zijn. Dit motief sluit goed aan bij het thema: in een sprookje is er ook een andere realiteit.

Horror
Je zou de volgende opsomming ook onder de noemer ‘sprookje’ kunnen onderbrengen: de zelfmoord van Sterre, Agrippina die bloed drinkt, de zoontjes van Max en Laurie die Marrie mishandelen, Max die wordt opgesloten in een kelder vol met muizen. Deze zaken komen zeer sprookjesachtig over, maar zijn zo gruwelijk, dat ik er een apart hoofdstukje van wilde maken. De lezer leest over de gruwelijke dingen, maar accepteert ze, omdat ze in feite in het sprookje horen.

Buitenstaan
Eigenlijk is het begrip buitenstaanders al besproken in de titelverklaring en het thema, maar omdat het zo vaak terugkomt in het boek, omdat het zo belangrijk is wil ik het ook als verhaalmotief zien. Dit motief sluit dus goed aan bij het thema en de titel van het boek. Als lezer vraag je je gedurende het lezen voortdurend af: Wie zijn de buitenstaanders? En wie ziet wie als buitenstaander?

Minder belangrijke motieven zijn ‘dood’ en ‘opvoeding’. De bewoners zijn eigenlijk altijd met de dood bezig en Max en Laurie zouden bijvoorbeeld hun zoontjes beter kunnen opvoeden.

STROMING EN GENRE

Literaire stroming
Moderne Nederlandse literatuur

Genre
Buitenstaanders is een psychologische roman.

1E GEDACHTE DIE BIJ MIJ OPKWAM BIJ HET LEZEN HET BOEK

Ik had gemengde gevoelens over het boek na het lezen van de achterkant van het boek. Het sprak mij aan, omdat een jong gezin in de problemen komt met de auto en hulp zoekt. Twee identieke zusjes, een zwakzinnig kind, het leek mij wel interessant. Maar ik hou niet zo van horror en een dame die belust is op vers bloed .. Daar had ik mijn twijfels over. De laatste zin op de achterkant deed mij toch besluiten het boek te lezen: “Maar uiteraard is niemand wat hij lijkt te zijn…”. Ik wilde het wel proberen, mijn nieuwgierigheid was gewekt.
Na het eerste hoofdstuk had ik al spijt, want ik vond het saai, langdradig en verwarrend. Maar ik kwam toch tot een goede beoordeling.

BEOORDELING

Tijdens het lezen van dit boek veranderde ik constant van mening over: wie is gek en wie is normaal. Je leest iets over een persoon en dan concludeer je: die is normaal, maar een paar bladzijden verder lijkt diezelfde persoon totaal gek! Dat maakt het boek verwarrend, maar ook op een heel vreemde manier heel spannend. En eigenlijk word je pas aan het einde van het boek helemaal duidelijk wat er allemaal aan de hand is. Alhoewel, toch ook weer niet ….
Het gekke is dat ik ook mijn beoordeling over het boek constant veranderde. Toen ik de eerste bladzijde had gelezen dacht ik dat ik te maken had met een verhaal over een normaal gezin. Tien bladzijden later snapte ik niets meer van het verhaal, het was allemaal zo verwarrend. Ik dwong mijzelf om door te lezen en de tweede helft van het boek las ik in 1 adem uit! Toen ik het boek eenmaal uit had (vooral het onbevredigende slot) dacht ik: Wat gebeurde er nu eigenlijk in het boek? En na een dag begon ik over dingen die in het boek beschreven (en niet beschreven) waren na te denken. Hiermee wil ik eigenlijk aangeven, dat ik het een verwarrend, onvoorspelbaar, onwerkelijk, horrorachtig, vreemd, maar zeker GOED boek vond. Ik zou het zeker willen aanbevelen aan anderen, maar … ik zou er wel bij vertellen: zet door, ook al vind je het begin vreselijk!

De drie beoordelingswoorden die ik verder wil uitdiepen zijn:

Verwarrend
Het verhaal maakt veel tijdssprongen, daarom is het soms moeilijk te volgen. Het lijkt, vooral in het begin, een opsomming van korte gebeurtenissen, die niet logisch op elkaar volgen. Er worden veel illusies gewekt bij de lezer door de gedachtegang van een personage, en dan blijkt later dat een ander personage een andere kijk op de gebeurtenis had.
Aanvankelijk vroeg ik mij ook af wat een vreemd verhaal het was. Bijvoorbeeld toen Max na het ongeluk alleen nog maar kon kwaken en Agrippina, die vers bloed wilde drinken. Later worden veel van deze dingen wel duidelijk.
Er worden in het boek regelmatig stukken over geslagen, waar je later alle informatie over krijgt. Vaak is dat verwarrend, omdat je niet snapt waarom een persoon op een bepaalde manier reageert. Ook weet je in het begin bijvoorbeeld niet dat Evertje Polder een hond is en dat Sterre al jaren dood is. Dat is informatie die je pas achteraf hoort van de verteller, die over iedereen de waarheid (?) blijkt te weten.
Er lijkt geen verband te zitten tussen de twee verhaallijnen in het begin: je weet eigenlijk niet wie nu vreemd is en wie niet. Uiteindelijk lijkt iedereen eigenlijk wel vreemd. Maar misschien moeten we hieruit wel een les leren van de schrijfster … Ben je normaal als je normaal bent volgens de regels van de samenleving? Volgens mij kan niemand daar echt aan voldoen, dus dan mankeert er aan iedereen wel iets.

Onvoorspelbaar en daardoor ook spannend
Zeer onvoorspelbaar was de hoedanigheid van Wibbe. In het begin van het verhaal leek hij een soort vreemde klusjesman van het “gezin” van Agrippina, maar later in het verhaal bleek hij de psychiater van het fasehuis te zijn.

Aan het eind van het boek komt er een enorme ommezwaai. Laurie ontwaakt op het terras en het lijkt alsof alle gebeurtenissen niet echt gebeurd zijn. Ik had dit totaal niet zien aankomen.

Wat ik wel opmerkelijk vond was het feit dat de bewoners van het fasehuis veel aardiger en begripvoller waren dan het gezin van Max en Laurie, die overal moeilijk over deden.

De gebeurtenissen spelen zich af op een afgelegen plek, dus als het fout gaat is er niemand in de buurt om te helpen. De beschrijving van de omgeving is onheilspellend: "De waterkant rook naar bederf. Het zonlicht achter zich latend, stapte Agrippina de schimmenwereld van de hoge rietkraag binnen.”
Bovendien speelt het weer ook een rol: eerst broeierig en daarna een fel onweer in de nacht.
Het donkerrode huis van Agrippina met geblindeerde ramen lijkt op een spookhuis. Het feit dat het in een bos staat en moeilijk te vinden is maakt het nog spannender.

Triest, zelfs gruwelijk!
Het verleden van Agrippina is eigenlijk het meest triest. Haar leven is kapot gemaakt door geweld en seksueel misbruik. Zij blijkt zelfs misbruikt te zijn door een hond. Nu wordt zij eigenlijk gemeden door iedereen. Ze wil haar verhalen kwijt, maar niemand wil luisteren, daarom praat zij met een hond.
Ook het verleden van Lupo erg tragisch. Hij heeft zijn vrouw en kind verloren. Nu schrijft hij liefdesbrieven in opdracht.
Ik denk dat iedereen die het boek leest wel medelijden heeft met Laurie, die door Max op een vreselijke manier behandeld wordt. Hij heeft een maitresse en behandelt zijn vrouw als voetveeg. Eigenlijk laat zij zich ook zo behandelen. Zij probeert af en toe tevergeefs wraak te nemen, maar wordt dan slechts uitgelachen door Max.

De twee zoontjes van Max en Laurie zijn zeer onsympatiek. Zij mishandelen Marrie, een mongolide meisje op een vreselijke manier. Eigenlijk is aan het eind van het boek niet helemaal duidelijk of zij haar gedood hebben of niet.

Het feit dat Lupo het hondje Evertje Polder zo maar doodschiet is ook erg triest, niet alleen voor Agrippina, maar ook voor de lezer. Het hondje was Agrippina’s uitlaatklep en zij was dan ook zeer verdrietig.

De tweeling Ebbe en Biba zijn ook vreemde kinderen. Zij kietelen elkaar bijna dood en hebben vreemde gesprekken met elkaar. Deze gebeurtenissen worden soms gruwelijk beschreven.

Zo gebeuren er meer gruwelijke dingen in het boek. Het gekke is, dat het allemaal in het verhaal lijkt te passen, het blijft toch boeien. Ik kan dan ook concluderen dat de schrijfster dit grandioos heeft geschreven.

SAMENVATTING

Het verhaal begint bij het ongeluk van Max, Laurie en hun twee zoontjes. Voor de buitenwereld zijn ze een modelgezin, maar het huwelijk van Max en Laurie is niet perfect en hun zoontjes zijn vreselijke jongetjes. Max gaat veel vreemd en Laurie vindt dat erg, ze heeft liefde nodig. Ze zijn met de auto op weg naar hun vakantiebestemming. Ze zijn wat aan het kibbelen en Max gaat daardoor harder rijden. Doordat er een waarschuwingsbord (door Aggripina) van de weg is gehaald en Max daardoor uit de bocht vliegt, komt de auto in de sloot terecht. Ze komen ongedeerd uit de auto, maar Max heeft een shock. Laurie gaat hulp zoeken. Ze ziet een meisje lopen (Marrie) en ze besluit haar te volgen. Ze komen bij een spookachtig huis, verscholen achter een dichtbegroeide oprijlaan. Ze denken dat dit een gewoon huis is, maar het is een fasenhuis. Hier worden psychiatrische patiënten voorbereid op het leven in de maatschappij. Het is een bijgebouw van de psychiatrische inrichting, die verderop in het bos ligt. Laurie heeft niet door dat Wibbe een psychiater is, die met 5 patienten in het huis woont.
Ze ontmoet een oudere dame, Aggripina en zij vangt het gezin op. Ze kalmeert Laurie, stuurt de jongens naar het meer om te gaan roeien en Max wordt in bed gelegd. Aggripina lijkt net een heks. Ze heeft een roerig verleden van geweld en sex. Omdat ze aan een hersentumor lijdt heeft ze waanvoorstellingen. Ze drinkt bloed van muizen en andere dieren omdat zij ervan overtuigd is dat dat haar jong zal houden. Ze is getrouwd geweest met een rijke veel oudere man en heeft met hem een zoon, Lupo. Hij is opgegroeid bij een vrouw in de provincie. Aggripina’s overleed namelijk en zij moest uit geldgebrek de prostitutie in. Uit medelijden is Lupo getrouwd met een lelijke vrouw en samen kregen zij een mismaakt kind. Toen zijn vrouw was overleden (hij had door ook iets mee te maken) heeft hij zijn kind gewurgd om het uit zijn lijden te verlossen. Aggripina wil het lijkje stelen, omdat ze het bloed wil drinken. Ze wordt dan opgesloten in het fasenhuis. Lupo heeft een liefdesbrievenfabriekje, hij schrijft mooie gedichten.
Op de dag dat Max en Laurie aankomen zijn er voorbereidingen voor een feest voor Sterre aan de gang. Later blijkt dat Sterre dood is. Het is een herdenkingsfeest. Zij was een van een drieling (Ebbe en Biba zijn haar zusjes) en heeft zelfmoord gepleegd met hulp van haar zusjes. Ze was ervan overtuigd dat er een monster in haar lichaam woonde en was bang dat ze iedereen zou besmetten. Haar zusjes hadden medelijden met haar en besloten haar te helpen. Zij komen uit een probleemgezin.
Dan is er nog Marrie, een klein mongooltje. Zij is later in het huis geplaatst door Wibbe en komt uit een tehuis voor ongehuwde moeders.
Wibbe is dus de psychiater, maar wordt door iedereen als klusjesman gezien. Hij is heel onopvallend aanwezig.
Max ligt nog op bed als Ebbe hem probeert te versieren. Laurie is er getuige van dat Max Ebbe streelt en is alle vernederingen van Max meer dan zat en zij wil vertrekken.
Ondertussen zijn hun zoontjes druk bezig om Marrie te pesten en gaan daar heel ver in.
Wibbe ziet het gezin niet zo zitten en besluit de auto uit de sloot te trekken met een oude tractor, zodat ze kunnen vertrekken. Maar helaas, de auto is echt kapot en moet naar het dorp om gerepareerd te worden. Wibbe en Max brengen de auto weg en Max vertelt Wibbe dan over het fasenhuis.
Evertje Polder, de oude hond van Agrippina, is door Lupo doodgeschoten. In het bos waar de moord is gepleegd, probeert Laurie Lupo te verleiden maar daar heeft hij helemaal geen zin in.
Ondertussen droomt Agrippina van de twee zoontjes. Ze wil weleens mensenbloed drinken in plaats van muizenbloed, misschien dat dat beter helpt om jonger te blijven.
Ebbe en Biba hebben voor het herdenkingsritueel een zwanenvleugel nodig en Lupo schiet daarom een zwaan dood en snijdt een vleugel van het dier af. Als ze op het dak staan om hun ritueel uit te voeren willen Max en Wibbe daar een stokje voor te steken, maar de andere bewoners protesteren en ze sluiten Max op in de kelder en Wibbe op zolder.
Dan gaat iedereen Agrippina zoeken in het bos, omdat ze bang zijn dat ze het bloed van de jongetjes gaat drinken. Maar de jongetjes zitten bij Marrie in de kamer om haar een lesje te leren. In de keuken ontbreekt een slagersmes ..
Laurie gaat achter Lupo aan en verdwaalt in het bos. Uiteindelijk komt ze terecht bij het hoofdgebouw van de inrichting. Zij vertelt daar aan de psychiater wat er in het fasehuis gebeurt. Hij vindt het niet verantwoord dat Agrippina 'los loopt' en neemt via een zender contact op met Wibbe die nog zit opgesloten.
Wibbe zegt echter dat er niets aan de hand is en dat Laurie gek is. Laurie krijgt van hem een paar kalmerende injecties. Lupo, Biba en Ebbe laten Max en Wibbe vrij. Nadat ze Agrippina op bed vinden na een aanval besluit Wibbe Agrippina terug te brengen naar de inrichting. Hij neemt Laurie mee terug naar het fasehuis. Vervolgens volgen ze het spoor van de jongens naar het botenhuis. Wat er daar precies is gebeurd vertelt het verhaal niet, de jongetjes zijn in ieder geval terug.
De volgende ochtend wordt Laurie wakker op een terras. Ze is heel versuft. Max vertelt haar dat ze last heeft van de verdoving en vandaar de nachtmerries heeft gehad. “Je was verdoofd. Net iets voor jou om je per ongeluk in een psychiatrische inrichting plat te laten spuiten!” Ze vraagt zich af of het allemaal wel echt gebeurd is of dat het een nachtmerrie is geweest. Aan de ene kant kan ze net doen of er de afgelopen 24 uur niets gebeurd is (dan lijkt het alsof haar hele leven een grote illusie is geweest) of de echtheid van de gebeurtenissen aanvaarden (dan zou ze moeten leven met de grote nachtmerrie die haar bestaan eigenlijk is). Moet ze Max geloven of niet? Ze voelt dat ze moet kiezen, het heeft op de een of andere manier met overleven te maken. Ze wil dan terug naar het huis, maar Max heeft daar geen zin in. Ze gaan niet meer terug, maar lopen naar de auto. Aan de auto is niet te zien, dat hij kapot is geweest of in het water heeft gelegen.

Dossieropdracht 3
STRUCTUUR EN BOUW

Vraag 1:
Zijn de gebeurtenissen in chronologische of niet-chronologische volgorde?

De gebeurtenissen zijn niet in chronologische volgorde.
Eigenlijk is het boek heel verwarrend, gebeurtenissen volgen elkaar op in een razend tempo. Soms is er eerst een verhaallijn over de middag, terwijl vlak daarna een gebeurtenis van de ochtend plaatsvindt. Er wordt veel gebruik gemaakt van flashbacks en terugwijzingen.

Vraag 2:
Vergelijk fabel en sujet in het boek.

Fabel en sujet kloppen niet bij elkaar. Er worden hele stukken overgeslagen en lees je deze informatie dan vele bladzijden later pas. De schrijver maakt constant gebruik van kunstgrepen, er klopt niets van de werkelijke volgorde.

Vraag 3:
Hoeveel verhaallijnen heeft het boek?

Er zijn steeds een aantal verhaallijnen door elkaar: het leven van Max en Laurie (hun huwelijk vol problemen), het leven in het fasehuis, Wibbe en Max die opgesloten zitten terwijl Laurie in de psychiatrische inrichting zit, de dood van Sterre, Wibbe’s zorg voor alle bewoners, etc.etc. Ik kan er zo nog wel een aantal opnoemen.

Vraag 4:
Als er meer verhaallijnen zijn, zijn deze dan hetzelfde van opbouw (chron./niet-chron.)?

Net als het boek zelf zijn de verhaallijnen ook niet chronologisch. Een goed voorbeeld daarvan is de dood van Serre. In het begin van het boek weet je niet beter dan dat zij nog leeft,
maar later blijkt dat ze al dood is.

Vraag 5:
Zijn de verschillende verhaallijnen ondergeschikt aan elkaar of zijn ze gelijkwaardig?

Alle verhaallijnen worden behoorlijk uitgediept. Toch denk ik, dat het huwelijk van Max en Laurie de belangrijkste verhaallijn is. Als je het boek in z’n geheel bekijkt, dan draait het eigenlijk allemaal om de problemen in dat huwelijk.

Vraag 6:
Vertonen ze thematische samenhang?

Ja, ik vind dat ze thematische samenhang vertonen. Ze wonen allemaal samen in een huis en de verschillende verhaallijnen gaan eigenlijk allemaal over de onderlinge relaties. Het boek is fragmentarisch. Het bestaat uit allemaal korte verhaallijntjes, die samen wel een verhaal vormen. In die kleine verhaallijntjes wordt er gesproken over een bepaalde persoon of vertelt die persoon over een gebeurtenis. Regelmatig krijgt de lezer een gebeurtenis twee keer te lezen, hoe twee verschillende personages de gebeurtenis zien. Door die verschillende percepties ontstaat er verwarring bij de lezer. Toch wordt alles wel weer duidelijk (of in ieder geval denk je dat je het snapt!).

Vraag 7:
Is er sprake van een hechte of losse structuur in het boek?

In beginsel zou je denken, dat er sprake is van een losse structuur, want als je pas begint te lezen heb je heel veel onduidelijkheden en je ziet de samenhang totaal niet. Later worden alle verschillende verhalen eigenlijk met elkaar verbonden. Dan is er wel degelijk een hechte structuur.

Vraag 8:
Heeft de structuur invloed op de spanningsbouw?

Dit is zeker weten het geval! Er zijn zoveel open vragen waar je antwoord op wilt (en krijgt) en flashbacks. Die zorgen voor een enorme spanningsopbouw. Ook het feit dat een gebeurtenis soms twee keer vanuit een andere hoek bekeken wordt zorgt voor een zekere spanning.

TIJD

Vraag 1:
In welke tijd speelt het boek (historische tijd) en uit welke gegevens uit het boek maak je dit op?

Het boek speelt zich af in ‘deze tijd’. Het kent niet echt een vaste tijd, maar het speelt zich in ieder geval af in de laatste 20-30 jaar. Een auto wordt als een ‘natuurlijk’ iets gezien, bijvoorbeeld.

Vraag 2:
Hoeveel tijd verloopt er tussen het begin en het einde van de gebeurtenissen?

Een dag en een nacht verblijven Laurie en Max in het huis. Deze dag en nacht worden zeer uitgebreid en langzaam besproken. De flashbacks worden allemaal vrij snel en kort verteld. Het boek bestaat uit vier hoofdstukken (het vierde hoofdstuk is heel kort). Elk hoofdstuk heeft een aantal korte scènes over een bepaald verhaal. Na elke scène begint een nieuwe alinea.

Vraag 3:
Maakt de auteur veel gebruik van flashbacks, vooruit- en terugwijzingen? Zo ja, kun je dat verklaren?

Ja, de auteur maakt daar veel gebruik van. Het boek vertelt een gebeurtenis van een dag en een nacht, maar om alles wat er gebeurd is duidelijk te maken maakt de auteur/verteller gebruik van flashbacks/gedachtes/terugwijzingen. Deze maken het ook spannend. De onderlinge relaties van de bewoners in het huis zijn zo complex, dat enige uitleg hierover (of zaken uit het verleden) noodzakelijk is.

Vraag 4:
Vind je het lastig om een boek te lezen, dat zich in een andere tijd afspeelt? Zo ja, hoe komt dat en zo nee, waarom niet?

Bij dit boek is dat natuurlijk niet van toepassing, het is in feite tijdloos. Maar ik vind het meestal juist interessant om een boek uit een andere tijd te lezen, omdat je dan ziet en meemaakt hoe anders dingen in het verleden waren. Het boek van Anne Frank (Het Achterhuis) bijvoorbeeld heeft op mij een diepe indruk gemaakt. Ik wist wel dat oorlog erg was, maar in haar dagboek lees je in details hoe vreselijk sommige gebeurtenissen waren. Vooral in haar boek, omdat het natuurlijk een dagboek van een (bijna) leeftijdsgenote was. Hetzelfde geldt voor de boeken van Marga Minco. Ik ben zelf een grote fan van boeken uit de Tweede Wereldoorlog.

AANVULLENDE INFORMATIE OVER HET BOEK VOOR MIJZELF
BESPREKING VAN MINIMAAL DRIE BELANGRIJKE OPEN PLEKKEN

De belangrijkste open plek is het open einde. Als je de laatste bladzijden niet leest lijkt alles heel duidelijk geworden in de loop van het verhaal, maar in die laatste bladzijden zorgt de schrijfster voor twijfel. Laurie ontwaakt op het terras en na een gesprek met Max weet de lezer niet of het hele verhaal gebeurd is of niet. Met de auto lijkt niets meer aan de hand en Laurie denkt bijna dat ze alles gedroomd heeft. Open eindes geven stof tot nadenken, maar soms is dat niet zo prettig. Of Laurie het hele verhaal heeft gedroomd of niet, daar kom ik wel overheen, maar er komt op het einde ook geen antwoord op een andere verhaallijn. Wat hebben de twee zoons met Marrie gedaan. Heeft dit onschuldige meisje, die bleef lachen wat er ook gebeurde de martelingen van de zoons overleefd? En uiteraard ben ik ook benieuwd wat er met Agrippina is gebeurd. Dat zal dan altijd een raadsel blijven.

In het boek zijn veel open plekken. Bijna allemaal worden ze verder in het boek verklaard. Een paar van die open plekken zijn:

- Evertje Polder lijkt een mens te zijn, maar halverwege blijkt het een hond te zijn
- Tot halverwege het verhaal denk je dat Sterre nog leeft, maar dan blijkt dat zij dood is
- Eerst denk je dat de personages in het huis een gezin zijn, pas tegen het einde van het boek weet je dat het gaat om een psychiatrische inrichting en dat de mensen geen familie van elkaar zijn (behalve Agrippina en Lupo)
- Agrippina lijkt een vreemd mens met haar drang om bloed te drinken en het feit dat ze vertelt dat iemand haar hoofd gaat bestralen. Later blijkt ze een hersentumor te hebben. Al vind ik het bloed drinken nog steeds wel vreemd …

In het boek heeft de verteller de macht. Het lijkt wel of hij een spelletje speelt met de lezer. Hij geeft zijn informatie beetje bij beetje om de spanning er zo lang mogelijk in te houden.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.