Heb je zin om een korte enquête in te vullen over jouw ergernissen op school? Meedoen kost een paar minuutjes van je tijd.

Geschreven door:

Binho [meer]

Datum ingestuurd:

10 oktober 2007

Niveau:

5 vwo

Taal:

Nederlands

Woorden:

2605

Opvragingen:

1256 (40 deze maand)

Waardering:

4.6/5 (5 stemmen)

Titel:

De wegen der verbeelding

Auteur:

Haasse, Hella S.

Jaar van uitgave:

1983

Moeilijkheidsgraad:


bovenbouw havo/vwo

Thema:

Fantasie & Werkelijkheid, Kunstwereld

Zakelijke gegevens

• Hella S. Haasse
• De wegen der verbeelding
• Amsterdam – 1983
• Gelezen: zevende druk - 1993
• Em. Querido’s Uitgeverij B.V.


Motivatie

We moesten twee weken na het einde van de krokusvakantie weer een boekverslag inleveren, dus besloot ik dat ik het boek in de vakantie alvast zou lenen bij de bibliotheek en dan meteen te gaan lezen. Ik had een aantal boeken aangestipt op mijn boekenlijst waarvan de titel mij wel aansprak. Toen ik eenmaal bij de bieb ging kijken was geen enkel van mijn aangestipte titels aanwezig en zag ik deze toevallig ertussen staan. Hij stond nog op de lijst ook dus het lezen kon beginnen.


Samenvatting

Maja van Hove en Klaas Welling hebben elkaar leren kennen tijdens hun werk bij een provinciaal dagblad. Hun leven veranderde toen Maja zwanger werd en Klaas ging werken bij het nieuwe tijdschrift Enigma. Ze trouwden, Maja hield op met werken en zette zich helemaal in voor het gezin. Tijdens zijn werkzaamheden voor Enigma ontdekte Klaas toevallig een gedicht: 'Morgenlied voor Eva'. De dichter, B. Mork, was hem totaal onbekend. Hij kwam erachter dat Bernard Mork had gewoond op de Koninginneweg in Amsterdam en enkele jaren geleden was hij gestorven. Mevrouw Jardinet, zijn huishoudster, woonde er nog steeds en wilde Klaas eerst niet ontvangen, maar gaf hem uiteindelijk toch het manuscript van drie gedichtenbundels: 'Morgenliederen voor Eva', 'Beginselen van ordening' en 'Brieven aan Baucis'. Klaas wist nu zeker dat hij een zeer groot dichter had ontdekt en wilde zijn leven wijden aan de roem, de onsterfelijkheid van Mork. Daarvoor moest hij echter alles van Morks leven weten, maar mevrouw Jardinet wilde daarover niets vertellen. Nadat Klaas weer eens probeerde mevrouw Jardinet te spreken, ontmoette hij haar dochter, Eva Mork. Ze vertelde dat Bernard Mork niet haar vader was. Haar vader was onbekend; vandaar dat ze de meisjesnaam van haar moeder, Mork droeg. Zij en Bernard waren nicht en neef. Eva kon zich niet voorstellen dat hij gedichten had geschreven.

Met Enigma ging het slecht, de zakenman Richard (Kick) Pluym kocht het blad op en wilde het populariseren. Pluym wilde dat Klaas een exposé schreef voor een whodunit. Klaas kreeg een villa in Menton ter beschikking om het te schrijven. In een geleende Mini gingen Klaas, Maja en de kinderen op weg. Ze kregen een ongelukje en Joop, een vrachtwagenchauffeur, was bereid Maja en de kinderen mee te nemen; Klaas bleef bij de Mini achter. Tijdens de nachtelijke rit vertelde Joop allerlei mysterieuze verhalen die Maja later, in Menton, ging opschrijven.
De villa beviel Maja niet, al was het er paradijselijk. Het huis was eigendom van een oude Russische vrouw, madame Zavadowsky, die veel reisde. De villa werd beheerd door de raadselachtige Achille Secondi en zijn invalide vrouw. Na enkele dagen arriveerde Klaas. Aan de hand van een artikel over Levi-Strauss dacht Klaas eindelijk de poëzie van Mork te begrijpen. Hij vertelde Maja over zijn ontdekking van Mork. Zij was blij dat dit en niet een andere vrouw de reden was voor Klaas' vreemde gedrag. Op een middag, toen Achille Secondi er niet was, werd Maja geroepen door zijn bijna hysterische vrouw. Nijn, een van de kinderen, was bij de 'Grotto'. Ze was poesje achternagelopen en bovenop de ruine geklommen. Mevrouw Secondi kreeg een aanval en werd naar het ziekenhuis gebracht. Toen Maja in een la rommelde om het telefoonnummer van de dokter van de Secondi's te zoeken, vond ze het paspoort van madame Zavadowsky. Was ze dan niet op reis?

Klaas en Maja besloten terug te gaan naar Nederland. Onderweg sliepen ze in een hotel en bleven een dag in Parijs, bezochten er een museum waar onder andere een mummie lag en Nijn riep: 'Poes, bij fouw.' Later werd het Klaas en Maja duidelijk dat Nijn de Tsarina, uitgedroogd als een mummie, in de Grotto had zien liggen. De Secondi's hadden dit niet bekend gemaakt om de bron van inkomsten te blijven behouden. Of was dit allemaal maar verbeelding van Klaas en Maja?
Op de redactie van Enigma lag een brief van mevrouw Jardinet. Ze was inmiddels overleden en had vlak voor haar dood deze brief geschreven die 'onmisbare informatie' voor Klaas' studie bevatte. Mevrouw Jardinet schreef dat zij B. Mork was. De vader van Eva was een joodse vriend die bij hen ondergedoken had gezeten. Klaas was er kapot van, hij kon zijn hele studie wel weggooien.
Maja ging bij Joop op bezoek en wilde hem de 'Verhalen van een vrachtrijder' geven, maar hij wilde ze niet hebben. Uiteindelijk hielp ze Klaas uit de brand en gaf hem de 'Verhalen van een vrachtrijder'. Hij had namelijk alweer een nieuwe opdracht van Pluym gekregen; een serie korte, 'vreemde' verhalen schrijven.

http://www.scholieren.com/boekverslagen/1360


Flaptekst

Klaas komt toevalligerwijs een gedicht tegen dat heel zijn leven op zijn kop zet. Hij lijkt bij zijn droom om het mysterie op te lossen alles op zij te zetten en nergens meer naar om te kijken. Helaas steken zijn baas, vrouw en kinderen een stokje voor zijn plannen. Welke wegen zal Klaas moeten bewandelen voor zijn droom uitkomt en hij de onbekende dichter beroemd maakt?

Verhaalanalyse

5.1 – Personages

Klaas Welling: Is redacteur bij het tijdschrift Enigma en getrouwd met Maja van Hove. Klaas heeft na het lezen van de gedichten van B. Mork veel aandacht voor de mooie poëzie, hij is er toch aardig nieuwsgierig naar:

‘Wat lag er verscholen achter het gekwelde masker van de patient, welke gecompliceerde gevoelens bezielden die mooie jonge vrouw?

Hij probeert via mevrouw Jardinet, de ex-huishoudster van meneer Mork, enige informatie voor zich te winnen en zo te ontrafelen van welk bijzonder persoon die gedichten waren. Als geen van zijn theorieën kloppen gooit hij het in de hoek en wil het niet meer publiceren:

‘Jawel! O ja,’ zei hij verstrooid, ‘Zeker! Ik heb de gedichten.’

Hij is de vader van Rutger, Koos en Nijn. Klaas is een beetje een koppige man die wel alles van tevoren goed overweegt:

‘Maar…’ begon Klaas. ‘Bernard Mork… zijn leven… Mag ik niet een paar vragen stellen?

Maja van Hove: Is de vrouw van Klaas en werkte ook bij Enigma, maar stortte zich na haar eerste zwangerschap op het huishouden. Na het ongeluk met de geleende Mini, mogen Maja en de kinderen meerijden met Joop. Maja voelt zich in het begin niet zo op haar gemak, even later antwoord ze attent op de vreemde verhalen van Joop:

‘Nummer één van de klas,’ zei Joop.
‘U bent zeker erg trots op haar? vroeg Maja’.

In het prachtige huis in Zuid-Frankrijk voelt ze zich al helemaal niet zeker, met al die vreemde personages en gebeurtenissen in de buurt. Ze houd haar kinderen zo kort mogelijk aan het lijntje:

‘Hier kunnen jullie niet spelen,’ zei Maja. ‘Je ziet dat meneer Secondi het niet goed vind.’

Bovendien houden Maja en Klaas beiden iets achter en willen het van elkaar weten:

‘Wat heb je toch? Je zit met iets dat je niet wilt zeggen. Al een hele tijd.’

Joop: Een vriendelijke vrachtwagenchauffeur die nogal is wat heeft meegemaakt, neemt Maja en de kinderen mee op weg naar Zuid-Frankrijk.

‘Handje helpen? Joop is de naam!’

Onderweg verteld hij Maja de vreemdste verhalen die hij heeft meegemaakt tijdens zijn rondreis met de vrachtwagen. Zijn dochtertje schijnt nogal slim te zijn:

‘Ze moet naar ’t atheneum. En daar komt ze ook. Alles kan ze van me krijgen. Daarvoor rij ik me rot, zes dagen van de week.’

Joop praat wat boers en dat komt tot mooie zinnen:

‘Was dat nou verkeerd van mijn, of niet? Ik heb daar nog vaak over geprakkezeerd.’

Mevrouw Jardinet: Is een vrouw die niks meer met haar verleden te maken wil hebben. Klaas stond na de poëtische ontdekking over Bernard Mork regelmatig bij haar voor de deur. Maar toen Klaas haar achtervolgde in het park kon ze nergens heen:

‘Ik wordt er gek van, wat bezielt u toch in hemelsnaam?’

‘Hulpeloos! Zwak!’, mevrouw Jardinet lachte schamper. ‘Hoe komt u daarbij?’

‘Hoe noemt u iemand die eerst andere mensen moet vermorzelen voor hij verzen kan maken?

Vlak voor haar dood schrijft zij een brief aan Klaas met daarin het echte verhaal. Klaas’ wereld stort ineen, want dit was heel anders dan hij zelf al die tijd had ontcijferd.

Andere personages: Ook de kinderen van Klaas en Maja - Rutger, Koos en Nijn -, meneer Flink (de oude werknemer van Bernard Mork), Bernard Mork, meneer Jardinet, Eva Mork en het echtpaar Secondi (de huisbewaarders van mevrouw Zavadowsky) komen af en toe is voorbij in het boek, maar nemen geen belangrijke positie in. Over mevrouw Zavadowsky wordt enkel gesproken en komt dus niet zelf voor in het boek.


5.2 – Tijd

Naar aanleiding van de leeftijd van Eva Mork kan je vernemen dat het boek zich afspeelt in het begin van de jaren ’80. Het verhaal is echt totaal niet chronologisch en roept constant vraagstukken op (onder andere: Wie is de vrachtrijder, wat doen meneer en mevrouw Secondi vreemd, waar is mevrouw Zavadowsky?). De roman bevat dus heel veel flashbacks, de speurtocht naar Mork is al drie jaar bezig voor de ‘vakantie’ naar de villa in Menton aan de Franse Riviera.


5.3 – Plaats

Het verhaal speelt zich op meerdere plaatsen af, maar wat opvalt is dat vooral de weg een grote invloed heeft op het verhaal (titelverwijzing?). Het meeste gebeurd namelijk op de route naar Zuid-Frankrijk en op de vrachtreizen van Joop. Ook het huis van Klaas en Maja, het huis van mevrouw Jardinet en de overledene Bernard Mork. Bovendien gebeuren er veel dingen in en rond de villa in Menton aan de Franse Riviera, waar de vakantie van Klaas, Maja en de kinderen plaatsvindt.


5.4 – Vertelstandpunt

Het verhaal wordt vanuit de hoofdfiguren Klaas en Maja Welling verteld. De verhalen van de vrachtwagenchauffeur worden als personage verteld vanuit de vrachtwagenchauffeur Joop. Het effect van dat het verhaal vanuit Klaas en Maja verteld wordt is dat je weet wat ze denken en zo weet je bijvoorbeeld waar Klaas mee bezig is (ontdekken van wie B. Mork is) en wat Maja denkt waar hij mee bezig is. Zo zie je ook dat mensen elkaar soms verkeerd begrijpen, omdat twee personen hetzelfde heel anders kunnen opvatten.


5.5 – Stijl

De karakters van de mensen lopen flink uiteen, want Joop praat heel anders dan de andere personen, waardoor Joop heel erg opvalt in zijn doen en laten.

‘Hier, ken je d’r zien. Heb u een aansteker?’
‘Nee, want ik rook niet.’
‘Dan zijn we van dezelfde club.’

Ik vind de manier van schrijven wel aantrekkelijk, omdat het niet echt recht toe recht aan is. De vele flashbacks roepen veel vraagtekens en inbeelding op waardoor je het verhaal een eigen draai kan geven.

(In het begin van het verhaal zit Maja met de kinderen in de truck, waarna je er pas 5 bladzijdes later achterkomt dat het is gekomen door een ongeluk met de geleende Mini.)


5.6 – Thema

Zoals de titel al een beetje doet vermoeden komt er veel verbeelding voor in het verhaal. Het blijkt dus dat je niet altijd uit kunt gaan van wat je denkt. De schrijfster brengt zo’n aparte sfeer in het boek, dat je zelf mee moet denken om het verhaal bij te blijven.


5.7 – Conclusie

Ik vind deze manier van lezen ook wel is een keer leuk om te doen en raad veel mensen die actief lezen leuk vinden het boek aan. Het was lastig om in het verhaal te komen, omdat al die flashbacks voor wat verwarring zorgen. Ik heb toen maar gewoon zo snel mogelijk doorgelezen en ik raakte er eigenlijk steeds meer aan gewend. Het verhaaltempo werd prettig en de nuttige informatie kon ik er makkelijk uitpikken. Ik zou wel is willen weten of deze schrijfster altijd zo haar boeken schrijft, aangezien ik deze stijl nog niet eerder heb gezien. Ik zal alleen geen boek meer gaan lezen van Hella S. Haasse, omdat je maar één boek per auteur mag lezen voor in je leesdossier. Wat mij opviel was het feit dat er geen hoofdstukindeling in het boek voorkwam.

5.8 – Verwerkingsopdracht (A4)

Ik had geen hele grote verwachtingen van het boek voordat ik het ging lezen. De titel en lay-out van het boek sprak mij echter wel aan, vandaar dat ik het boek van de plank gepakt heb. Je kon na het lezen van de achterkant en de reacties van krantredacteurs niet bepalen wat voor boek het precies was, want de reacties op de achterkant zijn toch altijd positief. De andere reden was dat ik de schrijfster niet kon en ook nooit de naam gezien had.

Het moest een spannend en actief boek zijn met een gedetailleerde beschrijving. Ik moet zeggen, hierin is ze aardig geslaagd. De spanning zat er gedurende het boek wel in, al waren de tips meestal wat doorgestoken kaart waardoor je een heel deel van het verloop zonder moeite van tevoren kon bepalen. Actief was het boek zeker, als lezer moest ik telkens meedenken in nieuwe situaties, om niet op een verkeerd spoor te komen. Door middel van de vele flashbacks wist de auteur je wakker te houden en je gedachten te laten ‘switchen’ van voor naar achter.

Het hoofdverhaal is natuurlijk dat Klaas op zoek gaat naar B. Mork, maar buiten dat zijn er nog 2 verhalen in de het boek verwerkt! Maja luistert immers aandachtig naar de vreemde vrachtwagenverhalen van Joop, de chauffeur. Al deze verhalen onthoud Maja en schrijft ze op gedurende hun vakantie in Menton. Op het eind krijgt dit verhaal nog een staartje, omdat Klaas een nieuwe opdracht heeft gekregen van zijn baas en Maja hier de oplossing in haar handen voor heeft. Het derde verhaal is die van madame Zavadowsky. Dat laatste verhaal op zich eindigt met een open einde. Je komt namelijk niet te weten waar madame is en waarom de Secondi’s al haar prachtige spellen verkopen. Het mooie van deze drie aparte verhalen is, is dat ze bijna perfect in elkaar overlopen en overlappen. Je bent je er namelijk niet van bewust dat je niet één verhaal leest.

De schrijfster heeft in haar boek verschillende technieken gebruikt om de lezer te bespelen. Het veranderen van het vertelstandpunt is er daar één van, Maja en Klaas delen namelijk de ik vertelsituatie, bij de varhalen van Joop is Joop dat zelf ook nog eens. Dus door die veranderingen manipuleer je de lezer. Het achterhouden van informatie is ook zeker van toepassing bij dit boek. Baukje Jardinet Mork weigert het echte verhaal te vertellen over het verleden van B. Mork en geeft dus niets prijs. Nadat ze ziek wordt en komt te overlijden krijgt Klaas een brief met daarin alles uitgelegd over het verleden van B. Mork. Hierna wordt alles duidelijk, maar de bedachte theorieën van Klaas kloppen van geen kant. Klaas’ wereld stort ineen en hij publiceert het niet.

Het verhaal is fictie, want het is verzonnen door de auteur en ook zelf uitgewerkt.
De roman is in sujet geschreven, want het speelt zich niet in de logisch chronologische volgorde af. De fictionele tekst is geschreven als proza, aangezien de volle breedte van het boek is gebruikt. Wat mij echter opviel was het ontbreken van hoofdstukken.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.

zoeken



Gelukkig heeft Scholieren.com nu elke vrijdagmiddag film.

geef je mening: Sinterklaas

Hoe vier jij Sinterklaas?



» resultaten poll