CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

ff n studiebreak

Het mooiste crimiboek van 'onze' agent Don Heins? Die over de ontvoering van Alfred Heineken. Type in-één-ruk-uit.

Geschreven door:

cherelle (4 vwo)

Datum ingestuurd:

25 maart 2007

Taal:

Woorden:

2.500

Bekeken:

2428 keer (20 deze maand)

Waardering:

2.4/5 (5 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

Titel: Van den vod Reynaerde
Auteur: Onbekend
Plaats van uitgave: Gent
Jaar van uitgave: Omstreeks 1250
Versregels: 3469 versregels

Samenvatting:
Het Middelnederlandse verhaal begint tijdens een hofdag van koning Nobel de leeuw. Isengrijn de wolf beschuldigt de afwezige Reinaert ervan dat hij zijn vrouw heeft verkracht en zijn pasgeboren kinderen heeft beplast waardoor ze blind zijn geworden. Het deftige, Franssprekende hondje Cortoys zegt dat Reinaert zijn worst heeft gestolen, en Pancer de bever dat Reinaert heeft geprobeerd Cuwaert de haas te doden. De vos wordt verdedigd door zijn neef Grimbeert de das, die vertelt dat Reinaert Cuwaert alleen een pak slaag wilde geven en dat de vrouw van Isengrijn al jarenlang een verhouding met Reinaert had. Grimbeert wordt onderbroken door de binnenkomst van de haan Cantecleer met het lijk van de kip Coppe, die net door Reinaert gedood is. Na de begrafenis van Coppe besluit Nobel Reinaert te dagvaarden.
Bruun de beer krijgt de opdracht om hem te gaan halen. Als hij bij Reinaert aankomt, zegt deze dat hij wel mee zou willen gaan maar dat hij nu niet goed kan lopen, omdat hij een vreemde spijs-honing-heeft gegeten. Bruun, die dol is op honing, vraagt Reinaert hem naar de vindplaats te brengen. Deze is in een dorpje (van mensen). De honing zou in een boomstam zittendie een timmerman met behulp van twee wiggen aan het splijten is om er balken van te maken. Als Bruun zijn kop in de spleet steekt, stoot Reinaert de wiggen eruit, waardoor de twee helften weer tegen elkaar klappen en Bruun vastzit. Hij wordt verschrikkelijk afgetuigd door de dorpelingen, onder wie de pastoor en diens vrouw! Hij weet zich los te rukken, maar verliest daarbij een oor en de huid van zijn wangen en voorpoten. Achtervolgd door de meute springt hij in de rivier, en ontsnapt. Dan begint zijn lange en pijnlijke weg huiswaarts.
De volgende die wordt gestuurd om Reinaert te halen, is Tibeert de kater. Reinaert neemt hem op dezelfde manier te pakken: hij vertelt hem van een schuur vol vette muizen, maar zegt er niet bij dat voor het gat in de muur een strik gespannen is. Hij komt vast te zitten in de strik die de zoon van de priester heeft geplaatst. Martinet de priesterszoon wordt wakker van Tibeerts gegil en ze takelen Tibeert met zijn alle toe.
Als derde wordt grimbeert de das gestuurd. Nu moet Reinaert wel meekomen: als edelman heeft hij het recht drie keer gedaagd te worden maar als hij de derde keer niet komt, wordt hij vogelvrij verklaard. Onderweg ‘biecht’ hij zijn misdaden op, maar op een manier die eerder een verlekkerd ophalen van herinneringen is dan een betuiging van spijt.
Aan het hof mag Reinaert eerst een woord ter verdediging spreken. Daarna worden de aanklachten herhaald en volgt het vonnis: hij zal opgehangen worden. Tibeert, Bruun en Isengrijn gaan alvast de galg oprichten.
Reinaert bekent nu al zijn misdaden en doet zich voor als een berouwvol zondaar die in het aangezicht van de dood schoon schip wil maken. En dan komt hij met een nieuwe list: het verhaal van de schat. Eens zou Reinaerts vader (!) een schat gevonden hebben, waarmee hij samen met Bruun, Isengrijn, Tibeert en Grimbeert (!) een opstand tegen Nobel wilde financieren. Reinaert ontdekte dit en verborg de schat, waardoor de opstand niet door kon gaan. Als Reinaert verteld heeft waar de schat zich bevindt, laat Nobel hem vrij en zet de ‘samenzweerders’ gevangen. Reinaert zegt dat hij te zondig is om de koning te vergezellen bij het ophalen van de schat en dat hij meteen naar Rome moet om aan de paus om vergeving te vragen. De koning stuurt Belijn de ram en Cuwaert met Reinaert mee naar diens burcht Maupertuus.
Nadat de drie in Maupertuus aangekomen zijn, vermoordt Reinaert Cuwaert en zegt tegen Belijn dat hij alleen terug moet gaan naar het hof, omdat Cuwaert nog wat wil blijven. In een tas geeft hij hem een ‘brief’ voor de koning mee: in feite het hoofd van Cuwaert.
Als Bellijn bij Nobel komt en hem de ‘brief’ geeft, beseft de koning dat hij weer is beetgenomen. Firapeel de luipaard stelt voor Belijn en zijn familie ter beschikking te stellen van de beer en de wolf. Ondertussen heeft Reinaert zich met zijn familie teruggetrokken in de wildernis.

Thema:
Het verhaal gat over een moordlustige en slecht vos Reinaert genoemd. Die door Koning nobel gedagvaard wordt. Hij neemt Bruun de beer en Tibeert de kater te grazen maar gaat met Grimbeert toch mee. Als het vonnis de dood luidt verzint hij een list over een schat waardoor koning Nobel hem laat gaan met Belijn en Cuwaert. Hij doodt Cuwaert en stuurt Belijn terug met een ‘brief’. Als de Koning het hoofd van Cuwaert uit de tas haalt weet hij dat hij ook is beetgenomen. Reinaert wordt vogelvrij verklaard maar zit dan al veilig in de wildernis.

Vertelwijze:
a. Hij spreekt het publiek regelmatig aan. Ook geeft de schrijver dikwijls commentaar op bepaalde gebeurtenissen, hij ironiseert en hij wijst soms vooruit naar wat komt. Hij richt zicht tot een adellijk, ontwikkeld publiek.
b. Het is in een dicht vorm geschreven wat niet normaal is in onze proza.

Verklaring titel, ondertitel en motto:
De titel Reinaart de vos spreekt voor zich: In dit boek is Reinaert de vos de hoofdpersoon. Er is geen sprake van een ondertitel of motto.

Opbouw:
a. Er is sprake van een proloog waarin de schrijver van het verhaal vertelt waarom en voor wie hij het verhaal heeft geschreven. Hij maakt namelijk nog al duidelijk dat hij het verhaal uitdrukkelijk niet voor de boerenkinkels en de dwazen heeft geschreven.
b. Ja, in 5 hoofdstukken
c. 1= Hofdag in het dierenrijk.
2= Lotgevallen van een beer.
3= De kater en de das.
4= De rollen omgedraaid.
5= Eind goed, al goed?

Personages:
De hoofdpersoon van het verhaal is natuurlijk Reinaert de vos. Hij is sluw, zelfverzekerd, gewetenloos, onbarmhartig en vindingrijk. Ondanks al deze slechte eigenschappen en zijn gemene streken krijgt hij de sympathie van de lezer. Hij maakt gebruik van de zwakheden van zijn tegenstanders door in te spelen op hun hebzucht, gulzigheid en vraatzucht. Hij is een rond karakter. Alle bijpersonen hebben een vlak karakter.
Bruun, een vraatzuchtige beer die Reinaert voor de eerste maal voor het hof daagt. Hij wordt door zijn vraatzucht in een list geleid, en wordt zo ernstig verminkt.
Tibeert, een gulzige kater die Reinaert voor de tweede keer voor het hof gaat dagen. Door zijn gulzigheid wordt ook hij in een list geleidt, en wordt evenals Bruun ernstig toegetakeld.
Grimbert, de das. Hij is de enige die nog voor Reinaert pleit, als hij beschuldigd wordt. Reinaert is zijn oom. Het feit dat hij pleit voor hem wil niet zeggen dat hij dikke vrienden is met Reinaert.
Belijn, een hebzuchtige ram. Hij gaat met Reinaert mee als die zogenaamd op bedevaart gaat. Hij is ook degene die de zak, met daarin de kop van Cuwaert, de haas. Hij moet erbij zeggen dat hij de inhoud zelf heeft samengesteld, zodat hij extra lof zou krijgen. Hij weet echter niet wat er in de tas zit. Als straf wordt Belijn vogelvrij verklaard. Hij vertegenwoordigt de gestelijkheid.
Isengrijn, de wolf. Hij dient talloze klachten in tegen Reinaert, waaronder dat zijn vrouw door Reinaert verkracht zou zijn en dat hij zijn kinderen had beplast, waardoor er twee stekeblind waren geworden. Hij eist ook dat Reinaert ter dood veroordeeld wordt.
Koning Nobel de leeuw. Hij is zwak en karakterloos. Hij leeft in een schijnwereld. Hij probeert voortdurend zijn aanzien te redden na de hofdag vol drama’s. Hij maakt echter de ene na de andere fout, waardoor de hofdag eigenlijk helemaal misloopt.

Historische tijd:
a. Het verhaal speelt zich af in de middeleeuwen omdat er een koning aan de macht is die een hofdag houdt en Reinaert dagvaard en hem vogelvrij kan verklaren. Dit zijn allemaal middeleeuwse termen die nu niet meer gebruikt worden. Ook dingen zoals een boom splijten met wiggen kennen we niet in deze tijd. Ook kun je het natuurlijk zien aan het taalgebruik en de versvorm van het verhaal.
b. Het is belangrijk in de zin van de opbouw van het verhaal maar je zou de koning net zo goed kunnen vervangen door een president en de vogelvrijverklaring door de doodstraf wat het wel inhield vroeg of laat.

Plaats en ruimte:
a. Het verhaal speelt zich af in het Land van Waas (Oost-Vlaanderen), tussen Gent en Hulsterloo (een uitgestrekt bos tussen Hulst en Kieldrecht). Volgens Jan de Wilde moet het verhaal gelokaliseerd worden in en rond het oude stadje Destelbergen bij Gent, waar vroeger de Schelde een bocht maakte. Verder wordt het plaatsje Kriekeputte genoemd, een bron die in de buurt van Hulsterloo ligt.
b. Tamelijk willekeurig gekozen kan net zo goed een bos in Duitsland zijn.

Tijdsduur:
a. Ongeveer een week.

Tijdsvolgorde:
a. Ja het is grotendeels chronologisch verteld.
b. Een paar keer komt er een flashback voor. Bijvoorbeeld wanneer Reinaert zijn zonden opbiecht aan Grimbeert. Hij vertelt dan wat hij in de tijd daarvoor allemaal voor zonden heeft begaan. Ook is er een flashback als Reinaert aan het hof verteld wat voor plannen zijn vader, Grimbeert, Bruun en Tibeert hadden om de koning af te zetten en ook hoe hij, Reinaert, dat had kunnen verijdelen. Ook zijn er af en toe kleine Flash-forwards. Bijvoorbeeld in vers 496: het moment is nabij gekomen waarop hij ernstig in de problemen zou komen. De schrijver zegt dus al dat het Bruun slecht zal vergaan, de vraag is alleen hoe.

Perspectief:
a. In het begin is het geschreven in de ikpersoon hij vertelt waarom hij het boek schrijft dan is de verteller alwetend en staat boven de gebeurtenissen. Het verhaal is dus auctoriaal.

Idee:
kritiek op de maatschappij, het tonen van een verkeerde wereld. In het verhaal wordt kritiek gegeven op de maatschappij, op de geestelijkheid, op het rechtssysteem en op het gezag van de koning. De maatschappij zit vol corruptie, schijnheiligheid en winstbejag. De namen in van den vos Reinaert hebben ook een aparte betekenis. Veel namen hebben een betekenis die dubbelzinnig uitgelegd kunnen worden. Zo zou Cuwaert ‘lafaard’ betekenen. Dit is ook wel toepasselijk. Cuwaert is een haas. In spreekwoorden is de haas dikwijls een lafaard. ‘Canticleer betekent ‘helder kraaien’. Dit is ook toepasselijk voor een haan. Woordspeling is iets wat Willem dikwijls gebruikt.

Genre:
Het is een dierenepos.

Stroming:
Het dierenepos Van de vos Reynaerde heeft de vorm van een middeleeuwse ridderroman. Het speelt op een hofdag, de dieren spreken elkaar hoofs aan en de tekst bevat citaten uit ridderromans. Het verhaal is een satire, omdat de gehele middeleeuwse maatschappij belachelijk wordt gemaakt - niet een stand uitgezonderd. Ook is het een parodie, omdat de opzet van ridderroman op spottende wijze wordt nagebootst.

Beoordeling:
Ik heb dit boek met heel veel plezier gelezen. Het is echte een boek waarbij je dikwijls moet lachen om de vindingrijkheid waarmee het boek is geschreven. Soms vond ik het wel wat zielig voor de slachtoffers, die zo ernstig toegetakeld worden door de listen van Reinaert. Toch krijgt Willem het voor elkaar dat je sympathie krijgt voor Reinaert, hoewel dit de grootste schurk is die je kunt bedenken. Dit komt natuurlijk ook doordat zijn vijanden heel dom doen en omdat het maar een fantasieverhaal is.
Willem weet op een leuke manier de lezer of luisteraar geboeid te houden. Dit moest natuurlijk ook wel, want anders liep hij het risico dat de mensen weg zouden lopen omdat het saai werd. Er zitten voortdurend grappen in het verhaal. Deze grappen zijn ook erg origineel. Ook de listen die Reinaert bedenkt zijn erg slim. Je blijft door het verhaal geboeid. Het wordt niet saai omdat er voortduren wel wat gebeurt. Hierdoor vind ik het een erg goed verhaal. Je hebt nooit het gevoel om het boek weg te leggen omdat je er niets aan vind. Over het boek is goed nagedacht. De dubbelzinnige betekenissen passen allemaal mooi in elkaar.
De voornaamste bedoeling van de schrijver is kritiek leveren op de maatschappij. Dit moest je echter wel voorzichtig doen, anders werd je opgepakt. Door het via een dierenepos te doen hoeven de mensen zich niet echt aangevallen te voelen en ze kunnen natuurlijk altijd nog denken van: het is allemaal fantasie en een heleboel onzin. In zijn verhaal gaat Willem wel recht door zee en zet de mensen waarop kritiek is compleet voor schut. Zo maakt hij de geestelijkheid behoorlijk zwart. Hij is het duidelijk niet eens met de manier waarop de geestelijkheid omgaat met de aflaat en eigenlijk met alle regels die door de kerk worden gemaakt. Ook geeft hij flink kritiek op de rechtspraak, op het gezag en op de negatieve eigenschappen van de mens, zoals egoisme, hebzucht en winstbejag, wat hij volgens mij goed doet.
Het realiteitsgehalte van het verhaal is natuurlijk niet erg hoog, doordat bijna alle rollen gespeeld worden door dieren. Deze dieren hebben toch menselijke eigenschappen. Eigenlijk zijn het allemaal mensen, maar hebben ze allemaal een dierlijke vorm. Zo zal je nooit een wolf (Isengrijn) gebroederlijk naast een konijn (Cuwaert) zien zitten. Ook de situatie met Bruun die toegetakeld werd door de mensen een beetje ongelovig. De wonden die hem toegebracht werden zou hij nooit kunnen overleven. Het verhaal zou ook een stuk minder leuk zijn als Bruun daar gewoon was doodgegaan. Zo zitten er nog wel meer onmogelijke dingen in het verhaal, die het toch leuk maken. De rollen die gespeeld worden zijn wel erg serieus. Die rollen zouden in die tijd ook aan de orde van alle dag kunnen zijn. De omstandigheden zijn dus wel realistisch. Ook de problemen die aan de orde komen zijn ook erg serieuze situaties, die ook dagelijks kunnen voorkomen. Dit voegt weer wat extra realiteit aan het verhaal toe. Doordat alle gebeurtenissen allemaal fantasie zijn, wordt het verhaal ook een stuk leuker. De gemene streken die Reinaert uithaalt worden ook wat minder ernstig. Het lage realiteitsgehalte draagt ook bij aan de sympathie die je moet krijgen voor Reinaert, die zich verdedigt tegen de gekte van de maatschappij.
De bedoeling van Willem is waarschijnlijk dat hij vindt dat de maatschappij en de geestelijkheid helemaal verkeerd zijn. Met zijn verhaal geeft hij kritiek. Hij probeert misschien ook de mensen een beetje wakker te schudden, zodat ze beseffen in wat voor samenleving ze eigenlijk leven. Het is jammer genoeg niet helemaal geslaagd, want zijn boek kwam op de lijst van verboden boeken terecht. Het gezag en de kerk waren duidelijk bang geworden dat de mensen echt wakker zouden worden en in opstand zouden komen. Ze mochten de boeken dus niet lezen. Willem is er in ieder geval wel in geslaagd een prachtig dierenepos te schrijven met een overvloed aan grappen en grollen.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.